diff --git a/ministeriele-regeling/regeling-tijdelijke-onderwijsvoorzieningen-bij-massale-toestroom-van-ontheemden/BWBR0046912/README.md b/ministeriele-regeling/regeling-tijdelijke-onderwijsvoorzieningen-bij-massale-toestroom-van-ontheemden/BWBR0046912/README.md index f6add21420e..aefb8813b85 100644 --- a/ministeriele-regeling/regeling-tijdelijke-onderwijsvoorzieningen-bij-massale-toestroom-van-ontheemden/BWBR0046912/README.md +++ b/ministeriele-regeling/regeling-tijdelijke-onderwijsvoorzieningen-bij-massale-toestroom-van-ontheemden/BWBR0046912/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Regeling tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom van onth bwb_id: BWBR0046912 type: ministeriele-regeling status: geldend -datum_inwerkingtreding: '2024-01-01' +datum_inwerkingtreding: '2022-07-14' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0046912 citeertitel: Regeling tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom van ontheemden @@ -17,28 +17,47 @@ citeertitel: Regeling tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom va In deze regeling wordt verstaan onder: -- *afstandsonderwijs:* onderwijs als bedoeld in artikel 180e van de Wet op het primair onderwijs zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Titel IV, Afdeling 12, paragraaf 2 van de Wet op het primair onderwijs, en artikel 9.9 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Hoofdstuk 9, paragraaf 2 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; +- *afstandsonderwijs:* onderwijs als bedoeld in artikel 180e van de Wet op het primair onderwijs, artikel 118tf van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 9.9 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; - *bevoegd gezag:* bevoegd gezag als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs, de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet voortgezet onderwijs 2020; -- *inrichtingsplan:* inrichtingsplan, bedoeld in artikel 180b, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Titel IV, Afdeling 12, paragraaf 2 van de Wet op het primair onderwijs, en artikel 9.5, derde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Hoofdstuk 9, paragraaf 2 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; +- *doorstroomperspectief:* perspectief, bedoeld in artikel 180f van de Wet op het primair onderwijs, artikel 118tg van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 9.10 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; +- *inrichtingsplan:* inrichtingsplan, bedoeld in artikel 180b, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs, artikel 118tb, derde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 9.5, derde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020; - *inspectie:* Inspectie van het onderwijs; - *instellingscode:* code bestaande uit twee cijfers en twee hoofdletters waarmee de school uniek is te identificeren in de Registratie Instellingen en Opleidingen; - *leerling:* een leerplichtige jongere die staat ingeschreven op een school; - *leerplichtige ontheemde jongere:* jongere als bedoeld in artikel 180a van de Wet op het primair onderwijs, artikel 118ta van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 9.4 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; +- *melding:* melding, bedoeld in artikel 180b, tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs, artikel 118tb, tweede lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs of artikel 9.5, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020; - *Minister:* Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs; -- *nieuwkomersvoorziening:* locatie, vestiging of groep binnen een vestiging van een school als bedoeld in artikel 180a van de Wet op het primair onderwijs zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Titel IV, Afdeling 12, paragraaf 2 van de Wet op het primair onderwijs, of artikel 9.4 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Hoofdstuk 9, paragraaf 2 van de Wet voortgezet onderwijs 2020, waar onderwijs plaatsvindt dat specifiek gericht is op vreemdelingen, als bedoeld in de Vreemdelingenwet 2000, die korter dan twee jaar in Nederland wonen; +- *nieuwkomersvoorziening:* locatie, vestiging of groep binnen een vestiging van een school als bedoeld in artikel 180a van de Wet op het primair onderwijs, artikel 118ta van de Wet op het voortgezet onderwijs of artikel 9.4 van de Wet voortgezet onderwijs 2020, waar onderwijs plaatsvindt dat specifiek gericht is op vreemdelingen, als bedoeld in de Vreemdelingenwet 2000, die korter dan twee jaar in Nederland wonen; - *samenwerkingsverband:* samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a van de Wet op het primair onderwijs, artikel 17a van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 2.47 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; - *school:* basisschool als bedoeld in hoofdstuk 2 van deze regeling en een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in hoofdstuk 3 van deze regeling; -- *tijdelijke onderwijsvoorziening:* tijdelijke onderwijsvoorziening als bedoeld in artikel 180a van de Wet op het primair onderwijs zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Titel IV, Afdeling 12, paragraaf 2 van de Wet op het primair onderwijs, en artikel 9.4 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Hoofdstuk 9, paragraaf 2 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; -- *Uitfaseringsplan:* het plan waarmee het bevoegd gezag van een tijdelijke onderwijsvoorziening inzicht geeft in hoe de onderwijsvoorziening wordt opgeheven; -- *vestigingscode:* nummer dat bestaat uit de instellingscode, aangevuld met de twee cijfers die de vestiging aanduiden. +- *tijdelijke onderwijsvoorziening:* tijdelijke onderwijsvoorziening als bedoeld in artikel 180a van de Wet op het primair onderwijs, artikel 118ta van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 9.4 van de Wet voortgezet onderwijs 2020; +- *vestigingsnummer:* nummer dat bestaat uit de instellingscode, aangevuld met de twee cijfers die de vestiging aanduiden. ### Artikel 1.2 -Deze regeling berust op artikel 215a, tweede lid, Wet op het primair onderwijs en artikel 14.4, tweede lid, Wet voortgezet onderwijs 2020. +**1.** + +De melding bevat de volgende gegevens: + +a. de naam en het bestuursnummer van het bevoegd gezag; +b. de naam en de instellingscode van de school en het vestigingsnummer waarvan de tijdelijke onderwijsvoorziening een uitbreiding is; +c. het adres waar de tijdelijke onderwijsvoorziening gevestigd is; +d. de startdatum of voorziene startdatum van de tijdelijke onderwijsvoorziening; +e. het aantal leerlingen in de tijdelijke onderwijsvoorziening of het aantal leerlingen dat naar verwachting de tijdelijke onderwijsvoorziening zal bezoeken en het aantal groepen of klassen; +f. indien van toepassing: de specifieke opvanglocatie waaraan de tijdelijke onderwijsvoorziening is verbonden; +g. een verklaring dat met de gemeente is overlegd over het inrichten van de tijdelijke onderwijsvoorziening en, indien er noodzaak bestaat voor nieuwe huisvesting, dat de gemeente instemt met de huisvesting voor de tijdelijke onderwijsvoorziening; +h. een verklaring dat met het bevoegd gezag van andere scholen in de gemeente of regio is overlegd over het inrichten van de tijdelijke onderwijsvoorziening; +i. de naam, het telefoonnummer en het e-mailadres van de contactpersoon van de tijdelijke onderwijsvoorziening. + +**2.** Het bevoegd gezag informeert het samenwerkingsverband dat verantwoordelijk is voor het gebied waarin de tijdelijke onderwijsvoorziening is gevestigd over de start van de tijdelijke onderwijsvoorziening. + +**3.** De inspectie voert binnen drie maanden na de start van de tijdelijke onderwijsvoorziening een gesprek met het bevoegd gezag, waarbij de inspectie de tijdelijke onderwijsvoorziening bezoekt. De inspectie beslist voorts op welke wijze toezicht op de tijdelijke onderwijsvoorziening wordt uitgeoefend. + +**4.** Het bevoegd gezag meldt de inrichting van een tijdelijke onderwijsvoorziening binnen twee maanden na inwerkingtreding van deze regeling danwel onverwijld na de inrichting hiervan bij de Minister. ### Artikel 1.3 -**1.** Het bevoegd gezag is verantwoordelijk voor het onderwijs dat wordt gegeven op de tijdelijke onderwijsvoorziening en stelt een onderwijsprogramma vast overeenkomstig de artikelen 180c Wet op het primair onderwijs zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Titel IV, Afdeling 12, paragraaf 2 van de Wet op het primair onderwijs, 9.6 Wet voortgezet onderwijs 2020 zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Hoofdstuk 9, paragraaf 2 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 en de nadere regels gesteld in de leden 2 tot en met 5 van dit artikel. +**1.** Het bevoegd gezag is verantwoordelijk voor het onderwijs dat wordt gegeven op de tijdelijke onderwijsvoorziening en stelt een onderwijsprogramma vast overeenkomstig de artikelen 180c Wet op het primair onderwijs, 118tc Wet op het voortgezet onderwijs, 9.6 Wet voortgezet onderwijs 2020 en de nadere regels gesteld in de leden 2 tot en met 5 van dit artikel. **2.** @@ -71,7 +90,7 @@ c. voor ten hoogste een derde deel aan andere onderwijsgerichte activiteiten, wa ### Artikel 1.5 -Het bevoegd gezag verstrekt op verzoek aan de inspectie de documenten die het op grond van artikel 180d van de Wet op het primair onderwijs zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Titel IV, Afdeling 12, paragraaf 2 van de Wet op het primair onderwijs, en artikel 9.8 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 zoals de bepaling luidde bij inwerkingtreding van Hoofdstuk 9, paragraaf 2 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 bijhoudt van het onderwijspersoneel van een tijdelijke onderwijsvoorziening. +Het bevoegd gezag verstrekt op verzoek aan de inspectie de documenten die het op grond van artikel 180d van de Wet op het primair onderwijs, artikel 118te van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 9.8 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 bijhoudt van het onderwijspersoneel van een tijdelijke onderwijsvoorziening. ### Artikel 1.6 @@ -114,8 +133,6 @@ b. *wet:* de Wet op het primair onderwijs. **3.** In afwijking van artikel 158 van de wet is voor deelname aan de in artikel 158 genoemde activiteiten geen instemming nodig van de ouders van de leerling. -**4.** De artikelen 180a, 180b, 180c, 180d, 180e en 180f van de wet zoals die luidden op de datum van inwerkingtreding van Titel IV, Afdeling 12, paragraaf 2 van de wet blijven van toepassing op een tijdelijke onderwijsvoorziening. - ### Artikel 2.3 Met inachtneming van artikel 3, derde lid, van de wet kan de Minister voor ten hoogste twee schooljaren een erkenning van beroepskwalificaties verlenen om les te geven in het primair onderwijs in een tijdelijke onderwijsvoorziening, indien de aanvrager de Nederlandse taal nog niet machtig is, doch wel beschikt over een buiten Nederland verkregen bewijsstuk om les te mogen geven in het primair onderwijs. @@ -124,97 +141,42 @@ Met inachtneming van artikel 3, derde lid, van de wet kan de Minister voor ten h ### Artikel 3.1 -Vervallen +In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: + +a. *school:* school voor voortgezet onderwijs of een scholengemeenschap als bedoeld in artikel 1 van de wet, niet zijnde een school voor praktijkonderwijs of een school waarvan de kwaliteit van het onderwijs zeer zwak is als bedoeld in artikel 23a1, eerste en derde lid, van de wet; en +b. *wet:* de Wet op het voortgezet onderwijs. ### Artikel 3.2 -Vervallen +Titel II, titel III, afdelingen I en Ia van de wet zijn niet van toepassing op een tijdelijke onderwijsvoorziening, met uitzondering van de artikelen 2, tweede lid, 3, 3a en 3b. ### Artikel 3.3 -Vervallen - -### Artikel 3.4 - -Vervallen - -### Artikel 3.5 - -Vervallen - -## Hoofdstuk 4. Nadere bepalingen voor het voortgezet onderwijs vanaf 1 augustus 2022 - -### Artikel 4.1 - -In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: - -a. *school:* school voor voortgezet onderwijs of een scholengemeenschap als bedoeld in artikel 1.1 van de wet, niet zijnde een school voor praktijkonderwijs of een school waarvan de kwaliteit van het onderwijs zeer zwak is als bedoeld in artikel 2.94, eerste en derde lid van de wet; en -b. *wet:* de Wet voortgezet onderwijs 2020. - -### Artikel 4.2 - -**1.** Hoofdstuk 2, paragraaf 9, hoofdstuk 3, paragraaf 10, hoofdstuk 4, hoofdstuk 5, paragraaf 4, hoofdstuk 6 en hoofdstuk 8, paragraaf 1, van de wet zijn niet van toepassing op een tijdelijke onderwijsvoorziening, met uitzondering van de artikelen 2.97, 2.110, 3.35, 3.36, 3.39, 3.40, 3.41, 8.4 tot en met 8.10, 8.13, 8.15 en 8.16. - -**2.** De artikelen 9.4, 9.5, 9.6, 9.7, 9.8, 9.9 en 9.10 van de wet zoals die luidden op de datum van inwerkingtreding van hoofdstuk 9, paragraaf 3, van de wet blijven van toepassing op een tijdelijke onderwijsvoorziening. - -### Artikel 4.3 - -**1.** Artikel 2.39 van de wet is van overeenkomstige toepassing op tijdelijke onderwijsvoorzieningen. +**1.** Artikel 6g1 van de wet is van overeenkomstige toepassing op tijdelijke onderwijsvoorzieningen. **2.** Het bevoegd gezag beschikt over geordende gegevens over de invulling en spreiding van de uren in een tijdelijke onderwijsvoorziening. -### Artikel 4.4 +### Artikel 3.4 -De artikelen 2.30, derde lid, onderdelen a en b, en vijfde lid, en 2.43, derde lid, van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op leerlingen in een tijdelijke onderwijsvoorziening. +De artikelen 10e, vierde lid, en 10g, vierde lid, van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op leerlingen in een tijdelijke onderwijsvoorziening. -### Artikel 4.5 +### Artikel 3.5 Artikel 19 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 is van overeenkomstige toepassing op een tijdelijke nevenvestiging voor een tijdelijke onderwijsvoorziening, met uitzondering van de termijn van artikel 19, eerste lid, eerste volzin. -## Hoofdstuk 5. Uitfasering tijdelijke onderwijsvoorzieningen +## Hoofdstuk 4. Nadere bepalingen voor het voortgezet onderwijs vanaf 1 augustus 2022 + +## Hoofdstuk 5. Slotbepalingen ### Artikel 5.1 -**1.** Het bevoegd gezag dat een tijdelijke onderwijsvoorziening in het basisonderwijs heeft ingericht dient de tijdelijke onderwijsvoorziening uiterlijk op 13 juli 2024 op te heffen. - -**2.** Het bevoegd gezag dat een tijdelijke onderwijsvoorziening heeft ingericht in het voortgezet onderwijs dient de tijdelijke onderwijsvoorziening op uiterlijk 1 augustus 2024 op te heffen. - -**3.** Voorafgaand aan de datum genoemd in het eerste en tweede lid stelt het bevoegd gezag een uitfaseringsplan op. +De Minister kan bij of krachtens deze regeling vastgestelde voorschriften buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover onverkorte toepassing zal leiden tot onbillijkheden van overwegende aard. ### Artikel 5.2 -**1.** Het bevoegd gezag stelt een uitfaseringsplan op voor de tijdelijke onderwijsvoorziening en zendt het plan uiterlijk 1 maart 2024 aan de Minister. - -**2.** - -Het uitfaseringsplan, bedoeld in het eerste lid, bevat in ieder geval: - -a. de naam en het bestuursnummer van het bevoegd gezag; -b. de naam en de instellingscode van de school en de vestigingscode waarvan de tijdelijke onderwijsvoorziening een uitbreiding is; -c. het adres waar de tijdelijke onderwijsvoorziening gevestigd is; -d. de einddatum van de tijdelijke onderwijsvoorziening; -e. het aantal leerlingen in de tijdelijke onderwijsvoorziening, indien van toepassing, het aantal leerlingen dat naar verwachting op de locatie zal blijven en het aantal leerlingen dat naar verwachting de tijdelijke onderwijsvoorziening zal verlaten; -f. een verklaring van een dat met het bevoegd gezag van andere scholen in de gemeente of regio is overlegd over het voortbestaan dan wel beëindigen van de locatie van de tijdelijke onderwijsvoorziening; -g. de naam, het telefoonnummer en het e-mailadres van de contactpersoon van de tijdelijke onderwijsvoorziening; -h. indien van toepassing de afspraken die zijn gemaakt met het betrokken samenwerkingsverband; -i. of het bevoegd gezag de onderwijslocatie wil gaan gebruiken voor regulier onderwijs; -j. de wijze waarop de tijdelijke onderwijsvoorziening wordt uitgefaseerd; -k. de wijze waarop de tijdelijke onderwijsvoorziening garandeert dat de doorstroom van leerlingen naar een school voor basisonderwijs, school voor speciaal basisonderwijs, school voor onderwijs of een school voor voortgezet onderwijs, niet zijnde het onderwijs gegeven aan een tijdelijke onderwijsvoorziening; en -l. het personeelsbeleid van de tijdelijke onderwijsvoorziening. - -**3.** Bij de uitfasering van het onderwijs op de tijdelijke onderwijsvoorziening wijkt het bevoegd gezag niet af van het uitfaseringsplan. - -## Hoofdstuk 6. Slotbepalingen - -### Artikel 6.1 - -De Minister kan bij of krachtens deze regeling vastgestelde voorschriften buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover onverkorte toepassing zal leiden tot onbillijkheden van overwegende aard. - -### Artikel 6.2 - Met inachtneming van de artikelen 5, tweede lid, en 15, eerste lid, van de Wet register onderwijsdeelnemers verstrekt het bevoegd gezag op verzoek informatie aan de Minister over het aantal en de doorstroom van ingeschreven leerlingen in een tijdelijke onderwijsvoorziening. -### Artikel 6.3 +### Artikel 5.3 **1.** Deze regeling treedt, met uitzondering van hoofdstuk 4, in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. @@ -224,6 +186,6 @@ Met inachtneming van de artikelen 5, tweede lid, en 15, eerste lid, van de Wet r **4.** Deze regeling vervalt met ingang van twee kalenderjaren na de dag van inwerkingtreding van de Wet tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom ontheemden. -### Artikel 6.4 +### Artikel 5.4 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling tijdelijke onderwijsvoorzieningen bij massale toestroom van ontheemden. Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.