2003-10-01 | BWBR0011826 | Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenaren
This commit is contained in:
parent
0d058f8a4e
commit
7e9896bd80
1 changed files with 1 additions and 9 deletions
|
|
@ -84,14 +84,6 @@ c. die op de dag van ontslag 60 jaar of ouder is, met een duur gelijk aan 78% va
|
|||
|
||||
**4.** Voor de toepassing van dit artikel wordt de uitkering krachtens de Ziektewet steeds geacht onverminderd door de betrokkene te zijn genoten.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a
|
||||
|
||||
**1.** Indien de betrokkene gedurende de periode dat zij recht heeft op een uitkering krachtens de Werkloosheidswet, in verband met zwangerschap en bevalling, adoptie onderscheidenlijk het opnemen van een pleegkind in het genot komt van een uitkering krachtens de Wet arbeid en zorg, wordt de uitkering krachtens de Wet arbeid en zorg gedurende de periode waarin de betrokkene in het genot hiervan is, aangevuld tot 100% van het voor de betrokkene geldende dagloon.
|
||||
|
||||
**2.** Indien het recht op uitkering krachtens de Werkloosheidswet na afloop van de periode waarin de betrokkene in het genot van een uitkering krachtens de Wet arbeid en zorg is geweest, herleeft, tellen zowel de termijn waarover betrokkene voorafgaand aan die periode recht heeft gehad op een uitkering krachtens de Werkloosheidswet als de termijn gedurende welke krachtens de Wet arbeid en zorg een uitkering is genoten, mee voor het vaststellen van de hoogte van de aanvullende uitkering, bedoeld in artikel 4.
|
||||
|
||||
**3.** Voor de toepassing van dit artikel wordt de uitkering krachtens de Wet arbeid en zorg steeds geacht onverminderd door de betrokkene te zijn genoten.
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
**1.** Zo spoedig mogelijk na het overlijden van betrokkene wordt de uitkering, bedoeld in artikel 35 van de Ziektewet aangevuld tot 100% van het voor betrokkene geldende dagloon.
|
||||
|
|
@ -212,7 +204,7 @@ Wijzigt het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren.
|
|||
|
||||
### Artikel 22
|
||||
|
||||
**1.** Ontslaguitkeringen die aan de betrokkene zijn toegekend krachtens artikel 39, tweede lid, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren zoals dat luidde vóór het tijdstip van aanvang van fase 2, bedoeld in artikel 53 van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, blijven gehandhaafd voor de duur van de uitkering, met dien verstande dat bedoelde uitkeringen vanaf het tijdstip van aanvang van fase 3, bedoeld in artikel 54 van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, uitsluitend worden gehandhaafd wat betreft: a. de hoogte en de duur; b. de anti-cumulatie, mits betrokkene in de zes maanden voorafgaande aan de dag van inwerkingtreding van dit besluit gedurende tenminste drie maanden neveninkomsten uit arbeid of bedrijf heeft genoten. De anti-cumulatie blijft alsdan gehandhaafd gedurende ten hoogste tien jaren dan wel gedurende ten hoogste 15 jaren indien betrokkene op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit 50 jaar of ouder is.
|
||||
**1.** Ontslaguitkeringen die aan de betrokkene zijn toegekend krachtens artikel 39, tweede lid, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren zoals dat luidde vóór het tijdstip van aanvang van fase 2, bedoeld in artikel 53 van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, blijven gehandhaafd voor de duur van de uitkering.
|
||||
|
||||
**2.** De rechterlijk ambtenaar die voor of op 31 december 1999 in tijdelijke dienst is aangesteld en die tot de datum van ontslag, die ligt op of na 1 januari 2001, onafgebroken in tijdelijke dienst is geweest, heeft recht op een aanvullende uitkering overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk 2.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue