2006-01-01 | BWBR0018823 | Warenwetbesluit hygiëne van levensmiddelen
This commit is contained in:
parent
17da402ef0
commit
86bae61946
1 changed files with 77 additions and 75 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Warenwetbesluit hygiëne van levensmiddelen
|
|||
bwb_id: BWBR0018823
|
||||
type: AMvB
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2024-06-14'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2006-01-01'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0018823
|
||||
citeertitel: Warenwetbesluit hygiëne van levensmiddelen
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -20,10 +20,11 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
a. *verordening (EG) 852/2004*: verordening (EG) nr. 852/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 inzake levensmiddelenhygiëne (PbEU L 139 en L 226);
|
||||
b. *hygiënecode*: een in Nederland opgestelde nationale gids voor goede praktijken inzake hygiëne en de toepassing van HACCP-beginselen als bedoeld in artikel 7 van verordening (EG) 852/2004;
|
||||
c. *richtlijn 98/28/EG*: richtlijn nr. 98/28/EG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 29 april 1998 (PbEG L 140) inzake een afwijking van enkele bepalingen van richtlijn 93/43/EEG van de Raad inzake levensmiddelenhygiëne voor het bulkvervoer over zee van ruwe suiker;
|
||||
d. *verordening (EG) 853/2004*: verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong (PbEU L 139 en L 226);
|
||||
e. *verordening (EU) 2017/625*: Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009, (EU) nr. 1151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 1/2005 en (EG) nr. 1099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles) (PbEU 2017, L 95);
|
||||
f. *verordening (EG) 2073/2005*: verordening (EG) nr. 2073/2005 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 15 november 2005 inzake microbiologische criteria voor levensmiddelen (PbEU L 338).
|
||||
c. *richtlijn 96/3/Euratom, EGKS, EG*: richtlijn nr. 96/3/Euratom, EGKS, EG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 26 januari 1996 (PbEG L 21) inzake een afwijking van enkele bepalingen van richtlijn 93/43/EEG van de Raad inzake levensmiddelenhygiëne voor het bulkvervoer van vloeibare oliën en vetten over zee;
|
||||
d. *richtlijn 98/28/EG*: richtlijn nr. 98/28/EG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 29 april 1998 (PbEG L 140) inzake een afwijking van enkele bepalingen van richtlijn 93/43/EEG van de Raad inzake levensmiddelenhygiëne voor het bulkvervoer over zee van ruwe suiker;
|
||||
e. *verordening (EG) 853/2004*: verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong (PbEU L 139 en L 226);
|
||||
f. *verordening (EG) 854/2004*: verordening (EG) nr. 854/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke voorschriften voor de organisatie van de officiële controles van voor menselijke consumptie bestemde producten van dierlijke oorsprong (PbEU L 139 en L 226);
|
||||
g. *verordening (EG) 882/2004*: verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 inzake officiële controles op de naleving van de wetgeving inzake diervoeders en levensmiddelen en de voorschriften inzake diergezondheid en dierenwelzijn (PbEU L 165 en L 191).
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -38,26 +39,48 @@ b. de exploitanten van inrichtingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder c,
|
|||
4°. vrij wild;
|
||||
|
||||
als bedoeld in bijlage III, secties I tot en met IV, van verordening (EG) 853/2004;
|
||||
c. de officiële controles van vers vlees en daarmee verband houdende bepalingen, bedoeld in artikel 17 en 18, eerste tot en met vijfde lid, zevende lid, onderdelen a tot en met f, h tot en met k, achtste lid, onderdelen a, c, d en e, en negende lid, van verordening (EU) 2017/625; en
|
||||
d. de officiële controles op de naleving van de wetgeving inzake diervoeders, diergezondheid en dierenwelzijn, bedoeld in verordening (EU) 2017/625.
|
||||
c. de officiële controles van vers vlees en daarmee verband houdende bepalingen, bedoeld in artikel 5 en bijlage I, van verordening (EG) 854/2004; en
|
||||
d. de officiële controles op de naleving van de wetgeving inzake diervoeders, diergezondheid en dierenwelzijn, bedoeld in verordening (EG) 882/2004.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
**1.** Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 3, 4, eerste, tweede en derde lid, 5, eerste lid, tweede lid, laatste alinea, en vierde lid, en 6, tweede lid en derde lid, onderdelen a en b, van verordening (EG) 852/2004 en de krachtens de artikelen 4, vierde lid, en 6, derde lid, onderdeel c, van verordening (EG) 852/2004 vastgestelde bepalingen.
|
||||
**1.** Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 3, 4, eerste, tweede, en derde lid, 5, eerste lid, tweede lid, laatste alinea, en vierde lid, en 6, tweede lid, en derde lid, onder a, b, en c, van verordening (EG) 852/2004.
|
||||
|
||||
**2.** Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 3, 4, eerste tot en met vierde lid, 5, 6, eerste, derde, en vierde lid, 7, eerste lid, en 8, eerste lid, van verordening (EG) 853/2004 en de krachtens artikel 11 van verordening (EG) 853/2004 vastgestelde bepalingen.
|
||||
**2.** Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 3, 4, eerste tot en met vierde lid, 5, 6, eerste, derde, en vierde lid, 7, eerste lid, en 8, eerste lid, van verordening (EG) 853/2004.
|
||||
|
||||
**3.** Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 3, 4, 5, eerste, tweede en vierde lid, 6, eerste lid, 7, en 9, van verordening (EG) 2073/2005.
|
||||
**3.** Het is verboden te handelen in strijd met de krachtens artikelen 3, vierde lid, en 10 vastgestelde regels.
|
||||
|
||||
**4.** Het is verboden te handelen in strijd met artikel 7, eerste lid.
|
||||
|
||||
**5.** Het is verboden rauwe melk en rauwe room, bestemd voor rechtstreekse menselijke consumptie, te verhandelen, anders dan met inachtneming van de artikelen 8 en 8a.
|
||||
**4.** Het is verboden rauwe koemelk, bestemd voor rechtstreekse menselijke consumptie, te verhandelen, anders dan met inachtneming van artikel 8.
|
||||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
**1.** Onze Minister is de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel d, van verordening (EG) 852/2004.
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
**2.** Bij regeling van Onze Minister worden procedures vastgesteld als bedoeld in artikel 148 van verordening (EU) 2017/625.
|
||||
Bevoegde autoriteit:
|
||||
|
||||
a. bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder d, van verordening (EG) 852/2004, en in artikel 2, eerste lid, onder c, van verordening (EG) 854/2004, is de Voedsel en Waren Autoriteit;
|
||||
b. bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder d, van verordening (EG) 852/2004, met betrekking tot bijlage I van die verordening, is de Algemene Inspectiedienst;
|
||||
c. bedoeld in artikel 2, vierde lid, van verordening (EG) 882/2004, zijn de diensten waarbij de krachtens de Warenwet aangewezen ambtenaren, belast met het toezicht op de naleving van de bij of krachtens de Warenwet gestelde voorschriften, werkzaam zijn.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
In afwijking van het eerste lid is Onze Minister de bevoegde autoriteit inzake:
|
||||
|
||||
a. de verlening van erkenningen van inrichtingen als bedoeld in:
|
||||
|
||||
1°. artikel 4 van verordening (EG) 853/2004;
|
||||
2°. artikel 3 van verordening (EG) 854/2004;
|
||||
b. het bij niet-naleving van verordening (EG) 852/2004 of van verordening (EG) 853/2004 indien nodig:
|
||||
|
||||
1°. schorsen of intrekken van de erkenning van inrichtingen als bedoeld onder a;
|
||||
2°. beperken of verbieden van het op de markt brengen van bepaalde eet- en drinkwaren;
|
||||
3°. bevelen van de monitoring, het terugroepen, uit de handel nemen of vernietigen van eet- en drinkwaren;
|
||||
4°. machtiging verlenen om eet- en drinkwaren aan te wenden voor andere doeleinden dan waarvoor zij oorspronkelijk waren bedoeld; of
|
||||
5°. tijdelijk, geheel of gedeeltelijk, gelasten van de sluiting van het betrokken bedrijf.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid is het Productschap Vis de bevoegde autoriteit, bedoeld in bijlage II, hoofdstuk II, van verordening (EG) 854/2004. Dat productschap informeert ook de Voedsel en Waren Autoriteit op de voet van punt E, onder a en b, van dat hoofdstuk.
|
||||
|
||||
**4.** Bij regeling van Onze Minister worden procedures vastgesteld als bedoeld in artikel 11, vijfde lid, en artikel 31, eerste lid, onder a, en tweede lid, onder a, van verordening (EG) 882/2004.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Hygiënecodes
|
||||
|
||||
|
|
@ -81,7 +104,7 @@ d. als leidraad kan dienen voor de naleving van artikel 3, artikel 4, of artikel
|
|||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
In afwijking van het tweede lid keurt Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie een hygiënecode goed die:
|
||||
In afwijking van het tweede lid keurt Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een hygiënecode goed die:
|
||||
|
||||
a. betrekking heeft op de primaire productie en de in bijlage I van verordening (EG) 852/2004 bedoelde, daarmee verband houdende bewerkingen;
|
||||
b. is opgesteld in overeenstemming met artikel 8, eerste lid, onder c, van verordening (EG) 852/2004;
|
||||
|
|
@ -90,7 +113,7 @@ d. als leidraad kan dienen voor de naleving van artikel 3, artikel 4, en artikel
|
|||
|
||||
**4.** Een in het tweede lid bedoelde goedkeuring kan, voor zover die goedkeuring betrekking heeft op één of meer van de permanente procedures, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van verordening (EG) 852/2004, worden ingetrokken indien de desbetreffende procedure niet is herzien en waar nodig aangepast overeenkomstig artikel 5, tweede lid, laatste alinea, van verordening (EG) 852/2004.
|
||||
|
||||
**5.** Onze Minister of Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, neemt een in het tweede en vierde lid onderscheidenlijk het derde en vierde lid bedoeld besluit, gehoord het advies van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
|
||||
**5.** Onze Minister of Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, neemt een in het tweede en vierde lid onderscheidenlijk het derde en vierde lid bedoeld besluit, gehoord het advies van de Voedsel en Waren Autoriteit.
|
||||
|
||||
**6.** Het vierde en vijfde lid zijn van overeenkomstige toepassing op een hygiënecode die vóór de inwerkingtreding van dit besluit is opgesteld en goedgekeurd op de voet van artikel 31, eerste, tweede en derde lid, van de Warenwetregeling Hygiëne van levensmiddelen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -118,7 +141,7 @@ b. communautaire gidsen als bedoeld in artikel 9 van verordening (EG) 852/2004.
|
|||
|
||||
In afwijking van artikel 4, tweede lid, van verordening (EG) 852/2004:
|
||||
|
||||
a. mag het bulkvervoer in zeeschepen van vloeibare oliën of vetten die zullen worden gebruikt voor menselijke consumptie, geschieden met inachtneming van Verordening (EU) nr. 579/2014 van de Commissie van 28 mei 2014 inzake een afwijking van enkele bepalingen van bijlage II bij Verordening (EG) nr. 852/2004 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft het vervoer van vloeibare oliën en vetten over zee (PbEU 2014, L 160);
|
||||
a. mag het bulkvervoer in zeeschepen van vloeibare oliën of vetten die zullen worden gebruikt voor menselijke consumptie, geschieden met inachtneming van richtlijn 96/3/Euratom, EGKS, EG;
|
||||
b. mag het bulkvervoer over zee van ruwe suiker die zonder een volledig en effectief raffinageproces te hebben ondergaan niet bestemd is voor gebruik als eetwaar of ingrediënt van een levensmiddel, geschieden met inachtneming van richtlijn 98/28/EG.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 4. Rechtstreekse levering van kleine hoeveelheden primaire producten door de producent
|
||||
|
|
@ -139,73 +162,58 @@ geschiedt op zindelijke wijze en zodanig dat:
|
|||
|
||||
**2.** Met betrekking tot het eerste lid kan een hygiënecode worden opgesteld. In dat geval zijn artikel 4, eerste lid, tweede lid, onder a, b en d, vierde en vijfde lid, en artikel 5, eerste en tweede lid, van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 5. Rauwe melk en rauwe room
|
||||
### Paragraaf 5. Rauwe melk
|
||||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
||||
**1.** Rauwe melk en rauwe room bestemd voor rechtstreekse menselijke consumptie worden uitsluitend op het bedrijf waar deze producten zijn gewonnen aan de consument geleverd of aan de plaatselijke detailhandel die rechtstreeks aan de consument levert.
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Rauwe koemelk, bestemd voor directe aflevering aan particulieren, is uitsluitend aanwezig:
|
||||
|
||||
1°. op het bedrijf van de melkveehouder waar die melk gewonnen is; en
|
||||
2°. in een recipiënt die niet geschikt is om met de inhoud afgeleverd te worden aan particulieren;
|
||||
|
||||
en voldoet aan de volgende eisen:
|
||||
|
||||
a. kiemgetal bij 30 °C ≤ 50.000 per ml^1;
|
||||
b. Staphylococcus aureus (per ml): m=100, M=500, n=5, c=2^2; en
|
||||
c. Salmonella is afwezig in 25 g: n=5, c=0.
|
||||
|
||||
^1 Meetkundig gemiddelde, geconstateerd over een periode van twee maanden, met ten minste twee monsternemingen per maand.
|
||||
|
||||
^2 n: aantal eenheden waaruit een monster bestaat;
|
||||
|
||||
m: drempelwaarde voor het aantal bacteriën: het resultaat is bevredigend als het aantal bacteriën in alle eenheden gelijk is aan of groter is dan m;
|
||||
|
||||
M: maximumwaarde voor het aantal bacteriën: het resultaat is onbevredigend als het aantal bacteriën in één of meer eenheden gelijk is aan of groter is dan M;
|
||||
|
||||
c: aantal eenheden waarin het aantal bacteriën mag liggen tussen m en M, en waarbij het monster nog aanvaardbaar is als het aantal bacteriën in de andere eenheden gelijk is aan of kleiner is dan m.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De exploitant van een bedrijf waar rauwe melk en rauwe room worden gewonnen mag deze producten ter plaatse aan de consument leveren:
|
||||
De in het eerste lid bedoelde melk wordt, wanneer zij niet binnen twee uur na het melken aan de consument wordt verkocht, gekoeld tot:
|
||||
|
||||
a. indien de rauwe melk en rauwe room ongekoeld worden geleverd: binnen twee uur na het winnen;
|
||||
b. indien de rauwe melk en rauwe room onmiddellijk na het winnen gekoeld worden tot een temperatuur van ten hoogste 4 °C en tot het moment van levering op die temperatuur worden bewaard: binnen 72 uur na het winnen.
|
||||
a. indien die melk binnen 24 uur na het melken verkocht wordt: een temperatuur van 8 °C of lager;
|
||||
b. indien die melk niet binnen 24 uur na het melken verkocht wordt: een temperatuur van 6 °C of lager.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De exploitant, bedoeld in het tweede lid, mag rauwe melk en rauwe room in diepgevroren staat ter plaatse aan de consument leveren of verzenden:
|
||||
|
||||
a. indien de rauwe melk en rauwe room binnen 24 uur na het winnen diepgevroren worden tot een temperatuur van ten hoogste - 18 °C en tot het moment van levering of verzending op die temperatuur worden bewaard; en
|
||||
b. indien verzending zodanig gebeurt, dat de temperatuur van het product tijdens transport constant blijft of tot ten hoogste - 15 °C oploopt.
|
||||
|
||||
**4.** Het derde lid is van overeenkomstige toepassing op de levering of verzending van rauwe melk en rauwe room in diepgevroren staat aan de plaatselijke detailhandel indien deze producten bestemd zijn voor rechtstreekse levering aan de consument.
|
||||
|
||||
**5.**
|
||||
|
||||
Rauwe melk en rauwe room bestemd voor rechtstreekse menselijke consumptie, voldoen aan:
|
||||
|
||||
a. de in de bijlage genoemde criteria; en
|
||||
b. de criteria, genoemd in artikel 4, eerste lid, van het Warenwetbesluit Bereiding en behandeling van levensmiddelen.
|
||||
|
||||
**6.** De exploitant, bedoeld in het tweede lid, laat rauwe melk minimaal tweemaal per maand op het totaal aeroob kiemgetal bij 30 °C onderzoeken.
|
||||
|
||||
**7.** Het onderzoek, bedoeld in het zesde lid, vindt plaats aan het eind van de bewaartermijn van de melk, doch uiterlijk 72 uur na productie. Dit onderzoek mag eerder plaatsvinden als aannemelijk wordt gemaakt dat het kiemgetal ook aan het einde van de bewaartermijn aan het criterium, genoemd in de bijlage, zal voldoen.
|
||||
|
||||
**8.** De exploitant, bedoeld in het tweede lid, laat rauwe melk minimaal eenmaal per maand op Salmonella, Campylobacter en Shiga-toxine producerende E. coli (STEC) onderzoeken. De frequentie van dit onderzoek kan worden gehalveerd als de resultaten gedurende zes maanden achter elkaar voldoen aan de criteria, bedoeld in het vijfde lid.
|
||||
|
||||
**9.** De exploitant bewaart de gegevens van de onderzoeken, bedoeld in het zesde en achtste lid, gedurende twee jaren en houdt het ter beschikking van de toezichthouder.
|
||||
|
||||
**10.** De exploitant, bedoeld in het tweede lid, die een activiteit, genoemd in het eerste lid uitvoert, doet daarvan melding aan Onze Minister. De melding wordt gedaan door middel van een door Onze Minister beschikbaar gesteld elektronisch formulier. Onze Minister verstrekt de gegevens van de melding aan degenen die ingevolge de artikelen 25, eerste lid, en 25a, eerste lid, van de Warenwet belast zijn met het toezicht op de naleving van de regels gesteld bij dit artikel.
|
||||
|
||||
### Artikel 8a
|
||||
|
||||
**1.** De exploitant, bedoeld in artikel 8, tweede lid, zorgt ervoor dat op de recipiënten met rauwe melk of rauwe room bestemd voor rechtstreekse menselijke consumptie, met uitzondering van de melktank, de datum en het tijdstip van winning van de rauwe melk of rauwe room worden vermeld.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De exploitant, bedoeld in artikel 8, tweede lid, zorgt ervoor dat op de verpakkingen van rauwe melk en rauwe room bestemd voor rechtstreekse menselijke consumptie of in de directe omgeving van deze producten als ze pas bij aflevering worden verpakt, duidelijk leesbaar de volgende vermelding wordt vermeld:
|
||||
|
||||
a. indien het rauwe melk of rauwe biest betreft: RAUWE MELK / BIEST * GEBRUIKEN OP DE DAG VAN AANKOOP * GEEF SCHADELIJKE BACTERIËN GEEN KANS * KOKEN VOOR GEBRUIK AANBEVOLEN;
|
||||
b. indien het rauwe room betreft: RAUWE ROOM * GEBRUIKEN OP DE DAG VAN AANKOOP * GEEF SCHADELIJKE BACTERIËN GEEN KANS * KOKEN VOOR GEBRUIK AANBEVOLEN.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van het tweede lid is de vermelding «GEBRUIKEN OP DE DAG VAN AANKOOP» niet verplicht indien de verpakking is voorzien van een datum van minimale houdbaarheid of een uiterste consumptiedatum.
|
||||
**3.** Op of in de directe omgeving van de in het eerste lid bedoelde recipiënt wordt duidelijk leesbaar de volgende vermelding gebezigd: RAUWE MELK VOOR GEBRUIK KOKEN.
|
||||
|
||||
### Artikel 9
|
||||
|
||||
De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit is bevoegd de toestemming te verlenen, bedoeld in artikel 10, achtste lid, onder b, van verordening (EG) 853/2004.
|
||||
De Voedsel en Waren Autoriteit is bevoegd de toestemming te verlenen, bedoeld in artikel 10, achtste lid, onder b, van verordening (EG) 853/2004.
|
||||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
Onze Minister stelt nadere regels inzake de artikelen 1 tot en met 9, voor zover die noodzakelijk zijn voor de goede uitvoering van de bij of krachtens verordeningen (EG) 852/2004 of 853/2004 gestelde voorschriften.
|
||||
|
||||
### Artikel 10a
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
Onze Minister stelt nadere regels inzake de artikelen 1 tot en met 9, voor zover die noodzakelijk zijn voor de goede uitvoering van de bij of krachtens verordeningen (EG) 852/2004, 853/2004, 854/2004 of 882/2004 gestelde voorschriften.
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
Een wijziging van:
|
||||
|
||||
a. richtlijn 96/3/Euratom, EGKS, EG; of
|
||||
b. richtlijn 98/28/EG;
|
||||
|
||||
gaat voor de toepassing van artikel 6 gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 6. Slotbepalingen
|
||||
|
||||
|
|
@ -239,14 +247,8 @@ Wijzigt het Warenwetbesluit Uitvoer van waren.
|
|||
|
||||
### Artikel 19
|
||||
|
||||
**1.** Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2006.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel 10a vervalt met ingang van 1 januari 2010.
|
||||
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2006.
|
||||
|
||||
### Artikel 20
|
||||
|
||||
Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit hygiëne van levensmiddelen.
|
||||
|
||||
## Bijlage . Criteria voor rauwe melk
|
||||
|
||||
(Bijlage als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, onderdeel a, van het Warenwetbesluit hygiëne van levensmiddelen)
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue