2000-10-01 | BWBR0007044 | Besluit overige niet-meldingplichtige gevallen bodemsanering

This commit is contained in:
Coornhert 2000-10-01 12:00:00 +00:00
parent 4c6351b6e6
commit 94981bba55

View file

@ -0,0 +1,53 @@
---
titel: Besluit overige niet-meldingplichtige gevallen bodemsanering
bwb_id: BWBR0007044
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '1995-01-01'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0007044
citeertitel: Besluit overige niet-meldingplichtige gevallen bodemsanering
---
# Besluit overige niet-meldingplichtige gevallen bodemsanering
### Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. baggerspecie klasse 1: specie gebaggerd uit een waterbodem van een verontreinigingsgehalte liggend boven de streefwaarden, zoals opgenomen in de bijlage, behorende bij het Besluit vrijstellingen stortverbod buiten inrichtingen, en onder of gelijk aan de grenswaarden, genoemd in die bijlage en bepaald overeenkomstig de regels, vastgesteld bij ministeriële regeling op grond van artikel 1 van dat besluit;
b. baggerspecie klasse 2: specie gebaggerd uit een waterbodem van een verontreinigingsgehalte liggend boven de grenswaarden, zoals opgenomen in de bijlage, behorende bij het Besluit vrijstellingen stortverbod buiten inrichtingen, en onder of gelijk aan de toetsingswaarden, genoemd in die bijlage en bepaald overeenkomstig de regels, vastgesteld bij ministeriële regeling op grond van artikel 1 van dat besluit;
c. baggerspecie klasse 3: specie gebaggerd uit een waterbodem van een verontreinigingsgehalte liggend boven de toetsingswaarde, zoals opgenomen in de bijlage, behorende bij het Besluit vrijstellingen stortverbod buiten inrichtingen, en onder of gelijk aan de interventiewaarden, genoemd in die bijlage;
d. onderhoudsspecie klasse 1 en 2: onderhoudsspecie als bedoeld in artikel 1 van het Besluit vrijstellingen stortverbod buiten inrichtingen.
### Artikel 2
**1.**
De melding van degene die voornemens is de bodem te saneren dan wel handelingen te verrichten ten gevolge waarvan de verontreiniging van de bodem wordt verminderd of verplaatst, kan achterwege blijven:
a. indien bij het bevoegde gezag:
1°. een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet milieubeheer is ingediend;
2°. een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 1.3 van de Wet milieubeheer is ingediend;
3°. een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 40, eerste lid, van de Woningwet is ingediend, waarbij op grond van de gemeentelijke bouwverordening, bedoeld in artikel 8 van die wet, de overlegging van een onderzoeksrapport inzake de gesteldheid van de bodem is vereist;
4°. een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 1 van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren is ingediend;
5°. een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 4 van de Wet verontreiniging zeewater is ingediend, of
6°. een melding als bedoeld in artikel 8.19, tweede lid, van de Wet milieubeheer of een melding als bedoeld in artikel 8.41 op grond van een in artikel 8.40 van die wet bedoelde algemene maatregel van bestuur, is gedaan, en
7°. het bevoegde gezag naar aanleiding van de resultaten van een bodemonderzoek, voorgeschreven bij of krachtens een onder 1° tot en met 6° genoemde wettelijke regeling, heeft vastgesteld, dat er geen sprake is van een geval van ernstige verontreiniging;
b. indien de uitvoering van een openbaar werk of van baggerwerkzaamheden waarbij baggerspecie klasse 1, 2 of 3 wordt verplaatst:
1°. geschiedt op last van, door of vanwege, of met instemming van het bevoegde gezag, en
2°. het bevoegde gezag heeft vastgesteld dat geen sprake is van een geval van ernstige verontreiniging, of
c. indien het verspreiden van onderhoudsspecie klasse 1 of 2 op land met inachtneming van het Besluit vrijstellingen stortverbod buiten inrichtingen en de daarop gebaseerde ministeriële regeling geschiedt.
**2.** Het eerste lid, aanhef en onderdeel *a*, is niet van toepassing indien de in dat lid, aanhef en onderdeel *a*, onder 7°, bedoelde resultaten van het bodemonderzoek niet meer representatief zijn om te kunnen beoordelen of de bodem ernstig verontreinigd is. Hiervan is in ieder geval sprake indien er vijf jaren zijn verstreken na voltooiing van het bodemonderzoek.
**3.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel *a*, onder 3° juncto 7°, kan de melding tevens achterwege blijven indien bij de in de bouwverordening op grond van artikel 8 van de Woningwet aangewezen gevallen geen bodemonderzoek is vereist.
### Artikel 3
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waarop artikel 28 van de Wet bodembescherming in werking treedt.
### Artikel 4
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit overige niet-meldingplichtige gevallen bodemsanering.