2017-01-01 | BWBR0035958 | Besluit verlening mandaat, volmacht en machtiging personele aangelegenheden Kadaster 2014

This commit is contained in:
Coornhert 2017-01-01 12:00:00 +00:00
parent 58f0ef6b4e
commit 8cf7ab30fa

View file

@ -16,70 +16,51 @@ citeertitel: Besluit verlening mandaat, volmacht en machtiging personele aangele
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. *de Dienst:* de Dienst voor het kadaster en de openbare registers, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Organisatiewet Kadaster;
a. *de Dienst:* de Dienst voor het kadaster en de openbare registers, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Organisatiewet Kadaster;
b. *het bestuur:* het bestuur van de Dienst;
c. *directeur:* de directeur bedoeld in artikel 1, tweede lid, van het Reglement inrichting organisatie Kadaster alsmede, voor zover van toepassing, het lid van het bestuur, belast met het leiding geven aan een directie, bedoeld in artikel 2, tweede lid en artikel 3, tweede lid, besluit taakverdeling Raad van bestuur Kadaster;
d. *Akarn:* Algemeen Kadaster Ambtenarenreglement Nieuw;
e. *KANS:* Kadaster Arbeidsvoorwaarden Nieuwe Stijl.
c. *directeur:* de directeur bedoeld in artikel 1, tweede lid, van het Reglement inrichting organisatie Kadaster alsmede, voor zover van toepassing, het lid van het bestuur, belast met het leiding geven aan een directie, bedoeld in artikel 2, tweede lid en artikel 3, tweede lid, besluit taakverdeling Raad van bestuur Kadaster;
d. *ARK:* Arbeidsvoorwaarden en Rechtspositie Kadaster.
### Artikel 2
**1.**
Aan elk van de directeuren wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot de individuele rechtspositie en andere individuele personele aangelegenheden van de personeelsleden behorend tot zijn eenheid op grond van Akarn of KANS besluiten te nemen alsmede om privaatrechtelijke rechtshandelingen en andere handelingen dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten, met dien verstande dat van mandaat, volmacht en machtiging worden uitgezonderd:
Aan elk van de directeuren wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot de individuele rechtspositie en andere individuele personele aangelegenheden van de personeelsleden behorend tot zijn eenheid op grond van ARK besluiten te nemen alsmede om privaatrechtelijke rechtshandelingen en andere handelingen dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten, met dien verstande dat van mandaat, volmacht en machtiging worden uitgezonderd:
a. de bevoegdheid tot het beschrijven en waarderen van functies, bedoeld in artikel 3:5 Akarn;
b. de bevoegdheid tot het treffen van een regeling als bedoeld in artikel 3:9 Akarn;
c. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen inzake flexibilisering van de arbeidstijd als bedoeld in artikel 4:22 Akarn;
d. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 6:5, 6:14 en 6:18 Akarn;
e. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 7:39 en 7:47 Akarn;
f. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 8:1, tweede lid, en 8:13 Akarn;
g. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen inzake de disciplinaire straf van ontslag als bedoeld artikel 9:5, eerste lid, onderdeel l Akarn;
h. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen inzake ontslag op gronden als bedoeld in de artikelen 10:7, 10:8, 10:9, 10:10 en 10:13 Akarn;
i. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 12:1, tweede lid, Akarn voor zover het niet gaat om beslissingen inzake het aanstellen, benoemen, verplaatsen in dan wel naar een hogere dan formele schaal;
j. hetgeen bepaald is in KANS met betrekking tot de bevoegdheden a t/m i.
a. de bevoegdheid tot het beschrijven en waarderen van functies, bedoeld in artikel 5:3 ARK;
b. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 10 en 17 van de Regeling voorschriften bij ziekte en aanspraken bij overlijden, die als bijlage M aan ARK is toegevoegd;
c. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 4:3 ARK;
d. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen inzake de disciplinaire straf van ontslag als bedoeld artikel 2:13 ARK;
e. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen inzake ontslag op gronden als bedoeld in de artikelen 2:10, eerste lid, onderdeel a en 2:14 ARK;
f. de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 11:1 ARK, voor zover het niet gaat om beslissingen inzake het aanstellen, benoemen, verplaatsen in dan wel naar een hogere dan formele schaal;
g. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen op grond van:
**2.**
1° de Regeling bovenwettelijke WW;
2° de Regeling BHV vergoedingen;
3° de Regeling tegemoetkoming zorgverzekering.
Aan elk van de directeuren wordt voorts mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot de individuele rechtspositie en andere individuele personele aangelegenheden van de personeelsleden behorend tot zijn eenheid besluiten te nemen alsmede om privaatrechtelijke rechtshandelingen en andere handelingen dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten:
**2.** Aan elk van de directeuren wordt voorts mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot de individuele rechtspositie en andere individuele personele aangelegenheden van de personeelsleden behorend tot zijn eenheid besluiten te nemen alsmede om privaatrechtelijke rechtshandelingen en andere handelingen dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten inzake de terbeschikkingstelling van laptops en mobiele telefoons.
a. op grond van de:
**3.** Aan de directeur Informatie Technologie (IT) wordt tevens mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot de individuele rechtspositie en andere individuele personele aangelegenheden van de personeelsleden behorend tot zijn eenheid op grond van het voor de directie IT vastgestelde werktijdenreglement besluiten te nemen alsmede om privaatrechtelijke rechtshandelingen en andere handelingen dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten.
1°. Regeling reis- en verblijfskosten bij dienstreizen;
2°. Regeling Sociaal Plan Kadaster 2002 (SPK2002), met dien verstande dat van het mandaat, volmacht en machtiging worden uitgezonderd de bevoegdheden bedoeld in artikel 30;
3°. Regeling uitzendvoorwaarden;
4°. Regeling voorschriften bij ziekte;
5°. Regeling werving en selectie;
6°. 5% Ziektekostenregeling;
7°. Regeling terbeschikkingstelling bedrijfsauto Kadaster, inclusief privé gebruik;
8°. Regeling levensloop Kadaster;
9°. Regeling vrijwillig thuiswerken;
b. inzake de terbeschikkingstelling van laptops en mobiele telefoons.
**3.** Aan elk van de directeuren wordt tevens mandaat, volmacht en machtiging verleend om, ter uitvoering van de tussen de Dienst en de Centrales voor Overheidspersoneel op 22 september 2005 te Utrecht overeengekomen afspraken met betrekking tot het personeelsprogramma Maatwerk binnen een kader, met betrekking tot de individuele rechtspositie en andere individuele personele aangelegenheden van de personeelsleden behorend tot zijn eenheid, besluiten te nemen inzake de toekenning van de in die overeenkomst genoemde (flankerende) instrumenten, alsmede om daaromtrent privaatrechtelijke rechtshandelingen en andere handelingen dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten.
**4.** Aan de directeur Informatie Technologie (IT) wordt tevens mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot de individuele rechtspositie en andere individuele personele aangelegenheden van de personeelsleden behorend tot zijn eenheid op grond van het voor de directie IT vastgestelde werktijdenreglement besluiten te nemen alsmede om privaatrechtelijke rechtshandelingen en andere handelingen dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten.
**5.**
**4.**
Aan de directeur Organisatie en Human Resource management (HRM) wordt tevens mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot de individuele rechtspositie en andere individuele personele aangelegenheden van gewezen ambtenaren van de Dienst besluiten te nemen alsmede om privaatrechtelijke rechtshandelingen en andere handelingen dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten:
a. op grond van Akarn en KANS, voor zover betreffend:
a. op grond van ARK, voor zover betreffend:
1°. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 6:5, 6:14 en 6:18;
2°. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 6:6 tot en met 6:9, 6:11 tot en met 6:13, 6:16, 6:17 en 6:19;
3°. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikelen 10:14 en 10:16;
b. op grond van de Regeling bovenwettelijke uitkering bij werkloosheid;
c. op grond van de 5% Ziektekostenregeling.
1°. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in de artikel 10 van de Regeling voorschriften bij ziekte en aanspraken bij overlijden, die als bijlage M aan ARK is toegevoegd;
2°. De bevoegdheden tot het nemen van beslissingen ten aanzien van gewezen ambtenaren van de Dienst, bedoeld in artikel 10:4 en de artikelen 8, 11 en 14 van de Regeling voorschriften bij ziekte en aanspraken bij overlijden, die als bijlage M aan ARK is toegevoegd;
3°. de bevoegdheden tot het nemen van beslissingen, bedoeld in artikel 17 van de Regeling voorschriften bij ziekte en aanspraken bij overlijden, die als bijlage M aan ARK is toegevoegd;
b. op grond van de Regeling bovenwettelijke WW.
**6.**
**5.**
Aan de directeur Organisatie en HRM wordt ook mandaat, volmacht en machtiging verleend om met betrekking tot de individuele rechtspositie en andere individuele personele aangelegenheden van ambtenaren van de Dienst besluiten te nemen alsmede om privaatrechtelijke rechtshandelingen en andere handelingen dan een besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten:
a. op grond van de Regeling chauffeurs leden Raad van Bestuur;
b. inzake de toekenning van BHV toelagen als bedoeld in de Tabel BHV toelagen Kadaster per 1 januari 2004;
c. op grond van de Regeling spaarloon;
d. op grond van de Regeling tegemoetkoming zorgverzekering.
b. inzake de toekenning van BHV toelagen als bedoeld in de Regeling BHV vergoedingen;
c. op grond van de Regeling tegemoetkoming zorgverzekering.
### Artikel 3
@ -106,13 +87,13 @@ b. het nemen van beslissingen op bezwaarschriften.
### Artikel 6
**1.** Een directeur is bevoegd aan functionarissen die rechtstreeks onder hem ressorteren, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging te verlenen ten aanzien van bevoegdheden die aan hem zijn verleend op grond van artikel 2, eerste, tweede, vierde en vijfde lid. De directeur is tevens bevoegd aan functionarissen die rechtstreeks onder een hoofd van zijn afdeling ressorteren ondermandaat te verlenen ten aanzien van de bevoegdheid een verslag-formulier vast te stellen op grond van de Regeling terugkijken, afspraken maken en ontwikkelen uitsluitend voor zover het gaat om personeelsleden van hun eigen afdelingsonderdeel.
**1.** Een directeur is bevoegd aan functionarissen die rechtstreeks onder hem ressorteren, een algemeen ondermandaat, algemene ondervolmacht en algemene ondermachtiging te verlenen ten aanzien van bevoegdheden die aan hem zijn verleend op grond van artikel 2, eerste, tweede, vierde en vijfde lid. De directeur is tevens bevoegd aan functionarissen die rechtstreeks onder een hoofd van zijn afdeling ressorteren ondermandaat te verlenen ten aanzien van de bevoegdheid een verslag-formulier vast te stellen op grond van de Regeling terugkijken, afspraken maken en ontwikkelen uitsluitend voor zover het gaat om personeelsleden van hun eigen afdelingsonderdeel.
**2.** De uitoefening van de in het eerste lid genoemde bevoegdheid geschiedt met inachtneming van de door het bestuur gegeven aanwijzingen.
**3.** Een directeur kan aan de in het eerste lid genoemde functionarissen met betrekking tot de uitoefening van het ondermandaat, de ondervolmacht en de ondermachtiging algemene en bijzondere aanwijzingen geven.
**4.** De directeur is gehouden toe te zien op de naleving van dit besluit en van de algemene en bijzondere aanwijzingen, bedoeld in artikel 5 en het derde lid van dit artikel, door degene aan wie hij ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging heeft verleend.
**4.** De directeur is gehouden toe te zien op de naleving van dit besluit en van de algemene en bijzondere aanwijzingen, bedoeld in artikel 5 en het derde lid van dit artikel, door degene aan wie hij ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging heeft verleend.
**5.** Een directeur die verleent, doet dit schriftelijk. Hij draagt zorg voor bekendmaking van het verlenen van ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging door publicatie in de Staatscourant.