From 8fa8b800012fbfa2256f36af74789af45d20d0a4 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 8 Dec 2023 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] =?UTF-8?q?2023-12-08=20|=20BWBR0049024=20|=20Tijdelijke?= =?UTF-8?q?=20subsidieregeling=20elektrificatie=20binnenvaartschepen=20202?= =?UTF-8?q?3=E2=80=932027?= MIME-Version: 1.0 Content-Type: text/plain; charset=UTF-8 Content-Transfer-Encoding: 8bit --- .../BWBR0049024/README.md | 37 +++++++------------ 1 file changed, 14 insertions(+), 23 deletions(-) diff --git a/ministeriele-regeling/tijdelijke-subsidieregeling-elektrificatie-binnenvaartschepen-20232027/BWBR0049024/README.md b/ministeriele-regeling/tijdelijke-subsidieregeling-elektrificatie-binnenvaartschepen-20232027/BWBR0049024/README.md index 3dec7e3f903..9d6fd7f5599 100644 --- a/ministeriele-regeling/tijdelijke-subsidieregeling-elektrificatie-binnenvaartschepen-20232027/BWBR0049024/README.md +++ b/ministeriele-regeling/tijdelijke-subsidieregeling-elektrificatie-binnenvaartschepen-20232027/BWBR0049024/README.md @@ -49,35 +49,26 @@ b. in verband met de elektrificatie extra aan boord van het binnenschip moeten w ### Artikel 4 -**1.** Voor de periode tot en met 31 december 2026 is voor de subsidiëring van de activiteiten, bedoeld in artikel 3, ten hoogste € 15.100.000,– beschikbaar. +**1.** Voor de periode tot en met 31 december 2025 is voor de subsidiëring van de activiteiten, bedoeld in artikel 3, ten hoogste € 15.100.000,– beschikbaar. -**2.** Voor de periode tot en met 31 december 2025 is voor de subsidiëring van de activiteiten, bedoeld in artikel 3, ten hoogste € 7.397.000,– beschikbaar. - -**3.** Voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026 is € 3.698.000,– beschikbaar. - -**4.** +**2.** Een aanvraag voor een subsidie kan worden ingediend in de volgende perioden: -a. met ingang van de inwerkingtreding van deze regeling, 9.00 uur tot en met 31 juli 2025, 12.00 uur; -b. van 1 september 2025, 9.00 uur tot en met 15 oktober 2025, 12.00 uur; -c. van 15 januari 2026, 9.00 uur tot en met 15 maart 2026, 12.00 uur. +a. met ingang van de inwerkingtreding van deze regeling, 9.00 uur tot en met 28 februari 2024, 12.00 uur; +b. in 2024 van 1 mei 2024, 9.00 uur tot en met 30 juni 2024, 12.00 uur; +c. in 2024 van 1 september 2024, 9.00 uur tot en met 15 oktober 2024, 12.00 uur. -**5.** Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. +**3.** Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. -**6.** De subsidieverlening wordt gerechtvaardigd op grond van artikel 25, eerste lid, en artikel 36 ter, eerste lid, van de AGVV. +**4.** De subsidieverlening wordt gerechtvaardigd op grond van artikel 25, eerste lid, en artikel 36 ter, eerste lid, van de AGVV. + +**5.** De subsidie voor de activiteiten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt ten hoogste 40% van de in aanmerking komende kosten tot een maximum van € 400.000,– per vaartuig. + +**6.** De aanvullende subsidie voor een industrieel onderzoeksproject bedraagt ten hoogste € 75.000,– per aanvraag. **7.** -De subsidie voor de activiteiten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt ten hoogste 40% van de in aanmerking komende kosten tot een maximum van: - -a. € 550.000,– per nieuw te bouwen vaartuig of als het vaartuig vóór de uitvoering van het project was uitgerust met een diesel elektrische aandrijving of volledig elektrische aandrijving; of -b. € 750.000,– per vaartuig als het vaartuig vóór de uitvoering van het project enkel was uitgerust met een conventionele aandrijving met verbrandingsmotoren. - -**8.** De aanvullende subsidie voor een industrieel onderzoeksproject als bedoeld in artikel 3, tweede lid, bedraagt ten hoogste € 75.000,– per aanvraag. - -**9.** - Voor een industrieel onderzoeksproject komt 50% van de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van het project toe te rekenen kosten voor industriële onderzoeksprojecten voor subsidie in aanmerking: a. loonkosten van direct bij het project betrokken personeel, waarbij het uurloon wordt berekend aan de hand van het brutoloon: loon in geld, volgens de verzamelloonstaat, ingevolge artikel 7.2 van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011, te delen door 1.650 productieve uren, verhoogd met een forfaitair percentage van 20 voor de werkgeverslasten. @@ -88,7 +79,7 @@ e. afschrijvingskosten van machines en apparatuur op basis van de technische lev f. huurkosten van machines en apparatuur naar rato van het gebruik voor het project gedurende de projectperiode; g. aan derden verschuldigde kosten ter zake van studies en onderzoeksactiviteiten en ter zake van de aanschaf van kennis en intellectuele eigendomsrechten alsmede ter zake van bescherming van die rechten. -**10.** De steunintensiteit van een onderzoek als bedoeld in het zesde lid kan met 10 procentpunten worden verhoogd voor subsidie aan middelgrote ondernemingen en met 20 procentpunten voor subsidie aan kleine ondernemingen. +**8.** De steunintensiteit van een onderzoek als bedoeld in het zesde lid kan met 10 procentpunten worden verhoogd voor subsidie aan middelgrote ondernemingen en met 20 procentpunten voor subsidie aan kleine ondernemingen. ### Artikel 5 @@ -150,9 +141,9 @@ f. de Minister van oordeel is dat de aanvraag niet past binnen het NGF-project. **1.** De subsidie-ontvanger rondt de activiteiten, bedoeld in artikel 3, binnen 18 maanden na de subsidieverlening af. -**2.** De subsidieontvanger vraagt, binnen twee weken nadat het binnenschip een volledig kalenderjaar binnen het NGF-project heeft gevaren, een emissielabel aan bij de Stichting Afvalstoffen en Vaardocumenten Binnenvaart. +**2.** Binnen twee weken na afronding van de activiteiten, bedoeld in artikel 3, vraagt de subsidie-ontvanger voor het binnenschip waarop de subsidie betrekking heeft een emissielabel aan bij de Stichting Afvalstoffen en Vaardocumenten Binnenvaart. -**3.** Het label voor het binnenschip is bij eerste uitreiking minimaal B2 voor binnenschepen die aan de Stage V emissienormen voldoen en minimaal B3 voor schepen die niet aan de Stage V emissienormen voldoen. +**3.** Het label voor het binnenschip is bij eerste uitreiking minimaal B1. Uiterlijk met ingang van 1 juli 2026 is het label A0. **4.** De subsidie-ontvanger toont gedurende 24 maanden na afronding van een activiteit als bedoeld in artikel 3, bij een steekproefsgewijze controle aan dat het binnenschip functioneert binnen de kaders van het NGF-project.