2018-12-25 | BWBR0018605 | Uitvoeringsbesluit pensioenaspecten Sociaal Akkoord 2004

This commit is contained in:
Coornhert 2018-12-25 12:00:00 +00:00
parent 499f762ea4
commit 96e05ab6a9

View file

@ -47,7 +47,7 @@ b. een zo nauwkeurig mogelijke opgave van de deeltijdfactor per geadministreerd
**1.** Aanspraken die worden toegezegd op de wijze, bedoeld in dit artikel, en die zullen worden verkregen door middel van inkoop over perioden in het verleden waarin minder pensioenaanspraken zijn opgebouwd dan op basis van hoofdstuk IIB van de Wet op de loonbelasting 1964 is toegestaan, hoeven niet evenredig in de tijd te worden opgebouwd en gefinancierd.
**2.** De opbouw en financiering vinden plaats binnen een termijn van vijftien jaren na de datum waarop de toezegging, bedoeld in het eerste lid, is gedaan of, indien de in de pensioenregeling vastgestelde ingangsdatum van het pensioen voor het verstrijken van de termijn van vijftien jaren ligt, voor die ingangsdatum. Een pensioenfonds kan de aanspraken uitsluitend financieren uit het vermogen dat ter dekking van de technische voorzieningen wordt aangehouden of het eigen vermogen indien voldaan is aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 129 van de Pensioenwet.
**2.** De opbouw en financiering vinden plaats binnen een termijn van vijftien jaren na de datum waarop de toezegging, bedoeld in het eerste lid, is gedaan of, indien de in de pensioenregeling vastgestelde ingangsdatum van het pensioen voor het verstrijken van de termijn van vijftien jaren ligt, voor die ingangsdatum. Een pensioenfonds kan de aanspraken uitsluitend financieren uit het vermogen dat ter dekking van de technische voorzieningen wordt aangehouden of het eigen vermogen indien voldaan is aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 129 van de Pensioenwet. In afwijking van de vorige zin kan een pensioenfonds een lager inkooptarief vaststellen, mits bij de vaststelling van dat tarief geen tariefgrondslagen worden gehanteerd die nadeliger zijn voor de financiële positie van het pensioenfonds dan de tariefgrondslagen die ten grondslag liggen aan de vaststelling van de feitelijke premie voor de basispensioenregeling. Een pensioenfonds stelt het inkooptarief vast na overleg met de organen van het pensioenfonds.
**3.** Aanspraken als bedoeld in het eerste lid kunnen worden toegezegd gedurende twee jaren na het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit.