2008-01-01 | BWBR0013060 | Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen
This commit is contained in:
parent
bd025b0910
commit
99a4935a6b
1 changed files with 56 additions and 65 deletions
|
|
@ -34,14 +34,10 @@ o. uitkeringsgerechtigde: de persoon die een uitkering of voorziening ontvangt o
|
|||
|
||||
1°. de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, of
|
||||
2°. de Werkloosheidswet, de Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria, de Ziektewet, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Toeslagenwet, de Algemene Ouderdomswet, de Algemene nabestaandenwet, de Algemene Kinderbijslagwet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten;
|
||||
p. het Inlichtingenbureau: de Stichting Inlichtingenbureau, gevestigd te Den Haag;
|
||||
q. Suwinet: de elektronische infrastructuur, bedoeld in artikel 62, tweede lid;
|
||||
r. Gegevensregister Suwi: de weergave van de definities, de structuur en de schrijfwijze van de gegevens die door ten minste twee van de in artikel 62, tweede lid, genoemde rechtspersonen worden gebruikt bij het aan elkaar verstrekken van gegevens;
|
||||
s. Stelselontwerp Suwinet: de beschrijving van de technische voorzieningen, de functionaliteiten en de specificaties die worden toegepast bij de inrichting en werking van Suwinet;
|
||||
t. Personenverwijsbestand: het bestand waarin wordt aangegeven welke personen met een sociaal-fiscaalnummer in registraties van de desbetreffende organisaties zijn opgenomen;
|
||||
u. doeltreffendheid: de mate waarin de doelstellingen van de bij of krachtens de wet gestelde regels werden bereikt;
|
||||
v. klantmanager: functionaris die optreedt als begeleider en trajectcoördinator van een werkzoekende;
|
||||
w. reïntegratiebedrijf: een natuurlijke persoon dan wel rechtspersoon die in het kader van de uitoefening van beroep of bedrijf de inschakeling van personen in de arbeid bevordert.
|
||||
p. het Inlichtingenbureau: de als zodanig door Onze Minister aangewezen instelling die is belast met de coördinatie en dienstverlening ten behoeve van de gemeenten bij de verwerking van gegevens, voor zover dit noodzakelijk is voor de uitvoering van taken op het gebied van sociale zekerheid;
|
||||
q. doeltreffendheid: de mate waarin de doelstellingen van de bij of krachtens de wet gestelde regels werden bereikt;
|
||||
r. klantmanager: functionaris die optreedt als begeleider en trajectcoördinator van een werkzoekende;
|
||||
s. reïntegratiebedrijf: een natuurlijke persoon dan wel rechtspersoon die in het kader van de uitoefening van beroep of bedrijf de inschakeling van personen in de arbeid bevordert.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 2. Rechtspersonen, samenwerking en cliëntenparticipatie
|
||||
|
||||
|
|
@ -397,19 +393,27 @@ b. indien een termijn als bedoeld in het derde lid is verstreken zonder dat de b
|
|||
|
||||
**1.** De Centrale organisatie werk en inkomen neemt aanvragen in ontvangst van een uitkering op grond van de Werkloosheidswet, van een toeslag in aanvulling op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet als bedoeld in artikel 11, tweede lid, van de Toeslagenwet en van algemene bijstand op grond van de Wet werk en bijstand dan wel van een uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen. Tevens neemt de Centrale organisatie werk en inkomen de aangifte van werkloosheid op grond van artikel 26, eerste lid, onderdeel a, van de Werkloosheidswet in ontvangst. Indien een aanvraag van een uitkering of aangifte van werkloosheid op grond van een in de eerste zin van dit lid genoemde wet niet bij de Centrale organisatie werk en inkomen moet worden ingediend of gedaan, verwijst de Centrale organisatie werk en inkomen de aanvrager naar het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of naar burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente. Indien het een aanvraag van algemene bijstand op grond van de Wet werk en bijstand dan wel van uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen betreft, legt de Centrale organisatie werk en inkomen vast op welke dag zij naam, adres en woonplaats van de belanghebbende heeft geregistreerd en hem in staat heeft gesteld zijn aanvraag in te dienen.
|
||||
|
||||
**2.** De belanghebbende verstrekt aan de Centrale organisatie werk en inkomen alle gevraagde gegevens en bewijsstukken die nodig zijn voor de beslissing op zijn aanvraag door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente dan wel voor de verdere behandeling van zijn aangifte van werkloosheid door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. De Centrale organisatie werk en inkomen onderzoekt de verstrekte gegevens en bewijsstukken op bij ministeriële regeling te bepalen wijze op juistheid, volledigheid en consistentie.
|
||||
**2.** De belanghebbende verstrekt aan de Centrale organisatie werk en inkomen alle gevraagde gegevens en bewijsstukken die nodig zijn voor de beslissing op zijn aanvraag door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente dan wel voor de verdere behandeling van zijn aangifte van werkloosheid door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. De Centrale organisatie werk en inkomen onderzoekt de verstrekte gegevens en bewijsstukken op juistheid, volledigheid en consistentie.
|
||||
|
||||
**3.** De Centrale organisatie werk en inkomen draagt de aanvraag of aangifte, bedoeld in het eerste lid, met de daarbij verstrekte gegevens en bewijsstukken, alsmede het daarbij behorende sociaal-fiscaalnummer, over aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente. Zij geeft daarbij aan welke gegevens en bewijsstukken zij overeenkomstig het tweede lid heeft onderzocht en wat haar oordeel hieromtrent is, alsmede, indien van toepassing, de dag, bedoeld in het eerste lid, vierde volzin. De overdracht vindt plaats zodra de verstrekte gegevens en bewijsstukken naar het oordeel van de Centrale organisatie werk en inkomen juist, volledig en consistent zijn, doch in elk geval binnen een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen termijn na de aanvraag of aangifte. De Centrale organisatie werk en inkomen doet tegelijkertijd van deze overdracht schriftelijk mededeling aan belanghebbende.
|
||||
**3.** De gegevens en bewijsstukken die nodig zijn voor de beslissing op de aanvraag van de belanghebbende door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente dan wel voor de verdere behandeling van zijn aangifte van werkloosheid door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen worden door de Centrale organisatie werk en inkomen niet verkregen van de belanghebbende voor zover ze verkregen kunnen worden uit de polisadministratie, bedoeld in artikel 33, de verzekerdenadministratie, bedoeld in artikel 35, alsmede uit de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens, tenzij hierdoor een goede vervulling van de taak van de Centrale organisatie werk en inkomen op grond van dit artikel wordt belet of bij wettelijk voorschrift anders is bepaald. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen andere administraties worden aangewezen waarvoor de eerste zin van toepassing is, worden regels gesteld over de gegevens die het betreft en kunnen administraties worden aangewezen waarvoor de eerste zin tijdelijk niet van toepassing is. Indien het authentieke gegevens uit andere basisregistraties betreft, is dit lid van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot het eerste, tweede en derde lid.
|
||||
**4.** De Centrale organisatie werk en inkomen draagt de aanvraag of aangifte, bedoeld in het eerste lid, met de daarbij verstrekte gegevens en bewijsstukken, alsmede het daarbij behorende burgerservicenummer, over aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente. De Centrale organisatie werk en inkomen doet tegelijkertijd van deze overdracht schriftelijk mededeling aan belanghebbende.
|
||||
|
||||
**5.** Artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing ten aanzien van de uitvoering van dit artikel door de Centrale organisatie werk en inkomen.
|
||||
**5.** De Centrale organisatie werk en inkomen sluit overeenkomsten met burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente onderscheidenlijk het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen over de uitvoering van dit artikel, waarbij in het kader van de taakverdeling voor bepaalde categorieën van aanvragen kan worden afgeweken van het eerste en tweede lid.
|
||||
|
||||
**6.** De gegevens en bewijsstukken, bedoeld in het derde lid, worden door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente niet verkregen van de belanghebbende voor zover ze zijn verkregen van de Centrale organisatie werk en inkomen, tenzij hierdoor een goede vervulling van de taak van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente op grond van dit artikel wordt belet.
|
||||
|
||||
**7.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het vijfde lid.
|
||||
|
||||
**8.** Artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing ten aanzien van de uitvoering van dit artikel door de Centrale organisatie werk en inkomen.
|
||||
|
||||
**9.** De voordracht voor een krachtens het derde lid, tweede zin, vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan twee weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 29
|
||||
|
||||
**1.** De belanghebbende verstrekt de gegevens en de bewijsstukken, bedoeld in artikel 28, tweede lid, aan de Centrale organisatie werk en inkomen en deelt op verzoek van deze organisatie of onverwijld uit eigen beweging overigens alle feiten en omstandigheden mee, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op uitkering, toeslag of bijstand, het geldend maken van het recht op uitkering, toeslag of bijstand, of de hoogte of de duur van de uitkering, toeslag of bijstand.
|
||||
**1.** De belanghebbende deelt op verzoek van de Centrale organisatie werk en inkomen of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mee, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op uitkering, toeslag of bijstand, het geldend maken van het recht op uitkering, toeslag of bijstand, of de hoogte of de duur van de uitkering, toeslag of bijstand. Deze verplichting geldt niet indien die feiten en omstandigheden door de Centrale organisatie werk en inkomen kunnen worden vastgesteld op grond van bij wettelijk voorschrift als authentiek aangemerkte gegevens of kunnen worden verkregen uit bij ministeriële regeling aan te wijzen administraties. Bij ministeriële regeling wordt bepaald voor welke gegevens de tweede zin van toepassing is.
|
||||
|
||||
**2.** De verplichting van het eerste lid geldt tot het tijdstip van ontvangst van de mededeling van de Centrale organisatie werk en inkomen, bedoeld in artikel 28, derde lid, vierde zin.
|
||||
**2.** De verplichting van het eerste lid geldt tot het tijdstip van ontvangst van de mededeling van de Centrale organisatie werk en inkomen, bedoeld in artikel 28, vierde lid, tweede zin.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 5. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
|
||||
|
||||
|
|
@ -523,10 +527,12 @@ e. van de werknemer overige gegevens van belang voor statistische doeleinden op
|
|||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is de verantwoordelijke in de zin van de Wet bescherming persoonsgegevens voor de verwerking van gegevens van uitkeringsgerechtigden als bedoeld in artikel 1, onderdeel o, aanhef en sub 2, noodzakelijk voor het uitvoeren van de taak, bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel a.
|
||||
|
||||
**2.** De gegevens, die door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen worden verwerkt, worden door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de Centrale organisatie werk en inkomen met toepassing van artikel 28, niet verkregen van de in het eerste lid genoemde uitkeringsgerechtigden, voorzover zij verkregen kunnen worden uit de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens, de polisadministratie, bedoeld in artikel 33, of van de Sociale verzekeringsbank, omdat ze verwerkt worden in de verzekerdenadministratie, bedoeld in artikel 35.
|
||||
**2.** De gegevens, die door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen worden verwerkt, worden door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de Centrale organisatie werk en inkomen met toepassing van artikel 28, niet verkregen van de in het eerste lid genoemde uitkeringsgerechtigden, voor zover zij verkregen kunnen worden uit de polisadministratie, bedoeld in artikel 33, de verzekerdenadministratie, bedoeld in artikel 35, alsmede de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens, tenzij hierdoor een goede vervulling van de taak van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van dit artikel wordt belet of bij wettelijk voorschrift anders is bepaald. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen andere administraties worden aangewezen waarvoor de eerste zin van toepassing is, worden regels gesteld over de gegevens die het betreft en kunnen administraties worden aangewezen waarvoor de eerste zin tijdelijk niet van toepassing is. Indien het authentieke gegevens uit andere basisregistraties betreft, is dit lid van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**3.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is, voorzover het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen niet verantwoordelijke is in de zin van de Wet bescherming persoonsgegevens, bewerker in de zin van die wet voor de verwerking van gegevens ter uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel m.
|
||||
|
||||
**4.** De voordracht voor een krachtens het tweede lid, tweede zin, vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan twee weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 33b
|
||||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen gebruikt het sociaal-fiscaalnummer bij de verwerking van persoonsgegevens voor de uitvoering van de in artikel 30, eerste lid, onderdeel a, genoemde verzekeringen en wetten en bij de verwerking van persoonsgegevens in de polisadministratie, bedoeld in artikel 33.
|
||||
|
|
@ -590,14 +596,16 @@ f. gegevens te verwerken om te voldoen aan verplichtingen van de Sociale verzeke
|
|||
|
||||
**3.** Voorzover de Sociale verzekeringsbank geen verantwoordelijke is in de zin van de Wet bescherming persoonsgegevens is de Sociale verzekeringsbank bewerker in de zin van die wet voor de verwerking van gegevens ter uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 34, onderdeel h.
|
||||
|
||||
**4.** De Sociale verzekeringsbank verstrekt Onze Minister en bestuursorganen als bedoeld in de artikelen 62, 72 en 73, vierde lid, gegevens als bedoeld in het tweede lid die verwerkt worden in de verzekerdenadministratie, voorzover deze gegevens niet verwerkt worden in de polisadministratie, bedoeld in artikel 33, en verstrekt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen alle gegevens, die noodzakelijk zijn voor verwerking van gegevens in de polisadministratie.
