2013-09-22 | BWBR0014714 | Verordening welzijnsnormen vleeskuikenouderdieren 2003
This commit is contained in:
parent
aa695a9ae7
commit
823fa6e2d3
1 changed files with 6 additions and 22 deletions
|
|
@ -47,7 +47,7 @@ f. eventuele calamiteiten.
|
|||
|
||||
De huisvesting van vleeskuikenouderdieren dient tenminste te voldoen aan de volgende voorwaarden:
|
||||
|
||||
a. per vleeskuikenouderdier is een vloeroppervlakte van tenminste 1300 cm^2 beschikbaar;
|
||||
a. met uitzondering van minivleeskuikenouderdieren, is per vleeskuikenouderdier een vloeroppervlakte van tenminste 1300 cm^2 beschikbaar; per minivleeskuikenouderdier is een vloeroppervlakte van tenminste 1200 cm^2 beschikbaar;
|
||||
b. tenminste 300 cm^2 van de onder a. bedoelde vloeroppervlakte is bedekt met strooisel;
|
||||
c. in de stal zijn horizontaal aangebrachte houten of kunststoffen zitstokken of latten beschikbaar die een lengte hebben van tenminste 7 cm per vleeskuikenouderdier; de zitstokken of latten hebben zowel naar boven als naar beneden een vrije ruimte die naar boven tenminste 35 cm en naar beneden tenminste 10 cm bedraagt;
|
||||
d. het vloeroppervlak is dicht of wordt gevormd door roosters die gemaakt zijn van hout of kunststof. Het gebruik van draadroosters is verboden;
|
||||
|
|
@ -66,7 +66,9 @@ De lengte van de voor de vleeskuikenouderdieren toegankelijke kant of kanten van
|
|||
|
||||
### Artikel 5a
|
||||
|
||||
Vleeskuikenouderdieren en opfokvleeskuikenouderdieren worden dagelijks voorzien van voldoende voer en water van goede kwaliteit.
|
||||
**1.** Vleeskuikenouderdieren en opfokvleeskuikenouderdieren worden dagelijks voorzien van voldoende voer en water van goede kwaliteit.
|
||||
|
||||
**2.** Onverminderd het eerste lid, hebben minivleeskuikenouderdieren permanent de beschikking over ruwvoer. Onder ruwvoer wordt verstaan: luzerne, snijmaissillage of daarmee vergelijkbaar voer.
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Nadere regels
|
||||
|
||||
|
|
@ -125,29 +127,11 @@ Op overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening worden tuchtre
|
|||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
**1.** Artikel 4, aanhef en onderdeel a., alsmede onderdeel e. voor zover dit betrekking heeft op de minimaal vereiste hoogte, is niet van toepassing voor vleeskuikenouderdieren die vóór 1 juni 2008 worden geboren.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel 4, aanhef en onderdeel b. is niet van toepassing voor een periode van tien jaar na inwerkingtreding van deze verordening, voor zover het een huisvestingssysteem betreft waarvan de gebruiker kan aantonen dat deze op het moment van inwerkingtreding van deze verordening reeds in gebruik was en nadien niet zijn verbouwd of herbouwd.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 4, aanhef en onderdeel c. is niet van toepassing voor vleeskuikenouderdieren die vóór 1 augustus 2003 worden geboren.
|
||||
|
||||
**4.** Artikel 4, aanhef onderdeel d. en onderdeel e. voor zover dit betrekking heeft op de eisen ten aanzien van het vloeroppervlak, is niet van toepassing voor een periode van drie jaar na inwerkingtreding van deze verordening, voor zover het een huisvestingssysteem betreft waarvan de gebruiker kan aantonen dat deze op het moment van inwerkingtreding van deze verordening reeds in gebruik was en nadien niet zijn verbouwd of herbouwd.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 10a
|
||||
|
||||
**1.** Op verzoek van de pluimveehouder kan door de voorzitter ontheffing worden verleend van het bepaalde in artikel 4, aanhef en onderdeel a., alsmede onderdeel e. voor zover dit betrekking heeft op de minimaal vereiste hoogte en voor zover het een huisvestingssysteem betreft waarvan de gebruiker kan aantonen dat deze op het moment van inwerkingtreding van deze verordening reeds in gebruik was en nadien niet is verbouwd of herbouwd.
|
||||
|
||||
**2.** De ontheffing is geldig uiterlijk tot 1 januari 2010.
|
||||
|
||||
**3.** De pluimveehouder die aantoont dat de vergunning, zoals vereist op de voet van de Wet ammoniak en veehouderij, vanwege de vereiste huisvestingsaanpassingen niet langer voldoet en een uitbreiding van de vergunde ammoniakemissie niet wordt verkregen, kan op de voet van het eerste lid een ontheffing worden verleend die, in zoverre in afwijking van het tweede lid, geldig is uiterlijk tot 1 juni 2013.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
De ontheffing wordt verleend onder voorwaarde dat het einde van de periode,
|
||||
|
||||
genoemd in artikel 10, tweede lid, wordt gelijkgesteld aan het moment waarop voldaan is aan artikel 4, aanhef en onderdeel a., alsmede onderdeel e. voor zover dit betrekking heeft op de minimaal vereiste hoogte.
|
||||
|
||||
**5.** Aan een ontheffing kunnen voorts nadere voorschriften of voorwaarden worden verbonden. Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend. De ontheffing kan te allen tijde worden ingetrokken.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Slotbepaling
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue