diff --git a/amvb/uitvoeringsbesluit-inkomstenbelasting-2001/BWBR0012066/README.md b/amvb/uitvoeringsbesluit-inkomstenbelasting-2001/BWBR0012066/README.md index 6faa0927699..bc036f465f7 100644 --- a/amvb/uitvoeringsbesluit-inkomstenbelasting-2001/BWBR0012066/README.md +++ b/amvb/uitvoeringsbesluit-inkomstenbelasting-2001/BWBR0012066/README.md @@ -14,7 +14,7 @@ citeertitel: Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 ### Artikel 1 -**1.** Dit besluit geeft uitvoering aan de artikelen 1.7, 2.6, 3.11, 3.18, 3.20, 3.54, 3.83, 3.126, 3.126a, 3.127, 4.25, 5.7, 5.16b, 5.20, 5.22, 5.23, 6.1, 6.16, 6.25, 7.6, 7.8, 9.2, 10.8 en 10.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en aan artikel 10a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. +**1.** Dit besluit geeft uitvoering aan de artikelen 1.7, 2.6, 3.11, 3.18, 3.20, 3.54, 3.83, 3.126, 3.126a, 3.127, 4.25, 5.7, 5.16b, 5.20, 5.22, 5.23, 6.1, 6.16, 6.25, 7.6, 7.8, 10.8 en 10.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en aan artikel 10a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. **2.** Dit besluit verstaat onder wet: de Wet inkomstenbelasting 2001. @@ -74,6 +74,14 @@ Vervallen **2.** De in het eerste lid genoemde keuze kan worden gemaakt en herzien zolang de aanslag niet onherroepelijk vaststaat. +### Artikel 11bis + +**1.** Indien de belastingplichtige een vermogensbestanddeel dat ingevolge artikel 2.14, derde lid, onderdeel d, van de wet tevens in aanmerking wordt genomen bij de bepaling van het belastbare inkomen uit sparen en beleggen, niet als zodanig in de aangifte heeft vermeld, is hij gehouden daarvan schriftelijk mededeling aan de inspecteur te doen voordat de belastingplichtige weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat de inspecteur met de desbetreffende onjuistheid of onvolledigheid bekend is of zal worden. + +**2.** Het niet of niet tijdig dan wel onjuist of onvolledig doen van de mededeling, bedoeld in het eerste lid, wordt aangemerkt als een overtreding. + +**3.** De bevoegdheid tot het opleggen van een vergrijpboete in de gevallen, bedoeld in het tweede lid, vervalt door verloop van vijf jaren na afloop van het kalenderjaar waarin de peildatum, bedoeld in artikel 2.14, derde lid, onderdeel d, van de wet, is gelegen. Indien het vermogensbestanddeel, bedoeld in het eerste lid, in het buitenland wordt gehouden of is opgekomen vervalt de bevoegdheid tot het opleggen van een vergrijpboete in de gevallen, bedoeld in het tweede lid, in afwijking in zoverre van de eerste volzin, door verloop van twaalf jaren na afloop van het kalenderjaar, bedoeld in de eerste volzin. + ## Hoofdstuk 3. Heffingsgrondslag bij werk en woning ( ### Artikel 11a @@ -120,7 +128,7 @@ Voor de overeenkomstige toepassing, bedoeld in artikel 3.18, vijfde lid, onderde ### Artikel 12bis -**1.** Het afgeven van de verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto, bedoeld in artikel 3.20, tiende lid, van de wet, geschiedt door het duidelijk, stellig en zonder voorbehoud invullen van het daartoe langs elektronische weg ter beschikking gestelde modelformulier en het toezenden van het ingevulde modelformulier aan de inspecteur. +**1.** Het afgeven van de verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto, bedoeld in artikel 3.20, zesde lid, van de wet, geschiedt door het duidelijk, stellig en zonder voorbehoud invullen van het daartoe langs elektronische weg ter beschikking gestelde modelformulier en het toezenden van het ingevulde modelformulier aan de inspecteur. **2.** De belastingplichtige is gehouden voordat met de bestelauto waarop de verklaring, bedoeld in het eerste lid, betrekking heeft voor privédoeleinden wordt gereden, mede te delen dat hij de verklaring intrekt. @@ -135,16 +143,16 @@ Voor de overeenkomstige toepassing, bedoeld in artikel 3.18, vijfde lid, onderde Als nationale regelgeving die leidt tot herstructurering of beëindiging van een bedrijfstak als bedoeld in artikel 3.54, twaalfde lid, onderdeel c, van de wet wordt aangewezen: a. de Regeling beëindiging veehouderijtakken; -b. de volgende provinciale regelingen die in overeenstemming zijn met Verordening (EG) nr. 1857/2006 van de Commissie van 15 december 2006 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen die landbouwproducten produceren, en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 70/2001 (PbEG 2006, L 358): +b. de volgende provinciale regelingen die in overeenstemming zijn met Verordening (EU) nr. 702/2014 van de Commissie van 25 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandgebieden op grond van artikel 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU 2014, L 193): 1°. wat betreft de provincie Limburg: de Algemene subsidieverordening 2004 (provinciaal blad 2004, nr. 51); de Subsidieregels Project Verplaatsing Intensieve Veehouderijen Noord- en Midden-Limburg (provinciaal blad 2005, nr. 63); de Beleidsregels Project Verplaatsing Intensieve Veehouderijen Noord- en Midden-Limburg (provinciaal blad 2005, nr. 62); de Subsidieverordening inrichting landelijk gebied Limburg, paragraaf 1.9 Verplaatsen grondgebonden landbouwbedrijven met grondverwerving (provinciaal blad 2013, nr. 61); -2°. wat betreft de provincie Noord-Brabant: de Subsidieregeling Verplaatsingskosten Intensieve Veehouderijen 2006 (provinciaal blad 2005, nr. 203); de Beleidsregeling Verplaatsing Intensieve Veehouderij 2005 (provinciaal blad 2004, nr. 177); de Subsidieregeling verplaatsing grondgebonden agrarische bedrijven Noord-Brabant (provinciaal blad 2007, nr. 127); -3°. wat betreft de provincie Utrecht: de Subsidieverordening verplaatsing intensieve veehouderij provincie Utrecht 2005 (provinciaal blad 2006, nr. 6); de Uitvoeringsverordening subsidie Agenda Vitaal Platteland provincie Utrecht, artikel 4.1.4 Verplaatsing grondgebonden bedrijven (provinciaal blad 2012, nr. 38); -4°. wat betreft de provincie Gelderland: de Subsidieregeling Verplaatsing intensieve veehouderijen Gelderland (provinciaal blad 2005, nr. 81); -5°. wat betreft de provincie Overijssel: het Uitvoeringsbesluit Subsidies Overijssel 2005 (provinciaal blad 2005, nr. 82); de Beleidsregel Verplaatsing intensieve veehouderijen Overijssel 2005 (provinciaal blad 2006, nr. 85); het Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2011, hoofdstuk 3. Bijzondere bepalingen Landbouw natuur en landschap, paragraaf 26. Verplaatsing landbouwbedrijfsgebouwen vanwege de ontwikkelopgave EHS/Natura 2000 (provinciaal blad 2015, nr. 7938); -6°. wat betreft de provincie Friesland: Kadersubsidieverordening pMJP Fryslân 2009 (provinciaal blad 2009, nr. 20); Subsidieverordening pMJP Fryslân 2009, hoofdstuk 1.1.3. Subsidie agrarische bedrijfsverplaatsing en daaraan gerelateerde investeringskosten (provinciaal blad 2009, nr. 48); Subsidieverordening agrarische bedrijfsverplaatsing Fryslân 2015 (provinciaal blad 2015, nr. 4424); -7°. wat betreft de provincie Groningen: Programma landelijk gebied PMJP 2007-2013 Groningen, deel 3. Kader voor subsidies en overeenkomsten, paragraaf 9.3. Regeling bedrijfshervestiging en beëindiging (provinciaal blad 2007, nr. 36); Beleidsregel Verplaatsing Grondgebonden Agrarische Bedrijven Provincie Groningen (provinciaal blad 2013, nr. 56); -8°. wat betreft de provincie Drenthe: Provinciaal Meerjarenprogramma Drenthe, deel 3. Subsidiegids, hoofdstuk 2. Subsidies voor natuur, paragraaf 2.1. Realisatie natuur binnen de EHS, Subparagrafen Verwerving EHS en Agrarische bedrijfsverplaatsingen (provinciaal blad 2007, nr. 44). +2°. wat betreft de provincie Noord-Brabant: de Subsidieregeling Verplaatsingskosten Intensieve Veehouderijen 2006 (provinciaal blad 2005, nr. 203); de Beleidsregeling Verplaatsing Intensieve Veehouderij 2005 (provinciaal blad 2004, nr. 177); de Subsidieregeling verplaatsing grondgebonden agrarische bedrijven Noord-Brabant (provinciaal blad 2007, nr. 127); de Subsidieregeling knelpunten platteland Noord-Brabant (provinciaal blad 2013, nr. 142); de Subsidieregeling urgentiegebieden Noord-Brabant 2016 (provinciaal blad 2016, nr. 51); +3°. wat betreft de provincie Utrecht: de Uitvoeringsverordening subsidie Agenda Vitaal Platteland provincie Utrecht, artikel 4.1.4 Verplaatsing grondgebonden bedrijven (provinciaal blad 2012, nr. 38); de Uitvoeringsverordening subsidie Agenda Vitaal Platteland provincie Utrecht 2016–2019, artikel 4.1.1 Verplaatsing grondgebonden bedrijven (provinciaal blad 2016, nr. 5037); +4°. wat betreft de provincie Gelderland: de Subsidieregeling Verplaatsing intensieve veehouderijen Gelderland (provinciaal blad 2005, nr. 81); e Regels Ruimte voor Gelderland 2016. Gecorrigeerd Exemplaar, paragraaf 4.5 Verplaatsing landbouwbedrijfsgebouwen ten behoeve van het Gelders Natuurnetwerk (provinciaal blad 2015, nr. 7842); +5°. wat betreft de provincie Overijssel: het Uitvoeringsbesluit Subsidies Overijssel 2005 (provinciaal blad 2005, nr. 82); de Beleidsregel Verplaatsing intensieve veehouderijen Overijssel 2005 (provinciaal blad 2006, nr. 85); het Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2011, hoofdstuk 9. Bijzondere bepalingen Landbouw natuur en landschap, paragraaf 9.26. Verplaatsing landbouwbedrijfsgebouwen vanwege de ontwikkelopgave EHS/Natura 2000 (provinciaal blad 2015, nr. 7938); +6°. wat betreft de provincie Friesland: Kadersubsidieverordening pMJP Fryslân 2009 (provinciaal blad 2009, nr. 20); Subsidieverordening pMJP Fryslân 2009, hoofdstuk 1.1.3. Subsidie agrarische bedrijfsverplaatsing en daaraan gerelateerde investeringskosten (provinciaal blad 2009, nr. 48); Subsidieregeling agrarische bedrijfsverplaatsing Fryslân 2015 (provinciaal blad 2015, nr. 4424); +7°. wat betreft de provincie Groningen: Programma landelijk gebied PMJP 2007-2013 Groningen, deel 3. Kader voor subsidies en overeenkomsten, paragraaf 9.3. Regeling bedrijfshervestiging en beëindiging (provinciaal blad 2007, nr. 36); Beleidsregel Verplaatsing Grondgebonden Agrarische Bedrijven Provincie Groningen (provinciaal blad 2013, nr. 56); Subsidieregeling agrarische bedrijfsverplaatsing Groningen 2016 (provinciaal blad 2016, nr. 4210); +8°. wat betreft de provincie Drenthe: Provinciaal Meerjarenprogramma Drenthe, deel 3. Subsidiegids, hoofdstuk 2. Subsidies voor natuur, paragraaf 2.1. Realisatie natuur binnen de EHS, Subparagrafen Verwerving EHS en Agrarische bedrijfsverplaatsingen (provinciaal blad 2007, nr. 44); Subsidieregeling Verplaatsing Grondgebonden Agrarische Bedrijven Drenthe 2016 (provinciaal blad 2016, nr. 4154). ### Artikel 13 @@ -322,11 +330,11 @@ Het percentage, bedoeld in artikel 5.16b, eerste lid, van de wet, wordt als volg | 30 jaar of ouder, doch jonger dan 35 jaar is | 3,9 | | 35 jaar of ouder, doch jonger dan 40 jaar is | 4,7 | | 40 jaar of ouder, doch jonger dan 45 jaar is | 5,7 | -| 45 jaar of ouder, doch jonger dan 50 jaar is | 6,8 | +| 45 jaar of ouder, doch jonger dan 50 jaar is | 6,9 | | 50 jaar of ouder, doch jonger dan 55 jaar is | 8,3 | -| 55 jaar of ouder, doch jonger dan 60 jaar is | 9,9 | -| 60 jaar of ouder, doch jonger dan 65 jaar is | 11,9 | -| 65 jaar of ouder is | 13,5 | +| 55 jaar of ouder, doch jonger dan 60 jaar is | 10,0 | +| 60 jaar of ouder, doch jonger dan 65 jaar is | 12,0 | +| 65 jaar of ouder is | 13,6 | **2.** De ten hoogste in aanmerking te nemen premie, bedoeld in artikel 5.16b, eerste lid, van de wet, wordt verminderd met de premie die in het voorafgaande kalenderjaar is ingelegd ten behoeve van een nettopensioenregeling als bedoeld in artikel 5.17, eerste lid, van de wet. @@ -510,13 +518,13 @@ c. aannemelijk maakt dat hij wegens de geringe hoogte van zijn inkomen in het wo ### Artikel 21a -Als voorheffing worden aangewezen door Andorra, Curaçao, Liechtenstein, Monaco, San Marino, Sint Maarten en Zwitserland geheven bronbelasting over een uit die mogendheid als uiteindelijk gerechtigde als bedoeld in artikel 2 van de Richtlijn 2003/48/EG van de Raad van 3 juni 2003 betreffende belastingheffing op inkomsten uit spaargelden in de vorm van rentebetaling (PbEU 2003, L 157), genoten rentebetaling, mits de bronbelasting vergelijkbaar is met die in artikel 11 van die richtlijn en de rentebetaling valt onder de begripsomschrijving van artikel 6 van die richtlijn. +Vervallen ## Hoofdstuk 8. Aanvullende regelingen ( ### Artikel 22 -**1.** Als administratieplichtigen als bedoeld in artikel 10.8, eerste lid, van de wet worden aangewezen: banken, beheerders, beleggingsinstellingen, beleggingsondernemingen, betaaldienstverleners, elektronischgeldinstellingen, financiële instellingen, levensverzekeraars en schadeverzekeraars in de zin van de Wet op het financieel toezicht alsmede pensioenuitvoerders in de zin van artikel 1 van de Pensioenwet, pensioenuitvoerders in de zin van artikel 1 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling en de Stichting Notarieel Pensioenfonds, bedoeld in artikel 113a van de Wet op het notarisambt. +**1.** Als administratieplichtigen als bedoeld in artikel 10.8, eerste lid, van de wet worden aangewezen: banken, beheerders, beleggingsinstellingen, beleggingsondernemingen, betaaldienstverleners, elektronischgeldinstellingen, financiële instellingen, levensverzekeraars, natura-uitvaartverzekeraars en schadeverzekeraars in de zin van de Wet op het financieel toezicht alsmede pensioenuitvoerders in de zin van artikel 1 van de Pensioenwet, pensioenuitvoerders in de zin van artikel 1 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling en de Stichting Notarieel Pensioenfonds, bedoeld in artikel 113a van de Wet op het notarisambt. **2.**