2015-01-01 | BWBR0006862 | Fokkerijbesluit
This commit is contained in:
parent
f1246e4387
commit
7eaf44f4e2
1 changed files with 36 additions and 24 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Fokkerijbesluit
|
|||
bwb_id: BWBR0006862
|
||||
type: AMvB
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '1994-09-30'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2014-06-30'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0006862
|
||||
citeertitel: Fokkerijbesluit
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -18,9 +18,9 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Met betrekking tot runderen, buffels, varkens, schapen, geiten en paardachtigen geschieden de inschrijving van dieren in een stamboek of register, de inrichting van certificaten die worden afgegeven voor aldus ingeschreven dieren en hun sperma, eicellen en embryo’s, het prestatie-onderzoek en de beoordeling van de genetische waarden van de dieren in overeenstemming met de regelen die daaromtrent krachtens de artikelen 7, eerste lid, en 11, derde lid, zijn gesteld en
|
||||
Met betrekking tot runderen, buffels, varkens, schapen, geiten en paardachtigen geschieden de inschrijving van dieren in een stamboek of register, de inrichting van certificaten die worden afgegeven voor aldus ingeschreven dieren en hun sperma, eicellen en embryo’s, het prestatie-onderzoek en de beoordeling van de genetische waarden van de dieren in overeenstemming met de regelen die daaromtrent krachtens artikel 7, eerste lid, zijn gesteld en
|
||||
|
||||
a. voor runderen en buffels: bij artikel 4 van richtlijn 77/504/EEG en bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van artikel 6 van die richtlijn zijn gesteld;
|
||||
a. voor runderen en buffels: bij artikel 3 van richtlijn 2009/157/EG en bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van artikel 6 van die richtlijn zijn gesteld;
|
||||
b. voor varkens: bij artikel 4 van richtlijn 88/661/EEG en bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van de artikelen 6 en 10 van die richtlijn zijn gesteld;
|
||||
c. voor schapen en geiten: bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van artikel 4 van richtlijn 89/361/EEG zijn gesteld;
|
||||
d. voor paardachtigen: bij artikel 6 van de richtlijn 90/427/EEG en bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van de artikelen 4, tweede lid, en 7 van die richtlijn zijn gesteld.
|
||||
|
|
@ -31,24 +31,43 @@ d. voor paardachtigen: bij artikel 6 van de richtlijn 90/427/EEG en bij regelgev
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Een organisatie kan na een daartoe strekkend verzoek worden erkend als een instelling, die één of meer stamboeken of registers voor runderen, buffels, varkens, schapen, geiten en paardachtigen bijhoudt, indien voldaan wordt aan de voorwaarden die daaromtrent krachtens de artikelen 7, eerste lid, en 11, tweede lid, zijn gesteld en
|
||||
Onze Minister erkent op aanvraag een organisatie als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder i, van richtlijn 2009/157/EG, artikel 1, onderdeel c, eerste streepje, en onderdeel d, eerste streepje, van richtlijn 88/661/EEG, artikel 2, onderdeel b, eerste streepje, van richtlijn 89/361/EEG of artikel 2, onderdeel c, eerste streepje, van richtlijn 90/427/EEG, indien is voldaan aan de voorwaarden die:
|
||||
|
||||
a. voor runderen en buffels: bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van artikel 6 van de richtlijn 77/504/EEG zijn gesteld;
|
||||
a. voor runderen en buffels: bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van artikel 6 van richtlijn 2009/157/EG zijn gesteld;
|
||||
b. voor varkens: bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van de artikelen 6 en 10 van richtlijn 88/661/EEG zijn gesteld;
|
||||
c. voor schapen en geiten: bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van artikel 4 van richtlijn 89/361/EEG zijn gesteld;
|
||||
d. voor paardachtigen: bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van artikel 4 van richtlijn 90/427/EEG zijn gesteld.
|
||||
|
||||
**2.** Een erkenning als bedoeld in het eerste lid wordt niet verleend indien niet gewaarborgd is dat de betrokken organisatie artikel 2, eerste lid, in acht neemt.
|
||||
**2.** Onze Minister erkent op aanvraag een organisatie voor het reglementeren van prestatieonderzoek als bedoeld in beschikking 2006/427/EG, beschikking 90/256/EEG of beschikking 89/507/EEG.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister doet mededeling in de *Staatscourant* van de in het eerste lid bedoelde regelgeving van de Europese Gemeenschap, waarbij tevens de datum van inwerkingtreding van deze regelgeving wordt vermeld.
|
||||
**3.** Onze Minister erkent op aanvraag een organisatie voor het reglementeren van fokwaardeschattingen en de publicatie van de geschatte waarden als bedoeld in beschikking 2006/427/EG, beschikking 90/256/EEG of beschikking 89/507/EEG.
|
||||
|
||||
**4.** Een erkenning als bedoeld in het tweede en derde lid wordt verleend, indien is voldaan aan de daaraan krachtens artikel 7, eerste lid, gestelde voorwaarden.
|
||||
|
||||
**5.** Onze Minister doet mededeling in de *Staatscourant* van de in het eerste lid bedoelde regelgeving van de Europese Gemeenschap, waarbij tevens de datum van inwerkingtreding van deze regelgeving wordt vermeld.
|
||||
|
||||
### Artikel 3a
|
||||
|
||||
**1.** Een erkenning als bedoeld in artikel 3, eerste, tweede en derde lid, wordt niet verleend indien niet gewaarborgd is dat de betrokken organisatie artikel 2, eerste lid, en artikel 6, eerste lid, in acht neemt.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Onze Minister trekt een erkenning in indien:
|
||||
|
||||
a. een organisatie niet meer voldoet aan de erkenningsvoorwaarden;
|
||||
b. een organisatie de in artikel 2, eerste lid of artikel 6, eerste lid, bedoelde regels niet naleeft.
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
Een ingevolge artikel 3, eerste lid, erkende organisatie maakt een inschrijving, die niet voldoet aan hetgeen daaromtrent ingevolge artikel 2, eerste lid, of artikel 6, eerste lid, is bepaald, ongedaan.
|
||||
**1.** Een ingevolge artikel 3, eerste, tweede of derde lid erkende organisatie rapporteert jaarlijks voor 1 juni aan Onze Minister over de activiteiten waarvoor de erkenning is verleend.
|
||||
|
||||
**2.** De rapportage, bedoeld in het eerste lid, wordt opgesteld met gebruikmaking van een door Onze Minister vastgesteld formulier.
|
||||
|
||||
**3.** Een organisatie als bedoeld in het eerste lid meldt omstandigheden die ertoe leiden dat niet langer is voldaan aan de betreffende erkenningsvoorwaarden of dat onvoldoende gewaarborgd is dat de in artikel 2, eerste lid, of artikel 6, eerste lid, bedoelde voorschriften worden nageleefd, zo spoedig mogelijk aan Onze Minister.
|
||||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
Onze Minister trekt een ingevolge artikel 3, eerste lid, verleende erkenning in, indien hij van oordeel is dat niet meer wordt voldaan aan de in die bepaling bedoelde voorwaarden voor die erkenning of dat onvoldoende gewaarborgd is dat de betrokken organisatie de in artikel 2, eerste lid, en artikel 6, eerste lid, bedoelde voorschriften naleeft.
|
||||
Een ingevolge artikel 3, eerste lid, erkende organisatie haalt een inschrijving door die niet voldoet aan de regels die bij of krachtens artikel 2, eerste lid, of artikel 6, eerste lid, zijn vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
|
|
@ -65,7 +84,7 @@ d. voor paardachtigen: bij regelgeving van de Europese Gemeenschap op grond van
|
|||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
**1.** Ter uitvoering van de in de artikelen 2 en 6 genoemde richtlijnen kunnen bij ministeriële regeling nadere regelen worden gesteld.
|
||||
**1.** Ter uitvoering van de in de artikelen 2 en 6 genoemde richtlijnen en de krachtens die richtlijnen vastgestelde EU-besluiten kunnen bij ministeriële regeling nadere regelen worden gesteld.
