2006-10-11 | BWBR0002691 | Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers

This commit is contained in:
Coornhert 2006-10-11 12:00:00 +00:00
parent c0ecc825f9
commit 9b2991f698

View file

@ -796,6 +796,12 @@ e. berekeningsgrondslag: het bedrag van de op de dag vóór het aftreden geldend
### Artikel 50a
**1.** Voor de toepassing van het bij of krachtens deze afdeling bepaalde wordt tevens als kamerlidtijd aangemerkt een periode van tijdelijk ontslag wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, ingevolge artikel X 10 van de Kieswet.
**2.** Deze wet is niet van toepassing op het kamerlid dat is benoemd in de plaats die is opengevallen als gevolg van het tijdelijk ontslag van een lid wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, ingevolge artikel X 12 van de Kieswet.
#### Hoofdstuk 10. De uitkering
### Artikel 51
@ -811,6 +817,8 @@ b. indien aan de belanghebbende rechtens zijn vrijheid is ontnomen.
**3.** Tenzij de omstandigheid bedoeld in het tweede lid, onder b, te rekenen vanaf de dag van ingang van het ontslag even lang als of langer heeft geduurd dan de duur van de uitkering berekend volgens artikel 52, eerste, tweede of derde lid, wordt de uitkering alsnog toegekend met ingang van de dag dat die omstandigheid zich niet meer voordoet, voor de resterende duur.
**4.** Een tijdelijk ontslag als bedoeld in artikel X 10 van de Kieswet, wordt niet aangemerkt als aftreden als bedoeld in het eerste lid.
### Artikel 52
**1.** De uitkering wordt toegekend voor een duur gelijk aan de tijd waarin de belanghebbende kamerlid is geweest, maar ten minste voor de duur van twee jaren en ten hoogste voor de duur van zes jaren. Indien de belanghebbende met een of meer onderbrekingen kamerlid is geweest, wordt in aanmerking genomen de tijd gedurende welke hij kamerlid is geweest in een tijdvak, laatstelijk voor zijn aftreden, waarin zijn kamerlidmaatschap voor ten hoogste een zesde deel van dat tijdvak is onderbroken. Indien de belanghebbende gedurende een onderbreking van zijn kamerlidmaatschap minister is geweest, wordt de tijd waarin hij minister was niet meegeteld voor de berekening van de duur van onderbreking van het kamerlidmaatschap.