2007-01-01 | BWBR0002399 | Wet op het voortgezet onderwijs
This commit is contained in:
parent
0712b1cf3c
commit
7ffb6ace39
1 changed files with 26 additions and 48 deletions
|
|
@ -2726,7 +2726,28 @@ d. de opbrengst van werkstukken en van verrichte diensten anders dan in het kade
|
|||
|
||||
### Artikel 96n
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Op de bekostiging, bedoeld in artikel 96m, eerste lid, wordt volgens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels een bedrag in mindering gebracht in verband met de kosten van werkloosheidsuitkeringen, suppleties inzake arbeidsongeschiktheid alsmede uitkeringen wegens ziekte en arbeidsongeschiktheid aan gewezen personeel anders dan op grond van de Ziektewet. Deze regels kunnen voorzien in:
|
||||
|
||||
a. onderscheid in verband met de datum waarop gewezen personeel is ontslagen,
|
||||
b. onderscheid in verband met de beslissing van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 98b, eerste lid, zoals luidend op de dag voor de inwerkingtreding van artikel IV van de wet van 12 mei 2005, Stb. 288, en
|
||||
c. verdeling van de in de eerste volzin bedoelde kosten over enerzijds de schoolbesturen gezamenlijk en anderzijds individuele schoolbesturen.
|
||||
|
||||
**1a.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op gewezen personeel van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 53b, die diensten verricht ten behoeve van de desbetreffende school. Daarbij wordt het in mindering te brengen bedrag in gelijke mate verdeeld over de scholen waarvoor diensten worden verricht.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Onze Minister kan het sociaal-fiscaalnummer van een persoon, behorend tot gewezen personeel als bedoeld in het eerste lid, uitsluitend in het kader van het bepaalde bij of krachtens het eerste lid, gebruiken in het verkeer met:
|
||||
|
||||
a. het bevoegd gezag van de school dan wel het bestuur van de centrale dienst waar de in onderdeel a bedoelde persoon werkzaam was, of
|
||||
b. de instantie die de uitkeringen verstrekt of heeft verstrekt.
|
||||
|
||||
**3.** Het sociaal-fiscaalnummer wordt op een daartoe strekkend verzoek van Onze Minister aan Onze Minister verstrekt door het bevoegd gezag van de school dan wel het bestuur van de centrale dienst waar het gewezen personeelslid werkzaam was.
|
||||
|
||||
**4.** De algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het eerste lid, wordt aan de beide Kamers der Staten-Generaal overgelegd. De maatregel treedt niet in werking dan nadat vier weken na de overlegging zijn verstreken en gedurende die termijn niet door of namens een van beide Kamers de wens te kennen wordt gegeven dat het in die maatregel geregelde onderwerp bij de wet wordt geregeld. Alsdan wordt een daartoe strekkend wetsvoorstel zo spoedig mogelijk ingediend.
|
||||
|
||||
**5.** Indien de verdeling van de in het eerste lid, onderdeel c, bedoelde kosten bij ministeriële regeling wordt geregeld, is het vierde lid van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 96o
|
||||
|
||||
|
|
@ -2741,7 +2762,7 @@ b. langer dan drie jaar direct of indirect in verband met het verrichten van con
|
|||
|
||||
De in onderdeel a genoemde termijn van twee jaar kan in geval van een of meer ziekteperioden van langer dan vier weken met deze ziekteperioden worden verlengd.
|
||||
|
||||
**3.** Op het in het eerste lid bedoelde bedrag worden eveneens in mindering gebracht de kosten van werkloosheidsuitkeringen, suppleties inzake arbeidsongeschiktheid alsmede uitkeringen wegens ziekte en arbeidsongeschiktheid van gewezen personeel anders dan op grond van de Ziektewet. De eerste volzin is niet van toepassing, indien de rechtspersoon, bedoeld in artikel 98b, op een daartoe strekkend verzoek van het bevoegd gezag, voorafgaand aan het ontslag heeft ingestemd met het ten laste van die rechtspersoon brengen van de kosten van uitkeringen of suppleties als bedoeld in de eerste volzin.
|
||||
**3.** Vervallen.
|
||||
|
||||
**4.** Vervallen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2801,32 +2822,11 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 98b
|
||||
|
||||
**1.** Het bevoegd gezag van een school is aangesloten bij een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid die zich ten doel stelt waarborgen te bieden voor de kosten van werkloosheidsuitkeringen, suppleties inzake arbeidsongeschiktheid alsmede uitkeringen wegens ziekte en arbeidsongeschiktheid van gewezen personeel anders dan op grond van de Ziektewet. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing op het bestuur van een centrale dienst voor zover het betreft personeel dat is belast met het geven van leerwegondersteunend onderwijs dan wel het uitoefenen van taken en bevoegdheden als bedoeld in artikel 53b, eerste lid, tweede volzin. De in de eerste volzin bedoelde rechtspersoon wordt door Onze Minister aangewezen.
|
||||
|
||||
**2.** Het bevoegd gezag onderscheidenlijk het bestuur voldoet aan de rechtspersoon jaarlijks een door die rechtspersoon vast te stellen bijdrage in verband met de kosten van werkloosheidsuitkeringen, suppleties inzake arbeidsongeschiktheid alsmede uitkeringen wegens ziekte en arbeidsongeschiktheid van gewezen personeel anders dan op grond van de Ziektewet.
|
||||
|
||||
**3.** Van de in het eerste en tweede lid bedoelde verplichting kan Onze Minister op verzoek van het bevoegd gezag onderscheidenlijk het bestuur ontheffing verlenen op grond van bezwaren van godsdienstige of levensbeschouwelijke aard. Onze Minister verleent de ontheffing slechts, indien het bevoegd gezag onderscheidenlijk het bestuur aantoont dat een afdoende andere voorziening is getroffen met betrekking tot de kosten van werkloosheidsuitkeringen, suppleties inzake arbeidsongeschiktheid alsmede uitkeringen wegens ziekte en arbeidsongeschiktheid van gewezen personeel anders dan op grond van de Ziektewet. Onze Minister besluit binnen zes maanden na ontvangst van een verzoek. Indien de beschikking niet binnen zes maanden kan worden gegeven, stelt Onze Minister de verzoeker daarvan in kennis en noemt hij daarbij een termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.
|
||||
|
||||
**4.** De rechtspersoon stelt regels vast voor de behandeling, beoordeling en beantwoording van een verzoek van het bevoegd gezag onderscheidenlijk het bestuur als bedoeld in artikel 96o, derde lid onderscheidenlijk artikel 96q.1. Indien het bevoegd gezag onderscheidenlijk het bestuur zich beroept op overwegingen van godsdienstige of levensbeschouwelijke aard, betrekt de rechtspersoon die overwegingen bij de beoordeling van een in de eerste volzin bedoeld verzoek.
|
||||
|
||||
**5.** Indien de rechtspersoon het in het vierde lid bedoelde verzoek heeft ingewilligd, vergoedt hij aan de instantie die de werkloosheidsuitkeringen, de suppleties inzake arbeidsongeschiktheid alsmede de uitkeringen wegens ziekte en arbeidsongeschiktheid van gewezen personeel anders dan op grond van de Ziektewet verstrekt of heeft verstrekt, de kosten van die uitkeringen of suppleties.
|
||||
|
||||
**6.** Tegen een besluit van de rechtspersoon kan het bevoegd gezag onderscheidenlijk het bestuur beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 98c
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De rechtspersoon, bedoeld in artikel 98b, kan het sociaal-fiscaal nummer van het gewezen personeelslid, uitsluitend in het kader van het doel, bedoeld in artikel 98b, eerste lid, gebruiken in het verkeer met:
|
||||
|
||||
a. het gewezen personeelslid,
|
||||
b. het bevoegd gezag van de school dan wel het bestuur van de centrale dienst waar de in onderdeel a bedoelde persoon werkzaam was,
|
||||
c. Onze Minister, of
|
||||
d. de instantie, bedoeld in artikel 98b, vijfde lid.
|
||||
|
||||
**2.** Het sociaal-fiscaal nummer wordt op een daartoe strekkend verzoek van de in het eerste lid bedoelde rechtspersoon aan die rechtspersoon verstrekt door het bevoegd gezag van de school dan wel het bestuur van de centrale dienst waar het gewezen personeelslid werkzaam was.
|
||||
|
||||
**3.** Indien dat ten behoeve van het verslag, bedoeld in artikel 123b, eerste lid, noodzakelijk is, worden gegevens daarin slechts zodanig openbaar gemaakt dat daaraan geen herkenbare gegevens over een afzonderlijk persoon kunnen worden ontleend, tenzij het betreft de controle op de juistheid van de gegevens in het kader van de controle op de rechtmatigheid en de doelmatigheid van door de rechtspersoon gedane uitgaven. Daarbij kunnen de sociaal-fiscale nummers worden vergeleken met de sociaal-fiscale nummers die door andere daartoe bij of krachtens de wet bevoegde instanties zijn verstrekt.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 99
|
||||
|
||||
|
|
@ -3297,26 +3297,6 @@ c. de procedure voor het aanvragen van het geschiktheidsonderzoek en voor afgift
|
|||
|
||||
Het in artikel 118n en het in artikel 118p bedoelde bestuur verstrekken aan Onze Minister alle inlichtingen die deze nodig acht ten behoeve van een goede naleving van deze titel. Het bestuur zendt de inspectie van het onderwijs telkens na zes maanden een overzicht van in die periode afgegeven geschiktheidsverklaringen en bekwaamheidsonderzoeken waaraan met goed gevolg is deelgenomen.
|
||||
|
||||
## Titel IVE. Overgangsbepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 118u
|
||||
|
||||
**1.** Personen die in het bezit zijn van een getuigschrift, afgegeven krachtens de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, waaruit blijkt dat ten aanzien van het vak omgangskunde is voldaan aan de bekwaamheidseisen die zijn vastgesteld krachtens artikel 36, eerste lid, zijn tevens benoembaar of tewerkstelbaar zonder benoeming voor het geven van praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 10f en voor het geven van onderwijs aan groepen van uitsluitend geïndiceerde leerlingen in het leerwegondersteunend onderwijs, bedoeld in artikel 10e, in de vakken Nederlands, Engels, wiskunde, geschiedenis, aardrijkskunde, biologie (incl. kennis der natuur), verzorging, muziek, handvaardigheid (textiele werkvormen) en tekenen.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Het eerste lid is uitsluitend van toepassing ten aanzien van personen die:
|
||||
|
||||
a. het in het eerste lid bedoelde getuigschrift hebben behaald na 1 augustus 2006;
|
||||
b. voor 1 september 2012 zijn gestart met de opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de tweede graad in het vak omgangskunde aan de Fontys Hogeschool Tilburg, de NHL Hogeschool, de Hogeschool Leiden of de Hogeschool Utrecht; en
|
||||
c. uiterlijk op 31 augustus 2016 met goed gevolg de aanvullende opleiding «Leergang omgangskunde in praktijkonderwijs en leerwegondersteunend onderwijs» met een omvang van ten minste 420 uren studie hebben afgerond aan een van de in onderdeel b genoemde hogescholen.
|
||||
|
||||
### Afdeling VII. Overgangsrecht in verband met de
|
||||
|
||||
### Artikel 118ii
|
||||
|
||||
Artikel 76v.1 is van overeenkomstige toepassing op de school of scholengemeenschap die samen met een vakinstelling als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs als scholengemeenschap in de zin van de artikelen 2.6 en 12.2.3 WEB is aangemerkt.
|
||||
|
||||
## Titel V. Slotbepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 119
|
||||
|
|
@ -3358,9 +3338,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 123b
|
||||
|
||||
**1.** Artikel 123a is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 98b.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister zendt binnen vijf jaar na de aanwijzing van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 98b, en vervolgens telkens na vijf jaar, aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de werkzaamheden van die rechtspersoon.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 124
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue