diff --git a/amvb/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar/BWBR0007013/README.md b/amvb/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar/BWBR0007013/README.md index bc06445bd6b..90b9a5202bc 100644 --- a/amvb/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar/BWBR0007013/README.md +++ b/amvb/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar/BWBR0007013/README.md @@ -46,8 +46,8 @@ b. indien de buitengewoon opsporingsambtenaar bevoegd is zijn taak in één poli In dit besluit wordt verstaan onder: -a. toezichthouder: het lid van het openbaar ministerie, dat op grond van artikel 36 onderscheidenlijk artikel 37 als toezichthouder is aangewezen; -b. direct toezichthouder: degene, die op grond van artikel 36 onderscheidenlijk artikel 37 als direct toezichthouder is aangewezen. +a. toezichthouder: de hoofdofficier van justitie, bedoeld in artikel 36, tweede lid; +b. direct toezichthouder: degene, die op grond van artikel 36, derde lid, als direct toezichthouder is aangewezen. De (direct) toezichthouder is geen toezichthouder bedoeld in artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht. @@ -86,15 +86,15 @@ b. een aanduiding van het grondgebied waarvoor de opsporingsbevoegdheid moet gel ### Artikel 6 -**1.** Een aanvraag tot verlenging of wijziging van een akte van opsporingsbevoegdheid, de aanwijzing en de aanvullende opsporingsbevoegdheid wordt uiterlijk 4 maanden voor het verlopen van de geldigheidsduur ingediend. +**1.** Een aanvraag tot verlenging of wijziging van een akte van opsporingsbevoegdheid, de aanwijzing en de aanvullende opsporingsbevoegdheid wordt uiterlijk drie maanden voor het verlopen van de geldigheidsduur ingediend. -**2.** Onze Minister verlengt of wijzigt de akte van opsporingsbevoegdheid, de aanwijzing en de aanvullende opsporingsbevoegdheid. +**2.** Onze Minister kan de akte van opsporingsbevoegdheid, de aanwijzing en de aanvullende opsporingsbevoegdheid ambtshalve wijzigen of vervangen. -**3.** Indien Onze Minister bij beschikking de aanwijzing of de aanvullende opsporingsbevoegdheid heeft gewijzigd, worden de akten van beëdiging van de betrokken buitengewoon opsporingsambtenaren zo spoedig mogelijk aangepast. Tot het tijdstip waarop de aanpassing heeft plaatsgevonden, wordt de akte van beëdiging geacht te zijn gebaseerd op de nieuwe beschikking. +**3.** Indien Onze Minister bij beschikking de akte van opsporingsbevoegdheid, de aanwijzing of de aanvullende opsporingsbevoegdheid verlengt, wijzigt of vervangt, past hij de akten van beëdiging van de betrokken buitengewoon opsporingsambtenaren zo spoedig mogelijk aan. Tot het tijdstip waarop de aanpassing heeft plaatsgevonden, wordt de akte van beëdiging geacht te zijn gebaseerd op de nieuwe beschikking. ### Artikel 7 -Op elke aanvraag ingevolge dit hoofdstuk wordt zo spoedig mogelijk, in elk geval binnen 4 maanden na ontvangst van de aanvraag, beslist. +Op elke aanvraag ingevolge dit hoofdstuk wordt zo spoedig mogelijk, in elk geval binnen drie maanden na ontvangst van de aanvraag, beslist. ### Artikel 8 @@ -129,7 +129,7 @@ Onze Minister verleent de akte van opsporingsbevoegdheid, waarin staan vermeld h **2.** Onze Minister beslist op de aanvraag en doet een afschrift van zijn beschikking toekomen aan de direct toezichthouder. -**3.** Onze Minister kan een ontheffing als bedoeld in artikel 16, tweede lid, verlenen indien de te benoemen personen over voldoende bekwaamheid beschikt. +**3.** Onze Minister kan een ontheffing als bedoeld in artikel 16, derde lid, verlenen indien de te benoemen persoon over voldoende bekwaamheid beschikt. **4.** Bij het verlenen van de akte van opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, kan de aanwijzing van de toezichthouder en de direct toezichthouder achterwege blijven. In dat geval is het gestelde in hoofdstuk 6, met uitzondering van artikel 35 niet van toepassing op de desbetreffende buitengewoon opsporingsambtenaar. @@ -169,7 +169,7 @@ b. een opgave van het hoogste aantal personen dat in die functies moet kunnen wo ### Artikel 15 -Indien Onze Minister ingevolge artikel 14 heeft beslist tot aanvulling van de opsporingsbevoegdheid, past hij tevens zo spoedig mogelijk de akten van beëdiging van de betrokken buitengewoon opsporingsambtenaren aan. +Vervallen ## Hoofdstuk 3. De bekwaamheid en de betrouwbaarheid @@ -177,9 +177,9 @@ Indien Onze Minister ingevolge artikel 14 heeft beslist tot aanvulling van de op **1.** Een persoon beschikt over de bekwaamheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden, indien hij de daarvoor vastgestelde basiskennis en vaardigheden bezit. De bekwaamheid blijkt uit het met goed gevolg hebben afgelegd van een examen waarmee Onze Minister heeft ingestemd. -**2.** Onze Minister kan ten aanzien van categorieën buitengewoon opsporingsambtenaren aanvullende bekwaamheidseisen stellen, waaraan een persoon dient te voldoen alvorens hij de akte van opsporingsbevoegdheid verkrijgt. Het voldoen aan de aanvullende bekwaamheidseisen blijkt uit het met goed gevolg hebben afgelegd van een examen waarmee Onze Minister heeft ingestemd. +**2.** Onze Minister kan ten aanzien van categorieën buitengewoon opsporingsambtenaren aanvullende bekwaamheidseisen stellen. Onze Minister bepaalt daarbij of het voldoen aan die eisen blijkt uit het met goed gevolg hebben afgelegd van een examen waarmee hij heeft ingestemd of uit het met goed gevolg hebben doorlopen van een opleidingsprogramma waarmee hij heeft ingestemd. Het opleidingsprogramma kan worden doorlopen na de beëdiging. -**3.** Van het met goed gevolg afleggen van de in het eerste en tweede lid genoemde examens kan ontheffing worden verleend, indien de bekwaamheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden op andere wijze blijkt. Bij het verlenen van een ontheffing kunnen aanwijzingen en voorschriften worden gegeven met het oog op het waarborgen van een adequaat niveau van bekwaamheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. +**3.** Van het met goed gevolg afleggen van de in het eerste en tweede lid bedoelde examens en van het met goed gevolg hebben doorlopen van het in het tweede lid bedoelde programma kan ontheffing worden verleend, indien de bekwaamheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden op andere wijze blijkt. Bij het verlenen van een ontheffing kunnen aanwijzingen en voorschriften worden gegeven met het oog op het waarborgen van een adequaat niveau van bekwaamheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. ### Artikel 17 @@ -293,7 +293,7 @@ De buitengewoon opsporingsambtenaar volgt bij de opsporing de door of namens het ### Artikel 31 -**1.** De buitengewoon opsporingsambtenaar zorgt ervoor dat hij blijft beschikken over de bekwaamheid en de betrouwbaarheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. Hij werkt mee aan de regelmatige toetsing van de bekwaamheid. +**1.** De buitengewoon opsporingsambtenaar zorgt ervoor dat hij blijft beschikken over de bekwaamheid en de betrouwbaarheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. Hij werkt mee aan de regelmatige toetsing van de bekwaamheid en volgt in door Onze Minister te bepalen gevallen een bijscholingsprogramma waarmee deze heeft ingestemd. **2.** De buitengewoon opsporingsambtenaar woont de door de direct toezichthouder aangewezen bijeenkomsten bij, waarin onderricht wordt gegeven in zaken welke verband houden met de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. @@ -307,9 +307,9 @@ De buitengewoon opsporingsambtenaar volgt bij de opsporing de door of namens het **1.** Onze Minister is belast met het toezicht op de buitengewoon opsporingsambtenaar voor wat betreft diens titel van opsporingsbevoegdheid en diens bekwaamheid en betrouwbaarheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden. -**2.** Iedere vijf jaar dan wel op het daartoe op de akte van beëdiging vermelde tijdstip, stelt Onze Minister vast of de titel van opsporingsbevoegdheid en de bekwaamheid en de betrouwbaarheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden nog aanwezig zijn, alsmede of het dienstverband of de functie van de buitengewoon opsporingsambtenaar ongewijzigd is gebleven en het opsporen van strafbare feiten nog steeds onderdeel uitmaakt van diens functie. +**2.** Ten minste iedere vijf jaar dan wel ten minste op het daartoe op de akte van beëdiging vermelde tijdstip, stelt Onze Minister vast of de titel van opsporingsbevoegdheid en de bekwaamheid en de betrouwbaarheid voor de uitoefening van opsporingsbevoegdheden nog aanwezig zijn, alsmede of het dienstverband of de functie van de buitengewoon opsporingsambtenaar ongewijzigd is gebleven en het opsporen van strafbare feiten nog steeds onderdeel uitmaakt van diens functie. Onze Minister kan daartoe inlichtingen vragen aan het College van procureurs-generaal en andere betrokkenen. -**3.** Onze Minister kan daartoe inlichtingen vragen aan het College van procureurs-generaal en andere betrokkenen. +**3.** Onze Minister bepaalt of het nog aanwezig zijn van de bekwaamheid blijkt uit het met goed gevolg hebben afgelegd van het in artikel 16, eerste en tweede lid, bedoelde examen of uit het met goed gevolg hebben doorlopen van het in artikel 16, tweede lid, of artikel 31, eerste lid, bedoelde programma. Artikel 16, derde lid, is van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 33 @@ -349,17 +349,21 @@ d. indien de buitengewoon opsporingsambtenaar heeft gehandeld in strijd met enig ### Artikel 36 -**1.** De aanwijzing van de toezichthouder en de direct toezichthouder vindt plaats ter gelegenheid van de verlening van een titel van opsporingsbevoegdheid of de beëdiging. +**1.