diff --git a/zbo/kadasterregeling-1994/BWBR0027695/README.md b/zbo/kadasterregeling-1994/BWBR0027695/README.md index b8d07143a1b..085901509eb 100644 --- a/zbo/kadasterregeling-1994/BWBR0027695/README.md +++ b/zbo/kadasterregeling-1994/BWBR0027695/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Kadasterregeling 1994 bwb_id: BWBR0027695 type: zbo status: geldend -datum_inwerkingtreding: '1998-02-17' +datum_inwerkingtreding: '2006-11-24' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0027695 citeertitel: Kadasterregeling 1994 --- @@ -18,201 +18,435 @@ In deze regeling wordt verstaan onder: a. *de wet:* de Kadasterwet; b. *het besluit:* het Kadasterbesluit; -c. *de Dienst:* Dienst voor het kadaster en de openbare registers, bedoeld in artikel 2 van de Organisatiewet Kadaster; -d. *de bewaarder:* de bewaarder, bedoeld in artikel 6 van de Kadasterwet; -e. *perceel:* een deel van het Nederlandse grondgebied van welk deel de Dienst de begrenzing met behulp van landmeetkundige gegevens heeft vastgelegd op grond van gegevens betreffende de rechtstoestand, bestemming en het gebruik en dat door zijn kadastrale aanduiding is gekenmerkt. +c. *de Dienst:* de Dienst voor het kadaster en de openbare registers, bedoeld in artikel 2 van de Organisatiewet Kadaster; +d. *de bewaarder:* de bewaarder, bedoeld in artikel 6 van de wet; +e. *een perceel:* een deel van het Nederlandse grondgebied van welk deel de Dienst de begrenzing met behulp van landmeetkundige gegevens heeft vastgelegd op grond van gegevens betreffende de rechtstoestand, bestemming en het gebruik en dat door zijn kadastrale aanduiding is gekenmerkt; +f. de integriteitswaarde: de unieke waarde voor een gegevensbestand of een verzameling van gegevensbestanden, waarmee het ongewijzigd zijn ervan kan worden gecontroleerd; +g. het certificaat: het certificaat, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel rr, van de Telecommunicatiewet; +h. het gekwalificeerde certificaat: het gekwalificeerde certificaat, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel ss, van de Telecommunicatiewet; +i. de certificatiedienstverlener: de certificatiedienstverlener, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel tt, van de Telecommunicatiewet; +j. een certificaten-revocatielijst: een lijst waarop de certificatiedienstverlener bijhoudt welke door hem afgegeven certificaten binnen de geldingsduur zijn ingetrokken; +k. de hoofdbewaarder: de bewaarder, bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet; +l. het stukidentificatienummer: het stukidentificatienummer, bedoeld in artikel 11c, eerste lid, van de wet; +m. de technische handleiding: de technische handleiding elektronisch aanleveren die als bijlage 1 bij deze regeling is gevoegd; +n. een functioneel beheerder: een persoon behorend tot het personeel van de Dienst, die belast is met het beheer van de bij de Dienst in gebruik zijnde geautomatiseerde systemen; +o. het kabelnet: het net bestaande uit een of meer kabels, dat in de grond is of wordt aangelegd. + +### Artikel 1a + +**1.** + +Het stukidentifcatienummer, bedoeld in artikel 11c, eerste lid, eerste zin, van de wet bestaat uit de vermelding van achtereenvolgens: + +a. de afkorting ‘OZ’, ‘SC’ of ‘LU’, naar gelang inschrijving wordt verzocht in het in artikel 3, eerste lid, onder a, b onderscheidelijk c bedoelde register; +b. het nummer van het voor de inschrijving gereserveerde deel en nummer van het desbetreffende register. + +**2.** Een stuk tot verbetering of een bijhoudingsverklaring als bedoeld in de artikelen 42 respectievelijk 46a, eerste lid, van de wet, dan wel een procesverbaal als bedoeld in artikel 45, tweede lid, van de Wet op het notarisambt, dat binnen 48 uur na de dag van verzending van een verzoek als bedoeld in artikel 21b, eerste lid, ter inschrijving wordt aangeboden, wordt in de openbare registers ingeschreven onder hetzelfde stukidentificatienummer als het stuk, waarop het stuk tot verbetering, de bijhoudingsverklaring of het proces-verbaal betrekking heeft. ### Artikel 2 -**1.** - -Indien door de inschrijving van - -a. een akte van toedeling als bedoeld in artikel 59, eerste lid, van de Reconstructiewet Midden-Delfland. -b. een akte van toedeling als bedoeld in artikel 95, eerste lid, van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën. -c. een akte van toedeling als bedoeld in artikel 207, eerste lid, van de Landinrichtingswet, dan wel -d. een akte van verdeling als bedoeld in artikel 17 juncto artikel 119, vierde lid, van de Landinrichtingswet, waarin artikel 208, derde en vierde lid, van die wet toepasselijk is verklaard en dit beding door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij is goedgekeurd, een recht van hypotheek dan wel een beslag komt te rusten op een onroerende zaak of op een beperkt recht waaraan een onroerende zaak is onderworpen, en die onroerende zaak is gelegen binnen de kring van een ander kantoor van de Dienst dan die waar de inschrijvingen betreffende dat recht van hypotheek onderscheidenlijk beslag destijds zijn geschied, worden afschriften van al die ingeschreven stukken door de bewaarder van de openbare registers waarin ze zijn ingeschreven, gezonden aan de bewaarder van het kantoor binnen de kring waarvan de desbetreffende onroerende zaak blijkens zijn kadastrale aanduiding is gelegen, ter ambtshalve inschrijving, overeenkomstig het tweede tot en met vierde lid. - -**2.** - -De bewaarder te wiens kantore het desbetreffende stuk is ingeschreven, vervaardigt een afschrift van de inschrijving, voorzien van alle gestelde aantekeningen, en zendt dit aan de bewaarder van het kantoor binnen de kring waarvan de desbetreffende onroerende zaak blijkens zijn kadastrale aanduiding is gelegen. Hij stelt daarna bij de inschrijving de volgende door hem te ondertekenen aantekening: - -‘Van deze inschrijving is in verband met bovenvermelde akte van toedeling afschrift gezonden aan het kantoor van de Dienst te ..., ter ambtshalve inschrijving. - -De bewaarder van het kadaster en de openbare registers, onder invulling van de naam van het kantoor van de Dienst. - -**3.** - -De bewaarder die een afschrift als bedoeld in het tweede lid ontvangt, neemt dit op in het lopende deel van het register Hypotheken 3. Hij plaatst hierop de volgende door hem te ondertekenen aantekening: - -‘Ambtshalve inschrijving: eerste inschrijving vond plaats ten kantore van de Dienst te ..., de ..., in deel ... nr. ... - -De bewaarder van het kadaster en de openbare registers.’, onder invulling van de desbetreffende gegevens. - -**4.** De artikelen 11 en 12, eerste lid, zijn van toepassing. +Vervallen ### Artikel 3 -Als kaarten die op grond van artikel 7, eerste lid, onder c, van de wet door de bewaarder worden bewaard, worden aangewezen de kadastrale kaart. +**1.** -## Hoofdstuk 2. Openbare registers voor onroerende zaken +Er worden afzonderlijke openbare registers als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de wet gehouden voor: -### Titel 1. Vorm van de openbare registers +a. onroerende zaken en de rechten waaraan die zijn onderworpen; +b. schepen en de rechten waaraan die zijn onderworpen, en +c. luchtvaartuigen en de rechten waaraan die zijn onderworpen. -### Artikel 4 +**2.** -**1.** De in artikel 11a bedoelde formulieren Hypotheken 3 en Hypotheken 3/4-vervolg hebben de vorm van het model dat als bijlage 1 onderscheidenlijk bijlage 2 bij deze regeling is gevoegd. +De openbare registers bestaan uit: -**2.** Het in artikel 11b bedoelde formulier Hypotheken 4 heeft de vorm van het model dat als bijlage 3 bij deze regeling is gevoegd. +a. een register Hypotheken 3 voor de inschrijving van: -### Artikel 5 +1° stukken betreffende de vestiging van een recht van hypotheek, alsmede stukken betreffende feiten die betrekking hebben op een ingeschreven recht van hypotheek, en +2° processen-verbaal van inbeslagneming, alsmede stukken betreffende feiten die betrekking hebben op een ingeschreven proces-verbaal van inbeslagneming; +b. een register Hypotheken 4 voor de inschrijving van alle overige stukken, en +c. een register Hypotheken 4D voor het boeken van voorlopige aantekeningen. + +**3.** Indien een ter inschrijving aangeboden stuk feiten bevat betreffende stukken als bedoeld in het tweede lid, onder a, en feiten betreffende stukken als bedoeld in het tweede lid, onder b, wordt dat stuk ingeschreven in zowel het register Hypotheken 3 als het register Hypotheken 4. + +**4.** De openbare registers worden deels in papieren vorm en deels in elektronische vorm gehouden. + +### Artikel 3a **1.** -Het register van voorlopige aantekeningen voor onroerende zaken, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder d, van de wet, bestaat uit een register Hypotheken 4D, dat doorlopend wordt genummerd en waarin wordt vermeld: +De in elektronische vorm gehouden gedeelten van de openbare registers bestaan uit een databank die is onderverdeeld in logische databanken per: -a. dag, uur en minuut van aanbieding; +a. soort van registergoed als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdelen a tot en met c, en +b. soort van register als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdelen a tot en met c. + +**2.** Per kantoor van de Dienst wordt een logische databank voor archiefbestanden gehouden, waarin stukken in elektronische vorm worden opgeslagen, die samen met een ingeschreven stuk zijn aangeboden, maar zelf niet in de openbare registers worden ingeschreven. + +**3.** Stukken in elektronische vorm die gesteld zijn in een vreemde of in de Friese taal, als bedoeld in artikel 41 van de wet, worden opgeslagen in de logische databank, bedoeld in het tweede lid. + +### Artikel 3b + +**1.** De hoofdbewaarder onderzoekt op grond van de door de functioneel beheerder aan hem te verstrekken rapportages en overzichten tijdig of de duplicaten, bedoeld in artikel 9, derde lid, van de wet, zijn vervaardigd in overeenstemming met de daarvoor door het bestuur van de Dienst vastgestelde maatregelen. Indien dat het geval is, maakt de hoofdbewaarder een door hem te ondertekenen verklaring op als bedoeld in artikel 9, zesde lid, van de wet. Deze verklaring heeft de vorm van het model dat als bijlage 2a bij deze regeling is gevoegd. + +**2.** Indien van een in papieren vorm gehouden gedeelte van de openbare registers een duplicaat op microfilm en een duplicaat in elektronische vorm is vervaardigd en de verklaring, bedoeld in het eerste lid, is opgemaakt, vervangen deze duplicaten het desbetreffende in papieren vorm gehouden gedeelte van de openbare registers. + +**3.** De in het eerste lid bedoelde rapportage van de functioneel beheerder heeft de vorm van het model dat als bijlage 2b bij deze regeling is gevoegd. + +## Hoofdstuk 2. Openbare registers voor onroerende zaken + +### Titel 1. Boekingen in het register Hypotheken 4D + +### Artikel 4 + +**1.** + +In het register Hypotheken 4D worden vermeld: + +a. de dag, het uur en de minuut waarop het betreffende stuk ter inschrijving is aangeboden; b. de aard van het ter inschrijving aangeboden stuk; -c. voor zover bekend gesteld, naam en woonplaats met adres van de aanbieder; -d. omschrijving van de gerezen bedenkingen dan wel reden van de boeking; -e. de datum en de reden van doorhaling van de voorlopige aantekening; -f. het register waarin en het nummer waaronder in dat register het stuk alsnog is ingeschreven. +c. voor zover bekend gesteld, de naam en de woonplaats met het adres van de aanbieder van het stuk; +d. de omschrijving van de met betrekking tot het ter inschrijving aangeboden stuk gerezen bedenkingen dan wel de reden van de boeking; +e. de datum en de reden van doorhaling van de voorlopige aantekening, en +f. het register waarin en het stukidentificatienummer waaronder het stuk alsnog is ingeschreven. -**2.** Tevens worden in het register Hypotheken 4D de overgelegde afschriften van de ter inschrijving aangeboden stukken in volgorde van nummering van de voorlopige aantekeningen opgeborgen. Ingeval de gerezen bedenking bestaat in het feit dat de vereiste afschriften niet zijn overgelegd of geheel of ten dele onleesbaar of geschonden zijn, worden de door de Dienst vervaardigde afschriften onderscheidenlijk de aan de bewaarder ter hand gestelde afschriften tesamen met de door de Dienst vervaardigde afschriften in de bovenvermelde volgorde opgeborgen. +**2.** De voorlopige aantekeningen in het register Hypotheken 4D worden doorlopend genummerd. + +### Artikel 5 + +**1.** Indien een boeking betrekking heeft op een stuk dat in papieren vorm is aangeboden, vult de bewaarder een formulier Hypotheken 4D in, dat de vorm heeft van het model dat als bijlage 3 bij deze regeling is gevoegd. + +**2.** Van het aangeboden stuk en, voor zover van toepassing, van de naderhand overgelegde dagvaardingen en rechterlijke uitspraken, wordt door de bewaarder een afschrift vervaardigd en gevoegd achter het desbetreffende formulier Hypotheken 4D. Het formulier Hypotheken 4D wordt, met de daarbij behorende stukken betreffende doorgehaalde voorlopige aantekeningen, opgeborgen in het in papieren vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 4D. ### Artikel 6 -**1.** Het in artikel 5, eerste lid, bedoelde register bestaat uit de formulieren Hypotheken 4D, die de vorm hebben van het model dat als bijlage 4 bij deze regeling is gevoegd. Achter het desbetreffende formulier Hypotheken 4D worden gevoegd de daarop betrekking hebbende formulieren Hypotheken 3 of 4 en Hypotheken 3/4-vervolg zo het afschrift van het ter inschrijving aangeboden stuk mede op zodanige formulieren is gesteld, de door de bewaarder vervaardigde afschriften, bedoeld in artikel 5, tweede lid, alsmede de desbetreffende dagvaardingen en rechterlijke uitspraken. +**1.** Indien een boeking betrekking heeft op een stuk dat in elektronische vorm ter inschrijving is aangeboden, wordt dit stuk opgeslagen in het in elektronische vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 4D onder vermelding van het aan die boeking toegekende nummer. Indien naast het stuk ook dagvaardingen of rechterlijke uitspraken in papieren vorm zijn overgelegd, worden de afschriften van de laatstgenoemde stukken alsmede de bijbehorende stukken betreffende doorgehaalde voorlopige aantekeningen opgeslagen in het in papieren vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 4D onder vermelding van het aan de boeking toegekende nummer. -**2.** Formulieren Hypotheken 4D en bijbehorende stukken betreffende doorgehaalde aantekeningen worden afzonderlijk bewaard in de volgorde van het nummer. +**2.** Indien een stuk dat is opgeslagen in het elektronische gedeelte van het register Hypotheken 4D krachtens een hernieuwd verzoek tot inschrijving alsnog dient te worden ingeschreven in het register Hypotheken 3 of het register Hypotheken 4, wordt dat stuk rechtstreeks overgebracht naar de logische databank van het desbetreffende in elektronische vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 3 of het register Hypotheken 4, onder toevoeging van het tijdstip van ontvangst van het hernieuwde verzoek tot inschrijving. -### Titel 2. Aantekeningen in de openbare registers +### Titel 2. Aantekeningen in de de in papieren vorm gehouden gedeelten van openbare registers ### Artikel 7 -**1.** In de registers van inschrijving van stukken die betrekking hebben op onroerende zaken en de rechten waaraan deze onderworpen zijn, worden door de bewaarder de in het tweede tot en met zesde lid genoemde aantekeningen gesteld in de in die leden genoemde gevallen. +**1.** In de in papieren vorm gehouden gedeelten van het register, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, worden door de bewaarder de in het tweede tot en met zesde lid genoemde aantekeningen gesteld in de in die leden genoemde gevallen. -**2.** In geval van een inschrijving van een stuk tot verbetering als bedoeld in artikel 42 van de wet vindt onderlinge verwijzing plaats tussen deze inschrijving en de verbeterde inschrijving door de vermelding: ‘verbetering van deel ... nr. ...,’ onderscheidenlijk: ‘zie verbetering in deel ... nr. ...’, onder invulling van de desbetreffende gegevens, behoudens in het geval de relatie tussen de desbetreffende inschrijvingen blijkt uit de kadastrale registratie. +**2.** In geval van een inschrijving van een stuk tot verbetering als bedoeld in artikel 42 van de wet na het verstrijken van de termijn van 48 uur, bedoeld in artikel 1a, tweede lid, vindt onderlinge verwijzing plaats tussen het stuk tot verbetering en het verbeterde stuk door de vermelding: ‘verbetering van deel ... nr. ...,’ onderscheidenlijk: ‘zie verbetering in deel ... nr. ...’, onder invulling van de desbetreffende gegevens, behoudens in het geval de relatie tussen de desbetreffende inschrijvingen blijkt uit de kadastrale registratie. -**3.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing in geval van inschrijvingen die een wijziging of aanvulling inhouden van eerder ingeschreven stukken. +**3.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing in geval van een inschrijving van een bijhoudingsverklaring als bedoeld in artikel 46a, eerste lid, van de wet of een proces-verbaal als bedoeld in artikel 45, tweede lid, van de Wet op het notarisambt. -**4.** Ingeval bij een ingeschreven stuk een ingeschreven tekening behoort die niet op een formulier Hypotheken 3 of 4 dan wel hypotheken 3/4-vervolg is overgenomen doch afzonderlijk wordt bewaard, vindt onderlinge verwijzing plaats tussen het formulier Hypotheken 3 of 4 en de tekening, door de vermelding: ‘zie tekening nr. ...,’ onderscheidenlijk: ‘Tekening behorend bij inschrijving in deel ... nr. ...’, onder invulling van de desbetreffende gegevens. +**4.** Ingeval bij een ingeschreven stuk een ingeschreven tekening behoort die afzonderlijk wordt bewaard, vindt onderlinge verwijzing plaats tussen het afschrift van het ingeschreven stuk en het afschrift van de ingeschreven tekening, door de vermelding: ‘zie tekening nr. ...,’ onderscheidenlijk: ‘Tekening behorend bij inschrijving in deel ... nr. ...’, onder invulling van de desbetreffende gegevens. -**5.** Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing ingeval een vertaling wordt ingeschreven in plaats van de in de vreemde of Friese taal gestelde stukken, met dien verstande dat in plaats van ‘tekening’ wordt gelezen: akte. +**5.** Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing op in een vreemde of in de Friese taal gestelde stukken als bedoeld in artikel 41 van de wet, met dien verstande dat in plaats van ‘tekening’ wordt gelezen: akte. -**6.** Indien met betrekking tot een deel van de bij een splitsing in appartementsrechten betrokken percelen de splitsing wordt beëindigd, wordt op de laatst ingeschreven tekening een verklaring gesteld waaruit blijkt welke percelen aan de splitsing zijn onttrokken, onder vermelding van het deel en nummer van inschrijving van het stuk. +**6.** Indien met betrekking tot een deel van de bij een splitsing in appartementsrechten betrokken percelen de splitsing wordt beëindigd, wordt op de laatst ingeschreven tekening een verklaring gesteld waaruit blijkt welke percelen aan de splitsing zijn onttrokken, onder vermelding van het stukidentificatienummer van het stuk betreffende de beëindiging van de splitsing. ### Artikel 8 -**1.** In het register Hypotheken 3 worden, onverminderd de artikelen 2 en 8, de in het tweede lid bedoelde aantekeningen gesteld. +**1.** In het in papieren vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 3 worden, onverminderd de artikelen 2 en 8, de in het tweede lid bedoelde aantekeningen gesteld. -**2.** In geval van inschrijving van stukken die op hypotheken en beslagen betrekking hebben, vindt onderlinge verwijzing plaats tussen de oorspronkelijke inschrijving en de latere inschrijving, door de vermelding van het desbetreffende deel en nummer en een korte aanduiding van het later ingeschreven stuk, behoudens in het geval de relatie tussen de desbetreffende inschrijvingen blijkt uit de kadastrale registratie. +**2.** In geval van inschrijving van stukken die op hypotheken en beslagen betrekking hebben, vindt onderlinge verwijzing plaats tussen de oorspronkelijke inschrijving en de latere inschrijving, door de vermelding van het desbetreffende stukidentificatienummer en een korte aanduiding van het later ingeschreven stuk, behoudens in het geval de relatie tussen de desbetreffende inschrijvingen blijkt uit de kadastrale registratie. ### Artikel 9 -**1.** Ingeval de inhoud van de openbare registers is vervangen door mechanische reprodukties daarvan, geschiedt het stellen van aantekeningen op een blanco formulier Hypotheken 4, onder het hoofd ‘Aantekeningen’. Dit formulier wordt, na invulling van de plaatsnaam van het kantoor en van het deel en nummer van de inschrijving waarop de aantekening betrekking heeft, in volgorde van deel en nummer van de inschrijving waarop de aantekening betrekking heeft, in volgorde van deel en nummer ter raadpleging op het kantoor bewaard. Ter aanduiding van genoemde aantekeningen wordt bij de desbetreffende microfoto’s een A geplaatst. +**1.** Het stellen van aantekeningen in een duplicaat van het register Hypotheken 3 of het register Hypotheken 4 op microfilm, geschiedt door de aantekening, onder vermelding van de plaatsnaam van het kantoor van de Dienst en het stukidentificatienummer van het stuk waarop de aantekening betrekking heeft, te stellen op een wit papier van A4- formaat dat aan de linkerzijde onder de kop ‘Aantekeningen’ is voorzien van de tekst ‘Hypotheken 3’ of ‘Hypotheken 4’ en bij de desbetreffende microfoto’s een A te plaatsen. Het papier met de aantekening wordt in volgorde van stukidentificatienummer op het kantoor van de Dienst bewaard. -**2.** Een aantekening als bedoeld in het eerste lid, kan ook worden gesteld op een op de desbetreffende filmcassette bevestigde sticker. +**2.** De aantekeningen, bedoeld in het eerste lid, kunnen ook worden gesteld op een op de desbetreffende filmcassette bevestigde sticker. ### Artikel 10 **1.** In het register Hypotheken 4D worden, onverminderd artikel 18, de in het tweede tot en met vierde lid bedoelde aantekeningen gesteld. -**2.** In geval van inschrijving van een stuk tot verbetering als bedoeld in artikel 42 van de wet, wordt, indien het te verbeteren stuk is geboekt in het register van voorlopige aantekeningen, verwezen naar bedoeld ingeschreven stuk, door de vermelding: ‘zie verbetering in deel ... nr. ...’, onder invulling van de desbetreffende gegevens. +**2.** In geval van inschrijving van een stuk tot verbetering als bedoeld in artikel 42 van de wet, wordt, indien het te verbeteren stuk is geboekt in het in papieren vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 4D, verwezen naar bedoeld ingeschreven stuk, door de vermelding: ‘zie verbetering in deel ... nr. ...’, onder invulling van de desbetreffende gegevens. -**3.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing in geval van inschrijvingen die een wijziging of aanvulling inhouden van in het register van voorlopige aantekeningen geboekte stukken. +**3.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing in geval van een inschrijving van een bijhoudingsverklaring als bedoeld in artikel 46a, eerste lid, van de wet of een proces-verbaal als bedoeld in artikel 45, tweede lid, van de Wet op het notarisambt. -**4.** Indien in het register van voorlopige aantekeningen geboekte stukken met elkaar verband houden op de wijze, bedoeld in het tweede en derde lid, vindt onderlinge verwijzing plaats. +**4.** Indien in het register Hypotheken 4D geboekte stukken met elkaar verband houden op de wijze, bedoeld in het tweede en derde lid, vindt onderlinge verwijzing plaats. ### Artikel 11 De in de artikelen 2, 7, 8 en 10 bedoelde aantekeningen geschieden met zwarte inkt in de daarvoor bestemde plaatsen op de formulieren Hypotheken 3, 4 en 4D. -### Titel 2a. Formulieren voor de inschrijving van stukken in de openbare registers; vereisten voor de invulling en aanbieding ter inschrijving van die formulieren +### Titel 2a. Aantekeningen in de in elektronische vorm gehouden gedeelten van de openbare registers ### Artikel 11a -**1.** Bij de aanbieding ter inschrijving van stukken betreffende vestiging van een recht van hypotheek, alsmede ter inschrijving van een proces-verbaal van inbeslagneming wordt een afschrift van het desbetreffende stuk gesteld op het door de Dienst verstrekte formulier Hypotheken 3, zo nodig vervolgd op één of meer formulieren Hypotheken 3/4-vervolg. +**1.** Het stellen van een aantekening in de in elektronische vorm gehouden gedeelten van de openbare registers geschiedt door deze aantekening op papier te stellen, de aantekening vervolgens te digitaliseren en op te slaan in de logische databank van het desbetreffende openbare register onder vermelding van het stukidentificatienummer van het stuk waarbij de aantekening hoort. -**2.** Het eerste lid is tevens van toepassing, indien de aangeboden stukken feiten betreffen die betrekking hebben op een recht van hypotheek of een proces-verbaal van inbeslagneming. - -**3.** Het eerste lid is ook van toepassing, indien stukken ter inschrijving worden aangeboden als bedoeld in artikel 46, eerste lid, van de wet, met het uitsluitend doel dat daarnaar kan worden verwezen in later ter inschrijving aangeboden stukken als bedoeld in het eerste en tweede lid. +**2.** De artikelen 7, 8 en 10 zijn van overeenkomstige toepassing op het stellen van aantekeningen in de in elektronische vorm gehouden gedeelten van de openbare registers. ### Artikel 11b -Bij de aanbieding ter inschrijving van alle andere dan de in artikel 11a bedoelde stukken wordt een afschrift van het desbetreffende stuk gesteld op het door de Dienst verstrekte formulier Hypotheken 4, zo nodig vervolgd op één of meer vervolgbladen op A4-formaat. +De bewaarder stelt in de in elektronische vorm gehouden gedeelten van de openbare registers met betrekking tot elke persoon die een ingeschreven stuk heeft voorzien van een elektronische handtekening als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Kadasterwet 1994, een aantekening vermeldende: + +a. de naam van degene die het originele stuk heeft voorzien van de elektronische handtekening, zoals blijkt uit het bij de elektronische handtekening behorende gekwalificeerde certificaat; +b. de identiteitscode van voornoemd gekwalificeerd certificaat, en +c. de naam van de certificatiedienstverlener die voornoemd gekwalificeerd certificaat heeft afgegeven. + +### Titel 2b. Aanbieden van stukken in papieren vorm ### Artikel 11c -Indien een ter inschrijving aangeboden stuk feiten bevat, zowel bedoeld in artikel 11a als in artikel 11b, zijn beide genoemde artikelen van toepassing, met dien verstande dat uitsluitend artikel 11b van toepassing is, indien het betreft: +**1.** -a. een akte van toedeling als bedoeld in artikel 89, eerste lid, van de Reconstructiewet Midden-Delfland; -b. een akte van toedeling als bedoeld in artikel 95, eerste lid, van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën; -c. een akte van toedeling als bedoeld in artikel 207, eerste lid, van de Landinrichtingswet; -d. een akte van verdeling als bedoeld in artikel 17, juncto artikel 119, vierde lid, van de Landinrichtingswet, waarin artikel 208, derde en vierde lid, van de Landinrichtingswet toepasselijk is verklaard en dit beding door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij is goedgekeurd; -e. een beschikking of enig ander stuk waardoor ingevolge een wetsbepaling met betrekking tot een zaak bestaande lasten en rechten vervallen of tenietgaan. +Bij de aanbieding in papieren vorm van: + +a. stukken betreffende de vestiging van een recht van hypotheek, alsmede stukken betreffende feiten die betrekking hebben op een ingeschreven recht van hypotheek; +b. stukken betreffende de inschrijving van een proces-verbaal van inbeslagneming, alsmede stukken betreffende feiten die betrekking hebben op een ingeschreven proces-verbaal van inbeslagneming, en +c. stukken als bedoeld in artikel 46, eerste lid, van de wet, wordt een afschrift van het desbetreffende stuk aangeboden, dat gesteld is op wit papier van standaardkwaliteit met A4-formaat en afhankelijk van het register waarin inschrijving wordt verzocht, aan de linker onderzijde is voorzien van de tekst ‘Hypotheken 3’ of ‘Hypotheken 4’. + +**2.** Bij de aanbieding in papieren vorm van andere stukken dan de in het eerste lid genoemde stukken wordt een afschrift van het desbetreffende stuk gesteld op wit papier van standaardkwaliteit met A4-formaat, dat aan de linker onderzijde is voorzien van de tekst ‘Hypotheken 4’. ### Artikel 11d -De artikelen 11a en 11b zijn van toepassing op elk van de in artikel 11b, eerste lid, onder a tot en met c, van de wet bedoelde openbare registers afzonderlijk. +**1.** Een afschrift als bedoeld in artikel 11c voldoet aan het tweede tot en met zevende lid. + +**2.** Het afschrift is voldoende raadpleegbaar en bevat geen andere teksten of afbeeldingen dan de tekst of de afbeeldingen ten aanzien waarvan inschrijving wordt verzocht. + +**3.** Indien het afschrift bestaat uit meerdere bladen, wordt ieder blad rechtsboven voorzien van een bladnummer. De bladnummers vangen aan met het cijfer één en vormen zonder onderbreking een opklimmende reeks volgnummers. + +**4.** Op elk blad waaruit het afschrift bestaat, wordt aan de linkerzijde een marge van vijf centimeter en aan de boven- en onderzijde een marge van twee centimeter opengelaten. + +**5.** De tekst van het afschrift van het ter inschrijving aangeboden stuk heeft de kleur zwart. + +**6.** Na ontvangst van het afschrift voegt de bewaarder een voorblad toe, waarop in ieder geval het stukidentificatienummer wordt vermeld, alsmede de datum en het tijdstip van aanbieding. + +**7.** Bij de inschrijving, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de wet, plaatst de bewaarder zijn handtekening op het aan het afschrift toegevoegde voorblad. + +### Titel 2c. Aanbieden van stukken in elektronische vorm ### Artikel 11e -**1.** De in de artikelen 11a en 11b bedoelde formulieren worden ingevuld en aangeboden met inachtneming van de in het tweede tot en met vierde lid genoemde vereisten. +Het elektronische postadres, bedoeld in artikel 10 van de wet, is vermeld in § 3.6 van de technische handleiding. -**2.** De formulieren, die niet gevouwen of gekreukt mogen worden, worden slechts bewerkt op het voor het afschrift bestemde gedeelte binnen de zware omlijning, waarbij de kantlijn tussen de zware lijn en de haarlijn blanco blijft, met dien verstande dat hierin wel renvooien mogen worden geplaatst. +### Artikel 11f -**3.** Indien al dan niet van één of meer vervolgbladen gebruik moet worden gemaakt, wordt dat door degene die de in artikel 3 bedoelde verklaring van eensluidendheid heeft ondertekend, vermeld op de daartoe bestemde plaatsen op het formulier Hypotheken 3 dan wel Hypotheken 4 alsmede, in geval van gebruik van vervolgbladen, het aantal bijbehorende vervolgbladen, en op ieder vervolgblad het rangnummer van het vervolgblad. De ondertekenaar stelt bij deze vermeldingen zijn paraaf. +Het door de Dienst gehouden systeem ten behoeve van het elektronisch verzenden en ontvangen van berichten, bedoeld in artikel 11a van de wet, wordt op de in hoofdstuk 3 van de technische handleiding beschreven wijze ingericht. -**4.** De formulieren moeten duidelijk leesbaar zijn, mogen niet zijn geschonden en dienen geschikt te zijn voor een doeltreffende en doelmatige publicatie. +### Artikel 11g -### Titel 3. Rangschikking en wijze van opberging van de afschriften van ter inschrijving van aangeboden stukken +**1.** + +Degene die voornemens is stukken in elektronische vorm ter inschrijving aan te bieden deelt dit mee aan de hoofdbewaarder onder opgave van: + +a. zijn naam, woonplaats met adres, elektronisch postadres en telefoon- en faxnummer; +b. de naam, het land van vestiging, de woonplaats met het adres en het internetadres van elke certificatiedienstverlener die de gekwalificeerde certificaten uitgeeft, waarop de elektronische handtekeningen gebaseerd zijn, die zullen voorkomen in de stukken die aan de Dienst zullen worden aangeboden, en +c. de applicatiesoftware die gebruikt zal worden voor het in elektronische vorm verzenden en ontvangen van berichten. + +**2.** De mededeling, bedoeld in het eerste lid, wordt in papieren vorm gedaan en geschiedt door middel van een aanmeldingsformulier dat de vorm heeft van het model dat als bijlage 4a bij deze regeling is gevoegd. Indien de mededeling wordt gedaan door een samenwerkingsverband van personen dat geen rechtspersoonlijkheid bezit, worden in het aanmeldingsformulier alle namen van de deelnemers aan dat samenwerkingsverband vermeld en wordt dit formulier ondertekend door een ieder van hen of door hun vertegenwoordigers. + +**3.** Nadat de hoofdbewaarder de gegevens in het aanmeldingsformulier heeft gecontroleerd en heeft vastgesteld dat de opgegeven certificatiedienstverleners bevoegd zijn om gekwalificeerde certificaten uit te geven, zendt hij aan de aanbieder van het aanbiedingsformulier een bericht waarin de datum is vermeld waarop met het in elektronische vorm ter inschrijving aanbieden van stukken aangevangen kan worden. Het bericht heeft de vorm van het model dat als bijlage 4b bij deze regeling is gevoegd. + +**4.** Indien de applicatiesoftware, bedoeld in het eerste lid, onder c, nog niet eerder is gebruikt in het berichtenverkeer met de Dienst en niet zeker is of met deze applicatiesoftware elektronisch berichtenverkeer met de Dienst mogelijk is, wijst de hoofdbewaarder in het bericht, bedoeld in het derde lid, op de mogelijkheid om voor aanvang van de aanbieding van stukken in elektronische vorm eerst een testbericht te versturen en op zijn bevoegdheid om berichten niet te aanvaarden als bedoeld in artikel 11a, tweede lid, van de wet. + +**5.** Nadat de hoofdbewaarder het bericht, bedoeld in het derde lid, heeft verzonden, registreert hij de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a tot en met c. + +### Artikel 11h + +**1.** Indien een wijziging optreedt in enig gegeven dat is vermeld in het aanmeldingsformulier, bedoeld in artikel 11g, eerste lid, doet de aanbieder van dit formulier daarvan onverwijld mededeling aan de hoofdbewaarder. + +**2.** Indien de wijziging betrekking heeft op een van de gegevens, bedoeld in artikel 11g, eerste lid, onder b of c, is artikel 11g, derde en vierde lid, van overeenkomstige toepassing. + +**3.** De hoofdbewaarder registreert de gewijzigde gegevens, met dien verstande dat indien het tweede lid van toepassing is, de hoofdbewaarder de gewijzigde gegevens pas registreert nadat hij het bericht, bedoeld in artikel 11g, derde lid, heeft verzonden. + +### Artikel 11i + +**1.** Het elektronische berichtenverkeer met de Dienst vindt plaats op basis van het uitwisselingsprotocol, zoals dat is vastgelegd in hoofdstuk 3 van de technische handleiding. + +**2.** De hoofdbewaarder informeert elke persoon aan wie hij een bericht als bedoeld in artikel 11g, vierde lid, heeft verzonden, tijdig over wijzigingen in het uitwisselingsprotocol. + +### Artikel 11j + +**1.** Een verzoek tot vaststelling van een afwijkend uitwisselingsprotocol als bedoeld in artikel 11a, eerste lid, van de wet kan in papieren vorm worden ingediend bij de hoofdbewaarder. + +**2.** + +De hoofdbewaarder wijst het verzoek, bedoeld in het tweede lid, alleen toe indien: + +a. het afwijkende uitwisselingsprotocol geen afbreuk doet aan de doelstelling van elektronische gegevensuitwisseling; +b. het afwijkende uitwisselingsprotocol past bij het gebruik van geavanceerde elektronische handtekeningen, en +c. de kosten die verband houden met de vaststelling van het afwijkende uitwisselingsprotocol worden gedragen door degene die het verzoek indient. + +**3.** De hoofdbewaarder deelt na ontvangst van het verzoek, bedoeld in het tweede lid, binnen een redelijke termijn aan de indiener van dit verzoek mee of een afwijkend uitwisselingsprotocol zal worden vastgesteld. Indien de hoofdbewaarder het verzoek toewijst, doet hij daarbij tevens een opgave van de kosten. + +### Artikel 11k + +**1.** Na ontvangst van een verzoek tot verkrijging van een permanente aansluiting op het door de Dienst gehouden systeem, bedoeld in artikel 11a, vijfde lid, van de wet, voeren de netwerkbeheerder en de hoofdbewaarder overleg ter vaststelling van de technische specificaties waaraan de permanente aansluiting moet voldoen. Na dit overleg neemt de hoofdbewaarder binnen een redelijke termijn een beslissing op het verzoek. + +**2.** + +De hoofdbewaarder kan het verzoek, bedoeld in het eerste lid, slechts toewijzen indien de netwerkbeheerder in een door hem gedagtekende en ondertekende verklaring in papieren vorm verklaart: + +a. dat hij de permanente aansluiting duurzaam beschikbaar zal stellen voor ongestoorde transmissie van berichten, en +b. dat hij zal voldoen aan de eisen, bedoeld in de paragrafen 3.1 tot en met 3.4 van de technische handleiding. + +**3.** Indien de netwerkbeheerder een natuurlijke persoon is, vermeldt hij in de verklaring, bedoeld in het tweede lid, zijn naam, voornamen, geboortedatum, geboorteplaats, woonplaats en adres. + +**4.** Indien de netwerkbeheerder een rechtspersoon is vermeldt zij in de verklaring, bedoeld in het tweede lid, haar rechtsvorm, naam, vestigingsplaats en adres. + +**5.** Indien de rechtspersoon, bedoeld in het vierde lid, wordt vertegenwoordigd door een of meer natuurlijke personen, vermeldt de verklaring, bedoeld in het tweede lid, eveneens de naam, voornamen, geboortedatum, geboorteplaats, woonplaats en het adres van de vertegenwoordigers en de grond van de bevoegdheid tot vertegenwoordiging. + +**6.** Indien de rechtspersoon, bedoeld in het vierde lid, wordt vertegenwoordigd door een of meer rechtspersonen, vermeldt de verklaring, bedoeld in het tweede lid, eveneens de rechtsvorm, naam, vestigingsplaats en het adres van de vertegenwoordigers en de grond van de bevoegdheid tot vertegenwoordiging. + +**7.** De kosten verbonden aan en voortvloeiende uit de verkrijging van een permanente aansluiting komen voor rekening van de netwerkbeheerder die het verzoek, bedoeld in het eerste lid, heeft ingediend. + +### Artikel 11l + +Het bericht, bedoeld in artikel 11a, eerste lid, van de wet, voldoet aan de paragrafen 3.2 tot en met 3.4 van de technische handleiding en is door de aanbieder voorzien van een elektronische handtekening. + +### Artikel 11m + +**1.** Indien de bewaarder overeenkomstig artikel 11a, tweede lid, van de wet besluit om een bericht niet te aanvaarden, deelt hij dit binnen 24 uur na het tijdstip van ontvangst van het bericht mee aan de aanbieder door middel van een bericht van afkeuring in elektronische vorm. Het bericht van afkeuring voldoet aan paragraaf 2.3.6 van de technische handleiding. + +**2.** Indien de hoofdbewaarder overeenkomstig artikel 11a, derde lid, van de wet besluit om ook andere berichten van de aanbieder niet te aanvaarden, deelt hij dit met bekwame spoed mee aan die aanbieder door middel van een bericht in papieren vorm. + +**3.** De aanbieder, bedoeld in het tweede lid, kan de hoofdbewaarder verzoeken om in de gelegenheid te worden gesteld om aan te tonen dat hij in staat is bij het in elektronische vorm aanbieden van stukken ter inschrijving in de openbare registers te voldoen aan de daarvoor geldende eisen. De aanbieder kan daartoe bij de hoofdbewaarder een door hem gedagtekend en ondertekend verzoek als bedoeld in artikel 11a, vierde lid, eerste zin, van de wet indienen. + +**4.** Na ontvangst van het verzoek stelt de hoofdbewaarder een onderzoek in, waarbij hij door middel van testberichten als bedoeld in hoofdstuk 4 van de technische handleiding nagaat of de betrokken aanbieder bij het in elektronische vorm toezenden van berichten ter inschrijving van stukken in de openbare registers in staat is te voldoen aan de daarvoor geldende eisen. + +**5.** De hoofdbewaarder deelt de aanbieder de uitkomsten van zijn onderzoek mede door middel van een door hem gedagtekende en ondertekende verklaring. In de verklaring vermeldt de hoofdbewaarder de uitkomsten van het onderzoek, bedoeld in artikel 11a, vierde lid, tweede zin, van de wet, alsmede of zijn besluit, bedoeld in het tweede lid, vervalt en, zo dat niet het geval is, de reden daarvan. + +### Artikel 11n + +**1.** Het verzoek tot inschrijving in elektronische vorm, bedoeld in artikel 11b, tweede lid, van de wet, voldoet aan de eisen die zijn opgenomen in paragraaf 2.3.2 van de technische handleiding. + +**2.** Het verzoek tot inschrijving in elektronische vorm van een stuk tot verbetering als bedoeld in artikel 42 van de wet voldoet aan de eisen die zijn opgenomen in paragraaf 2.3.3 van de technische handleiding. + +**3.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op het verzoek tot inschrijving in elektronische vorm van een bijhoudingsverklaring als bedoeld in artikel 46a, eerste lid, van de wet of een proces-verbaal als bedoeld in artikel 45, tweede lid, van de Wet op het notarisambt. + +### Artikel 11o + +**1.** In het verzoek tot inschrijving in elektronische vorm wordt door middel van de vermelding van een verwijzing naar het register ‘Hypotheken 3’ of het register ‘Hypotheken 4’ kenbaar gemaakt voor welk register het stuk dat ter inschrijving wordt aangeboden, bestemd is. + +**2.** + +In het verzoek tot inschrijving wordt een dossierkenmerk vermeld, dat voorafgegaan wordt door één van de volgende letters: + +a. in geval van een inschrijving van stukken betreffende de vestiging van een recht van hypotheek of stukken betreffende feiten die betrekking hebben op een ingeschreven recht van hypotheek: de letter H; +b. in geval van een inschrijving van processen- verbaal van inbeslagneming of stukken betreffende feiten die betrekking hebben op een ingeschreven procesverbaal van inbeslagneming: de letter B; +c. in geval van een inschrijving van stukken betreffende de doorhaling van een ingeschreven recht van hypotheek of een ingeschreven proces-verbaal van inbeslagneming: de letter D; +d. in geval van een inschrijving van stukken betreffende een overdracht van een perceel naar één of twee verkrijgers of stukken betreffende feiten die betrekking hebben op een ingeschreven overdracht van een perceel naar één of meer verkrijgers: de letter M, en +e. in geval van alle overige inschrijvingen: de letter O. + +### Artikel 11p + +**1.** Indien een afschrift van een tekening of een ander stuk overeenkomstig artikel 10 van de Uitvoeringsregeling Kadasterwet 1994 in papieren vorm in bewaring is genomen, vervaardigt de bewaarder hiervan een duplicaat in elektronische vorm dat hij opslaat in een logische databank van depotbestanden. + +**2.** De bewaarder onderzoekt op grond van een door de functioneel beheerder verstrekte rapportage of het duplicaat in elektronische vorm een juiste en volledige weergave is van het in bewaring genomen afschrift in papieren vorm. Indien dat het geval is, vervangt de bewaarder het afschrift in papieren vorm door het duplicaat in elektronische vorm en legt hij dit vast in een verklaring die de vorm heeft van het model dat als bijlage 5 bij deze regeling is gevoegd. + +**3.** Nadat het afschrift in papieren vorm is vervangen door het duplicaat in elektronische vorm, zendt de bewaarder het afschrift in papieren vorm terug aan de aanbieder, onder toevoeging van de volgende door hem te ondertekenen verklaring: ‘Ondergetekende, Bewaarder van het kadaster en de openbare registers, verklaart dat deze tekening, na digitalisering, in elektronische vorm in bewaring is genomen onder het depotnummer ..., d.d. ..., de Bewaarder’. + +### Artikel 11q + +**1.** Indien een verzoek wordt ingediend tot inschrijving van een stuk in elektronische vorm en van dit stuk een tekening of een ander stuk in papieren vorm deel uitmaakt, wordt in het verzoek tot inschrijving tevens verzocht om het afschrift van de tekening of het andere stuk dat overeenkomstig artikel 10 van de Uitvoeringsregeling Kadasterwet 1994 in bewaring is genomen, in te schrijven. + +**2.** Na ontvangst van het verzoek tot inschrijving brengt de bewaarder het duplicaat in elektronische vorm, bedoeld in artikel 11p, eerste lid, terstond over van de logische database voor depotbestanden naar de logische database van ter inschrijving aangeboden stukken, onder vermelding van het stukidentificatienummer van het ter inschrijving aangeboden stuk. + +### Artikel 11r + +**1.** De elektronische handtekening, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Kadasterwet 1994, wordt vervaardigd door de integriteitswaarde van het bericht dan wel van het ter inschrijving aangeboden stuk overeenkomstig paragraaf 3.3 van de technische handleiding te berekenen en te versleutelen. + +**2.** Na ontvangst van een bericht controleert de bewaarder of de elektronische handtekeningen die zijn opgenomen in dit bericht en in de door middel van dit bericht ter inschrijving aangeboden stukken, zijn gebaseerd op gekwalificeerde certificaten die zijn afgegeven door een certificatiedienstverlener die door de aanbieder van het bericht bij de Dienst is aangemeld in het aanmeldingsformulier, bedoeld in artikel 11g, eerste lid. Vervolgens controleert de bewaarder aan de hand van een door de certificatiedienstverlener ter beschikking te stellen certificaten-revocatielijst of de betreffende gekwalificeerde certificaten nog geldig zijn. + +**3.** Nadat de bewaarder de elektronische handtekeningen overeenkomstig het tweede lid heeft gecontroleerd, stelt hij vast of het bericht ongewijzigd bij de Dienst is aangekomen, door de elektronische handtekeningen in het bericht en de door middel van dit bericht ter inschrijving aangeboden stukken te ontsleutelen, de integriteitswaarde te berekenen en deze te vergelijken met de op het certificaat vermelde integriteitswaarde, op de in paragraaf 3.3 van de technische handleiding beschreven wijze. + +### Artikel 11s + +**1.** Indien bij de controle, bedoeld in artikel 11r, tweede lid, blijkt dat een gekwalificeerd certificaat niet meer geldig is, deelt de bewaarder dit aan de aanbieder mee door middel van een bericht dat voldoet aan paragraaf 2.3.14 van de technische handleiding en voorzien is van zijn elektronische handtekening. + +**2.** De aanbieder kan zijn verzoek tot inschrijving tot 24 uur na het tijdstip van verzending van het bericht, bedoeld in het eerste lid, intrekken door middel van een verzoek daartoe in papieren of elektronische vorm. Indien het verzoek in elektronische vorm wordt gedaan, voldoet dit verzoek aan paragraaf 2.3.5 van de technische handleiding en is het verzoek voorzien van de elektronische handtekening van de aanbieder. + +**3.** Indien het verzoek tot inschrijving niet binnen de termijn, bedoeld in het tweede lid, is ingetrokken, wordt het aangeboden stuk ingeschreven in de openbare registers en wordt daarbij door de bewaarder aangetekend dat het gekwalificeerde certificaat waarop een of meer in het bericht of in de door middel van dit bericht aangeboden stukken voorkomende handtekeningen zijn gebaseerd, op het moment van de inschrijving niet meer geldig was. + +**4.** Na de inschrijving van het stuk verzoekt de bewaarder aan de aanbieder om een door hem te ondertekenen verklaring in papieren of elektronische vorm ter inschrijving aan te bieden, waarin de aanbieder verklaart dat het ten behoeve van de inschrijving aangeboden afschrift of uittreksel een volledige en juiste weergave is van het originele stuk. De bewaarder doet dit verzoek in elektronische vorm door middel van een bericht dat voldoet aan paragraaf 2.3.11 van de technische handleiding en dat voorzien is van zijn elektronische handtekening. + +**5.** Na ontvangst van de verklaring, bedoeld in het vierde lid, verwijdert de bewaarder de aantekening omtrent de ongeldigheid van het gekwalificeerde certificaat, bedoeld in het derde lid. + +### Titel 3. Rangschikking en wijze van opberging van de afschriften van ter inschrijving van aangeboden stukken in papieren vorm ### Artikel 12 -**1.** De formulieren Hypotheken 3 en 4 worden voorzien van het in artikel 13 van de wet bedoelde deel en nummer. Zij worden gerangschikt in volgorde van deel en nummer en vervolgens gescand en gemicrofotografeerd. +**1.** -**2.** In geval van inschrijving van een stuk dat aanvankelijk in het register van voorlopige aantekeningen is geboekt, worden de in het eerste lid bedoelde formulieren opgeborgen bij de formulieren welke betrekking hebben op de dag waarop de inschrijving opnieuw is verzocht of door de rechter is bevolen als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de wet. +De afschriften van de stukken die in papieren vorm ter inschrijving zijn aangeboden, worden samen met het voorblad, bedoeld in artikel 11d, zesde lid, in een opklimmende reeks der natuurlijke getallen opgeborgen in een opbergeenheid, waarop het soort register wordt aangeduid met: + +a. de letters OZ voor het register, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, en +b. het cijfer 3 of 4 voor het register Hypotheken 3 onderscheidenlijk het register Hypotheken 4. Het deel van het register wordt op de opbergeenheid aangeduid met het deelnummer. + +**2.** In geval van inschrijving van een stuk dat aanvankelijk in het register Hypotheken 4D is geboekt, worden de afschriften die zijn aangeboden door middel van het eerste verzoek tot inschrijving, opgeborgen bij de afschriften die ter inschrijving zijn aangeboden door middel het hernieuwde verzoek tot inschrijving, bedoeld in artikel 14b, eerste lid, van de wet. + +### Artikel + +Vervallen + +### Artikel + +Vervallen ### Artikel 15 -De losse tekeningen, bedoeld in artikel 7, vierde lid, worden van een doorlopend volgnummer voorzien en bewaard. +De losse afschriften van tekeningen, bedoeld in artikel 7, vierde lid, worden van een doorlopend volgnummer voorzien en opgeborgen in een opbergeenheid, waarop nummers worden vermeld van de daarin opgeborgen afschriften van tekeningen. ### Titel 4. Voorlopige aantekeningen ### Artikel 16 -Indien op een ingeschreven stuk tevens melding moet worden gemaakt van de doorhaling van de voorlopige aantekening als bedoeld in artikel 14, vierde lid, van de wet, wordt aan de in artikel 13 van de wet bedoelde aantekening het volgende toegevoegd: - -‘De voorlopige aantekening onder nr. ... is doorgehaald. (Tijdstip van hernieuwde aanbieden: ...)’, onder invulling van de desbetreffende gegevens. +De boeking in het register Hypotheken 4D geschiedt door vermelding van de gegevens, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdelen a tot en met d, in dat register. ### Artikel 17 -**1.** In een geval waarin het voor inschrijving vereiste afschrift niet is aangeboden bedoeld in artikel 15, derde lid, van de wet, vervaardigt de bewaarder van het stuk een mechanische reproduktie op ware grootte, dat wordt opgeborgen achter het desbetreffende formulier Hypotheken 4D in het register van voorlopige aantekeningen. +**1.** Indien het stuk waarvan de inschrijving is geweigerd in papieren vorm is aangeboden en bij dit stuk niet tevens een afschrift is aangeboden, vervaardigt de bewaarder een afschrift van het stuk, dat in het register Hypotheken 4D wordt gevoegd achter het desbetreffende formulier Hypotheken 4D. -**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ingeval de inschrijving is geweigerd op grond van de omstandigheid, voorzien in artikel 15, vierde lid, van de wet, met dien verstande dat het afschrift slechts wordt vervaardigd indien naar het oordeel van de bewaarder het aangeboden formulier niet voldoende duidelijk leesbaar is. +**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing indien de inschrijving is geweigerd op grond van een omstandigheid als bedoeld in artikel 15a, derde lid, onder a, van de wet, met dien verstande dat de bewaarder slechts een afschrift vervaardigt, indien hij van oordeel is dat het aangeboden afschrift niet voldoende leesbaar is. + +### Artikel 17a + +**1.** De verklaring van niet-inschrijving, bedoeld in artikel 15a, eerste lid, van de wet, heeft de volgende vorm: ‘Dit stuk, dat is aangeboden op .......... om .............. uur, met stukidentificatienummer ...................... is geboekt onder nummer ........ in het register Hypotheken 4D, omdat ........’ onder invulling van de desbetreffende gegevens. + +**2.** Het bewijs van niet-inschrijving, bedoeld in artikel 15b, eerste lid, van de wet, voldoet aan paragraaf 2.3.12 van de technische handleiding en wordt binnen 48 uur na het tijdstip van verzending van de attendering op niet-inschrijving, bedoeld in artikel 21, eerste lid, door middel van een elektronisch bericht verzonden aan de aanbieder van het stuk waarvan de inschrijving is geweigerd. ### Artikel 18 -**1.** Uitgebrachte dagvaardingen en uitspraken van de voorzieningenrechter in kort geding als bedoeld in artikel 16 van de wet, worden aangetekend in het register van voorlopige aantekeningen door vermelding van de datum van uitbrenging dan wel uitspraak en het nummer waaronder het stuk is opgeborgen achter het desbetreffende formulier Hypotheken 4D. +**1.** Uitgebrachte dagvaardingen en uitspraken van de voorzieningenrechter in kort geding als bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de wet worden aangetekend in het register Hypotheken 4D door vermelding van de datum waarop de dagvaarding is uitgebracht dan wel de datum van de uitspraak. Indien het desbetreffende stuk in papieren vorm ter inschrijving wordt aangeboden, wordt in het in papieren vorm gehouden gedeelte van het register Hypotheken 4D eveneens het nummer vermeld waaronder het stuk is opgeborgen achter het desbetreffende formulier Hypotheken 4D. -**2.** Indien de inschrijving alsnog is bevolen dan wel opnieuw is verzocht als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de wet, wordt dat in het register van voorlopige aantekeningen aangetekend door vermelding van het tijdstip waarop de inschrijving alsnog is bevolen dan wel opnieuw is verzocht, alsmede het deel en nummer van inschrijving, bedoeld in artikel 13 van de wet. +**2.** Indien de inschrijving alsnog is bevolen dan wel opnieuw is verzocht als bedoeld in artikel 14 van de wet, wordt dat in het register Hypotheken 4D aangetekend door vermelding van het tijdstip waarop de inschrijving alsnog is bevolen dan wel opnieuw is verzocht, alsmede het stukidentificatienummer van het betreffende stuk. -**3.** Indien het tweede lid toepassing heeft gevonden, wordt de voorlopige aantekening doorgehaald door de vermelding op het formulier Hypotheken 4D van de datum van doorhaling en een korte omschrijving van de reden daarvan. Op het formulier wordt een schuine potloodstreep getrokken, waarna het formulier en de daarbij behorende stukken in een afzonderlijke band worden bewaard. +**3.** Indien het tweede lid toepassing heeft gevonden en het desbetreffende stuk in papieren vorm ter inschrijving is aangeboden, wordt de voorlopige aantekening doorgehaald door de vermelding op het formulier Hypotheken 4D van de datum van doorhaling en een korte omschrijving van de reden daarvan. Op het formulier wordt een schuine potloodstreep getrokken, waarna het formulier en de daarbij behorende stukken in een afzonderlijke band worden bewaard. -**4.** het derde lid is van overeenkomstige toepassing indien sprake is van de omstandigheid, bedoeld in artikel 20, zesde lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek. +**4.** Indien het tweede lid toepassing heeft gevonden en het desbetreffende stuk in elektronische vorm ter inschrijving is aangeboden, wordt in het desbetreffende elektronische gedeelte van de openbare registers de status van het stuk gewijzigd in ‘ingeschreven’ en wordt het nummer van de boeking uit het register Hypotheken 4D verwijderd. + +**5.** het derde lid is van overeenkomstige toepassing indien sprake is van de omstandigheid, bedoeld in artikel 20, zesde lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek. ### Titel 5. Bewijs van ontvangst en overige bepalingen ### Artikel 19 -**1.** Het in artikel 18 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek bedoelde bewijs van ontvangst wordt gesteld op een formulier Hypotheken 6, waarvan de vorm overeenkomt met het model dat als bijlage 5 bij deze regeling is gevoegd. +**1.** Het in artikel 18 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek bedoelde bewijs van ontvangst in papieren vorm wordt gesteld op een formulier Hypotheken 6, waarvan de vorm overeenkomt met het model dat als bijlage 6a bij deze regeling is gevoegd. -**2.** +**2.** Indien de aanbieder op het bewijs van ontvangst aantekening verlangt van de verrichte inschrijving, wordt op het formulier Hypotheken 6 het voor de inschrijving gereserveerde stukidentificatienummer vermeld en de volgende door de bewaarder te ondertekenen verklaring gesteld: ‘De inschrijving heeft plaatsgevonden op bovengenoemd tijdstip. De afschriften zijn opgenomen in het register Hypotheken … onder vermelding van het stukidentificatienummer zoals is aangegeven’. -Indien de aanbieder op het bewijs van ontvangst aantekening verlangt van de verrichte inschrijving, wordt op het formulier Hypotheken 6 de desbetreffende kolom voor het deel en nummer ingevuld en wordt op het formulier de volgende ondertekende verklaring gesteld: +**3.** Indien een stuk is geboekt in het register Hypotheken 4D, wordt dit op het formulier Hypotheken 6 vermeld onder opgaaf van het nummer waaronder het stuk in dat register is geboekt. -‘De inschrijving heeft plaatsgevonden op bovengenoemd tijdstip. De afschriften zijn opgenomen in het deel en onder het volgnummer zoals is aangegeven’. Ingeval een bepaald stuk niet is ingeschreven, doch is geboekt in het register van voorlopige aantekeningen, wordt in de in de eerste zin bedoelde verklaring tevens daarvan melding gemaakt onder opgaaf van het nummer van dat register. +**4.** Het bewijs van ontvangst in elektronische vorm voldoet aan de paragrafen 2.3.8 en 2.3.9 van de technische handleiding. + +### Artikel 19a + +**1.** Na de inschrijving van een stuk dat in papieren vorm is aangeboden, stelt de bewaarder op dit stuk de volgende verklaring van inschrijving, bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de wet: ‘Dit stuk is ingeschreven ten kantore van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers op .............. om ....... uur in register ....... in deel ....... en nummer ......’ onder invulling van de desbetreffende gegevens, waarbij het tijdstip wordt uitgedrukt in uur en minuut. + +**2.** Na de inschrijving van een stuk dat in elektronische vorm is aangeboden, zendt de bewaarder aan de aanbieder van dit stuk een bewijs van inschrijving als bedoeld in artikel 13, tweede lid, van de wet dat voldoet aan paragraaf 2.3.10 van de technische handleiding. + +**3.** Indien een tekening of een ander stuk als bedoeld in artikel 11b, vijfde lid, van de wet in papieren vorm deel uitmaakt van een stuk dat in elektronische vorm ter inschrijving is aangeboden, stelt de bewaarder na de inschrijving op het eerst genoemde stuk de volgende verklaring van inschrijving: ‘Ingeschreven als bijlage van een stuk met een elektronische vorm dat is ingeschreven ten kantore van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers op .............. om ....... uur in register ....... in deel ....... en nummer ......’ onder invulling van de desbetreffende gegevens, waarbij het tijdstip wordt uitgedrukt in uur en minuut. + +### Artikel 19b + +**1.** Indien ter verkrijging van de inschrijving van een stuk in papieren vorm door de aanbieder bewijsstukken in papieren vorm zijn overgelegd, vult de bewaarder de verklaring van inschrijving, bedoeld in artikel 19a, eerste lid, als volgt aan: ‘Bij de aanbieding ter inschrijving is/ zijn het/de volgende stuk(ken) overgelegd:’, onder vermelding van een korte aanduiding van elk van de overgelegde bewijsstukken. + +**2.** Indien ter verkrijging van de inschrijving van een stuk in elektronische vorm door de aanbieder bewijsstukken in papieren of elektronische vorm als bedoeld in artikel 11b, vijfde lid, van de wet zijn overgelegd, vult de bewaarder het bewijs van inschrijving, bedoeld in artikel 19a, tweede lid, aan op de in paragraaf 2.3.10 van de technische handleiding beschreven wijze. + +### Artikel 19c + +**1.** Indien ter verkrijging van de inschrijving van een stuk in papieren vorm door de aanbieder bewijsstukken in papieren vorm zijn overgelegd, vermeldt de bewaarder dit op het voorblad, bedoeld in artikel 11d, zesde lid, door het stellen van de volgende door hem te ondertekenen verklaring: ‘Bij de aanbieding ter inschrijving zijn overgelegd: ...’, onder vermelding van een korte aanduiding van de stukken. + +**2.** Indien ter verkrijging van de inschrijving van een stuk in elektronische vorm door de aanbieder bewijsstukken in papieren of elektronische vorm als bedoeld in artikel 11b, vijfde lid, van de wet zijn overgelegd, vermeldt de bewaarder dit in de in elektronische vorm gehouden gedeelten van de openbare registers door de verklaring, bedoeld in het eerste lid, op papier te stellen en deze verklaring vervolgens te digitaliseren en op te slaan in het desbetreffende in elektronische vorm gehouden gedeelte van de openbare registers onder vermelding van het stukidentificatienummer van het stuk waarop de bewijsstukken betrekking hebben. ### Artikel 20 @@ -220,13 +454,37 @@ Indien de bewaarder vermoedt dat een inschrijving, bedoeld in de artikelen 38 en ### Artikel 21 +**1.** Indien de bewaarder overeenkomstig artikel 20, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek weigert een stuk in te schrijven, verzendt hij aan de aanbieder een attendering op niet-inschrijving. + +**2.** Indien het stuk in papieren vorm is aangeboden, kan een attendering op nietinschrijving in papieren of elektronische vorm worden verzonden. De attendering op niet-inschrijving in papieren vorm wordt per fax verzonden en heeft de vorm van het model dat als bijlage 6b bij deze regeling is gevoegd. De attendering op niet-inschrijving in elektronische vorm voldoet aan paragraaf 2.3.12 van de technische handleiding en is voorzien van de elektronische handtekening van de bewaarder. + +**3.** Indien het desbetreffende stuk in elektronische vorm is aangeboden, wordt de attendering op niet-inschrijving in elektronische vorm verzonden. Het tweede lid, derde zin, is van toepassing. + +**4.** Van iedere attendering op nietinschrijving wordt door de bewaarder een afschrift vervaardigd. De afschriften worden op volgorde van stukidentificatienummer en onder vermelding van het tijdstip en de reden van nietinschrijving, opgenomen in een registratie van verzonden attenderingen. + +**5.** Indien het stuk in papieren vorm is aangeboden, kan de aanbieder het verzoek tot inschrijving binnen 72 uur na het tijdstip van de verzending van de attendering op niet-inschrijving intrekken door middel van een door hem ondertekend en gedagtekend verzoek in papieren vorm. + +**6.** Indien het stuk in in elektronische vorm is aangeboden, kan de aanbieder het verzoek tot inschrijving binnen 24 uur na het tijdstip van de verzending van de attendering op niet-inschrijving intrekken door middel van een verzoek in elektronische vorm, dat voldoet aan paragraaf 2.3.5 van de technische handleiding en is voorzien van zijn elektronische handtekening. + +**7.** De termijnen waarbinnen een verzoek tot inschrijving kan worden ingetrokken, bedoeld in het vijfde en zesde lid, worden gerekend over werkdagen. + +### Artikel 21a + +De afschriften van stukken die zijn meegezonden in het bericht, bedoeld in artikel 11a, eerste lid, van de wet, maar zelf niet worden ingeschreven, worden gedurende een termijn van ten minste 20 jaar opgeslagen in de logische databank voor archiefbestanden, bedoeld in artikel 6a, tweede lid. + +### Artikel 21b + **1.** -Indien bij de aanbieding ter inschrijving stukken voor bewijs worden overgelegd die niet mede worden ingeschreven, wordt aan de in artikel 13 van de wet bedoelde aantekeningen toegevoegd: +Indien na de inschrijving van een stuk blijkt dat het stuk onjuistheden of onvolledigheden bevat, of in het stuk gegevens ontbreken die noodzakelijk zijn voor een juiste en volledige bijhouding, verzoekt de bewaarder aan de aanbieder om ter inschrijving aan te bieden: -‘Bij de aanbieding ter inschrijving is/zijn het/de volgende stuk(ken) overgelegd:’, onder vermelding van een korte aanduiding van elk van de overgelegde stukken. +a. een stuk tot verbetering als bedoeld in artikel 42, eerste lid, van de wet; +b. een bijhoudingsverklaring als bedoeld in artikel 46a, eerste lid, van de wet, dan wel +c. een proces-verbaal als bedoeld in artikel 45, tweede lid, van de Wet op het notarisambt. -**2.** Op het desbetreffende formulier Hypotheken 3 of 4 wordt melding gemaakt van de overgelegde stukken gemaakt door het stellen van de volgende door de bewaarder te ondertekenen verklaring: ‘Bij de aanbieding ter inschrijving zijn overgelegd:’, onder vermelding van een korte aanduiding van de stukken. +**2.** Indien het ingeschreven stuk in papieren vorm is aangeboden, heeft het verzoek tot aanbieding van een stuk tot verbetering, een bijhoudingsverklaring dan wel een proces-verbaal de vorm van het model dat als bijlage 6c bij deze regeling is gevoegd. + +**3.** Indien het ingeschreven stuk in elektronische vorm ter inschrijving is aangeboden, voldoet het verzoek tot aanbieding van een stuk tot verbetering, een bijhoudingsverklaring, dan wel een proces- verbaal aan paragraaf 2.3.11 van de technische handleiding en is dit verzoek voorzien van de elektronische handtekening van de bewaarder. ## Hoofdstuk 3. Kadastrale registratie, kaartenbestand, daaraan ten grondslag liggende bescheiden en net van coördinaatpunten @@ -252,7 +510,7 @@ Indien bij de aanbieding ter inschrijving stukken voor bewijs worden overgelegd **1.** De gegevens die betrekking hebben op de toestand van vóór de omzetting van de handmatig gehouden registers en kaartsystemen naar de geautomatiseerde kadastrale registratie, zijn opgenomen in de desbetreffende registers en kaartsystemen. -**2.** De gegevens betreffende hypotheken, ingeschreven vóór 1 januari 1995, worden in het geautomatiseerde bestand, bedoeld in artikel 22, eerste lid, opgenomen, met uitzondering van de gegevens, bedoeld in artikel 48, tweede lid, onder g, sub 1° tot en met 5°, van de wet. +**2.** De gegevens betreffende hypotheken, ingeschreven vóór 1 januari 1995, worden in het geautomatiseerde bestand, bedoeld in artikel 22, eerste lid, opgenomen, met uitzondering van de gegevens, bedoeld in artikel 48, tweede lid, onder g, j en k, van de wet. ### Artikel 24 @@ -399,9 +657,7 @@ c. 301 en hoger voor alle overige punten. ### Artikel 37 -**1.** De aantekening betreffende een inschrijving in de openbare registers, bedoeld in artikel 4 van het besluit, wordt gesteld door bij het perceel en de rechthebbenden melding te maken van het tijdstip en het deel en nummer van inschrijving. - -**2.** Indien nog geen deel en nummer beschikbaar is, wordt het aantal ingeschreven stukken vermeld, alsmede het tijdstip van inschrijving. +De aantekening betreffende een inschrijving in de openbare registers, bedoeld in artikel 4 van het besluit, wordt gesteld door bij het perceel en de rechthebbenden melding te maken van het tijdstip en het stukidentificatienummer van het ingeschreven stuk. ### Artikel 38 @@ -409,7 +665,7 @@ c. 301 en hoger voor alle overige punten. De verwijzing, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het besluit geschiedt op de volgende wijze: -a. indien de bijwerking is gegrond op een inschreven stuk; door vermelding van het tijdstip en het deel en nummer van inschrijving; +a. indien de bijwerking is gegrond op een inschreven stuk; door vermelding van het tijdstip en het stukidentificatienummer van het ingeschreven stuk; b. indien de bijwerking is gegrond op een niet-ingeschreven stuk: door vermelding van de dagtekening van de bijwerking en het volgnummer van dat stuk. **2.** De verwijzing, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het besluit wordt ook gesteld bij het wijzigen of aanvullen van de in de artikelen 64 en 67 bedoelde gegevens. @@ -422,9 +678,9 @@ b. indien de bijwerking is gegrond op een niet-ingeschreven stuk: door vermeldin **2.** Indien de inschrijving in de openbare registers een wijziging betreft in de rechtstoestand naar burgerlijk recht dan wel een wijziging of aanvulling van de gegevens omtrent een rechthebbende en die inschrijving aanleiding geeft tot een wijziging of aanvulling van de in de kadastrale registratie vermelde gegevens, worden laatstbedoelde gegevens met het ingeschreven stuk in overeenstemming gebracht, tenzij de inschrijving betrekking heeft op een erfdienstbaarheid. Bij de desbetreffende in de kadastrale registratie vermelde gegevens wordt een korte aanduiding van de aard van het ingeschreven stuk vermeld. -**3.** Indien de inschrijving in de openbare registers een erfdienstbaarheid betreft wordt in de kadastrale registratie bij de percelen van het heersende en het dienende erf het deel en nummer van inschrijving vermeld, alsmede een aanduiding dat het een erfdienstbaarheid betreft. +**3.** Indien de inschrijving in de openbare registers een erfdienstbaarheid betreft wordt in de kadastrale registratie bij de percelen van het heersende en het dienende erf het stukidentificatienummer van het op de erfdienstbaarheid betrekking hebbende ingeschreven stuk vermeld, alsmede een aanduiding dat het een erfdienstbaarheid betreft. -**4.** Indien algemene voorwaarden, modelreglementen en andere in artikel 46, eerste lid, van de wet bedoelde stukken zijn ingeschreven, wordt bij de naam van de in het stuk vermelde personen verwezen naar het deel en nummer van inschrijving, onder vermelding van een korte aanduiding van de aard van het stuk. +**4.** Indien algemene voorwaarden, modelreglementen en andere in artikel 46, eerste lid, van de wet bedoelde stukken zijn ingeschreven, wordt bij de naam van de in het stuk vermelde personen verwezen naar het stukidentificatienummer van het desbetreffende ingeschreven stuk, onder vermelding van een korte aanduiding van de aard van het stuk. **5.** Indien een verklaring van waardeloosheid wordt ingeschreven, zijn het tweede tot en met vierde lid van overeenkomstige toepassing. @@ -432,9 +688,9 @@ b. indien de bijwerking is gegrond op een niet-ingeschreven stuk: door vermeldin **7.** Indien een akte van vernieuwing als bedoeld in artikel 77, vijfde lid, van de wet wordt ingeschreven, is het tweede lid van toepassing tenzij artikel 24 van het besluit toepassing heeft gevonden. -**8.** Indien een ander stuk dan bedoeld in het tweede tot en met zevende lid wordt ingeschreven, wordt bij het desbetreffende perceel alsmede, indien het stuk op een rechthebbende betrekking heeft, bij de gegevens van de desbetreffende rechthebbende vermeld, het deel en nummer van inschrijving alsmede, zo het een in artikel 41 vermeld stuk betreft, een korte aanduiding van de aard van het ingeschreven stuk, overeenkomstig de artikelen 41 en 42. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing. +**8.** Indien een ander stuk dan bedoeld in het tweede tot en met zevende lid wordt ingeschreven, wordt bij het desbetreffende perceel alsmede, indien het stuk op een rechthebbende betrekking heeft, bij de gegevens van de desbetreffende rechthebbende vermeld, het stukidentificatienummer van dit stuk alsmede, zo het een in artikel 41 vermeld stuk betreft, een korte aanduiding van de aard van het ingeschreven stuk, overeenkomstig de artikelen 41 en 42. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing. -**9.** Indien een verklaring van waardeloosheid of enig ander stuk dat strekt tot inschrijving van de waardeloosheid, wordt ingeschreven betreffende een inschrijving als bedoeld in het achtste lid wordt, ingeval het een in artikel 41 vermeld feit betreft, bij de in dat lid bedoelde aanduiding vermeld dat deze is vervallen, onder vermelding van het deel en nummer van inschrijving van het desbetreffende stuk. Indien de waardeloosheid betrekking heeft op andere dan in artikel 41 bedoelde inschrijvingen, wordt het deel en nummer van de verklaring van waardeloosheid vermeld bij de desbetreffende percelen. +**9.** Indien een verklaring van waardeloosheid of enig ander stuk dat strekt tot inschrijving van de waardeloosheid, wordt ingeschreven betreffende een inschrijving als bedoeld in het achtste lid wordt, ingeval het een in artikel 41 vermeld feit betreft, bij de in dat lid bedoelde aanduiding vermeld dat deze is vervallen, onder vermelding van het stukidentificatienummer van het desbetreffende stuk. Indien de waardeloosheid betrekking heeft op andere dan in artikel 41 bedoelde inschrijvingen, wordt het deel en nummer van de verklaring van waardeloosheid vermeld bij de desbetreffende percelen. **10.** Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing op de inschrijving van stukken die betrekking hebben op mijnen als bedoeld in de Loi concernant les Mines, les Minières et les Carrières, du 21 avril 1810 (Bulletin des Lois no. 285). @@ -496,7 +752,7 @@ De in artikel 39, achtste lid, bedoelde aanduidingen van de aard van de ingeschr ### Artikel 43 -**1.** Indien een inschrijving in de openbare registers de overgang betreft van een gedeelte van een perceel of een zodanige vestiging, overgang- wijziging of afstand van een beperkt recht, dat dit recht op een gedeelte van een perceel komt te rusten als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van het besluit, wordt bij het perceel van de verweerder vermeld dat van een gedeelte sprake is en wordt verwezen naar het deel en nummer van inschrijving. +**1.** Indien een stuk wordt ingeschreven in de openbare registers, dat betrekking heeft op de overgang van een gedeelte van een perceel of een zodanige vestiging, overgang, wijziging of afstand van een beperkt recht, en dit recht op een gedeelte van een perceel komt te rusten als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van het besluit, wordt bij het perceel van de vervreemder vermeld dat van een gedeelte sprake is en wordt verwezen naar het stukidentificatienummer van het desbetreffende ingeschreven stuk. **2.** Voorts zijn de artikelen 39, tweede, vijfde en zesde lid, en 40, eerste lid, van overeenkomstige toepassing. @@ -512,7 +768,7 @@ De in artikel 39, achtste lid, bedoelde aanduidingen van de aard van de ingeschr ### Artikel 45 -De handhaving van de vermelding van een publiekrechtelijke eigendoms- of gebruiksbeperking dan wel een schuldplichtigheid met zakelijke werking, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het besluit, geschiedt door bij de actuele gegevens de desbetreffende aanduiding over te nemen, zo mogelijk onder verwijzing naar het deel en nummer van inschrijving van het stuk op grond waarvan de desbetreffende aanduiding werd gesteld. +De handhaving van de vermelding van een publiekrechtelijke eigendoms- of gebruiksbeperking dan wel een schuldplichtigheid met zakelijke werking, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het besluit, geschiedt door bij de actuele gegevens de desbetreffende aanduiding over te nemen, zo mogelijk onder verwijzing naar het stukidentificatienummer van het stuk op grond waarvan de desbetreffende aanduiding werd gesteld. ### Artikel 45a @@ -602,19 +858,32 @@ a. uit een ingeschreven stuk blijkt dat een deel van de in de splitsing in appar b. uit een ingeschreven vonnis van onteigening blijkt dat een deel van de in de splitsing in appartementsrechten betrokken onroerende zaken, is onteigend; c. een stuk is ingeschreven waaruit blijkt dat een erfpacht of recht van opstal dat naast één of meer onroerende zaken in een splitsing in appartementsrechten is betrokken, is geëindigd. -##### Paragraaf 5. Wijze van bijwerking terzake van hypotheken en beslagen +##### Paragraaf 5. Wijze van bijwerking omtrent kabelnetten ### Artikel 59 -Vervallen +**1.** + +Na de inschrijving in de openbare registers van: + +a. een stuk betreffende de eerste registratie van een kabelnet; +b. een stuk betreffende de gehele of gedeeltelijke overdracht van een kabelnet; +c. een stuk betreffende de wijziging van de ligging van een kabelnet, of +d. een proces-verbaal van inbeslagneming van een kabelnet waarin het kabelnet is aangeduid door middel van een eigen kadastrale aanduiding, wordt in de kadastrale registratie een verwijzing opgenomen tussen de kadastrale aanduiding van het kabelnet en de kadastrale aanduiding van de percelen waarbinnen dat kabelnet is of wordt aangelegd. + +**2.** De verwijzing, bedoeld in het eerste lid, vindt plaats door in de kadastrale registratie bij de kadastrale aanduiding van het kabelnet een opgaaf op te nemen van de coördinaatpunten, bedoeld in artikel 52, eerste lid, van de wet, van zowel het kabelnet als het gebied waarin de percelen liggen waarbinnen dat kabelnet is of wordt aangelegd, alsmede de lijnverbanden tussen die coördinaatpunten. ### Artikel 60 -Vervallen +**1.** Na de inschrijving in de openbare registers van een proces-verbaal van inbeslagneming van een kabelnet waarin het kabelnet is aangeduid door middel van de kadastrale aanduidingen van de percelen waarbinnen dit kabelnet is aangelegd en geen melding is gemaakt van een eigen kadastrale aanduiding van het kabelnet, onderzoekt de bewaarder of het kabelnet al onder vermelding van een eigen kadastrale aanduiding in de kadastrale registratie is opgenomen. + +**2.** Indien de bewaarder na het onderzoek, bedoeld in het eerste lid, concludeert dat het kabelnet in de kadastrale registratie is opgenomen onder vermelding van een eigen kadastrale aanduiding, wordt in de kadastrale registratie een verwijzing opgenomen tussen het stukidentificatienummer van het in de openbare registers ingeschreven beslag en de kadastrale aanduiding van het kabelnet. + +**3.** Indien de bewaarder na het onderzoek, bedoeld in het eerste lid, concludeert dat het kabelnet in de kadastrale registratie is opgenomen door middel van de kadastrale aanduidingen van de percelen waarbinnen dit kabelnet is aangelegd, kent hij overeenkomstig artikel VII van het besluit houdende wijziging van het Kadasterbesluit, de Maatregel toeboekgestelde schepen 1992, de Maatregel te boek gestelde luchtvaartuigen en het Arbeidstijdenbesluit vervoer (wijziging in verband met de inwerkingtreding van de Herzieningswet Kadasterwet I en enige andere wetten, alsmede in verband met de kadastrale aanduiding van kabelnetten), ambtshalve een kadastrale aanduiding aan dat kabelnet toe. In de kadastrale registratie vermeldt de bewaarder de beslaglegger als rechthebbende op het kabelnet, onder toevoeging van de volgende aantekening: ‘voorlopige registratie krachtens een beslag’. ### Artikel 61 -In verband met artikel 100 van de wet wordt bij de percelen een ‘d’ of ‘n’ vermeld, naar gelang al dan niet een doorhaling van een inschrijving ter zake van hypotheken en beslagen heeft plaatsgevonden. Is het perceel ontstaan in verband met een toedeling ingevolge de Landinrichtingswet, de Reconstructiewet Midden-Delfland dan wel de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën, of in verband met een ingeschreven akte van verdeling als bedoeld in artikel 17, juncto artikel 119, vierde lid, van de Landinrichtingswet waarin artikel 208, derde en vierde lid, van die wet toepasselijk is verklaard en dit beding door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit is goedgekeurd, dan wordt bij de nieuwe kadastrale aanduiding van het perceel een ‘n’ vermeld. +Indien de inschrijving van een stuk, bedoeld in artikel 59, eerste lid, onderdelen b en c, aanleiding geeft tot het toekennen van een nieuwe kadastrale aanduiding aan een kabelnet, wordt in de verwijzing tussen de kadastrale aanduiding van het kabelnet en de kadastrale aanduiding van de percelen waarbinnen dat kabelnet is of wordt aangelegd, bedoeld in artikel 59, eerste lid, en in de verwijzing tussen het stukidentificatienummer van het in de openbare registers ingeschreven beslag en de kadastrale aanduiding van het kabelnet, bedoeld in artikel 60, tweede lid, de oude kadastrale aanduiding vervangen door de nieuwe kadastrale aanduiding. ##### Paragraaf 6. Wijze van bijwerking van gegevens als bedoeld in @@ -724,7 +993,7 @@ Bij de in artikel 74, tweede lid, bedoelde nauwkeurige grootteberekening wordt, **1.** De in artikel 44 bedoelde metingsstaten worden opgemaakt met inachtneming van het tweede tot en met vijfde lid. -**2.** Bij ieder perceel of gedeelte daarvan wordt zo mogelijk verwezen naar het deel en nummer van inschrijving van het stuk waarbij de verkrijging plaatsvond. +**2.** Bij ieder perceel of gedeelte daarvan wordt zo mogelijk verwezen naar het stukidentificatienummer van het stuk waarbij de verkrijging plaatsvond. **3.** Aanduidingen inzake een publiekrechtelijke eigendoms- of gebruiksbeperking of schuldplichtigheid met zakelijke werking worden zodanig vermeld, dat voldaan kan worden aan artikel 45. Tevens vindt vermelding plaats van het resultaat van het onderzoek als bedoeld in artikel 10, tweede lid, van het besluit. @@ -926,7 +1195,7 @@ De in artikel 21, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Kadasterwet 1994 bedoel Aan het slot van het voorstel van vernieuwing worden in volgorde van de plaatsgehad hebbende bijhoudingen per bijhouding vermeld: -a. de datum en, indien de bijhouding is gegrond op een ingeschreven stuk, deel en nummer van inschrijving van het stuk dat tot bijhouding heeft geleid, dan wel, indien het een bijhouding betreft op grond van een niet ingeschreven stuk, het volgnummer waaronder het stuk wordt bewaard; +a. de datum en, indien de bijhouding is gegrond op een ingeschreven stuk, het stukidentificatienummer van het stuk dat tot bijhouding heeft geleid, dan wel, indien het een bijhouding betreft op grond van een niet ingeschreven stuk, het volgnummer waaronder het stuk wordt bewaard; b. een korte aanduiding van de aard en de inhouding van het stuk; c. tot welke bijhouding de onder a bedoelde stukken hebben geleid. @@ -1072,9 +1341,7 @@ Artikel 111 is voor zover mogelijk van overeenkomstige toepassing op de in artik ### Artikel 116 -**1.** De bijhouding van het net van co=F6rdinaatpunten, bedoeld in artikel 52, eerste lid, van de wet, vindt plaats door het periodiek verrichten van werkzaamheden ter controle en ter instandhouding van de in dat artikellid genoemde RD-punten, alsmede ter verdichting van het bestaande net van deze punten. - -**2.** Het hoofd van het bureau Rijksdriehoeksmeting draagt er tijdig zorg voor dat het teloorgaan of minder betrouwbaar worden van de in het eerste lid bedoelde RD-punten wordt voorkomen. +De bijhouding van het net van coördinaatpunten, bedoeld in artikel 52, eerste lid, van de wet, vindt plaats door het periodiek verrichten van werkzaamheden ter controle en ter instandhouding van dit net van coördinaatpunten. ## Hoofdstuk 5. Verstrekking van inlichtingen @@ -1153,7 +1420,7 @@ Afschriften van de kadastrale kaart worden verstrekt in de vorm van een digitaal ### Artikel 136 -De raadpleging van de kadastrale registratie en de kadastrale kaart geschiedt door het verlenen van inzage aan het kantoor van de Dienst en digitale raadpleging. +De raadpleging van de kadastrale registratie en de kadastrale kaart geschiedt door het verlenen van inzage aan de kantoren van de Dienst die voor het publiek zijn opengesteld, via het in paragraaf 3.6 van de technische handleiding genoemde internetadres of door middel van een permanente aansluiting op de geautomatiseerde kadastrale registratie en door het verstrekken van inlichtingen, door middel van de telefoon of telefax. #### Afdeling 4. Inlichtingen uit bescheiden die ten grondslag liggen aan door de Dienst gehouden kaarten @@ -1209,11 +1476,25 @@ Het verstrekken van inlichtingen, bedoeld in artikel 102, vierde lid, van de wet ### Artikel 142 -Met de verstrekking van de in artikel 103, tweede lid, van de wet bedoelde inlichtingen zijn belast: +Met de verstrekking van de in artikel 106, tweede en derde lid, van de wet bedoelde inlichtingen zijn belast: a. voor zover het betreft de kadastrale kaarten: de bewaarder van het kantoor van de Dienst waar de kaarten worden gehouden, alsmede de directeur van het kadaster en de openbare registers van dat kantoor; b. voor zover het betreft het net van coördinaatpunten, bedoeld in artikel 52 van de wet: het hoofd van het bureau Rijksdriehoeksmeting, welk bureau onderdeel is van de eenheid Vastgoedinformatie en Geodesie van de concernstaf van de Dienst. +### Artikel 142a + +**1.** De bewaarder waarmerkt afschriften en uittreksels in papieren vorm als bedoeld in de artikelen 99 tot en met 102 van de wet door in het afschrift of het uittreksel de volgende door hem te ondertekenen verklaring op te nemen: ‘Voor eensluidend afschrift’ of ‘Voor eensluidend uittreksel’, onder vermelding van zijn naam, voorletters en functie. + +**2.** De bewaarder waarmerkt getuigschriften in papieren vorm als bedoeld in artikel 99 van de wet door het getuigschrift te ondertekenen, onder vermelding van zijn naam, voorletters en functie. + +**3.** + +De bewaarder waarmerkt afschriften, uittreksels en getuigschriften in elektronische vorm door hieraan een afzonderlijk elektronisch bestand toe te voegen, waarin hij verklaart dat de gegevens overeenstemmen met de bij de Dienst berustende gegevens. Het bestand wordt voorzien van de elektronische handtekening van de bewaarder en bevat voorts de volgende gegevens: + +a. de naam van het kantoor van de Dienst, +b. de datum van afgifte, en +c. de naam van de bewaarder die het document elektronisch heeft gewaarmerkt. + ## Hoofdstuk 6. Overige en slotbepalingen ### Artikel 143 @@ -1236,7 +1517,7 @@ Ten aanzien van de wijze waarop wijzigingen, bedoeld in artikel 111, eerste lid, ### Artikel 146 -**1.** De kennisgeving van het herstel van een kennelijke misslag begaan bij de bijwerking van de kadastrale registratie, bedoeld in artikel 112, derde lid, juncto artikel 58, eerste lid, van de wet, heeft de vorm van het model dat als bijlage 33 bij deze regeling is gevoegd. +**1.** De kennisgeving van het herstel van een kennelijke misslag betreffende de wijziging van de tenaamstelling of de vaststelling van een perceelsgrootte begaan bij de bijwerking van de kadastrale registratie, bedoeld in artikel 112, derde lid, juncto artikel 58, eerste lid, van de wet, heeft de vorm van het model dat als bijlage 33 bij deze regeling is gevoegd. **2.** Op de vorm van de beslissing waarbij een verzoek tot herstel van een kennelijke misslag, bedoeld in het eerste lid, wordt afgewezen, is artikel 112, eerste lid, van overeenkomstige toepassing. @@ -1282,26 +1563,54 @@ Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met ui ## Bijlage 1 -Ligt ter inzage op de afdeling Bewaring, Juridische Zaken en Vastgoedinformatie van alle kantoren van het Kadaster, met uitzondering van het kantoor te Apeldoorn. +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. ## Bijlage 2 -Ligt ter inzage op de afdeling Bewaring, Juridische Zaken en Vastgoedinformatie van alle kantoren van het Kadaster, met uitzondering van het kantoor te Apeldoorn. +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. + +## Bijlage 2a + +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. + +## Bijlage 2b + +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. ## Bijlage 3 -Ligt ter inzage op de afdeling Bewaring, Juridische Zaken en Vastgoedinformatie van alle kantoren van het Kadaster, met uitzondering van het kantoor te Apeldoorn. +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. ## Bijlage 4 -Niet opgenomen. +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. + +## Bijlage 4a + +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. + +## Bijlage 4b + +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. ## Bijlage 5 -Niet opgenomen. +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. ## Bijlage 6 +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. + +## Bijlage 6a + +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. + +## Bijlage 6b + +Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk. + +## Bijlage 6c + Niet opgenomen. ## Bijlage 7