From 8fd96ce702c791f4de8ef8f7cd37b6375bd9c727 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sun, 1 Jan 2017 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2017-01-01 | BWBR0025572 | Postwet 2009 --- wet/postwet-2009/BWBR0025572/README.md | 24 +++++++++++++++++------- 1 file changed, 17 insertions(+), 7 deletions(-) diff --git a/wet/postwet-2009/BWBR0025572/README.md b/wet/postwet-2009/BWBR0025572/README.md index aaec12f39ad..6d45a85842c 100644 --- a/wet/postwet-2009/BWBR0025572/README.md +++ b/wet/postwet-2009/BWBR0025572/README.md @@ -22,7 +22,7 @@ In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. *Onze Minister:* Onze Minister van Economische Zaken; b. *Autoriteit Consument en Markt:* de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt; -c. *akten van de Wereldpostunie:* de op 10 juli 1964 te Wenen tot stand gekomen Constitutie van de Wereldpostunie (Trb. 1965, 170) en de daarbij behorende voor Nederland bindende verdragen, reglementen en protocollen (Trb. 1965, 170 en Trb. 2002, 205); +c. *akten van de Wereldpostunie:* de op 10 juli 1964 te Wenen tot stand gekomen Constitutie van de Wereldpostunie (Trb. 1965, 170) en de daarbij behorende voor Nederland bindende verdragen, reglementen en protocollen (Trb. 1965, 170 en Trb. 2002, 205); d. *bindende gedragslijn:* een zelfstandige last die niet wegens een overtreding wordt opgelegd; e. *zelfstandige last:* de enkele last tot het verrichten van bepaalde handelingen, bedoeld in artikel 5:2, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, ter bevordering van de naleving van wettelijke voorschriften. @@ -99,7 +99,9 @@ Beslag op poststukken welke in het kader van postvervoerdiensten aan een postver ### Artikel 8 -Een postvervoerbedrijf heeft met een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen minimumpercentage van de postbezorgers die voor hem postvervoer verrichten een arbeidsovereenkomst. Bij algemene maatregel van bestuur wordt de datum bepaald met ingang waarvan een postvervoerbedrijf aan een minimumpercentage moet voldoen. De toepassing van een minimumpercentage kan daarbij worden beperkt tot bepaalde categorieën postvervoerbedrijven of bepaalde omstandigheden. +**1.** Een postvervoerbedrijf heeft met een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen minimumpercentage van de postbezorgers die voor hem postvervoer verrichten een arbeidsovereenkomst. Bij algemene maatregel van bestuur wordt de datum bepaald met ingang waarvan een postvervoerbedrijf aan een minimumpercentage moet voldoen. De toepassing van een minimumpercentage kan daarbij slechts worden uitgesloten ten aanzien van een postvervoerbedrijf aan wie geen kosten als bedoeld in artikel 6a van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in rekening worden gebracht. + +**2.** De voordracht voor een krachtens het eerste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. ## Hoofdstuk 3. Onderlinge dienstverlening @@ -615,9 +617,9 @@ De Autoriteit Consument en Markt is verantwoordelijke in de zin van artikel 1, o ### Artikel 49 -**1.** De Autoriteit Consument en Markt kan in geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 4, 5, 8, 9, 10, 12, 13, 13b tot en met 13k, 15, vijfde lid, 16, vijfde tot en met achtste lid, 18, 19, 21 tot en met 25, 26 tot en met 28, 32, 35, 36, 41 en 61, de overtreder per overtreding een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000 of, indien dat meer is, 10% van de omzet van de onderneming. +**1.** De Autoriteit Consument en Markt kan in geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 4, 5, 8, 9, 10, 12, 13, 13b tot en met 13k, 15, vijfde lid, 16, vijfde tot en met achtste lid, 18, 19, 21 tot en met 25, 26 tot en met 28, 32, 35, 36, 41 en 61, de overtreder per overtreding een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000 of, indien dat meer is, 10% van de omzet van de onderneming. -**2.** Onze Minister kan in geval van overtreding van een zelfstandige last als bedoeld in artikel 47, tweede lid, alsmede overtreding van het bepaalde bij of krachtens hoofdstuk 11 de overtreder per overtreding een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000 of, indien dat meer is, 10% van de omzet van de onderneming in Nederland. Artikel 12o van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt is van overeenkomstige toepassing. +**2.** Onze Minister kan in geval van overtreding van een zelfstandige last als bedoeld in artikel 47, tweede lid, alsmede overtreding van het bepaalde bij of krachtens hoofdstuk 11 de overtreder per overtreding een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000 of, indien dat meer is, 10% van de omzet van de onderneming in Nederland. Artikel 12o van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt is van overeenkomstige toepassing. **3.** De bestuurlijke boete die ingevolge het eerste en tweede lid ten hoogste kan worden opgelegd wordt verhoogd met 100%, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dagtekening van het van de overtreding opgemaakte rapport, bedoeld in artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, een aan die overtreder voor een eerdere overtreding van eenzelfde of een soortgelijk wettelijk voorschrift opgelegde bestuurlijke boete onherroepelijk is geworden. @@ -643,7 +645,7 @@ Vervallen ### Artikel 55 -**1.** Een beschikking waarbij een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 49, tweede lid, wordt opgelegd of waarbij op basis van artikel 48, tweede lid, een last onder dwangsom wordt opgelegd wordt, nadat zij bekend is gemaakt, ter inzage gelegd bij Onze Minister. +**1.** Een beschikking waarbij een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 49, tweede lid, wordt opgelegd of waarbij op basis van artikel 48, tweede lid, een last onder dwangsom wordt opgelegd wordt, nadat zij bekend is gemaakt, ter inzage gelegd bij Onze Minister. **2.** Van de beschikking wordt mededeling gedaan in de Staatscourant. @@ -740,11 +742,19 @@ In bijzondere omstandigheden in verband met de handhaving van de internationale ### Artikel 69 -In geval voor Nederland of een gedeelte daarvan, op grond van de artikelen 7, eerste lid, of 8, eerste lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden, bepalingen uit de Oorlogswet voor Nederland in werking zijn gesteld, oefent Onze Minister de in artikel 70, eerste lid, bedoelde bevoegdheid uit in overeenstemming met Onze Minister van Defensie. +In geval voor Nederland of een gedeelte daarvan, op grond van de artikelen 7, eerste lid, of 8, eerste lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden, bepalingen uit de Oorlogswet voor Nederland in werking zijn gesteld, oefent Onze Minister de in artikel 70, eerste lid, bedoelde bevoegdheid uit in overeenstemming met Onze Minister van Defensie. ### Artikel 70 -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden. + +**1.** Onze Minister is bevoegd een verlener van de universele postdienst en zo nodig een ander postvervoerbedrijf bindende aanwijzingen te geven met betrekking tot het postvervoer naar, van of in het gebied waarvoor een besluit als bedoeld in artikel 68 van kracht is. + +**2.** Onze Minister kan bij toepassing van het eerste lid afwijken van de verplichtingen die op grond van deze wet op een verlener van de universele postdienst rusten. + +**3.** Een verlener van de universele postdienst kan aan exploitanten van openbare vervoermiddelen de verplichting opleggen mee te werken aan het postvervoer van aan de verlener van de universele postdienst ter vervoer aangeboden poststukken. De verlener van de universele postdienst kan in verband hiermee aanwijzingen geven aan de exploitanten van openbare vervoermiddelen. + +**4.** Indien een verlener van de universele postdienst of een exploitant van openbare vervoermiddelen als gevolg van aanwijzingen gegeven op grond van het eerste onderscheidenlijk het derde lid, onevenredig financieel nadeel ondervindt, kent Onze Minister de betrokkene een naar billijkheid te bepalen vergoeding toe. ### Artikel 71