diff --git a/amvb/rechtspositiebesluit-burgemeesters-1994/BWBR0006743/README.md b/amvb/rechtspositiebesluit-burgemeesters-1994/BWBR0006743/README.md index 8097f044aef..b568fca41fc 100644 --- a/amvb/rechtspositiebesluit-burgemeesters-1994/BWBR0006743/README.md +++ b/amvb/rechtspositiebesluit-burgemeesters-1994/BWBR0006743/README.md @@ -1,14 +1,14 @@ --- -titel: Rechtspositiebesluit burgemeesters 1994 +titel: Rechtspositiebesluit burgemeesters bwb_id: BWBR0006743 type: AMvB status: geldend datum_inwerkingtreding: '2001-08-17' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0006743 -citeertitel: Rechtspositiebesluit burgemeesters 1994 +citeertitel: Rechtspositiebesluit burgemeesters --- -# Rechtspositiebesluit burgemeesters 1994 +# Rechtspositiebesluit burgemeesters ### Paragraaf . Begripsbepalingen @@ -176,10 +176,10 @@ De burgemeester ontvangt een ambtstoelage voor de aan de uitoefening van het amb | Inwonersklasse als bedoeld in artikel 5 | Ambtstoelage per maand | | --- | --- | -| 1 en 2 | € 522,75 Per 1 januari 2003: € 565,93 | -| 3 en 4 | € 549,53 Per 1 januari 2003: € 594,92 | -| 5 en 6 | € 572,67Per 1 januari 2003: € 619,98 | -| 7 tot en met 11 | € 591,73Per 1 januari 2003: € 640,60 | +| 1 en 2 | € 522,75 Per 1 januari 2004: € 577,25 | +| 3 en 4 | € 549,53 Per 1 januari 2004: € 606,82 | +| 5 en 6 | € 572,67Per 1 januari 2004: € 632,38 | +| 7 tot en met 11 | € 591,73Per 1 januari 2004: € 653,41 | @@ -191,15 +191,15 @@ De burgemeester ontvangt een ambtstoelage voor de aan de uitoefening van het amb ### Artikel 17 -**1.** Degene die gedurende meer dan dertig dagen onafgebroken met de waarneming van het ambt van burgemeester is belast geweest, geniet voor die tijd, ten laste van de gemeente, een vergoeding ten bedrage van de voor het ambt vastgestelde minimum- of vaste bezoldiging. De artikelen 15 en 33, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing. Indien de waarneming geschiedt door een wethouder wordt de vergoeding verminderd met hetgeen als wethouder wegens wedde wordt ontvangen. +**1.** Degene die gedurende meer dan dertig dagen onafgebroken met de waarneming van het ambt van burgemeester is belast geweest, geniet voor die tijd, ten laste van de gemeente, een vergoeding ten bedrage van de voor het ambt vastgestelde minimum- of vaste bezoldiging. De artikelen 15 en 32 zijn van overeenkomstige toepassing. Indien de waarneming geschiedt door een wethouder wordt de vergoeding verminderd met hetgeen als wethouder wegens wedde wordt ontvangen. **2.** De waarnemend burgemeester die naar verwachting voor een periode korter dan één jaar als zodanig is aangewezen, geniet een bezoldiging overeenkomstig de artikelen 5 tot en met 14. -Daarnaast heeft hij aanspraak op een vakantie-uitkering als bedoeld in artikel 15, de helft van het bedrag van de ambtstoelage, bedoeld in artikel 16, een telefoonkostenvergoeding als bedoeld in artikel 30, een autokostenvergoeding als bedoeld in artikel 33, eerste lid, en een verblijfkostenvergoeding als bedoeld in artikel 33, derde lid. +Daarnaast heeft hij aanspraak op de vakantie-uitkering, bedoeld in artikel 15, de helft van de ambtstoelage, bedoeld in artikel 16, de voorzieningen voor computer- en communicatieapparatuur, bedoeld in artikel 30, en vergoeding van kosten voor woon-werkverkeer en voor reis- en verblijfkosten, bedoeld in artikel 32. -**3.** Ten aanzien van de waarnemend burgemeester die naar verwachting voor een periode langer dan één jaar als zodanig is aangewezen, zijn de bepalingen van dit besluit van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van de artikelen 36, 39 tot en met 41, artikelen 43 tot en met 46c en de artikelen 48 tot en met 65 . +**3.** Ten aanzien van de waarnemend burgemeester die naar verwachting voor een periode langer dan één jaar als zodanig is aangewezen, zijn de bepalingen van dit besluit van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van de artikelen 36, 39 tot en met 41, de artikelen 43 tot en met 46c en de artikelen 48 tot en met 65. **4.** Zodra een waarnemend burgemeester ten aanzien van wie het tweede lid van dit artikel is toegepast, zonder onderbreking één jaar het ambt van burgemeester heeft waargenomen, wordt met terugwerkende kracht tot en met de ingangsdatum van de waarneming in die gemeente, alsnog het derde lid van dit artikel toegepast. @@ -360,11 +360,16 @@ Ten aanzien van de burgemeester aan wie ontslag is verleend op grond van ongesch ### Artikel 30 -**1.** De burgemeester geniet ten laste van de gemeente een vergoeding van de telefoonkosten overeenkomstig het koninklijk besluit van 22 september 1977, houdende regeling van de vergoeding aan ambtenaren van kosten verbonden aan het gebruik van de privé-telefoonaansluiting voor dienstdoeleinden (*Stb.* 527). +**1.** De gemeente stelt aan de burgemeester voor de uitoefening van het ambt benodigde computer- en communicatieapparatuur ter beschikking. Het ter beschikking stellen van computerapparatuur kan geschieden door het bieden van een mogelijkheid tot deelname aan een voor het gemeentepersoneel geldende pc-privéregeling. -**2.** De gemeente stelt aan de burgemeester voor de uitoefening van het ambt benodigde computer- en communicatieapparatuur ter beschikking. Het ter beschikking stellen van computerapparatuur kan geschieden door het bieden van een mogelijkheid tot deelname aan een voor het gemeentepersoneel geldende pc-privéregeling. +**2.** Voorzover de burgemeester voor de uitoefening van het ambt gebruik maakt van de privé-telefoon heeft hij aanspraak op een vergoeding van kosten. -**3.** Onze Minister kan bij ministeriële regeling nadere regels stellen omtrent het ter beschikking stellen van de in het tweede lid bedoelde computer- en communicatieapparatuur. +**3.** + +Onze Minister kan bij ministeriële regeling nadere regels stellen over: + +a. het ter beschikking stellen van de in het eerste lid bedoelde computer- en communicatieapparatuur. +b. de hoogte van de vergoeding en de voorwaarden voor de aanspraak, bedoeld in het tweede lid. ### Paragraaf . Verplaatsingskosten @@ -372,60 +377,43 @@ Ten aanzien van de burgemeester aan wie ontslag is verleend op grond van ongesch **1.** -Een burgemeester heeft ten laste van de gemeente recht op een verhuiskostenvergoeding overeenkomstig het Verplaatsingskostenbesluit 1989 in verband met: +De burgemeester heeft ten laste van de gemeente aanspraak op een vergoeding van verhuiskosten bij verhuizing ingeval van: -a. zijn benoeming; -b. het verlaten van een ambtswoning in verband met: +a. benoeming in de gemeente, +b. vertrek uit de ambtswoning of vertrek uit de gemeente, binnen uiterlijk één jaar na eervol ontslag of niet-herbenoeming, indien de vertrekkende burgemeester geen aanspraak kan maken op enig andere verhuiskostenvergoeding. -1. zijn niet-herbenoeming; -2. een ontslag, waaraan recht op dadelijk ingaand pensioen dan wel een uitkering op grond van de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden wordt ontleend; -3. een eervol ontslag ter zake waarvan krachtens artikel 46 anders dan op grond van het bepaalde in het eerste lid, onder *d* recht op wachtgeld bestaat dan wel een uitkering is verleend. +**2.** Indien de burgemeester na benoeming nog niet over woonruimte in de gemeente beschikt, heeft hij ten laste van de gemeente aanspraak op een vergoeding van reis- en pensionkosten. -**2.** +**3.** De burgemeester heeft tevens aanspraak op een vergoeding van verhuiskosten ten laste van de gemeente ingeval van het na benoeming betrekken van tijdelijke huisvesting. -Indien het noodzakelijk blijkt dat de burgemeester eerst tijdelijke huisvesting betrekt, heeft de burgemeester in verband met zijn benoeming ten laste van de gemeente eveneens recht op een verhuiskostenvergoeding overeenkomstig het Verplaatsingskostenbesluit 1989 bestaande uit: - -a. een integrale vergoeding van alle transportkosten; -b. een bijdrage in alle andere direct uit de verhuizing voortvloeiende kosten, tot ten hoogste éénderde deel van het maximumbedrag, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van het Verplaatsingskostenbesluit 1989. - -**3.