diff --git a/wet/wetboek-van-strafvordering/BWBR0001903/README.md b/wet/wetboek-van-strafvordering/BWBR0001903/README.md index 9f83dce9004..1911d6ad941 100644 --- a/wet/wetboek-van-strafvordering/BWBR0001903/README.md +++ b/wet/wetboek-van-strafvordering/BWBR0001903/README.md @@ -3459,7 +3459,7 @@ Alle rechterlijke beslissingen ingevolge deze titel genomen, met uitzondering va ### Artikel 255 -**1.** Behoudens het bepaalde bij artikel 12i of artikel 246, tweede lid, kan de verdachte na zijne buitenvervolgingstelling, na de hem beteekende kennisgeving van niet verdere vervolging of na de hem beteekende beschikking, houdende verklaring dat de zaak geëindigd is, ter zake van hetzelfde feit niet weder in rechten worden betrokken, tenzij nieuwe bezwaren zijn bekend geworden. +**1.** De verdachte kan na zijn buitenvervolgingstelling, na de hem betekende beschikking, houdende verklaring dat de zaak geëindigd is, of na de hem betekende kennisgeving van niet verdere vervolging, in het laatste geval behoudens artikel 12i of artikel 246, ter zake van hetzelfde feit niet weder in rechten worden betrokken tenzij nieuwe bezwaren bekend zijn geworden. **2.** Als nieuwe bezwaren kunnen enkel worden aangemerkt verklaringen van getuigen of van den verdachte en stukken, bescheiden en processen-verbaal, welke later zijn bekend geworden of niet zijn onderzocht. @@ -3529,9 +3529,11 @@ Strafbare feiten welke op dezelfde terechtzitting worden aangebracht en waartuss **1.** De verdachte is bevoegd getuigen en deskundigen ter terechtzitting te doen oproepen. De verdachte die de Nederlandse taal niet of niet voldoende beheerst, kan de officier van justitie verzoeken om bijstand van een tolk op de terechtzitting. -**2.** Hij geeft deze daartoe ten minste drie dagen voor de terechtzitting in persoon ten parkette van de officier van justitie of schriftelijk bij aangetekende, aan de officier gerichte brief op. Hij vermeldt daarbij de namen, het beroep en de woon- of verblijfplaats, of, bij onbekendheid van een of ander, duidt hij hen zo nauwkeurig mogelijk aan. Bij schriftelijke opgave geldt de dag van ontvangst van de brief, welke onverwijld daarop wordt aangetekend, als dag van opgave. +**2.** Hij geeft deze daartoe, indien tussen de dag waarop de dagvaarding aan de verdachte is betekend en die der terechtzitting ten minste veertien dagen verlopen, ten minste tien dagen voor de terechtzitting aan de officier van justitie op. Indien de dagvaarding later dan op de veertiende dag voor de terechtzitting wordt betekend, eindigt de termijn op de vierde dag na die der betekening, doch uiterlijk op de derde dag voor die der terechtzitting. -**3.** De officier van justitie doet de getuigen of deskundigen, opgegeven met inachtneming van het tweede lid, onverwijld oproepen. +**3.** Opgave geschiedt in persoon ten parkette van de officier van justitie of schriftelijk. Schriftelijke opgave is gericht aan de officier van justitie. Bij schriftelijke opgave anders dan bij aangetekende brief verzekert de verdachte zich ervan dat deze de opgave tijdig heeft ontvangen. Hij vermeldt de namen, het beroep en de woon- of verblijfplaats, of, bij onbekendheid van een of ander, duidt hij hen zo nauwkeurig mogelijk aan. Bij schriftelijke opgave geldt de dag van ontvangst van de brief, welke onverwijld daarop wordt aangetekend, als dag van opgave. + +**4.** De officier van justitie doet de getuigen of deskundigen, opgegeven met inachtneming van het tweede lid, onverwijld oproepen. ### Artikel 264 @@ -3582,7 +3584,7 @@ b. indien de officier van justitie op grond van zijn aanvankelijk oordeel, dat d **1.