From 868a7d802d87ac76c0ebbe49c9e26e0acabc39f0 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 1 Jan 2021 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2021-01-01 | BWBR0003245 | Wet milieubeheer --- wet/wet-milieubeheer/BWBR0003245/README.md | 409 +++++++++++++++++++-- 1 file changed, 384 insertions(+), 25 deletions(-) diff --git a/wet/wet-milieubeheer/BWBR0003245/README.md b/wet/wet-milieubeheer/BWBR0003245/README.md index 55ce6d99a94..9fa423fab92 100644 --- a/wet/wet-milieubeheer/BWBR0003245/README.md +++ b/wet/wet-milieubeheer/BWBR0003245/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Wet milieubeheer bwb_id: BWBR0003245 type: wet status: geldend -datum_inwerkingtreding: '2012-07-01' +datum_inwerkingtreding: '2021-01-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0003245 citeertitel: Wet milieubeheer --- @@ -168,6 +168,8 @@ stoffen: chemische elementen en de verbindingen ervan, zoals deze voorkomen in n storten: op of in de bodem brengen van afvalstoffen om deze daar te laten; +Verordening aanpassingen kosteloze toewijzing door verandering activiteitsniveau: Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1842 van de Commissie van 31 oktober 2019 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad wat de verdere regelingen voor de aanpassingen van de kosteloze toewijzing van emissierechten als gevolg van veranderingen in het activiteitsniveau betreft (PbEU 2019, L 282); + Verordening EU-register handel in emissierechten: registerverordening als bedoeld in artikel 19, derde lid, van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten; Verordening kosteloze toewijzing van emissierechten: Gedelegeerde verordening (EU) nr. 2019/331 van de Commissie van 19 december 2018 tot vaststelling van een voor de hele Unie geldende overgangsregeling voor de geharmoniseerde kosteloze toewijzing van emissierechten overeenkomstig artikel 10bis van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad (PbEU 2019, L59); @@ -362,14 +364,14 @@ Er is een Nederlandse emissieautoriteit, gevestigd te 's-Gravenhage. ### Artikel 2.2 -**1.** De emissieautoriteit heeft de in de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel, de Verordening verificatie en accreditatie emissiehandel en de in de hoofdstukken 16 en 18 en de titels 9.7 en 9.8 opgedragen taken. +**1.** De emissieautoriteit heeft de in de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel, de Verordening verificatie en accreditatie emissiehandel en de in de hoofdstukken 16, 16b en 18 en de titels 9.7 en 9.8 opgedragen taken. **2.** De emissieautoriteit heeft voorts tot taak: a. het bijhouden van gegevens en het opstellen van rapportages met betrekking tot de naleving door Nederland van een voor Nederland verbindend verdrag of een voor Nederland verbindend besluit van een volkenrechtelijke organisatie, dat de beperking van de emissies van broeikasgassen in de lucht tot doel heeft; -b. het verzamelen van gegevens over technieken ter bepaling van de emissies van broeikasgassen waarop titel 16.2 van toepassing is; +b. het verzamelen van gegevens over technieken ter bepaling van de emissies van broeikasgassen waarop, titel 16.2 en hoofdstuk 16b van toepassing is; c. het verzamelen van andere gegevens die met het oog op de uitoefening van haar taken van belang zijn; d. het rapporteren aan Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat en aan andere bij algemene maatregel van bestuur aangewezen instanties over de ontwikkeling van de onder a bedoelde emissies in Nederland alsmede over de overige aspecten van duurzaamheid van in Nederland te gebruiken brandstoffen en elektriciteit ten behoeve van vervoer; e. de uitvoering van gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen die de Europese Commissie op grond van artikel 10bis, eerste en eenentwintigste lid, onderscheidenlijk artikel 28 quater van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten heeft vastgesteld. @@ -535,8 +537,7 @@ Er is een Commissie genetische modificatie. De commissie heeft tot taak: a. Onze Minister te adviseren over kennisgevingen en aanvragen om vergunning met betrekking tot het vervaardigen van of handelen met genetisch gemodificeerde organismen en over veiligheidsmaatregelen die in het kader daarvan moeten worden getroffen ter bescherming van mens en milieu; -b. het bestuursorgaan dat bevoegd is tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor een inrichting, te adviseren over aanvragen om vergunning met betrekking tot bij algemene maatregel van bestuur aangewezen inrichtingen voor zover die aanvragen betrekking hebben op het vervaardigen van of handelen met genetisch gemodificeerde organismen; -c. het bestuursorgaan dat belast is met het toezicht op het vervaardigen van of handelen met genetisch gemodificeerde organismen, te adviseren met betrekking tot dat toezicht. +b. het bestuursorgaan dat belast is met het toezicht op het vervaardigen van of handelen met genetisch gemodificeerde organismen, te adviseren met betrekking tot dat toezicht. **2.** Op verzoek van Onze Minister of Onze Minister wie het aangaat, of uit eigen beweging informeert de commissie Onze betrokken Minister indien aan het vervaardigen van of aan handelingen met genetisch gemodificeerde organismen ethische of maatschappelijke aspecten zijn verbonden die naar het oordeel van de commissie van belang zijn. @@ -558,7 +559,7 @@ Telkens binnen een termijn van vier jaren brengt de commissie een rapport uit aa **1.** De voorzitter van de commissie wordt door Onze Minister benoemd. Onze Minister hoort de commissie alvorens hij de voorzitter benoemt. -**2.** Onze Minister benoemt ten minste veertien en ten hoogste negentien andere leden van de commissie. +**2.** Onze Minister benoemt de leden van de commissie. **3.** De voorzitter en de leden worden voor de tijd van vier jaren benoemd. Zij zijn terstond weer benoembaar. @@ -612,7 +613,7 @@ Telkens binnen een termijn van vier jaren brengt de commissie een rapport uit aa ### Artikel 2.38 -De commissie houdt de op de door haar uitgebrachte adviezen betrekking hebbende voorbereidende stukken ter beschikking van Onze Minister en van de bestuursorganen, bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, onder b en c. +De commissie houdt de op de door haar uitgebrachte adviezen betrekking hebbende voorbereidende stukken ter beschikking van Onze Minister en van de bestuursorganen, bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, onder b. ### Artikel 2.39 @@ -1855,12 +1856,21 @@ c. in gevallen waarin krachtens artikel 14.5 ter voorbereiding van meer dan een **2.** -Het bevoegd gezag laat de aanvraag tevens buiten behandeling indien deze een krachtens artikel 7.2, vierde lid, aangewezen besluit betreft, dat krachtens wettelijk voorschrift op aanvraag wordt genomen, en +Het bevoegd gezag laat de aanvraag tevens buiten behandeling indien deze een krachtens artikel 7.2, vierde lid, aangewezen besluit betreft voor een krachtens artikel 7.2, achtste lid, aangewezen geval, dat krachtens wettelijk voorschrift op aanvraag wordt genomen, en a. bij het indienen van de aanvraag geen afschrift is gevoegd van de beslissing krachtens artikel 7.17, eerste lid, inhoudende dat geen milieueffectrapport behoeft te worden gemaakt, of b. geen beslissing is genomen krachtens artikel 7.17, eerste lid, dan wel is beslist dat een milieueffectrapport moet worden gemaakt en dat rapport niet is overgelegd. -**3.** Het bevoegd gezag wijst een aanvraag om een besluit af indien het overgelegde milieueffectrapport, mede gelet op het advies wanneer dat daarover op grond van artikel 7.26 onderscheidenlijk artikel 7.27 is gegeven, niet voldoet aan artikel 7.23, dan wel onjuistheden bevat. Voordat een aanvraag wordt afgewezen, wordt de aanvrager eerst in de gelegenheid gesteld binnen een door het bevoegd gezag gestelde termijn het milieueffectrapport aan te vullen. +**3.** + +Het bevoegd gezag laat de aanvraag tevens buiten behandeling indien deze betreft een krachtens artikel 7.2, vierde lid, aangewezen besluit voor andere gevallen dan bedoeld in het tweede lid, en + +a. bij het indienen van de aanvraag geen afschrift is gevoegd van de mededeling, bedoeld in artikel 7.16, eerste lid, of +b. indien beslist is dat een milieueffectrapport moet worden gemaakt, dat rapport niet is overgelegd. + +**4.** Het bevoegd gezag houdt de beslissing op de aanvraag om een besluit als bedoeld in het derde lid aan zolang het niet ingevolge artikel 7.17, eerste lid, heeft beslist of er een milieueffectrapport moet worden gemaakt. Als het bevoegd gezag beslist dat een milieueffectrapport gemaakt moet worden, wordt de aanvraag afgewezen. + +**5.** Het bevoegd gezag wijst een aanvraag om een besluit af indien het overgelegde milieueffectrapport, mede gelet op het advies wanneer dat daarover op grond van artikel 7.26 onderscheidenlijk artikel 7.27 is gegeven, niet voldoet aan artikel 7.23, dan wel onjuistheden bevat. Voordat een aanvraag wordt afgewezen, wordt de aanvrager eerst in de gelegenheid gesteld binnen een door het bevoegd gezag gestelde termijn het milieueffectrapport aan te vullen. ### Artikel 7.28a @@ -2939,7 +2949,7 @@ In deze titel en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - *hernieuwbare brandstof:* hernieuwbare vloeibare of gasvormige transportbrandstof van niet-biologische oorsprong als bedoeld in artikel 2, onderdeel u, van de richtlijn hernieuwbare energie; - *hernieuwbare brandstofeenheid:* hernieuwbare brandstofeenheid als bedoeld in artikel 9.7.3.1; - *hernieuwbare energie vervoer:* energie uit hernieuwbare bronnen als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van de richtlijn hernieuwbare energie bestemd voor vervoer; -- *importeur:* onderneming die minerale oliën invoert in Nederland, maar geen houder van een vergunning voor een accijnsgoederenplaats als bedoeld in artikel 1a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de accijns voor minerale oliën als bedoeld in artikel 25 van die wet of geregistreerde geadresseerde als bedoeld in artikel 1a, eerste lid, onderdeel l, van die wet voor minerale oliën als bedoeld in artikel 25 van die wet is; +- *importeur:* onderneming die minerale oliën invoert in Nederland, maar geen houder van een vergunning voor een accijnsgoederenplaats als bedoeld in artikel 1a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de accijns voor minerale oliën of geregistreerde geadresseerde als bedoeld in artikel 1a, eerste lid, onderdeel l, van die wet voor minerale oliën is; - *inboeker:* onderneming die ingevolge bij of krachtens artikel 9.7.4.1 bevoegd is om een geleverde hoeveelheid hernieuwbare energie vervoer in het register in te voeren; - *inboekfaciliteit:* eigenschap van een rekening in het register die de inboeking van hernieuwbare energie vervoer overeenkomstig artikel 9.7.4.1 mogelijk maakt; - *jaarverplichting:* aantal per soort hernieuwbare brandstofeenheden dat de leverancier tot eindverbruik is verschuldigd op grond van artikel 9.7.2.1; @@ -4951,7 +4961,12 @@ b. het ter beschikking stellen van budget voor het treffen van bedoelde maatrege ### Artikel 11.56 -**1.** De beheerder van een weg of spoorweg waarvoor de geluidproductieplafonds tot stand zijn gekomen met toepassing van artikel 11.45, eerste lid, doet uiterlijk 31 december 2020 een verzoek aan Onze Minister tot vaststelling van een saneringsplan. +**1.** + +De beheerder van een weg of spoorweg waarvoor: + +a. de geluidproductieplafonds bij inwerkingtreding van de Invoeringswet geluidproductieplafonds tot stand zijn gekomen met toepassing van artikel 11.45, eerste lid, en; +b. niet eerder een saneringsplan is vastgesteld of toepassing is gegeven aan artikel 11.42, tweede tot en met vijfde lid; doet uiterlijk 31 december 2023 een verzoek aan Onze Minister tot vaststelling van een saneringsplan. **2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een weg of spoorweg waarvoor de geluidproductieplafonds tot stand zijn gekomen met toepassing van artikel 11.45, tweede lid, voor zover dit is aangegeven bij algemene maatregel van bestuur. @@ -4989,9 +5004,7 @@ b. geluidsgevoelige objecten ten aanzien waarvan met toepassing van artikel 2.12 ### Artikel 11.58 -**1.** Een saneringsplan kan betrekking hebben op een of meer delen van wegen of spoorwegen. - -**2.** Voor een deel van een weg of spoorweg wordt slechts eenmaal een saneringsplan vastgesteld. +Een saneringsplan kan betrekking hebben op een of meer delen van wegen of spoorwegen. ### Artikel 11.59 @@ -5050,7 +5063,7 @@ b. het tijdstip met ingang waarvan de maatregelen ingevolge artikel 11.60, derde **2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing indien geen maatregelen in aanmerking komen om de geluidsbelasting van een saneringsobject te beperken tot de in artikel 11.59, eerste lid, genoemde streefwaarde, en de binnenwaarde wordt overschreden. -**3.** De verplichting, bedoeld in het eerste lid, strekt ertoe dat uiterlijk 31 december 2021 de geluidsbelasting binnen de geluidsgevoelige ruimten van het betreffende saneringsobject wordt teruggebracht tot een waarde die ten minste 3 dB is gelegen onder de binnenwaarde. +**3.** De verplichting, bedoeld in het eerste lid, strekt ertoe dat uiterlijk 31 december 2025 de geluidsbelasting binnen de geluidsgevoelige ruimten van het betreffende saneringsobject wordt teruggebracht tot een waarde die ten minste 3 dB is gelegen onder de binnenwaarde. **4.** Onze Minister kan op verzoek van de beheerder een andere termijn vaststellen waarbinnen de maatregelen worden getroffen. @@ -5197,7 +5210,7 @@ a. bevoegd gezag: 1°. bestuursorgaan dat bevoegd is een omgevingsvergunning voor een inrichting te verlenen; 2°. bestuursorgaan waaraan krachtens artikel 8.41, tweede lid, onder a, een melding wordt gericht; -3°. Onze Minister voor zover de bevoegdheid tot vergunningverlening betrekking heeft op inrichtingen als bedoeld in artikel 15, onder b, van de Kernenergiewet; +3°. de Autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Kernenergiewet voor zover de bevoegdheid tot vergunningverlening betrekking heeft op inrichtingen als bedoeld in artikel 15, onder b, van de Kernenergiewet; 4°. Onze Minister voor openbare wegen en vaarwegen voorzover deze door het Rijk worden beheerd en voor krachtens artikel 2 van de Spoorwegwet aangewezen hoofdspoorwegen; 5°. gedeputeerde staten voor openbare wegen en vaarwegen voor zover deze door de provincie worden beheerd; 6°. burgemeester en wethouders voor openbare wegen en vaarwegen voor zover deze door de gemeente worden beheerd; @@ -7056,6 +7069,350 @@ Vervallen Vervallen +## Hoofdstuk 16b. Emissie van broeikasgas door de industrie + +### Titel 16b.1. Algemeen + +### Artikel 16b.1 + +**1.** + +In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: + +- *broeikasgasinstallatie:* broeikasgasinstallatie als bedoeld in de artikelen 16.1, tweede lid, en 16.3; + +- *dispensatierecht:* dispensatierecht als bedoeld in artikel 71h, onderdeel d, van de Wet belasting op milieugrondslag; + +- *historisch industrieel emissieverslag:* verslag ten behoeve van het vaststellen van het historisch activiteitenniveau van afvalverbrandingsinstallaties en lachgasinstallaties; + +- *industrieel emissieverslag:* verslag betreffende de industriële jaarvracht in een kalenderjaar als bedoeld in artikel 16b.3; + +- *industriële jaarvracht:* industriële jaarvracht als bedoeld in artikel 71h, onderdeel h, van de Wet belastingen op milieugrondslag; + +- *industrieel monitoringsplan:* plan betreffende de bepaling en registratie van de industriële jaarvracht; + +- *restgassen:* afgas als bedoeld in artikel 2, elfde lid, van de Verordening kosteloze toewijzing van emissierechten. + +**2.** Artikel 16.1, derde lid, is van toepassing. + +### Artikel 16b.2 + +Dit hoofdstuk is van toepassing op de exploitant van een industriële installatie als bedoeld in artikel 71h, onderdeel g, in samenhang met de artikelen 71i en 71k, tweede lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag. + +### Titel 16b.2. Industriële jaarvracht + +#### Afdeling 16b.2.1. Industrieel emissieverslag + +### Artikel 16b.3 + +**1.** De exploitant van een industriële installatie dient na afloop van elk jaar op uiterlijk 31 maart een industrieel emissieverslag in bij het bestuur van de emissieautoriteit. + +**2.** Het industrieel emissieverslag bevat de industriële jaarvracht. + +**3.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de bepaling en registratie van de industriële jaarvracht, het industrieel emissieverslag, het historisch industrieel emissieverslag en de verificatie van deze emissieverslagen. + +### Artikel 16b.4 + +De exploitant van een industriële installatie bepaalt de industriële jaarvracht op basis van: + +a. de gegevens uit het emissieverslag dan wel de schatting hiervan door het bestuur van de emissieautoriteit als bedoeld in de artikel 70 van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel; +b. de gegevens uit het verslag over het activiteitsniveau, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Verordening aanpassingen kosteloze toewijzing door verandering activiteitsniveau dan wel de schatting hiervan door het bestuur van de emissieautoriteit, bedoeld in de artikel 3, vierde lid, van de Verordening aanpassingen kosteloze toewijzing door verandering activiteitsniveau; of +c. de monitoring op basis van een industrieel monitoringsplan als bedoeld in afdeling 16b.2.2. + +### Artikel 16b.5 + +**1.** Bij een warmtekrachtkoppeling wordt de industriële jaarvracht bepaald en geregistreerd op basis van het brandstofverbruik, de elektriciteitsopwekking en de warmteopwekking. + +**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de bepaling en registratie van de industriële jaarvracht. Deze regels kunnen betrekking hebben op warmtekrachtkoppelingen, bij het gebruik van restgassen en de overdracht van warmte naar een andere industriële installatie. + +### Artikel 16b.6 + +**1.** Het bestuur van de emissieautoriteit kan uiterlijk op 30 september van het kalenderjaar waarin het industrieel emissieverslag moet worden ingediend, vaststellen dat dit verslag niet voldoet aan de eisen die daaraan bij of krachtens dit hoofdstuk zijn gesteld. Het bestuur van de emissieautoriteit kan de beslissing voor ten hoogste drie maanden verdagen. Van de verdaging wordt voor het in de eerste volzin genoemde tijdstip schriftelijk mededeling gedaan aan degene die het industrieel emissieverslag heeft ingediend. De mededeling omvat de reden voor de verdaging. + +**2.** + +Het bestuur van de emissieautoriteit kan na het tijdstip, genoemd in het eerste lid, onderscheidenlijk, indien toepassing is gegeven tweede volzin van dat lid, na het tijdstip dat met toepassing van die volzin is vastgesteld alsnog vaststellen dat het industrieel emissieverslag niet voldoet aan de eisen die daaraan bij of krachtens dit hoofdstuk zijn gesteld, indien: + +a. degene die bij het bestuur van de emissieautoriteit een industrieel emissieverslag heeft ingediend, in dat verslag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en verstrekking van juiste of volledige gegevens zou hebben geleid tot de vaststelling van een andere industriële jaarvracht; +b. het betrokken industrieel emissieverslag anderszins onjuist was en de betrokken persoon dit wist of behoorde te weten. + +**3.** De bevoegdheid, bedoeld in het tweede lid, vervalt tien jaren na afloop van het kalenderjaar, bedoeld in het eerste lid. + +**4.** + +Het bestuur van de emissieautoriteit kan de industriële jaarvracht van een industriële installatie op basis van een conservatieve schatting ambtshalve vaststellen indien: + +a. het industrieel emissieverslag niet of niet tijdig bij de emissieautoriteit is ingediend; +b. het bestuur van de emissieautoriteit heeft verklaard dat het industrieel emissieverslag niet voldoet aan de eisen die daaraan bij of krachtens dit hoofdstuk zijn gesteld. + +#### Afdeling 16b.2.2. Industrieel monitoringsplan + +### Artikel 16b.7 + +**1.** De exploitant stelt, voor zover dat noodzakelijk is, voor een industriële installatie een industrieel monitoringsplan op dat hij indient bij het bestuur van de emissieautoriteit. + +**2.** Een industrieel monitoringsplan of een wijziging daarvan behoeft goedkeuring van het bestuur van de emissieautoriteit. + +**3.** + +De artikelen 16.7, 16.9, 16.11, 16.18 en 16.19 zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat telkens: + +a. voor «broeikasgasinstallatie» wordt gelezen «industriële installatie»; +b. voor «emissieverslag» wordt gelezen «industrieel emissieverslag»; +c. voor «monitoringsplan» wordt gelezen «industrieel monitoringsplan»; +d. voor «vergunning» wordt gelezen «goedkeuring van een industrieel monitoringsplan»; +e. voor «vergunninghouder» wordt gelezen «de exploitant»; +f. voor «bij de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel of bij of krachtens dit hoofdstuk, hoofdstuk 8 van deze wet» wordt gelezen «bij of krachtens dit hoofdstuk, de hoofdstukken 8, 16 of 16a van deze wet». + +**4.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld die nodig zijn in het belang van de goede werking van het monitoren van emissie van de industriële jaarvracht of in welke gevallen een monitoringsplan in elk geval noodzakelijk is. + +**5.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de wijze waarop de aanvraag om een goedkeuring van een industrieel monitoringsplan moet geschieden, de gegevens en de bescheiden die door de aanvrager moeten worden verstrekt met het oog op de beslissing op de aanvraag, en de wijze waarop die gegevens moeten worden verkregen. + +### Artikel 16b.8 + +**1.** Het industrieel monitoringplan bestaat uit een gedetailleerde, volledige en transparante documentatie over de monitoringmethode voor een industriële installatie. + +**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld aan de inhoud van het industrieel monitoringplan. De regels zijn voor zover mogelijk in overeenstemming met de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel. + +### Artikel 16b.9 + +Het bestuur van de emissieautoriteit weigert de goedkeuring van een industrieel monitoringsplan indien het industrieel monitoringsplan niet voldoet aan de eisen die daaraan gesteld zijn bij of krachtens dit hoofdstuk of indien het bestuur van de emissieautoriteit van oordeel is dat onvoldoende is gewaarborgd dat de aanvrager in staat is het industrieel monitoringsplan naar behoren uit te voeren. + +### Artikel 16b.10 + +**1.** + +De exploitant wijzigt het industrieel monitoringsplan zo spoedig mogelijk, indien: + +a. de regels gesteld bij of krachtens dit hoofdstuk daartoe aanleiding geven; +b. het bestuur van de emissieautoriteit daarom verzoekt. + +**2.** De exploitant legt op verzoek van het bestuur van de emissieautoriteit de meest actuele versie van het industrieel monitoringsplan over. + +**3.** + +Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot: + +a. het melden van een wijziging of een tijdelijke afwijking van het industrieel monitoringsplan aan het bestuur van de emissieautoriteit, en +b. het goedkeuren van een wijziging van een industrieel monitoringsplan. + +### Titel 16b.3. De dispensatierechten + +#### Afdeling 16b.3.1. Het register dispensatierechten industrie + +### Artikel 16b.11 + +**1.** Er is een elektronisch register dispensatierechten industrie. + +**2.** Het register wordt beheerd door het bestuur van de emissieautoriteit. + +**3.** Het register bestaat uit rekeningen als bedoeld in artikel 16b.13, eerste lid. + +**4.** Het bestuur van de emissieautoriteit draagt er zorg voor dat alle besluiten en verslagen die verband houden met de hoeveelheid dispensatierechten onverwijld op passende wijze openbaar worden gemaakt. Artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur is van overeenkomstige toepassing. + +### Artikel 16b.12 + +**1.** Het bestuur van de emissieautoriteit kan voorwaarden aan het gebruik van het register vaststellen. + +**2.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de werking, organisatie, beschikbaarheid en beveiliging van het register. + +### Artikel 16b.13 + +**1.** Het bestuur van de emissieautoriteit opent ambtshalve voor iedere industriële installatie met een goedgekeurd monitoringsplan of industrieel monitoringsplan één rekening op naam van de exploitant. + +**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over het openen, bijhouden en beheer van de rekening. + +### Artikel 16b.14 + +**1.** + +Het bestuur van de emissieautoriteit kan bij een vermoeden van fraude of misbruik of indien niet wordt voldaan aan de bij of krachtens deze titel gestelde eisen voor het hebben van een rekening in het register of voor het gebruik van die rekening: + +a. een rekening blokkeren; +b. een rekening opheffen; of +c. het aantal dispensatierechten voor een of meer rekeningen terugzetten op het aantal dispensatierechten voor die rekeningen op een eerder tijdstip waarin de fraude of misbruik zich niet voordeed. + +**2.** Bij ministeriele regeling kunnen regels worden gesteld over de toepassing van het eerste lid. + +### Artikel 16b.15 + +**1.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat voor het openen en bijhouden van een rekening een vergoeding verschuldigd is overeenkomstig de bij die regeling te stellen regels. + +**2.** + +Bij de regeling, bedoeld in het eerste lid: + +a. wordt de hoogte van de vergoeding vastgesteld, welke niet hoger is dan noodzakelijk is ter dekking van de ten laste van de emissieautoriteit komende kosten van het verrichten van werkzaamheden waarvoor de vergoeding is verschuldigd, en +b. worden regels gesteld omtrent de wijze waarop de vergoeding wordt betaald. + +#### Afdeling 16b.3.2. Het ontstaan van dispensatierechten + +### Artikel 16b.16 + +**1.** De rekening van een exploitant voor een industriële installatie onderscheidt per kalenderjaar het aantal dispensatierechten dat voor ieder kalenderjaar voor die industriële installatie is opgebouwd. + +**2.** Bij aanvang van ieder kalenderjaar bedraagt het aantal dispensatierechten voor dat kalenderjaar nul. + +**3.** Het bestuur van de emissieautoriteit stort na afloop van het kalenderjaar op uiterlijk 30 april het aantal dispensatierechten op de rekening in het register dispensatierechten industrie voor dat kalenderjaar. De storting is overeenkomstig het verslag over het aantal dispensatierechten van de exploitant, bedoeld in artikel 16b.17, eerste lid. + +**4.** Het bestuur van de emissieautoriteit stort dispensatierechten op of boekt dispensatierechten af van een rekening op basis van een ambtshalve vaststelling van de dispensatierechten als bedoeld in artikel 16b.24, eerste lid, nadat die vaststelling is onherroepelijk geworden. + +**5.** De exploitant kan na afloop van het kalenderjaar in de periode van 1 mei tot en met 31 augustus dispensatierechten verhandelen overeenkomstig afdeling 16b.3.3. + +### Artikel 16b.17 + +**1.** De exploitant dient uiterlijk 31 maart bij het bestuur van de emissieautoriteit een verslag in over het aantal dispensatierechten dat hij heeft berekend. Bij ministeriële regeling kunnen hierover nadere regels worden gesteld. De nadere regels kunnen betrekking hebben op de verificatie van het verslag. + +**2.** + +Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de berekening van het aantal dispensatierechten op basis van onder andere de reductiefactor en de gegevens die zijn opgenomen in: + +a. het verslag over het activiteitsniveau, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Verordening aanpassingen kosteloze toewijzing door verandering activiteitsniveau dan wel de schatting hiervan door het bestuur van de emissieautoriteit als bedoeld in de artikel 3, vierde lid, van de Verordening aanpassingen kosteloze toewijzing door verandering activiteitsniveau; +b. het verslag met referentiegegevens, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a, in samenhang met artikel 15, eerste en tweede lid, van de Verordening kosteloze toewijzing van emissierechten; +c. het industriële emissieverslag of de ambtshalve vaststelling van de industriële jaarvracht als bedoeld in artikel 16b.6, vierde lid; of +d. het verslag over het industriële activiteitsniveau dat is gemonitord op basis van een industrieel monitoringsmethodiekplan. + +**3.** De reductiefactor bedraagt 1,2. Bij aanvang van ieder kalenderjaar wordt de reductiefactor verlaagd met 0,057. + +**4.** + +De regels zijn voor zover mogelijk in overeenstemming met het vaststellen van de voorlopige kosteloze toewijzing van broeikasgasemissierechten in de Verordening kosteloze toewijzing van emissierechten en de Verordening aanpassingen kosteloze toewijzing door verandering activiteitsniveau, in ieder geval met dien verstande dat: + +a. geen dispensatierechten worden berekend voor de export van meetbare warmte voor stadsverwarming; +b. bij een product gerelateerd activiteitsniveau in aanmerking wordt genomen het actuele activiteitsniveau betreffende het kalenderjaar in plaats van het historische activiteitsniveau; +c. bij een product gerelateerd activiteitsniveau met uitwisselbaarheid van elektriciteit en brandstof voor een installatie gebruik wordt gemaakt van de voor die installatie beschikbare historische correctiefactor in de periode 2014–2018; +d. het warmte gerelateerd activiteitsniveau ook meetbare warmte kan omvatten die is geproduceerd op basis van elektriciteit; +e. bij een activiteitsniveau, anders dan onder b, in aanmerking wordt genomen: + +1. het jaarlijks activiteitsniveau in plaats van het historisch activiteitsniveau; dan wel +2. het historisch activiteitsniveau indien het jaarlijks activiteitsniveau minder dan 15% lager of hoger is dan het historisch activiteitsniveau; dan wel +3. het historisch activiteitsniveau als het jaarlijks activiteitsniveau meer dan 15% lager is als het historisch activiteitsniveau als gevolg van een toename van de energie efficiëntie of reductiemaatregelen, dan wel 15% hoger is als het historische activiteitsniveau als gevolg van een afname van de energie efficiëntie of reductiemaatregelen. +f. generiek de benchmarks die volgen uit deze verordeningen met een voor alle benchmarks gelijk jaarlijks verminderingspercentage kunnen worden bijgewerkt; +g. van de regels in deze verordeningen in elk geval kan worden afgeweken indien dat wenselijk is ter voorkoming van onnodige administratieve lasten, onnodige uitvoeringshandelingen of manipulatie of misbruik van het activiteitsniveau. + +### Artikel 16b.18 + +Indien een exploitant voor een industriële installatie het verslag over het aantal dispensatierechten niet of niet tijdig heeft ingediend bedraagt het aantal dispensatierechten nihil. + +### Artikel 16b.19 + +**1.** De exploitant stelt, voor zover dat noodzakelijk is om het aantal dispensatierechten te berekenen, voor een industriële installatie een industrieel monitoringsmethodiekplan op dat hij indient bij het bestuur van de emissieautoriteit. + +**2.** Het industrieel monitoringsmethodiekplan of een wijziging daarvan behoeft goedkeuring van het bestuur van de emissieautoriteit. + +**3.** + +De artikelen 16.7, 16.9, 16.11 en 16.19 zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat telkens: + +a. voor «broeikasgasinstallatie» wordt gelezen «industriële installatie»; +b. voor «emissieverslag» wordt gelezen «verslag over het industriële activiteitsniveau»; +c. voor «monitoringsplan» wordt gelezen «industrieel monitoringsmethodiekplan»; +d. voor «vergunning» wordt gelezen «goedkeuring van een industrieel monitoringsmethodiekplan»; +e. voor «vergunninghouder» wordt gelezen «de exploitant»; +f. voor «bij de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel of bij of krachtens dit hoofdstuk, hoofdstuk 8 van deze wet» wordt gelezen «bij of krachtens dit hoofdstuk, de hoofdstukken 8, 16 of 16a van deze wet». + +**4.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop de aanvraag om een goedkeuring van een industrieel monitoringsmethodiekplan moet geschieden, de gegevens en de bescheiden die door de aanvrager moeten worden verstrekt met het oog op de beslissing op de aanvraag, en de wijze waarop die gegevens moeten worden verkregen. Deze regels zijn, voor zover mogelijk, in overeenstemming met de artikelen 4, tweede lid, onderdeel b, 5, tweede lid, 8, 9 en 10 van de Verordening kosteloze toewijzing van emissierechten. + +### Artikel 16b.20 + +**1.** Het industrieel monitoringsmethodiekplan bestaat uit een gedetailleerde, volledige en transparante documentatie over de monitoringmethodiek voor een industriële installatie. + +**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de inhoud van het industrieel monitoringsmethodiekplan. De regels zijn voor zover mogelijk in overeenstemming met het vaststellen van de voorlopige kosteloze toewijzing van broeikasgasemissierechten in de Verordening kosteloze toewijzing van emissierechten en de Verordening aanpassingen kosteloze toewijzing door verandering activiteitsniveau, met dien verstande dat van de regels in deze Verordeningen kan worden afgeweken indien dat wenselijk is ter voorkoming van onnodige administratieve lasten, onnodige uitvoeringshandelingen of manipulatie of misbruik van het industrieel monitoringsmethodiekplan. + +### Artikel 16b.21 + +Het bestuur van de emissieautoriteit weigert de goedkeuring van een industrieel monitoringsmethodiekplan indien het industrieel monitoringsmethodiekplan niet voldoet aan de eisen die daaraan gesteld zijn bij of krachtens dit hoofdstuk of het bestuur van de emissieautoriteit van oordeel is dat onvoldoende is gewaarborgd dat de aanvrager in staat is het industrieel monitoringsmethodiekplan naar behoren uit te voeren. + +### Artikel 16b.22 + +**1.** + +De exploitant wijzigt het industrieel monitoringsmethodiekplan zo spoedig mogelijk, indien: + +a. de regels gesteld bij of krachtens hoofdstuk 16b daartoe aanleiding geven; of +b. het bestuur van de emissieautoriteit daarom verzoekt. + +**2.** De exploitant legt op verzoek van het bestuur van de emissieautoriteit de meest actuele versie van het industrieel monitoringsmethodiekplan over. + +**3.** + +Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot: + +a. het melden van een wijziging of een tijdelijke afwijking van het industrieel monitoringsmethodiekplan aan het bestuur van de emissieautoriteit; en +b. het goedkeuren van een wijziging van een industrieel monitoringsmethodiekplan. + +**4.** Deze regels zijn, voor zover mogelijk, in overeenstemming met artikel 9 van de Verordening kosteloze toewijzing van emissierechten. + +### Artikel 16b.23 + +**1.** Het verslag over het industriële activiteitsniveau bevat het industriële activiteitsniveau van de industriële installatie. Het maakt onderdeel uit van het verslag over het aantal dispensatierechten, bedoeld in artikel 16b.17. + +**2.** Bij ministeriele regeling worden regels gesteld over de inhoud van het verslag over het industriële activiteitsniveau. Deze regels zijn, voor zover mogelijk, in overeenstemming met artikel 4, tweede lid, onderdeel a, van de Verordening kosteloze toewijzing van emissierechten. De regels kunnen betrekking hebben op de verificatie van het verslag over het industriële activiteitsniveau. + +### Artikel 16b.24 + +**1.** Het bestuur van de emissieautoriteit kan uiterlijk op 30 september van het kalenderjaar waarin het verslag over het aantal dispensatierechten moet worden ingediend, vaststellen dat dit verslag niet voldoet aan de eisen die daaraan bij of krachtens dit hoofdstuk zijn gesteld. Het bestuur van de emissieautoriteit kan de beslissing voor ten hoogste drie maanden verdagen. Van de verdaging wordt voor het in de eerste volzin genoemde tijdstip schriftelijk mededeling gedaan aan degene die het verslag heeft ingediend. De mededeling omvat de reden voor de verdaging. + +**2.** + +Het bestuur van de emissieautoriteit kan na het tijdstip, genoemd in het eerste lid, onderscheidenlijk, indien toepassing is gegeven tweede volzin van dat lid, na het tijdstip dat met toepassing van die volzin is vastgesteld alsnog vaststellen dat het verslag niet voldoet aan de eisen die daaraan bij of krachtens dit hoofdstuk zijn gesteld, indien: + +a. degene bij het bestuur van de emissieautoriteit een verslag heeft ingediend, in dat verslag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en verstrekking van juiste of volledige gegevens zou hebben geleid tot de vaststelling van het aantal dispensatierechten; of +b. het betrokken verslag anderszins onjuist was en de betrokken persoon dit wist of behoorde te weten. + +**3.** De bevoegdheid, bedoeld in het tweede lid, vervalt tien jaren na afloop van het kalenderjaar, bedoeld in het eerste lid. + +**4.** Het bestuur van de emissieautoriteit kan het aantal dispensatierechten van een industriële installatie op basis van een conservatieve schatting ambtshalve vaststellen indien het bestuur van de emissieautoriteit heeft verklaard dat het verslag over het aantal dispensatierechten niet voldoet aan de eisen die daaraan bij of krachtens dit hoofdstuk zijn gesteld. + +#### Afdeling 16b.3.3. Overdracht van dispensatierechten + +### Artikel 16b.25 + +Een dispensatierecht kan uitsluitend in het register dispensatierechten industrie worden gehouden. + +### Artikel 16b.26 + +**1.** Een dispensatierecht is vatbaar voor overdracht indien de overdragende exploitant en de ontvangende exploitant ieder op hun naam een rekening hebben in het register. + +**2.** De overdracht vindt uitsluitend plaats in de periode van 1 mei tot en met 31 augustus van het jaar volgend op het kalenderjaar waarover de dispensatierechten zijn ontstaan. + +**3.** Een dispensatierecht is ook vatbaar voor andere overgang. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing. + +### Artikel 16b.27 + +**1.** Overdracht van een of meer dispensatierechten kan niet leiden tot een aantal dispensatierechten dat minder is dan de industriële jaarvracht van dat kalenderjaar. + +**2.** Overdracht van een of meer dispensatierechten is niet toegestaan, indien het aantal dispensatierechten op een rekening minder is dan de industriële jaarvracht van dat kalenderjaar. + +### Artikel 16b.28 + +**1.** + +De voor overdracht van een dispensatierecht vereiste levering geschiedt door: + +a. afschrijving van het dispensatierecht van de rekening die in het register op naam staat van de exploitant die de dispensatierechten overdraagt; en +b. bijschrijving op de rekening die in het register op naam staat van de exploitant die de dispensatierechten verkrijgt. + +**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op elke overgang anders dan overdracht. + +**3.** Elke overgang anders dan overdracht werkt tegenover derden eerst nadat de overgang in het register is geregistreerd. + +### Artikel 16b.29 + +**1.** Nietigheid of vernietiging van de overeenkomst die tot de overdracht heeft geleid, of onbevoegdheid van degene die overdraagt, heeft, nadat de overdracht is voltooid, geen gevolgen voor de af- en bijschrijvingen van de dispensatierechten in het register dispensatierechten. + +**2.** Elk voorbehoud met betrekking tot de overdracht is uitgewerkt op het moment dat de af- en bijschrijving van de dispensatierechten in het register dispensatierechten tot stand is gekomen. + +**3.** Indien het bestuur van de emissieautoriteit ambtshalve het aantal dispensatierechten heeft vastgesteld als bedoeld in artikel 16b.24, vierde lid, heeft dat geen gevolgen voor de af- en bijschrijving van dispensatierechten die in het register dispensatierechten tot stand zijn gekomen. Deze ambtshalve vaststelling kan leiden tot een aantal dispensatierechten in het register dispensatierechten dat lager is dan de industriële jaarvracht van dat kalenderjaar. + +### Artikel 16b.30 + +**1.** In afwijking van artikel 288 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek kan op een dispensatierecht geen recht van pand worden gevestigd. + +**2.** Op een dispensatierecht kan geen recht van vruchtgebruik worden gevestigd. + +**3.** Een dispensatierecht is niet vatbaar voor beslag. + ## Hoofdstuk 17. Maatregelen in bijzondere omstandigheden ### Titel 17.1. Maatregelen bij een ongewoon voorval @@ -7516,7 +7873,7 @@ Bij het uitoefenen van de taak, bedoeld in de artikelen 18.2 tot en met 18.2d, w ### Artikel 18.2f -**1.** De emissieautoriteit draagt zorg voor de handhaving van de bij of krachtens hoofdstuk 16 gestelde verplichtingen. +**1.** De emissieautoriteit draagt zorg voor de handhaving van de bij of krachtens hoofdstukken 16 en 16b gestelde verplichtingen. **2.** Onverminderd artikel 18.2b, eerste lid, draagt de emissieautoriteit zorg voor de bestuursrechtelijke handhaving van het bepaalde bij of krachtens artikel 9.2.2.6a en titels 9.7 en 9.8. @@ -7566,7 +7923,7 @@ Vervallen ### Artikel 18.4 -**1.** Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens hoofdstuk 16 bepaalde, alsmede de naleving van de in artikel 18.5 genoemde bepalingen van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel en van de in artikel 18.6 genoemde bepalingen van de Verordening verificatie en accreditatie emissiehandel, zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren. +**1.** Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens de hoofdstukken 16 en 16b bepaalde, alsmede de naleving van de in artikel 18.5 genoemde bepalingen van de Verordening monitoring en rapportage emissiehandel en van de in artikel 18.6 genoemde bepalingen van de Verordening verificatie en accreditatie emissiehandel, zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren. **2.** Met het onderzoek met betrekking tot overtredingen als bedoeld in artikel 18.16a, eerste en tweede lid, zijn belast de krachtens het eerste lid aangewezen ambtenaren. @@ -7596,6 +7953,8 @@ Vervallen **2.** In geval van het niet tijdig terug leveren van teruggevorderde emissierechten als bedoeld in artikel 16.35c, eerste lid, eerste volzin, kan het bestuur van de emissieautoriteit een last onder dwangsom opleggen. +**3.** In geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 16b.3, 16b.5, tweede lid, 16b.7, 16b.8, 16b.10, 16b.17, eerste en tweede lid, 16b.19, 16b.20, 16b.22 of artikel 16b.23 kan het bestuur van de emissieautoriteit een last onder dwangsom opleggen. + ### Artikel 18.6b In geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 9.7.2.3, 9.7.2.5, 9.7.4.12, 9.7.4.13, 9.8.2.3 of 9.8.2.5, kan het bestuur van de emissieautoriteit een last onder dwangsom opleggen. @@ -7674,7 +8033,7 @@ Vervallen ### Artikel 18.16c -Vervallen +In geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 16b.3, 16b.4, 16b.5, 16b.7, 16b.8, 16b.10, 16b.17, eerste en tweede lid, 16b.19, 16b.20, 16b.22 of artikel 16b.23 kan het bestuur van de emissieautoriteit de overtreder een bestuurlijke boete opleggen. ### Artikel 18.16d @@ -7682,7 +8041,7 @@ Indien de gedraging tevens een strafbaar feit is en de ernst van de overtreding ### Artikel 18.16e -**1.** Een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 18.16a, eerste lid, bedraagt ten hoogste € 450 000 per overtreding of, indien de omzet van de betrokken onderneming in het boekjaar voorafgaand aan het jaar waarin de beschikking tot oplegging van de bestuurlijke boete is gegeven, meer dan € 4 500 000 bedraagt, ten hoogste 10% van die omzet. +**1.** Een bestuurlijke boete als bedoeld in de artikelen 18.16a, eerste lid en 18.16c, eerste lid, bedraagt ten hoogste € 450 000 per overtreding of, indien de omzet van de betrokken onderneming in het boekjaar voorafgaand aan het jaar waarin de beschikking tot oplegging van de bestuurlijke boete is gegeven, meer dan € 4 500 000 bedraagt, ten hoogste 10% van die omzet. **2.** In geval van overtreding van het bepaalde bij artikel 16.37, eerste lid, of artikel 16.39t, eerste lid, bedraagt een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 18.16a, tweede lid, het in artikel 16, derde lid, van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten genoemde bedrag per ton emissie van een kooldioxide-equivalent, die meer is veroorzaakt dan overeenkomt met het aantal broeikasgasemissierechten, emissiereductie-eenheden of gecertificeerde emissiereducties dat overeenkomstig artikel 16.37, eerste lid, onderscheidenlijk artikel 16.39t, eerste lid, is ingeleverd. Artikel 5:46, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing. @@ -7698,7 +8057,7 @@ Vervallen ### Artikel 18.16g -**1.** Artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing bij overtreding van het bepaalde bij of krachtens de in artikel 18.16a, eerste en tweede lid, eerste volzin, genoemde artikelen. +**1.** Artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing bij overtreding van het bepaalde bij of krachtens de in de artikelen 18.16a, eerste en tweede lid, eerste volzin en 18.16c, eerste lid, genoemde artikelen. **2.** In geval van overtreding van het bepaalde bij artikel 16.37, eerste lid, of artikel 16.39t, eerste lid, vermeldt het rapport, bedoeld in artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, naast de in het tweede lid van dat artikel bedoelde gegevens, tevens het voornemen de naam van de overtreder op te nemen in het overzicht, bedoeld in artikel 18.16p, eerste lid. @@ -7722,7 +8081,7 @@ In geval van overtreding van het bepaalde bij artikel 16.37, eerste lid, of arti ### Artikel 18.16l -In afwijking van artikel 5:45, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht vervalt de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete op grond van artikel 18.16a, eerste en tweede lid, tien jaren nadat de overtreding heeft plaatsgevonden. +In afwijking van artikel 5:45, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht vervalt de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete op grond van de artikelen 18.16a, eerste en tweede lid en 18.16c, eerste lid, tien jaren nadat de overtreding heeft plaatsgevonden. ### Artikel 18.16m @@ -7860,13 +8219,13 @@ Indien bij de voorbereiding van een besluit dat is aangewezen krachtens artikel ### Artikel 19.7 -**1.** Indien in een emissieverslag als bedoeld in artikel 16.1 milieu-informatie voorkomt of milieu-informatie daaruit kan worden afgeleid, waarvan de geheimhouding op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur gerechtvaardigd is, kan het bestuur van de emissieautoriteit op een daartoe strekkend verzoek van degene die de inrichting drijft, toestaan dat een door het bestuur van de emissieautoriteit goedgekeurde, tweede tekst openbaar wordt gemaakt, waarin die informatie niet voorkomt, onderscheidenlijk waaruit die informatie niet kan worden afgeleid. Het bestuur van de emissieautoriteit maakt van deze bevoegdheid slechts gebruik met betrekking tot bedrijfsgeheimen en beveiligingsgegevens. Het in de eerste volzin bedoelde verzoek wordt gedaan uiterlijk drie maanden na afloop van het verslagjaar. Bij het verzoek wordt een tweede tekst overgelegd. +**1.** Indien in een emissieverslag als bedoeld in artikel 16.1 of een industrieel emissieverslag als bedoeld in artikel 16b.1 milieu-informatie voorkomt of milieu-informatie daaruit kan worden afgeleid, waarvan de geheimhouding op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur gerechtvaardigd is, kan het bestuur van de emissieautoriteit op een daartoe strekkend verzoek van degene die de inrichting drijft, toestaan dat een door het bestuur van de emissieautoriteit goedgekeurde, tweede tekst openbaar wordt gemaakt, waarin die informatie niet voorkomt, onderscheidenlijk waaruit die informatie niet kan worden afgeleid. Het bestuur van de emissieautoriteit maakt van deze bevoegdheid slechts gebruik met betrekking tot bedrijfsgeheimen en beveiligingsgegevens. Het in de eerste volzin bedoelde verzoek wordt gedaan uiterlijk drie maanden na afloop van het verslagjaar. Bij het verzoek wordt een tweede tekst overgelegd. -**2.** Indien in een emissieverslag als bedoeld in artikel 16.1 milieu-informatie voorkomt of daaruit milieu-informatie kan worden afgeleid, waarvan de openbaarmaking achterwege dient te blijven, onderscheidenlijk achterwege mag blijven, op grond van artikel 10, eerste lid, aanhef en onder b, onderscheidenlijk artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wet openbaarheid van bestuur, wordt een door degene die de inrichting drijft, op aanwijzing van het bestuur van de emissieautoriteit opgestelde tweede tekst openbaar gemaakt, waarin die informatie niet voorkomt, onderscheidenlijk waaruit deze niet kan worden afgeleid. +**2.** Indien in een emissieverslag als bedoeld in artikel 16.1 of een industrieel emissieverslag als bedoeld in artikel 16b.1 milieu-informatie voorkomt of daaruit milieu-informatie kan worden afgeleid, waarvan de openbaarmaking achterwege dient te blijven, onderscheidenlijk achterwege mag blijven, op grond van artikel 10, eerste lid, aanhef en onder b, onderscheidenlijk artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wet openbaarheid van bestuur, wordt een door degene die de inrichting drijft, op aanwijzing van het bestuur van de emissieautoriteit opgestelde tweede tekst openbaar gemaakt, waarin die informatie niet voorkomt, onderscheidenlijk waaruit deze niet kan worden afgeleid. **3.** De artikelen 19.4 en 19.5, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het bestuursorgaan, bedoeld in het eerste lid, wordt aangemerkt als het bevoegd gezag. -**4.** Indien een verzoek als bedoeld in het eerste lid is gedaan, kan openbaarmaking van het betrokken emissieverslag achterwege blijven tot uiterlijk vier weken nadat op dat verzoek onherroepelijk is beslist. +**4.** Indien een verzoek als bedoeld in het eerste lid is gedaan, kan openbaarmaking van het betrokken emissieverslag of industrieel emissieverslag achterwege blijven tot uiterlijk vier weken nadat op dat verzoek onherroepelijk is beslist. ### Artikel 19.8