** De burgemeester aan wie als gevolg van een wijziging van de gemeentelijke indeling eervol ontslag wordt verleend wegens opheffing van de gemeente, heeft aanspraak op een verhuiskostenvergoeding volgens de normen van het Verplaatsingskostenbesluit 1989 ten laste van de nieuwgevormde gemeente, indien hij binnen een jaar verhuist dan wel gedurende dat jaar aannemelijk kan maken binnen een redelijke termijn naar elders te verhuizen. - -**4.** Onze Minister kan in bijzondere gevallen, de commissaris gehoord, bepalen dat de verhuiskostenvergoeding wordt toegekend bij het verlaten van een ambtswoning om andere dan in het eerste lid, onder *b*, genoemde redenen. - -**5.** Onze Minister kan in bijzondere gevallen, de commissaris gehoord, het bedrag voor de andere kosten, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel *c*, van het Verplaatsingskostenbesluit 1989, verhogen. Onze Minister stelt hiervoor nadere regels vast. +**4.** Onze Minister stelt bij ministeriële regeling nadere regels over hoogte van de vergoedingen en de voorwaarden voor de aanspraak. ### Artikel 32 **1.** -Aan een burgemeester wordt in verband met de benoeming tot burgemeester een tegemoetkoming verleend: +De burgemeester heeft ten laste van de gemeente aanspraak op: -a. van 90 procent in de pensionkosten, die de burgemeester voor zichzelf moet maken, indien en zolang in de gemeente waarin de burgemeester is benoemd geen passende woning beschikbaar is, tot ten hoogste 50 procent van de bezoldiging, alsmede een tegemoetkoming in de reiskosten voor gezinsbezoek; -b. in de kosten van het heen en weer reizen tussen de woonplaats en de gemeente waarin de burgemeester is benoemd, indien geen pensionkosten als onder *a* bedoeld, worden gemaakt. +a. een vergoeding van kosten voor woon-werkverkeer; +b. een vergoeding van reis- en verblijfkosten voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het ambt. -**2.** Het bedrag van de in het eerste lid bedoelde tegemoetkoming wordt vastgesteld door burgemeester en wethouders overeenkomstig de bepalingen van het Verplaatsingskostenbesluit 1989. - -**3.** Onze Minister kan in bijzondere gevallen, de commissaris gehoord, de tegemoetkoming, bedoeld in het eerste lid, onder *b*, verlenen, ook indien pensionkosten als bedoeld in dat lid, onder *a*, worden gemaakt. +**2.** Onze Minister stelt bij ministeriële regeling nadere regels over hoogte van de vergoedingen en de voorwaarden voor de aanspraak. ### Paragraaf . Reis- en verblijfkosten ### Artikel 33 -**1.** Indien de burgemeester ten behoeve van de dienst gebruik maakt van een eigen personenauto, ontvangt de burgemeester deswege een vergoeding per afgelegde kilometer, berekend overeenkomstig de bepalingen van het Reisbesluit binnenland. - -**2.** Indien de burgemeester voor plaatselijk vervoer binnen de gemeente, dat geen deel uitmaakt van een reis die zich mede buiten de gemeente uitstrekt, ten behoeve van de dienst gebruik maakt van een eigen personenauto, wordt aan de burgemeester deswege in afwijking van het eerste lid, ter dekking van de kosten van dit vervoer een vaste vergoeding toegekend. - -**3.** Indien de burgemeester ten behoeve van de dienst verblijfkosten heeft gemaakt, worden hem die kosten ten laste van de gemeente vergoed overeenkomstig de bepalingen van het Reisbesluit binnenland. - -**4.** Onze Minister stelt ter uitvoering van dit artikel nadere regels vast. +Vervallen ### Artikel 34 -Indien een kandidaat voor het ambt van burgemeester reis- en verblijfkosten heeft gemaakt in verband met een bezoek aan Onze Minister, aan de commissaris of aan de vertrouwenscommissie, worden hem die kosten ten laste van het Rijk vergoed overeenkomstig de bepalingen van het Reisbesluit binnenland. +**1.** Aan een kandidaat voor het ambt van burgemeester worden reis- en verblijfskosten vergoed die zijn gemaakt in verband met een bezoek aan Onze Minister, aan de commissaris of aan de vertrouwenscommissie. + +**2.** Onze Minister stelt bij ministeriële regeling nadere regels over hoogte van de vergoeding en de voorwaarden voor de aanspraak. ### Artikel 34a -**1.** Indien aan de burgemeester een dienstauto ter beschikking is gesteld, kan de raad bepalen dat de burgemeester een vergoeding ontvangt ter compensatie van de belastingheffing voor het gebruik van de dienstauto voor woon-werkverkeer op grond van de artikelen 3.20 en 3.145 Wet inkomstenbelasting 2001. +**1.** Indien aan de burgemeester een dienstauto ter beschikking is gesteld, ontvangt de burgemeester een vergoeding ter compensatie van de belastingheffing voor het gebruik van de dienstauto voor woon-werkverkeer op grond van de artikelen 3.20 en 3.145 Wet inkomstenbelasting 2001. **2.** @@ -435,9 +423,11 @@ C x V x T x 100 / (100 – T) = vergoeding In deze formule is: -- C de catalogusprijs van de dienstauto, met inbegrip van omzetbelasting en belasting van personenauto's en motorrijwielen; -- V het percentage van de cataloguswaarde van de dienstauto dat, op grond van artikel 3.20 van de Wet inkomstenbelasting 2001, bij het belastbaar inkomen geteld moet worden wegens als privé aangemerkte kilometers woon-werkverkeer; -- T het voor de burgemeester geldende inkomstenbelastingpercentage volgens artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001. +C de catalogusprijs van de dienstauto, met inbegrip van omzetbelasting en belasting van personenauto's en motorrijwielen; + +V het percentage van de cataloguswaarde van de dienstauto dat, op grond van artikel 3.20 van de Wet inkomstenbelasting 2001, bij het belastbaar inkomen geteld moet worden wegens als privé aangemerkte kilometers woon-werkverkeer; + +T het voor de burgemeester geldende inkomstenbelastingpercentage volgens artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001. **3.** Voor de bepaling van de vergoeding worden de met de dienstauto gemaakte reizen en de daarbij afgelegde kilometers geregistreerd. @@ -806,13 +796,11 @@ De uitspraak van de Advies- en Arbitragecommissie heeft bindende kracht. ### Artikel 66 -Voor de wethouder die ononderbroken reeds van vóór 1 januari 1992 het ambt van burgemeester waarneemt en de burgemeester die ononderbroken reeds van vóór 1 januari 1992 tevens elders waarneemt, is artikel 17, eerste, tweede en derde lid, niet van toepassing. Zij behouden de vergoeding die zij tot en met 31 december 1991 genoten. +Dit besluit wordt aangehaald als: Rechtspositiebesluit burgemeesters. ### Artikel 67 -**1.** De bezoldiging van de burgemeester van een gemeente die voor 1 januari 1981 was ingedeeld in de toen geldende klasse 30 001-40 000 inwoners, wordt bepaald overeenkomstig de bij dit besluit behorende bijlage III, met inachtneming van het bepaalde in of krachtens dit besluit. - -**2.** De in bijlage III genoemde bedragen worden door Onze Minister, het Georganiseerd Overleg burgemeesters gehoord, herzien overeenkomstig de wijzigingen die de bezoldiging van het personeel van de sector Rijk ondergaat, voor zover bij die wijziging is bepaald dat zij een algemeen karakter heeft. Het uit dien hoofde te berekenen bedrag wordt verkregen door toepassing van de alsdan voor het personeel in de sector Rijk geldende inpassingstabel. +Vervallen ### Artikel 68 @@ -824,18 +812,20 @@ Vervallen ### Artikel 70 -Het Rechtspositie- en bezoldigingsbesluit burgemeesters wordt ingetrokken. +Vervallen ### Artikel 71 -Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het *Staatsblad* waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 1994, met uitzondering van artikel 16, tweede en derde lid, dat terugwerkt tot en met 1 januari 1993 en artikel 16, vierde lid, artikel 28, derde en vierde lid, artikel 29, tweede en derde lid, artikel 31, derde lid, artikel 46, vierde lid, onder *c*, die terugwerken tot en met 1 juni 1993. +Vervallen ### Artikel 72 -Dit besluit wordt aangehaald als: Rechtspositiebesluit burgemeesters 1994. +Vervallen ## Bijlage A. Herkeuringsreglement (Beschikking van de Minister van Binnenlandse Zaken van 25 augustus 1959, nr. 592/2724) +Vervallen + ## Bijlage I ## Bijlage IIA