2022-04-05 | BWBR0003245 | Wet milieubeheer

This commit is contained in:
Coornhert 2022-04-05 12:00:00 +00:00
parent 08729b2e55
commit 850bf5340a

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Wet milieubeheer
bwb_id: BWBR0003245
type: wet
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2021-01-01'
datum_inwerkingtreding: '2022-03-16'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0003245
citeertitel: Wet milieubeheer
---
@ -368,14 +368,14 @@ Er is een Nederlandse emissieautoriteit, gevestigd te 's-Gravenhage.
### Artikel 2.2
**1.** De emissieautoriteit heeft de in de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel, de Verordening verificatie en accreditatie emissiehandel en de in de hoofdstukken 16, 16b en 18 en de titels 9.7 en 9.8 opgedragen taken.
**1.** De emissieautoriteit heeft de in de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel, de Verordening verificatie en accreditatie emissiehandel en de in de hoofdstukken 16, 16a, 16b en 18 en de titels 9.7 en 9.8 opgedragen taken.
**2.**
De emissieautoriteit heeft voorts tot taak:
a. het bijhouden van gegevens en het opstellen van rapportages met betrekking tot de naleving door Nederland van een voor Nederland verbindend verdrag of een voor Nederland verbindend besluit van een volkenrechtelijke organisatie, dat de beperking van de emissies van broeikasgassen in de lucht tot doel heeft;
b. het verzamelen van gegevens over technieken ter bepaling van de emissies van broeikasgassen waarop, titel 16.2 en hoofdstuk 16b van toepassing is;
b. het verzamelen van gegevens over technieken ter bepaling van de emissies van broeikasgassen waarop, titel 16.2 en hoofdstuk 16a en hoofdstuk 16b van toepassing is;
c. het verzamelen van andere gegevens die met het oog op de uitoefening van haar taken van belang zijn;
d. het rapporteren aan Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat en aan andere bij algemene maatregel van bestuur aangewezen instanties over de ontwikkeling van de onder a bedoelde emissies in Nederland alsmede over de overige aspecten van duurzaamheid van in Nederland te gebruiken brandstoffen en elektriciteit ten behoeve van vervoer;
e. de uitvoering van gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen die de Europese Commissie op grond van artikel 10bis, eerste en eenentwintigste lid, onderscheidenlijk artikel 28 quater van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten heeft vastgesteld.
@ -7074,6 +7074,117 @@ Vervallen
Vervallen
## Hoofdstuk 16a. De emissie van broeikasgas bij elektriciteitsopwekking
### Artikel 16a.1
**1.**
In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- *elektriciteitsemissieverslag:* verslag betreffende de emissies in een kalenderjaar als gevolg van elektriciteitsopwekking;
- *elektriciteitsmonitoringsplan:* plan betreffende de bepaling en registratie van de emissies als gevolg van elektriciteitsopwekking;
- *elektriciteitsjaarvracht:* het aantal ton kooldioxide-equivalent dat in de lucht is veroorzaakt als gevolg van het opwekken van elektriciteit in de betreffende broeikasgasinstallatie in het betreffende kalenderjaar, waarbij een gedeelte van een ton rekenkundig wordt afgerond op een hele ton;
- *noodstroomaggregaat:t* echnische eenheid die uitsluitend wordt gebruikt om elektriciteit op te wekken indien de gebruikelijke primaire elektriciteitsvoorziening uitvalt en niet meer dan 50 uren per jaar in werking is;
- *Restgassen:* afgas als bedoeld in artikel 2, elfde lid, van de Verordening kosteloze toewijzing van emissierechten;
- *warmtekrachtkoppeling:* gelijktijdige opwekking in een proces van thermische energie en elektrische of mechanische energie.
**2.** Artikel 16.1, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 16a.2
**1.** Dit hoofdstuk is van toepassing op broeikasgasinstallaties als bedoeld in de artikelen 16.2, eerste lid, en 16.3, waarin door brandstofverbruik of grondstofgebruik elektriciteit wordt opgewekt, met uitzondering van broeikasgasinstallaties waarin uitsluitend elektriciteit wordt opgewekt door middel van een noodstroomaggregaat.
**2.** Artikel 16.2, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 16a.3
**1.** De exploitant van een broeikasgasinstallatie, monitort de emissie van broeikasgas als gevolg van de opwekking van elektriciteit op basis van een elektriciteitsmonitoringsplan, tenzij het tarief, bedoeld in artikel 71f, eerste lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag, nihil is.
**2.** Het elektriciteitsmonitoringsplan of een wijziging daarvan behoeft goedkeuring van het bestuur van de emissieautoriteit.
**3.**
De artikelen 16.6, eerste en derde lid, 16.7, 16.9, 16.11, 16.12, 16.18 en 16.19, eerste lid zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat telkens:
a. voor «vergunning» wordt gelezen «goedkeuring van een elektriciteitsmonitoringsplan»;
b. voor «vergunninghouder» wordt gelezen «de exploitant van een broeikasgasinstallatie»;
c. voor «monitoringsplan» wordt gelezen «elektriciteitsmonitoringsplan»;
d. voor «emissieverslag» wordt gelezen «elektriciteitsemissieverslag»;
e. voor «Verordening monitoring en rapportage emissiehandel» wordt gelezen «de regels gesteld bij of krachtens hoofdstuk 16a».
**4.**
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot:
a. het melden van een wijziging of een tijdelijke afwijking van het elektriciteitsmonitoringsplan aan het bestuur van de emissieautoriteit;
b. het goedkeuren van een wijziging van het elektriciteitsmonitoringsplan.
### Artikel 16a.4
Het bestuur van de emissieautoriteit weigert de goedkeuring van een elektriciteitsmonitoringsplan indien het elektriciteitsmonitoringsplan niet voldoet aan de eisen die daaraan gesteld zijn bij of krachtens dit hoofdstuk of het bestuur van de emissieautoriteit van oordeel is dat onvoldoende is gewaarborgd dat de aanvrager in staat is het elektriciteitsmonitoringsplan naar behoren uit te voeren.
### Artikel 16a.5
**1.**
De exploitant van een broeikasgasinstallatie wijzigt het elektriciteitsmonitoringsplan zo spoedig mogelijk, indien:
a. de regels gesteld bij of krachtens hoofdstuk 16a daartoe aanleiding geven;
b. het bestuur van de emissieautoriteit daarom verzoekt.
**2.** De exploitant van een broeikasgasinstallatie legt op verzoek van het bestuur van de emissieautoriteit de meest actuele versie van het elektriciteitsmonitoringsplan over.
### Artikel 16a.6
**1.** De exploitant van een broeikasgasinstallatie dient elk jaar een elektriciteitsemissieverslag in bij de emissieautoriteit gelijktijdig met het emissieverslag, bedoeld in artikel 16.1, derde lid, tenzij het tarief, bedoeld in artikel 71f, eerste lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag, nihil is.
**2.** Het elektriciteitsemissieverslag bevat de elektriciteitsjaarvracht.
### Artikel 16a.7
**1.** Het bestuur van de emissieautoriteit kan uiterlijk op 30 september van het kalenderjaar waarin het elektriciteitsemissieverslag moet worden ingediend, vaststellen dat dit verslag niet voldoet aan de eisen die daaraan bij of krachtens dit hoofdstuk zijn gesteld. Het bestuur van de emissieautoriteit kan de beslissing voor ten hoogste drie maanden verdagen. Van de verdaging wordt voor het in de eerste volzin genoemde tijdstip schriftelijk mededeling gedaan aan degene die het elektriciteitsemissieverslag heeft ingediend. De mededeling omvat de reden voor de verdaging.
**2.**
Het bestuur van de emissieautoriteit kan na het tijdstip, genoemd in het eerste lid, onderscheidenlijk, indien toepassing is gegeven aan de tweede volzin van dat lid, na het tijdstip dat met toepassing van die volzin is vastgesteld alsnog vaststellen dat het elektriciteitsemissieverslag niet voldoet aan de eisen die daaraan bij of krachtens dit hoofdstuk zijn gesteld, indien:
a. degene bij het bestuur van de emissieautoriteit een elektriciteitsemissieverslag heeft ingediend, in dat verslag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en verstrekking van juiste of volledige gegevens zou hebben geleid tot de vaststelling van een andere elektriciteitsjaarvracht;
b. het betrokken elektriciteitsemissieverslag anderszins onjuist was en de betrokken persoon dit wist of behoorde te weten.
**3.** De bevoegdheid, bedoeld in het tweede lid, vervalt tien jaren na afloop van het kalenderjaar, bedoeld in het eerste lid.
### Artikel 16a.8
**1.** Bij de opwekking van elektriciteit zonder een warmtekrachtkoppeling, bepaalt en registreert de exploitant van een broeikasgasinstallatie zijn elektriciteitsjaarvracht op basis van het brandstofverbruik en het grondstofverbruik overeenkomstig het goedgekeurde elektriciteitsmonitoringsplan.
**2.** Bij de opwekking van elektriciteit met een warmtekrachtkoppeling, bepaalt en registreert de exploitant van een broeikasgasinstallatie zijn elektriciteitsjaarvracht op basis van het brandstofverbruik, de elektriciteitsopwekking en de warmteopwekking overeenkomstig het goedgekeurde elektriciteitsmonitoringsplan.
**3.**
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels gesteld worden met betrekking tot:
a. de bepaling en registratie van de elektriciteitsjaarvracht, bedoeld in het eerste en tweede lid;
b. de bepaling en registratie van de elektriciteitsjaarvracht bij de opwekking van elektriciteit door middel van restgassen.
**4.**
Het bestuur van de emissieautoriteit kan de elektriciteitsjaarvracht van een inrichting op basis van een conservatieve schatting ambtshalve vaststellen indien:
a. het elektriciteitsemissieverslag niet of niet tijdig bij de emissieautoriteit is ingediend;
b. het bestuur van de emissieautoriteit ingevolge artikel 16a.7, eerste of tweede lid, heeft verklaard dat het elektriciteitsemissieverslag niet voldoet aan de eisen die daaraan bij of krachtens dit hoofdstuk zijn gesteld.
### Artikel 16a.9
**1.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot broeikasgasinstallaties als bedoeld in artikel 16a.2, eerste lid, regels worden gesteld die nodig zijn in het belang van de goede werking van het monitoren van emissie als gevolg van elektriciteitsopwekking. Bij onderscheidenlijk krachtens de maatregel kan worden bepaald dat bij onderscheidenlijk krachtens de maatregel gestelde regels slechts gelden in daarbij aangegeven categorieën van gevallen.
**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de verificatie van het elektriciteitsemissieverslag.
## Hoofdstuk 16b. Emissie van broeikasgas door de industrie
### Titel 16b.1. Algemeen
@ -7879,7 +7990,7 @@ Bij het uitoefenen van de taak, bedoeld in de artikelen 18.2 tot en met 18.2d, w
### Artikel 18.2f
**1.** De emissieautoriteit draagt zorg voor de handhaving van de bij of krachtens hoofdstukken 16 en 16b gestelde verplichtingen.
**1.** De emissieautoriteit draagt zorg voor de handhaving van de bij of krachtens hoofdstukken 16 en 16a en 16b gestelde verplichtingen.
**2.** Onverminderd artikel 18.2b, eerste lid, draagt de emissieautoriteit zorg voor de bestuursrechtelijke handhaving van het bepaalde bij of krachtens artikel 9.2.2.6a en titels 9.7 en 9.8.
@ -7965,6 +8076,8 @@ Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 2, 3, 4 en 5 van de Veror
**1.** In geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens artikel 16.5, artikel 16.6artikel 16.12, artikel 16.12 in verbinding met artikel 16.39h, artikel 16.13, artikel 16.13 in verbinding met artikel 16.39h, artikel 16.13a, artikel 16.14, artikel 16.19, artikel 16.20c, tweede lid, artikel 16.21, artikel 16.21 in verbinding met artikel 16.39h, 16.29, de onderdelen b en c, artikel 16.34, of van de 18.5, 18.5a, 18.5b, 18.5c en 18.6 of van artikel 18.18, voorzover het een voorschrift betreft dat is verbonden aan een vergunning krachtens hoofdstuk 16, of van artikel 56, eerste lid, van de Verordening EU-register handel in emissierechten, kan het bestuur van de emissieautoriteit een last onder dwangsom opleggen.
**2.** In geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens artikel 16a.3, eerste of tweede lid, dan wel het derde lid in verbinding met de artikelen 16.6, eerste en derde lid, 16.12, of 16.19, of de artikelen 16a.5, 16a.6 of 16a.9, kan het bestuur van de emissieautoriteit een last onder dwangsom opleggen.
**2.** In geval van het niet tijdig terug leveren van teruggevorderde emissierechten als bedoeld in artikel 16.35c, eerste lid, eerste volzin, kan het bestuur van de emissieautoriteit een last onder dwangsom opleggen.
**3.** In geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 16b.3, 16b.5, tweede lid, 16b.7, 16b.8, 16b.10, 16b.17, eerste en tweede lid, 16b.19, 16b.20, 16b.22 of artikel 16b.23 kan het bestuur van de emissieautoriteit een last onder dwangsom opleggen.
@ -8043,7 +8156,9 @@ Vervallen
### Artikel 18.16b
Vervallen
**1.** In geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens artikel 16a.3, eerste of tweede lid, dan wel het derde lid in verbinding met de artikelen 16.6, eerste en derde lid, 16.12, of 16.19, of de artikelen 16a.5, 16a.6, 16a.8, eerste en tweede lid, of 16a.9, kan het bestuur van de emissieautoriteit de overtreder een bestuurlijke boete opleggen.
**2.** In geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens artikel 16a.9, voor zover het een voorschrift betreft dat is verbonden aan de goedkeuring van een elektriciteitsmonitoringsplan krachtens hoofdstuk 16a, kan het bestuur van de emissieautoriteit de overtreder een bestuurlijke boete en een last onder dwangsom tezamen opleggen.
### Artikel 18.16c
@ -8055,7 +8170,7 @@ Indien de gedraging tevens een strafbaar feit is en de ernst van de overtreding
### Artikel 18.16e
**1.** Een bestuurlijke boete als bedoeld in de artikelen 18.16a, eerste lid en 18.16c, eerste lid, bedraagt ten hoogste € 450 000 per overtreding of, indien de omzet van de betrokken onderneming in het boekjaar voorafgaand aan het jaar waarin de beschikking tot oplegging van de bestuurlijke boete is gegeven, meer dan € 4 500 000 bedraagt, ten hoogste 10% van die omzet.
**1.** Een bestuurlijke boete als bedoeld in de de artikelen 18.16a, eerste lid, en 18.16b, eerste lid en 18.16c, eerste lid, bedraagt ten hoogste € 450 000 per overtreding of, indien de omzet van de betrokken onderneming in het boekjaar voorafgaand aan het jaar waarin de beschikking tot oplegging van de bestuurlijke boete is gegeven, meer dan € 4 500 000 bedraagt, ten hoogste 10% van die omzet.
**2.** In geval van overtreding van het bepaalde bij artikel 16.37, eerste lid, of artikel 16.39t, eerste lid, bedraagt een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 18.16a, tweede lid, het in artikel 16, derde lid, van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten genoemde bedrag per ton emissie van een kooldioxide-equivalent, die meer is veroorzaakt dan overeenkomt met het aantal broeikasgasemissierechten, emissiereductie-eenheden of gecertificeerde emissiereducties dat overeenkomstig artikel 16.37, eerste lid, onderscheidenlijk artikel 16.39t, eerste lid, is ingeleverd. Artikel 5:46, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
@ -8071,7 +8186,7 @@ Vervallen
### Artikel 18.16g
**1.** Artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing bij overtreding van het bepaalde bij of krachtens de in de artikelen 18.16a, eerste en tweede lid, eerste volzin en 18.16c, eerste lid, genoemde artikelen.
**1.** Artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing bij overtreding van het bepaalde bij of krachtens de in de de artikelen 18.16a, eerste en tweede lid, eerste volzin en 18.16b, eerste lid en 18.16c, eerste lid, genoemde artikelen.
**2.** In geval van overtreding van het bepaalde bij artikel 16.37, eerste lid, of artikel 16.39t, eerste lid, vermeldt het rapport, bedoeld in artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, naast de in het tweede lid van dat artikel bedoelde gegevens, tevens het voornemen de naam van de overtreder op te nemen in het overzicht, bedoeld in artikel 18.16p, eerste lid.
@ -8095,7 +8210,7 @@ In geval van overtreding van het bepaalde bij artikel 16.37, eerste lid, of arti
### Artikel 18.16l
In afwijking van artikel 5:45, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht vervalt de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete op grond van de artikelen 18.16a, eerste en tweede lid en 18.16c, eerste lid, tien jaren nadat de overtreding heeft plaatsgevonden.
In afwijking van artikel 5:45, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht vervalt de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete op grond van de de artikelen 18.16a, eerste en tweede lid, en 18.16b, eerste lid en 18.16c, eerste lid, tien jaren nadat de overtreding heeft plaatsgevonden.
### Artikel 18.16m
@ -8233,13 +8348,13 @@ Indien bij de voorbereiding van een besluit dat is aangewezen krachtens artikel
### Artikel 19.7
**1.** Indien in een emissieverslag als bedoeld in artikel 16.1 of een industrieel emissieverslag als bedoeld in artikel 16b.1 milieu-informatie voorkomt of milieu-informatie daaruit kan worden afgeleid, waarvan de geheimhouding op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur gerechtvaardigd is, kan het bestuur van de emissieautoriteit op een daartoe strekkend verzoek van degene die de inrichting drijft, toestaan dat een door het bestuur van de emissieautoriteit goedgekeurde, tweede tekst openbaar wordt gemaakt, waarin die informatie niet voorkomt, onderscheidenlijk waaruit die informatie niet kan worden afgeleid. Het bestuur van de emissieautoriteit maakt van deze bevoegdheid slechts gebruik met betrekking tot bedrijfsgeheimen en beveiligingsgegevens. Het in de eerste volzin bedoelde verzoek wordt gedaan uiterlijk drie maanden na afloop van het verslagjaar. Bij het verzoek wordt een tweede tekst overgelegd.
**1.** Indien in een emissieverslag als bedoeld in artikel 16.1 of een elektriciteitsemissieverslag als bedoeld in artikel 16a.1 of een industrieel emissieverslag als bedoeld in artikel 16b.1 milieu-informatie voorkomt of milieu-informatie daaruit kan worden afgeleid, waarvan de geheimhouding op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur gerechtvaardigd is, kan het bestuur van de emissieautoriteit op een daartoe strekkend verzoek van degene die de inrichting drijft, toestaan dat een door het bestuur van de emissieautoriteit goedgekeurde, tweede tekst openbaar wordt gemaakt, waarin die informatie niet voorkomt, onderscheidenlijk waaruit die informatie niet kan worden afgeleid. Het bestuur van de emissieautoriteit maakt van deze bevoegdheid slechts gebruik met betrekking tot bedrijfsgeheimen en beveiligingsgegevens. Het in de eerste volzin bedoelde verzoek wordt gedaan uiterlijk drie maanden na afloop van het verslagjaar. Bij het verzoek wordt een tweede tekst overgelegd.
**2.** Indien in een emissieverslag als bedoeld in artikel 16.1 of een industrieel emissieverslag als bedoeld in artikel 16b.1 milieu-informatie voorkomt of daaruit milieu-informatie kan worden afgeleid, waarvan de openbaarmaking achterwege dient te blijven, onderscheidenlijk achterwege mag blijven, op grond van artikel 10, eerste lid, aanhef en onder b, onderscheidenlijk artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wet openbaarheid van bestuur, wordt een door degene die de inrichting drijft, op aanwijzing van het bestuur van de emissieautoriteit opgestelde tweede tekst openbaar gemaakt, waarin die informatie niet voorkomt, onderscheidenlijk waaruit deze niet kan worden afgeleid.
**2.** Indien in een emissieverslag als bedoeld in artikel 16.1 of een elektriciteitsemissieverslag als bedoeld in artikel 16a.1 of een industrieel emissieverslag als bedoeld in artikel 16b.1 milieu-informatie voorkomt of daaruit milieu-informatie kan worden afgeleid, waarvan de openbaarmaking achterwege dient te blijven, onderscheidenlijk achterwege mag blijven, op grond van artikel 10, eerste lid, aanhef en onder b, onderscheidenlijk artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wet openbaarheid van bestuur, wordt een door degene die de inrichting drijft, op aanwijzing van het bestuur van de emissieautoriteit opgestelde tweede tekst openbaar gemaakt, waarin die informatie niet voorkomt, onderscheidenlijk waaruit deze niet kan worden afgeleid.
**3.** De artikelen 19.4 en 19.5, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het bestuursorgaan, bedoeld in het eerste lid, wordt aangemerkt als het bevoegd gezag.
**4.** Indien een verzoek als bedoeld in het eerste lid is gedaan, kan openbaarmaking van het betrokken emissieverslag of industrieel emissieverslag achterwege blijven tot uiterlijk vier weken nadat op dat verzoek onherroepelijk is beslist.
**4.** Indien een verzoek als bedoeld in het eerste lid is gedaan, kan openbaarmaking van het betrokken emissieverslag of elektriciteitsemissieverslag of industrieel emissieverslag achterwege blijven tot uiterlijk vier weken nadat op dat verzoek onherroepelijk is beslist.
### Artikel 19.8