2021-07-08 | BWBR0040594 | Besluit subsidiëring sloop- en ombouwkosten pelsdierhouderij
This commit is contained in:
parent
bb0bdce006
commit
9d69e9ee2d
1 changed files with 37 additions and 43 deletions
|
|
@ -16,13 +16,13 @@ citeertitel: Besluit subsidiëring sloop- en ombouwkosten pelsdierhouderij
|
|||
|
||||
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
- *landbouwbedrijf:* onderneming als bedoeld in paragraaf 2.4, punt 35, onderdeel 16, van de Richtsnoeren van 1 juli 2014 van de Europese Unie voor staatssteun in de landbouw- en bosbouwsector en in plattelandsgebieden 2014–2020 (PbEU C 204);
|
||||
- *landbouwbedrijf:* onderneming als bedoeld in paragraaf 2.4, punt 35, onderdeel 16, van de Richtsnoeren van 1 juli 2014 van de Europese Unie voor staatssteun in de landbouw- en bosbouwsector en in plattelandsgebieden 2014–2020 (PbEU C 204);
|
||||
- *nertsenhouderij:* bedrijf of een gedeelte daarvan als bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van de Meststoffenwet, dienende tot het houden van nertsen, zulks beoordeeld naar de feitelijke omstandigheden;
|
||||
- *ombouw:* investeren in de bouw of verbetering van onroerende goederen ten behoeve van een nieuw landbouwbedrijf, of een nieuw bedrijf niet zijnde een landbouwbedrijf, op dezelfde plaats waar een nertsenhouderij zich bevond;
|
||||
- *Onze Minister:* Onze Minister van Economische Zaken;
|
||||
- *Onze Minister:* Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
|
||||
- *plaats:* plaats als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel d, van de wet;
|
||||
- *richtsnoeren:* Richtsnoeren van 1 juli 2014 van de Europese Unie voor staatssteun in de landbouw- en bosbouwsector en in plattelandsgebieden 2014–2020 (PbEU C 204), zoals deze luidden op 1 juli 2014;
|
||||
- *sloop:* geheel of gedeeltelijk afbreken en verwijderen van gebouwen, bouwwerken en betonnen of geasfalteerde erfverharding die ten dienste hebben gestaan van een nertsenhouderij;
|
||||
- *richtsnoeren:* Richtsnoeren van 1 juli 2014 van de Europese Unie voor staatssteun in de landbouw- en bosbouwsector en in plattelandsgebieden 2014–2020 (PbEU C 204), zoals deze luidden op 1 juli 2014;
|
||||
- *sloop:* geheel of gedeeltelijk afbreken en verwijderen van gebouwen, bouwwerken en erfverharding die ten dienste hebben gestaan van een nertsenhouderij;
|
||||
- *wet:*
|
||||
Wet verbod pelsdierhouderij.
|
||||
|
||||
|
|
@ -36,37 +36,39 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
**1.** De subsidie voor sloop bedraagt 50% van de gemaakte subsidiabele sloopkosten.
|
||||
**1.** De subsidie voor sloop bedraagt 100% van de gemaakte subsidiabele sloopkosten.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De subsidie, bedoeld in het eerste lid, bedraagt ten hoogste een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag:
|
||||
|
||||
a. per vierkante meter, waarbij het bedrag voor verschillende omstandigheden verschillend kan worden vastgesteld, en
|
||||
a. per vierkante meter of strekkende meter, waarbij het bedrag voor verschillende omstandigheden verschillend kan worden vastgesteld, en
|
||||
b. per plaats.
|
||||
|
||||
**3.** Indien bij het slopen asbest wordt verwijderd kan het bedrag, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, uitsluitend met betrekking tot de kosten van die asbestverwijdering worden verhoogd tot een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag.
|
||||
**3.** De subsidie voor sloop bedraagt per onderneming als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van Verordening (EU) nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector (PbEU 2013, L 352/9) in elk geval niet meer dan een bij ministeriele regeling te bepalen bedrag.
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
Als subsidiabele kosten voor sloop komen in aanmerking de kosten van:
|
||||
|
||||
a. de afbraak en verwijdering van gebouwen en bouwwerken van de nertsenhouderij;
|
||||
b. de afbraak en verwijdering van de betonnen of geasfalteerde erfverharding rondom de nertsenhouderij;
|
||||
b. de afbraak en verwijdering van de erfverharding rondom de nertsenhouderij;
|
||||
c. het doen van een asbestinventarisatie;
|
||||
d. het verwijderen van asbest in gebouwen en bouwwerken;
|
||||
e. het afsluiten van de nutsvoorzieningen van de nertsenhouderij;
|
||||
f. het afvoeren van puin en afval, en
|
||||
g. het vlak en greepschoon opleveren van de grond waar de gesloopte nertsenhouderij zich bevond.
|
||||
f. het afvoeren van puin en afval;
|
||||
g. het vlak en greepschoon opleveren van de grond waar de gesloopte nertsenhouderij zich bevond;
|
||||
h. het verwijderen en afvoeren van de tot het gebouw of bouwwerk behorende inventaris en werktuigen;
|
||||
i. de sloop en afvoer van omheiningen;
|
||||
j. de gemaakte arbeidskosten door derden of de nertsenhouder zelf ten behoeve van de sloop, en
|
||||
k. algemene kosten in verband met de sloop, zoals voor het inschakelen van architecten.
|
||||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
Als subsidiabele kosten komen niet in aanmerking de kosten voor zover die verband houden met:
|
||||
|
||||
a. de sloop van een bedrijfswoning;
|
||||
b. het verwijderen van de inventaris en werktuigen;
|
||||
c. de sloop van omheiningen, en
|
||||
d. het saneren van een verontreinigde bodem, inclusief de verwijdering van asbest uit de bodem.
|
||||
a. de sloop van een bedrijfswoning, en
|
||||
b. het saneren van een verontreinigde bodem, inclusief de verwijdering van asbest uit de bodem.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 3. Ombouw
|
||||
|
||||
|
|
@ -82,9 +84,7 @@ d. het saneren van een verontreinigde bodem, inclusief de verwijdering van asbes
|
|||
|
||||
**2.** De subsidie, bedoeld in het eerste lid, bedraagt ten hoogste een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag per plaats.
|
||||
|
||||
**3.** Indien bij het slopen ten behoeve van de ombouw asbest wordt verwijderd kan het bedrag, bedoeld in het tweede lid, uitsluitend met betrekking tot de kosten van die asbestverwijdering worden verhoogd tot een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag.
|
||||
|
||||
**4.** Indien de aanvrager een grote onderneming heeft als bedoeld in onderdeel 97 van de richtsnoeren, en ombouwt naar een nieuw landbouwbedrijf, wordt de hoogte van de subsidie beperkt aan de hand van de berekening, bedoeld in de onderdelen 96 en 97 van de richtsnoeren.
|
||||
**3.** Indien de aanvrager een grote onderneming heeft als bedoeld in onderdeel 97 van de richtsnoeren, en ombouwt naar een nieuw landbouwbedrijf, wordt de hoogte van de subsidie beperkt aan de hand van de berekening, bedoeld in de onderdelen 96 en 97 van de richtsnoeren.
|
||||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
||||
|
|
@ -107,31 +107,27 @@ d. investeringen in verband met de productie van biobrandstoffen, de productie v
|
|||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
Er wordt geen subsidie krachtens dit hoofdstuk verleend voor de ombouw naar een nieuw bedrijf niet zijnde een landbouwbedrijf, voor zover de verlening in strijd is met het bepaalde in Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 VWEU van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU 2013, L 352).
|
||||
Er wordt geen subsidie krachtens dit hoofdstuk verleend voor de ombouw naar een nieuw bedrijf niet zijnde een landbouwbedrijf, voor zover de verlening in strijd is met het bepaalde in Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 VWEU van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU 2013, L 352).
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 4. Bepalingen die van toepassing zijn op de subsidieverstrekking krachtens
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
**1.** De subsidies per plaats, bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, en 7, tweede lid, bedragen tezamen ten hoogste een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag.
|
||||
|
||||
**2.** Indien bij de sloop en ombouw asbest wordt verwijderd, kan het bedrag, bedoeld in het eerste lid, uitsluitend met betrekking tot de kosten van die asbestverwijdering worden verhoogd tot een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag.
|
||||
De subsidies per plaats, bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, en 7, tweede lid, bedragen tezamen ten hoogste een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag.
|
||||
|
||||
### Artikel 12
|
||||
|
||||
Geen subsidie wordt verleend:
|
||||
|
||||
a. indien tussen het beëindigen van de nertsenhouderij en de aanvraag van subsidie als bedoeld in dit besluit andere bedrijfsmatige activiteiten dan het houden van nertsen in de te slopen of om te bouwen gebouwen of bouwwerken hebben plaatsgevonden;
|
||||
b. indien de betreffende gebouwen of bouwwerken de laatste vijf jaar voor de aanvraag van de subsidie voor sloop of ombouw niet daadwerkelijk en onafgebroken in gebruik zijn geweest ten behoeve van de nertsenhouderij;
|
||||
c. indien de aanvraag na 1 maart 2022 is ingediend;
|
||||
d. voor zover vóór de aanvraag voor de subsidie voor sloop of ombouw reeds een aanvang is gemaakt met het slopen of ombouwen van de gebouwen of bouwwerken;
|
||||
e. indien de aanvrager failliet is verklaard, of aan hem surseance van betaling is verleend, of een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;
|
||||
f. indien op de aanvrager de schuldsanering natuurlijke personen van toepassing is verklaard, of een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;
|
||||
g. indien niet alle gebouwen, bouwwerken en betonnen of geasfalteerde erfverharding op de betreffende plaats worden gesloopt, met uitzondering van de bedrijfswoning en daarbij behorende bouwwerken en erfverharding, tenzij in die gebouwen, bouwwerken en erfverharding wordt geïnvesteerd ten behoeve van de ombouw naar een nieuw landbouwbedrijf, of naar een nieuw bedrijf niet zijnde een landbouwbedrijf, of tenzij aan die gebouwen, bouwwerken of erfverharding een nieuwe functie wordt gegeven;
|
||||
h. indien de aanvrager een onderneming in moeilijkheden heeft als bedoeld in paragraaf 2.4, punt 35, onderdeel 15, van de richtsnoeren;
|
||||
i. indien de aanvrager niet voldoet aan relevante Europese staatssteunkaders, waaronder punt 145 en 428 van de richtsnoeren;
|
||||
j. voor sloop, indien voor de plaats reeds een sloopsubsidie is aangevraagd, of
|
||||
k. voor ombouw, indien voor de plaats reeds een ombouwsubsidie is aangevraagd.
|
||||
a. indien de aanvraag na een bij ministeriële regeling te bepalen datum is ingediend;
|
||||
b. voor zover vóór de aanvraag voor de subsidie voor sloop of ombouw reeds een aanvang is gemaakt met het slopen of ombouwen van de gebouwen of bouwwerken;
|
||||
c. indien de aanvrager failliet is verklaard, of aan hem surseance van betaling is verleend, of een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;
|
||||
d. indien op de aanvrager de schuldsanering natuurlijke personen van toepassing is verklaard, of een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;
|
||||
e. indien niet alle gebouwen, bouwwerken en erfverharding op de betreffende plaats worden gesloopt, met uitzondering van de bedrijfswoning en daarbij behorende bouwwerken en erfverharding, tenzij in die gebouwen, bouwwerken en erfverharding wordt geïnvesteerd ten behoeve van de ombouw naar een nieuw landbouwbedrijf, of naar een nieuw bedrijf niet zijnde een landbouwbedrijf, of tenzij aan die gebouwen, bouwwerken of erfverharding een nieuwe functie wordt gegeven;
|
||||
f. indien de aanvrager niet voldoet aan de toepasselijke Europese staatssteunkaders, waaronder punt 145 van de richtsnoeren;
|
||||
g. indien de aanvrager niet voldoet aan relevante Europese staatssteunkaders, waaronder punt 145 en 428 van de richtsnoeren;
|
||||
h. voor sloop, indien voor de plaats reeds een sloopsubsidie is aangevraagd, of
|
||||
i. voor ombouw, indien voor de plaats reeds een ombouwsubsidie is aangevraagd.
|
||||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
|
|
@ -141,31 +137,29 @@ Onze Minister behandelt de aanvragen op volgorde van binnenkomst.
|
|||
|
||||
**1.** De subsidieontvanger verleent aan de door Onze Minister aangewezen toezichthouders alle medewerking die redelijkerwijs gevergd kan worden bij de uitoefening van het toezicht op het bij of krachtens dit besluit bepaalde.
|
||||
|
||||
**2.** Uiterlijk een jaar na de verleningsbeschikking zijn de subsidiabele activiteiten, te weten sloop of ombouw, afgerond.
|
||||
**2.** Na de verleningsbeschikking zijn de subsidiabele activiteiten, te weten sloop of ombouw, uiterlijk binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn, afgerond.
|
||||
|
||||
**3.** De subsidieontvanger onthoudt zich van het opstarten van een nertsenhouderij op dezelfde plaats met betrekking waartoe, op basis van dit besluit, een subsidie voor de sloop of ombouw is verleend of op een andere plaats.
|
||||
**3.** De subsidieontvanger, bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van dit besluit, doet de sloop onderscheidenlijk ombouw verrichten in overeenstemming met de benodigde vergunningen.
|
||||
|
||||
**4.** De subsidieontvanger, bedoeld in hoofdstuk 2 van dit besluit, doet de gebouwen slopen in overeenstemming met de benodigde vergunning.
|
||||
|
||||
**5.** De subsidieontvanger, bedoeld in hoofdstuk 3 van dit besluit, voert een afzonderlijke en gescheiden boekhouding tussen de voormalige nertsenhouderij enerzijds en het nieuw op te bouwen bedrijf anderzijds en bewaart deze boekhouding ten minste drie jaar.
|
||||
**4.** De subsidieontvanger, bedoeld in hoofdstuk 3 van dit besluit, voert een afzonderlijke en gescheiden boekhouding tussen de voormalige nertsenhouderij enerzijds en het nieuw op te bouwen bedrijf anderzijds en bewaart deze boekhouding ten minste drie jaar.
|
||||
|
||||
### Artikel 15
|
||||
|
||||
De artikelen 6, 7, 8, 10, 11, 17, tweede lid, 19, 22 en 23, 25, 26, 27, 36, 36a, 37, 38, 39, 40, 43, 44, 45, 46, 47, 48, 50 en 52 van het Kaderbesluit nationale EZ-subsidies zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**1.** De artikelen 6, 7, 8, 10, eerste en derde tot en met zevende lid, 11, 17, tweede lid, 19, 22 en 23, 25, 26, 27, 36, 36a, 37, 38, 39, 40, 43, 44, 45, 46, 47, 48, 50 en 52 van het Kaderbesluit nationale EZK- en LNV- subsidies zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 5. Wijziging
|
||||
**2.** Artikel 10, tweede lid, van het Kaderbesluit nationale EZK- en LNV-subsidies is van overeenkomstige toepassing op andere kosten dan de kosten, bedoeld in artikel 4, onderdelen c en k, en artikel 8, onderdeel e.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 5. Overgangsrecht
|
||||
|
||||
### Artikel 16
|
||||
|
||||
Wijzigt het Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001.
|
||||
Op aanvragen om subsidie die zijn ingediend vóór het tijdstip van inwerkingtreding van een wijziging van dit besluit, op subsidies die voor dat tijdstip zijn verleend en op subsidies die voor dat tijdstip zijn vastgesteld, blijft dit besluit van toepassing zoals het luidde vóór dat tijdstip.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 6. Slotbepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 17
|
||||
|
||||
**1.** De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld, en vervalt vijf jaar na het tijdstip van inwerkingtreding.
|
||||
|
||||
**2.** In het koninklijk besluit kan worden bepaald dat artikel 16 terugwerkt tot en met 15 januari 2013.
|
||||
Dit besluit vervalt vijf jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van het Besluit van 25 juni 2021 tot wijziging van het Besluit subsidiëring sloop- en ombouwkosten pelsdierhouderij in verband met een vervroegde beëindiging van de pelsdierhouderij (Stb. 2021, 311), met dien verstande dat het van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn verleend.
|
||||
|
||||
### Artikel 18
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue