diff --git a/wet/wet-vergoedingen-leden-eerste-kamer/BWBR0007402/README.md b/wet/wet-vergoedingen-leden-eerste-kamer/BWBR0007402/README.md index ff2d21be3d6..2b790389b72 100644 --- a/wet/wet-vergoedingen-leden-eerste-kamer/BWBR0007402/README.md +++ b/wet/wet-vergoedingen-leden-eerste-kamer/BWBR0007402/README.md @@ -42,15 +42,15 @@ De kamerleden maken hun nevenfuncties openbaar door terinzagelegging van een opg ### Artikel 4 -De kamerleden ontvangen een vergoeding van € 2.243,41 per maand voor de werkzaamheden die voortvloeien uit de vervulling van het lidmaatschap van de Eerste Kamer der Staten-Generaal. +De kamerleden ontvangen een vergoeding van € 2.288,28 per maand voor de werkzaamheden die voortvloeien uit de vervulling van het lidmaatschap van de Eerste Kamer der Staten-Generaal. ### Artikel 5 -De kamerleden ontvangen een eindejaarsuitkering overeenkomstig de bepalingen welke daaromtrent voor het burgerlijk rijkspersoneel zijn vastgesteld. Grondslag voor de eindejaarsuitkering zijn de vergoedingen, bedoeld in de artikelen 4, 7, eerste lid, en 8. +De kamerleden ontvangen een eindejaarsuitkering op de voet van hetgeen daaromtrent voor de ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een collectieve arbeidsovereenkomst is overeengekomen. Grondslag voor de eindejaarsuitkering zijn de vergoedingen, bedoeld in de artikelen 4, 7, eerste lid, en 8. ### Artikel 6 -**1.** Indien aan het burgerlijk rijkspersoneel een eenmalige uitkering wordt toegekend en wordt bepaald, dat deze uitkering een algemeen karakter draagt, ontvangen de kamerleden een uitkering op gelijke voet. +**1.** Indien voor de ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een collectieve arbeidsovereenkomst een eenmalige uitkering is overeengekomen en daarbij is bepaald dat deze uitkering een algemeen karakter draagt, ontvangen de kamerleden een uitkering op gelijke voet. **2.** Indien de hoogte van de uitkering, bedoeld in het eerste lid, afhankelijk is van de hoogte van de vergoeding, bedoeld in artikel 4, wordt bij de vaststelling hiervan rekening gehouden met een verhoging van de vergoedingen, bedoeld in de artikelen 7, eerste lid, en 8. @@ -85,7 +85,7 @@ Het bedrag, genoemd in artikel 4, wordt bij ministeriële regeling gewijzigd ove ### Artikel 10 -**1.** Kamerleden ontvangen een bedrag van € 3.167,28 per jaar waarmee zij voorzieningen kunnen treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden. +**1.** Kamerleden ontvangen een bedrag van € 3.500,45 per jaar waarmee zij voorzieningen kunnen treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden. **2.** Het bedrag, genoemd in het eerste lid, wordt jaarlijks bij ministeriële regeling gewijzigd met inachtneming van de procentuele wijzigingen, bedoeld in artikel 9, in het voorafgaande jaar en van wijzigingen in dat jaar van berekeningselementen van de bedragen, die op grond van artikel 106, eerste lid, van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers worden ingehouden, ter zake van aanspraken bij arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden, op de schadeloosstelling van een lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. @@ -99,17 +99,17 @@ Het bedrag, genoemd in artikel 4, wordt bij ministeriële regeling gewijzigd ove ### Artikel 12 -**1.** De voorzitter ontvangt een eindejaarsuitkering overeenkomstig de bepalingen welke daaromtrent voor het burgerlijk rijkspersoneel zijn vastgesteld. Grondslag voor de eindejaarsuitkering is de toelage, bedoeld in artikel 11, eerste lid, verminderd met het voor het burgerlijk rijkspersoneel geldende percentage van de vakantie-uitkering. +**1.** De voorzitter ontvangt een eindejaarsuitkering op de voet van hetgeen daaromtrent voor de ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een collectieve arbeidsovereenkomst is overeengekomen. Grondslag voor de eindejaarsuitkering is de toelage, bedoeld in artikel 11, eerste lid, verminderd met het voor die ambtenaren in een collectieve arbeidsovereenkomst overeengekomen percentage van de vakantie-uitkering. **2.** Artikel 2a, eerste lid, van de Wet schadeloosstelling leden Tweede Kamer is van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 13 -**1.** Ten behoeve van het woon-werkverkeer en dienstreizen van de voorzitter kan in plaats van de voorzieningen, bedoeld in artikel 17, een dienstauto ter beschikking worden gesteld. +**1.** Ten behoeve van het woon-werkverkeer en dienstreizen van de voorzitter kan in plaats van de voorzieningen, bedoeld in artikel 17, een dienstauto ter beschikking worden gesteld. -**2.** De prijs per kilometer van de dienstauto, bedoeld in het eerste lid, bedraagt niet meer dan € 0,60 exclusief BTW, berekend op de grondslag van een gebruiksduur van twee jaar en 60 000 gereden kilometers per jaar. +**2.** De prijs per kilometer van de dienstauto, bedoeld in het eerste lid, bedraagt niet meer dan € 0,62 exclusief BTW, berekend op de grondslag van een gebruiksduur van twee jaar en 60 000 gereden kilometers per jaar. -**3.** Het bedrag, genoemd in het tweede lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de procentuele wijziging van het prijsindexcijfer jaargemiddelde operationele autolease inclusief brandstof, zoals door het Centraal Bureau voor de Statistiek gepubliceerd, over het tweede kalenderjaar voorafgaand aan genoemde datum ten opzichte van hetzelfde indexcijfer over het jaar daaraan voorafgaand. +**3.** Het bedrag, genoemd in het tweede lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de procentuele wijziging van het prijsindexcijfer jaargemiddelde operationele autolease inclusief brandstof, zoals door het Centraal Bureau voor de Statistiek gepubliceerd, over het tweede kalenderjaar voorafgaand aan genoemde datum ten opzichte van hetzelfde indexcijfer over het jaar daaraan voorafgaand. **4.** @@ -159,7 +159,7 @@ l = looptijd in maanden; m = jaarkilometrage. -**5.** De dienstauto, bedoeld in het eerste lid, wordt slechts in gebruik genomen nadat is vastgesteld dat aan de voorschriften van het tweede tot en met vierde lid is voldaan, tenzij afwijking van deze voorschriften noodzakelijk is om redenen van veiligheid of wegens een individuele werkplekanalyse, verricht of getoetst door een deskundige persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet. Artikel 14, tweede lid, onderdelen b en c, van de Arbeidsomstandighedenwet is in het tweede geval van overeenkomstige toepassing. +**5.** De dienstauto, bedoeld in het eerste lid, wordt slechts in gebruik genomen nadat is vastgesteld dat aan de voorschriften van het tweede tot en met vierde lid is voldaan, tenzij afwijking van deze voorschriften noodzakelijk is om redenen van veiligheid of wegens een individuele werkplekanalyse, verricht of getoetst door een deskundige persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet. Artikel 14, tweede lid, onderdelen b en c, van de Arbeidsomstandighedenwet is in het tweede geval van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 14 @@ -183,7 +183,7 @@ Vervallen ### Artikel 16 -**1.** De kamerleden ontvangen een vergoeding voor aan de uitoefening van het kamerlidmaatschap verbonden kosten die € 2.630,65 per jaar bedraagt. +**1.** De kamerleden ontvangen een vergoeding voor aan de uitoefening van het kamerlidmaatschap verbonden kosten die € 2.699,05 per jaar bedraagt. **2.** Het kamerlid aan wie ingevolge artikel X 10 van de Kieswet tijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, ontvangt een onkostenvergoeding ter hoogte van de helft van het in het eerste lid genoemde bedrag. @@ -191,9 +191,9 @@ Vervallen ### Artikel 17 -**1.** De kamerleden ontvangen ter vergoeding van reiskosten een bedrag van € 3640 per jaar. +**1.** De kamerleden ontvangen ter vergoeding van reiskosten een bedrag van € 3640 per jaar. -**2.** Het in het eerste lid genoemde bedrag wordt aangepast bij ministeriële regeling overeenkomstig de wijziging in de vergoeding die geldt voor het burgerlijk rijkspersoneel voor dienstreizen voor het gebruik van een eigen motorvoertuig indien openbaar vervoer niet mogelijk of niet doelmatig is. +**2.** Het in het eerste lid genoemde bedrag wordt aangepast bij ministeriële regeling overeenkomstig de wijziging in de vergoeding die voor de ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor dienstreizen in een collectieve arbeidsovereenkomst is overeengekomen voor het gebruik van een eigen motorvoertuig indien openbaar vervoer niet mogelijk of niet doelmatig is. **3.** De griffier stelt ten laste van de Eerste Kamer op aanvraag de noodzakelijke faciliteiten ten behoeve van vervoer en verblijf ter beschikking in verband met buitenlandse dienstreizen die een kamerlid in het kader van de uitoefening van het kamerlidmaatschap maakt. @@ -205,17 +205,17 @@ Vervallen Het in het eerste lid bedoelde bedrag bedraagt bij: -0 km: € 380,19 per jaar; +0 km: € 391,74 per jaar; -10 km: € 3.785,44 per jaar; +10 km: € 3.900,46 per jaar; -75 km: € 7.572,39 per jaar; +75 km: € 7.802,47 per jaar; -150 km en meer: € 12.305,31 per jaar. +150 km en meer: € 12.679,20 per jaar. Het bedrag behorende bij de afstanden, afgerond op hele kilometers, tussen de in bovenstaand schema genoemde afstanden, wordt berekend naar evenredigheid met het verschil tussen de in het schema aangegeven bedragen bij de naasthogere en naastlagere afstand. -**3.** De bedragen, genoemd in het tweede lid, worden jaarlijks bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de procentuele wijziging van de voor het burgerlijk rijkspersoneel vastgestelde vergoeding van reis- en verblijfskosten van dienstreizen. +**3.** De bedragen, genoemd in het tweede lid, worden jaarlijks bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de procentuele wijziging van de voor de ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een collectieve arbeidsovereenkomst overeengekomen vergoeding van reis- en verblijfskosten van dienstreizen. ### Artikel 18a @@ -229,7 +229,7 @@ De griffier stelt ten laste van de Eerste Kamer aan een kamerlid voor de duur va ### Artikel 19 -Ten aanzien van een kamerlid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, worden als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 aangewezen: +Ten aanzien van een kamerlid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, worden als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 aangewezen: a. de vergoeding, bedoeld in artikel 16, eerste lid; b. het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid;