2010-10-01 | BWBR0013430 | Besluit glastuinbouw
This commit is contained in:
parent
b07cd74b96
commit
a0006f6f31
1 changed files with 15 additions and 15 deletions
|
|
@ -32,14 +32,15 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
- *gewas:* een in lijst 1 behorende bij bijlage 1 opgenomen gewas of een in lijst 2 behorende bij die bijlage bij een gewasgroep ingedeeld gewas;
|
||||
- *gewasbeschermingsmiddel:* gewasbeschermingsmiddel als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden;
|
||||
- *gewasgroep:* een groep waarvan in lijst 2 behorende bij bijlage 1 is aangegeven welke gewassen erbij zijn ingedeeld;
|
||||
- *inrichting-bevoegd gezag:* bestuursorgaan dat bevoegd is, onderscheidenlijk zou zijn, een omgevingsvergunning te verlenen voor een glastuinbouwbedrijf of een akkerbouw- of tuinbouwbedrijf met open grondteelt waarop het Besluit akkerbouwbedrijven milieubeheer niet van toepassing is in verband met artikel 1, onder a, onder 11°, van dat besluit;
|
||||
- *kunstmeststoffen:* meststoffen van niet organische oorsprong;
|
||||
- *lozen:* lozen op een oppervlaktewaterlichaam of lozen op een riolering;
|
||||
- *lozen op een oppervlaktewaterlichaam:*brengen van afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen in een oppervlaktewaterlichaam;
|
||||
- *lozen op een riolering:* al dan niet door middel van een bedrijfsriolering brengen van afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen in een openbaar riool of een andere voorziening voor de inzameling en het transport van afvalwater die is aangesloten op een zuiveringstechnisch werk;
|
||||
- *maatwerkvoorschrift:* voorschrift als bedoeld in artikel 8.42, eerste lid, van de Wet milieubeheer, inhoudende:
|
||||
|
||||
a. een beschikking waarbij het Wtw- of het Wm- bevoegd gezag aanvullende eisen stelt; dan wel
|
||||
b. een ontheffing waarbij het Wtw- of het Wm- bevoegd gezag de daarbij aangewezen bepalingen niet van toepassing verklaart al dan niet onder het stellen van beperkingen of voorwaarden;
|
||||
a. een beschikking waarbij het Wtw- of het inrichting- bevoegd gezag aanvullende eisen stelt; dan wel
|
||||
b. een ontheffing waarbij het Wtw- of het inrichting- bevoegd gezag de daarbij aangewezen bepalingen niet van toepassing verklaart al dan niet onder het stellen van beperkingen of voorwaarden;
|
||||
- *meststoffen:* dierlijke meststoffen, overige organische meststoffen en andere meststoffen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, f, onderscheidenlijk g, van de Meststoffenwet, voor zover zij stikstof of fosfor bevatten;
|
||||
- *NEN:* een door het Nederlands Normalisatie Instituut (NNI) uitgegeven norm;
|
||||
- *NVN:* een door het Nederlands Normalisatie Instituut (NNI) uitgegeven voornorm;
|
||||
|
|
@ -51,6 +52,7 @@ b. een ontheffing waarbij het Wtw- of het Wm- bevoegd gezag de daarbij aangeweze
|
|||
|
||||
1°. woningen van derden;
|
||||
2°. restaurants;
|
||||
- *omgevingsvergunning:* omgevingsvergunning voor een inrichting;
|
||||
- *openbaar riool:* gemeentelijke voorziening voor de inzameling en het transport van afvalwater;
|
||||
- *PGS 7:* publicatie nr. 7 van de «Publicatiereeks Gevaarlijke stoffen», getiteld «Opslag van vaste minerale anorganische meststoffen», uitgave oktober 2007;
|
||||
- *riolering:* bedrijfsriolering of een voorziening voor de inzameling en het transport van afvalwater;
|
||||
|
|
@ -61,8 +63,6 @@ b. een ontheffing waarbij het Wtw- of het Wm- bevoegd gezag de daarbij aangeweze
|
|||
- *voedingswater:* water dat aan het gewas wordt toegediend en waar eventueel meststoffen aan zijn toegevoegd;
|
||||
- *vooronderzoek:* onderzoek uit te voeren op een wijze als aangegeven in NVN 5725 «Bodem – leidraad voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend, oriënterend en nader onderzoek», uitgave 1999, dan wel een door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer aangewezen norm;
|
||||
- *warmtekrachtinstallatie:* stookinstallatie, bestemd voor het gelijktijdig opwekken van warmte en kracht waarbij de warmte nuttig wordt aangewend;
|
||||
- *Wm-bevoegd gezag:* bestuursorgaan dat bevoegd is, onderscheidenlijk zou zijn, een Wm-vergunning te verlenen voor een glastuinbouwbedrijf of een akkerbouw- of tuinbouwbedrijf met open grondteelt waarop het Besluit landbouw milieubeheer niet van toepassing is in verband met artikel 3, eerste lid, onderdeel h, van dat besluit;
|
||||
- *Wm-vergunning:* vergunning als bedoeld in artikel 8.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer;
|
||||
- *woning:* een gebouw of gedeelte van een gebouw, dat voor bewoning wordt gebruikt of daartoe is bestemd, met uitzondering van een dienst- of bedrijfswoning behorende bij een inrichting als bedoeld in artikel 2 onder a;
|
||||
- *watervergunning:* vergunning als bedoeld in artikel 6.2 van de Waterwet;
|
||||
- *Wtw-bevoegd gezag:* bestuursorgaan dat bevoegd is tot vergunningverlening ingevolge artikel 6.2 van de Waterwet.
|
||||
|
|
@ -83,11 +83,11 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt voorts verstaan onder:
|
|||
a. glastuinbouwbedrijf: een inrichting die tot een krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer aangewezen categorie behoort en die uitsluitend of in hoofdzaak is bestemd tot het onder een permanente opstand van glas of van kunststof telen van gewassen, met uitzondering van een zodanige inrichting die uitsluitend of in hoofdzaak is bestemd tot het onder een zodanige opstand telen van eetbare paddestoelen of witlof;
|
||||
b. glastuinbouwbedrijf type A: glastuinbouwbedrijf, waar:
|
||||
|
||||
1°. gedeputeerde staten het Wm-bevoegd gezag voor zijn;
|
||||
1°. gedeputeerde staten het inrichting-bevoegd gezag voor zijn;
|
||||
2°. een of meer installaties aanwezig zijn voor het verstoken of verbranden van andere stoffen dan aardgas, propaangas, butaangas, gasolie of biodiesel, die voldoen aan NEN-EN 14.214, met een individueel nominaal vermogen van meer dan 20 kilowatt;
|
||||
3°. een andere brandstof dan aardgas, propaangas of butaangas dan wel in een combinatie van deze brandstoffen wordt gestookt ten behoeve van een warmtekrachtinstallatie;
|
||||
4°. een of meer elektromotoren of verbrandingsmotoren aanwezig zijn met een totaal geïnstalleerd vermogen van 15 MW of meer;
|
||||
5°. activiteiten of handelingen plaatsvinden, als bedoeld in categorie 21, bijlage I, behorende bij het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer;
|
||||
5°. activiteiten of handelingen plaatsvinden, als bedoeld in categorie 21 van bijlage I, onder C, bij het Besluit omgevingsrecht;
|
||||
6°. in een specifieke daartoe ingerichte ruimte behandeling voor derden van bloembollen of knollen met gewasbeschermingsmiddelen plaatsvindt;
|
||||
7°. kunstmeststoffen worden opgeslagen behorende tot groep 3 of groep 4 als bedoeld in PGS 7 of meer dan 50 ton kunstmeststoffen behorende tot groep 2 wordt opgeslagen als bedoeld in PGS 7;
|
||||
8°. verpakte gevaarlijke stoffen, niet zijnde kunstmeststoffen, worden opgeslagen in een opslagvoorziening met een opslagcapaciteit van meer dan 10.000 kilogram;
|
||||
|
|
@ -161,7 +161,7 @@ De verboden, bedoeld in artikel 6.2 van de Waterwet, gelden niet ten aanzien van
|
|||
|
||||
**1.** Degene die een glastuinbouwbedrijf type B drijft, draagt er zorg voor dat de voor het betrokken glastuinbouwbedrijf geldende artikelen en voorschriften worden nageleefd.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een voorschrift dat is opgenomen in bijlage 2, hoofdstukken 1 tot en met 3, inhoudt dat daarbij aangegeven middelen ter bescherming van het milieu moeten worden toegepast, meldt degene die de inrichting drijft en die voornemens is andere middelen toe te passen, dit voornemen ten minste vier weken voordat hij die andere middelen wil toepassen aan het Wm-bevoegd gezag, onder overlegging van de in artikel 7, achtste lid, bedoelde gegevens. Het Wm-bevoegd gezag beslist over de juistheid van een gekozen middel.
