diff --git a/beleidsregel/beleidsregels-inzake-de-toepassing-van-de-wet-beheer-rijkswaterstaatswerken-op-i/BWBR0017805/README.md b/beleidsregel/beleidsregels-inzake-de-toepassing-van-de-wet-beheer-rijkswaterstaatswerken-op-i/BWBR0017805/README.md index 9923c3692ab..0bcd1733e08 100644 --- a/beleidsregel/beleidsregels-inzake-de-toepassing-van-de-wet-beheer-rijkswaterstaatswerken-op-i/BWBR0017805/README.md +++ b/beleidsregel/beleidsregels-inzake-de-toepassing-van-de-wet-beheer-rijkswaterstaatswerken-op-i/BWBR0017805/README.md @@ -20,24 +20,25 @@ citeertitel: Beleidsregels inzake de toepassing van de Wet beheer rijkswaterstaa In deze beleidsregels wordt verstaan onder: -a. *vergunning:* +a. *vergunning: * -een vergunning als bedoeld in artikel 2 van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken; +een vergunning als bedoeld in artikel 6.13 van het Waterbesluit; b. *installatie:* een werk, niet zijnde een kabelleiding, een buisleiding, een schacht of een dijk; -c. *wet:* - -de Wet beheer rijkswaterstaatswerken; -d. *minister:* +c. *minister:* de Minister van Verkeer en Waterstaat. **2.** In deze beleidsregels wordt onder milieu mede verstaan: natuur. +### Artikel 1a + +Deze beleidsregels berusten op artikel 6.13 van het Waterbesluit. + ### Artikel 2 -Deze beleidsregels betreffen de toepassing van de artikelen 2, 3 en 6 van de wet op installaties in de exclusieve economische zone. +Deze beleidsregels betreffen de toepassing van de de artikelen 6.10, 6.11, eerste lid, en 6.22, eerste lid, van de Waterwet en 6.13 van het Waterbesluit op installaties in de exclusieve economische zone. ### Artikel 3 @@ -80,13 +81,13 @@ Bij de voorbereiding en de vaststelling van een beschikking inzake het verlenen, a. het behouden van mogelijkheden voor een doelmatig en veilig gebruik van de Noordzee door anderen dan de vergunninghouder, b. de op de Noordzee betrekking hebbende onderdelen van de Nota Ruimte waarvoor het regeringsstandpunt op 27 april 2004 aan de Voorzitter van de Tweede Kamer is toegezonden (Kamerstukken II 2003/04, 29 435, nrs. 1-2), en -c. andere op de Noordzee betrekking hebbende plannen en gebiedsaanwijzingen op grond van de Wet op de waterhuishouding, de Wet op de Ruimtelijke Ordening, de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Wet milieubeheer. +c. andere op de Noordzee betrekking hebbende plannen en gebiedsaanwijzingen op grond van de artikelen 4.1 en 4.6 van de Waterwet, de Wet ruimtelijke ordening, de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Wet milieubeheer. ### Artikel 6 -**1.** De toepassing van artikel 3 van de wet kan ertoe leiden dat aan een vergunning voorschriften worden verbonden met een overeenkomstige strekking als die van hoofdstuk 4 van de Mijnbouwwet en de daarop gebaseerde regelingen. +**1.** De toepassing van de artikelen 6.11, eerste lid, en 6.22, eerste lid, van de Waterwet kan ertoe leiden dat aan een vergunning voorschriften worden verbonden met een overeenkomstige strekking als die van hoofdstuk 4 van de Mijnbouwwet en de daarop gebaseerde regelingen. -**2.** De toepassing van artikel 3 van de wet kan ertoe leiden dat aan een vergunning het voorschrift wordt verbonden dat financiƫle zekerheid wordt gesteld voor het nakomen van de verplichting de installatie te verwijderen als de installatie niet langer wordt gebruikt voor het doel waarvoor vergunning is verleend, of na verstrijken van de periode waarvoor vergunning is verleend. +**2.** De toepassing van de artikelen 6.11, eerste lid, en 6.22, eerste lid, van de Waterwet kan ertoe leiden dat aan een vergunning het voorschrift wordt verbonden dat financiƫle zekerheid wordt gesteld voor het nakomen van de verplichting de installatie te verwijderen als de installatie niet langer wordt gebruikt voor het doel waarvoor vergunning is verleend, of na verstrijken van de periode waarvoor vergunning is verleend. ### Artikel 7 @@ -96,7 +97,7 @@ Aan een vergunning worden voorschriften verbonden ter bescherming van het milieu ### Artikel 8 -**1.** De minister verbiedt in een gebied rondom een installatie, onder toepassing van artikel 6 van de wet, de toegang tot een veiligheidszone, waarbij elk punt op de grens van de veiligheidszone ten hoogste 500 meter verwijderd is van een overeenkomstig punt op de buitengrens van de installatie. +**1.** De minister verbiedt in een gebied rondom een installatie, onder toepassing van artikel 6.10 van de Waterwet, de toegang tot een veiligheidszone, waarbij elk punt op de grens van de veiligheidszone ten hoogste 500 meter verwijderd is van een overeenkomstig punt op de buitengrens van de installatie. **2.** Het verbod is gericht tot wie niet uit hoofde van zijn wettelijke taak dan wel een vergunningvoorschrift toegang moet hebben tot de zone.