2006-04-05 | BWBR0018238 | Besluit brede doeluitkering sociaal, integratie en veiligheid
This commit is contained in:
parent
53a368fad1
commit
8ac15fd453
1 changed files with 12 additions and 12 deletions
|
|
@ -47,7 +47,7 @@ Onze Minister oefent de hem bij of krachtens dit besluit toegekende bevoegdheden
|
|||
Onze Minister verstrekt voor de GSB III periode aan een gemeente een brede doeluitkering ten behoeve van:
|
||||
|
||||
a. de uitvoering van het ontwikkelingsprogramma, en
|
||||
b. de uitvoering van de artikelen 4, 5, 6, eerste lid, en 15 van de Wet inburgering nieuwkomers en het aanbieden van inburgeringsprogramma’s voor oudkomers in 2005.
|
||||
b. de uitvoering van de artikelen 4, 5, 6, eerste lid, en 15 van de Wet inburgering nieuwkomers en het aanbieden van inburgeringsprogramma’s voor oudkomers in 2005 en gedurende de periode van 1 januari tot en met 30 juni 2006.
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
|
|
@ -69,9 +69,9 @@ D: het procentuele aandeel van de gemeente die behoort tot de centrumgemeenten v
|
|||
|
||||
E: het procentuele aandeel van de gemeente die behoort tot de centrumgemeenten voor vrouwenopvang in de middelen voor vrouwenopvang, die gedurende de GSB III periode vanuit hoofdstuk XVI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
|
||||
F: het procentuele aandeel van de gemeente in de middelen voor de inburgering van nieuwkomers, die in 2005 vanuit hoofdstuk VI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
F: het procentuele aandeel van de gemeente in de middelen voor de inburgering van nieuwkomers, die in 2005 en in 2006 ten behoeve van de periode van 1 januari tot en met 30 juni van dat jaar vanuit hoofdstuk VI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
|
||||
G: het procentuele aandeel van de gemeente in de middelen voor de inburgering van oudkomers, die in 2005 vanuit hoofdstuk VI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
G: het procentuele aandeel van de gemeente in de middelen voor de inburgering van oudkomers, die in 2005 en in 2006 ten behoeve van de periode van 1 januari tot en met 30 juni van dat jaar vanuit hoofdstuk VI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
|
||||
H: het procentuele aandeel van de gemeente in de extra middelen voor veiligheid, die gedurende de GSB III periode vanuit hoofdstuk VII van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
|
||||
|
|
@ -85,9 +85,9 @@ L: de middelen voor maatschappelijke opvang en verslavingsbeleid die gedurende d
|
|||
|
||||
M: de middelen voor vrouwenopvang die gedurende de GSB III periode vanuit hoofdstuk XVI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
|
||||
N: de middelen voor de inburgering van nieuwkomers die in 2005 vanuit hoofdstuk VI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
N: de middelen voor de inburgering van nieuwkomers die in 2005 en in 2006 ten behoeve van de periode van 1 januari tot en met 30 juni van dat jaar vanuit hoofdstuk VI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
|
||||
O: de middelen voor de inburgering van oudkomers die in 2005 vanuit hoofdstuk VI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
O: de middelen voor de inburgering van oudkomers die in 2005 en in 2006 ten behoeve van de periode van 1 januari tot en met 30 juni van dat jaar vanuit hoofdstuk VI van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld;
|
||||
|
||||
P: de extra middelen voor veiligheid die gedurende de GSB III periode vanuit hoofdstuk VII van de Rijksbegroting voor de uitkering ter beschikking worden gesteld.
|
||||
|
||||
|
|
@ -105,7 +105,7 @@ P: de extra middelen voor veiligheid die gedurende de GSB III periode vanuit hoo
|
|||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
**1.** Het college van burgemeester en wethouders verstrekt aan Onze Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie een prognose van het aantal oudkomers dat in 2005 een inburgeringsprogramma voor oudkomers zal starten.
|
||||
**1.** Het college van burgemeester en wethouders verstrekt aan Onze Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie een prognose van het aantal oudkomers dat in 2005 en gedurende de periode van 1 januari tot en met 30 juni van 2006 een inburgeringsprogramma voor oudkomers zal starten.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie geeft bij ministeriële regeling nadere regels voor de prognose en voor het tijdstip waarop deze moet worden verstrekt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -196,18 +196,18 @@ c. de van de oudkomer af te nemen toetsen.
|
|||
|
||||
### Artikel 15
|
||||
|
||||
**1.** Het college van burgemeester en wethouders zendt voor 1 april 2006 aan Onze Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie een verslag over de uitvoering van de Wet inburgering nieuwkomers en over de door het gemeentebestuur aangeboden inburgeringsprogramma’s voor oudkomers in 2005.
|
||||
**1.** Het college van burgemeester en wethouders zendt voor 1 april 2006 en voor 1 april 2007 aan Onze Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie een verslag over de uitvoering van de Wet inburgering nieuwkomers en over de door het gemeentebestuur aangeboden inburgeringsprogramma’s voor oudkomers in 2005 respectievelijk gedurende de periode van 1 januari tot en met 30 juni 2006.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Het verslag bevat de bij regeling van Onze Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie vastgestelde gegevens waartoe in ieder geval behoren:
|
||||
|
||||
a. het aantal beschikkingen omtrent een inburgeringsprogramma, bedoeld in artikel 1, onderdeel g, van het Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers;
|
||||
a. het aantal beschikkingen omtrent een inburgeringsprogramma, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van het Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers;
|
||||
b. het aantal door het bevoegd gezag van een instelling uitgereikte verklaringen als bedoeld in artikel 7.4.15., eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
|
||||
c. het aantal oudkomers dat een inburgeringsprogramma voor oudkomers is gestart, en met wie het gemeentebestuur een overeenkomst heeft gesloten, en
|
||||
d. het aantal oudkomers dat een inburgeringsprogramma voor oudkomers heeft afgerond.
|
||||
|
||||
**3.** Het college van burgemeester en wethouders zendt voor 1 april 2007 aan Onze Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie de gegevens over het aantal oudkomers dat in 2006 een inburgeringsprogramma voor oudkomers heeft afgerond.
|
||||
**3.** Het college van burgemeester en wethouders zendt voor 1 april 2007 en voor 1 april 2008 aan Onze Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie de gegevens over het aantal oudkomers dat in 2006 respectievelijk 2007 een inburgeringsprogramma voor oudkomers heeft afgerond.
|
||||
|
||||
**4.** Onze Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie stelt nadere regels vast voor de inrichting van het verslag, bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
|
|
@ -264,7 +264,7 @@ Onze Minister kan ingeval van majeure wijzigingen van de financieel-economische
|
|||
|
||||
**1.** Onze Minister verleent jaarlijks aan de gemeente één of meer voorschotten op het programmadeel.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister verleent in 2005 aan de gemeente één of meer voorschotten op het inburgeringsdeel.
|
||||
**2.** Onze Minister verleent in 2005 en in 2006 aan de gemeente één of meer voorschotten op het inburgeringsdeel.
|
||||
|
||||
**3.** De verlening van de voorschotten geschiedt volgens bij regeling van Onze Minister te stellen regels.
|
||||
|
||||
|
|
@ -278,11 +278,11 @@ Onze Minister kan ingeval van majeure wijzigingen van de financieel-economische
|
|||
|
||||
### Artikel 21
|
||||
|
||||
Het college van burgemeester en wethouders dient voor 1 april 2007 bij Onze Minister een aanvraag in tot vaststelling van het inburgeringsdeel.
|
||||
Het college van burgemeester en wethouders dient voor 1 april 2008 bij Onze Minister een aanvraag in tot vaststelling van het inburgeringsdeel.
|
||||
|
||||
### Artikel 22
|
||||
|
||||
**1.** Indien Onze Minister op 1 april 2007 geen aanvraag tot vaststelling van het inburgeringsdeel heeft ontvangen, stelt hij dat deel ambtshalve vast.
|
||||
**1.** Indien Onze Minister op 1 april 2008 geen aanvraag tot vaststelling van het inburgeringsdeel heeft ontvangen, stelt hij dat deel ambtshalve vast.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister gaat niet over tot toepassing van het eerste lid dan nadat hij het college van burgemeester en wethouders in de gelegenheid heeft gesteld binnen een door hem te bepalen termijn alsnog een aanvraag in te dienen.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue