2009-07-01 | BWBR0018450 | Zorgverzekeringswet

This commit is contained in:
Coornhert 2009-07-01 12:00:00 +00:00
parent 8d2c4a42c0
commit 7d0a5ab45f

View file

@ -595,9 +595,9 @@ d. een bedrag van iedere rekening, bedoeld in artikel 70, gelijk aan:
2°. voor iedere tot een huishouding als bedoeld in artikel 70, tweede lid, behorende gemoedsbezwaarde die alsnog verzekeringsplichtig wordt dan wel overlijdt: het saldo van de rekening gedeeld door het aantal tot de huishouding behorende gemoedsbezwaarden;
3°. indien de rekening met toepassing van artikel 70, zevende lid, wordt opgeheven: het saldo van de rekening;
e. aan het College zorgverzekeringen betaalde bedragen ter gehele of gedeeltelijke voldoening van vorderingen als bedoeld in artikel 31, tweede lid;
f. de bijdragen en boeten, bedoeld in artikel 69;
f. de bijdragen en bestuurlijke boeten, bedoeld in artikel 69;
g. de inkomsten die in verband met deze wet voortvloeien uit internationale overeenkomsten;
h. de door de zorgautoriteit van verzekeraars op grond van artikel 83 van de Wet marktordening gezondheidszorg geïnde dwangsommen, de ingevorderde boeten als bedoeld in de artikelen 86 tot en met 89 van die wet, alsmede de ingevorderde boeten als bedoeld in artikel 96 van deze wet, nadat deze zijn verminderd met de in het zesde lid van dat artikel bedoelde vergoeding.
h. de door de zorgautoriteit van verzekeraars op grond van artikel 83 van de Wet marktordening gezondheidszorg geïnde dwangsommen, de ingevorderde bestuurlijke boeten als bedoeld in de artikelen 86 tot en met 89 van die wet, alsmede de ingevorderde bestuurlijke boeten als bedoeld in artikel 96 van deze wet, nadat deze zijn verminderd met de in het zesde lid van dat artikel bedoelde vergoeding.
**3.**
@ -900,7 +900,7 @@ b. van deze verzekeringen met de uitvoering van het beleid op andere terreinen v
**2.** De in het eerste lid bedoelde personen zijn een bij ministeriële regeling te bepalen bijdrage verschuldigd, die voor een bij die regeling te bepalen gedeelte, voor de toepassing van de Wet op de zorgtoeslag als premie voor een zorgverzekering wordt beschouwd.
**3.** Indien de melding niet is geschied binnen vier maanden nadat het recht, bedoeld in het eerste lid, is ontstaan, legt het College zorgverzekeringen degene die de melding had moeten doen een boete op, die gelijk is aan 130% van een bij ministeriële regeling te bepalen gedeelte van de bijdrage, bedoeld in het tweede lid, over een periode gelijk aan de periode gelegen tussen de dag waarop het recht ontstond en de dag waarop de melding is geschied, maar met een maximum van vijf jaren.
**3.** Indien de melding niet is geschied binnen vier maanden nadat het recht, bedoeld in het eerste lid, is ontstaan, legt het College zorgverzekeringen degene die de melding had moeten doen een bestuurlijke boete op, die gelijk is aan 130% van een bij ministeriële regeling te bepalen gedeelte van de bijdrage, bedoeld in het tweede lid, over een periode gelijk aan de periode gelegen tussen de dag waarop het recht ontstond en de dag waarop de melding is geschied, maar met een maximum van vijf jaren.
**4.** Het College zorgverzekeringen is belast met de administratie, voortvloeiend uit het eerste lid en de daar genoemde internationale regels, alsmede met het nemen van beschikkingen over de heffing en de inning van de bijdrage, bedoeld in het tweede lid.
@ -1190,7 +1190,7 @@ d. de financiering van het gebruik van de infrastructuur en de wijze waarop de k
### Artikel 93
**1.** Het is een ieder die uit hoofde van de toepassing van deze wet of van krachtens deze wet genomen besluiten enige taak vervult of heeft vervuld, verboden van vertrouwelijke gegevens of inlichtingen die ingevolge deze wet dan wel ingevolge afdeling 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht zijn verstrekt of verkregen of van De Nederlandsche Bank N.V. of de Stichting Autoriteit Financiële Markten zijn ontvangen, verder of anders gebruik te maken of daaraan verder of anders bekendheid te geven dan voor de uitvoering van zijn taak of bij of krachtens deze wet wordt geëist.
**1.** Het is een ieder die uit hoofde van de toepassing van deze wet of van krachtens deze wet genomen besluiten enige taak vervult of heeft vervuld, verboden van vertrouwelijke gegevens of inlichtingen die ingevolge deze wet dan wel ingevolge titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht zijn verstrekt of verkregen of van De Nederlandsche Bank N.V. of de Stichting Autoriteit Financiële Markten zijn ontvangen, verder of anders gebruik te maken of daaraan verder of anders bekendheid te geven dan voor de uitvoering van zijn taak of bij of krachtens deze wet wordt geëist.
**2.** In afwijking van het eerste lid kunnen de zorgautoriteit en het College zorgverzekeringen met gebruikmaking van vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de uitvoering van hun taken op grond van deze wet, mededelingen doen, indien deze niet kunnen worden herleid tot afzonderlijke personen of ondernemingen.
@ -1226,24 +1226,29 @@ Vervallen
### Artikel 96
**1.** Indien de zorgverzekering niet binnen vier maanden na het ontstaan van de verzekeringsplicht is ingegaan of indien een verzekeringsplichtige niet met ingang van de dag volgende op de dag waarop een zorgverzekering is geëindigd op grond van een andere zorgverzekering verzekerd is, legt het College zorgverzekeringen de verzekerde een bestuurlijke boete op.
**1.**
Het College zorgverzekeringen legt de verzekerde een bestuurlijke boete op indien:
a. de zorgverzekering niet binnen vier maanden na het ontstaan van de verzekeringsplicht is ingegaan of
b. een verzekeringsplichtige niet met ingang van de dag volgende op de dag waarop een zorgverzekering is geëindigd op grond van een andere zorgverzekering verzekerd is.
**2.**
In afwijking van het eerste lid:
a. wordt geen boete opgelegd indien de verzekerde op de eerste dag van de kalendermaand, volgende op de maand waarop de zorgverzekering ingaat, jonger dan achttien jaar was;
b. wordt de boete indien artikel 2, derde lid, van toepassing is, opgelegd aan de curator, de bewindvoerder of de mentor.
a. wordt geen bestuurlijke boete opgelegd indien de verzekerde op de eerste dag van de kalendermaand, volgende op de maand waarop de zorgverzekering ingaat, jonger dan achttien jaar was;
b. wordt de bestuurlijke boete indien artikel 2, derde lid, van toepassing is, opgelegd aan de curator, de bewindvoerder of de mentor.
**3.** De hoogte van de boete is gelijk aan 130% van de premie, bedoeld in artikel 17, vijfde lid, over een periode gelijk aan de periode gelegen tussen de dag waarop de verzekeringsplicht ontstond en de dag waarop de zorgverzekering inging, dan wel gelegen tussen de dag waarop de zorgverzekering eindigde en de dag waarop een nieuwe zorgverzekering inging.
**3.** De hoogte van de bestuurlijke boete is gelijk aan 130% van de premie, bedoeld in artikel 17, vijfde lid, over een periode gelijk aan de periode gelegen tussen de dag waarop de verzekeringsplicht ontstond en de dag waarop de zorgverzekering inging, dan wel gelegen tussen de dag waarop de zorgverzekering eindigde en de dag waarop een nieuwe zorgverzekering inging.
**4.** Indien de periode, bedoeld in het derde lid, langer is dan vijf jaren, wordt zij op vijf jaren gesteld.
**5.** De voorbereiding en de uitvoering van boetebeschikkingen wordt namens het College zorgverzekeringen door de zorgverzekeraars verricht.
**6.** De zorgverzekeraars hebben als vergoeding voor hun werkzaamheden, bedoeld in het vijfde lid, recht op een door het College zorgverzekeringen te bepalen percentage van de door hen ingevorderde boeten.
**6.** De zorgverzekeraars hebben als vergoeding voor hun werkzaamheden, bedoeld in het vijfde lid, recht op een door het College zorgverzekeringen te bepalen percentage van de door hen ingevorderde bestuurlijke boeten.
**7.** De zorgverzekeraars dragen de ingevorderde boeten onder aftrek van de vergoeding, bedoeld in het zesde lid, af aan het Zorgverzekeringsfonds.
**7.** De te betalen geldsom van de opgelegde bestuurlijke boeten komt onder aftrek van de vergoeding, bedoeld in het vijfde lid, toe aan het Zorgverzekeringsfonds.
### Artikel 97
@ -1263,114 +1268,55 @@ Vervallen
### Artikel 101
**1.**
In de artikelen 102 tot en met 112 wordt verstaan onder:
a. overtreding: een gedraging of het nalaten van een gedraging, die onderscheidenlijk dat kan leiden tot een oplegging van een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 69 of 96;
b. overtreder: degene die de overtreding pleegt of medepleegt.
**2.** Artikel 51 van het Wetboek van Strafrecht is van overeenkomstige toepassing.
Vervallen
### Artikel 102
**1.** Degene die wordt verhoord met het oog op het opleggen van een bestuurlijke boete, is niet verplicht ten behoeve daarvan verklaringen omtrent de overtreding af te leggen.
**2.** De betrokkene wordt hierop gewezen alvorens hem mondeling wordt gevraagd verklaringen af te leggen, en in ieder geval wanneer hij in de gelegenheid wordt gesteld over het voornemen tot oplegging van de bestuurlijke boete zijn zienswijze naar voren te brengen.
Vervallen
### Artikel 103
**1.** Het College zorgverzekeringen maakt van de overtreding een rapport op.
**2.**
Het rapport is gedagtekend en vermeldt:
a. de naam van de overtreder;
b. de overtreding alsmede het overtreden voorschrift;
c. zo nodig een aanduiding van de plaats waar en het tijdstip waarop de overtreding is geconstateerd.
Vervallen
### Artikel 104
**1.** Het College zorgverzekeringen stelt de overtreder desgevraagd in de gelegenheid de gegevens waarop het opleggen van de bestuurlijke boete, dan wel het voornemen daartoe, berust, in te zien en daarvan afschriften te vervaardigen.
**2.** Voor zover blijkt dat de verdediging van de overtreder dit redelijkerwijs vergt, draagt het College zorgverzekeringen er zoveel mogelijk zorg voor dat deze gegevens aan de overtreder worden medegedeeld in een voor deze begrijpelijke taal.
Vervallen
### Artikel 105
**1.** In afwijking van afdeling 4.1.2 van de Algemene wet bestuursrecht wordt de overtreder steeds in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze over het voornemen tot het opleggen van een bestuurlijke boete naar voren te brengen.
**2.** Bij de uitnodiging tot het naar voren brengen van zijn zienswijze wordt het rapport, bedoeld in artikel 103, aan de overtreder toegezonden of uitgereikt.
**3.** Het College zorgverzekeringen zorgt voor bijstand door een tolk, indien blijkt dat de verdediging van de overtreder dit redelijkerwijs vergt.
**4.** De overtreder ontvangt een schriftelijke mededeling indien het College zorgverzekeringen, nadat de overtreder zijn zienswijze naar voren heeft gebracht, heeft beslist dat voor de overtreding geen bestuurlijke boete zal worden opgelegd.
Vervallen
### Artikel 106
Het College zorgverzekeringen legt geen bestuurlijke boete op:
a. voor zover de overtreding niet aan de overtreder kan worden verweten;
b. voor zover voor de overtreding een rechtvaardigingsgrond bestond;
c. indien aan de overtreder wegens dezelfde overtreding reeds eerder een bestuurlijke boete is opgelegd, dan wel een kennisgeving als bedoeld in artikel 105, vierde lid, is bekendgemaakt.
Vervallen
### Artikel 107
**1.** Het College zorgverzekeringen legt geen bestuurlijke boete op indien de overtreder is overleden.
**2.** Een bestuurlijke boete vervalt indien zij op het tijdstip van het overlijden van de overtreder niet onherroepelijk is.
**3.** Een onherroepelijke bestuurlijke boete vervalt voor zover zij op het in het tweede lid bedoelde tijdstip nog niet is betaald.
Vervallen
### Artikel 108
**1.** Indien de overtreder aannemelijk maakt dat een bestuurlijke boete, berekend op grond van artikel 69 of artikel 96, derde en vierde lid, wegens bijzondere omstandigheden te hoog is, legt het College zorgverzekeringen een lagere bestuurlijke boete op.
**2.** Artikel 1, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht is van overeenkomstige toepassing.
Vervallen
### Artikel 109
Mandaat tot het opleggen van een bestuurlijke boete wordt niet verleend aan degene die van de overtreding een rapport of proces-verbaal heeft opgemaakt.
Vervallen
### Artikel 110
Het College zorgverzekeringen beslist omtrent het opleggen van de bestuurlijke boete binnen dertien weken na de dagtekening van het rapport.
Vervallen
### Artikel 111
De beschikking tot oplegging van een bestuurlijke boete vermeldt:
a. de naam van de overtreder;
b. de overtreding alsmede het overtreden voorschrift;
c. zo nodig een aanduiding van de plaats waar en het tijdstip waarop de overtreding is geconstateerd;
d. het bedrag van de boete;
e. de termijn waarbinnen de boete betaald moet worden.
Vervallen
### Artikel 112
**1.** De bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete vervalt vijf jaren nadat de overtreding heeft plaatsgevonden.
**2.** Indien tegen de bestuurlijke boete bezwaar wordt gemaakt of beroep wordt ingesteld, wordt de vervaltermijn opgeschort tot onherroepelijk op het bezwaar of beroep is beslist.
Vervallen
### Artikel 113
**1.** Een boete wordt betaald binnen zes weken na inwerkingtreding van de beschikking waarbij de boete is opgelegd.
**2.** De boete wordt vermeerderd met de wettelijke rente, te rekenen vanaf de dag waarop sedert de bekendmaking van de beschikking zes weken zijn verstreken.
**3.** Indien niet is betaald binnen de in het eerste lid genoemde termijn, wordt degene aan wie de boete is opgelegd schriftelijk bevolen binnen twee weken het bedrag van de boete, verhoogd met de kosten van de aanmaning, alsnog te betalen.
**4.** Bij gebreke van betaling binnen de in het derde lid genoemde termijn, kan het College zorgverzekeringen de verschuldigde boete, verhoogd met de kosten van de aanmaning en van de invordering, bij dwangbevel invorderen.
**5.** Het dwangbevel wordt op kosten van degene die de boete verschuldigd is, bij deurwaardersexploot betekend en levert een executoriale titel op in de zin van het Tweede Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
**6.** Gedurende zes weken na de dag van betekening staat verzet tegen het dwangbevel open door dagvaarding van het College zorgverzekeringen.
**7.** Het verzet schorst de tenuitvoerlegging niet, tenzij de voorzieningenrechter van de rechtbank in kort geding desgevraagd anders beslist.
**8.** Het verzet kan niet worden gegrond op de stelling dat de boete ten onrechte of voor een te hoog bedrag is vastgesteld.
**9.** De bevoegdheid tot invordering vervalt twee jaar nadat de beschikking inzake oplegging van de boete onherroepelijk is geworden.
Vervallen
## Hoofdstuk 10. Rechtsbescherming
@ -1405,7 +1351,7 @@ b. voor een beschikking, genomen jegens een persoon die behoort tot het personee
**2.** Voor de rechtbank deze partij ondervraagt, deelt zij haar mede dat zij niet verplicht is tot antwoorden.
**3.** Indien de rechtbank een beschikking tot het opleggen van een bestuurlijke boete vernietigt, neemt zij een beslissing omtrent het opleggen van de boete en bepaalt zij dat haar uitspraak in zoverre in de plaats treedt van de vernietigde beschikking.
**3.** Indien de rechtbank een beschikking tot het opleggen van een bestuurlijke boete vernietigt, neemt zij een beslissing omtrent het opleggen van de bestuurlijke boete en bepaalt zij dat haar uitspraak in zoverre in de plaats treedt van de vernietigde beschikking.
## Hoofdstuk 11. Overige bepalingen