From 8a3687ef5032335f9895b6eb4a04291c81ff5036 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Mon, 1 Dec 1997 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 1997-12-01 | BWBR0008688 | Tuchtrechtbesluit BIG --- .../BWBR0008688/README.md | 68 +++++++++++-------- 1 file changed, 38 insertions(+), 30 deletions(-) diff --git a/amvb/tuchtrechtbesluit-big/BWBR0008688/README.md b/amvb/tuchtrechtbesluit-big/BWBR0008688/README.md index 7188a7f98b3..cac86dd8984 100644 --- a/amvb/tuchtrechtbesluit-big/BWBR0008688/README.md +++ b/amvb/tuchtrechtbesluit-big/BWBR0008688/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Tuchtrechtbesluit BIG bwb_id: BWBR0008688 type: AMvB status: geldend -datum_inwerkingtreding: '2022-02-24' +datum_inwerkingtreding: '1997-12-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0008688 citeertitel: Tuchtrechtbesluit BIG --- @@ -22,15 +22,31 @@ ln dit besluit wordt verstaan onder «de wet»: de Wet op de beroepen in de indi ### Artikel 2 -**1.** Het rechtsgebied van het regionale tuchtcollege dat is gevestigd te Amsterdam omvat de provincies Noord-Holland en Zuid-Holland. +**1.** Er zijn vijf regionale tuchtcolleges waarvan de zetels zijn te Groningen, Zwolle, Amsterdam, Den Haag en Eindhoven. -**2.** Het rechtsgebied van het regionale tuchtcollege dat is gevestigd te ’s-Hertogenbosch omvat de provincies Limburg, Noord-Brabant, Utrecht en Zeeland. +**2.** -**3.** Het rechtsgebied van het regionale tuchtcollege dat is gevestigd te Zwolle omvat de provincies Drenthe, Flevoland, Friesland, Gelderland, Groningen en Overijssel. +De ambtsgebieden van de tuchtcolleges omvatten de volgende provincies: + +a. van het tuchtcollege te Groningen: de provincies Groningen, Friesland en Drente; +b. van het tuchtcollege te Zwolle: de provincies Overijssel, Flevoland en Gelderland; +c. van het tuchtcollege te Amsterdam: de provincies Noord-Holland en Utrecht; +d. van het tuchtcollege te Den Haag: de provincies Zuid-Holland en Zeeland ; +e. van het tuchtcollege te Eindhoven: de provincies Noord-Brabant en Limburg. ### Artikel 3 -Vervallen +**1.** Het regionale tuchtcollege te Amsterdam is bevoegd tot het behandelen van een zaak in eerste aanleg indien degene over wie wordt geklaagd, geen bekende woonplaats heeft. + +**2.** Indien degene over wie wordt geklaagd een bekende woonplaats in het buitenland heeft, is tot het behandelen van een zaak in eerste aanleg bevoegd het regionale tuchtcollege binnen wiens ambtsgebied het desbetreffende handelen of nalaten is geschied. + +**3.** Indien ter zake van hetzelfde handelen of nalaten wordt geklaagd over meerdere personen als bedoeld in artikel 47, tweede lid, van de wet, die niet in het ambtsgebied van één tuchtcollege wonen, is tot het behandelen van een zaak in eerste aanleg bevoegd het regionale tuchtcollege binnen wiens ambtsgebied het desbetreffende handelen of nalaten is geschied. + +**4.** Indien het handelen of nalaten is geschied binnen het ambtsgebied van meer dan één tuchtcollege en ter zake van dat handelen of nalaten wordt geklaagd over meerdere personen als bedoeld in artikel 47, tweede lid, van de wet, die niet in het ambtsgebied van één tuchtcollege wonen, is tot het behandelen van een zaak in eerste aanleg bevoegd het regionale tuchtcollege binnen welks ambtsgebied de klager woont. + +**5.** Indien een klaagschrift is ingediend bij een regionaal tuchtcollege ter zake van enig in artikel 47, eerste lid, van de wet bedoeld handelen of nalaten van een lid-beroepsgenoot of plaatsvervangend lid-beroepsgenoot van dat tuchtcollege, verwijst de voorzitter van het college de zaak naar een aangrenzend regionaal tuchtcollege. De zaak wordt alsdan behandeld door het tuchtcollege waarnaar is verwezen. + +**6.** Indien het klaagschrift is ingediend bij een onbevoegd tuchtcollege, wordt het onverwijld doorgezonden aan het bevoegde tuchtcollege, onder gelijktijdige mededeling hiervan aan de klager. In het geval, bedoeld in de eerste volzin, geldt als de datum van indiening van het klaagschrift die van indiening bij het onbevoegde college. ### Paragraaf 2. Procedure in eerste aanleg @@ -43,15 +59,15 @@ Het klaagschrift bevat: 1. a. de naam, de voornamen en het adres van de klager; b. de klacht en de feiten en gronden waarop deze berust; c. de naam, het werkadres en, voor zover bekend, het woonadres van degene over wie wordt geklaagd; -d. indien het enig handelen of nalaten, bedoeld in artikel 47, eerste lid, onder a, aanhef, van de wet betreft en de in dat onderdeel, onder 1° of 2°, bedoelde persoon niet de klager is, diens naam en, zo mogelijk, diens adres; +d. indien het enig handelen of nalaten, bedoeld in artikel 47, eerste lid, onder *a*, aanhef, van de wet betreft en de in dat onderdeel, onder 1° of 2°, bedoelde persoon niet de klager is, diens naam en, zo mogelijk, diens adres; e. indien geklaagd wordt door: 1°. een rechtstreeks belanghebbende: een duidelijke aanduiding van het belang dat de klager bij het onderwerp van de klacht heeft; 2°. de beroepsbeoefenaar die aan degene over wie wordt geklaagd een opdracht heeft gegeven: een duidelijke omschrijving van de onderlinge verhouding; -3°. een persoon of een orgaan als bedoeld in artikel 65, eerste lid, onder c, van de wet: een duidelijke omschrijving van de verhouding tot degene over wie wordt geklaagd; -4°. de inspecteur als bedoeld in artikel 65, eerste lid, onder d, van de wet: vermelding van diens hoedanigheid. +3°. een persoon of een orgaan als bedoeld in artikel 65, eerste lid, onder *c*, van de wet: een duidelijke omschrijving van de verhouding tot degene over wie wordt geklaagd; +4°. een hoofdinspecteur of een inspecteur als bedoeld in artikel 65, eerste lid, onder *d*, van de wet: vermelding van diens hoedanigheid. -**2.** Het klaagschrift is ondertekend door de klager, zijn advocaat of een andere gemachtigde. +**2.** Het klaagschrift is ondertekend door de klager, zijn advocaat of procureur of een andere gemachtigde. **3.** De secretaris van het tuchtcollege tekent onverwijld de datum van ontvangst op het klaagschrift aan. @@ -69,13 +85,13 @@ Indien het klaagschrift niet voldoet aan artikel 4, eerste of tweede lid, deelt ### Artikel 7 -Vervallen +De terechtzitting vindt plaats op de standplaats van het regionale tuchtcollege. ### Artikel 8 **1.** De secretaris nodigt de klager en degene over wie is geklaagd, schriftelijk uit op de terechtzitting te verschijnen, onder mededeling van de plaats, de dag en het uur van aanvang van het onderzoek op de terechtzitting, de samenstelling van het tuchtcollege, de plaats waar en de tijdstippen waarop de processtukken ter inzage liggen, en de namen van de getuigen en de deskundigen die zijn uitgenodigd of opgeroepen. -**2.** Bij de uitnodiging wordt een termijn van ten minste drie weken in acht genomen. Indien de inspecteur een verzoek als bedoeld in artikel 65, zesde lid, van de wet heeft gedaan, mag een kortere termijn in acht worden genomen. In dat geval bepaalt het tuchtcollege welke termijnen in plaats van die genoemd in de artikelen 9 en 18, in acht moeten worden genomen. Van het verzoek van de inspecteur en van de door het tuchtcollege vastgestelde termijnen wordt door de secretaris mededeling gedaan in de uitnodiging. +**2.** Bij de uitnodiging wordt een termijn van ten minste drie weken in acht genomen. Indien de inspecteur voor de gezondheidszorg een verzoek als bedoeld in artikel 65, zesde lid, van de wet heeft gedaan, mag een kortere termijn in acht worden genomen. In dat geval bepaalt het tuchtcollege welke termijnen in plaats van die genoemd in de artikelen 9 en 18, in acht moeten worden genomen. Van het verzoek van de inspecteur en van de door het tuchtcollege vastgestelde termijnen wordt door de secretaris mededeling gedaan in de uitnodiging. ### Artikel 9 @@ -160,10 +176,12 @@ e. de namen van de voorzitter en de andere leden van het tuchtcollege die de zaa Het beroepschrift bevat: a. de naam, de voornamen en het adres van degene die het beroep instelt; + b. een duidelijke aanduiding van de eindbeslissing waartegen het beroep is gericht; + c. de gronden van het beroep. -**2.** Het beroepschrift is ondertekend door degene die het beroep instelt, zijn advocaat of een andere gemachtigde. +**2.** Het beroepschrift is ondertekend door degene die het beroep instelt, zijn advocaat of procureur of een andere gemachtigde. **3.** Het beroepschrift wordt ingezonden bij het regionale tuchtcollege dat de eindbeslissing waartegen beroep wordt ingesteld, heeft gegeven. @@ -191,7 +209,7 @@ Op de procedure in beroep zijn de artikelen 6 tot en met 16, 17 eerste en tweede **2.** Het verzoekschrift vermeldt de gronden waarop het berust, met bijvoeging van de bescheiden waaruit van die gronden kan blijken. -**3.** Het verzoekschrift is ondertekend door de indiener van het verzoek, zijn advocaat of een andere gemachtigde. +**3.** Het verzoekschrift is ondertekend door de indiener van het verzoek, zijn advocaat of procureur of een andere gemachtigde. ### Artikel 24 @@ -207,7 +225,7 @@ Indien het verzoek tot herziening niet voldoet aan het vereiste, bedoeld in arti ### Artikel 26 -**1.** De rapporteur brengt op de terechtzitting zijn verslag uit, behelzende een overzicht van de relevante feiten en omstandigheden die uit de behandeling van de zaak die heeft geleid tot de eindbeslissing waarvan herziening is verzocht, en naar aanleiding van het verzoek tot herziening bekend zijn geworden. Daarna worden de indiener van het verzoek tot herziening en de oorspronkelijke klager door de voorzitter in de gelegenheid gesteld het woord te voeren. Artikel 65e van de wet is van overeenkomstige toepassing. +**1.** De rapporteur brengt op de terechtzitting zijn verslag uit, behelzende een overzicht van de relevante feiten en omstandigheden die uit de behandeling van de zaak die heeft geleid tot de eindbeslissing waarvan herziening is verzocht, en naar aanleiding van het verzoek tot herziening bekend zijn geworden. Daarna worden de indiener van het verzoek tot herziening en de oorspronkelijke klager door de voorzitter in de gelegenheid gesteld het woord te voeren. Artikel 65, negende lid, van de wet is van overeenkomstige toepassing. **2.** Het centrale tuchtcollege bepaalt vervolgens de dag en de plaats van de uitspraak. De uitspraak vindt plaats op een openbare terechtzitting. @@ -233,15 +251,11 @@ Indien het verzoek tot herziening niet voldoet aan het vereiste, bedoeld in arti **2.** Het centrale tuchtcollege draagt zo spoedig mogelijk alle op de zaak betrekking hebbende stukken over aan het regionale tuchtcollege waarnaar de zaak is verwezen. -**3.** Bij een verwijzing als bedoeld in het eerste lid worden zaken die zijn behandeld door de voormalige regionale tuchtcolleges van Den Haag, Eindhoven en Groningen niet verwezen naar de colleges van respectievelijk Amsterdam, ’s-Hertogenbosch en Zwolle. - -**4.** Bij de behandeling van de zaak door het aangewezen regionale tuchtcollege wordt aan de behandeling niet deelgenomen door leden die eerder bij de behandeling van de betreffende zaak waren betrokken. - ### Artikel 30 -**1.** Van een bevel als bedoeld in artikel 29, eerste lid, wordt een afschrift gezonden aan de indiener van het verzoek tot herziening, aan Onze Minister, aan de inspecteur wie de aangelegenheid uit hoofde van de aan hem toevertrouwde belangen aangaat, en, indien de indiener van het verzoek tot herziening een militair is, aan Onze Minister van Defensie. +**1.** Van een bevel als bedoeld in artikel 29, eerste lid, wordt een afschrift gezonden aan de indiener van het verzoek tot herziening, aan Onze Minister, aan de hoofdinspecteur en de regionale inspecteur voor de gezondheidszorg wie de aangelegenheid uit hoofde van de aan hun toevertrouwde belangen aangaat, en, indien de indiener van het verzoek tot herziening een militair is, aan Onze Minister van Defensie. -**2.** Indien bij de eindbeslissing waarvan herziening is verzocht, een van de in artikel 48, eerste lid, onder d, e en f, en derde lid, van de wet omschreven maatregelen was opgelegd, maakt Onze Minister, na ontvangst van het afschrift, bedoeld in het eerste lid, aantekening van de opschorting van de desbetreffende eindbeslissing in het register. Zolang het bevel tot opschorting van kracht is, wordt de betrokkene voor de toepassing van wettelijke bepalingen, betrekking hebbende op degenen die in het desbetreffende register ingeschreven staan, gelijkgesteld met een ingeschrevene, behalve indien bij de desbetreffende eindbeslissing ten aanzien van hem de maatregel, bedoeld in artikel 48, derde lid, van de wet was opgelegd. +**2.** Indien bij de eindbeslissing waarvan herziening is verzocht, een van de in artikel 48, eerste lid, onder *d*, *e* en *f*, en derde lid, van de wet omschreven maatregelen was opgelegd, maakt Onze Minister, na ontvangst van het afschrift, bedoeld in het eerste lid, aantekening van de opschorting van de desbetreffende eindbeslissing in het register. Zolang het bevel tot opschorting van kracht is, wordt de betrokkene voor de toepassing van wettelijke bepalingen, betrekking hebbende op degenen die in het desbetreffende register ingeschreven staan, gelijkgesteld met een ingeschrevene, behalve indien bij de desbetreffende eindbeslissing ten aanzien van hem de maatregel, bedoeld in artikel 48, derde lid, van de wet was opgelegd. **3.** Van de aantekening van de opschorting in het register en de gelijkstelling, bedoeld in het tweede lid, tweede volzin, wordt aan de indiener van het verzoek om herziening schriftelijk mededeling gedaan. @@ -249,7 +263,7 @@ Indien het verzoek tot herziening niet voldoet aan het vereiste, bedoeld in arti **1.** Na de verwijzing, bedoeld in artikel 29, gelast de voorzitter van het regionale tuchtcollege waarnaar de zaak is verwezen, een vooronderzoek. -**2.** De behandeling van de verwezen zaak vindt vervolgens plaats met overeenkomstige toepassing van de artikelen 65e, 66, eerste lid, tweede volzin, en tweede tot en met zevende lid, 67, 68, 69, eerste en derde lid, 70, 71 en 72 van de wet, en 6 tot en met 16 en 18 van dit besluit, met dien verstande dat, voor zover in vorengenoemde artikelen verplichtingen van het tuchtcollege ten aanzien van de oorspronkelijke klager zijn opgenomen, deze slechts gelden indien zijn adres hier te lande bekend is. Voorts is artikel 17 van dit besluit van overeenkomstige toepassing, behoudens voor zover daarin wordt verwezen naar artikel 69, tweede lid, van de wet. +**2.** De behandeling van de verwezen zaak vindt vervolgens plaats met overeenkomstige toepassing van de artikelen 65, negende lid, 66, eerste lid, tweede volzin, en tweede tot en met zevende lid, 67, 68, 69, eerste en derde lid, 70, 71 en 72 van de wet, en 6 tot en met 16 en 18 van dit besluit, met dien verstande dat, voor zover in vorengenoemde artikelen verplichtingen van het tuchtcollege ten aanzien van de oorspronkelijke klager zijn opgenomen, deze slechts gelden indien zijn adres hier te lande bekend is. Voorts is artikel 17 van dit besluit van overeenkomstige toepassing, behoudens voor zover daarin wordt verwezen naar artikel 69, tweede lid, van de wet. ### Artikel 32 @@ -259,23 +273,17 @@ Indien het verzoek tot herziening niet voldoet aan het vereiste, bedoeld in arti **3.** Indien de beslissing van het regionale tuchtcollege inhoudt dat de eindbeslissing waarbij een maatregel als bedoeld in artikel 48, eerste lid, onder *d*, *e* of *f*, of derde lid, van de wet was opgelegd, wordt vernietigd en dat de klager niet-ontvankelijk wordt verklaard, de klacht wordt afgewezen dan wel ten aanzien van de betrokkene een maatregel als bedoeld in artikel 48, eerste lid, onder *a*, *b* of *c*, van de wet wordt opgelegd, worden de aantekeningen in het register van de oorspronkelijke maatregel en van de opschorting, verwijderd. -## Hoofdstuk 3a. HERSTEL - -### Artikel 32a - -Voor de toepassing van artikel 50, derde lid, van de wet wordt voor zaken waar in hoogste instantie een maatregel is opgelegd door de voormalige regionale tuchtcolleges van Den Haag, Eindhoven en Groningen, advies ingewonnen bij de colleges van respectievelijk Amsterdam, ’s-Hertogenbosch en Zwolle. - ## Hoofdstuk 4. MAATREGELEN WEGENS ONGESCHIKTHEID ### Artikel 33 -De voordracht aan het regionale tuchtcollege tot het treffen van een voorziening als bedoeld in artikel 79 van de wet, wordt gedaan door de inspecteur van de Inspectie gezondheidszorg en jeugd. +De voordracht aan het college van medisch toezicht tot het treffen van een voorziening als bedoeld in artikel 79, tweede lid, van de wet, wordt gedaan door de regionale inspecteur of de hoofdinspecteur voor de gezondheidszorg. ### Artikel 34 -**1.** Met betrekking tot de behandeling van een zaak door het regionale tuchtcollege zijn de artikelen 6 tot en met 18 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in plaats van «de klager» en «degene over wie is geklaagd» telkens wordt gelezen «de inspecteur, bedoeld in artikel 33» onderscheidenlijk «degene op wie de voordracht betrekking heeft» en dat in artikel 17, eerste lid, onder *d*, in plaats van «de klacht» wordt gelezen «de voordracht». +**1.** Met betrekking tot de behandeling van een zaak door het college van medisch toezicht zijn de artikelen 6 tot en met 18 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in plaats van «de klager» en «degene over wie is geklaagd» telkens wordt gelezen «de inspecteur voor de gezondheidszorg, bedoeld in artikel 33» onderscheidenlijk «degene op wie de voordracht betrekking heeft» en dat in artikel 17, eerste lid, onder *d*, in plaats van «de klacht» wordt gelezen «de voordracht». -**2.** Op de procedure in beroep tegen een eindbeslissing van het regionale tuchtcollege zijn de artikelen 19 tot en met 22 van overeenkomstige toepassing. +**2.** Op de procedure in beroep tegen een eindbeslissing van het college van medisch toezicht zijn de artikelen 19 tot en met 22 van overeenkomstige toepassing. ## Hoofdstuk 5. SLOTBEPALINGEN