2013-11-01 | BWBR0034117 | Richtlijn voor Strafvordering Wet wegvervoer goederen

This commit is contained in:
Coornhert 2013-11-01 12:00:00 +00:00
parent 27326f99a0
commit 7ebf75034b

View file

@ -0,0 +1,118 @@
---
titel: Richtlijn voor Strafvordering Wet wegvervoer goederen
bwb_id: BWBR0034117
type: beleidsregel
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2013-11-01'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0034117
citeertitel: Richtlijn voor Strafvordering Wet wegvervoer goederen
---
# Richtlijn voor Strafvordering Wet wegvervoer goederen
## . Beschrijving
Deze richtlijn bevat het strafvorderingsbeleid van het OM inzake overtredingen bepaald bij of krachtens de Wet wegvervoer goederen (WWG), die in artikel 1 van de Wet op de economische delicten (WED) als economisch delict zijn aangemerkt
## . Achtergrond
Deze richtlijn is aangepast vanwege een wijziging van de Wet wegvervoer goederen (WWG) per 1 juli 2013. De WWG is vanwege de implementatie van de EG verordeningen 1071/2009 en 1072/2009 in de Nederlandse wetgeving gewijzigd. Een gevolg van deze verordeningen is dat een Europees elektronisch sanctieregister ingericht moet worden waarin zogenaamde zeer ernstige of ernstige inbreuken op de communautaire wetgeving moeten worden vastgelegd1De zwaarste inbreuken zijn opgenomen in bijlage IV van Verordening EG 1071/2009.. Dit register staat bekend onder de naam ERRU-register (formele benaming European Register of Road Transport Undertakings). Voor Nederland is de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) aangewezen om dit register te beheren. Opname in het register kan na overschrijding van een bepaald aantal strafpunten tot gevolg hebben dat een vervoersvergunning wordt ingetrokken of dat bij aanvraag van een vergunning geen vervoersvergunning wordt verstrekt omdat geen verklaring omtrent het gedrag wordt afgegeven vanwege het feit dat niet aan de betrouwbaarheidseisen wordt voldaan2Dit is in de Beleidsregel evenredigheidstoets en sanctionering bij verlies betrouwbaarheid in het goederenvervoer over de weg van de Stichting Nationale en Internationale Wegvervoer Organisatie (NIWO) vastgelegd (Stcrt. 2013, 18645)..
## . Vervolging
Als de verdachte direct wordt gedagvaard eist de officier van justitie een geldboete zoals in deze richtlijn is vastgesteld. Indien tegen de bestrafte een strafbeschikking is uitgevaardigd3Op grond van art. 36, tweede lid, WED behoeft de verdachte die rechtspersoon is, in afwijking van artikel 257c, tweede lid, Sv, slechts onder bijstand van een raadsman te worden gehoord als de strafbeschikking betalingsverplichtingen uit hoofde van geldboete en schadevergoedingsmaatregel bevat welke afzonderlijk of gezamenlijk meer belopen dan € 10 000. en deze gaat in verzet tegen de strafbeschikkingen dan wordt hij gedagvaard. De officier van justitie eist dan in beginsel dezelfde geldboete als initieel bij strafbeschikking is opgelegd, tenzij de bestrafte geen inhoudelijke gronden aanvoert waarop zijn verzet is gebaseerd4Zie eveneens de Aanwijzing OM-afdoening.. Als de zaak ter terechtzitting is aangebracht na een geheel of gedeeltelijk mislukte executie, wordt in principe door de officier van justitie een zwaardere straf geëist. Daarbij moet rekening worden gehouden met de reeds (gedeeltelijk) ten uitvoer gelegde straf.
### . Voorlopige maatregel
Indien er ernstige bezwaren zijn tegen de overtreder en onmiddellijk ingrijpen is vereist, kan de officier van justitie, zolang de behandeling van de zaak ter terechtzitting nog niet is aangevangen, op grond van artikel 28 WED een voorlopige maatregel opleggen.
### . Recidive
Van recidive is alleen sprake als de overtreding wordt begaan *binnen vijf jaar *na afdoening5Afdoening houdt in: een onherroepelijke strafbeschikking, een onherroepelijk vonnis óf een betaalde transactie. van de vorige overtreding van de WWG (uitgezonderd de beladingsvoorschriften) die in de bijlage I opgenomen tarieflijst is vermeld.
Bij overtredingen van de WWG wordt in principe zonder beperking en ongeacht de mate van recidive een strafbeschikking inhoudende een geldboete uitgevaardigd of op zitting geëist.
Als recidive wordt geconstateerd, geldt het, voor de in bijlage I opgenomen tarieflijst, volgende ophogingspercentage ten opzichte van het bij de overtreding behorende geldboete:
| | werknemers/chauffeurs | ondernemers/zelfstandigen |
| --- | --- | --- |
| één keer recidive | + 10% | + 50% |
| meermalen recidive | + 20% | + 100% |
#### . Recidive specifiek beladingsvoorschriften
Van recidive is alleen sprake als de overtreding wordt begaan binnen *vijf jaar* na afdoening van een vorige overtreding van de beladingsvoorschriften.
De tarieflijst in de bijlage II bevat zeven categorieën die de mate van overschrijding van de toegestane massa of last aangeven, uitgedrukt in percentages. De daarbij vermelde recidiveregeling is alleen van toepassing op de categorieën 4 t/m 7. Bij overtredingen die binnen categorie 1 t/m 3 vallen, wordt in beginsel zonder beperking een strafbeschikking, inhoudende een geldboete uitgevaardigd, ongeacht de mate van recidive.
| | ondernemers/zelfstandigen |
| --- | --- |
| eerste maal recidive | + 50% |
| tweede maal recidive | + 100% |
| derde en volgende maal | Dagvaarden |
### . Normadressaten beladingsvoorschriften
Het strafvorderingsbeleid betreffende overtreding van de beladingsvoorschriften is gericht tegen de vervoerder en tegen derden die beroepsvervoer doen verrichten in strijd met de beladingsvoorschriften6Zie Aanwijzing Wet wegvervoer goederen.. De beladingvoorschriften kunnen worden overtreden zonder dat dit opzettelijk plaatsvindt.
### . Bijkomende straf (stillegging onderneming)
Er zijn vervoerders van wie het aannemelijk is dat zij de kans op betrapping van deze economische voorschriften betreffende de onjuiste belading of overbelading als een bedrijfsrisico plegen te aanvaarden. Het bij herhaling plegen van dit soort economische delicten en vooral wanneer sprake is van een aanzienlijke overschrijding van de gestelde normen duidt hierop en geeft aan dat de bedrijfsvoering niet of onvoldoende aangepast is c.q. wordt aan de geldende wet- en regelgeving. Dit heeft consequenties voor de transportbranche door verstoring van de concurrentieverhoudingen. Wanneer een vervoerder wordt gedagvaard wegens een dergelijke vorm van recidive kan de officier van justitie overwegen om ter terechtzitting behalve een geldboete, als bijkomende straf de (voorwaardelijke) gehele of gedeeltelijke stillegging van een onderneming te vorderen. Van een dergelijke recidive is in ieder geval sprake als verdachte binnen een periode van één jaar verscheidene overtredingen begaat die vallen onder de vierde sanctiecategorie en hoger. Gezien de impact van die straf op een bedrijf, is het geïndiceerd om in eerste instantie een voorwaardelijke (gedeeltelijke) stillegging te eisen.
#### . Hoogte geldboete
Indien sprake is van meer te beoordelen feiten in één strafdossier, dan worden de geldboetes van de afzonderlijke feiten opgeteld. Gezien de aard van de delicten en het functioneel daderschap worden de geldboetes bij economische delicten bij elkaar opgeteld. Binnen de door de wet gestelde grenzen kan worden afgeweken van de aangegeven bedragen, hetzij naar beneden, hetzij naar boven, indien de omstandigheden waaronder het delict is gepleegd daartoe aanleiding geven. Bij grote bedrijven, ernstige overtredingen, onrechtmatig genoten voordeel dat uitgaat boven het tarief dat vastgesteld is voor de overtreding kan een hoger tarief geïndiceerd zijn. Bij economische delicten kan de draagkracht van de rechtspersoon of natuurlijke persoon mede bepalend zijn voor de hoogte van de strafbeschikking of eis ter terechtzitting. Bij het uitvaardigen van een strafbeschikking kan tevens rekening worden gehouden met de eventuele verbeurdverklaring van een last onder dwangsom. Hiertoe bestaat echter geen verplichting, immers een dwangsom dient om uitvoering van de last te bewerkstelligen, en het verbeuren daarvan en dus ook de invordering betreffen alleen het niet-nakomen van de last, en vormen geen (punitieve) sanctie op de nadien geconstateerde normschendingen7HR, 20 maart 2007, LJN: AZ7078.
## . Overgangsrecht
Deze richtlijn voor strafvordering geldt voor alle strafbare feiten die zijn gepleegd vanaf de datum van inwerkingtreding
## Bijlage 1. : Tarieflijst
Als sprake is van meer strafbare feiten in één strafdossier, dan moeten de geldboetes uit deze tarieflijst per feit bij elkaar opgeteld worden.
## Bijlage 2. : Tarieflijst overbelading
Bij een overschrijding van minder dan 5 procent van de toegestane maximummassa of de som van de aslasten dan wel bij een overschrijding van minder dan 10 procent van de toegestane aslasten wordt niet geverbaliseerd. Deze ondergrens wordt enerzijds gehanteerd omdat de massa van de lading tijdens het vervoer zich kan verplaatsen dan wel kan toenemen als de lading ten gevolge van weersomstandigheden nat wordt. Anderzijds is een ondergrens wenselijk, omdat vaak voorafgaand aan het transport niet exact kan worden bepaald of de aslasten en/of de som der aslasten of totale massa voldoen aan de wettelijk eisen.
Overtreding van de beladingsvoorschriften kan leiden tot oneerlijke concurrentie, schade aan het wegdek (vooral bij overschrijding van de aslasten) en verkeersonveilige situaties (langere remweg).
Als het proces-verbaal melding maakt van verscheidene overtredingen ter zake overschrijding van de beladingsvoorschriften die tegelijkertijd zijn geconstateerd, wordt in beginsel een strafbeschikking uitgevaardigd dan wel vervolgd voor de overtredingen met de grootste normoverschrijding. Daarbij is de hoogte van het aantal sanctiepunten bepalend. Bij een gelijk aantal sanctiepunten wordt geverbaliseerd voor het hoogste percentage overbelading.
In afwijking van het vorenstaande is het voor het registreren van een ERRU-overtreding noodzakelijk om bij voertuigen of samenstellen daarvan uit te gaan van een overschrijding van de toegestane maximummassa indien:
In de Aanwijzing WWG zijn de opsporingsambtenaren geïnstrueerd om bij het opmaken van het proces-verbaal rekening te houden met het bovenvermelde.
Als wordt gedagvaard, wegens het in verzet gaan tegen een strafbeschikking is de eis ter terechtzitting in principe gelijk aan de hoogte van in de strafbeschikking opgenomen geldboete. Als in het kader van de recidiveregeling direct wordt gedagvaard, wordt del voor first offenders geldende geldboete verhoogd conform de onder de kop Recidive opgenomen tabel 2.
In het geval van overtreding van de onderstaande voorschriften, geldt de procedure met betrekking tot het uitvaardigen van een strafbeschikking, het dagvaarden, het opleggen van een maatregel en het hanteren van de recidivebepaling zoals aangegeven in onderstaande tabel:
**Eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten terwijl sprake is van één van de onderstaande situaties:**
**Art. 2.6 WWG jo. 18 RWG jo:**
^1 De percentages worden altijd op een hele waarde afgekapt (bijvoorbeeld 9,9 procent wordt 9 procent)
In het geval van overtreding van de onderstaande voorschriften, geldt de procedure met betrekking tot het uitvaardigen van een strafbeschikking, het dagvaarden, het opleggen van een maatregel en het hanteren van de recidivebepaling zoals aangegeven in de tabel:
**Eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten terwijl sprake is van één van de onderstaande situaties:**
**Art. 2.6 WWG jo. 18 RWG jo.:**
**1e overtreding:**
Overschrijding van 27 procent van de toegestane maximumlast onder as of asstel (geen recidive):
strafbeschikking, inhoudende een geldboete ter hoogte van € 1100.
**2e overtreding:**
Overschrijding van 30 procent van de toegestane maximumlast onder as of asstel (1x recidive): de geldboete voor first offenders bedraagt € 1700. De geldboete wordt wegens 1x recidive met 50 procent verhoogd tot € 2600.
**3e overtreding:**
Overschrijding van 55 procent van de toegestane maximumlast onder as of asstel (2x recidive): de geldboete voor first offenders bedraagt € 3500. De geldboete wordt wegens 2x recidive met 100 procent verhoogd tot € 7000.
**4e overtreding:**
Overschrijding van 26 procent van de toegestane maximumlast onder as of asstel (3x recidive): de geldboete voor first offenders bedraagt € 1100. Vanwege de 3^e recidive wordt direct gedagvaard: de eis ter zitting is de geldboete voor first offenders verhoogd met 100 procent tot € 2300 (geen extra verhoging van 20 procent).