|
||||
|
||||
**2.** In verband met de uitvoering van richtlijn 91/174/EEG kunnen bij ministeriële regeling met betrekking tot andere dan de in artikel 2, eerste lid, genoemde diersoorten regelen worden gesteld inzake de erkenning van fokkersorganisaties, de inschrijving of registratie in registers of stamboeken, de toelating van rasdieren tot de fokkerij, het gebruik van sperma, eicellen en embryo’s van rasdieren en de handel in rasdieren en hun sperma, eicellen en embryo’s, met inbegrip van het daarbij vereiste certificaat.
|
||||
|
||||
|
|
@ -103,22 +122,11 @@ Bij ministeriële regeling kunnen nadere regelen worden gesteld ter uitvoering v
|
|||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
**1.** Ter uitvoering van de artikelen 2, 3 en 5 en van het bepaalde krachtens artikel 7, tweede lid, van dit besluit wordt medewerking gevorderd van het bestuur van het Productschap Vee en Vlees.
|
||||
**1.** Erkenningen die zijn verleend op grond van artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Verordening erkenningsvoorwaarden voor stamboeken, prestatieonderzoek en fokwaardeschatting (PVV) 2010 worden beschouwd als erkenningen als bedoeld in artikel 3, eerste lid.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
**2.** Erkenningen die zijn verleend op grond van artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de Verordening erkenningsvoorwaarden voor stamboeken, prestatieonderzoek en fokwaardeschatting (PVV) 2010 worden beschouwd als erkenningen als bedoeld in artikel 3, tweede lid.
|
||||
|
||||
De gevorderde medewerking bestaat uit het verrichten van werkzaamheden en het bij verordening stellen van nadere regelen, die noodzakelijk zijn voor:
|
||||
|
||||
a. het verlenen van de erkenning als een instelling die één of meer stamboeken of registers voor runderen, buffels, varkens, schapen, geiten of paardachtigen bijhoudt, op grond van artikel 3;
|
||||
b. het verlenen van de erkenning als fokkersorganisatie, bedoeld in artikel 7, tweede lid;
|
||||
c. de intrekking van de in de onderdelen a en b bedoelde erkenning op grond van artikel 5, onderscheidenlijk het bepaalde krachtens artikel 7, tweede lid.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
Onverminderd het tweede lid bestaat de gevorderde medewerking uit:
|
||||
|
||||
a. het verlenen van de erkenningen, bedoeld in het tweede lid, onderdelen a en b, en het intrekken van de erkenningen, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c;
|
||||
b. het verrichten van werkzaamheden en het bij verordening stellen van nadere regels ter uitvoering van artikel 2, voor zover dit betrekking heeft op het prestatie-onderzoek en de beoordeling van genetische waarden bij dieren.
|
||||
**3.** Erkenningen die zijn verleend op grond van artikel 3, eerste lid, onderdeel c, van de Verordening erkenningsvoorwaarden voor stamboeken, prestatieonderzoek en fokwaardeschatting (PVV) 2010 worden beschouwd als erkenningen als bedoeld in artikel 3, derde lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 12
|
||||
|
||||
|
|
@ -128,6 +136,10 @@ b. het verrichten van werkzaamheden en het bij verordening stellen van nadere re
|
|||
|
||||
**3.** Onze Minister doet van een wijzigingsrichtlijn of van wijzigingsregelgeving als bedoeld in de voorgaande leden, mededeling in de *Staatscourant*, waarbij tevens de datum van inwerkingtreding van deze regelgeving wordt vermeld.
|
||||
|
||||
### Artikel 12a
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen ter uitvoering van artikel 6bis van verordening (EG) nr. 999/2001 regels worden gesteld over het fokken van schapen op resistentie tegen overdraagbare spongiforme encefalopathieën.
|
||||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
De artikelen 76 en 129, onderdeel *a*, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren alsmede dit besluit treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het *Staatsblad* waarin het wordt geplaatst.
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue