diff --git a/amvb/inkomstenbesluit-militairen/BWBR0007816/README.md b/amvb/inkomstenbesluit-militairen/BWBR0007816/README.md index 375de7f712d..ae56955f442 100644 --- a/amvb/inkomstenbesluit-militairen/BWBR0007816/README.md +++ b/amvb/inkomstenbesluit-militairen/BWBR0007816/README.md @@ -18,32 +18,36 @@ citeertitel: Inkomstenbesluit militairen In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: -a. Onze Minister: Onze Minister van Defensie; -b. de commandant operationeel commando - -de Commandant Zeestrijdkrachten, de Commandant Landstrijdkrachten, de Commandant Luchtstrijdkrachten en de Commandant Koninklijke Marechaussee, voor het desbetreffende commando; -c. hoofd defensieonderdeel +- *Arbodienst:* een voor de militair aangewezen arbodienst als bedoeld in de Arbeidsomstandighedenwet; +- *bezoldiging:* het salaris, in voorkomend geval vermeerderd met de overbruggingstoelage, bedoeld in artikel 9, en de garantietoelage minimumloon, bedoeld in artikel 10; +- *commandant:* een bij ministeriële regeling aan te wijzen functionaris; +- *de commandant operationeel commando:* de Commandant Zeestrijdkrachten, de Commandant Landstrijdkrachten, de Commandant Luchtstrijdkrachten en de Commandant Koninklijke Marechaussee, voor het desbetreffende commando; +- *deskundige persoon:* een voor de militair aangewezen deskundige persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet die belast is met de taken, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdeel b, van die wet; +- *gewezen militair:* de ontslagen militair, voor zover hij heeft behoort tot degenen die zijn aangesteld bij het beroepspersoneel of daarmee gelijk zijn gesteld; +- *gezin en gezinsleden:* de echtgenoot, respectievelijk echtgenote van de militair en de kinderen, stief- en pleegkinderen van de militair of van de echtgenoot respectievelijk echtgenote; +- *hoofd defensieonderdeel:* 1°. de Secretaris-Generaal, voor zover het betreft de Bestuursstaf; 2°. de commandant operationeel commando voor het desbetreffende commando; 3°. de directeur van de Defensie Materieel Organisatie, voor zover het betreft de Defensie Materieel Organisatie, met uitzondering van het deel ondergebracht in de Bestuursstaf; 4°. de commandant van het Commando Dienstencentra, voor zover het betreft het Commando Dienstencentra; -d. commandant: een bij ministeriële regeling aan te wijzen functionaris; -e. militair: de militaire ambtenaar in de zin van artikel 1, eerste en tweede lid, van de Militaire ambtenarenwet 1931; -f. rang: een militaire rang en stand of klasse, voor zover niet titulair toegekend; -g. officier: de militair met de rang van luitenant ter zee der derde klasse, tweede luitenant of met een hogere rang; -h. gezin en gezinsleden: de echtgenote van de militair en de kinderen, stief- en pleegkinderen van de militair of van zijn echtgenote; -i. salaris: het bedrag dat met inachtneming van de bepalingen van dit besluit voor de militair is vastgesteld op grond van artikel 5; -j. salarisschaal: een reeks van salarissen, behorende bij een bepaalde rang; -k. bezoldiging: het salaris, in voorkomend geval vermeerderd met de overbruggingstoelage, bedoeld in artikel 9, en de garantietoelage minimumloon, bedoeld in artikel 10; -l. inkomsten: alle bedragen waarop de militair aanspraak kan maken bij of krachtens dit besluit; -m. *salarisnummer:* +- *inkomsten:* alle bedragen waarop de militair aanspraak kan maken bij of krachtens dit besluit; +- *maand:* een kalendermaand; +- *militair:* de militaire ambtenaar in de zin van artikel 1, eerste en tweede lid, van de Militaire ambtenarenwet 1931; +- *Nagelaten betrekkingen:* -het getal dat in een salarisschaal voor een salaris is vermeld; -n. maand: een kalendermaand; -o. werknemersverzekering: Werkloosheidswet, Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering, dan wel de Ziektewet; -p. arbodienst: een voor de militair aangewezen arbodienst als bedoeld in de Arbeidsomstandighedenwet; -q. deskundige persoon: een voor de militair aangewezen deskundige persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet die belast is met de taken, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdeel b, van die wet. +1° De echtgenoot, echtgenote of geregistreerd partner van de overleden militair; +2° De achtergebleven partner die door de militair als partner is aangemeld bij de Stichting Pensioenfonds ABP en door het bestuur van dat fonds als zodanig is aangemerkt; +3° Minderjarige kinderen of minderjarige pleegkinderen; +- *Officier:* de militair met de rang van luitenant ter zee der derde klasse, tweede luitenant of met een hogere rang; +- *Onze Minister:* Onze Minister van Defensie; +- *Pensioengevend inkomen:* de in de berekeningsgrondslag pensioenen opgenomen inkomensbestanddelen dat met inachtneming van de bepalingen van dit besluit voor de militair is vastgesteld op grond van artikel 23a; +- *rang:* een militaire rang en stand of klasse, voor zover niet titulair toegekend; +- *salaris:* het bedrag dat met inachtneming van de bepalingen van dit besluit voor de militair is vastgesteld op grond van artikel 5; +- *salarisschaal:* een reeks van salarissen, behorende bij een bepaalde rang; +- *salarisnummer:* het getal dat in een salarisschaal voor een salaris is vermeld; +- *werknemersverzekering:* + Werkloosheidswet, Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering, dan wel de Ziektewet. **2.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt mede verstaan onder militair: degene die is aangesteld in burgerlijke openbare dienst om bij de krijgsmacht als geestelijk verzorger werkzaam te zijn. @@ -286,12 +290,6 @@ Voor de toepassing van dit artikel wordt het maximumsalaris bereikt voor: a. de matroos der 1e klasse van de Koninklijke Marine: bij het salarisnummer 11 of hoger; b. de korporaal, de korporaal der 1e klasse van de Koninklijke Landmacht en de Koninklijke Luchtmacht en de marechaussee der 1e klasse van de Koninklijke Marechaussee: bij het salarisnummer 15 of hoger. -### Artikel 12b - -**1.** Onder toepassing van artikel 53g van het Algemeen militair ambtenarenreglement wordt aan de militair die behoort tot een bij ministeriële regeling vastgestelde categorie personeel, een premie ter stimulering van het behoud van de militair toegekend. - -**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de hoogte en de wijze van toekenning van een behoudpremie. - ### Artikel 13 **1.** @@ -350,25 +348,6 @@ De militair met een lagere rang dan vice-admiraal of luitenant-generaal heeft aa ### Artikel 15a -**1.** - -In dit artikel wordt verstaan onder: - -– *pensioengevend inkomen:* de som van de inkomensbestanddelen die op grond van de pensioenregeling voor militairen die geldt tot 1 januari 2019 pensioengevend zijn voor de opbouw van aanspraken op ouderdomspensioen en het daarvan afgeleide partnerpensioen en wezenpensioen; -– *aftoppingsgrens:* de aftoppingsgrens van het pensioengevend inkomen op basis van artikel 18ga van de Wet op de loonbelasting 1964. - -**2.** De militair heeft aanspraak op een uitkering indien zijn pensioengevend inkomen wordt afgetopt op basis van artikel 18ga van de Wet op de loonbelasting 1964. - -**3.** De gewezen militair die een uitkering ontvangt op grond van de Uitkeringswet gewezen militairen heeft aanspraak op een uitkering indien zijn pensioengevend inkomen wordt afgetopt op basis van artikel 18ga van de Wet op de loonbelasting 1964. - -**4.** De uitkering, bedoeld in het tweede lid, wordt berekend door het werkgeversdeel van de premie voor ouderdoms- en nabestaandenpensioen te vermenigvuldigen met het pensioengevend inkomen boven de aftoppingsgrens. - -**5.** De uitkering, bedoeld in het derde lid, wordt berekend door vijftig procent van het werkgeversdeel van de premie voor ouderdoms- en nabestaandenpensioen te vermenigvuldigen met het pensioengevend inkomen boven de aftoppingsgrens. - -**6.** Dit artikel is niet van toepassing op militairen, en gewezen militairen, wier salarissen de ontwikkeling volgen van de sector Rijk. - -### Artikel 15a - Vervallen ### Artikel 16 @@ -467,7 +446,32 @@ Voor elke volledige dag dat de militair zich aan zijn dienstverplichtingen onttr ### Artikel 20 -Vervallen +**1.** Aan de nagelaten betrekkingen van degene, die als militair, krachtens een door of namens de Minister van Defensie verstrekte opdracht, anders dan als passagier, dienst verrichte aan boord van een vliegtuig en die ten gevolge van een vliegongeval met dat vliegtuig tijdens het verrichten van die dienst, is overleden, wordt gezamenlijk een uitkering ineens verleend. + +**2.** Aan degene, die als militair, krachtens een door of namens de Minister van Defensie verstrekte opdracht, anders dan als passagier, dienst aan boord van een vliegtuig verrichte en die ten gevolge van een vliegongeval met dat vliegtuig tijdens het verrichten van die dienst blijvend invalide is geworden wordt een uitkering ineens verleend. + +**3.** Onder dienst aan boord van een vliegtuig in de zin van de eerste lid en tweede lid wordt verstaan het, waar ook ter wereld, tijdens een vlucht dienst doen aan boord van een vliegtuig. + +**4.** + +De vlucht, bedoeld in het vorige lid en in vijfde lid, wordt geacht: + +a. aan te vangen op het ogenblik, waarop de betrokkene, met het doel om te vliegen zich begeeft naar het vliegtuig en dit zo dicht is genaderd, dat hem ten gevolge van een gebeuren met dat vliegtuig, een vliegongeval zou kunnen overkomen; +b. te eindigen onmiddellijk na het ogenblik, waarop de betrokkene, op het aardoppervlak teruggekeerd na het verlaten van het vliegtuig, redelijkerwijze kan worden geacht zich in veiligheid te bevinden. + +**5.** Onder vliegongeval in de zin van dit artikel wordt verstaan een tijdens de vlucht rechtstreeks met het vliegtuig in verband staande plotselinge inwerking van uitwendig geweld op het lichaam, waaronder begrepen verstikking, het onvrijwillig inademen van vergiftigende gassen en dampen, verdrinking, uitputting en de gevolgen van rechtmatige verdediging, alsmede zodanige andere feiten als de Minister van Defensie in voorkomende gevallen daaronder begrepen oordeelt. + +**6.** De uitkering ineens, bedoeld in het eerste lid, bedraagt € 15.000,–, indien de overledene in het genot was van een vliegtoelage bedoeld in de artikel 10 of artikel 11 van de Inkomstenregeling militairen. De verschuldigde loonheffing en premies komen voor rekening van het Rijk. + +**7.** De uitkering ineens, bedoeld in het eerste lid, bedraagt € 37.500,–, indien de overledene niet in het genot was van een vliegtoelage bedoeld in de artikel 10 of artikel 11 Inkomstenregeling militairen. De verschuldigde loonheffing en premies komen voor rekening van het Rijk. + +**8.** De toekenning van een uitkering ineens ter zake van blijvende invaliditeit doet aanspraak op een uitkering ter zake van overlijden te niet gaan, tenzij het overlijden plaatsvindt binnen twee jaar ná het tijdstip, waarop het vliegongeval plaatsvond, in welk geval het bedrag van de uitkering of de som der uitkeringen toekomende aan de nagelaten betrekkingen wordt verminderd met het bedrag der verleende uitkering. + +**9.** De uitkering ineens, bedoeld in het tweede lid, is ingeval van blijvende algehele invaliditeit gelijk aan de overeenkomstige gevallen bij overlijden uit te keren bedragen, genoemd in de zesde lid en zevende lid. + +**10.** De uitkering ineens, bedoeld in het tweede lid, is in het geval van blijvende gedeeltelijke invaliditeit gelijk aan dat gedeelte van de in overeenkomstige gevallen bij overlijden uit te keren bedragen, genoemd in de zesde lid en zevende lid, als wordt uitgedrukt door het percentage van die invaliditeit. Het percentage wordt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk twee jaar na het tijdstip, waarop het vliegongeval plaatsvond, vastgesteld. + +**11.** Dit artikel is niet van kracht ten aanzien van vliegongevallen als gevolg van feitelijke oorlogsomstandigheden. ### Artikel 21 @@ -516,7 +520,7 @@ b. de vakantie-uitkering, met uitzondering van dat deel, dat als een tijdelijk b c. de eindejaarsuitkering; d. de vliegtoelage; e. de garantievliegtoelage; -f. de toelage Huis van H.M. de Koningin; +f. de toelage Huis van Z.M. de Koning; g. de functioneringstoelage, indien deze voor ten minste vijf jaren onafgebroken is toegekend; h. de toelage officieren-arts, officieren-tandarts en officieren-apotheker, zodra deze toelage laatstelijk gedurende vijf jaren onafgebroken is genoten; i. de toelage officieren-medisch specialist, zodra deze toelage laatstelijk gedurende vijf jaren onafgebroken is genoten; @@ -524,29 +528,12 @@ j. de brevettoelage marinierskapel; k. een op grond van artikel 26 van dit besluit dan wel een voor 1 januari 2009 op grond van artikel 115 van het Algemeen militair ambtenarenreglement toegekende schadeloosstelling, vergoeding of tegemoetkoming, voor zover deze, naar het oordeel van Onze Minister, een vast onderdeel van zijn inkomen vormt; l. de door Onze Minister te schatten geldswaarden per jaar van het emolument van kleermakers, schoenmakers en barbiers der zeemacht wegens werkzaamheden ten dienste van de militairen, welke schatting niet individueel geschiedt doch voor alle kleermakers, schoenmakers en barbiers naar een voor elk van deze categorieën te bepalen bedrag, berekend naar de gemiddelde inkomsten, welke door elke categorie jaarlijks uit het bedrijf wordt genoten; m. het emolument huisvesting Koninklijke marechaussee; -n. de vaste vergoeding voor extra beslaglegging van de militair die zich in fase twee of drie bevindt, voor zover hij deze na 31 december 2001 heeft genoten, met uitzondering van de militair, bedoeld in het vierde lid. +n. de vaste vergoeding voor extra beslaglegging van de militair die zich in fase twee of drie bevindt, voor zover hij deze na 31 december 2001 heeft genoten. **2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing voor de gewezen militair die een uitkering ingevolge de Uitkeringswet gewezen militairen geniet en voor wie de ontslagleeftijd met ingang van 1 januari 2006 bij of krachtens artikel 12 van de Militaire Ambtenarenwet 1931 is gewijzigd. **3.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing voor de gewezen militair die een ontslaguitkering, waaronder tevens te begrijpen een uitkering ingevolge de Uitkeringswet gewezen militairen, geniet in de zin van de bij of krachtens de Kaderwet militaire pensioenen vastgestelde regels, met dien verstande dat onderdeel n van het eerste lid niet als inkomensbestanddeel bij de berekening van de pensioengrondslag wordt meegenomen. -**4.** - -Met de uitzondering genoemd in het eerste lid, onderdeel n, wordt bedoeld: - -a. de militair van de zeemacht zonder rang, of die een rang bekleedt lager dan luitenant ter zee der derde klasse die in het jaar 2002, 2003, 2004 of 2005 de leeftijd van vijftig jaar heeft bereikt; -b. de militair van de zeemacht, die de rang bekleedt van luitenant ter zee der derde klasse, luitenant ter zee der tweede klasse of luitenant ter zee der tweede klasse oudste categorie, die in het jaar 2002, 2003, 2004 of 2005 de leeftijd van tweeënvijftig jaar heeft bereikt; -c. de militair van de zeemacht die de rang bekleedt van luitenant ter zee der eerste klasse, of een hogere rang, die: - -1°. van 1 januari 2002 tot en met 30 juni 2002 de leeftijd van drieënvijftig jaar en zes maanden heeft bereikt; -2°. van 1 juli 2002 tot en met 30 juni 2003 de leeftijd van drieënvijftig jaar en negen maanden heeft bereikt; -3°. van 1 juli 2003 tot en met 30 juni 2005 de leeftijd van vierenvijftig jaar heeft bereikt; -4°. van 1 juli 2005 tot en met 30 juni 2006 de leeftijd van vierenvijftig jaar en drie maanden heeft bereikt; -5°. van 1 juli 2006 tot en met 30 juni 2007 de leeftijd van vierenvijftig jaar en zes maanden bereikt; -6°. van 1 juli 2007 tot en met 30 juni 2008 de leeftijd van vierenvijftig jaar en negen maanden bereikt; -7°. van 1 juli 2008 tot en met 31 december 2008 de leeftijd van vijfenvijftig jaar bereikt; -d. de overige militairen die in het jaar 2002, 2003, 2004 en 2005 de leeftijd van vijfenvijftig jaar hebben bereikt. - ### Artikel 23b **1.** De eigen bijdrage van de militair aan het arbeidsongeschiktheidspensioen komt overeen met het pensioenbijdrageverhaal voor het invaliditeitspensioen dat ingevolge artikel 4, vijfde lid van de Wet privatisering ABP van een overheidswerknemer, die met die militair kan worden gelijkgesteld, door de sectorwerkgever wordt geheven. @@ -557,15 +544,7 @@ d. de overige militairen die in het jaar 2002, 2003, 2004 en 2005 de leeftijd va ### Artikel 23c -**1.** Op de inkomsten van de militair bedoeld in artikel 23a, vierde lid, wordt een pseudo-pensioenpremievergoeding voor extra beslaglegging ingehouden, overeenkomstig de pensioenbijdrage die verhaald zou zijn indien op basis van artikel 23a, onderdeel n, de vaste vergoeding voor extra beslaglegging voor zover hij deze na 31 december 2001 heeft genoten, tot zijn pensioengrondslag zou behoren. - -**2.** De pseudo-pensioenpremievergoeding voor extra beslaglegging wordt op de datum dat hij met leeftijdsontslag gaat gerestitueerd aan de militair, uitgezonderd de militair bedoeld in het derde en vierde lid. - -**3.** Voor de militair, bedoeld in het eerste lid, die na 31 december 2002 de leeftijd bereikt waarop hij twee jaren ouder is dan de voor hem geldende ontslagleeftijd als bedoeld in artikel 39a AMAR wordt de pseudo-pensioenpremievergoeding voor extra beslaglegging op de datum van eerstbedoelde leeftijd omgezet in een pensioenbijdrage en wordt de vaste vergoeding voor extra beslaglegging tot de berekeningsgrondslag voor het pensioen gerekend. - -**4.** Voor de militair, bedoeld in het eerste lid, die na 31 december 2002 met leeftijdsontslag gaat en op de ontslagdatum twee jaar ouder is dan de op die datum voor hem geldende ontslagleeftijd als bedoeld in artikel 39a AMAR, wordt de pseudo-pensioenpremie vergoeding voor extra beslaglegging op de datum van ontslag omgezet in een pensioenbijdrage en wordt de vaste vergoeding voor extra beslaglegging tot de berekeningsgrondslag voor het pensioen gerekend. - -**5.** Het tweede, derde en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing indien deze militair komt te overlijden voordat hij is ontslagen, te rekenen naar de overlijdensdatum. +Vervallen ### Artikel 23d