diff --git a/wet/wet-luchtvaart/BWBR0005555/README.md b/wet/wet-luchtvaart/BWBR0005555/README.md index 1f024ec4b99..8c6a418d569 100644 --- a/wet/wet-luchtvaart/BWBR0005555/README.md +++ b/wet/wet-luchtvaart/BWBR0005555/README.md @@ -18,7 +18,9 @@ citeertitel: Wet luchtvaart In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: +- algemene luchtverkeersleiding: luchtverkeersleiding voor gecontroleerde vluchten; - AOC: door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat aan een onderneming of groep van ondernemingen afgegeven document waarin wordt verklaard dat de betrokken luchtvaartexploitant beschikt over beroepsbekwaamheid en organisatie om luchtvaartuigen veilig te exploiteren voor de in dat bewijs gespecificeerde luchtvaartactiviteiten (Air Operator's Certificate); +- communicatiediensten: vaste en mobiele diensten ten behoeve van de luchtvaart voor grond-tot-grond, lucht-tot-grond en lucht-tot-lucht-communicatie voor luchtverkeersleidingsdoeleinden; - EASA: het Europees agentschap, ingesteld bij de Verordening (EG) nr. 1592/2002 van het Europese Parlement en de Raad van 15 juli 2002 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (PbEU L 240); - Eurocontrol-organisatie: de Organisatie, ingesteld bij het op 13 december 1960 te Brussel tot stand gekomen Verdrag tot samenwerking in het belang van de veiligheid van de luchtvaart «Eurocontrol» (Trb. 1961, 62), zoals gewijzigd bij Protocol van 12 februari 1981 (Trb. 1981, 182); - gevaarlijke stoffen: @@ -36,20 +38,43 @@ In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: indien zij krachtens artikel 6.51 of artikel 10.7, eerste lid, zijn aangewezen. - gezagvoerder: degene, die de leiding heeft bij en verantwoordelijk is voor de veilige uitvoering van de vlucht; - houder van een luchtvaartuig: degene, op wiens naam een luchtvaartuig in het register, bedoeld in artikel 3.3, tweede lid, dan wel in een buitenlands register van luchtvaartuigen is ingeschreven; -- klaring: machtiging aan de gezagvoerder van een luchtvaartuig om een vlucht aan te vangen of te vervolgen onder door een luchtverkeersleidingsdienst gestelde voorwaarden; +- interoperabiliteitsverordening: verordening (EG) nr. 552/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 10 maart 2004 betreffende de interoperabiliteit van het Europese netwerk voor luchtverkeersbeveiliging (PbEU L 96); +- kaderverordening: verordening (EG) nr. 549/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 10 maart 2004 tot vaststelling van het kader voor de totstandbrenging van het gemeenschappelijke Europese luchtruim (PbEU L 96); +- klaring: machtiging aan de gezagvoerder van een luchtvaartuig om een vlucht aan te vangen of te vervolgen onder door een verlener van luchtverkeersleiding gestelde voorwaarden; - lid van het boordpersoneel: lid van het cockpitpersoneel en ieder, die aan boord van een luchtvaartuig ten behoeve van de inzittenden of de lading werkzaamheden verricht of heeft te verrichten, onder welke werkzaamheden mede wordt verstaan de voorbereidingshandelingen voorafgaande aan de vlucht; - lid van het cockpitpersoneel: ieder, die aan boord van een luchtvaartuig werkzaamheden verricht, welke van direct belang zijn voor de bediening van het luchtvaartuig tijdens de vlucht, onder welke werkzaamheden mede wordt verstaan de voorbereidingshandelingen voorafgaande aan de vlucht; +- luchtruimbeheer: een planningsfunctie met als belangrijkste doel een maximale benutting van beschikbaar luchtruim door dynamische *timesharing* en, bij gelegenheid, scheiding van luchtruim tussen verschillende categorieën luchtruimgebruikers op basis van kortetermijnbehoeften; +- luchtruimblok: luchtruim van vastgestelde afmetingen, in ruimte en tijd, waarbinnen luchtvaartnavigatiediensten worden verleend; +- luchtruimgebruikers: alle luchtvaartuigen die als luchtverkeer opereren; +- luchtruimverordening: verordening (EG) nr. 551/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 10 maart 2004 betreffende de organisatie en het gebruik van het gemeenschappelijk Europees luchtruim (PbEU L 96); +- luchtvaartinlichtingendienst: een binnen het vastgestelde gebied opgerichte dienst die verantwoordelijk is voor het verstrekken van luchtvaartinformatie en gegevens die nodig zijn voor de veiligheid, regelmaat en efficiency van luchtvaartnavigatie; - luchtvaartmaatschappij: onderneming, welke geheel of gedeeltelijk haar bedrijf maakt van het vervoer van personen, dieren of goederen met luchtvaartuigen; +- luchtvaartnavigatiediensten: luchtverkeersdiensten, communicatie-, navigatie- en plaatsbepalingsdiensten, meteorologische diensten voor de luchtvaartnavigatie, en luchtvaartinlichtingendiensten; +- luchtvaartnavigatiedienstenverordening: verordening (EG) nr. 550/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 10 maart 2004 betreffende de verlening van luchtvaartnavigatiediensten in het gemeenschappelijk Europees luchtruim (PbEU L 96); - luchtvaartterrein: een terrein, dat is ingericht voor het opstijgen en het landen alsmede de daarmede verband houdende bewegingen van luchtvaartuigen op dat terrein; - luchtvaartuig: toestel, dat in de dampkring kan worden gehouden ten gevolge van krachten, die de lucht daarop uitoefent, anders dan de krachten van de lucht tegen het aardoppervlak; - luchtverkeer: het geheel der verplaatsingen van luchtvaartuigen in de lucht of op een luchtvaartterrein, alsmede het gebruik van het luchtruim door toestellen die geen luchtvaartuigen zijn; -- luchtverkeersbeveiliging: het geheel van maatregelen gericht op de bevordering van een veilig, ordelijk en vlot verloop van het luchtverkeer; -- luchtverkeersdienstverlening: het geven van luchtverkeersleiding, alsmede het verstrekken van advies of inlichtingen tijdens de vlucht en het verzorgen van alarmering; -- luchtverkeersleiding: het regelen van het luchtverkeer door het geven van klaringen en aanwijzingen aan deelnemers aan het luchtverkeer; -- LVNL: de organisatie voor luchtverkeersdienstverlening, bedoeld in artikel 5.22; +- luchtverkeersbeveiliging: de verzameling van functies in de lucht en functies op de grond, te weten luchtverkeersdiensten, luchtruimbeheer en regeling van luchtverkeersstromen, die nodig zijn om de veiligheid en de doeltreffendheid van de vliegtuigbewegingen in alle fasen te waarborgen; +- luchtverkeersdiensten: vluchtinlichtingendiensten, alarmeringsdiensten, adviesdiensten voor het luchtverkeer en luchtverkeersleiding, zijnde algemene luchtverkeersleiding, naderingsluchtverkeersleiding en plaatselijke luchtverkeersleiding; +- luchtverkeersleidingsdienst: dienst die wordt verricht teneinde: + +1.° botsingen te voorkomen: + +– tussen luchtvaartuigen en +– tussen luchtvaartuigen en hindernissen op dat deel van de luchthaven dat is bedoeld voor het opstijgen, landen en taxiën met luchtvaartuigen, en +2.° een geordende luchtverkeersstroom tot stand te brengen en te handhaven; +- LVNL: de organisatie voor het verlenen van luchtverkeersdiensten, bedoeld in artikel 5.22; +- meteorologische diensten: de faciliteiten en diensten die luchtvaartuigen voorzien van weersverwachtingen, instructies en waarnemingen, alsmede andere meteorologische informatie en gegevens voor gebruik in de luchtvaart; +- naderingsluchtverkeersleiding: luchtverkeersleiding voor aankomende of vertrekkende gecontroleerde vluchten; +- navigatiediensten: de faciliteiten en diensten die luchtvaartuigen voorzien van informatie op het gebied van positionering en timing; - Nederlands luchtvaartuig: een in Nederland geregistreerd luchtvaartuig; - opsporingsambtenaar: de ambtenaar, bedoeld in artikel 11.3, eerste lid; +- plaatsbepalingsdiensten: de faciliteiten en diensten voor het bepalen van de respectieve posities van luchtvaartuigen waarmee voor een veilige separatie wordt gezorgd; +- plaatselijke verkeersleiding: luchtverkeersleidingsdienst voor luchtvaartterreinverkeer; +- regeling van luchtverkeersstromen: functie die tot doel heeft bij te dragen aan een veilige, ordelijke en vlotte doorstroming van het luchtverkeer door ervoor te zorgen dat de luchtverkeersleidingscapaciteit optimaal wordt benut en dat het verkeersvolume verenigbaar is met de door de betrokken luchtverkeersdienstverleners afgegeven capaciteit; - STD: een trainingsinstrument zijnde een vluchtnabootser, een vliegtrainingsinstrument, een trainer voor vlieg- en navigatieprocedures of een ander trainingsinstrument (Synthetic Training Device); +- timesharing: de verdeling in de tijd gezien van het beschikbaar luchtruim of een gedeelte daarvan over luchtruimgebruikers of verschillende categorieën luchtruimgebruikers; +- verleners van luchtvaartnavigatiediensten: de openbare of particuliere lichamen die luchtvaartnavigatiediensten voor het luchtverkeer verlenen; - vlucht: de verplaatsing van het luchtvaartuig gedurende het tijdsverloop dat het in beweging komt met de bedoeling om op te stijgen, tot het ogenblik dat het weer tot volledige stilstand is gekomen na de landing; - vluchtinformatiegebied Amsterdam: het luchtruim boven het gebied, dat wordt begrensd door de rijksgrenzen en de kortste lijn op de ellipsoïde tussen de posities met de coördinaten 51°22'25" N 003°21'50" O en 51°30'00" N 002°00'00" O, 51°30'00" N 002°00'00" O en 55°00'00" N 005°00'00" O, de loxodroom tussen 55°00'00" N, 005°00'00" O en 55°00'00" N 006°30'00" O en de kortste lijn op de ellipsoïde tussen de posities met de coördinaten 55°00'00" N 006°30'00" O en 53°40'00" N, 006°30'00" O, uitgedrukt in het geografische referentiesysteem WGS 84; v. voorval: een operationele onderbreking, defect, fout of andere onregelmatigheid, waardoor de vliegveiligheid wordt of kan worden beïnvloed, zonder dat sprake is van een ongeval of ernstig incident, als bedoeld in artikel 3, onderdelen a en k, van richtlijn nr. 94/56/EG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 21 november 1994, houdende vaststelling van de grondbeginselen voor het onderzoek van ongevallen en incidenten in de burgerluchtvaart (PbEG L 319); @@ -63,7 +88,7 @@ w. voorval gevaarlijke stoffen: ongeval of incident met gevaarlijke stoffen als ### Artikel 1.2 -**1.** Deze wet is van toepassing op het luchtverkeer, de luchtverkeersbeveiliging, de luchtvaartuigen, het vervoer en de vluchtuitvoering met luchtvaartuigen binnen het vluchtinformatiegebied Amsterdam. Deze wet is eveneens van toepassing op Nederlandse luchtvaartuigen, alsmede het vervoer en de vluchtuitvoering met Nederlandse luchtvaartuigen buiten het vluchtinformatiegebied Amsterdam. +**1.** Deze wet is van toepassing op het luchtverkeer, de luchtverkeersbeveiliging, luchtvaartnavigatiediensten, de luchtvaartuigen, het vervoer en de vluchtuitvoering met luchtvaartuigen binnen het vluchtinformatiegebied Amsterdam. Deze wet is eveneens van toepassing op Nederlandse luchtvaartuigen, alsmede het vervoer en de vluchtuitvoering met Nederlandse luchtvaartuigen buiten het vluchtinformatiegebied Amsterdam. **2.** @@ -72,7 +97,7 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat, op nader in die algem – de artikelen 2.1 tot en met 2.10 of één of meer van deze artikelen, – hoofdstuk 3, – hoofdstuk 4, -– titel 5.1 of 5.2, +– titel 5.1, met uitzondering van de artikelen 5.14b tot en met 5.14d, of 5.2, – titel 6.5 of titel 6.6, – hoofdstuk 9, of – hoofdstuk 10. @@ -103,11 +128,11 @@ Voor zover Onze Minister van Verkeer en Waterstaat onderscheidenlijk Onze Minist ### Artikel 2.1 -**1.** Het is verboden een luchtvaartuig te bedienen zonder het daarvoor geldige bewijs van bevoegdheid of geldige bewijs van gelijkstelling. +**1.** Het is verboden een luchtvaartuig te bedienen, luchtverkeersdiensten te verlenen of een grondstation of een mobiel station in de luchtvaartmobiele band, waarvoor een vergunning is vereist als bedoeld in artikel 3.3 van de Telecommunicatiewet, te bedienen zonder het daarvoor geldige bewijs van bevoegdheid of geldige bewijs van gelijkstelling. **2.** -Voor het bedienen van een Nederlands burgerluchtvaartuig is het bezit vereist van hetzij: +Voor het bedienen van een Nederlands burgerluchtvaartuig, het verlenen van luchtverkeersdiensten of het bedienen van een grondstation of een mobiel station als bedoeld in het eerste lid is het bezit vereist van hetzij: a. een door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat afgegeven bewijs van bevoegdheid of bewijs van gelijkstelling, b. een bewijs van bevoegdheid of bewijs van gelijkstelling, afgegeven door de bevoegde autoriteit van een door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat op grond van artikel 2.8 aangewezen staat of door een door hem aangewezen internationale organisatie. Betrokkene dient in geval van toepassing van onderdeel a tevens in het bezit te zijn van een geldige medische verklaring, bedoeld in artikel 2.4, afgegeven door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat dan wel door de bevoegde autoriteit van een door hem aangewezen staat, hetzij @@ -126,13 +151,24 @@ b. de houder van de ontheffing de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen **6.** Het is verboden te handelen in strijd met een voorschrift als bedoeld in het vierde lid. +**7.** Voor zover het eerste lid betrekking heeft op het bedienen van een grondstation of een mobiel station als bedoeld in dat lid, is het onverminderd artikel 1.2, eerste lid, eveneens van toepassing op het continentaal plat, bedoeld in artikel 1 van de Mijnbouwwet, voor zover dat buiten het vluchtinformatiegebied Amsterdam ligt. + ### Artikel 2.1a Onverminderd de Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties is hoofdstuk 2 van overeenkomstige toepassing op de erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in die wet. ### Artikel 2.2 -**1.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat geeft op aanvraag een bewijs van bevoegdheid af, wanneer degene, die het bewijs van bevoegdheid heeft aangevraagd, beschikt over voldoende kennis, bedrevenheid en ervaring met betrekking tot het bewijs van bevoegdheid, dat hij heeft aangevraagd, daartoe voldoende onderricht heeft genoten aan een door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat dan wel door de bevoegde autoriteit van een door hem aangewezen staat erkende, gekwalificeerde of geregistreerde opleidingsinstelling en hem een geldige medische verklaring is verstrekt. +**1.** + +Onze Minister van Verkeer en Waterstaat geeft op aanvraag een bewijs van bevoegdheid af, wanneer degene, die het bewijs van bevoegdheid heeft aangevraagd: + +a. beschikt over een geldige medische verklaring; +b. beschikt over voldoende kennis, bedrevenheid en ervaring met betrekking tot het bewijs van bevoegdheid dat hij heeft aangevraagd; en +c. daartoe voldoende onderricht heeft genoten aan een door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat of door de bevoegde autoriteit van een door hem aangewezen staat: + +1°. erkende, gekwalificeerde of geregistreerde opleidingsinstelling, of +2°. gecertificeerde opleidingsinstelling indien degene die het bewijs van bevoegdheid heeft aangevraagd een bewijs van bevoegdheid voor het verlenen van luchtverkeersdiensten heeft aangevraagd. **2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat geeft op aanvraag op het bewijs van bevoegdheid een of meer bevoegdverklaringen weer. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing behoudens ter zake van de medische verklaring. @@ -140,7 +176,13 @@ Onverminderd de Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties is hoofdstuk 2 va **4.** Bij ministeriële regeling kan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat met betrekking tot het model en de uitvoering van het document, waarop een bewijs van bevoegdheid en een of meer bevoegdverklaringen worden weergegeven, eisen vaststellen. -**5.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat houdt van de door hem afgegeven bewijzen van bevoegdheid een register bij. In het belang van een goede uitvoering en handhaving van deze wet en de daarop berustende bepalingen verwerkt Onze Minister van Verkeer en Waterstaat in het register gegevens omtrent afgegeven bewijzen van bevoegdheid en bewijzen van gelijkstelling, rechterlijke uitspraken houdende ontzegging van de bevoegdheid een luchtvaartuig te bedienen en persoonsgegevens betreffende de gezondheid van houders van een bewijs van bevoegdheid. +**5.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat houdt van de door hem afgegeven bewijzen van bevoegdheid een register bij. In het belang van een goede uitvoering en handhaving van deze wet en de daarop berustende bepalingen verwerkt Onze Minister van Verkeer en Waterstaat in het register gegevens omtrent afgegeven bewijzen van bevoegdheid en bewijzen van gelijkstelling, rechterlijke uitspraken houdende ontzegging van de bevoegdheid een luchtvaartuig te bedienen, luchtverkeersdiensten te verlenen of een grondstation of een mobiel station als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, te bedienen en persoonsgegevens betreffende de gezondheid van houders van een bewijs van bevoegdheid. + +**6.** Het derde lid is niet van toepassing op bewijzen van bevoegdheid voor het verlenen van luchtverkeersdiensten. Bij algemene maatregel van bestuur wordt aangegeven welke bewijzen van bevoegdheid voor het verlenen van luchtverkeersdiensten Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan afgeven en welke bevoegdverklaringen Onze Minister op die bewijzen van bevoegdheid kan weergeven. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere voorschriften gesteld aan de bewijzen van bevoegdheid, bevoegdverklaringen en daaraan te verbinden machtigingen voor het verlenen van luchtverkeersdiensten. + +**7.** Het eerste lid, onderdeel c, onder 2°, is niet van toepassing op degene die zijn taken uitoefent onder de verantwoordelijkheid van verleners van luchtvaartnavigatiediensten die deze diensten voornamelijk aanbieden aan andere bewegingen van luchtvaartuigen dan aan het algemeen luchtverkeer. + +**8.** Onder algemeen luchtverkeer als bedoeld in het zevende lid wordt verstaan: alle bewegingen van burgerluchtvaartuigen, alsmede alle bewegingen van staatsluchtvaartuigen, met inbegrip van militaire, douane- en politieluchtvaartuigen, voorzover deze bewegingen worden uitgevoerd in overeenstemming met de procedures van het op 7 december 1944 te Chicago tot stand gekomen verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart (Trb. 1973, 109). ### Artikel 2.3 @@ -245,15 +287,22 @@ b. wanneer het bewijs van bevoegdheid of de daarop weergegeven bevoegdverklaring c. wanneer gedurende een periode van ten minste zes maanden van het betrokken bewijs van bevoegdheid of de daarop weergegeven bevoegdverklaring geen gebruik is gemaakt; d. wanneer bij de aanvraag of het verzoek om verlenging van het bewijs van bevoegdheid, de bevoegdverklaring of de medische verklaring onjuiste gegevens zijn verstrekt. -**2.** Indien de houder van een bewijs van bevoegdheid of een of meer bevoegdverklaringen de bevoegdheid een luchtvaartuig te bedienen is ontzegd, dan wel zijn bewijs van bevoegdheid of een of meer bevoegdverklaringen zijn ingetrokken, is hij verplicht het document, waarop zijn bewijs van bevoegdheid en eventuele bevoegdverklaringen zijn weergegeven, onverwijld bij Onze Minister van Verkeer en Waterstaat in te leveren. +**2.** -**3.** Het eerste en tweede lid is van overeenkomstige toepassing op een autorisatie als bedoeld in artikel 2.3, zesde lid, onderdeel e. +Een bewijs van bevoegdheid of een bevoegdverklaring voor het verlenen van luchtverkeersdiensten kan eveneens worden ingetrokken in geval van: -**4.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een autorisatie als bedoeld in artikel 2.4, derde lid, onderdeel d. +a. grove nalatigheid tijdens het uitoefenen van het verlenen van luchtverkeersdiensten; +b. misbruik van het bewijs van bevoegdheid of de bevoegdverklaring. -**5.** Het eerste en tweede lid is van overeenkomstige toepassing op een autorisatie als bedoeld in artikel 2.3, vijfde lid, onderdeel d. +**3.** Indien de houder van een bewijs van bevoegdheid of een of meer bevoegdverklaringen de bevoegdheid een luchtvaartuig te bedienen, luchtverkeersdiensten te verlenen of een grondstation of mobiel station als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, te bedienen is ontzegd, dan wel zijn bewijs van bevoegdheid of een of meer bevoegdverklaringen zijn ingetrokken, is hij verplicht het document, waarop zijn bewijs van bevoegdheid en eventuele bevoegdverklaringen zijn weergegeven, onverwijld bij Onze Minister van Verkeer en Waterstaat in te leveren. -**6.** Bij ministeriële regeling kan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat regels geven met betrekking tot de procedure van intrekking. +**4.** Het eerste en derde lid is van overeenkomstige toepassing op een autorisatie als bedoeld in artikel 2.3, zesde lid, onderdeel e. + +**5.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een autorisatie als bedoeld in artikel 2.4, derde lid, onderdeel d. + +**6.** Het eerste en derde lid is van overeenkomstige toepassing op een autorisatie als bedoeld in artikel 2.3, vijfde lid, onderdeel d. + +**7.** Bij ministeriële regeling kan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat regels geven met betrekking tot de procedure van intrekking. ### Artikel 2.7 @@ -261,7 +310,7 @@ d. wanneer bij de aanvraag of het verzoek om verlenging van het bewijs van bevoe **2.** Het bewijs van gelijkstelling geeft niet meer bevoegdheden dan het betrokken bewijs van bevoegdheid en wordt slechts eenmaal afgegeven voor ten hoogste de duur van geldigheid van het betrokken bewijs van bevoegdheid doch niet langer dan een jaar. -**3.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan een bewijs van gelijkstelling intrekken wanneer de omstandigheden, bedoeld in artikel 2.6, eerste lid, onder c of d, zich voordoen. +**3.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan een bewijs van gelijkstelling intrekken wanneer de omstandigheden, bedoeld in artikel 2.6, eerste lid, onder c of d, of tweede lid zich voordoen. **4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gegeven over de voorwaarden en omstandigheden waaronder een bewijs van gelijkstelling wordt afgegeven. @@ -276,15 +325,23 @@ erkennen als geldig bewijs van bevoegdheid, geldig bewijs van gelijkstelling of ### Artikel 2.8a -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Indien de houder van een bewijs van bevoegdheid, dat overeenkomstig richtlijn nr. 2006/23/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 5 april 2006 inzake een communautaire vergunning van luchtverkeersleiders (PbEU L 114) door een andere lidstaat van de Europese Unie is verstrekt, binnen het vluchtinformatiegebied Amsterdam onder verantwoordelijkheid van een aangewezen instantie als bedoeld in artikel 5.13, 5.14 of 5.14a of een andere verlener van luchtverkeersdiensten als bedoeld in artikel 5.14b, eerste lid, luchtverkeersdiensten verleent, verstrekt Onze Minister van Verkeer en Waterstaat hem op aanvraag een gelijkwaardig bewijs van bevoegdheid als bedoeld in deze wet. + +**2.** Bij ministeriële regeling kan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat regels geven met betrekking tot de procedure van aanvraag. + +**3.** Een wijziging van richtlijn nr. 2006/23/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 5 april 2006 inzake een communautaire vergunning van luchtverkeersleiders (PbEU L 114) gaat voor de toepassing van het eerste lid gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven. ### Artikel 2.9 **1.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan een opleidingsinstelling ter verkrijging van een bewijs van bevoegdheid of bevoegdverklaring erkennen, kwalificeren of registreren, indien die opleidingsinstelling voldoet aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen eisen. -**2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan de erkenning, kwalificatie of registratie van een opleidingsinstelling geheel of deels intrekken, wanneer die opleidingsinstelling niet meer voldoet aan de eisen, bedoeld in het eerste lid. +**2.** Onverminderd het eerste lid kan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat een opleidingsinstelling ter verkrijging van een bewijs van bevoegdheid of bevoegdverklaring voor het verlenen van luchtverkeersdiensten certificeren indien die opleidingsinstelling voldoet aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen eisen. -**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven met betrekking tot de vergoeding, die de aanvrager is verschuldigd voor de kosten van de handelingen ten behoeve van de aanvraag tot afgifte van de erkenning, kwalificatie of registratie, bedoeld in het eerste lid. +**3.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan de erkenning, kwalificatie of registratie van een opleidingsinstelling geheel of deels intrekken, wanneer die opleidingsinstelling niet meer voldoet aan de eisen, bedoeld in het eerste lid. + +**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven met betrekking tot de vergoeding, die de aanvrager is verschuldigd voor de kosten van de handelingen ten behoeve van de aanvraag tot afgifte van de erkenning, kwalificatie of registratie, bedoeld in het eerste lid. + +**5.** Artikel 2.8 en het derde en vierde lid van onderhavig artikel zijn van overeenkomstige toepassing op het certificeren van een opleidingsinstelling als bedoeld in het tweede lid. ### Artikel 2.10 @@ -301,7 +358,9 @@ b. het logboek te beschadigen of te vernietigen, te doen beschadigen of vernieti ### Artikel 2.11 -Het is de houder van een bewijs van bevoegdheid of bewijs van gelijkstelling verboden werkzaamheden, tot het verrichten waarvan dat bewijs de bevoegdheid geeft, te verrichten wanneer de houder daardoor in verband met zijn lichamelijke of geestelijke gesteldheid de veiligheid van het luchtverkeer in gevaar brengt of in gevaar kan brengen. +**1.** Het is de houder van een bewijs van bevoegdheid of bewijs van gelijkstelling verboden werkzaamheden, tot het verrichten waarvan dat bewijs de bevoegdheid geeft, te verrichten wanneer de houder daardoor in verband met zijn lichamelijke of geestelijke gesteldheid de veiligheid van het luchtverkeer in gevaar brengt of in gevaar kan brengen. + +**2.** Onverminderd het eerste lid is het verboden luchtverkeersdiensten te verlenen dan wel een grondstation of een mobiel station als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, te bedienen, terwijl degene, die luchtverkeersdiensten verleent dan wel een grondstation of een mobiel station bedient, verkeert onder zodanige invloed van een stof, waarvan hij weet of redelijkerwijze moet weten, dat het gebruik daarvan – al dan niet in combinatie met het gebruik van een andere stof – de vaardigheid voor het verlenen van luchtverkeersdiensten of het bedienen van een grondstation of een mobiel station kan verminderen, dat hij niet in staat moet worden geacht zulks naar behoren te verrichten. ### Artikel 2.12 @@ -318,7 +377,9 @@ b. het alcoholgehalte van zijn bloed bij een onderzoek hoger blijkt te zijn dan **4.** Het is een lid van het boordpersoneel verboden werkzaamheden aan boord van een luchtvaartuig te verrichten gedurende de tijd, waarvoor een rijverbod als bedoeld in artikel 162, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 geldt. -**5.** Het is verboden een lid van het boordpersoneel van wie men weet of redelijkerwijs moet weten, dat deze verkeert in een toestand, als bedoeld in artikel 2.11 of in het eerste of derde lid van dit artikel, werkzaamheden aan boord van een luchtvaartuig te doen verrichten. +**5.** Het is verboden een lid van het boordpersoneel van wie men weet of redelijkerwijs moet weten, dat deze verkeert in een toestand, als bedoeld in artikel 2.11, eerste lid, of in het eerste of derde lid van dit artikel, werkzaamheden aan boord van een luchtvaartuig te doen verrichten. + +**6.** Het derde, vierde en vijfde lid zijn van overeenkomstige toepassing op eenieder die luchtverkeersdiensten verleent of een grondstation of een mobiel station als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, bedient. ### Artikel 2.13 @@ -878,15 +939,15 @@ De gezagvoerder van een burgerluchtvaartuig is verplicht de bij regeling van Onz Het bepaalde bij of krachtens de artikelen 5.3 tot en met 5.9 is van toepassing op: a.. deelnemers aan het luchtverkeer binnen het vluchtinformatiegebied Amsterdam, en -b. Nederlandse luchtvaartuigen, waar deze zich ook bevinden, tenzij dit onverenigbaar is met de daar ter plaatse geldende regels of de regels die in overeenstemming met internationale afspraken worden gehanteerd door de ter plaatse voor de luchtverkeersdienstverlening verantwoordelijke Staat. +b. Nederlandse luchtvaartuigen, waar deze zich ook bevinden, tenzij dit onverenigbaar is met de daar ter plaatse geldende regels of de regels die in overeenstemming met internationale afspraken worden gehanteerd door de ter plaatse voor het verlenen van luchtverkeersdiensten verantwoordelijke Staat. ### Artikel 5.2 -Buiten het vluchtinformatiegebied Amsterdam houdt de gezagvoerder van een Nederlands luchtvaartuig zich aan de daar ter plaatse geldende regels. Indien in overeenstemming met internationale afspraken andere regels worden gehanteerd door de ter plaatse voor de luchtverkeersdienstverlening verantwoordelijke Staat, houdt de gezagvoerder zich aan deze regels. +Buiten het vluchtinformatiegebied Amsterdam houdt de gezagvoerder van een Nederlands luchtvaartuig zich aan de daar ter plaatse geldende regels. Indien in overeenstemming met internationale afspraken andere regels worden gehanteerd door de ter plaatse voor het verlenen van luchtverkeersdiensten verantwoordelijke Staat, houdt de gezagvoerder zich aan deze regels. ### Artikel 5.3 -Het is verboden op zodanige wijze aan het luchtverkeer deel te nemen dan wel luchtverkeersleiding te geven dat daardoor personen of zaken in gevaar worden of kunnen worden gebracht. +Het is verboden op zodanige wijze aan het luchtverkeer deel te nemen dan wel luchtverkeersleidingsdiensten te verlenen dat daardoor personen of zaken in gevaar worden of kunnen worden gebracht. ### Artikel 5.4 @@ -905,7 +966,7 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voorts regels worden gest a. de uitvoering van vluchten; b. de met betrekking tot de uitvoering van vluchten te verstrekken inlichtingen; -c. de communicatie tussen deelnemers aan het luchtverkeer onderling en met de instanties en organisaties belast met luchtverkeersdienstverlening; +c. de communicatie tussen deelnemers aan het luchtverkeer onderling en met de instanties en organisaties belast met het verlenen van luchtverkeersdiensten; d. de in en ten behoeve van het luchtverkeer te gebruiken tekens en seinen; e. het gebruik van het luchtruim anders dan door luchtverkeer; en f. gedrag van het verkeer op een luchtvaartterrein. @@ -930,11 +991,11 @@ Voor de aanvang van iedere vlucht, neemt de gezagvoerder kennis van alle gegeven ### Artikel 5.9 -**1.** Voor de aanvang van iedere vlucht waaraan luchtverkeersleiding wordt gegeven wordt door of namens de gezagvoerder een vliegplan ingediend overeenkomstig de bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 5.5, tweede lid, onderdeel c, gestelde regels. Het vliegplan bevat de gegevens en inlichtingen omtrent de voorgenomen vlucht. +**1.** Voor de aanvang van iedere vlucht waaraan luchtverkeersleidingsdiensten worden verleend wordt door of namens de gezagvoerder een vliegplan ingediend overeenkomstig de bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 5.5, tweede lid, onderdeel c, gestelde regels. Het vliegplan bevat de gegevens en inlichtingen omtrent de voorgenomen vlucht. -**2.** Alvorens een vlucht waaraan luchtverkeersleiding wordt gegeven aan te vangen, of een gedeelte daarvan uit te voeren moet een desbetreffende klaring zijn gevraagd en verkregen. +**2.** Alvorens een vlucht waaraan luchtverkeersleidingsdiensten worden verleend aan te vangen, of een gedeelte daarvan uit te voeren moet een desbetreffende klaring zijn gevraagd en verkregen. -**3.** De gezagvoerder komt de door de luchtverkeersleidingsdienst gegeven voorwaarden van de klaring na. Van de voorwaarden bedoeld in de eerste volzin mag slechts worden afgeweken indien de omstandigheden dit in het belang van de veiligheid dringend noodzakelijk maken. Een afwijking wordt zo spoedig mogelijk gemeld aan de betrokken luchtverkeersleidingsdienst. +**3.** De gezagvoerder komt de door de verlener van luchtverkeersleidingsdiensten gegeven voorwaarden van de klaring na. Van de voorwaarden bedoeld in de eerste volzin mag slechts worden afgeweken indien de omstandigheden dit in het belang van de veiligheid dringend noodzakelijk maken. Een afwijking wordt zo spoedig mogelijk gemeld aan de betrokken verlener van luchtverkeersleidingsdiensten. ### Artikel 5.10 @@ -949,7 +1010,7 @@ b. om andere dringende redenen, waarbij het uitoefenen van de luchtvaart en omst **3.** Op voordracht van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, worden bij algemene maatregel van bestuur regels gesteld met betrekking tot het uitoefenen van het burgerluchtverkeer boven gebieden aangewezen overeenkomstig artikel 1.2, tweede lid, onder b, van de Wet milieubeheer. -**4.** Van de regelingen krachtens het eerste en tweede lid wordt mededeling gedaan via de luchtvaartpublicaties bedoeld in artikel 5.23, eerste lid, onder d, en voor zover nodig via de luchtverkeersdienstverlening aan de betrokken gezagvoerder. +**4.** Van de regelingen krachtens het eerste en tweede lid wordt mededeling gedaan via de luchtvaartpublicaties bedoeld in artikel 5.23, eerste lid, onder d, en voor zover nodig via de verlener van luchtverkeersdiensten aan de betrokken gezagvoerder. **5.** Het is verboden aan het luchtverkeer deel te nemen in strijd met het bepaalde krachtens het eerste, tweede en derde lid van dit artikel. @@ -959,90 +1020,139 @@ b. om andere dringende redenen, waarbij het uitoefenen van de luchtvaart en omst Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur: -a. worden, met inachtneming van het type en de dichtheid van het luchtverkeer, delen van het vluchtinformatiegebied Amsterdam alsmede luchtvaartterreinen aangewezen waar de daarbij bepaalde vormen van luchtverkeersdienstverlening worden gegeven; +a. worden, met inachtneming van het type en de dichtheid van het luchtverkeer, delen van het vluchtinformatiegebied Amsterdam alsmede luchtvaartterreinen aangewezen waar de daarbij bepaalde vormen van luchtverkeersdiensten worden verleend; b. worden in het vluchtinformatiegebied Amsterdam luchtverkeersroutes en -procedures vastgesteld, waaronder mede zijn begrepen naderings-, vertrek- en wachtprocedures, alsmede luchtverkeerspatronen; c. kunnen delen van het vluchtinformatiegebied Amsterdam worden aangewezen als bijzondere luchtverkeersgebieden, waar daarbij gegeven voorschriften gelden. **2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan ontheffing of vrijstelling verlenen van het bepaalde bij of krachtens het eerste lid, mede met inachtneming van het veilige, ordelijke en vlotte verloop van het luchtverkeer. Aan de ontheffing of vrijstelling kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden. Het is verboden in strijd met die voorschriften of beperkingen te handelen. -### Titel 5.2. Bepalingen met betrekking tot de luchtverkeersdienstverlening +### Titel 5.2. Bepalingen met betrekking tot het verlenen van luchtverkeersdiensten -#### Paragraaf 5.2.1. Luchtverkeersdienstverlening +#### Paragraaf 5.2.1. Het verlenen van luchtverkeersdiensten ### Artikel 5.12 -**1.** Luchtverkeersdienstverlening wordt gegeven in het belang van de algemene luchtverkeersveiligheid en een veilig, ordelijk en vlot verloop van het luchtverkeer. +**1.** Luchtverkeersdiensten worden verleend in het belang van de algemene luchtverkeersveiligheid en een veilig, ordelijk en vlot verloop van het luchtverkeer. -**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop luchtverkeersdienstverlening wordt gegeven. +**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop luchtverkeersdiensten worden verleend. ### Artikel 5.13 **1.** -Binnen het vluchtinformatiegebied Amsterdam kan luchtverkeerdienstverlening worden verleend door: +Binnen het vluchtinformatiegebied Amsterdam kunnen luchtverkeersdiensten worden verleend door: a. de LVNL. b. Onze Minister van Defensie; -**2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en Onze Minister van Defensie tezamen wijzen de gebieden waarbinnen en het luchtverkeer waaraan de in het eerste lid genoemde instanties luchtverkeersdienstverlening geven, aan. +**2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en Onze Minister van Defensie tezamen wijzen de gebieden waarbinnen en het luchtverkeer waaraan de in het eerste lid genoemde instanties luchtverkeersdiensten verlenen, aan. ### Artikel 5.14 -**1.** +In afwijking van artikel 5.13, kunnen Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en Onze Minister van Defensie: -In afwijking van het bepaalde in artikel 5.13, eerste lid, kunnen Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en Onze Minister van Defensie: +a. delen van het vluchtinformatiegebied Amsterdam aanwijzen waarbinnen door de Eurocontrol-organisatie luchtverkeersdiensten worden verleend; +b. in bijzondere situaties delen van het vluchtinformatiegebied Amsterdam aanwijzen waarbinnen luchtverkeersdiensten worden verleend door een andere verlener van luchtverkeersdiensten dan de in artikel 5.13 genoemde verleners van luchtverkeersdiensten. -a. met de Eurocontrol-organisatie overeenkomen dat deze, binnen bepaalde delen van het vluchtinformatiegebied Amsterdam of aan bepaald luchtverkeer, luchtverkeersdienstverlening geeft op voorwaarde dat daarbij vastgelegd wordt dat het bepaalde bij of krachtens de artikelen 5.12, 5.15, 5.16 en 5.17a wordt nageleefd. -b. delen van het vluchtinformatiegebied Amsterdam aanwijzen waarbinnen, na overleg met de bevoegde autoriteiten van een aangrenzende Staat, luchtverkeersdienstverlening wordt gegeven door een instantie van die Staat; +### Artikel 5.14a -en +Indien op basis van artikel 5 van de luchtruimverordening een luchtruimblok is ingesteld, waarvan een gedeelte van of het gehele vluchtinformatiegebied Amsterdam deel uitmaakt, wijzen, in afwijking van de artikelen 5.13 en 5.14, Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en Onze Minister van Defensie in overeenstemming met het bevoegde gezag van de overige betrokken staat of staten voor dat bepaalde gebied een of meer verleners van luchtverkeersdiensten aan, alsmede het luchtverkeer waaraan de bedoelde instanties luchtverkeersdiensten verlenen. -**2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan de LVNL belasten met het geven van luchtverkeersdienstverlening in delen van een aangrenzend vluchtinformatiegebied, na overleg met de aldaar bevoegde autoriteiten. +### Artikel 5.14b + +**1.** Een bij of krachtens artikel 5.13, 5.14 of 5.14a aangewezen instantie kan, onverminderd haar verantwoordelijkheid voor het verlenen van de diensten waartoe deze instantie is aangewezen, na schriftelijke instemming door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat luchtverkeersdiensten laten verrichten door een andere verlener van luchtverkeersdiensten. + +**2.** Ter verkrijging van de in het eerste lid bedoelde instemming dient de bij of krachtens artikel 5.13, 5.14 of 5.14a aangewezen instantie hiertoe een verzoek in bij Onze Minister van Verkeer en Waterstaat. + +**3.** De bij of krachtens artikel 5.13, 5.14 of 5.14a aangewezen instantie verstrekt alle informatie die benodigd is voor de beoordeling van een verzoek als bedoeld in het tweede lid. + +**4.** + +Gronden waarop instemming als bedoeld in het eerste lid kan worden onthouden zijn: + +a. het niet voldoen of niet kunnen voldoen door de verlener van wiens diensten gebruik zal worden gemaakt aan de op grond van artikel 5.14d, derde lid, aan het certificaat van de aangewezen instantie gestelde beperkingen en voorschriften; +b. strijd met het belang van een veilig, ordelijk en vlot verloop van het luchtverkeer; of +c. strijd met het recht. + +### Artikel 5.14c + +**1.** Het is verboden luchtverkeersdiensten te verlenen zonder hiertoe te zijn aangewezen bij of krachtens deze wet, dan wel zonder de hiertoe vereiste instemming, bedoeld in artikel 5.14b. + +**2.** Het is verboden luchtverkeersdiensten te doen verlenen zonder de hiertoe vereiste instemming, bedoeld in artikel 5.14b. + +### Artikel 5.14d + +**1.** Het is verboden luchtvaartnavigatiediensten te verlenen zonder te beschikken over een daartoe bestemd certificaat als bedoeld in artikel 7 van de luchtvaartnavigatiedienstenverordening. + +**2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat verstrekt een certificaat als bedoeld in het eerste lid, indien de aanvrager voldoet aan de in artikel 6 van de luchtvaartnavigatiedienstenverordening bedoelde eisen. + +**3.** Aan een certificaat kunnen de voorschriften en beperkingen, zoals bedoeld in Bijlage II van de luchtvaartnavigatiedienstenverordening, worden verbonden. + +**4.** + +De in het derde lid bedoelde voorschriften en beperkingen kunnen tijdens de geldigheidsduur van het certificaat ambtshalve worden gewijzigd of aangevuld wegens: + +a. wijziging van de krachtens deze wet gestelde regels; +b. wijziging van de kaderverordening, luchtvaartnavigatiedienstenverordening, luchtruimverordening of interoperabiliteitsverordening; of +c. wijziging van bepalingen die op grond van de in onderdeel b genoemde verordeningen zijn gesteld. + +**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de geldigheidsduur, aanvraag, verlening en verlenging van een certificaat. + +**6.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat neemt binnen twaalf weken na ontvangst van de aanvraag voor het verlenen van een certificaat een besluit omtrent de afgifte daarvan. + +**7.** + +Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan een certificaat geheel of gedeeltelijk schorsen, indien een ernstig vermoeden rijst dat de houder van het certificaat: + +a. niet voldoet aan de eisen, bedoeld in het tweede lid; +b. niet voldoet aan de voorschriften of beperkingen, bedoeld in het derde lid; of +c. ter verkrijging van het certificaat onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt. + +**8.** + +Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan een certificaat intrekken, indien: + +a. de houder van het certificaat niet voldoet aan de eisen, bedoeld in het tweede lid; +b. de houder van het certificaat niet voldoet aan de voorschriften of beperkingen, bedoeld in het derde lid; of +c. het certificaat gedurende ten minste drie maanden is geschorst. + +**9.** Dit artikel is niet van toepassing op verleners van luchtvaartnavigatiediensten die deze diensten hoofdzakelijk aanbieden aan andere bewegingen van luchtvaartuigen dan aan het algemeen luchtverkeer als bedoeld in artikel 2.2, achtste lid. + +### Artikel 5.14e + +Ten aanzien van de luchtverkeers-, communicatie-, navigatie- of plaatsbepalingsdiensten worden bij regeling van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat veiligheidsvoorschriften vastgesteld voor technisch en ontwikkelingspersoneel dat operationele aan de veiligheid gerelateerde taken verricht. ### Artikel 5.15 -De instanties belast met luchtverkeersdienstverlening coördineren de uitvoering van deze taken met de instanties belast met de luchtverkeersdienstverlening binnen hetzelfde gebied of in aangrenzende gebieden. +De instanties belast met het verlenen van luchtverkeersleidingsdiensten coördineren de uitvoering van deze taken met de instanties belast met het verlenen van luchtverkeersleidingsdiensten binnen hetzelfde gebied of in aangrenzende gebieden. ### Artikel 5.16 -**1.** - -Het is verboden luchtverkeersdienstverlening te geven zonder een daartoe door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat afgegeven bewijs van bevoegdheid of bewijs van gelijkstelling en zonder daartoe verkregen opdracht van een in artikel 5.13 of 5.14 aangewezen instantie. De artikelen 2.1, tweede lid, onderdeel c, vierde en vijfde lid, en 2.2 tot en met 2.9 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande, dat: - -a. het bewijs van bevoegdheid geldig is voor de duur van de medische verklaring; -b. de zinsnede in artikel 2.2, eerste lid, «aan een door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat dan wel door de bevoegde autoriteit van een door hem aangewezen staat erkende, gekwalificeerde of geregistreerde opleidingsinstelling» niet van toepassing is; -c. in artikel 2.2, vierde lid, in plaats van «het document waarop het bewijs van bevoegdheid en de bevoegdverklaringen worden weergegeven» wordt gelezen: het model en de uitvoering van het bewijs van bevoegdheid, en -d. artikel 2.3, vijfde lid, onderdeel f, wordt vervangen door: de vernieuwing van een bewijs van bevoegdheid. - -**2.** In afwijking van artikel 2.3, zesde lid, onderdeel e, stelt de LVB-organisatie de regels met betrekking tot de kennis, de bedrevenheid en de ervaring op, waaraan degene, die luchtverkeersdienstverlening geeft, dient te voldoen om zijn bewijs van bevoegdheid te behouden. De regels behoeven de goedkeuring van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat. - -**3.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen onderdelen van luchtverkeersdienstverlening aangewezen worden, waarvoor geen bewijs van bevoegdheid vereist is. +Onverminderd artikel 2.1, eerste lid, is het verboden luchtverkeersdiensten te verlenen zonder een daartoe verkregen opdracht van een bij of krachtens artikel 5.13, 5.14 of 5.14a aangewezen instantie of van een andere verlener van luchtverkeersdiensten als bedoeld in artikel 5.14b, eerste lid. ### Artikel 5.17 -**1.** Het is verboden een grondstation of een mobiel station in de luchtvaartmobiele band, waarvoor een vergunning is vereist als bedoeld in artikel 3.3 van de Telecommunicatiewet, te bedienen, zonder een daartoe door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat afgegeven bewijs van bevoegdheid of bewijs van gelijkstelling. De artikelen 2.1, vierde en vijfde lid, en 2.2 tot en met 2.9 zijn van overeenkomstige toepassing. +**1.** Een bij of krachtens artikel 5.13, 5.14 of 5.14a aangewezen instantie of een andere verlener van luchtverkeersdiensten als bedoeld in artikel 5.14b, eerste lid, houdt een registratie bij van de daadwerkelijk gewerkte uren van de houders van een bewijs van bevoegdheid voor het verlenen van luchtverkeersdiensten aan wie deze instanties een opdracht, als bedoeld in artikel 5.16 hebben gegeven. -**2.** Het eerste lid is onverminderd artikel 1.2, eerste lid, eveneens van toepassing op het continentaal plat, bedoeld in artikel 1 van de Mijnbouwwet, voor zover dat buiten het vluchtinformatiegebied Amsterdam ligt. +**2.** Ten behoeve van het behoud van de geldigheid en de verlenging van een bewijs van bevoegdheid voor het verlenen van luchtverkeersdiensten kan Onze Minister om inzage in de registratie als bedoeld in het eerste lid verzoeken. ### Artikel 5.17a -**1.** Het is verboden luchtverkeersdienstverlening te geven dan wel een grondstation of een mobiel station als bedoeld in artikel 5.17 te bedienen, terwijl degene, die luchtverkeersdienstverlening geeft dan wel een grondstation of een mobiel station bedient, verkeert onder zodanige invloed van een stof, waarvan hij weet of redelijkerwijze moet weten, dat het gebruik daarvan – al dan niet in combinatie met het gebruik van een andere stof – de vaardigheid voor het geven van luchtverkeersdienstverlening of het bedienen van een grondstation kan verminderen, dat hij niet in staat moet worden geacht zulks naar behoren te verrichten. - -**2.** De artikelen 2.12, derde, vierde en vijfde lid, en 2.13 zijn van overeenkomstige toepassing. +Vervallen ### Artikel 5.18 -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen ter bevordering van een veilige, ordelijke en vlotte afwikkeling van het luchtverkeer regels worden gesteld betreffende de prioriteitstelling bij de luchtverkeersdienstverlening. +Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen ter bevordering van een veilige, ordelijke en vlotte afwikkeling van het luchtverkeer regels worden gesteld betreffende de prioriteitstelling bij het verlenen van luchtverkeersdiensten. ### Artikel 5.19 -Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de beheerder van een burgerluchtvaartterrein met inachtneming van de daarbij te stellen regels na overleg met de gebruikers en de betrokken luchtverkeersleidingsinstanties, de volgorde van het gebruik van het luchtvaartterrein vaststelt. +Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de beheerder van een burgerluchtvaartterrein met inachtneming van de daarbij te stellen regels na overleg met de gebruikers en de betrokken verlener van luchtverkeersleidingsdiensten, de volgorde van het gebruik van het luchtvaartterrein vaststelt. #### Paragraaf 5.2.2. Vergoedingen ### Artikel 5.20 -**1.** De exploitant van een luchtvaartuig in de zin van artikel 9 en 10 van de op 12 februari 1981 te Brussel gesloten Multilaterale Overeenkomst betreffende en route-heffingen (*Trb.* 1981, 181) is een vergoeding verschuldigd voor de bestrijding van de kosten van de luchtverkeersbeveiliging van het "en route" luchtverkeer, als bedoeld in deze Overeenkomst, binnen het vluchtinformatiegebied Amsterdam. +**1.** De exploitant van een luchtvaartuig in de zin van artikel 9 en 10 van de op 12 februari 1981 te Brussel gesloten Multilaterale Overeenkomst betreffende en route-heffingen (*Trb.* 1981, 181) is een vergoeding verschuldigd voor de bestrijding van de kosten van de luchtverkeersbeveiliging en het verlenen van luchtvaartnavigatiediensten van het "en route" luchtverkeer, als bedoeld in deze Overeenkomst, binnen het vluchtinformatiegebied Amsterdam. **2.** De Eurocontrol Organisatie int de in het eerste lid van dit artikel bedoelde vergoeding en draagt het geïnde bedrag af aan de LVNL. @@ -1060,7 +1170,7 @@ c. de wijze van bekendmaking van de hoogte van de vergoedingen. ### Artikel 5.21 -**1.** De natuurlijke persoon of rechtspersoon die een luchtvaartuig te zijner beschikking heeft en dit onder zijn verantwoordelijkheid laat deelnemen aan het luchtverkeer, en daarbij gebruik maakt van een luchtverkeersdienst verstrekt door een in artikel 5.13 of 5.14 bedoelde instantie, is aan deze instantie een vergoeding verschuldigd ter dekking van de kosten van de luchtverkeersbeveiliging, anders dan bedoeld in artikel 5.20. +**1.** De natuurlijke of rechtspersoon die een luchtvaartuig te zijner beschikking heeft en dit onder zijn verantwoordelijkheid laat deelnemen aan het luchtverkeer, en daarbij gebruik maakt van een luchtvaartnavigatiedienst verleend door een bij of krachtens artikel 5.13, 5.14 of 5.14a aangewezen instantie, is aan deze instantie een vergoeding verschuldigd ter dekking van de kosten van de luchtverkeersbeveiliging en het verlenen van luchtvaartnavigatiediensten, anders dan bedoeld in artikel 5.20. **2.** De eigenaar van het luchtvaartuig, bedoeld in het eerste lid, is hoofdelijk aansprakelijk voor de vergoeding tenzij hij op eerste vordering de natuurlijk persoon of rechtspersoon aanwijst die het luchtvaartuig te zijner beschikking heeft en dit onder zijn verantwoordelijkheid laat deelnemen aan het luchtverkeer. @@ -1078,7 +1188,7 @@ c. de wijze van bekendmaking van de hoogte van de vergoedingen. ### Artikel 5.22 -Er is een organisatie voor luchtverkeersdienstverlening. Hij heeft rechtspersoonlijkheid. +Er is een organisatie voor het verlenen van luchtverkeersdiensten. Hij heeft rechtspersoonlijkheid. #### Paragraaf 5.3.2. Taken van de LVNL @@ -1088,19 +1198,25 @@ Er is een organisatie voor luchtverkeersdienstverlening. Hij heeft rechtspersoon De LVNL is, ter bevordering van een zo groot mogelijke veiligheid van het luchtverkeer in het vluchtinformatiegebied Amsterdam, belast met de volgende taken: -a. het geven van luchtverkeersdienstverlening overeenkomstig het bepaalde in artikel 5.13; -b. het definiëren, verwerven, installeren, beheren en instandhouden van technische installaties en systemen ten behoeve van luchtverkeersbeveiliging; -c. het verstrekken van luchtvaartinlichtingen en het uitgeven van luchtvaartpublicaties en luchtvaartkaarten; -d. het verzorgen of doen verzorgen van opleidingen ten behoeve van luchtverkeersbeveiliging; +a. het verlenen van luchtverkeersdiensten; +b. het verlenen van communicatie-, navigatie- en plaatsbepalingsdiensten; +c. het verlenen van luchtvaartinlichtingendiensten en het uitgeven van luchtvaartpublicaties en luchtvaartkaarten; +d. het verzorgen of doen verzorgen van opleidingen ten behoeve van luchtverkeersbeveiliging en het verlenen van luchtvaartnavigatiediensten; e. het doen van voorstellen aan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat betreffende het tarief van de heffingen bedoeld in de artikelen 5.20 en 5.21; -f. het adviseren van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat alsmede Onze Minister van Defensie betreffende aangelegenheden op het gebied van de luchtverkeersbeveiliging; -h. het verrichten van andere bij of krachtens deze wet opgedragen taken. +f. het adviseren van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat alsmede Onze Minister van Defensie betreffende aangelegenheden op het gebied van de luchtverkeersbeveiliging en het verlenen van luchtvaartnavigatiediensten; +g. het verrichten van andere bij of krachtens deze wet opgedragen taken. -**2.** De LVNL kan, tegen vergoeding van kosten, diensten voor anderen dan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en Onze Minister van Defensie verrichten op het gebied van en verband houdende met taken bedoeld in het eerste lid. +**2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan de LVNL belasten met het verlenen van luchtverkeersdiensten buiten het vluchtinformatiegebied Amsterdam. -**3.** De LVNL kan, onverminderd zijn verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de aan hem opgedragen taken, werkzaamheden met een ondersteunend karakter laten verrichten door derden. +**3.** De LVNL kan, in ieder geval tegen vergoeding van kosten, diensten aan anderen dan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en Onze Minister van Defensie verlenen op het gebied van en verband houdende met taken bedoeld in het eerste lid. De in de eerste volzin bedoelde diensten kunnen buiten het vluchtinformatiegebied Amsterdam worden verleend. -**4.** De LVNL is verplicht zijn taken te verrichten overeenkomstig het bepaalde in deze wet en het bepaalde in Nederland bindende verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties. +**4.** De LVNL kan, onverminderd zijn verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de aan hem opgedragen taken, luchtverkeersdiensten laten verrichten door een andere verlener van luchtverkeersdiensten, indien hiervoor instemming is verleend op grond van artikel 5.14b, eerste lid. + +**5.** De LVNL kan, onverminderd zijn verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de aan hem opgedragen taken, luchtvaartnavigatiediensten anders dan de in het vierde lid bedoelde diensten laten verrichten door een andere verlener van luchtvaartnavigatiediensten. + +**6.** De LVNL kan, onverminderd zijn verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de aan hem opgedragen taken, andere werkzaamheden dan die zijn bedoeld in het vierde en vijfde lid laten verrichten door derden, voor zover deze werkzaamheden een ondersteunend karakter hebben. + +**7.** De LVNL is verplicht zijn taken te verrichten overeenkomstig het bepaalde in Nederland bindende verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties. #### Paragraaf 5.3.3. Organen, inrichting en beheer van de organisatie @@ -1199,9 +1315,7 @@ Het bestuur stelt bij reglement de hoofdlijnen vast van de inrichting van de LVN ### Artikel 5.34a -**1.** De LVNL handelt in overeenstemming met de door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat gestelde regels inzake kwaliteits- en veiligheidszorg. - -**2.** In de in het eerste lid bedoelde regels worden in elk geval bepalingen opgenomen met betrekking tot kwaliteit, veiligheid en verificatie. +Vervallen ### Artikel 5.35 @@ -1697,7 +1811,7 @@ c. de grenswaarden voor de emissie van de stoffen die lokale luchtverontreinigin ### Artikel 8.18 -De exploitant van de luchthaven, de verlener van luchtverkeersdienstverlening en de luchtvaartmaatschappijen bevorderen het goede verloop van het luchthavenluchtverkeer overeenkomstig het luchthavenverkeerbesluit. Zij treffen daartoe zelf en in onderlinge samenwerking de voorzieningen die redelijkerwijs van hen kunnen worden gevergd om te bewerkstelligen dat de belasting vanwege het luchthavenluchtverkeer de in artikel 8.17, vierde lid, bedoelde grenswaarden niet overschrijdt. +De exploitant van de luchthaven, de verlener van luchtverkeersdiensten en de luchtvaartmaatschappijen bevorderen het goede verloop van het luchthavenluchtverkeer overeenkomstig het luchthavenverkeerbesluit. Zij treffen daartoe zelf en in onderlinge samenwerking de voorzieningen die redelijkerwijs van hen kunnen worden gevergd om te bewerkstelligen dat de belasting vanwege het luchthavenluchtverkeer de in artikel 8.17, vierde lid, bedoelde grenswaarden niet overschrijdt. ### Artikel 8.19 @@ -1705,13 +1819,13 @@ De exploitant van de luchthaven stelt de luchthaven beschikbaar overeenkomstig d ### Artikel 8.20 -Luchtverkeersdienstverlening wordt verleend overeenkomstig de regels van het luchthavenverkeerbesluit. De verlener van de dienstverlening kan hiervan afwijken als dit in het belang van de veiligheid nodig is. +Luchtverkeersdiensten worden verleend overeenkomstig de regels van het luchthavenverkeerbesluit. De verlener van de luchtverkeersdiensten kan hiervan afwijken als dit in het belang van de veiligheid nodig is. ### Artikel 8.21 **1.** De gezagvoerder neemt deel aan het luchthavenluchtverkeer overeenkomstig de regels van het luchthavenverkeerbesluit. -**2.** De gezagvoerder kan afwijken van het eerste lid op advies van de verlener van luchtverkeersdienstverlening. +**2.** De gezagvoerder kan afwijken van het eerste lid op advies van de verlener van luchtverkeersdiensten. **3.** De gezagvoerder kan afwijken van het eerste lid als dit in het belang van de veiligheid nodig is. @@ -1961,9 +2075,9 @@ De exploitant van de luchthaven verstrekt de inspecteur-generaal: a. de op grond van artikel 8.27 geregistreerde gegevens; b. gegevens over de in artikel 8.27 bedoelde metingen en berekeningen. -**2.** De exploitant, de verlener van luchtverkeersdienstverlening en de luchtvaartmaatschappijen verstrekken de inspecteur-generaal gegevens over de ter uitvoering van artikel 8.18 getroffen voorzieningen. +**2.** De exploitant, de verlener van luchtverkeersdiensten en de luchtvaartmaatschappijen verstrekken de inspecteur-generaal gegevens over de ter uitvoering van artikel 8.18 getroffen voorzieningen. -**3.** De exploitant verstrekt de inspecteur-generaal gegevens over de afwijkingen, bedoeld in artikel 8.19. De verlener van luchtverkeersdienstverlening verstrekt de inspecteur-generaal gegevens over de afwijkingen, bedoeld in de artikelen 8.20 en 8.21. +**3.** De exploitant verstrekt de inspecteur-generaal gegevens over de afwijkingen, bedoeld in artikel 8.19. De verlener van luchtverkeersdiensten verstrekt de inspecteur-generaal gegevens over de afwijkingen, bedoeld in de artikelen 8.20 en 8.21. **4.** Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld omtrent de gegevensverstrekking. @@ -2155,6 +2269,10 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden **3.** Indien de in artikel 9.3 toegekende bevoegdheid door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat wordt uitgeoefend op verzoek van Onze Minister van Defensie als bedoeld in het eerste lid, vindt toekenning van een vergoeding krachtens artikel 9.6, eerste lid, plaats in overeenstemming met Onze Minister van Defensie. Deze vergoeding komt voor rekening van Onze Minister van Defensie. +### Artikel 9.8 + +Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan in omstandigheden waarin maatregelen worden genomen als bedoeld in artikel 13 van de kaderverordening een of meer luchtverkeerdienstverleners ontheffing verlenen van het in artikel 5.14d bedoelde verbod, indien deze omstandigheden hiertoe noodzaken. + ## Hoofdstuk 10. Militaire luchtvaart ### Artikel 10.1 @@ -2174,7 +2292,7 @@ b. de houder van de ontheffing de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen ### Artikel 10.2 -**1.** Artikel 5.16 is niet van toepassing op luchtverkeersdienstverleningspersoneel van de krijgsmacht. Dit personeel voldoet aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde eisen inzake theoretische en praktische bekwaamheid en geestelijke en lichamelijke geschiktheid. +**1.** Hoofdstuk 2, titel 2.1, en artikel 5.16 zijn niet van toepassing op luchtverkeersdienstverleningspersoneel van de krijgsmacht. Dit personeel voldoet aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde eisen inzake theoretische en praktische bekwaamheid en geestelijke en lichamelijke geschiktheid. **2.** Artikel 10.1, derde en vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing. @@ -2257,9 +2375,39 @@ a. de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering bedoelde ambtenaren, met b. voor zover het betreft de burgerluchtvaart de hiertoe door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat aangewezen ambtenaren; de aanwijzing kan inhouden, dat de betrokken ambtenaar slechts belast is met het toezicht op de naleving van een of enkele in die aanwijzing genoemde hoofdstukken of artikelen gesteld bij of krachtens deze wet; c. voor zover het betreft het vervoer van gevaarlijke stoffen als bedoeld in titel 6.5 en de artikelen 10.7 en 10.8, met luchtvaartuigen waarvan de krijgsmacht of de krijgsmacht van een andere mogendheid houder is, de hiertoe door Onze Minister van Defensie aangewezen ambtenaren; de aanwijzing kan inhouden dat de betrokken ambtenaar slechts belast is met het toezicht op de naleving van een of enkele in die aanwijzing genoemde artikelen gesteld bij of krachtens deze wet. -**2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan met het oog op de coördinatie van het beleid ten aanzien van het toezicht algemene aanwijzingen geven aan de ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a. +**2.** Met het toezicht op de naleving van hetgeen bepaald is bij of krachtens de kaderverordening, de luchtvaartnavigatiedienstenverordening, de luchtruimverordening en interoperabiliteitsverordening, zijn belast de hiertoe door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat aangewezen ambtenaren. De aanwijzing kan inhouden, dat de betrokken ambtenaar slechts belast is met het toezicht op de naleving van een of enkele in die aanwijzing genoemde hoofdstukken of artikelen gesteld bij of krachtens een van de genoemde verordeningen. -**3.** Van een besluit als bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, wordt mededeling gedaan in de Staatscourant. +**3.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan met het oog op de coördinatie van het beleid ten aanzien van het toezicht algemene aanwijzingen geven aan de ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a. + +**4.** Van een besluit als bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, wordt mededeling gedaan in de Staatscourant. + +### Artikel 11.1a + +**1.** Indien een natuurlijke of rechtspersoon voldoet aan de in Bijlage I van de luchtvaartnavigatiedienstenverordening genoemde eisen, verleent Onze Minister van Verkeer en Waterstaat op aanvraag een erkenning om de in artikel 2, tweede lid, van die verordening bedoelde inspecties en onderzoeken uit te voeren. + +**2.** + +Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent: + +a. de in Bijlage I van de luchtvaartnavigatiedienstenverordening genoemde eisen; +b. de aanvraag, verlening en verlenging van een erkenning; +c. de vergoeding die de aanvrager is verschuldigd ter zake van de kosten van de handelingen met betrekking tot de aanvraag en verlening van de erkenning; +d. het tarief, dat een houder van een erkenning is verschuldigd ter zake van de kosten van toezicht. Onder het toezicht op de naleving van de in het eerste lid bedoelde eisen behoort in ieder geval het periodiek en in voorkomend geval steekproefsgewijs onderzoeken van een houder. + +**3.** + +Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan een erkenning geheel of gedeeltelijk schorsen, indien een ernstig vermoeden rijst dat de houder van de erkenning: + +a. niet voldoet aan de in het eerste lid bedoelde eisen, of +b. ter verkrijging van de erkenning onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt. + +**4.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan een erkenning intrekken wegens de in het derde lid genoemde redenen of indien de erkenning gedurende tenminste drie maanden is geschorst. + +### Artikel 11.1b + +**1.** De op basis van artikel 11.1, tweede lid, aangewezen ambtenaren kunnen de werkzaamheden en inspecties, bedoeld in artikel 14, zesde lid, van richtlijn nr. 2006/23/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 5 april 2006 inzake een communautaire vergunning van verkeersleiders (PbEU L 114) overdragen aan een houder van een erkenning als bedoeld in artikel 11.1a. + +**2.** Een wijziging van artikel 14, zesde lid, van richtlijn nr. 2006/23/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 5 april 2006 inzake een communautaire vergunning van luchtverkeersleiders (PbEU L 114) gaat voor de toepassing van het eerste lid gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven. ### Artikel 11.2 @@ -2387,7 +2535,7 @@ verplicht tot afgifte van het hem afgegeven bewijs van bevoegdheid of bewijs van ### Artikel 11.8a -De artikelen 11.4, tweede lid, 11.5, eerste, derde en vierde lid, 11.6, 11.7 en 11.8 zijn van overeenkomstige toepassing op degene, die luchtverkeersdienstverlening geeft als bedoeld in artikel 5.16 of 10.2 dan wel een grondstation of een mobiel station als bedoeld in artikel 5.17 bedient, met dien verstande, dat voor de toepassing van artikel 11.5 in plaats van het opleggen van een vliegverbod treedt het verbieden van het geven van luchtverkeersdienstverlening of het gebruiken van een grondstation als bedoeld in artikel 5.17. +De artikelen 11.4, tweede lid, 11.5, eerste, derde en vierde lid, 11.6, 11.7 en 11.8 zijn van overeenkomstige toepassing op degene, die luchtverkeersdienstverlening geeft als bedoeld in artikel 2.1, 5.16 of 10.2 dan wel een grondstation of een mobiel station als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, bedient, met dien verstande, dat voor de toepassing van artikel 11.5 in plaats van het opleggen van een vliegverbod treedt het verbieden van het geven van luchtverkeersdienstverlening of het gebruiken van een grondstation als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid. ### Artikel 11.9 @@ -2398,10 +2546,10 @@ Met een hechtenis van ten hoogste zes maanden of een geldboete van ten hoogste d a. handelt in strijd met de artikelen 1°. 1.3; -2°. 2.1, eerste, tweede en vierde lid, 2.3, achtste lid, 2.5, tweede lid, 2.6, tweede lid, 2.10, tweede lid, 2.11; +2°. 2.1, eerste, tweede en vierde lid, 2.3, achtste lid, 2.5, tweede lid, 2.6, derde lid, 2.10, tweede lid, 2.11; 3°. 3.1, 3.2, 3.5, vierde lid, 3.8, tweede lid, 3.16, derde lid, 3.19, eerste lid, 3.19a, eerste en vijfde lid, 3.19c, vierde lid, 3.19e, tweede, derde en vierde lid, 3.19f, vijfde en zevende lid, 3.22, eerste en tweede lid, 3.25, vierde lid, 3.30, tweede lid; 4°. 4.8; -5°. 5.2, 5.3, 5.4, 5.6 tot en met 5.9, 5.10, vijfde lid, 5.16, 5.17; +5°. 5.2, 5.3, 5.4, 5.6 tot en met 5.9, 5.10, vijfde lid, 5.16; 6°. 6.59; 7°. 7.4, eerste en tweede lid; 10°. 10.1, tweede en derde lid, 10.2; @@ -2425,8 +2573,7 @@ Met een gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of een geldboete van ten hoogst a. 1.2a; b. 2.12; c. 3.8, eerste lid, 3.13, vierde en vijfde lid; -d. 5.17a; -k. 11.5, vierde lid, 11.6, tweede, zesde, achtste en negende lid, 11.8, vijfde lid, 11.8a voor zover het betreft de artikelen 11.5, 11.6 en 11.8, 11.12 en 11.14. +d. 11.5, vierde lid, 11.6, tweede, zesde, achtste en negende lid, 11.8, vijfde lid, 11.8a voor zover het betreft de artikelen 11.5, 11.6 en 11.8, 11.12 en 11.14. **2.** De in het eerste lid strafbaar gestelde feiten zijn misdrijven. @@ -2484,15 +2631,18 @@ voor ten hoogste drie jaren worden ontzegd. **2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat is bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van overtreding door luchtvaartmaatschappijen van Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 259/91 (PbEU L 46). +**3.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat is bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van de bij of krachtens de kaderverordening, de luchtvaartnavigatiedienstenverordening, de luchtruimverordening en de interoperabiliteitsverordening gestelde verplichtingen. + ### Artikel 11.16 **1.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan een bestuurlijke boete opleggen bij overtreding van: -a. artikel 7.1, eerste lid; -b. artikel 8.12, 8.19, 8.20 of 8.21 of van een beperking of voorschrift als bedoeld in artikel 8.23; -c. een maatregel als bedoeld in artikel 8.22. +a. artikel 5.14c of 5.14d, eerste lid; +b. artikel 7.1, eerste lid; +c. artikel 8.12, 8.19, 8.20 of 8.21 of van een beperking of voorschrift als bedoeld in artikel 8.23; +d. een maatregel als bedoeld in artikel 8.22. **2.** Een boete en een last onder dwangsom kunnen tezamen worden opgelegd. @@ -2500,9 +2650,10 @@ c. een maatregel als bedoeld in artikel 8.22. De boete bedraagt ten hoogste: -a. 1 000 euro bij een overtreding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a; -b. 100 000 euro bij een overtreding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b; -c. 1 000 000 euro bij een overtreding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c. +a. 500 000 euro bij een overtreding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a; +b. 1 000 euro bij een overtreding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b; +c. 100 000 euro bij een overtreding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c; +d. 1 000 000 euro bij een overtreding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d. **4.** Een boete wordt niet opgelegd indien de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie de overtreding kan worden toegerekend aannemelijk maakt dat hem van de overtreding geen verwijt kan worden gemaakt.