** Strafzaken worden behandeld en beslist door een meervoudige kamer, behoudens in de wet genoemde uitzonderingen. -**2.** De rechter die als rechter-commissaris enig onderzoek in de zaak heeft verricht, neemt op straffe van nietigheid aan het onderzoek op de terechtzitting geen deel. +**2.** De rechter die als rechter-commissaris enig onderzoek in de zaak heeft verricht, neemt, behoudens bij toepassing van artikel 316, tweede lid, op straffe van nietigheid aan het onderzoek op de terechtzitting geen deel. **3.** Behalve de rechters en de griffier neemt aan de tafel der rechtbank niemand plaats. @@ -3779,7 +3781,7 @@ c. redelijkerwijs valt aan te nemen dat daardoor het openbaar ministerie niet in **2.** Indien de officier van justitie op de in artikel 264, tweede lid, onder b, genoemde grond heeft geweigerd een door de verdachte opgegeven getuige te doen oproepen of een door de rechtbank gegeven bevel tot oproeping van de getuige ten uitvoer te leggen en ten aanzien van die getuige geen beschikking, bedoeld in artikel 226a, eerste lid is gegeven, stelt de rechtbank de stukken in handen van de rechter-commissaris teneinde de getuige, zo nodig met inachtneming van de artikelen 226c-226f te doen verhoren. In geval van een door de verdachte opgegeven getuige blijft het bepaalde in de vorige volzin buiten toepassing, indien de rechtbank bij met redenen omklede beslissing van oordeel is dat door het achterwege blijven van het verhoor de verdachte redelijkerwijs niet in zijn verdediging is geschaad. De officier van justitie dient onmiddellijk nadat de stukken in handen van de rechter-commissaris zijn gesteld, de vordering, bedoeld in artikel 226a, eerste lid, in. Artikel 316 is van overeenkomstige toepassing. -**3.** De rechtbank kan voorts van de oproeping of hernieuwde oproeping van niet verschenen getuigen afzien, indien de officier van justitie en de verdachte daarmee uitdrukkelijk instemmen. +**3.** De rechtbank kan voorts van de oproeping of hernieuwde oproeping van niet verschenen getuigen afzien, indien de officier van justitie en de verdachte daarmee uitdrukkelijk instemmen of hebben ingestemd. **4.** Artikel 226 is van overeenkomstige toepassing. @@ -3870,9 +3872,7 @@ De getuige moet bij zijn verklaring zo veel mogelijk uitdrukkelijk opgeven wat h ### Artikel 298 -**1.** Indien een getuige die tijdens het gerechtelijk vooronderzoek is beëdigd of overeenkomstig artikel 216, tweede lid, aangemaand, is overleden ofwel naar het oordeel van de rechtbank niet op de terechtzitting heeft kunnen verschijnen, zal zijn eerder afgelegde verklaring, mits ter terechtzitting voorgelezen of samengevat, worden aangemerkt als aldaar afgelegd. - -**2.** Ook de verklaring van de getuige die tijdens het gerechtelijk vooronderzoek is beëdigd of overeenkomstig artikel 216, tweede lid, aangemaand, en van wiens verhoor met instemming van de verdachte en de officier van justitie is afgezien en van de getuige die reeds met inachtneming van artikel 226c-226f als bedreigde getuige is verhoord, zullen mits ter terechtzitting voorgelezen of samengevat, worden aangemerkt als aldaar afgelegd. +Vervallen ### Artikel 299 @@ -3988,9 +3988,11 @@ Indien uit het onderzoek omstandigheden zijn bekend geworden die, niet in de dag ### Artikel 316 -**1.** Indien eenig onderzoek door den rechter-commissaris noodzakelijk blijkt, stelt de rechtbank met schorsing der zaak onder aanduiding van het onderwerp van het onderzoek en, zoo noodig, van de wijze waarop dit zal zijn in te stellen, de stukken in handen van den rechter-commissaris. +**1.** Indien enig onderzoek door de rechter-commissaris noodzakelijk blijkt, stelt de rechtbank met schorsing van het onderzoek ter terechtzitting onder aanduiding van het onderwerp van het onderzoek en, zo nodig, van de wijze waarop dit zal zijn in te stellen, de stukken in handen van de rechter-commissaris. -**2.** Het onderzoek geldt als een gerechtelijk vooronderzoek en wordt overeenkomstig de bepalingen van de tweede tot en met de vijfde en de achtste afdeeling van den Derden Titel van dit Boek gevoerd. +**2.** In het geval het onderzoek uitsluitend zal bestaan in het horen van getuigen of deskundigen kan de rechtbank, indien de officier van justitie en de verdachte daarmee instemmen, de voorzitter of een der rechters die over de zaak oordelen als rechter-commissaris aanwijzen. Deze rechter kan aan het verdere onderzoek ter terechtzitting deelnemen, tenzij bij het horen van getuigen of deskundigen is bepaald dat de verdachte of diens raadsman daar niet bij tegenwoordig mag zijn. + +**3.** Het onderzoek geldt als een gerechtelijk vooronderzoek en wordt overeenkomstig de bepalingen van de tweede tot en met de vijfde en achtste afdeling van de Derde Titel van dit Boek gevoerd. ### Artikel 317 @@ -4036,19 +4038,7 @@ Indien uit het onderzoek omstandigheden zijn bekend geworden die, niet in de dag **2.** De rechtbank is ook bij toepassing van het eerste lid bevoegd te bevelen dat het onderzoek op de terechtzitting opnieuw wordt aangevangen. -**3.** - -In het geval dat het onderzoek opnieuw wordt aangevangen, wordt de verklaring van een getuige die bij het voorgaand onderzoek is gehoord, mits op de nadere terechtzitting voorgelezen en met instemming van de officier van justitie en de verdachte, als aldaar afgelegd aangemerkt. - -Dit geldt niet indien de rechtbank ambtshalve voor de schorsing van het onderzoek getuigen en deskundigen die reeds ter terechtzitting zijn gehoord, heeft aangewezen, wier tegenwoordigheid bij de nadere behandeling wordt vereist. - -**4.** - -Het vereiste van instemming, bedoeld in het derde lid, geldt niet ten aanzien van de verklaring van een getuige die - -1°. is overleden, -2°. naar het oordeel van de rechtbank niet op de nadere terechtzitting heeft kunnen verschijnen, -3°. weigert op de nadere terechtzitting een verklaring af te leggen. +**3.** De rechtbank beveelt dat het onderzoek op de terechtzitting opnieuw wordt aangevangen in het geval de samenstelling van de rechtbank bij de hervatting gewijzigd is, tenzij de officier van justitie en de verdachte instemmen met hervatting in de stand waarin het onderzoek zich op het tijdstip van de schorsing bevond. ### Artikel 323 @@ -4176,16 +4166,7 @@ Onder eigen waarneming van den rechter wordt verstaan die welke bij het onderzoe **1.** Onder verklaring van een getuige wordt verstaan zijne bij het onderzoek op de terechtzitting gedane mededeeling van feiten of omstandigheden, welke hij zelf waargenomen of ondervonden heeft. -**2.** - -De verklaring van een getuige wiens identiteit niet blijkt, kan alleen medewerken tot het bewijs dat de verdachte het telastegelegde feit heeft begaan, indien ten minste aan de volgende voorwaarden is voldaan: - -a. de getuige is een bedreigde getuige en is als zodanig door de rechter-commissaris op de wijze voorzien in artikelen 226*c*-226*f* verhoord, en -b. het telastegelegde feit, voor zover bewezen, betreft een misdrijf als omschreven in artikel 67, eerste lid, en levert gezien zijn aard, het georganiseerd verband waarin het is begaan, of de samenhang met andere door de verdachte begane misdrijven, een ernstige inbreuk op de rechtsorde op. - - - -**3.** Het bewijs dat de verdachte het telastegelegde feit heeft begaan, kan door den rechter niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van één getuige. +**2.** Het bewijs dat de verdachte het telastegelegde feit heeft begaan, kan door den rechter niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van één getuige. ### Artikel 343 @@ -4205,16 +4186,23 @@ Onder schriftelijke bescheiden worden verstaan: **2.** Het bewijs dat de verdachte het telastegelegde feit heeft gepleegd, kan door den rechter worden aangenomen op het proces-verbaal van een opsporingsambtenaar. -**3.** - -Een schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt, kan alleen medewerken tot het bewijs dat de verdachte het telastegelegde feit heeft begaan, indien ten minste aan de volgende voorwaarden is voldaan: - -a. de bewijsbeslissing vindt in belangrijke mate steun in andersoortig bewijsmateriaal, en -b. door of namens de verdachte is niet op enig moment in het geding de wens te kennen gegeven om de in de aanhef bedoelde persoon te ondervragen of te doen ondervragen. - ### Artikel 344a -Het bewijs dat de verdachte het telastgelegde feit heeft begaan, kan door de rechter niet uitsluitend worden aangenomen op grond van verklaringen van bedreigde getuigen of schriftelijke bescheiden houdende verklaringen van personen wier identiteit niet blijkt. +**1.** Het bewijs dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, kan door de rechter niet uitsluitend worden aangenomen op grond van schriftelijke bescheiden houdende verklaringen van personen wier identiteit niet blijkt. + +**2.** + +Een proces-verbaal van een verhoor bij de rechter-commissaris, houdende de verklaring van een persoon die als bedreigde getuige is aangemerkt, kan alleen meewerken tot het bewijs dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, indien ten minste aan de volgende voorwaarden is voldaan: + +a. hij is als zodanig door de rechter-commissaris verhoord op de wijze voorzien in de artikelen 226c tot en met 226f, en +b. het ten laste gelegde feit, voor zover bewezen, betreft een misdrijf als omschreven in artikel 67, eerste lid, en levert gezien zijn aard, het georganiseerd verband waarin het is begaan, of de samenhang met andere door de verdachte begane misdrijven, een ernstige inbreuk op de rechtsorde op. + +**3.** + +Een schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt, kan, buiten het geval omschreven in het tweede lid, alleen meewerken tot het bewijs dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, indien ten minste aan de volgende voorwaarden is voldaan: + +a. de bewezenverklaring vindt in belangrijke mate steun in andersoortig bewijsmateriaal, en +b. door of namens de verdachte is niet op enig moment in het geding de wens te kennen gegeven om de in de aanhef bedoelde persoon te ondervragen of te doen ondervragen. #### Afdeling Vierde. Beraadslaging en uitspraak @@ -4800,7 +4788,7 @@ Heeft de benadeelde partij zich in het geding gevoegd, dan doet het openbaar min ### Artikel 403 -**1.** Indien degene die in verzet is gekomen, ten dienenden dage in rechten verschijnt, wordt de zaak overeenkomstig den Zesden, Zevenden of Achtsten Titel van het Tweede Boek behandeld, als ware het rechtsgeding bij verstek niet voorafgegaan. Artikel 322, vindt, zoo ten aanzien van getuigen als van deskundigen, tijdens het rechtsgeding bij verstek gehoord, overeenkomstige toepassing. +**1.** Indien degene die in verzet is gekomen, ten dienenden dage in rechten verschijnt, wordt de zaak overeenkomstig den Zesden, Zevenden of Achtsten Titel van het Tweede Boek behandeld, als ware het rechtsgeding bij verstek niet voorafgegaan. **2.** De rechter bekrachtigt de bij verstek gewezen uitspraak of doet met geheele of gedeeltelijke vernietiging van die uitspraak opnieuw recht. De artikelen 378*a* en 395*a* vinden in zaken waarvan de politierechter onderscheidenlijk de kantonrechter kennis neemt, overeenkomstige toepassing. @@ -4876,6 +4864,8 @@ Indien het hoger beroep is ingesteld door de verdachte in persoon of door een ge **2.** De schriftuur wordt onverwijld bij de processtukken gevoegd. +**3.** De verdachte kan, onverminderd artikel 414, in de schriftuur opgeven welke getuigen en deskundigen hij ter terechtzitting wil doen oproepen. Deze opgave wordt als een opgave in de zin van artikel 263, tweede lid, aangemerkt. Artikel 264 is van overeenkomstige toepassing. + ### Artikel 411 **1.** Bij het gerechtshof worden strafzaken, behoudens in de wet genoemde uitzonderingen, behandeld en beslist door een meervoudige kamer. @@ -4935,7 +4925,7 @@ De verdachte die hooger beroep heeft ingesteld, kan onmiddellijk na de voordrach ### Artikel 418 -Ten aanzien van getuigen en deskundigen, tijdens het rechtsgeding in eersten aanleg gehoord, vindt artikel 322, derde lid, overeenkomstige toepassing. +Vervallen ### Artikel 419 @@ -4943,7 +4933,13 @@ In geval van artikel 295 wordt het proces-verbaal met de andere processtukken do ### Artikel 420 -In de gevallen van de artikelen 295, 316 of 347 wordt het gerechtelijk vooronderzoek gevoerd door den rechter-commissaris bij de rechtbank die in eersten aanleg heeft gevonnist. Na afloop van het bevolen onderzoek deelt de rechter-commissaris, in de gevallen van de artikelen 316 of 347, de stukken mede aan den advocaat-generaal. +**1.** In de gevallen van de artikelen 295, 316 en 347 wordt het onderzoek gevoerd door een rechter-commissaris in de rechtbank die in eerste aanleg heeft gevonnist dan wel een raadsheer-commissaris bij het gerechtshof waar de zaak aanhangig is. + +**2.** Het onderzoek door rechter- of raadsheer-commissaris, bedoeld in het eerste lid, geldt als een gerechtelijk vooronderzoek en wordt overeenkomstig de tweede tot en met de vijfde en achtste afdeling van de Derde Titel van het Tweede Boek gevoerd. Bij het onderzoek door de raadsheer-commissaris is de Tweede Titel van het Tweede Boek van overeenkomstige toepassing. + +**3.** Indien het onderzoek geschiedt door een raadsheer-commissaris, geldt al hetgeen bepaald is omtrent de rechtbank, de rechter-commissaris, de officier van justitie en de griffier, ten aanzien van het gerechtshof, de raadsheer-commissaris, de advocaat-generaal en de griffier van het gerechtshof. + +**4.** Na afloop van het onderzoek doet de rechter- of raadsheer-commissaris de stukken aan het gerechtshof toekomen. ### Artikel 421 @@ -4957,15 +4953,9 @@ In de gevallen van de artikelen 295, 316 of 347 wordt het gerechtelijk vooronder ### Artikel 422 -**1.** De beraadslaging bedoeld in de artikelen 348 en 350, geschiedt zoowel naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hooger beroep als van het onderzoek op de terechtzitting in eersten aanleg, zooals dit volgens het proces-verbaal dier terechtzitting heeft plaats gehad, behalve voor zoover betreft aldaar afgelegde verklaringen van getuigen en deskundigen. +**1.** De beraadslaging bedoeld in de artikelen 348 en 350 geschiedt naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg, zoals dit volgens het proces-verbaal van die terechtzitting heeft plaatsgehad. -**2.** Echter mag voor het bewijs gebruik worden gemaakt van de verklaringen van getuigen en deskundigen, zooals zij volgens het proces-verbaal der terechtzitting in eersten aanleg zijn afgelegd, voor zoover uit den inhoud van dat proces-verbaal blijkt, dat zij aldaar niet zijn betwist. - -**3.** Geschiedt de behandeling in hooger beroep bij verstek, dan mag van die verklaringen ondanks zoodanige betwisting gebruik worden gemaakt. - -**4.** Indien artikel 378*a* of artikel 395a in eerste aanleg is toegepast, geschiedt de beraadslaging alleen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep. - -**5.** Indien het hoger beroep betrekking heeft op een vonnis van de kantonrechter is artikel 398, onder 2°, 4° en 13°, mede van overeenkomstige toepassing. +**2.** Indien artikel 378a in eerste aanleg is toegepast, geschiedt de beraadslaging alleen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep. ### Artikel 422a @@ -5168,8 +5158,6 @@ b. wanneer de vernietigde uitspraak was gedaan door een gerechtshof, naar een an **3.** De beslissing dat het beroep in cassatie niet ontvankelijk wordt verklaard kan in het geval niet tijdig een schriftuur is ingediend houdende middelen van cassatie door de enkelvoudige kamer worden gegeven. -**4.** In geval van verwijzing dan wel terugwijzing vindt in het nieuwe rechtsgeding artikel 322, zo ten aanzien van getuigen als van deskundigen, tijdens het vorige rechtsgeding in dezelfde zaak gehoord, overeenkomstige toepassing. - ### Artikel 441 Zo de artikelen der wet waarop de oplegging van straf of maatregel berust, niet in het vonnis of arrest zijn vermeld, kan de Hoge Raad er mee volstaan, dit alleen te dien aanzien te vernietigen en te doen wat de rechter had behoren te doen. @@ -5451,7 +5439,7 @@ De beslissingen van den Hoogen Raad genoemd in de artikelen 460, 461, 467, 468 e **1.** Het rechtsgeding in de verwezen zaak of zaken wordt bij het gerechtshof gevoerd met overeenkomstige toepassing van de artikelen 412, eerste, tweede en derde lid, 413, 414, 415, 416, 417, 419 en 421, met dien verstande dat artikel 312 buiten toepassing blijft. -**2.** In de gevallen voorzien bij de artikelen 316 en 347 wordt het onderzoek gevoerd door een daartoe door het gerechtshof aangewezen rechter-commissaris die nog geen onderzoek in de zaak heeft verricht. +**2.** In de gevallen voorzien bij de artikelen 316 en 347 wordt het onderzoek gevoerd door een daartoe door het gerechtshof aangewezen rechter-commissaris of raadsheer-commissaris die nog geen onderzoek in de zaak heeft verricht. ### Artikel 474 @@ -6197,9 +6185,8 @@ Titel II van het derde Boek is van overeenkomstige toepassing, met dien verstand a. de zaak in hoger beroep aanhangig wordt gemaakt door een oproeping van de advocaat-generaal aan de verdachte of veroordeelde betekend; b. de behandeling van de vordering waarvan beroep is ingesteld voorafgegaan kan worden door een schriftelijke voorbereiding op de wijze als door het gerechtshof te bepalen; -c. geen overeenkomstige toepassing toekomt aan de bijzondere bewijsvoorschriften van artikel 422, tweede lid; -d. de artikelen 511*d*, tweede en derde lid, en 511*e*, derde lid, van overeenkomstige toepassing zijn. In deze gevallen wordt het financieel onderzoek gevoerd door de officier van justitie bij de rechtbank die in eerste aanleg uitspraak heeft gedaan. Na afloop van het bevolen onderzoek deelt de officier van justitie de stukken mede aan de advocaat-generaal; -e. artikel 511*e*, eerste lid, onder *b*, van overeenkomstige toepassing is. +c. de artikelen 511*d*, tweede en derde lid, en 511*e*, derde lid, van overeenkomstige toepassing zijn. In deze gevallen wordt het financieel onderzoek gevoerd door de officier van justitie bij de rechtbank die in eerste aanleg uitspraak heeft gedaan. Na afloop van het bevolen onderzoek deelt de officier van justitie de stukken mede aan de advocaat-generaal; +d. artikel 511*e*, eerste lid, onder *b*, van overeenkomstige toepassing is. ### Artikel 511h