|
||||
**2.** Indien een voorschrift dat is opgenomen in bijlage 2, hoofdstukken 1 tot en met 3, inhoudt dat daarbij aangegeven middelen ter bescherming van het milieu moeten worden toegepast, meldt degene die de inrichting drijft en die voornemens is andere middelen toe te passen, dit voornemen ten minste vier weken voordat hij die andere middelen wil toepassen aan het inrichting-bevoegd gezag, onder overlegging van de in artikel 7, achtste lid, bedoelde gegevens. Het inrichting-bevoegd gezag beslist over de juistheid van een gekozen middel.
|
||||
|
||||
**3.** Indien een voorschrift dat is opgenomen in bijlage 3, inhoudt dat daarbij aangegeven middelen ter bescherming van een oppervlaktewaterlichaam of ter bescherming van de doelmatige werking van de betrokken zuiveringstechnische werken moeten worden toegepast, meldt degene die loost type II en die voornemens is andere middelen toe te passen, dit voornemen ten minste vier weken voordat hij die andere middelen wil toepassen aan het Wtw-bevoegd gezag, onder overlegging van de in artikel 8, zesde lid, bedoelde gegevens. Het Wtw-bevoegd gezag beslist over de juistheid van een gekozen middel.
|
||||
|
||||
|
|
@ -169,7 +169,7 @@ De verboden, bedoeld in artikel 6.2 van de Waterwet, gelden niet ten aanzien van
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het Wm-bevoegd gezag kan maatwerkvoorschriften stellen met betrekking tot:
|
||||
Het inrichting-bevoegd gezag kan maatwerkvoorschriften stellen met betrekking tot:
|
||||
|
||||
a. de in bijlage 2 opgenomen voorschriften ten aanzien van geluid, afvalstoffen, afvalwater, waterbesparing, assimilatiebelichting, bestrijdingsmiddelen, bodembescherming, lucht, opslag vloeibare kooldioxide, opslag vaste mest en gebruikt substraatmateriaal en het composteren en de opslag van afgedragen gewas, voor zover dat in hoofdstuk 4 van die bijlage is aangegeven, of
|
||||
b. de aanwezigheid van brandbestrijdingsmiddelen, de veiligheid van toestellen en installaties voor gas of elektriciteit, de veiligheid van de opslag van stoffen, het verbruik van grondstoffen, de gevolgen van het verkeer van personen of goederen van en naar de inrichting en de nadelige gevolgen voor het milieu die de inrichting kan veroorzaken waarop paragraaf 1.9 van bijlage 2 betrekking heeft, indien dat bijzonder is aangewezen in het belang van de bescherming van het milieu.
|
||||
|
|
@ -186,7 +186,7 @@ b. de aanwezigheid van brandbestrijdingsmiddelen, de veiligheid van toestellen e
|
|||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
**1.** Degene die een glastuinbouwbedrijf type B opricht, meldt dit ten minste acht weken voor de oprichting aan het Wm-bevoegd gezag.
|
||||
**1.** Degene die een glastuinbouwbedrijf type B opricht, meldt dit ten minste acht weken voor de oprichting aan het inrichting-bevoegd gezag.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot het veranderen van een glastuinbouwbedrijf type B en het veranderen van de werking daarvan. Deze melding is niet vereist, indien eerder een melding overeenkomstig dit artikel is gedaan en door dit uitbreiden, wijzigen of veranderen van de werking van het glastuinbouwbedrijf geen afwijking ontstaat van de bij die melding eerder verstrekte gegevens.
|
||||
|
||||
|
|
@ -217,11 +217,11 @@ c. indien assimilatiebelichting wordt toegepast: de verlichtingssterkte, uitgedr
|
|||
|
||||
**7.** Het onderzoek richt zich met gebruikmaking van geluidmetingen of geluidberekeningen op de bestaande en te verwachten geluidniveaus en op maatregelen en voorzieningen die ertoe kunnen leiden dat de geluidniveaus de waarden bedoeld in voorschrift 1.1.1, 1.1.2, 1.1.3 of 4.1.1 van bijlage 2 niet zullen overschrijden.
|
||||
|
||||
**8.** De in het derde en vierde lid vermelde gegevens behoeven niet te worden verstrekt, indien degene die het glastuinbouwbedrijf type B drijft, deze gegevens reeds aan het Wm-bevoegd gezag heeft verschaft en het Wm-bevoegd gezag over die gegevens beschikt.
|
||||
**8.** De in het derde en vierde lid vermelde gegevens behoeven niet te worden verstrekt, indien degene die het glastuinbouwbedrijf type B drijft, deze gegevens reeds aan het inrichting-bevoegd gezag heeft verschaft en het inrichting-bevoegd gezag over die gegevens beschikt.
|
||||
|
||||
**9.** Degene die de melding doet, geeft in voorkomend geval bij de melding aan welke gegevens hij reeds aan het Wm-bevoegd gezag heeft verschaft.
|
||||
**9.** Degene die de melding doet, geeft in voorkomend geval bij de melding aan welke gegevens hij reeds aan het inrichting-bevoegd gezag heeft verschaft.
|
||||
|
||||
**10.** Bij de melding overeenkomstig artikel 5, tweede lid, worden aan het Wm-bevoegd gezag gegevens verstrekt waaruit blijkt dat met de toe te passen andere middelen een ten minste gelijkwaardige bescherming voor het milieu wordt bereikt.
|
||||
**10.** Bij de melding overeenkomstig artikel 5, tweede lid, worden aan het inrichting-bevoegd gezag gegevens verstrekt waaruit blijkt dat met de toe te passen andere middelen een ten minste gelijkwaardige bescherming voor het milieu wordt bereikt.
|
||||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
||||
|
|
@ -291,11 +291,11 @@ Wijzigt het Lozingenbesluit open teelt en veehouderij.
|
|||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
Degene die een glastuinbouwbedrijf type B drijft waarop het eerste lid van toepassing is, legt de gegevens, bedoeld in artikel 7, derde lid, onderdelen a tot en met g en vierde lid, over aan het Wm-bevoegd gezag. Artikel 7, vijfde, zesde en zevende lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
Degene die een glastuinbouwbedrijf type B drijft waarop het eerste lid van toepassing is, legt de gegevens, bedoeld in artikel 7, derde lid, onderdelen a tot en met g en vierde lid, over aan het inrichting-bevoegd gezag. Artikel 7, vijfde, zesde en zevende lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
Voor zover de gegevens nog niet eerder in het kader van de Wm-vergunning behoefden te worden overgelegd, legt degene die het glastuinbouwbedrijf drijft, die gegevens over aan het Wm-bevoegd gezag, ten hoogste twaalf weken na het tijdstip waarop dit besluit in werking treedt.
|
||||
Voor zover de gegevens nog niet eerder in het kader van de Wm-vergunning behoefden te worden overgelegd, legt degene die het glastuinbouwbedrijf drijft, die gegevens over aan het inrichting-bevoegd gezag, ten hoogste twaalf weken na het tijdstip waarop dit besluit in werking treedt.
|
||||
|
||||
**4.** Degene die een glastuinbouwbedrijf type B drijft waarop onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit het Besluit tuinbouwbedrijven met bedekte teelt milieubeheer van toepassing was, legt de gegevens bedoeld in artikel 7, derde lid, onderdelen f en g, en vierde lid, over aan het Wm-bevoegd gezag. Artikel 7, vijfde, zesde en zevende lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**4.** Degene die een glastuinbouwbedrijf type B drijft waarop onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit het Besluit tuinbouwbedrijven met bedekte teelt milieubeheer van toepassing was, legt de gegevens bedoeld in artikel 7, derde lid, onderdelen f en g, en vierde lid, over aan het inrichting-bevoegd gezag. Artikel 7, vijfde, zesde en zevende lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 15
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue