2009-07-01 | BWBR0006715 | Besluit subsidies zeescheepsnieuwbouw 1994
This commit is contained in:
parent
b31f85a0d6
commit
9aebe2ea07
1 changed files with 4 additions and 4 deletions
|
|
@ -28,7 +28,7 @@ c. ondernemer: een natuurlijke persoon of een rechtspersoon, niet zijnde een rec
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen worden onder een zeeschip verstaan de volgende schepen met een metalen casco en een eindprijs van ten minste f 4 000 000,00:
|
||||
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen worden onder een zeeschip verstaan de volgende schepen met een metalen casco en een eindprijs van ten minste € 1.815.120,86:
|
||||
|
||||
a. een koopvaardijschip, bestemd voor het vervoer van passagiers of goederen, met een bruto tonnage van ten minste 100;
|
||||
b. baggermateriaal of andere schepen, bestemd voor werk op zee, met een bruto tonnage van ten minste 100;
|
||||
|
|
@ -80,7 +80,7 @@ Onder de productiewaarde wordt verstaan het overeenkomstig artikel 377, derde li
|
|||
a. ter zake van het als hoofdaannemer in Nederland uitvoeren van opdrachten voor de bouw van zeeschepen, tenzij het zeeschip voor 90 procent of meer door een of meer onderaannemers is gebouwd, en
|
||||
b. ter zake van het als onderaannemer in Nederland uitvoeren van opdrachten voor de bouw van in Nederland te bouwen zeeschepen of delen daarvan.
|
||||
|
||||
**5.** De gewogen productiewaarde van een aanvrager wordt bepaald door voor ieder van de in de drie kalenderjaren, die voorafgaan aan het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft, onder handen zijnde opdrachten de productiewaarde, voor zover gerealiseerd in dat kalenderjaar, te vermenigvuldigen met een percentage. Dit percentage is afhankelijk van de eindprijs van de desbetreffende opdracht en komt overeen met de ingevolge artikel 11 vastgestelde percentages, met dien verstande dat voor opdrachten met een eindprijs van minder dan f 4 000 000,00 het percentage van 4,5 geldt. De bij elkaar opgetelde uitkomsten van deze vermenigvuldigingen vormen de gewogen produktiewaarde voor dat kalenderjaar.
|
||||
**5.** De gewogen productiewaarde van een aanvrager wordt bepaald door voor ieder van de in de drie kalenderjaren, die voorafgaan aan het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft, onder handen zijnde opdrachten de productiewaarde, voor zover gerealiseerd in dat kalenderjaar, te vermenigvuldigen met een percentage. Dit percentage is afhankelijk van de eindprijs van de desbetreffende opdracht en komt overeen met de ingevolge artikel 11 vastgestelde percentages, met dien verstande dat voor opdrachten met een eindprijs van minder dan € 1.815.120,86 het percentage van 4,5 geldt. De bij elkaar opgetelde uitkomsten van deze vermenigvuldigingen vormen de gewogen produktiewaarde voor dat kalenderjaar.
|
||||
|
||||
**6.** De gemiddelde gewogen productiewaarde van een aanvrager is het gemiddelde van de gewogen productiewaarden, die hij heeft gerealiseerd in de twee van de drie in het vijfde lid genoemde kalenderjaren waarin hij de hoogste gewogen productiewaarden heeft gerealiseerd.
|
||||
|
||||
|
|
@ -112,7 +112,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
De subsidie bedraagt een bedrag in guldens ter grootte van een door Onze Minister bij ministeriële regeling vast te stellen percentage van een door de aanvrager te bepalen gedeelte van de eindprijs. Dit percentage kan verschillen voor opdrachten met een verschillende eindprijs, voor zeeschepen met een verschillend bruto-tonnage en voor verschillende, in artikel 2, eerste lid, onderscheiden categorieën zeeschepen.
|
||||
De subsidie bedraagt een bedrag in euro’s ter grootte van een door Onze Minister bij ministeriële regeling vast te stellen percentage van een door de aanvrager te bepalen gedeelte van de eindprijs. Dit percentage kan verschillen voor opdrachten met een verschillende eindprijs, voor zeeschepen met een verschillend bruto-tonnage en voor verschillende, in artikel 2, eerste lid, onderscheiden categorieën zeeschepen.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 4. Aanvraag om subsidie en beslissing op de aanvraag
|
||||
|
||||
|
|
@ -168,7 +168,7 @@ Op de subsidie-ontvanger rusten de in de artikelen 18, 19 en 20 opgenomen verpli
|
|||
|
||||
### Artikel 21
|
||||
|
||||
**1.** Op een subsidie ter zake waarvan een beschikking tot subsidieverlening geldt kan op aanvraag van de subsidie-ontvanger door Onze Minister een voorschot worden verstrekt na de datum van de kiellegging of een gelijkwaardig stadium van de bouw.
|
||||
**1.** Voorschotten kunnen eerst na de datum van de kiellegging of een gelijkwaardig stadium van bouw, op aanvraag van de subsidie-ontvanger door Onze Minister worden verstrekt op een subsidie ter zake waarvan een beschikking tot subsidieverlening geldt.
|
||||
|
||||
**2.** Het voorschot bedraagt 80 procent van het bij de subsidieverlening vermelde maximale subsidiebedrag.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue