diff --git a/zbo/beleidsregels-uwv-pilot-participatiebudget/BWBR0023499/README.md b/zbo/beleidsregels-uwv-pilot-participatiebudget/BWBR0023499/README.md index 4be063d1cfd..ff2ea02d0b2 100644 --- a/zbo/beleidsregels-uwv-pilot-participatiebudget/BWBR0023499/README.md +++ b/zbo/beleidsregels-uwv-pilot-participatiebudget/BWBR0023499/README.md @@ -25,7 +25,7 @@ UWV kan op aanvraag in plaats van een werkvoorziening subsidie verlenen aan de p a. aan wie een netto persoonsgebonden budget is verleend; b. aan wie door UWV een werkvoorziening is toegekend, en -c. die woonachtig is in de regio’s Groningen, Twente, Arnhem, Nijmegen of Noord en Midden Limburg genoemd in bijlage 2 van de beschikking van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 9 december 2005, Z/VU-2643638, houdende de aanwijzing van administratie-instellingen bijzondere ziektekosten, Stcrt. 2005, 245, zoals deze is gewijzigd bij besluit van 30 juli 2007, Stcrt. 2007, 150. +c. die woonachtig is in de regio’s Groningen, Twente, Arnhem, Nijmegen of Noord en Midden Limburg genoemd in bijlage 2 van de beschikking van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 9 december 2005, Z/VU-2643638, houdende de aanwijzing van administratie-instellingen bijzondere ziektekosten, Stcrt. 2005, 245, zoals deze is gewijzigd bij besluit van 30 juli 2007, Stcrt. 2007, 150. ### Artikel 3 @@ -69,8 +69,8 @@ De subsidieontvanger heeft gedurende het subsidietijdvak geen aanspraak op de we De verantwoording wordt afgelegd binnen zes weken na: -a. het einde van het kalenderjaar waarvoor de subsidie is verleend, indien de som van de subsidie en het tot een jaarbedrag herleide netto persoonsgebonden budget minder dan € 5000,- is; -b. het einde van de eerste helft van het kalenderjaar waarvoor de subsidie is verleend alsmede aan het einde van dat kalenderjaar, indien de som van de subsidie en het tot een jaarbedrag herleide netto persoonsgebonden budget € 5000,– of meer is. +a. het einde van het kalenderjaar waarvoor de subsidie is verleend, indien de som van de subsidie en het tot een jaarbedrag herleide netto persoonsgebonden budget minder dan € 5000,- is; +b. het einde van de eerste helft van het kalenderjaar waarvoor de subsidie is verleend alsmede aan het einde van dat kalenderjaar, indien de som van de subsidie en het tot een jaarbedrag herleide netto persoonsgebonden budget € 5000,– of meer is. **3.** De verantwoording wordt voorts afgelegd binnen zes weken na afloop van de subsidieperiode, indien de subsidieperiode in de loop van het kalenderjaar eindigt. @@ -78,7 +78,7 @@ b. het einde van de eerste helft van het kalenderjaar waarvoor de subsidie is ve **5.** Voor zover de subsidie is aangewend als persoonsgebonden budget beoordeelt het zorgkantoor of aan de verplichtingen als bedoeld in de Regeling subsidies AWBZ is voldaan. -**6.** De subsidieontvanger mag in een kalenderjaar maximaal 1,5% van de som van de subsidie en het netto persoonsgebonden budget, maar ten minste € 250 en ten hoogste € 1250, anders aanwenden dan als werkvoorziening of als netto persoonsgebonden budget. Indien een subsidieperiode met ingang van een andere dag dan 1 januari van een kalenderjaar aanvangt of eindigt, worden de bedragen, genoemd in de vorige zin, voor dat kalenderjaar vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller bestaat uit het aantal dagen van de subsidieperiode in het desbetreffende kalenderjaar en de noemer uit het aantal dagen in dat kalenderjaar. In afwijking van het eerste lid geldt de verantwoordingsplicht, bedoeld in dat lid, niet voor het in de eerste zin bedoelde bestedingsvrije bedrag. +**6.** De subsidieontvanger mag in een kalenderjaar maximaal 1,5% van de som van de subsidie en het netto persoonsgebonden budget, maar ten minste € 250 en ten hoogste € 1250, anders aanwenden dan als werkvoorziening of als netto persoonsgebonden budget. Indien een subsidieperiode met ingang van een andere dag dan 1 januari van een kalenderjaar aanvangt of eindigt, worden de bedragen, genoemd in de vorige zin, voor dat kalenderjaar vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller bestaat uit het aantal dagen van de subsidieperiode in het desbetreffende kalenderjaar en de noemer uit het aantal dagen in dat kalenderjaar. In afwijking van het eerste lid geldt de verantwoordingsplicht, bedoeld in dat lid, niet voor het in de eerste zin bedoelde bestedingsvrije bedrag. ### Artikel 9 @@ -86,10 +86,10 @@ De afdelingen 4.2.3, 4.2.5, 4.2.6 en 4.2.7 van de Algemene wet bestuursrecht zij ### Artikel 10 -Subsidie op grond van dit besluit kan worden aangevraagd tot en met 31 december 2008. +Subsidie op grond van dit besluit kan worden aangevraagd tot en met 31 december 2009. ### Artikel 11 -**1.** Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2008. +**1.** Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2008. **2.** Dit besluit wordt aangehaald als: Beleidsregels UWV pilot participatiebudget.