2006-01-01 | BWBR0004043 | Toeslagenwet

This commit is contained in:
Coornhert 2006-01-01 12:00:00 +00:00
parent 79084b8e73
commit 9ebdd0cabf

View file

@ -248,9 +248,9 @@ Degene die aanspraak maakt op toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke verte
**5.** Degene aan wie boete is opgelegd is verplicht desgevraagd aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de inlichtingen te verstrekken die voor de tenuitvoerlegging van de boete van belang zijn.
**6.** Voor zover de boete nog niet is geïnd vervalt zij door het overlijden van degene aan wie zij is opgelegd.
**6.** Voorzover de boete nog niet is geïnd, vervalt zij door het overlijden van degene aan wie zij is opgelegd.
**7.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste en het tweede lid.
**7.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste en het tweede lid.
### Artikel 14b
@ -316,7 +316,7 @@ In afwijking van artikel 8:69 van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechter i
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen betaalt de toeslag, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen een maand nadat het recht op die toeslag is vastgesteld.
**2.** De bepalingen die gelden voor de loondervingsuitkering ter zake van het verschuldigd zijn van premie, van de vaststelling en de invordering van premie, zoals deze zijn opgenomen in de Werkloosheidswet, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Ziekenfondswet en de Coördinatiewet Sociale Verzekering, zijn op de toeslag die op de loondervingsuitkering op grond van die wetten wordt verleend, van overeenkomstige toepassing.
**2.** De bepalingen die gelden voor de loondervingsuitkering ter zake van het verschuldigd zijn van premie, van de heffing en invordering van premie, zoals deze zijn opgenomen in de Wet financiering sociale verzekeringen en ter zake van het verschuldigd zijn van inkomensafhankelijke bijdrage, van de heffing en invordering van inkomensafhankelijke bijdrage, zoals deze zijn opgenomen in de Zorgverzekeringswet, zijn op de toeslag die op de loondervingsuitkering wordt verleend, van overeenkomstige toepassing.
**3.** De betaling van de toeslag geschiedt, voor zoveel mogelijk, in dezelfde termijnen als die waarin de betaling van de loondervingsuitkering geschiedt.
@ -419,7 +419,7 @@ Vervallen
### Artikel 22
Indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van een wettelijke bepaling de loondervingsuitkering geheel of gedeeltelijk in plaats van aan de toeslaggerechtigde zonder diens machtiging uitbetaalt aan het College voor zorgverzekeringen, genoemd in artikel 1a van de Ziekenfondswet, een inrichting ter verpleging van geesteszieken of van zwakzinnigen of aan een gemeente die de opnamekosten in een dergelijke inrichting betaalt, betaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tevens de toeslag aan die raad, inrichting of gemeente.
Indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van een wettelijke bepaling de loondervingsuitkering geheel of gedeeltelijk in plaats van aan de toeslaggerechtigde zonder diens machtiging uitbetaalt aan het College voor zorgverzekeringen, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet, een inrichting ter verpleging van geesteszieken of van zwakzinnigen of aan een gemeente die de opnamekosten in een dergelijke inrichting betaalt, betaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tevens de toeslag aan die raad, inrichting of gemeente.
### Artikel 23
@ -493,9 +493,9 @@ Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is bevoegd controlevoorschrifte
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen beheert en administreert afzonderlijk de middelen tot dekking van de uitgaven, bedoeld in artikel 27, eerste lid, in de vorm van een Toeslagenfonds dat deel uitmaakt van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
### Artikel
### Artikel 32
Vervallen
Artikel 120 van de Wet financiering sociale verzekeringen is van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 33
@ -569,21 +569,6 @@ Het recht tot strafvordering vervalt indien het Uitvoeringsinstituut werknemersv
## Hoofdstuk VII. Overgangs- en slotbepalingen
### Artikel 44*
**1.** Voor de toepassing van dit artikel wordt onder verordening verstaan: Verordening (EG) nr. 647/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 13 april 2005 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, en van Verordening (EEG) nr. 574/72 van de Raad tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EEG) nr. 1408/71 (PbEU (L 117).
**2.**
Aan de persoon, bedoeld in artikel 2, eerste, tweede of derde lid, die:
a. op de dag voor de inwerkingtreding van de verordening recht op toeslag heeft op grond van artikel 10, eerste lid, van Verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van de Europese gemeenschappen van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun gezinsleden, die zich binnen de gemeenschap verplaatsen (PbEG L 149); en
b. niet in Nederland woont maar wel in een andere lidstaat van de Europese Unie, in een land aangesloten bij de Europese Economische Ruimte dan wel in Zwitserland, wordt in afwijking van artikel 4a:
1°. vanaf de datum van inwerkingtreding van de verordening tot en met een jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van de wet waarbij dit artikel in deze wet is ingevoegd het bedrag uitbetaald waarop recht zou bestaan indien betrokkene in Nederland zou wonen;
2°. gedurende het tweede jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van de wet waarbij dit artikel in deze wet is ingevoegd twee derden van het bedrag uitbetaald waarop recht zou bestaan indien betrokkene in Nederland zou wonen; en
3°. gedurende het derde jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van de wet waarbij dit artikel in deze wet is ingevoegd een derde van het bedrag uitbetaald waarop recht zou bestaan indien betrokkene in Nederland zou wonen.
### Artikel 44
Op de persoon die op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel 1.10, onderdeel C, van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen recht had op een toeslag op grond van deze wet blijft tenzij het recht op de uitkering eindigt, artikel 8, vierde lid, zoals dat luidde op die dag van toepassing tot een bij ministeriële regeling bepaald tijdstip dat voor verschillende groepen personen verschillend kan worden vastgesteld.