diff --git a/wet/wet-verplichte-deelneming-in-een-bedrijfstakpensioenfonds-2000/BWBR0012092/README.md b/wet/wet-verplichte-deelneming-in-een-bedrijfstakpensioenfonds-2000/BWBR0012092/README.md index 971290ae843..18de3d49a24 100644 --- a/wet/wet-verplichte-deelneming-in-een-bedrijfstakpensioenfonds-2000/BWBR0012092/README.md +++ b/wet/wet-verplichte-deelneming-in-een-bedrijfstakpensioenfonds-2000/BWBR0012092/README.md @@ -17,12 +17,12 @@ citeertitel: Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Onze Minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; -b. Pensioen- & Verzekeringskamer: de Pensioen- & Verzekeringskamer, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993; -c. pensioen: het pensioen, bedoeld in artikel 1 van de Pensioen- en spaarfondsenwet; -d. werkgever: de werkgever, bedoeld in artikel 1 van de Pensioen- en spaarfondsenwet; -e. werknemer: de werknemer, bedoeld in artikel 1 van de Pensioen- en spaarfondsenwet; -f. bedrijfstakpensioenfonds: het bedrijfstakpensioenfonds, bedoeld in artikel 1 van de Pensioen- en spaarfondsenwet; -g. deelnemer: de deelnemer, bedoeld in artikel 1 van de Pensioen- en spaarfondsenwet; +b. de Nederlandsche Bank: De Nederlandsche Bank N.V.; +c. pensioen: het pensioen, bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet; +d. werkgever: de werkgever, bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet; +e. werknemer: de werknemer, bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet; +f. bedrijfstakpensioenfonds: het bedrijfstakpensioenfonds, bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet; +g. deelnemer: de deelnemer, bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet; h. lichamen: rechtspersonen, maat- en vennootschappen, samenwerkingsvormen zonder rechtspersoonlijkheid die met verenigingen maatschappelijk gelijk kunnen worden gesteld, ondernemingen van publiekrechtelijke rechtspersonen en doelvermogens; i. verplichtstelling: de verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds op grond van artikel 2, eerste lid. @@ -39,7 +39,7 @@ De aanvraag gaat vergezeld van: a. een verklaring waaruit blijkt dat de organisaties die de aanvraag doen, een belangrijke meerderheid van de in die bedrijfstak werkzame personen vertegenwoordigen; b. een authentiek afschrift van de akte van oprichting van het desbetreffende bedrijfstakpensioenfonds; c. een door het bestuur van het bedrijfstakpensioenfonds gewaarmerkt exemplaar van de reglementen; -d. een actuariële en bedrijfstechnische nota als bedoeld in artikel 9c van de Pensioen- en spaarfondsenwet; +d. een actuariële en bedrijfstechnische nota als bedoeld in artikel 145 van de Pensioenwet; e. een authentiek afschrift van de akte houdende wijziging van de statuten indien er een wijziging van de statuten heeft plaatsgevonden, en f. een door het bestuur van het bedrijfstakpensioenfonds gewaarmerkt exemplaar van de wijzigingen van de reglementen indien er een wijziging van de reglementen heeft plaatsgevonden. @@ -73,8 +73,8 @@ Het eerste lid is niet van toepassing indien: a. er sprake is van een wettelijke verplichting tot gegevensverstrekking, b. gegevensverstrekking noodzakelijk is voor de uitvoering van de pensioenregeling, -c. gegevensverstrekking noodzakelijk is in verband met de toepassing van de artikelen 32a, 32b of 32ba van de Pensioen- en spaarfondsenwet, -d. het gegevensverstrekking betreft aan de Pensioen- & Verzekeringskamer voorzover deze gegevensverstrekking nodig is voor de vervulling van haar krachtens deze wet en de Pensioen- en spaarfondsenwet opgelegde taken, of +c. gegevensverstrekking noodzakelijk is in verband met waardeoverdracht als bedoeld in artikel 71 van de Pensioenwet, +d. het gegevensverstrekking betreft aan de Nederlandsche Bank voorzover deze gegevensverstrekking nodig is voor de vervulling van haar krachtens deze wet en de Pensioenwet opgelegde taken, of e. er sprake is van het verstrekken van naam-, adres-, en woonplaatsgegevens aan verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid die als statutair doel of mede als statutair doel hebben het behartigen van de belangen van haar leden als belanghebbenden bij een bedrijfstakpensioenfonds. **3.** Indien er gegevensverstrekking als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b of onderdeel e heeft plaatsgevonden, zijn het eerste en het tweede lid van overeenkomstige toepassing op de persoon of de rechtspersoon aan wie de gegevens zijn verstrekt. @@ -99,11 +99,11 @@ e. er sprake is van het verstrekken van naam-, adres-, en woonplaatsgegevens aan ### Artikel 9 -**1.** Indien een wijziging van de statuten heeft plaatsgevonden zendt het bestuur van het bedrijfstakpensioenfonds een authentiek afschrift van de akte houdende wijziging van de statuten, binnen twee weken nadat de notariële akte inzake die wijziging is verleden aan de Pensioen- & Verzekeringskamer. +**1.** Indien een wijziging van de statuten heeft plaatsgevonden zendt het bestuur van het bedrijfstakpensioenfonds een authentiek afschrift van de akte houdende wijziging van de statuten, binnen twee weken nadat de notariële akte inzake die wijziging is verleden aan De Nederlandsche Bank. -**2.** Indien een wijziging van de reglementen heeft plaatsgevonden zendt het bestuur van het bedrijfstakpensioenfonds een door het bestuur gewaarmerkt exemplaar houdende wijziging van de reglementen, binnen twee weken na de totstandkoming daarvan aan de Pensioen- & Verzekeringskamer. +**2.** Indien een wijziging van de reglementen heeft plaatsgevonden zendt het bestuur van het bedrijfstakpensioenfonds een door het bestuur gewaarmerkt exemplaar houdende wijziging van de reglementen, binnen twee weken na de totstandkoming daarvan aan De Nederlandsche Bank. -**3.** Indien de Pensioen- & Verzekeringskamer van mening is dat de statuten of reglementen in strijd zijn met enig wettelijk voorschrift doet zij daarvan mededeling aan Onze Minister. +**3.** Indien De Nederlandsche Bank van mening is dat de statuten of reglementen in strijd zijn met enig wettelijk voorschrift doet zij daarvan mededeling aan Onze Minister. **4.** Indien de gewijzigde statuten of reglementen op grond van het feit dat zij in strijd zijn met enig wettelijk voorschrift wederom gewijzigd worden, is het bedrijfstakpensioenfonds gehouden om de kosten te vergoeden die in verband met die wijziging van de statuten of reglementen zijn gemaakt door een werkgever of een pensioenuitvoerder om te kunnen blijven voldoen aan de voorschriften die zijn verbonden aan een vrijstelling op grond van artikel 13. @@ -169,7 +169,7 @@ c. de datum waarop na het verzoek van Onze Minister, bedoeld in het eerste of vi ### Artikel 15 -**1.** Onverminderd artikel 32g, tweede lid, van de Pensioen- en spaarfondsenwet kan Onze Minister een persoon die slechts tijdelijk in Nederland werkzaam is, op aanvraag in een bijzonder, individueel geval voorwaardelijk of onvoorwaardelijk en al of niet voor een bepaalde tijd ontheffing verlenen van de verplichtstelling. +**1.** Onverminderd artikel 97, tweede lid, van de Pensioenwet kan Onze Minister een persoon die slechts tijdelijk in Nederland werkzaam is, op aanvraag in een bijzonder, individueel geval voorwaardelijk of onvoorwaardelijk en al of niet voor een bepaalde tijd ontheffing verlenen van de verplichtstelling. **2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels met betrekking tot de aanvraag worden gesteld. @@ -194,39 +194,39 @@ h. het niet verder in behandeling nemen van een aanvraag. ### Artikel 17 -**1.** Het toezicht op de uitvoering van de artikelen 5, 6, 7, 8 en 9, eerste en tweede lid, berust bij de Pensioen- & Verzekeringskamer. +**1.** Het toezicht op de uitvoering van de artikelen 5, 6, 7, 8 en 9, eerste en tweede lid, berust bij De Nederlandsche Bank. -**2.** Onze Minister kan met betrekking tot de uitvoering van artikelen 5, 6, 7, 8 en 9, eerste en tweede lid, aan de Pensioen- & Verzekeringskamer aanwijzingen van algemene aard geven betreffende de uitoefening van de haar bij of krachtens deze wet opgelegde taak. +**2.** De artikelen 152 tot en met 166 en 188 tot en met 191 van de Pensioenwet zijn van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 18 -**1.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan een last onder dwangsom opleggen ter zake van overtreding van voorschriften, gesteld bij de artikelen 5, 6, 7, 8 en 9, eerste en tweede lid. +**1.** De Nederlandsche Bank kan een last onder dwangsom opleggen ter zake van een overtreding van de voorschriften, gesteld bij of krachtens deze wet en van artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht. **2.** De artikelen 5:32, tweede tot en met vijfde lid, en 5:33 tot en met 5:35 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van toepassing. -**3.** Onze Minister kan regels stellen ter zake van de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid. +**3.** Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gesteld ter zake van de uitoefening van de bevoegdheid tot het opleggen van een last onder dwangsom. -**4.** Artikel 23k van de Pensioen- en spaarfondsenwet is van toepassing. +**4.** Artikel 187 van de Pensioenwet is van toepassing. ### Artikel 19 -**1.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van voorschriften, gesteld bij de artikelen 5, 6, 7, 8 en 9, eerste en tweede lid. +**1.** De Nederlandsche Bank kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van voorschriften, gesteld bij de artikelen 5, 6, 7, 8 en 9, eerste en tweede lid. -**2.** De bestuurlijke boete komt toe aan de Pensioen- & Verzekeringskamer. +**2.** De bestuurlijke boete komt toe aan De Nederlandsche Bank. -**3.** Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Justitie, kan regels stellen ter zake van de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid. +**3.** Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gesteld ter zake van de uitoefening van de bevoegdheid tot het opleggen van bestuurlijke boetes. -**4.** De artikelen 23d tot en met 23k van de Pensioen- en spaarfondsenwet zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in artikel 23e, tweede lid, van die wet voor «de bijlage, bedoeld in artikel 23c» gelezen wordt «de bijlage, bedoeld in artikel 20» en dat in artikel 23i, tweede lid, van die wet voor «als bedoeld in artikel 23b» gelezen wordt «als bedoeld in artikel 19». +**4.** De artikelen 177, 178 en 180 tot en met 187 van de Pensioenwet zijn van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 20 -**1.** Het bedrag van de boete, bedoeld in artikel 19, wordt bepaald op de wijze als voorzien in de bijlage, met dien verstande dat de boete voor een afzonderlijke overtreding ten hoogste € 907 560 bedraagt. +**1.** Het bedrag van de boete, bedoeld in artikel 19, wordt bepaald op de wijze als voorzien in de bijlage, met dien verstande dat de boete voor een afzonderlijke overtreding ten hoogste € 900 000 bedraagt. **2.** De bijlage bepaalt bij elke daarin omschreven overtreding het bedrag van de deswege op te leggen boete. **3.** De bijlage kan bij algemene maatregel van bestuur worden gewijzigd. -**4.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan het bedrag van de boete lager stellen dan in de bijlage is bepaald, indien het bedrag van de boete in een bepaald geval op grond van bijzondere omstandigheden onevenredig hoog moet worden geacht. +**4.** De Nederlandsche Bank kan het bedrag van de bestuurlijke boete lager vaststellen dan in de algemene maatregel van bestuur is bepaald, wanneer de overtreder aannemelijk maakt dat de boete wegens bijzondere omstandigheden te hoog is. ### Paragraaf 5. Rechtsvordering