From 8aa2993a7782c07be68db681d93528d5b2a2ad73 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sun, 13 Jan 2019 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2019-01-13 | BWBR0018831 | Wet verplichte beroepspensioenregeling --- .../BWBR0018831/README.md | 324 ++++++++++++++---- 1 file changed, 250 insertions(+), 74 deletions(-) diff --git a/wet/wet-verplichte-beroepspensioenregeling/BWBR0018831/README.md b/wet/wet-verplichte-beroepspensioenregeling/BWBR0018831/README.md index eaf23845924..deaf2f89189 100644 --- a/wet/wet-verplichte-beroepspensioenregeling/BWBR0018831/README.md +++ b/wet/wet-verplichte-beroepspensioenregeling/BWBR0018831/README.md @@ -34,7 +34,7 @@ Voor de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaa 1°. door beroepsgenoten overeengekomen rechten en plichten ten aanzien van pensioen ten behoeve van beroepsgenoten en gewezen beroepsgenoten, dan wel 2°. indien de aan een beroepspensioenregeling deelnemende zelfstandige of beroepsgenoot in een andere lidstaat dan Nederland is gevestigd, een overeenkomst, een trustakte of voorschriften waarin is bepaald welke pensioenuitkeringen worden toegezegd en onder welke voorwaarden; – beroepspensioenvereniging: een vereniging waarvan beroepsgenoten lid zijn en die volledige rechtsbevoegdheid bezit, waarvan het statutaire doel uitsluitend omvat het verzorgen van een beroepspensioenregeling en waarbij het lidmaatschap niet automatisch voortvloeit uit het lidmaatschap van enig andere organisatie of uit het deelnemen in een beroepspensioenregeling; -– bevoegde autoriteiten: de nationale autoriteiten van andere lidstaten dan Nederland die op grond van artikel 6, onderdeel g, van richtlijn 2003/41/EG zijn aangewezen om de in die richtlijn vastgelegde taken te verrichten; +– bevoegde autoriteiten: nationale autoriteiten van andere lidstaten dan Nederland als bedoeld in artikel 6, onderdeel 8, van richtlijn 2016/2341/EU; – bijdrage: iedere geldsom die wordt voldaan aan een pensioenuitvoerder in het kader van de uitvoering van beroepspensioenregelingen en uitvoeringsovereenkomsten; – bijzonder partnerpensioen: de aanspraak op partnerpensioen die op grond van artikel 68, eerste, tweede of derde lid, verkregen wordt door de gewezen partner; – buitenlandse instelling: een instelling met zetel buiten Nederland, niet zijnde een pensioeninstelling of verzekeraar in een andere lidstaat, een van de Europese Gemeenschappen of een instelling als bedoeld in artikel 81, tweede lid; @@ -59,12 +59,13 @@ Voor de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaa – partnerrelatie: huwelijk, geregistreerd partnerschap of partnerrelatie in de zin van de beroepspensioenregeling; – pensioen: ouderdomspensioen, arbeidsongeschiktheidspensioen of nabestaandenpensioen; – pensioenaanspraak: het recht op een nog niet ingegaan pensioen, uitgezonderd overeengekomen voorwaardelijke toeslagverlening; +– pensioenbewaarder: de pensioenbewaarder, bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht; – pensioeneenheid: eenheid van deelname in een beleggingsportefeuille, waarbij de waarde fluctueert met de koersontwikkeling van deze portefeuille en eventueel met de ontwikkeling van de levensverwachting; – pensioengerechtigde: persoon voor wie op grond van de beroepspensioenregeling het pensioen is ingegaan; – pensioeninstelling uit een andere lidstaat: een op basis van kapitaaldekking gefinancierde instelling, ongeacht de rechtsvorm, die zetel heeft in een andere lidstaat dan Nederland en die onafhankelijk van enige bijdragende onderneming of bedrijfstak is opgericht met als doel het verstrekken van arbeidsgerelateerde pensioenuitkeringen op basis van een als volgt gesloten overeenkomst: 1°. individueel of collectief tussen een of meerdere werkgevers en een of meerdere werknemers of hun respectievelijke vertegenwoordigers, of -2°. met zelfstandigen, +2°. individueel of collectief met zelfstandigen, en die hiermee rechtstreeks verband houdende werkzaamheden verricht; – pensioenrecht: het recht op een ingegaan pensioen, uitgezonderd overeengekomen voorwaardelijke toeslagverlening; @@ -74,7 +75,7 @@ en die hiermee rechtstreeks verband houdende werkzaamheden verricht; – premie: de in geld uitgedrukte periodiek vastgestelde structurele prestatie die verschuldigd is aan de pensioenuitvoerder en die bestemd is voor de verzekering van pensioen en de daaraan verbonden kosten; – premiepensioeninstelling: een premiepensioeninstelling die op grond van de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van premiepensioeninstelling mag uitoefenen; – premieregeling: een beroepspensioenregeling inzake een vastgestelde premie die uiterlijk op de pensioendatum wordt omgezet in een vastgestelde of variabele pensioenuitkering; -– richtlijn 2003/41/EG: richtlijn nr. 2003/41/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 3 juni 2003 betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (PbEG L 235/10); +– richtlijn 2016/2341/EU: richtlijn 2016/2341/EU van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2016 betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBPV’s) (PbEU L 2016, 354); – risicovrije rente: de door De Nederlandsche Bank N.V. gepubliceerde actuele rentetermijnstructuur; – scheiding: echtscheiding, ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, beëindiging van een geregistreerd partnerschap anders dan door dood, vermissing of omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk of beëindiging van een partnerrelatie in de zin van de pensioenovereenkomst; – schriftelijk: in schrifttekens op papier; @@ -124,6 +125,8 @@ d. kunnen regels worden gesteld betreffende een goede uitvoering. **7.** Een nettolijfrente als bedoeld in artikel 5.16, tweede lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 is geen pensioen in de zin van deze wet. +**8.** Voor de toepassing van de artikelen 75c, 132, derde lid, onderdeel a, 143a, 144 en 145, onderdeel b, wordt, voor zover het gaat om verzekeren bij een verzekeraar, onder verzekeraar mede verstaan een herverzekeraar als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht. + ### Artikel 3 **1.** De artikelen 929, 935, eerste lid, 936, tweede tot en met zesde lid, 941, vijfde lid, 969, 972, 977, tweede lid, 978, 979, 980, tweede lid en 983 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek zijn niet van toepassing op verzekeringsovereenkomsten die worden gesloten in verband met een beroepspensioenregeling. @@ -432,13 +435,13 @@ b. zonder de toezichthouder van het voornemen daartoe in kennis te hebben gestel De kennisgeving, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een opgave van: -a. de lidstaat waar de zelfstandige of beroepsgenoot is gevestigd; +a. de lidstaat waar de zelfstandige of beroepsgenoot is gevestigd, die in voorkomend geval wordt opgegeven door de zelfstandige of beroepsgenoot; b. de naam van de in de andere lidstaat gevestigde zelfstandige of beroepsgenoot; en c. de voornaamste kenmerken van de beroepspensioenregeling die voor die zelfstandige of beroepsgenoot zal worden uitgevoerd. ### Artikel 27 -Het beroepspensioenfonds neemt bij de uitvoering van een beroepspensioenregeling voor een in een andere lidstaat dan Nederland gevestigde zelfstandige of beroepsgenoot de op bedrijfspensioenvoorziening toepasselijke bepalingen van de sociale en arbeidswetgeving en de voorschriften die krachtens de artikelen 11 en 18, zevende lid, van richtlijn 2003/41/EG moeten worden nageleefd, in acht. De Nederlandse sociale en arbeidswetgeving is niet van toepassing op de uitvoering van de beroepspensioenregeling. +Het beroepspensioenfonds neemt bij de uitvoering van een beroepspensioenregeling voor een in een andere lidstaat dan Nederland gevestigde zelfstandige of beroepsgenoot de op bedrijfspensioenvoorziening toepasselijke bepalingen van de sociale en arbeidswetgeving en de voorschriften die krachtens titel IV van richtlijn 2016/2341/EU moeten worden nageleefd, in acht. De Nederlandse sociale en arbeidswetgeving is niet van toepassing op de uitvoering van de beroepspensioenregeling. ### Paragraaf 1.2. De beroepspensioenregeling @@ -660,8 +663,15 @@ De pensioenuitvoerder verstrekt de deelnemer jaarlijks: a. een opgave van de verworven pensioenaanspraken; b. een opgave van de aan het voorafgaande kalenderjaar toe te rekenen waardeaangroei van pensioenaanspraken overeenkomstig artikel 3.127 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en de daarop berustende bepalingen; c. informatie over toeslagverlening; -d. informatie over vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op grond van artikel 129; en -e. informatie over een variabele uitkering. +d. informatie over vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op grond van artikel 129; +e. informatie over een variabele uitkering; +f. informatie over de reglementaire pensioenleeftijd; +g. een opgave van de reglementair te bereiken pensioenaanspraken, met de waarschuwing dat deze opgave kan verschillen van de definitieve hoogte van de te ontvangen pensioenuitkeringen; +h. informatie over de premie betaald door de beroepsgenoot; +i. informatie over garanties; +j. informatie over het land waar het pensioen is ondergebracht en de toezichthouder waar het pensioen onder valt; +k. voor zover van toepassing, informatie over de dekkingsgraad naar Nederlandse maatstaf; en +l. voor zover van toepassing, informatie over de ingehouden kosten. **2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde opgaven en informatie en de wijze waarop deze worden verstrekt. @@ -683,16 +693,23 @@ e. informatie over vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op gro **1.** -De pensioenuitvoerder verstrekt de gewezen deelnemer ten minste een keer in vijf jaar: +De pensioenuitvoerder verstrekt de gewezen deelnemer jaarlijks: -a. een opgave van zijn opgebouwde pensioenaanspraken; +a. een opgave van zijn opgebouwde pensioenaanspraken, met de waarschuwing dat deze opgave kan verschillen van de definitieve hoogte van de te ontvangen pensioenuitkeringen; b. informatie over toeslagverlening; -c. informatie over vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op grond van artikel 129; en -d. informatie over een variabele uitkering. +c. informatie over vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op grond van artikel 129; +d. informatie over een variabele uitkering; +e. informatie over de reglementaire pensioenleeftijd; +f. informatie over garanties; +g. informatie over het land waar het pensioen is ondergebracht en de toezichthouder waar het pensioen onder valt; +h. voor zover van toepassing, informatie over de dekkingsgraad naar Nederlandse maatstaf; en +i. voor zover van toepassing, informatie over de ingehouden kosten. -**2.** De pensioenuitvoerder informeert de gewezen deelnemer binnen drie maanden na een wijziging van het toeslagbeleid over die wijziging. +**2.** De pensioenuitvoerder informeert de gewezen deelnemer binnen drie maanden na een voor hem relevante wijziging in het pensioenreglement over die wijziging en de mogelijkheid om het gewijzigde pensioenreglement op te vragen bij de pensioenuitvoerder. -**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde opgave en informatie en de wijze waarop deze worden verstrekt. +**3.** De in het eerste lid bedoelde informatie kan in afwijking van dat lid door de pensioenuitvoerder op zijn website ter beschikking worden gesteld, mits de informatie ten minste een keer in de vijf jaar met inachtneming van artikel 60 wordt verstrekt. Artikel 57a, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing bij het op de website ter beschikking stellen van de informatie. + +**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde opgave en informatie en de wijze waarop deze worden verstrekt. ### Artikel 52 @@ -743,10 +760,12 @@ De pensioenuitvoerder verstrekt de pensioengerechtigde jaarlijks: a. een opgave van zijn pensioenrecht; b. een opgave van de opgebouwde aanspraken op nabestaandenpensioen wanneer de beroepspensioenregeling daarin voorziet; -c. informatie over toeslagverlening; en -d. informatie over vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op grond van artikel 129. +c. informatie over toeslagverlening; +d. informatie over vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op grond van artikel 129; +e. informatie over garanties; en +f. informatie over het land waar het pensioen is ondergebracht en de toezichthouder waar het pensioen onder valt. -**2.** De pensioenuitvoerder informeert de pensioengerechtigde binnen drie maanden na een wijziging van het toeslagbeleid over die wijziging. +**2.** De pensioenuitvoerder informeert de pensioengerechtigde binnen drie maanden na een voor hem relevante wijziging in het pensioenreglement over die wijziging en de mogelijkheid om het gewijzigde pensioenreglement op te vragen bij de pensioenuitvoerder. **3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde opgaven en informatie en de wijze waarop deze worden verstrekt. @@ -764,8 +783,10 @@ De pensioenuitvoerder informeert een deelnemer voorafgaand aan de deelneming in a. de inhoud van de vrijwillige pensioenregeling; b. een opgave van de reglementair te bereiken pensioenaanspraken uit hoofde van de vrijwillige pensioenregeling; -c. de toeslagverlening; en -d. vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op grond van artikel 129. +c. de toeslagverlening; +d. vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op grond van artikel 129; +e. voor zover van toepassing, informatie over beleggingsresultaten; en +f. voor zover van toepassing, informatie over de structuur van de kosten die door deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden worden gedragen. **2.** De opgave van de reglementair te bereiken pensioenaanspraken wordt, voor zover het ouderdomspensioen betreft, tevens weergegeven op basis van een pessimistisch scenario, een verwacht scenario en een optimistisch scenario. @@ -783,7 +804,7 @@ d. vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten op grond van artikel 1 De pensioenuitvoerder verstrekt de deelnemer, de gewezen deelnemer, de gewezen partner of de pensioengerechtigde op verzoek: -a. een opgave van zijn opgebouwde pensioenaanspraken, reglementair te bereiken pensioenaanspraken of pensioenrecht, waarbij deze gegevens voor zover het ouderdomspensioen betreft, tevens weergegeven worden op basis van een pessimistisch scenario, een verwacht scenario en een optimistisch scenario; +a. informatie over de gehanteerde aannamen bij de weergave van ouderdomspensioen op basis van een pessimistisch scenario, een verwacht scenario en een optimistisch scenario; b. de voor hem relevante informatie over beleggingen; en c. informatie over andere bij algemene maatregel van bestuur te bepalen onderwerpen. @@ -791,9 +812,11 @@ c. informatie over andere bij algemene maatregel van bestuur te bepalen onderwer **3.** De indicaties, bedoeld in het tweede lid, worden, voor zover het ouderdomspensioen betreft, tevens weergegeven op basis van een pessimistisch scenario, een verwacht scenario en een optimistisch scenario. -**4.** De pensioenuitvoerder verstrekt de gewezen deelnemer of de gewezen partner op verzoek de informatie in artikel 51, eerste lid, of artikel 53, eerste lid. +**4.** De pensioenuitvoerder verstrekt de gewezen partner op verzoek de informatie in artikel 53, eerste lid. -**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel over onder meer de te hanteren rekenregels. +**5.** De pensioenuitvoerder verstrekt de pensioengerechtigde op verzoek een opgave van zijn pensioenrecht, waarbij deze gegevens voor zover het ouderdomspensioen betreft, tevens weergegeven worden op basis van een pessimistisch scenario, een verwacht scenario en een optimistisch scenario. + +**6.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel over onder meer de te hanteren rekenregels. ### Artikel 57a @@ -810,17 +833,19 @@ d. het bestuursverslag en de jaarrekening. Voor zover van toepassing stelt de pensioenuitvoerder op zijn website voor de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde beschikbaar: -a. de verklaring inzake beleggingsbeginselen; +a. informatie over de gevolgen van significante wijzigingen in de technische voorzieningen; b. informatie over het financieel crisisplan; c. informatie over het herstelplan of geactualiseerd herstelplan; d. het pensioenreglement; en e. de uitvoeringsovereenkomst. -**3.** In het bestuursverslag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, neemt een beroepspensioenfonds informatie op over de haalbaarheidstoets en de reële dekkingsgraad. Een pensioenuitvoerder neemt in het bestuursverslag informatie op over de totale waarde en de bestemming van de pensioenaanspraken die vervallen, bedoeld in artikel 66, zesde lid. +**3.** Voor zover van toepassing stelt de pensioenuitvoerder op zijn website voor een ieder de verklaring inzake beleggingsbeginselen beschikbaar. -**4.** Indien de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde hierom verzoekt verstrekt de pensioenuitvoerder de in het eerste en tweede lid bedoelde informatie en stukken elektronisch of schriftelijk. +**4.** In het bestuursverslag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, neemt een beroepspensioenfonds informatie op over de haalbaarheidstoets en de reële dekkingsgraad. Een pensioenuitvoerder neemt in het bestuursverslag informatie op over de totale waarde en de bestemming van de pensioenaanspraken die vervallen, bedoeld in artikel 66, zesde lid. -**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel over onder meer het opnemen van gegevens over de vergelijkbaarheid van onderdelen van de beroepspensioenregeling. +**5.** Indien de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde hierom verzoekt verstrekt de pensioenuitvoerder de in het eerste tot en met derde lid bedoelde informatie en stukken elektronisch of schriftelijk. + +**6.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel over onder meer het opnemen van gegevens over de vergelijkbaarheid van onderdelen van de beroepspensioenregeling. ### Artikel 58 @@ -854,7 +879,7 @@ Indien een verzekeraar de betrokkene adviseert over een overeenkomst inzake een **3.** De pensioenuitvoerder bevordert dat de informatie de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde inzicht geeft in de keuzemogelijkheden die er zijn in de beroepspensioenregeling en de gevolgen van belangrijke gebeurtenissen voor het pensioen. -**4.** De informatie, bedoeld in de artikelen 49, eerste lid, 51, eerste lid, 53, eerste lid, en 55, eerste lid, wordt verstrekt door middel van een uniform pensioenoverzicht. In het uniform pensioenoverzicht wordt een verwijzing opgenomen naar de website van de pensioenuitvoerder, de website waarop het pensioenregister te raadplegen is en wordt gewezen op de mogelijkheden die artikel 57, eerste lid, onderdeel a, biedt. +**4.** De informatie, bedoeld in de artikelen 49, eerste lid, 51, eerste lid, 53, eerste lid, en 55, eerste lid, wordt verstrekt door middel van een uniform pensioenoverzicht. In het uniform pensioenoverzicht wordt een verwijzing opgenomen naar de website van de pensioenuitvoerder, de website waarop het pensioenregister te raadplegen is en wordt gewezen op de mogelijkheden die artikel 57 biedt. **5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel over onder meer het uniform pensioenoverzicht en het verstrekken van informatie door middel van het uniform pensioenoverzicht. @@ -873,7 +898,9 @@ b. elektronisch om instemming is gevraagd en hij niet heeft ingestemd met elektr **4.** Indien de pensioenuitvoerder de deelnemer of de gewezen deelnemer elektronisch informatie verstrekt, is hij verplicht de elektronisch verstrekte informatie te bewaren tot één jaar na het overlijden van de pensioengerechtigde dan wel tot één jaar na het aflopen van de uitkering aan de nabestaanden. De deelnemer of de gewezen deelnemer kan ten hoogste eenmaal per jaar de elektronisch verstrekte informatie opvragen. -**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel. +**5.** De pensioenuitvoerder verstrekt de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde aan wie de informatie elektronisch wordt verstrekt, op verzoek een papieren afschrift van de informatie. + +**6.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel. ### Artikel 61 @@ -1292,13 +1319,13 @@ b. indien de hoogte van het partnerpensioen op jaarbasis per 1 januari van dat j ### Artikel 81 -**1.** Voor de toepassing van de artikelen 81a tot en met 100 wordt onder ontvangende pensioenuitvoerder mede verstaan een pensioenfonds als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet. +**1.** Voor de toepassing van de artikelen 81a tot en met 100a wordt onder ontvangende pensioenuitvoerder mede verstaan een pensioenfonds als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet. **2.** Bij regeling van Onze Minister kunnen instellingen worden aangewezen jegens wie een pensioenuitvoerder een verplichting tot waardeoverdracht heeft. -**3.** Waardeoverdracht is slechts mogelijk in de in de artikelen 81a tot en met 100 bedoelde situaties. +**3.** Waardeoverdracht is slechts mogelijk in de in de artikelen 81a tot en met 100a bedoelde situaties. -**4.** Voor de toepassing van de artikelen 81a tot en met 100 wordt onder een beroepspensioenfonds dat optreedt als ontvangende pensioenuitvoerder mede verstaan een pensioenfonds als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet. +**4.** Voor de toepassing van de artikelen 81a tot en met 100a wordt onder een beroepspensioenfonds dat optreedt als ontvangende pensioenuitvoerder mede verstaan een pensioenfonds als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet. ### Artikel 81a @@ -1634,6 +1661,35 @@ b. de mogelijkheden tot afkoop van de waarde van de overgedragen pensioenaanspra **2.** Aan de in artikel 92 geformuleerde verplichting tot waardeoverdracht in geval van liquidatie kan ook worden voldaan door waardeoverdracht aan een pensioeninstelling uit een andere lidstaat of een verzekeraar met zetel buiten Nederland als bedoeld in artikel 8 in plaats van aan een pensioenuitvoerder. +### Artikel 98a + +**1.** Een beroepspensioenfonds of premiepensioeninstelling is met inachtneming van artikel 98 slechts bevoegd over te gaan tot collectieve waardeoverdracht naar een pensioeninstelling uit een andere lidstaat, indien de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft, goedkeuring hebben verleend voor de collectieve waardeoverdracht. + +**2.** + +Ten behoeve van een aanvraag tot goedkeuring van een collectieve waardeoverdracht als bedoeld in het eerste lid: + +a. stelt het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling de informatie over de aan de voorgenomen collectieve waardeoverdracht verbonden voorwaarden tijdig ter beschikking aan de betrokken deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden, waarbij de deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden tevens worden geïnformeerd over het goedkeuringsrecht, bedoeld in onderdeel b; en +b. is vereist dat een tweederdemeerderheid van de deelnemers en gewezen deelnemers en een tweederdemeerderheid van de pensioengerechtigden die hebben gereageerd op een daartoe strekkend schriftelijk verzoek het voorgenomen besluit met betrekking tot de collectieve waardeoverdracht hebben goedgekeurd. + +**3.** De bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft kunnen alleen goedkeuring verlenen voor de collectieve waardeoverdracht indien de toezichthouder die bevoegde autoriteiten heeft meegedeeld toestemming te verlenen voor de collectieve waardeoverdracht. De artikelen 91, tweede lid, onderdeel c, en 92, tweede lid, onderdeel a, zijn niet van toepassing. + +**4.** + +De toezichthouder verleent alleen toestemming voor de collectieve waardeoverdracht, indien: + +a. in geval van een gedeeltelijke collectieve waardeoverdracht de langetermijnbelangen van de deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden van het resterende deel van de beroepspensioenregeling afdoende worden beschermd; +b. de individuele pensioenaanspraken en pensioenrechten van de deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden na de collectieve waardeoverdracht minstens gelijk blijven; en +c. de met de over te dragen beroepspensioenregeling overeenkomende activa toereikend en passend zijn om de over te dragen passiva, technische voorzieningen en andere verplichtingen en rechten te dekken. + +**5.** De toezichthouder deelt de resultaten van zijn beoordeling binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag tot goedkeuring met de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft. + +**6.** Indien de collectieve waardeoverdracht in een grensoverschrijdende activiteit resulteert, informeert de toezichthouder de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft binnen vier weken na ontvangst van het besluit waarmee goedkeuring wordt verleend voor de collectieve waardeoverdracht over de bepalingen van de Nederlandse sociale en arbeidswetgeving die van toepassing zijn op de beroepspensioenregeling waarvan de waarde is overgedragen. De artikelen 194, tweede lid, 195 en 196 zijn van overeenkomstige toepassing. + +**7.** De kosten van de collectieve waardeoverdracht komen niet ten laste van de bij het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling resterende deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden. + +**8.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel. + ### Artikel 99 **1.** @@ -1658,6 +1714,49 @@ c. aan de pensioenuitvoerder geen voorwaarden in verband met de waardeoverdracht Indien het verzoek tot waardeoverdracht partnerpensioen betreft is voor de waardeoverdracht van dit partnerpensioen tevens vereist dat de partner die begunstigde is voor het partnerpensioen met de waardeoverdracht instemt. +### Artikel 100a + +**1.** Een beroepspensioenfonds of premiepensioeninstelling is bevoegd een collectieve waardeoverdracht van een pensioeninstelling uit een andere lidstaat aan te nemen, mits de toezichthouder goedkeuring heeft verleend voor de collectieve waardeoverdracht. + +**2.** Het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling dient de aanvraag tot goedkeuring van een collectieve waardeoverdracht als bedoeld in het eerste lid in bij de toezichthouder. + +**3.** + +De aanvraag tot goedkeuring bevat de volgende gegevens: + +a. de schriftelijke overeenkomst tussen het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling en de pensioeninstelling uit de andere lidstaat met de voorwaarden van de voorgenomen collectieve waardeoverdracht; +b. een beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de over te dragen beroepspensioenregeling; +c. een beschrijving van de over te dragen passiva of technische voorzieningen en andere verplichtingen en rechten, en de overeenkomstige activa of de geldwaarde daarvan; +d. de naam, alsmede de plaats van vestiging van het hoofdbestuur, van het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling en de pensioeninstelling uit de andere lidstaat en de lidstaten waar deze instellingen zijn geregistreerd of een vergunning hebben verkregen; +e. de namen van de betrokken zelfstandigen of beroepsgenoten; +f. een bewijs dat een, op basis van het recht van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft, vastgestelde meerderheid van de betrokken deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden of, in voorkomend geval, een meerderheid van hun vertegenwoordigers, de overdracht heeft goedgekeurd. +g. in voorkomend geval, de namen van de lidstaten waarvan de geldende sociale en arbeidswetgeving van toepassing is op de betrokken beroepspensioenregeling. + +**4.** De toezichthouder stuurt de aanvraag tot goedkeuring, bedoeld in het tweede lid, na ontvangst onverwijld aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft. + +**5.** + +Na ontvangst van de beoordeling van de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft, neemt de toezichthouder een besluit omtrent het verlenen of weigeren van goedkeuring voor de collectieve waardeoverdracht, met dien verstande dat: + +a. indien de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft geen toestemming hebben verleend voor de collectieve waardeoverdracht een inhoudelijke beoordeling van de aanvraag tot goedkeuring van de collectieve waardeoverdracht door de toezichthouder achterwege kan blijven en goedkeuring voor de collectieve waardeoverdracht wordt geweigerd; +b. indien de bevoegde autoriteiten toestemming hebben verleend voor de collectieve waardeoverdracht, de toezichthouder goedkeuring verleent voor de collectieve waardeoverdracht, mits: + +1°. de aanvraag tot goedkeuring de gegevens, bedoeld in het derde lid, bevat; +2°. de administratieve structuur, de financiële positie van het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling en de goede reputatie of de beroepskwalificaties of beroepservaring van de personen die het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling besturen met de voorgenomen collectieve waardeoverdracht verenigbaar zijn; +3°. de langetermijnbelangen van de deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden van het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling en het overgedragen deel van de beroepspensioenregeling tijdens en na de collectieve waardeoverdracht afdoende worden beschermd; +4°. de technische voorzieningen van het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling op het moment van de collectieve waardeoverdracht volledig door kapitaal zijn gedekt, indien de collectieve waardeoverdracht in een grensoverschrijdende activiteit resulteert; en +5°. de over te dragen activa toereikend en passend zijn om de over te dragen passiva, technische voorzieningen en andere verplichtingen en rechten te dekken. + +**6.** De toezichthouder deelt het besluit tot het verlenen of weigeren van goedkeuring voor de collectieve waardeoverdracht binnen drie maanden na ontvangst van de aanvraag tot goedkeuring mee aan het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling. + +**7.** De toezichthouder deelt de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft het in het zesde lid bedoelde besluit mee, binnen twee weken nadat het is genomen. + +**8.** De toezichthouder deelt informatie over de toepasselijke bepalingen van sociale en arbeidswetgeving ontvangen van de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit de andere lidstaat haar zetel heeft binnen een week na ontvangst mee aan het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling. + +**9.** De kosten van de collectieve waardeoverdracht komen niet ten laste van de bij het beroepspensioenfonds of de premiepensioeninstelling bestaande deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden. + +**10.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel. + ### Paragraaf 5. Overige bepalingen ### Artikel 101 @@ -1802,22 +1901,24 @@ f. het omzetten van het beroepspensioenfonds in een andere rechtsvorm, bedoeld i **2.** Het intern toezicht van een beroepspensioenfonds door een visitatiecommissie wordt uitgeoefend door personen die geschikt zijn voor de uitoefening van dit toezicht. -**3.** Het beleid van een beroepspensioenfonds wordt bepaald of mede bepaald door personen wier betrouwbaarheid buiten twijfel staat. Het intern toezicht van een beroepspensioenfonds door een visitatiecommissie wordt uitgeoefend door personen wier betrouwbaarheid buiten twijfel staat. +**3.** De risicobeheerfunctie, interne auditfunctie en actuariële functie bij een beroepspensioenfonds worden uitgeoefend door personen die geschikt zijn voor de uitoefening van deze functies. -**4.** Het bestuur van het beroepspensioenfonds meldt elke wijziging in de samenstelling van de personen die het beleid van het beroepspensioenfonds bepalen of mede bepalen vooraf aan de toezichthouder. +**4.** Het beleid van een beroepspensioenfonds wordt bepaald of mede bepaald door personen wier betrouwbaarheid buiten twijfel staat. Het intern toezicht van een beroepspensioenfonds door een visitatiecommissie en de risicobeheerfunctie, interne auditfunctie en actuariële functie bij een beroepspensioenfonds worden uitgeoefend door personen wier betrouwbaarheid buiten twijfel staat. -**5.** +**5.** Het bestuur van het beroepspensioenfonds meldt elke wijziging in de samenstelling van de personen die het beleid van het beroepspensioenfonds bepalen of mede bepalen vooraf aan de toezichthouder. -Een wijziging als bedoeld in het vierde lid wordt niet doorgevoerd indien: +**6.** + +Een wijziging als bedoeld in het vijfde lid wordt niet doorgevoerd indien: a. de toezichthouder binnen zes weken na ontvangst van de melding van de wijziging aan het beroepspensioenfonds bekend maakt dat hij niet met de voorgenomen wijziging instemt; of b. de toezichthouder om nadere gegevens of inlichtingen heeft verzocht en binnen zes weken na ontvangst van die gegevens of inlichtingen aan het beroepspensioenfonds bekend maakt dat hij niet met de voorgenomen wijziging instemt. -**6.** Indien zich een wijziging voordoet van de antecedenten die van invloed is op de betrouwbaarheid van de personen die het beleid van het beroepspensioenfonds bepalen of mede bepalen stelt het beroepspensioenfonds de toezichthouder daarvan onverwijld schriftelijk in kennis. +**7.** Indien zich een wijziging voordoet van de antecedenten die van invloed is op de betrouwbaarheid van de personen die het beleid van het beroepspensioenfonds bepalen of mede bepalen stelt het beroepspensioenfonds de toezichthouder daarvan onverwijld schriftelijk in kennis. -**7.** De betrouwbaarheid van een persoon staat buiten twijfel wanneer dat eenmaal door de toezichthouder voor de toepassing van deze wet is vastgesteld, zolang niet een wijziging in de relevante feiten of omstandigheden een redelijke aanleiding geeft tot een nieuwe beoordeling. +**8.** De betrouwbaarheid van een persoon staat buiten twijfel wanneer dat eenmaal door de toezichthouder voor de toepassing van deze wet is vastgesteld, zolang niet een wijziging in de relevante feiten of omstandigheden een redelijke aanleiding geeft tot een nieuwe beoordeling. -**8.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel. Die regels hebben onder meer betrekking op de misdrijven die, indien begaan door een persoon als bedoeld in het derde lid, met het oog op de belangen die de wet beoogt te beschermen, tot de vaststelling leiden dat de betrouwbaarheid van die persoon niet buiten twijfel staat. +**9.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel. Die regels hebben onder meer betrekking op de misdrijven die, indien begaan door een persoon als bedoeld in het vierde lid, met het oog op de belangen die de wet beoogt te beschermen, tot de vaststelling leiden dat de betrouwbaarheid van die persoon niet buiten twijfel staat. ### Artikel 110ca @@ -1983,6 +2084,14 @@ Indien een beroepspensioenfonds meerdere beroepspensioenregelingen uitvoert vorm Een beroepspensioenfonds kan de mogelijkheid bieden tot verhoging van de pensioenaanspraken indien het deel van de pensioenaanspraken dat voortvloeit uit deze inkoop overeenkomstig de pensioenaanspraken op grond van de basispensioenregeling wordt behandeld. +### Artikel 120a + +**1.** Een beroepspensioenfonds draagt de eigendom van een pensioenvermogen slechts over aan een pensioenbewaarder nadat hij met deze een overeenkomst inzake het beheer en de bewaring van het pensioenvermogen heeft gesloten. + +**2.** Het beroepspensioenfonds treft maatregelen opdat de pensioenbewaarder slechts met zijn medewerking over de bestanddelen van het pensioenvermogen zal beschikken. + +**3.** Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de inhoud van de overeenkomst, bedoeld in het eerste lid. + ## Hoofdstuk 5. Financieel toetsingskader inzake beroepspensioenfondsen ### Artikel 121 @@ -2087,9 +2196,9 @@ a. het beroepspensioenfonds gezien de beleidsdekkingsgraad niet voldoet aan de b b. het beroepspensioenfonds niet in staat is binnen een redelijke termijn te voldoen aan artikel 126 of artikel 127, zonder dat de belangen van deelnemers, gewezen deelnemers, pensioengerechtigden of andere aanspraakgerechtigden onevenredig worden geschaad; en c. alle overige beschikbare sturingsmiddelen, met uitzondering van het beleggingsbeleid, zijn ingezet in het herstelplan, bedoeld in artikel 133 of artikel 134. -**2.** Een beroepspensioenfonds informeert de deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden schriftelijk over het besluit tot vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten. +**2.** Een beroepspensioenfonds informeert de deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden onverwijld schriftelijk over het besluit tot vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten. -**3.** De vermindering, bedoeld in het eerste lid, kan op zijn vroegst een maand nadat de deelnemers, gewezen deelnemers, pensioengerechtigden en toezichthouder hierover geïnformeerd zijn, worden gerealiseerd. +**3.** De vermindering, bedoeld in het eerste lid, kan op zijn vroegst drie maanden nadat de pensioengerechtigden hierover zijn geïnformeerd en een maand nadat de deelnemers, gewezen deelnemers en toezichthouder hierover zijn geïnformeerd, worden gerealiseerd. **4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel. @@ -2213,11 +2322,24 @@ d. het beheersen van de financiële positie over de lange termijn door periodiek ### Artikel 138a -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Een beroepspensioenfonds beschikt over een risicobeheerfunctie, interne auditfunctie en actuariële functie. + +**2.** De houders van de risicobeheerfunctie, interne auditfunctie of actuariële functie rapporteren materiële bevindingen en aanbevelingen op het gebied dat onder hun verantwoordelijkheid valt aan het bestuur van het beroepspensioenfonds. Indien de houder van de risicobeheerfunctie, interne auditfunctie of actuariële functie tevens bestuurder is van het beroepspensioenfonds worden de materiële bevindingen en aanbevelingen ook gerapporteerd aan de raad van toezicht of de visitatiecommissie. + +**3.** + +De houders van de risicobeheerfunctie, interne auditfunctie of actuariële functie melden het de toezichthouder zo spoedig mogelijk indien het bestuur van het beroepspensioenfonds niet tijdig passende corrigerende maatregelen treft, nadat het bestuur op grond van het tweede lid op de hoogte is gesteld van: + +a. een substantieel risico dat het beroepspensioenfonds niet aan een bij of krachtens de wet gesteld vereiste van significante betekenis zal voldoen en dit ernstige gevolgen kan hebben voor de belangen van deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden of pensioengerechtigden; of +b. een significante inbreuk op de voor het beroepspensioenfonds en haar activiteiten geldende bij of krachtens de wet gestelde vereisten. + +**4.** Het beroepspensioenfonds draagt er zorg voor dat de houder van de risicobeheerfunctie, interne auditfunctie of actuariële functie die op grond van het derde lid te goeder trouw en naar behoren een melding heeft gedaan bij de toezichthouder als gevolg van deze melding niet wordt benadeeld. + +**5.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel. ### Artikel 138b -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +De toezichthouder kan een beroepspensioenfonds de verplichting opleggen om een stresstest uit te voeren. ### Artikel 139 @@ -2305,6 +2427,8 @@ b. de wijze, de periodiciteit en de termijnen van de verstrekking. **2.** Het is de waarmerkende actuaris niet toegestaan de werkzaamheden, bedoeld in artikel 142, vierde lid, uit te oefenen voor een beroepspensioenfonds wanneer een andere actuaris of andere deskundige die behoort tot dezelfde organisatie als de waarmerkende actuaris, andere werkzaamheden verricht voor hetzelfde beroepspensioenfonds, tenzij de organisatie van de waarmerkende actuaris een door de toezichthouder goedgekeurde gedragscode heeft over de onafhankelijkheid van de waarmerkende actuaris. +**3.** In afwijking van het eerste lid kan de waarmerkende actuaris andere werkzaamheden voor het beroepspensioenfonds verrichten, voor zover het gaat om werkzaamheden van de actuariële functie. + ### Artikel 143a Een beroepspensioenfonds kan niet overgaan tot verzekering bij een verzekeraar indien de verzekering gebaseerd is op een kapitaalcontract. Een kapitaalcontract is een overeenkomst tussen een beroepspensioenfonds en een verzekeraar waarbij geldt dat: @@ -2340,7 +2464,7 @@ c. stelt het beroepspensioenfonds een algemeen overzicht van de procedure, bedoe **3.** De Nederlandsche Bank N.V. is belast met het prudentieel toezicht en het materieel toezicht. -**4.** Prudentieel toezicht is toezicht gericht op de normen ten aanzien van de financiële soliditeit van beroepspensioenfondsen en het bijdragen aan de financiële stabiliteit van de sector van beroepspensioenfondsen. +**4.** Prudentieel toezicht is toezicht gericht op de normen ten aanzien van de financiële soliditeit van beroepspensioenfondsen, het bijdragen aan de financiële stabiliteit van de sector van beroepspensioenfondsen en het beschermen van de rechten van deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden. **5.** Materieel toezicht is toezicht gericht op alle normen in deze wet die geen onderdeel uitmaken van gedrags- of prudentieel toezicht. @@ -2368,7 +2492,13 @@ c. een pensioenuitvoerder en een aanspraak- of pensioengerechtigde. ### Artikel 148 -In aanvulling op artikel 19, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen draagt de toezichthouder met betrekking tot de uitoefening van zijn taken en bevoegdheden uit hoofde van deze wet zorg voor een voor de onder toezicht staanden kenbare, transparante en consistente uitvoering. +**1.** In aanvulling op artikel 19, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen draagt de toezichthouder met betrekking tot de uitoefening van zijn taken en bevoegdheden uit hoofde van deze wet zorg voor een voor de onder toezicht staanden kenbare, transparante en consistente uitvoering. + +**2.** De toezichthouder hanteert bij de uitoefening van zijn taak een vooruitziende en risicogebaseerde benadering. + +**3.** De toezichthouder neemt bij de uitoefening van zijn taak de gevolgen in overweging die zijn besluiten, met name in noodsituaties, kunnen hebben voor de stabiliteit van het financiële stelsel van alle andere betrokken lidstaten, uitgaande van de op het desbetreffende tijdstip beschikbare informatie. + +**4.** Het toezicht omvat een passende combinatie van werkzaamheden op afstand en controles ter plaatse. ### Paragraaf 2. Rekening en verantwoording @@ -2620,7 +2750,19 @@ Vervallen ### Artikel 180 -Vervallen +**1.** De toezichthouder maakt een besluit tot het opleggen van een bestuurlijke sanctie openbaar. De openbaarmaking geschiedt zodra het besluit onherroepelijk is geworden. Indien tegen het besluit bezwaar, beroep of hoger beroep is ingesteld, maakt de toezichthouder de uitkomst daarvan tezamen met het besluit openbaar. + +**2.** In aanvulling op artikel 5:2, eerste lid, onderdeel a, van de Algemene wet bestuursrecht wordt onder bestuurlijke sanctie mede verstaan: het door de toezichthouder wegens een overtreding beëindigen of beperken van een recht of bevoegdheid alsmede het opleggen van een verbod. + +**3.** + +De toezichthouder kan besluiten openbaarmaking uit te stellen, er niet toe over te gaan of het in een zodanige vorm te doen dat het besluit niet herleidbaar is tot een individuele rechtspersoon of een natuurlijk persoon, indien: + +a. de openbaarmaking van de identiteit van de rechtspersoon of van de identiteit of de persoonlijke gegevens van een natuurlijk persoon onevenredig wordt geacht; +b. de openbaarmaking de stabiliteit van de financiële markten in gevaar brengt; of +c. de openbaarmaking een lopend strafrechtelijk onderzoek of een lopend onderzoek door de toezichthouder naar mogelijke overtredingen ondermijnt. + +**4.** In afwijking van het derde lid blijft openbaarmaking van een besluit tot het opleggen van een bestuurlijke boete slechts achterwege, indien openbaarmaking de stabiliteit van de financiële markten in gevaar zou brengen. ### Artikel 181 @@ -2637,27 +2779,26 @@ Vervallen De toezichthouder kan met het oog op de bescherming van de belangen van de pensioen- of aanspraakgerechtigden ter openbare kennis brengen, indien nodig onder vermelding van de overwegingen die tot die kennisgeving hebben geleid: a. overtreding van de verbodsbepalingen uit deze wet en de overtredingen, bedoeld in artikel 195; -b. het feit ter zake waarvan een aanwijzing is gegeven, het overtreden voorschrift, het feit dat de aanwijzing is gegeven en de door de pensioenuitvoerder te volgen gedragslijn, alsmede de naam, het adres en de vestigingsplaats van de pensioenuitvoerder aan wie de aanwijzing is gegeven; -c. het feit ter zake waarvan een last onder dwangsom of een bestuurlijke boete is opgelegd, het overtreden voorschrift, het feit dat de last onder dwangsom of de bestuurlijke boete is opgelegd, alsmede de naam, het adres en de vestigingsplaats van de overtreder aan wie de last onder dwangsom of de bestuurlijke boete is opgelegd; -d. het feit dat een herstelplan als bedoeld in artikel 133 of artikel 135 is ingediend, alsmede de naam, het adres en de vestigingsplaats van het beroepspensioenfonds dat het herstelplan heeft ingediend. +b. het feit ter zake waarvan een aanwijzing als bedoeld in artikel 166, tweede lid, is gegeven, het feit dat de aanwijzing is gegeven en de door de beroepspensioenfonds te volgen gedragslijn, alsmede de naam, het adres en de vestigingsplaats van de beroepspensioenfonds aan wie de aanwijzing is gegeven; +c. het feit dat een herstelplan als bedoeld in artikel 133 of artikel 135 is ingediend, alsmede de naam, het adres en de vestigingsplaats van het beroepspensioenfonds dat het herstelplan heeft ingediend. -**2.** In afwijking van de aanhef en het eerste lid, onderdelen b en c, brengt de toezichthouder een besluit tot het opleggen van een bestuurlijke sanctie of het geven van een aanwijzing aan een verzekeraar vanwege overtreding van hetgeen is bepaald bij of krachtens de artikelen 58a, 58b en 58c ter openbare kennis. Het ter openbare kennis brengen geschiedt zodra het besluit onherroepelijk is geworden. Indien tegen het besluit bezwaar, beroep of hoger beroep is ingesteld, maakt de toezichthouder de uitkomst daarvan tezamen met het besluit openbaar. - -**3.** Indien het ter openbare kennis brengen van de identiteit van de verzekeraar, bedoeld in het tweede lid, onevenredig wordt geacht of indien het de stabiliteit van de financiële markten of een lopend onderzoek in gevaar brengt, kan de toezichthouder besluiten het ter openbare kennis brengen uit te stellen, er niet toe over te gaan of het in een zodanige vorm te doen dat het besluit niet herleidbaar is tot een individuele verzekeraar. - -**4.** Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gesteld ter zake van de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid. +**2.** Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gesteld ter zake van de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid. ### Artikel 184 -**1.** De toezichthouder stelt, indien hij besluit een openbare kennisgeving uit te zullen vaardigen als bedoeld in artikel 183 de betrokken pensioenuitvoerder in kennis van het besluit. - -**2.** De beschikking vermeldt in ieder geval de geconstateerde overtreding, de inhoud van de kennisgeving, de gronden waarop het besluit berust alsmede de wijze waarop en de termijn waarna de openbare kennisgeving zal worden uitgevaardigd. +Alvorens over te gaan tot openbaarmaking op grond van artikel 180, eerste lid, of artikel 183, eerste lid, neemt de toezichthouder een besluit tot openbaarmaking. Dit besluit bevat de openbaar te maken gegevens, alsmede de wijze waarop en de termijn waarna de openbaarmaking zal plaatsvinden. ### Artikel 185 -**1.** Het ter openbare kennis brengen geschiedt niet eerder dan nadat vijf werkdagen zijn verstreken na de bekendmaking van de beschikking, bedoeld in artikel 184, aan de betrokkene. +**1.** De toezichthouder gaat pas over tot openbaarmaking op grond van artikel 180, eerste lid, of artikel 183, eerste lid, nadat vijf werkdagen zijn verstreken na de dag waarop het besluit tot openbaarmaking, bedoeld in artikel 184, aan de belanghebbende is bekendgemaakt. -**2.** Indien de betrokkene verzoekt om een voorlopige voorziening, bedoeld in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, wordt de werking van de beschikking opgeschort totdat er een uitspraak is van de voorzieningenrechter van de rechtbank. +**2.** Indien de belanghebbende verzoekt om een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht om openbaarmaking op grond van artikel 180, eerste lid, of artikel 183, eerste lid, te voorkomen, wordt de openbaarmaking opgeschort totdat er een uitspraak is van de voorzieningenrechter. + +### Artikel 185a + +**1.** De toezichthouder beëindigt het openbaar beschikbaar houden van informatie onverwijld indien het besluit tot openbaarmaking, bedoeld in artikel 184, wordt ingetrokken of door de bestuursrechter onherroepelijk is vernietigd. + +**2.** In de gevallen, bedoeld in het eerste lid, biedt de toezichthouder de belanghebbende aan de intrekking of de vernietiging openbaar te maken. ### Artikel 186 @@ -2667,14 +2808,14 @@ De toezichthouder maakt een besluit tot het aanstellen van een bewindvoerder ing ### Artikel 187 -De vergunning, bedoeld in artikel 25, onderdeel a, wordt op aanvraag door de toezichthouder verleend wanneer het beroepspensioenfonds: +De vergunning, bedoeld in artikel 25, eerste lid, onderdeel a, wordt op aanvraag door de toezichthouder verleend wanneer het beroepspensioenfonds: a. is ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 204; en -b. voldoet aan de artikelen 110c, 121, 138 en 142, tweede lid en artikel 11 van richtlijn 2003/41/EG. +b. voldoet aan de artikelen 110c, 121, 138 en 142, tweede lid en titel IV van richtlijn 2016/2341/EU. ### Artikel 188 -De toezichthouder kan de vergunning, bedoeld in artikel 25, onderdeel a, geheel of gedeeltelijk intrekken of daaraan nadere voorschriften verbinden wanneer: +De toezichthouder kan de vergunning, bedoeld in artikel 25, eerste lid, onderdeel a, geheel of gedeeltelijk intrekken of daaraan nadere voorschriften verbinden wanneer: a. het pensioenfonds niet langer voldoet aan artikel 187; b. de bij de aanvraag verstrekte gegevens onjuist of onvolledig zijn en de verstrekking van de juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot verlening van de vergunning zou hebben geleid; @@ -2683,7 +2824,7 @@ d. van de vergunning gedurende twee jaren, na de dagtekening van de beschikking ### Artikel 189 -**1.** De toezichthouder doet binnen drie maanden na ontvangst van de gegevens, bedoeld in artikel 26, tweede lid, mededeling van deze gegevens aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de zelfstandige of beroepsgenoot is gevestigd, tenzij het beroepspensioenfonds niet beschikt over de vergunning, bedoeld in artikel 25, onderdeel a, of de toezichthouder reden heeft te betwijfelen dat de administratieve structuur of de financiële positie van het beroepspensioenfonds, of de deskundigheid en betrouwbaarheid van de personen die het fonds besturen met de in die lidstaat voorgenomen activiteiten verenigbaar zijn. +**1.** De toezichthouder doet binnen drie maanden na ontvangst van de gegevens, bedoeld in artikel 26, tweede lid, mededeling van deze gegevens aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de zelfstandige of beroepsgenoot is gevestigd, tenzij het beroepspensioenfonds niet beschikt over de vergunning, bedoeld in artikel 25, eerste lid, onderdeel a, of de toezichthouder reden heeft te betwijfelen dat de administratieve structuur of de financiële positie van het beroepspensioenfonds, of de deskundigheid en betrouwbaarheid van de personen die het fonds besturen met de in die lidstaat voorgenomen activiteiten verenigbaar zijn. **2.** De toezichthouder doet gelijktijdig mededeling aan het fonds van de verstrekking van de gegevens aan de bevoegde autoriteiten, bedoeld in het eerste lid. @@ -2691,11 +2832,11 @@ d. van de vergunning gedurende twee jaren, na de dagtekening van de beschikking ### Artikel 190 -Een beroepspensioenfonds kan na ontvangst van de mededeling, bedoeld in artikel 189, derde lid, dan wel nadat twee maanden zijn verstreken na ontvangst van de mededeling, bedoeld in artikel 189, tweede lid, beginnen met het uitvoeren van de voorgenomen pensioenregeling. +Een beroepspensioenfonds kan na ontvangst van de mededeling, bedoeld in artikel 189, derde lid, dan wel nadat zes weken zijn verstreken na ontvangst van de mededeling, bedoeld in artikel 189, tweede lid, beginnen met het uitvoeren van de voorgenomen pensioenregeling. ### Artikel 191 -**1.** De toezichthouder verbiedt een beroepspensioenfonds bijdragen te ontvangen van een zelfstandige of beroepsgenoot die is gevestigd in een andere lidstaat wanneer de toezichthouder reden heeft tot twijfel als bedoeld in artikel 189, eerste lid, of het fonds niet beschikt over een vergunning als bedoeld in artikel 25, onderdeel a. +**1.** De toezichthouder verbiedt een beroepspensioenfonds bijdragen te ontvangen van een zelfstandige of beroepsgenoot die is gevestigd in een andere lidstaat wanneer de toezichthouder reden heeft tot twijfel als bedoeld in artikel 189, eerste lid. Het verbod wordt uitgevaardigd binnen drie maanden na ontvangst van de gegevens, bedoeld in artikel 26, tweede lid. **2.** De toezichthouder kan een fonds verbieden nog langer bijdragen te ontvangen van een zelfstandige of beroepsgenoot die is gevestigd in een andere lidstaat wanneer door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waarvan de voor bedrijfspensioenvoorziening geldende sociale en arbeidswetgeving van toepassing is, melding heeft gemaakt van een door het fonds gemaakte inbreuk op de toepasselijke sociale en arbeidswetgeving. @@ -2716,11 +2857,11 @@ b. de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling zetel hee ### Artikel 193a -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +Een pensioeninstelling uit een andere lidstaat neemt bij de uitvoering van een beroepspensioenregeling waarop de Nederlandse sociale en arbeidswetgeving van toepassing is deze wetgeving in acht. ### Artikel 194 -**1.** De toezichthouder informeert, binnen twee maanden na de datum van ontvangst van gegevens als bedoeld in artikel 26, tweede lid, de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit een andere lidstaat haar zetel heeft en die deze gegevens hebben verstrekt, over de bepalingen van de Nederlandse sociale en arbeidswetgeving die van toepassing zijn op de beroepspensioenregeling waaraan wordt bijgedragen door de in Nederland gevestigde zelfstandige of beroepsgenoot. +**1.** De toezichthouder informeert, binnen zes weken na de datum van ontvangst van gegevens als bedoeld in artikel 26, tweede lid, de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit een andere lidstaat haar zetel heeft en die deze gegevens hebben verstrekt, over de bepalingen van de Nederlandse sociale en arbeidswetgeving die van toepassing zijn op de beroepspensioenregeling waaraan wordt bijgedragen door de in Nederland gevestigde zelfstandige of beroepsgenoot. **2.** De toezichthouder stelt de bevoegde autoriteiten, bedoeld in het eerste lid, in kennis van elke significante wijziging in de op de beroepspensioenregeling toepasselijke sociale en arbeidswetgeving die gevolgen kan hebben voor de kenmerken van de pensioenregeling. @@ -2754,9 +2895,11 @@ Wanneer de toezichthouder blijkt dat een pensioeninstelling uit een andere lidst **2.** In afwijking van het eerste lid kan de toezichthouder met gebruikmaking van vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de uitvoering van zijn taak op grond van deze wet, mededelingen doen, indien deze niet kunnen worden herleid tot afzonderlijke personen. -**3.** In afwijking van het eerste lid kan de toezichthouder met gebruikmaking van vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de uitvoering van zijn taak op grond van deze wet, vergelijkbare, niet geaggregeerde statistische gegevens van beroepspensioenfondsen publiceren, teneinde inzicht te geven in de financiële situatie van deze beroepspensioenfondsen. +**3.** In afwijking van het eerste lid publiceert de toezichthouder geaggregeerde statistische gegevens over de voornaamste aspecten van de toepassing van het prudentieel kader. -**4.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de gegevens die door de toezichthouder gepubliceerd kunnen worden, over de procedure bij publicatie en de te hanteren termijnen voorafgaand daaraan. +**4.** In afwijking van het eerste lid kan de toezichthouder met gebruikmaking van vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de uitvoering van zijn taak op grond van deze wet, vergelijkbare, niet geaggregeerde statistische gegevens van beroepspensioenfondsen publiceren, teneinde inzicht te geven in de financiële situatie van deze beroepspensioenfondsen. + +**5.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de gegevens die door de toezichthouder gepubliceerd kunnen worden, over de procedure bij publicatie en de te hanteren termijnen voorafgaand daaraan. ### Artikel 199 @@ -2787,12 +2930,20 @@ c. na overleg met Onze Minister van Veiligheid en Justitie, indien het in de aan ### Artikel 199a -**1.** De vermelding in het register, bedoeld in artikel 204, in welke lidstaten een beroepspensioenfonds pensioenregelingen uitvoert wordt door de toezichthouder meegedeeld aan de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen. +De toezichthouder kan, in afwijking van artikel 198, eerste lid, vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de uitvoering van zijn taak op grond van deze wet, verstrekken aan het Europees Comité voor systeemrisico’s, de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen, de Europese Bankautoriteit en de Europese Autoriteit voor effecten en markten, voor zover de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen dienstig zijn voor de uitoefening van hun respectieve taken. Artikel 199, eerste tot en met derde lid, is van overeenkomstige toepassing. -**2.** De toezichthouder stelt de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen in kennis van een besluit om de activiteiten van een beroepspensioenfonds te verbieden. +### Artikel 199b + +**1.** De toezichthouder deelt de gegevens uit het register, bedoeld in artikel 204, mee aan de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen. + +**2.** De toezichthouder stelt de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen in kennis van een besluit om de activiteiten van een beroepspensioenfonds te verbieden of beperken. **3.** De toezichthouder neemt bij de uitvoering van haar taak op grond van de wet artikel 32, derde lid, Richtlijn 2016/97 van het Europees Parlement en de Raad van 20 januari 2016 betreffende verzekeringsdistributie (herschikking) (PbEU 2016, L 26) in acht. +### Artikel 199c + +De toezichthouder verstrekt, in afwijking van artikel 198, eerste lid, vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de uitvoering van zijn taak op grond van deze wet, aan een tijdelijke enquêtecommissie van het Europees Parlement, bedoeld in artikel 226 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. + ### Artikel 200 **1.** @@ -2830,8 +2981,9 @@ b. indien de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen zijn verkregen van de ander De toezichthouder kan, in afwijking van artikel 198, eerste lid, vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de vervulling van de hem ingevolge deze wet opgedragen taak, verstrekken aan: -a. een accountant die het onderzoek naar de staten uitvoert, bedoeld in artikel 142, vijfde lid, of die is belast met de wettelijke controle van de jaarrekening van een pensioenuitvoerder, voorzover de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen betrekking hebben op die pensioenuitvoerder en noodzakelijk zijn voor de controle; of -b. een actuaris die het onderzoek naar de staten uitvoert, bedoeld in artikel 142, vierde lid, of die is belast met de wettelijke controle van een pensioenuitvoerder, voorzover de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen betrekking hebben op die pensioenuitvoerder en noodzakelijk zijn voor de controle. +a. een accountant die het onderzoek naar de staten uitvoert, bedoeld in artikel 142, vijfde lid, of die is belast met de wettelijke controle van de jaarrekening van een pensioenuitvoerder, voorzover de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen betrekking hebben op die pensioenuitvoerder en noodzakelijk zijn voor de controle; +b. een actuaris die het onderzoek naar de staten uitvoert, bedoeld in artikel 142, vierde lid, of die is belast met de wettelijke controle van een pensioenuitvoerder, voorzover de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen betrekking hebben op die pensioenuitvoerder en noodzakelijk zijn voor de controle; of +c. de Europese Centrale Bank, een buitenlandse nationale centrale bank of een andere buitenlandse instantie die is belast met een soortgelijke taak, handelend in haar hoedanigheid van monetaire autoriteit, voor zover de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen dienstig zijn voor de uitoefening van haar wettelijke taken, waaronder de monetaire taak en de daarmee samenhangende beschikbaarstelling van liquide middelen, de uitoefening van toezicht op betalings- clearing- en afwikkelsystemen en de waarborging van de stabiliteit van het financiële stelsel, of voor de taakuitoefening van een andere buitenlandse instantie die is belast met het toezicht op betalingssystemen. **2.** @@ -2854,6 +3006,18 @@ a. indien het beoogde gebruik niet in strijd is met het eerste, tweede of derde b. voorzover die instantie of persoon op een andere wijze dan in deze wet voorzien met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke procedures voor dat andere doel de beschikking over die gegevens of inlichtingen zou kunnen verkrijgen; en c. na overleg met Onze Minister van Veiligheid en Justitie indien het in de aanhef bedoelde verzoek betrekking heeft op een onderzoek naar strafbare feiten. +### Artikel 202a + +**1.** De toezichthouder verstrekt, in afwijking van artikel 198, eerste lid, vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de uitvoering van de hem ingevolge deze wet opgedragen taak, aan de Algemene Rekenkamer, voor zover de gegevens of inlichtingen naar het oordeel van de Algemene Rekenkamer noodzakelijk zijn voor de uitoefening van haar wettelijke taak op grond van artikel 7.24 van de Comptabiliteitswet 2016. Artikel 202, derde lid, is van overeenkomstige toepassing. + +**2.** De Algemene Rekenkamer is verplicht tot geheimhouding van de op grond van het eerste lid ontvangen vertrouwelijke gegevens of inlichtingen en kan die slechts openbaar maken indien deze niet herleid kunnen worden tot afzonderlijke personen. + +### Artikel 202b + +**1.** De toezichthouder verstrekt, in afwijking van artikel 198, eerste lid, vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de uitvoering van de hem ingevolge deze wet opgedragen taak, aan een commissie als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Wet op de parlementaire enquête 2008, voor zover de gegevens of inlichtingen naar het oordeel van die commissie noodzakelijk zijn voor de vervulling van haar taak. Artikel 202, derde lid, is van overeenkomstige toepassing. + +**2.** De commissie, bedoeld in het eerste lid, is verplicht tot geheimhouding van de op grond van het eerste lid ontvangen vertrouwelijke gegevens of inlichtingen en kan die slechts openbaar maken indien deze niet te herleiden zijn tot afzonderlijke personen. + ### Artikel 203 De toezichthouder organiseert ten minste één keer per jaar een overleg met belanghebbenden aangaande pensioenen. @@ -2864,7 +3028,7 @@ De toezichthouder beheert een register waarin alle beroepspensioenfondsen met ze ### Artikel 205 -De toezichthouder is verplicht nauw samen te werken met de Europese Commissie en de bevoegde autoriteiten uit andere lidstaten dan Nederland, overeenkomstig richtlijn 2003/41/EG. +De toezichthouder is verplicht nauw samen te werken met de Europese Commissie en de bevoegde autoriteiten uit andere lidstaten dan Nederland, overeenkomstig richtlijn 2016/2341/EU. ### Artikel 206 @@ -2997,7 +3161,7 @@ Onze Minister zendt binnen drie jaar na inwerkingtreding van de Wet verbeterde p **5.** Indien een beroepspensioenfonds voor de datum van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel E, van de Verzamelwet pensioenen 2012 is overgegaan tot verzekering bij een verzekeraar op basis van een kapitaalcontract als bedoeld in artikel 143a geldt het verbod tot verzekering op basis van een kapitaalcontract, bedoeld in artikel 143a, na afloop van het contract of een verlenging daarvan doch uiterlijk vijf jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel E, van de Verzamelwet pensioenen 2012. -**6.** De personen die op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel VI van de Wet versterking bestuur pensioenfondsen deel uitmaken van de raad van toezicht van een beroepspensioenfonds, worden tot het einde van hun op dat tijdstip lopende benoemingstermijn, doch uiterlijk tot 1 januari 2017, geacht geschikt te zijn als bedoeld in artikel 110, derde lid, en, vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel C, van de Wet versterking bestuur pensioenfondsen, artikel 110c, eerste lid, en betrouwbaar als bedoeld in artikel 110, vijfde lid, en vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel C, van de Wet versterking bestuur pensioenfondsen, artikel 110c, derde lid, zolang niet een wijziging in de relevante feiten, omstandigheden of antecedenten een redelijke aanleiding geeft tot een beoordeling van die geschiktheid of betrouwbaarheid. +**6.** De personen die op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel VI van de Wet versterking bestuur pensioenfondsen deel uitmaken van de raad van toezicht van een beroepspensioenfonds, worden tot het einde van hun op dat tijdstip lopende benoemingstermijn, doch uiterlijk tot 1 januari 2017, geacht geschikt te zijn als bedoeld in artikel 110, derde lid, en, vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel C, van de Wet versterking bestuur pensioenfondsen, artikel 110c, eerste lid, en betrouwbaar als bedoeld in artikel 110, vijfde lid, en vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel C, van de Wet versterking bestuur pensioenfondsen, artikel 110c, vierde lid, zolang niet een wijziging in de relevante feiten, omstandigheden of antecedenten een redelijke aanleiding geeft tot een beoordeling van die geschiktheid of betrouwbaarheid. **7.** Indien een persoon die het beleid van een beroepspensioenfonds bepaalt of mede bepaalt voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel VI van de Wet versterking bestuur pensioenfondsen deskundig is in verband met de uitoefening van het bedrijf van het beroepspensioenfonds wordt die persoon vanaf dat tijdstip geacht geschikt te zijn als bedoeld in artikel 110, derde lid, en vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel C, van de Wet versterking bestuur pensioenfondsen, artikel 110c, eerste lid, zolang niet een wijziging in de relevante feiten en omstandigheden een redelijke aanleiding geeft tot een beoordeling of herbeoordeling van die geschiktheid. @@ -3040,7 +3204,19 @@ c. zijn de artikelen 110a, derde lid, aanhef en onderdeel d, en 110e, derde lid, ### Artikel 214b -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** + +Tot 1 januari 2020 luidt artikel 49, eerste lid, onderdeel g, als volgt: + +g. een opgave van de reglementair te bereiken pensioenaanspraken, met de waarschuwing dat deze opgave kan verschillen van de definitieve hoogte van de te ontvangen pensioenuitkeringen;. + +**2.** + +Tot 1 januari 2020 luidt artikel 51, eerste lid, onderdeel a, als volgt: + +a. een opgave van zijn opgebouwde pensioenaanspraken, met de waarschuwing dat deze opgave kan verschillen van de definitieve hoogte van de te ontvangen pensioenuitkeringen;. + +**3.** Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2020. ### Artikel 215