From 89ca67ecbb9412dc30aca861d4aeb8c18bd82cf5 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jan 2008 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2008-01-01 | BWBR0012438 | Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten --- .../BWBR0012438/README.md | 102 +++++++----------- 1 file changed, 40 insertions(+), 62 deletions(-) diff --git a/wet/wet-tegemoetkoming-onderwijsbijdrage-en-schoolkosten/BWBR0012438/README.md b/wet/wet-tegemoetkoming-onderwijsbijdrage-en-schoolkosten/BWBR0012438/README.md index 82633933db6..d2b1a74e0e3 100644 --- a/wet/wet-tegemoetkoming-onderwijsbijdrage-en-schoolkosten/BWBR0012438/README.md +++ b/wet/wet-tegemoetkoming-onderwijsbijdrage-en-schoolkosten/BWBR0012438/README.md @@ -18,6 +18,8 @@ citeertitel: Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: +**belastbaar loon**: belastbare loon als bedoeld in artikel 9 van de Wet op de loonbelasting 1964, + **beroepsonderwijs**: beroepsopleiding als bedoeld in artikel 7.2.2 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voorzover het betreft de beroepsopleidende leerweg, **bovenbouw**: @@ -30,19 +32,6 @@ c. een- of tweejarige opleiding vavo die opleidt tot het diploma vwo of havo, **deelnemer vavo**: degene die vavo volgt als bedoeld in de artikelen 2.6, tweede lid, en 2.10, -**gecorrigeerde belastbare loon**: belastbare loon als bedoeld in artikel 9 van de Wet op de loonbelasting 1964, verminderd met een derde van het hoogste van de uit de toepassing van de volgende onderdelen voortvloeiende bedragen: - -a. bij dat loon uit tegenwoordige dienstbetrekking: 12% van dat loon, maar niet minder dan € 119,– en niet meer dan € 1 605,–, -b. bij dat loon uit vroegere dienstbetrekking: € 487,–, - -**gecorrigeerde verzamelinkomen**: verzamelinkomen als bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001 verminderd met: - -a. indien in het kalenderjaar waarover het verzamelinkomen wordt berekend, de zelfstandigenaftrek, bedoeld in artikel 3.76 van de Wet inkomstenbelasting 2001, is toegepast: € 452,–, -b. indien in het kalenderjaar waarover het verzamelinkomen wordt berekend, loon in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001 wordt genoten: een derde van het hoogste van de uit de toepassing van de volgende onderdelen voortvloeiende bedragen: - -1º. bij dat loon uit tegenwoordige dienstbetrekking: 12% van dat loon, maar niet minder dan € 119,– en niet meer dan € 1 605,–, -2º. bij dat loon uit vroegere dienstbetrekking: € 487,–, - **havo**: hoger algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 8 van de WVO, **IB-Groep**: Informatie Beheer Groep, genoemd in de Wet verzelfstandiging Informatiseringsbank, @@ -87,6 +76,8 @@ f. Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, hierna aangeduid al **thuiswonende leerling**: scholier of deelnemer vavo die woont op het adres van de TOS-ouder of partner van de TOS-ouder, +**toetsingsinkomen**: inkomen als bedoeld in artikel 8, eerste tot en met derde lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, met dien verstande dat voor «berekeningsjaar» gelezen wordt: peiljaar, + **TOS-ouder**: a. ouder die als wettelijke vertegenwoordiger laatstelijk voordat de leerling meerderjarig werd, voor hem een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 3 ontving, of @@ -96,6 +87,8 @@ b. indien geen wettelijke vertegenwoordiger de in onderdeel a bedoelde tegemoetk **vavo**: opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdeel a, van de WEB, +**verzamelinkomen**: verzamelinkomen als bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001, + **voortgezet onderwijs**: onderwijs in de zin van de WVO, en, tenzij anders is bepaald, speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de WEC, **vreemdeling**: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Vreemdelingenwet 2000, @@ -110,13 +103,6 @@ a. wettelijke vertegenwoordiger die over het tweede kwartaal van het jaar waarin b. indien onderdeel a niet van toepassing is: wettelijke vertegenwoordiger bij wie de leerling op 1 augustus blijkens de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens woont, of c. indien de onderdelen a en b niet van toepassing zijn: wettelijke vertegenwoordiger die de wettelijke vertegenwoordigers gezamenlijk daartoe hebben aangewezen. -**3.** - -Met loon uit tegenwoordige dienstbetrekking wordt gelijkgesteld: - -a. loon genoten wegens tijdelijke arbeidsongeschiktheid, anders dan ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen behoudens uitkeringen in verband met bevalling, en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, en -b. loon in de vorm van uitkeringen ingevolge de Wet financiering loopbaanonderbreking en aanvullingen daarop door degene tot wie de belastingplichtige in dienstbetrekking staat. - ### Artikel 1.2 Voor de toepassing van het bepaalde bij of krachtens deze wet is bepalend de toestand op de eerste dag van de maand, tenzij anders is bepaald. @@ -152,7 +138,7 @@ Vervallen ### Artikel 1.6 -De inspecteur, onder wie de aanvrager, partner van de aanvrager, TOS-ouder of partner van de TOS-ouder krachtens artikel 3, tweede lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen ressorteert voor de heffing van de inkomstenbelasting, bepaalt op verzoek van de IB-Groep het gecorrigeerde verzamelinkomen of het gecorrigeerde belastbare loon van de desbetreffende aanvrager, partner van de aanvrager, TOS-ouder of partner van de TOS-ouder. +De inspecteur, onder wie de aanvrager, partner van de aanvrager, TOS-ouder of partner van de TOS-ouder krachtens artikel 3, tweede lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen ressorteert voor de heffing van de inkomstenbelasting, bepaalt op verzoek van de IB-Groep het verzamelinkomen of het belastbare loon van de desbetreffende aanvrager, partner van de aanvrager, TOS-ouder of partner van de TOS-ouder. ### Artikel 1.7 @@ -171,8 +157,9 @@ c. teneinde de gegevens van die leerling, student of debiteur te vergelijken met Op deze wet, met uitzondering van hoofdstuk 10, zijn van toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen: a. artikel 6, -b. artikel 9, eerste en tweede lid, met dien verstande dat het tweede lid niet van toepassing is op hoofdstuk 3 van deze wet, en -c. artikel 10, eerste lid, met dien verstande dat deze bepaling niet van toepassing is op hoofdstuk 3 van deze wet. +b. artikel 7, eerste lid, met dien verstande dat voor de toepassing van hoofdstuk 4 voor «belanghebbende» gelezen wordt: TOS-ouder, +c. artikel 9, eerste en tweede lid, met dien verstande dat het tweede lid niet van toepassing is op hoofdstuk 3 van deze wet, en +d. artikel 10, eerste lid, met dien verstande dat deze bepaling niet van toepassing is op hoofdstuk 3 van deze wet. ## Hoofdstuk 2. Werkingssfeer @@ -343,27 +330,15 @@ De leerling heeft geen aanspraak op tegemoetkoming in de zin van hoofdstuk 4, in ### Artikel 2.23 -**1.** De tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en in de schoolkosten is afhankelijk van de hoogte van het toetsingsinkomen. +**1.** De tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en in de schoolkosten is afhankelijk van de hoogte van de op grond van artikel 7, eerste lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen berekende draagkracht. -**2.** Volledige tegemoetkoming ingevolge de hoofdstukken 3, 4 en 5 bestaat tot en met het grensbedrag van het toetsingsinkomen. Naar de maatstaf van het schooljaar of studiejaar 2004–2005 bedraagt het grensbedrag € 29 249,60 Met ingang van het schooljaar 2007-2008: € 30.429,72. +**2.** Volledige tegemoetkoming ingevolge de hoofdstukken 3, 4 en 5 bestaat tot en met het grensbedrag van de draagkracht. Naar de maatstaf van het schooljaar of studiejaar 2004–2005 bedraagt het grensbedrag € 29 882,93 Met ingang van het schooljaar 2008-2009: € 31.772,55. -**3.** Indien het toe te kennen bedrag per aanvrager minder bedraagt dan  € 10,–, wordt de tegemoetkoming op nihil gesteld. +**3.** Indien het toe te kennen bedrag per aanvrager minder bedraagt dan € 10,–, wordt de tegemoetkoming op nihil gesteld. ### Artikel 2.24 -**1.** - -Het toetsingsinkomen is de som van de gecorrigeerde verzamelinkomens in het peiljaar van: - -a. de aanvrager en diens partner voor hoofdstuk 3, -b. de TOS-ouder en diens partner voor hoofdstuk 4, en -c. de aanvrager en diens partner voor hoofdstuk 5. - -**2.** Voorzover degenen, bedoeld in het eerste lid, niet binnenlandse belastingplichtige zijn in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001, geldt als maatstaf het gecorrigeerde verzamelinkomen voor het geval zij voor al hun inkomensbestanddelen binnenlandse belastingplichtige waren geweest. - -**3.** Indien een gedeelte van het inkomen van Nederlandse inkomstenbelasting is vrijgesteld ingevolge bepalingen van internationaal recht geldt als maatstaf het gecorrigeerde verzamelinkomen voor het geval zij geen vrijstelling hadden verkregen. - -**4.** Indien ingevolge artikel 9.4 van de Wet inkomstenbelasting 2001 geen aanslag wordt vastgesteld, of een aanslag wordt vastgesteld waarbij verrekening van de loonbelasting achterwege blijft, treedt het gecorrigeerde belastbare loon in de plaats van het gecorrigeerde verzamelinkomen. +Vervallen ### Artikel 2.25 @@ -371,7 +346,7 @@ c. de aanvrager en diens partner voor hoofdstuk 5. **2.** De korting wordt niet toegepast op de basistoelage, bedoeld in artikel 4.2, onderdeel a. -**3.** De korting is 30% van het verschil tussen het toetsingsinkomen in het peiljaar en het grensbedrag, bedoeld in artikel 2.23, tweede lid. +**3.** De korting is 30% van het verschil tussen de draagkracht in het peiljaar en het grensbedrag, bedoeld in artikel 2.23, tweede lid. **4.** Het kortingsbedrag voor een kalendermaand is de korting, bedoeld in het derde lid, gedeeld door 12. @@ -401,18 +376,18 @@ b. aanvrager is in de zin van hoofdstuk 3. ### Artikel 2.28 -**1.** Op aanvraag van de aanvrager of diens partner of TOS-ouder of diens partner wordt bij toepassing van artikel 2.24, indien sprake is van een terugval in inkomen over het eerste of het tweede jaar na het peiljaar,uitgegaan van dat jaar. Deze aanvraag wordt gelijktijdig gedaan met de aanvraag ingevolge de artikelen 3.8, 5.5 of 5.11. +**1.** Op aanvraag van de aanvrager of diens partner of TOS-ouder of diens partner wordt bij toepassing van artikel 1.8, onderdeel b, indien sprake is van een terugval in inkomen over het eerste of het tweede jaar na het peiljaar,uitgegaan van dat jaar. Deze aanvraag wordt gelijktijdig gedaan met de aanvraag ingevolge de artikelen 3.8, 5.5 of 5.11. **2.** -Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder een terugval in inkomen verstaan een vermindering van het toetsingsinkomen met ten minste 15% ten opzichte van het peiljaar, met dien verstande dat: +Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder een terugval in inkomen verstaan een vermindering van de draagkracht met ten minste 15% ten opzichte van het peiljaar, met dien verstande dat: a. de vermindering niet kan worden gerekend tot inkomensschommelingen die in het algemeen normaal kunnen worden geacht bij de gekozen wijze van inkomensverwerving, en b. aannemelijk wordt gemaakt dat gedurende ten minste 3 kalenderjaren zal worden voldaan aan de vereisten genoemd in de aanhef alsmede in onderdeel a. ### Artikel 2.29 -Voor de toepassing van de artikelen 2.24 en 2.25 wordt zolang het gecorrigeerde verzamelinkomen over het kalenderjaar waarover het verzamelinkomen berekend wordt, het eerste of het tweede jaar na dat kalenderjaar nog niet is vastgesteld of het gecorrigeerde belastbare loon over het desbetreffende kalenderjaar nog niet bekend is, door de IB-Groep daarvoor in de plaats gesteld een bedrag dat het vast te stellen gecorrigeerde verzamelinkomen of het gecorrigeerde belastbare loon zo goed mogelijk benadert. +Voor de toepassing van artikel 1.8, onderdeel b, en artikel 2.25 wordt zolang het verzamelinkomen over het kalenderjaar waarover het verzamelinkomen berekend wordt, het eerste of het tweede jaar na dat kalenderjaar nog niet is vastgesteld of het belastbare loon over het desbetreffende kalenderjaar nog niet bekend is, door de IB-Groep daarvoor in de plaats gesteld een bedrag dat het vast te stellen verzamelinkomen of het gecorrigeerde belastbare loon zo goed mogelijk benadert. ## Hoofdstuk 3. Leerlingen tot 18 jaar in voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs @@ -457,12 +432,12 @@ b. bovenbouw of overige leerjaren. De bedragen in onderstaand overzicht luiden per schooljaar en zijn uitgedrukt in euro's naar de maatstaf van 1 augustus 2001. -| bovenbouw | € 572,67,– Voor het schooljaar 2007–2008: € 666,94. | +| bovenbouw | € 572,67,– Voor het schooljaar 2008–2009: € 674,61 | | --- | --- | -| beroepsonderwijs | € 845,39,–Voor het schooljaar 2007–2008: € 984,54. | -| speciaal onderwijs | nihil Voor het schooljaar 2007–2008: nihil. | -| voortgezet speciaal onderwijs | nihil Voor het schooljaar 2007–2008: nihil. | -| overig onderwijs | € 504,60,–Voor het schooljaar 2007–2008: € 587,65. | +| beroepsonderwijs | € 845,39,–Voor het schooljaar 2008–2009: € 995,86 | +| speciaal onderwijs | nihil Voor het schooljaar 2008–2009: nihil | +| voortgezet speciaal onderwijs | nihil Voor het schooljaar 2008–2009: nihil | +| overig onderwijs | € 504,60,–Voor het schooljaar 2008–2009: € 594,41 | **2.** Onder overig onderwijs, genoemd in het overzicht in het eerste lid, valt tevens het voortgezet speciaal onderwijs aan kinderen met leer- en opvoedingsmoeilijkheden en moeilijk lerende kinderen. @@ -541,8 +516,8 @@ b. tegemoetkoming in de schoolkosten. De basistoelage is naar de maatstaf van 1 januari 2001 per kalendermaand voor een: -a. thuiswonende leerling:  € 84,59 Per 1 januari 2007: € 98,51, en -b. uitwonende leerling:  € 197,21 Per 1 januari 2007: € 229,67. +a. thuiswonende leerling:  € 84,59 Per 1 januari 2008: € 99,64, en +b. uitwonende leerling:  € 197,21 Per 1 januari 2008: € 232,31. ### Artikel 4.4 @@ -567,11 +542,11 @@ b. bovenbouw of overige leerjaren. De bedragen in onderstaand overzicht luiden per maand en zijn uitgedrukt in euro's naar de maatstaf van 1 augustus 2001. -| bovenbouw | € 47,72 Voor het schooljaar 2007–2008: € 55,58. | +| bovenbouw | € 47,72 Voor het schooljaar 2008–2009: € 56,22 | | --- | --- | -| speciaal onderwijs | nihil Voor het schooljaar 2007–2008: nihil. | -| voortgezet speciaal onderwijs | nihil Voor het schooljaar 2007–2008: nihil. | -| overig onderwijs | € 42,05 Voor het schooljaar 2007–2008: € 48,97. | +| speciaal onderwijs | nihil Voor het schooljaar 2008–2009: nihil | +| voortgezet speciaal onderwijs | nihil Voor het schooljaar 2008–2009: nihil | +| overig onderwijs | € 42,05 Voor het schooljaar 2008–2009: € 49,53 | **2.** Artikel 3.5, tweede lid, is van toepassing. @@ -596,7 +571,7 @@ b. na het onder a bedoelde tijdstip: binnen 8 weken na de indiening van de aanvr ### Artikel 4.9 -Indien het op basis van de verstrekte gegevens onmogelijk is het toetsingsinkomen vast te stellen, kent de IB-Groep de basistoelage toe. +Indien het op basis van de verstrekte gegevens onmogelijk is de draagkracht vast te stellen, kent de IB-Groep de basistoelage toe. ### Artikel 4.10 @@ -854,7 +829,7 @@ Organen met een publiekrechtelijke taak zijn verplicht op een bij algemene maatr ### Artikel 9.6 -De inspecteur, bedoeld in artikel 1.6, verstrekt de gegevens inzake het gecorrigeerde verzamelinkomen of het gecorrigeerde belastbare loon aan de IB-Groep volgens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels. +De inspecteur, bedoeld in artikel 1.6, verstrekt de gegevens inzake het verzamelinkomen of het belastbare loon aan de IB-Groep volgens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels. ### Paragraaf 9.3. Administratieve sanctie @@ -928,7 +903,7 @@ Voor tegemoetkoming kan een student in aanmerking komen die als student is inges **1.** Voor tegemoetkoming kan aanspraak bestaan afhankelijk van de hoogte van het toetsingsinkomen en van de onderwijssoort. -**2.** Geen aanspraak op een tegemoetkoming bestaat bij een toetsingsinkomen naar de maatstaf van 1 januari 2001 van meer dan € 2 858,-Per 1 januari 2007: € 3.334,75. +**2.** Geen aanspraak op een tegemoetkoming bestaat bij een toetsingsinkomen naar de maatstaf van 1 januari 2001 van meer dan € 2 858,-Per 1 januari 2008: € 3.408,11. ### Artikel 10.6 @@ -968,8 +943,8 @@ De tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage is voor een leerling of student in het De tegemoetkoming in de schoolkosten voor een schooljaar of studiejaar bedraagt naar de maatstaf van 1 augustus 2000 onderscheidenlijk 1 september 2000 voor een leerling of student in het: a. hoger onderwijs: 12 maal het normbedrag voor boeken en leermiddelen voor het hoger onderwijs, bedoeld in artikel 3.18 van de Wet studiefinanciering 2000, zoals dat geldt op de eerste dag van het studiejaar en afgerond op het naastbij gelegen, gehele getal, -b. voortgezet onderwijs die per week 540 minuten of meer onderwijs volgt: € 226,-Voor het schooljaar 2007-2008: € 273,75, -c. voortgezet onderwijs die per week ten minste 270 minuten en minder dan 540 minuten onderwijs volgt:  € 152,- Voor het schooljaar 2007-2008: € 184,42, +b. voortgezet onderwijs die per week 540 minuten of meer onderwijs volgt: € 226,-Voor het schooljaar 2008-2009: € 276,90, +c. voortgezet onderwijs die per week ten minste 270 minuten en minder dan 540 minuten onderwijs volgt:  € 152,- Voor het schooljaar 2008-2009: € 186,54, d. voortgezet onderwijs die per week minder dan 270 minuten onderwijs volgt: nihil. **4.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen de maatstaf genoemd in de aanhef van het derde lid, alsmede de bedragen genoemd in het derde lid, de onderdelen a tot en met c, worden gewijzigd. @@ -1035,9 +1010,12 @@ Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing op deze wet. Het eerste lid is niet van toepassing op: -a. het begrip partner, -b. het begrip vreemdeling, en -c. artikel 1.8. +a. het begrip belastbaar loon, +b. het begrip partner, +c. het begrip toetsingsinkomen, +d. het begrip vreemdeling, +e. het begrip verzamelinkomen, en +f. artikel 1.8. ## Hoofdstuk 12. Overgangsbepalingen