2008-01-01 | BWBR0010510 | Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Defensie

This commit is contained in:
Coornhert 2008-01-01 12:00:00 +00:00
parent 4c6fd1e945
commit 85bdc60632

View file

@ -23,54 +23,33 @@ b. betrokkene:
2e. de militair die op basis van het Algemeen militair ambtenarenreglement voor onbepaalde tijd in militaire dienst werkzaam is geweest en is ontslagen op grond van genoemd reglement, met uitzondering van een ontslag op eigen aanvraag, een leeftijdsontslag, dan wel een ontslag ingevolge artikel 39, tweede lid, onderdelen k, l, m of n, van genoemd reglement;
c. de WW: de Werkloosheidswet;
d. dagloon: het dagloon, bedoeld in de artikelen 44 tot en met 46 van de WW zonder toepassing van het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen met betrekking tot een loontijdvak van een dag;
e. loongerelateerde WW-uitkering: de loongerelateerde uitkering, bedoeld in Hoofdstuk IIA, afdeling II van de WW;
f. WW-vervolguitkering: de vervolguitkering, bedoeld in Hoofdstuk IIA, afdeling III van de WW;
g. kortdurende WW-uitkering: de kortdurende uitkering, bedoeld in Hoofdstuk IIB van de WW;
h. WW-uitkering: de uitkeringen, genoemd onder e, f, en g;
i. bovenwettelijke uitkering: de aansluitende en de aanvullende uitkering, bedoeld in hoofdstuk 2 van dit besluit;
j. diensttijd: de tijd welke betrokkene in dienst dan wel aangesteld is geweest bij het Ministerie van Defensie en in voorkomend geval vermeerderd met de tijd welke betrokkene voordien in dienst is geweest bij de rijksoverheid dan wel bij een sector van de rijksoverheid;
k. arbeidsongeschiktheidsuitkering: een ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering toegekende uitkering.
e. WW-uitkering: de uitkering bij werkloosheid, bedoeld in Hoofdstuk II van de WW;
f. bovenwettelijke uitkering: de aansluitende en de aanvullende uitkering, bedoeld in hoofdstuk 2 van dit besluit;
g. diensttijd: de tijd welke betrokkene in dienst dan wel aangesteld is geweest bij het Ministerie van Defensie en in voorkomend geval vermeerderd met de tijd welke betrokkene voordien in dienst is geweest bij de rijksoverheid dan wel bij een sector van de rijksoverheid;
h. arbeidsongeschiktheidsuitkering: een ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering of de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen toegekende uitkering.
## Hoofdstuk 2. Bovenwettelijke uitkeringen
### Artikel 2
**1.** Betrokkene, die recht heeft op een loongerelateerde WW-uitkering en die op de dag voor het intreden van zijn werkloosheid een aaneengesloten diensttijd heeft van tenminste 6 jaar en 40 jaar of ouder is, heeft na het einde van de uitkeringsduur van de loongerelateerde WW-uitkering recht op een aansluitende uitkering.
**1.** Betrokkene die recht heeft op een WW-uitkering en die op de dag voor het intreden van zijn werkloosheid een aangesloten dienstijd heeft van tenminste 6 jaar en 40 jaar of ouder is, heeft na het einde van de uitkeringsduur van de WW-uitkering recht op een aansluitende uitkering. De duur van de aansluitende uitkering is het verschil in uitkeringsduur tussen de WW en de uitkeringsduur van de WW zoals deze gold voor 1 oktober 2006.
**2.**
**2.** Betrokkene die recht heeft op een WW-uitkering en die op de dag voor het intreden van zijn werkloosheid een aaneengesloten diensttijd heeft van tenminste 10 jaar en 50 jaar of ouder is, heeft na het einde van de uitkeringsduur van de WW-uitkering recht op een aansluitende uitkering tot de eerste dag van de kalendermaand waarin hij de leeftijd van 65 jaar bereikt.
De duur van de aansluitende uitkering, bedoeld in het eerste lid, bedraagt voor een betrokkene van:
**3.** Onze Minister kan voor de berekening van de diensttijd, bedoeld in het eerste, derde en vierde lid, onverminderd artikel 1, onder j, de tijd meetellen, die betrokkene bij een andere sector van de overheid heeft doorgebracht, indien die betrokkene in het kader van een reorganisatie bij die andere sector van de overheid bij het Ministerie van Defensie te werk is gesteld.
40 jaar 5 jaar;
41 jaar 5,5 jaar,
42 jaar 6 jaar;
43 jaar 6,5 jaar;
44 jaar 7 jaar.
**3.** Betrokkene, die recht heeft op een loongerelateerde WW-uitkering en die op de dag voor het intreden van zijn werkloosheid een aaneengesloten diensttijd heeft van tenminste 10 jaar en 45 jaar of ouder is, heeft na het einde van de uitkeringsduur van de loongerelateerde WW-uitkering recht op een aansluitende uitkering.
**4.** Betrokkene, die recht heeft op een loongerelateerde WW-uitkering en die op de dag voor het intreden van zijn werkloosheid 45 jaar of ouder is maar geen aaneengesloten diensttijd heeft van tenminste 10 jaar, maar wel van tenminste 6 jaar, heeft na het einde van de uitkeringsduur van de loongerelateerde WW-uitkering recht op een aansluitende uitkering van 7 jaar.
**5.** Onze Minister kan voor de berekening van de diensttijd, bedoeld in het eerste, derde en vierde lid, onverminderd artikel 1, onder j, de tijd meetellen, die betrokkene bij een andere sector van de overheid heeft doorgebracht, indien die betrokkene in het kader van een reorganisatie bij die andere sector van de overheid bij het Ministerie van Defensie te werk is gesteld.
**6.** Het recht op een aansluitende uitkering eindigt na ommekomst van de duur daarvan, maar uiterlijk op de eerste dag van de kalendermaand volgend op die waarin betrokkene de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt.
**4.** Het recht op een aansluitende uitkering eindigt na ommekomst van de duur daarvan, maar uiterlijk op de eerste dag van de kalendermaand volgend op die waarin betrokkene de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt.
### Artikel 3
Betrokkene, die recht heeft op een loongerelateerde WW-uitkering, dan wel een aansluitende uitkering ingevolge artikel 2, heeft recht op een aanvullende uitkering.
Betrokkene, die recht heeft op een WW-uitkering, dan wel een aansluitende uitkering ingevolge artikel 2, heeft recht op een aanvullende uitkering.
### Artikel 4
**1.** De loongerelateerde WW-uitkering wordt gedurende de eerste zes maanden aangevuld tot 80%, gedurende de daarop volgende zes maanden tot 75% en gedurende de resterende periode tot 70% van het voor betrokkene geldende dagloon.
**1.** De WW-uitkering wordt gedurende de eerste zes maanden aangevuld tot 80%, gedurende de daarop volgende zes maanden tot 75% en gedurende de resterende periode tot 70% van het voor betrokkene geldende dagloon.
**2.** Gedurende de duur van de aansluitende uitkering, bedoeld in artikel 2, bedraagt de uitkering 70% van het voor betrokkene geldende dagloon.
**3.** Gedurende de periode waarin zowel recht bestaat op een aansluitende uitkering als op een WW-vervolguitkering, wordt de WW-vervolguitkering aangevuld tot de hoogte, bedoeld in het tweede lid.
### Artikel 5
**1.** Indien betrokkene gedurende de periode dat hij recht heeft op een loongerelateerde WW-uitkering of op een aansluitende uitkering, wegens ziekte verhinderd wordt arbeid te verrichten en daarom een uitkering krachtens de Ziektewet ontvangt, wordt de uitkering krachtens de Ziektewet aangevuld tot de percentages van het dagloon bedoeld in artikel 4.
@ -183,6 +162,22 @@ Indien het niveau van de uitkering van de WW een algemene neerwaartse wijziging
Onze Minister kan ter uitvoering van de artikelen 2, vijfde lid, 9, 10, 14 en 15 nadere regels van administratieve aard stellen.
### Artikel 17a
**1.**
De militair die:
a. een functie vervult in fase drie, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel n, van het Algemeen militair ambtenarenreglement; en
b. ontslag op aanvraag wordt verleend; en
c. aansluitend aan zijn ontslag een nieuwe betrekking aanvaardt; en
d. uit de nieuwe betrekking inkomsten heeft die ten minste 80% bedragen van de berekeningsgrondslag voor de pensioenen bedoeld in artikel 23a van het Inkomstenbesluit militairen; en
e. voldoet aan bij ministeriële regeling te stellen voorwaarden;
komt in aanmerking voor een loonaanvulling.
**2.** De loonaanvulling bedraagt 50% van het verschil tussen het inkomen uit de nieuwe betrekking en de berekeningsgrondslag voor de pensioenen bedoeld in artikel 23a van het Inkomstenbesluit militairen en heeft een duur van ten hoogste drie jaar.
## Hoofdstuk 6. Overgangsrecht en slotbepalingen
### Artikel 18