** Bij de verlening van een titel van opsporingsbevoegdheid of bij de beëdiging wijst Onze Minister een toezichthouder en een direct toezichthouder aan. -**2.** Indien het grondgebied, bedoeld in artikel 5, onder *b*, is gelegen binnen de grenzen van een politieregio, is de hoofdofficier van justitie, bedoeld in artikel 1, tweede lid, van de Politiewet 1993, de toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar. De korpschef, bedoeld in artikel 24 van de Politiewet 1993, is in dat geval de direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar. +**2.** Als toezichthouder wordt een hoofdofficier van justitie aangewezen. -**3.** Indien het grondgebied waarvoor de opsporingsbevoegdheid geldt, is gelegen in meer dan één politieregio, wijst Onze Minister, na advies te hebben ingewonnen van het College van procureurs-generaal, een hoofdofficier van justitie als toezichthouder en een korpschef als direct toezichthouder aan. +**3.** + +Als direct toezichthouder wordt aangewezen: + +a. indien het grondgebied, bedoeld in artikel 5, onder b, is gelegen binnen de grenzen van een politieregio: de korpschef, bedoeld in artikel 24 van de Politiewet 1993; +b. indien het grondgebied, bedoeld in artikel 5, onder b, is gelegen in meer dan één politieregio: een korpschef, of het hoofd van een onder de centrale overheid ressorterende landelijke dienst; +c. indien de buitengewoon opsporingsambtenaar werkzaam is bij de krijgsmacht: de commandant van de Koninklijke marechaussee, bedoeld in artikel 6, derde lid, van de Politiewet 1993. ### Artikel 37 -**1.** Indien de buitengewoon opsporingsambtenaar bevoegd is in het gehele land op te sporen dan wel zijn titel van opsporingsbevoegdheid ontleent aan een beschikking als bedoeld in de artikelen 11 en 13, wijst Onze Minister een lid van het openbaar ministerie als toezichthouder aan. Onze Minister kan de korpschef van een regionaal politiekorps of de korpschef van het Korps landelijke politiediensten als direct toezichthouder aanwijzen. - -**2.** Indien de buitengewoon opsporingsambtenaar werkzaam is bij de krijgsmacht dan wel bij de Belastingdienst, wordt de commandant van de Koninklijke marechaussee, bedoeld in artikel 6, derde lid, van de Politiewet 1993 respectievelijk het bestuur van 's Rijks belastingen, bedoeld in artikel 80 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 203 van de Wet inzake de douane, als direct toezichthouder aangewezen. +Vervallen ### Artikel 38 @@ -369,7 +373,7 @@ De toezichthouder ziet er op toe dat de buitengewoon opsporingsambtenaar zijn ta **1.** De direct toezichthouder ziet toe dat de buitengewoon opsporingsambtenaar het gestelde in hoofdstuk 5 naleeft. Hij oefent tevens het dagelijks toezicht uit op de juiste uitoefening van bevoegdheden en een goede samenwerking met de politie. -**2.** De direct toezichthouder ziet toe dat de werkgever zorg draagt voor het onderricht aan de buitengewoon opsporingsambtenaar, tenzij in de voorschriften, bedoeld in artikel 16, tweede lid, een ander persoon daarvoor is aangewezen. +**2.** De direct toezichthouder ziet toe dat de werkgever zorg draagt voor het onderricht aan de buitengewoon opsporingsambtenaar, tenzij in de voorschriften, bedoeld in artikel 16, derde lid, een ander persoon daarvoor is aangewezen. **3.** De direct toezichthouder verstrekt de toezichthouder de gewenste inlichtingen en doet ook ongevraagd mededeling van hetgeen voor het uitoefenen van het toezicht van belang kan zijn. @@ -387,7 +391,9 @@ De toezichthouder ziet er op toe dat de buitengewoon opsporingsambtenaar zijn ta **1.** De werkgever verschaft de toezichthouder en de direct toezichthouder alle door hen gewenste informatie met betrekking tot de in zijn dienst werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren. -**2.** Onze Minister kan bepalen dat de werkgever, aan wie hij ingevolge artikel 142, eerste lid, onder *b*, en derde lid, van het Wetboek van Strafvordering een categoriale beschikking heeft verleend, een jaarverslag dan wel op andere door hem te bepalen wijze informatie aan hem doet toekomen. +**2.** Onze Minister kan bepalen dat de werkgever, aan wie hij ingevolge artikel 142, eerste lid, onder b, en derde lid, van het Wetboek van Strafvordering een categoriale beschikking heeft verleend, een jaarverslag dan wel op andere door hem te bepalen wijze informatie aan hem doet toekomen. + +**3.** Onze Minister kan eisen stellen aan het door de werkgever of een categorie van werkgevers te gebruiken systeem voor het registreren en verstrekken van de in het eerste lid bedoelde informatie en van operationele informatie die wordt verkregen in het kader van de taakuitvoering van de buitengewoon opsporingsambtenaar. ### Artikel 42