2007-01-01 | BWBR0022717 | Uitvoeringsbesluit pacht

This commit is contained in:
Coornhert 2007-01-01 12:00:00 +00:00
parent c8cddf8963
commit 8ab61a69d1

View file

@ -0,0 +1,75 @@
---
titel: Uitvoeringsbesluit pacht
bwb_id: BWBR0022717
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2007-10-31'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0022717
citeertitel: Uitvoeringsbesluit pacht
---
# Uitvoeringsbesluit pacht
## Hoofdstuk 1. Uitvoering van
## Hoofdstuk 2. Uitvoering van de
### Paragraaf 1. Rechtsgebied grondkamers
### Paragraaf 2. Tarieven grondkamers en Centrale Grondkamer
### Paragraaf 3. Reglement voor de grondkamers en de Centrale Grondkamer
### Paragraaf 4. Vergoedingen voor de grondkamers en de Centrale Grondkamer
### Artikel 44
**1.** Voor het deelnemen aan een zitting en het bijwonen van een vergadering van de grondkamer wordt aan de plaatsvervangende voorzitter, de leden, de plaatsvervangende leden en de plaatsvervangende secretaris een vergoeding toegekend van € 90,76 per dag.
**2.** De in het vorige lid bedoelde vergoedingen worden evenwel niet toegekend, indien de daar genoemde personen bij het Rijk of als rechterlijk ambtenaar een bezoldigd ambt bekleden, voor zover Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit niet anders bepaalt.
**3.** Aan een plaatsvervangende voorzitter die wegens afwezigheid, belet of ontstentenis van de voorzitter diens werkzaamheden volledig waarneemt, kan, indien hij niet bij het Rijk of als rechterlijk ambtenaar een bezoldigd ambt bekleedt, door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit tot wederopzegging een bezoldiging worden toegekend overeenkomstig de voor de voorzitter vastgestelde bezoldiging.
**4.** Het derde lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van een plaatsvervangend secretaris.
### Artikel 45
**1.** Voor het deelnemen aan een zitting en het bijwonen van een vergadering van de Centrale Grondkamer wordt aan de leden en de plaatsvervangende leden een vergoeding toegekend van € 140,67 per dag.
**2.** Voor het deelnemen aan een zitting en het bijwonen van een vergadering van de Centrale Grondkamer wordt aan de plaatsvervangende griffier een vergoeding toegekend van € 90,76 per dag.
**3.** De in de vorige leden bedoelde vergoedingen worden evenwel niet toegekend indien de aldaar genoemde personen bij het Rijk of als rechterlijk ambtenaar een bezoldigd ambt bekleden, voor zover Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit niet anders bepaalt.
**4.** Aan een plaatsvervangende griffier die wegens afwezigheid, belet of ontstentenis van de griffier diens werkzaamheden volledig waarneemt, kan, indien hij niet bij het Rijk of als rechterlijk ambtenaar een bezoldigd ambt bekleedt, door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit tot wederopzegging toe een bezoldiging worden toegekend overeenkomstig de voor de griffier vastgestelde bezoldiging.
### Artikel 46
**1.** Voor het deelnemen aan een bezichtiging ter plaatse wordt aan de leden en de plaatsvervangende leden van de grondkamer een vergoeding van € 27,23 per uur toegekend.
**2.** Voor het deelnemen aan een bezichtiging ter plaatse wordt een vergoeding van € 29,50 per uur toegekend aan de leden en de plaatsvervangende leden van de Centrale Grondkamer, behalve als zij als rechterlijk ambtenaar een bezoldigd ambt bekleden.
**3.** Bij de berekening van het totale aantal uren waarover een vergoeding volgens de voorgaande leden wordt toegekend, vindt afronding naar boven plaats tot een half uur.
### Artikel 47
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 48
De leden en plaatsvervangende leden van de Centrale Grondkamer die als rechterlijk ambtenaar een bezoldigd ambt bekleden en de in de artikelen 44 en 45 genoemde personen genieten in verband met de in de vorige artikelen genoemde werkzaamheden een vergoeding voor reis- en verblijfkosten overeenkomstig het bepaalde bij en krachtens het Reisbesluit binnenland.
### Artikel 49
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 49a
**1.** De vergoedingen, bedoeld in de artikelen de artikelen 44, eerste lid, 45, eerste en tweede lid, en 46, eerste en tweede lid, worden jaarlijks per 1 januari aangepast aan de mate waarin het prijspeil in de periode van 1 juli in het voorafgaande jaar tot en met 1 juli van het daaraan voorafgaande jaar gemiddeld is gestegen volgens de Consumentenprijsindex voor alle huishoudens zoals gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek. De bedragen worden afgerond op hele euros.
**2.** Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit maakt de aanpassing, bedoeld in het eerste lid, uiterlijk 1 oktober van het voorgaande jaar bekend in de Staatscourant.
## Hoofdstuk 3. Uitvoering van de
## Hoofdstuk 4. Aanpassing algemene maatregelen van bestuur
## Hoofdstuk 5. Slotartikelen