|
||||
**4.** De Sociale verzekeringsbank verstrekt Onze Minister en bestuursorganen als bedoeld in de artikelen 62, 72 en 73, vijfde lid, gegevens als bedoeld in het tweede lid die verwerkt worden in de verzekerdenadministratie, voorzover deze gegevens niet verwerkt worden in de polisadministratie, bedoeld in artikel 33, en verstrekt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen alle gegevens, die noodzakelijk zijn voor verwerking van gegevens in de polisadministratie.
|
||||
|
||||
**5.** De gegevens, die door de Sociale verzekeringsbank worden verwerkt worden niet verkregen van de in het tweede lid genoemde personen, voorzover zij verkregen kunnen worden uit de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens of de polisadministratie, bedoeld in artikel 33.
|
||||
**5.** De gegevens, die door de Sociale verzekeringsbank worden verwerkt worden niet verkregen van de in het tweede lid genoemde personen, voorzover zij verkregen kunnen worden uit de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens of de polisadministratie, bedoeld in artikel 33, tenzij hierdoor een goede vervulling van de taak van de Sociale verzekeringsbank op grond van dit artikel wordt belet of bij wettelijk voorschrift anders is bepaald. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen andere administraties worden aangewezen waarvoor de eerste zin van toepassing is, worden regels gesteld over de gegevens die het betreft en kunnen administraties worden aangewezen waarvoor de eerste zin tijdelijk niet van toepassing is. Indien het authentieke gegevens uit andere basisregistraties betreft, is dit lid van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**6.** De Sociale verzekeringsbank gebruikt het sociaal-fiscaalnummer bij de verwerking van persoonsgegevens als bedoeld in dit artikel. Artikel 33b, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**7.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld, in ieder geval over de inrichting en de gegevensset van de verzekerdenadministratie. Tevens worden regels gesteld over het elektronische gegevensverkeer, de daarbij te gebruiken elektronische infrastructuur en de eisen die aan de gegevensverstrekking uit de verzekerdenadministratie worden gesteld.
|
||||
|
||||
**8.** De voordracht voor een krachtens het vijfde lid, tweede zin, vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan twee weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 7. Toezicht
|
||||
|
||||
### Artikel 36
|
||||
|
|
@ -714,7 +722,7 @@ Onze Minister kan regels stellen waarin besluiten van de Centrale organisatie we
|
|||
|
||||
### Artikel 49
|
||||
|
||||
**1.** De Raad voor werk en inkomen, de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank stellen jaarlijks een jaarverslag en een jaarrekening op en bieden deze vóór 15 maart aan Onze Minister aan.
|
||||
**1.** De Raad voor werk en inkomen, de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank stellen jaarlijks een jaarverslag en een jaarrekening op en bieden deze vóór 15 maart aan Onze Minister aan.
|
||||
|
||||
**2.** De Raad voor werk en inkomen, de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank beschrijven in hun jaarverslag de taakuitoefening en het gevoerde beleid in het afgelopen jaar en, voorzover het de genoemde bestuursorganen betreft, de doelmatigheid van de uitvoering van de aan die bestuursorganen opgedragen taken in het verstreken boekjaar en de mate waarin de doelstellingen van de bij of krachtens de wet gestelde regels werden bereikt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -759,8 +767,8 @@ Vervallen
|
|||
Een ieder verstrekt op verzoek aan de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de Sociale verzekeringsbank en Onze Minister en de Inspectie Werk en Inkomen, kosteloos, alle gegevens en inlichtingen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van bij of krachtens deze wet of enige andere wet door het desbetreffende bestuursorgaan en de Inspectie Werk en Inkomen uit te voeren taken ten opzichte van:
|
||||
|
||||
a. de betrokken persoon zelf;
|
||||
b. de persoon in wiens dienst dan wel ten behoeve van wie hij werkt of gewerkt heeft;
|
||||
c. de persoon die in zijn dienst dan wel te zijnen behoeve werkt of gewerkt heeft.
|
||||
b. de persoon in wiens dienst of voor wie hij arbeid verricht, heeft verricht of zou kunnen gaan verrichten;
|
||||
c. de persoon, die in zijn dienst of voor hem arbeid verricht, heeft verricht of zou kunnen gaan verrichten.
|
||||
|
||||
**2.** Een ieder kan uit eigen beweging de in het eerste lid bedoelde gegevens en inlichtingen aan de in het eerste lid bedoelde bestuursorganen en aan de Inspectie Werk en Inkomen verstrekken.
|
||||
|
||||
|
|
@ -793,6 +801,8 @@ l. het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen, bedoeld in de Wet Landelijk
|
|||
|
||||
**9.** Reïntegratiebedrijven verstrekken aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen alle opgaven en inlichtingen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de krachtens deze wet aan het Uitvoeringsinstituut opgedragen taken. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld voor de gegevens die worden verstrekt.
|
||||
|
||||
**10.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen andere instanties dan genoemd in het derde lid worden aangewezen voor wie de verplichtingen, bedoeld in het derde, vierde en vijfde lid, eveneens gelden, voor zover het betreft de verstrekking van nader bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen gegevens en inlichtingen.
|
||||
|
||||
### Artikel 55
|
||||
|
||||
**1.** De Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank stellen bij de uitoefening van hun taak de identiteit van de belanghebbende vast aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder 1° tot en met 3°, van de Wet op de identificatieplicht, voorzover dit noodzakelijk is voor de uitoefening van die taak.
|
||||
|
|
@ -801,9 +811,15 @@ l. het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen, bedoeld in de Wet Landelijk
|
|||
|
||||
**3.** De werkgever treft in zijn bedrijf zodanige maatregelen dat de daar werkzame personen gedurende de arbeidstijd aan de verplichting bedoeld in het tweede lid kunnen voldoen.
|
||||
|
||||
### Artikel 55a
|
||||
|
||||
**1.** Met het toezicht op de naleving van de in de artikelen 30, eerste lid, onderdelen a, h en i, en 34, eerste lid, onderdelen a, d en e, bedoelde wet- en regelgeving en de artikelen 54 en 55, voor zover het geen verplichtingen betreft die betrekking hebben op het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank, zijn belast de door ieder van hen afzonderlijk bij besluit aangewezen, onder hen ressorterende personen.
|
||||
|
||||
**2.** Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
### Artikel 56
|
||||
|
||||
**1.** De Centrale organisatie werk en inkomen geeft, indien deze organisatie het gegronde vermoeden heeft dat een belanghebbende de verplichting tot het verstrekken van inlichtingen op grond van artikel 28, tweede lid, en 29, eerste lid, niet nakomt of anderszins onvoldoende medewerking verleent, dan wel dat een werknemer in de zin van de Werkloosheidswet een verplichting, hem opgelegd op grond van de artikelen 24, eerste lid, onderdeel b, of 26, eerste lid, onderdeel d, e, f of i, van die wet niet nakomt, dan wel dat een omstandigheid als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de Wet werk en bijstand, artikel 20, eerste lid of derde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers of artikel 20, eerste lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen zich voordoet, hiervan onverwijld kennis aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente, onder vermelding van de gronden waarop het vermoeden steunt. De kennisgeving wordt schriftelijk of langs elektronische weg vastgelegd.
|
||||
**1.** De Centrale organisatie werk en inkomen geeft, indien deze organisatie het gegronde vermoeden heeft dat een belanghebbende de verplichting tot het verstrekken van inlichtingen op grond van artikel 28, tweede lid, en 29, eerste lid, niet nakomt of anderszins onvoldoende medewerking verleent, dan wel dat een werknemer in de zin van de Werkloosheidswet een verplichting, hem opgelegd op grond van de artikelen 24, eerste lid, onderdeel b, of 26, eerste lid, onderdeel d, e, f of i, van die wet niet nakomt, dan wel dat een omstandigheid als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de Wet werk en bijstand, artikel 20, eerste lid of derde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers of artikel 20, eerste lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen zich voordoet, hiervan onverwijld kennis aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente, onder vermelding van de gronden waarop het vermoeden steunt. De kennisgeving wordt schriftelijk of langs elektronische weg vastgelegd.
|
||||
|
||||
**2.** De Centrale organisatie werk en inkomen geeft overeenkomstig het eerste lid kennis aan de Sociale verzekeringsbank dat een omstandigheid als bedoeld in artikel 7, zesde lid, tweede zin, van de Algemene Kinderbijslagwet zich voordoet.
|
||||
|
||||
|
|
@ -831,29 +847,17 @@ De Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverz
|
|||
|
||||
**1.** De Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de Sociale verzekeringsbank en burgemeester en wethouders van de gemeenten verstrekken elkaar uit eigen beweging en op verzoek, kosteloos, alle gegevens en inlichtingen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de taken die bij of krachtens deze wet of enige andere wet aan de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de Sociale verzekeringsbank en bij of krachtens de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen aan burgemeester en wethouders van de gemeenten is opgedragen. Zij maken daarbij gebruik van het sociaal-fiscaalnummer van de personen op wie de gegevens betrekking hebben.
|
||||
|
||||
**2.** De Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en burgemeester en wethouders van de gemeenten maken bij de uitvoering van de taken die bij of krachtens deze wet of enige andere wet aan de Centrale organisatie werk en inkomen of het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en bij of krachtens de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen aan burgemeester en wethouders van de gemeenten is opgedragen, gebruik van een elektronische infrastructuur die daartoe door hen en Onze Minister wordt ingericht en in stand gehouden.
|
||||
**2.** De Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de Sociale verzekeringsbank en burgemeester en wethouders van de gemeenten dragen gezamenlijk zorg voor de instandhouding van elektronische voorzieningen voor de verwerking van de gegevens, bedoeld in het eerste lid, voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van de taken die bij of krachtens deze wet of enige andere wet aan de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de Sociale verzekeringsbank en bij of krachtens de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen aan burgemeester en wethouders van de gemeente zijn opgedragen. De elektronische voorzieningen hebben mede betrekking op de verwerking van gegevens waarvan de verkrijging en verstrekking door de in de eerste zin genoemde bestuursorganen op grond van enig wettelijk voorschrift is toegestaan.
|
||||
|
||||
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent het gebruik van de in het tweede lid bedoelde infrastructuur door Onze Minister en de Inspectie Werk en Inkomen in verband met de toepassing van de artikelen 42, 54 en 72 van deze wet.
|
||||
|
||||
**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent het gebruik van de in het tweede lid bedoelde infrastructuur voor het verstrekken van gegevens en inlichtingen, bedoeld in artikel 54 of 73, voorzover dit noodzakelijk is voor de opsporing van feiten strafbaar gesteld bij deze of enige andere wet of voor het toezicht op de naleving van deze of enige andere wet als bedoeld in artikel 54 of 73.
|
||||
|
||||
**5.** Bij ministeriële regeling kunnen het eerste en tweede lid van toepassing worden verklaard op de uitvoering van andere dan de in het eerste en tweede lid genoemde wetten door burgemeester en wethouders van de gemeenten.
|
||||
|
||||
**6.** Bij de uitvoering door de Centrale organisatie werk en inkomen van de taak, bedoeld in artikel 21a, is het tweede lid niet van toepassing.
|
||||
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld voor het tweede lid in ieder geval met betrekking tot de inrichting, het beheer en de beveiliging van de elektronische voorzieningen.
|
||||
|
||||
### Artikel 63
|
||||
|
||||
**1.** Het Inlichtingenbureau is belast met de coördinatie en dienstverlening ten behoeve van de gemeenten bij de toepassing van artikel 62.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel 19 is ten aanzien van het Inlichtingenbureau van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent het Inlichtingenbureau, in ieder geval over de taken, de financiering, de goedkeuring door Onze Minister van het jaarplan en de begroting en het gebruik van het sociaal-fiscaalnummer door deze instelling.
|
||||
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld voor de taken, de financiering en het beheer van het Inlichtingenbureau bij de toepassing van de in artikel 62 genoemde wetten.
|
||||
|
||||
### Artikel 64
|
||||
|
||||
**1.** De Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en, door tussenkomst van het Inlichtingenbureau, burgemeester en wethouders van gemeenten verstrekken elkaar met gebruik van Suwinet gegevens overeenkomstig het Gegevensregister Suwi.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling wordt het Gegevensregister Suwi vastgesteld.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 65
|
||||
|
||||
|
|
@ -861,42 +865,27 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 66
|
||||
|
||||
**1.** Bij ministeriële regeling wordt het Stelselontwerp Suwinet vastgesteld.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Het Stelselontwerp Suwinet bevat ten minste een beschrijving van:
|
||||
|
||||
a. de modaliteiten waarin gegevens worden uitgewisseld;
|
||||
b. de inrichting van een Personenverwijsbestand door de Centrale organisatie werk en inkomen en het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
|
||||
c. de inrichting van een Personenverwijsbestand door het Inlichtingenbureau ten behoeve van burgemeester en wethouders van gemeenten;
|
||||
d. de protocollen en standaards die worden ondersteund door Suwinet;
|
||||
e. de inhoud en de structuur van standaardberichten welke via Suwinet worden uitgewisseld;
|
||||
f. de inrichting van een toegangsmachtigingsadministratie door de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, het Inlichtingenbureau en burgemeester en wethouders van gemeenten.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 67
|
||||
|
||||
**1.** Onze Minister kan een rechtspersoon aanwijzen die beheertaken ten behoeve van het Suwinet uitvoert. Onze Minister kan aan deze rechtspersoon een rijksbijdrage toekennen voor de uitvoering van deze taken.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de organisatie van het beheer van Suwinet respectievelijk van onderscheiden onderdelen daarvan door de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, het Inlichtingenbureau, burgemeester en wethouders van gemeenten en de rechtspersoon, bedoeld in het eerste lid, en kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het eerste lid.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 68
|
||||
|
||||
**1.** De rechtspersoon, bedoeld in artikel 67, eerste lid, stelt jaarlijks in een verslag de aard en frequentie van de uitwisseling van gegevens met behulp van Suwinet vast.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen regels gesteld worden omtrent het eerste lid.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 69
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de toerekening van de kosten van de inrichting, de instandhouding en het gebruik van Suwinet aan de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en burgemeester en wethouders van gemeenten.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 70
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen de artikelen 62, tweede lid, 64 en 66 tot en met 69 van overeenkomstige toepassing worden verklaard op de Sociale verzekeringsbank.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 71
|
||||
|
||||
Alvorens regels worden gesteld op grond van de artikelen 63, derde lid, 64, tweede lid, 65, 66, eerste lid, 67, tweede lid, 68, tweede lid, 69 of 70 stelt Onze Minister de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de Sociale verzekeringsbank en een door hem aangewezen rechtspersoon die de gemeenten vertegenwoordigt, in de gelegenheid hierover met hem overleg te voeren.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 72
|
||||
|
||||
|
|
@ -927,7 +916,7 @@ met dien verstande, dat die werkgevers bij de verwerking van persoonsgegevens va
|
|||
|
||||
**4.** De Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank kunnen gegevens inzake de uitvoering van hun wettelijke taken ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek of statistiek verzamelen en aan derden verstrekken. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld voor de gegevens en de derden aan wie gegevens mogen worden verstrekt.
|
||||
|
||||
**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de verstrekking van gegevens door de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de Sociale verzekeringsbank of Onze Minister aan andere bestuursorganen, die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van aan die andere bestuursorganen opgedragen taken, de daarvoor in rekening te brengen kosten, en het gebruik daarbij van de infrastructuur, bedoeld in artikel 62, tweede lid.
|
||||
**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de verstrekking van gegevens door de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de Sociale verzekeringsbank of Onze Minister aan andere bestuursorganen, die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van aan die andere bestuursorganen opgedragen taken, de daarvoor in rekening te brengen kosten.
|
||||
|
||||
**6.** Onze Minister kan aan de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de Sociale verzekeringsbank en burgemeester en wethouders van de gemeenten alle gegevens verstrekken die zij voor een goede uitvoering van hun wettelijke taken nodig hebben.
|
||||
|
||||
|
|
@ -958,7 +947,7 @@ a. enig wettelijk voorschrift tot de bekendmaking verplicht;
|
|||
b. degene op wie de gegevens betrekking hebben schriftelijk heeft verklaard tegen de verstrekking van deze gegevens geen bezwaar te hebben;
|
||||
c. de gegevens niet herleidbaar zijn tot individuele natuurlijke personen.
|
||||
|
||||
**3.** Degene die op grond van de artikelen 62, 72 of 73 gegevens verstrekt dient na te gaan of degene aan wie de gegevens worden verstrekt redelijkerwijs bevoegd is te achten om die gegevens te verkrijgen.
|
||||
**3.** Degene die op grond van de artikelen 62, 72 of 73 gegevens verstrekt dient na te gaan of degene aan wie de gegevens worden verstrekt redelijkerwijs bevoegd is te achten om die gegevens te verkrijgen.
|
||||
|
||||
**4.** Onverminderd het eerste tot en met derde lid is artikel 464 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek voorzover het betreft de overeenkomstige toepassing van de artikelen 457 en 464, tweede lid, onderdeel b, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek niet van toepassing indien in verband met de uitvoering van deze wet handelingen worden verricht op het gebied van de geneeskunst door personen, voor wie het in het eerste lid vervatte verbod geldt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1038,7 +1027,7 @@ In afwijking van artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bes
|
|||
|
||||
### Artikel 83c
|
||||
|
||||
**1.** Indien de persoon, bedoeld in artikel 54, eerste lid, onderdelen b en c, die gehouden is tot het verstrekken van gegevens en inlichtingen op grond van artikel 54, eerste lid, aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de Centrale organisatie werk en inkomen, en hij deze niet dan wel niet binnen de op grond van artikel 54, vierde lid, gestelde termijn verstrekt, kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 1500 opleggen.
|
||||
**1.** Indien degene die ten aanzien van de persoon, bedoeld in artikel 54, eerste lid, onderdeel c, gehouden is tot het verstrekken van gegevens en inlichtingen op grond van artikel 54, eerste lid, aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de Centrale organisatie werk en inkomen, en hij deze niet dan wel niet binnen de op grond van artikel 54, vierde lid, gestelde termijn verstrekt, kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 1500 opleggen.
|
||||
|
||||
**2.** Indien het aan opzet of grove schuld van de persoon, bedoeld in het eerste lid, is te wijten dat geen, dan wel onjuiste of onvolledige inlichtingen zijn verstrekt kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hem een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 5000.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1090,7 +1079,7 @@ In afwijking van artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bes
|
|||
|
||||
### Artikel 83i
|
||||
|
||||
**1.** Tot 1 januari 2009 geeft het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen uiterlijk 18 maanden na afloop van ieder tijdvak van vijf kalenderjaren aan de werknemer, bedoeld in de Werkloosheidswet, van wie in dat tijdvak door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen gegevens zijn verwerkt op grond van deze wet, een beschikking waarin van ieder kalenderjaar in dat tijdvak is aangegeven of hij over 52 of meer dagen loon heeft ontvangen als bedoeld in artikel 42 van de Werkloosheidswet en artikel 15 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
|
||||
**1.** Tot 1 januari 2009 geeft het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen uiterlijk 18 maanden na afloop van ieder tijdvak van vijf kalenderjaren aan de werknemer, bedoeld in de Werkloosheidswet, van wie in dat tijdvak door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen gegevens zijn verwerkt op grond van deze wet, een beschikking waarin van ieder kalenderjaar in dat tijdvak is aangegeven of hij over 52 of meer dagen loon heeft ontvangen als bedoeld in artikel 42 van de Werkloosheidswet en artikel 15 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
|
||||
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde beschikking wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aangehouden indien van de in dat lid bedoelde persoon geen adresgegevens worden verwerkt in de polisadministratie, bedoeld in artikel 33. In dat geval wordt de beschikking niet eerder gegeven dan dat de adresgegevens bekend zijn.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1100,7 +1089,7 @@ In afwijking van artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bes
|
|||
|
||||
**5.**
|
||||
|
||||
Tot 1 januari 2009 is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, in afwijking van het eerste lid, bevoegd:
|
||||
Tot 1 januari 2009 is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, in afwijking van het eerste lid, bevoegd:
|
||||
|
||||
a. de in dat lid genoemde termijn van 18 maanden buiten beschouwing te laten; en
|
||||
b. de in dat lid bedoelde beschikking te geven over tijdvakken korter of langer dan vijf jaar.
|
||||
|
|
@ -1151,13 +1140,15 @@ Artikel 30a is niet van toepassing met betrekking tot de uitkeringsgerechtigde w
|
|||
|
||||
### Artikel 86
|
||||
|
||||
Onze Minister zendt gedurende drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet jaarlijks, en vervolgens telkens na vijf jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.
|
||||
**1.** Onze Minister zendt gedurende drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet jaarlijks, en vervolgens telkens na vijf jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister zendt twee jaar na de inwerkingtreding van de Wet eenmalige gegevensuitvraag werk en inkomen en vervolgens telkens als onderdeel van het verslag, bedoeld in het eerste lid, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten in de praktijk van de onderdelen van deze wet en andere wetten, die bij die wet zijn gewijzigd.
|
||||
|
||||
### Artikel 87
|
||||
|
||||
**1.** Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden gesteld.
|
||||
|
||||
**2.** Indien het bij koninklijke boodschap van 2 maart 2000 ingediende voorstel van een Tijdelijke referendumwet (Kamerstukken II 1999/2000, 27 034) tot wet wordt verheven en in werking treedt, en deze wet wordt bekrachtigd op of na het tijdstip van inwerkingtreding van de Tijdelijke referendumwet, kan bij de toepassing van het eerste lid worden afgeweken van de artikelen 12 en 13 van de Tijdelijke referendumwet en vindt in dat geval artikel 16 van laatstgenoemde wet toepassing.
|
||||
**2.** Indien het bij koninklijke boodschap van 2 maart 2000 ingediende voorstel van een Tijdelijke referendumwet (Kamerstukken II 1999/2000, 27 034) tot wet wordt verheven en in werking treedt, en deze wet wordt bekrachtigd op of na het tijdstip van inwerkingtreding van de Tijdelijke referendumwet, kan bij de toepassing van het eerste lid worden afgeweken van de artikelen 12 en 13 van de Tijdelijke referendumwet en vindt in dat geval artikel 16 van laatstgenoemde wet toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 88
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue