2005-08-01 | BWBR0011545 | Besluit studiefinanciering 2000

This commit is contained in:
Coornhert 2005-08-01 12:00:00 +00:00
parent 7c9a641c8f
commit 9b3179c4bb

View file

@ -171,17 +171,11 @@ Gehele kwijtschelding van de aanvullende beurs kan plaatsvinden indien het gecor
### Artikel 14
**1.** Aan een deelnemer in wiens budget de tegemoetkoming, bedoeld in artikel 3.2, derde lid, onderdeel a, van de wet, is opgenomen en aan wie over de maand augustus van enig kalenderjaar een aanvullende beurs is toegekend die groter is dan het bedrag van de maximale aanvullende beurs verminderd met € 90,-, wordt in die maand een voorschot verstrekt op die tegemoetkoming. Het voorschot bedraagt 12 maal deze maandelijkse tegemoetkoming voor het studiejaar dat aanvangt in dat kalenderjaar.
**2.** Het eerste lid is van toepassing indien een aanvullende beurs zou zijn toegekend ingeval de artikelen 4.3 en 4.5 van de wet niet waren toegepast.
**3.** De maandbetaling wordt met ingang van de maand augustus van het kalenderjaar waarin het voorschot is verstrekt, verminderd met eentwaalfde deel van het bedrag van het voorschot.
**4.** Ingeval de aanspraak van een deelnemer op studiefinanciering na 30 september van een studiejaar wordt beëindigd en hem niet met betrekking tot een latere maand in dat studiejaar opnieuw studiefinanciering of een tegemoetkoming als bedoeld in de hoofdstukken 5 of 10 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten wordt toegekend, wordt het voorschot voorzover dat betrekking heeft op de maanden waarin geen aanspraak op studiefinanciering bestond, niet verrekend of teruggevorderd.
Vervallen
### Artikel 15
Ten aanzien van degenen die lesgeld zijn verschuldigd op grond van artikel 3 van de Les- en cursusgeldwet, wordt het voorschot, bedoeld in artikel 14, niet uitbetaald maar verrekend met de verplichting tot het betalen van lesgeld.
Vervallen
## Hoofdstuk 5. Verstrekken van inlichtingen
@ -197,7 +191,7 @@ Ten aanzien van degenen die lesgeld zijn verschuldigd op grond van artikel 3 van
**1.** Onze Minister past de bedragen, genoemd in de artikelen 3.9, derde lid, en 3.17, eerste lid, van de wet, per 1 januari van ieder kalenderjaar aan met de procentuele wijziging die het indexcijfer van de CAO-lonen in het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar heeft ondergaan.
**2.** Onze Minister past de bedragen, genoemd in de artikelen 3.18, met uitzondering van de maximale aanvullende beurs, 5.2, 5.4 en 10.3 van de wet per 1 januari van ieder kalenderjaar aan met de procentuele wijziging die de consumentenprijsindex over het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar heeft ondergaan.
**2.** Onze Minister past de bedragen, genoemd in de artikelen 3.18, met uitzondering van de maximale aanvullende beurs, 4.7, 4.17, 5.2, 5.4 en 10.3 van de wet per 1 januari van ieder kalenderjaar aan met de procentuele wijziging die de consumentenprijsindex over het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar heeft ondergaan.
**3.** Bij ministeriële regeling wordt bepaald wat onder de consumentenprijsindex en het indexcijfer van de CAO-lonen wordt verstaan.