2006-11-17 | BWBR0012289 | Vreemdelingencirculaire 2000 (B)
This commit is contained in:
parent
1d8cfdc625
commit
a0ac85732c
1 changed files with 5 additions and 5 deletions
|
|
@ -5946,7 +5946,7 @@ De familierechtelijke relatie tot degene bij wie verblijf wordt beoogd, wordt do
|
|||
|
||||
De aanvraag wordt afgewezen, indien het kind niet feitelijk behoort of niet reeds in het buitenland feitelijk behoorde tot het gezin van de in Nederland wonende ouder(s) bij wie verblijf wordt beoogd. De gezinsband moet reeds in het buitenland hebben bestaan en het kind moet gaan samenwonen bij de ouder(s).
|
||||
|
||||
20025825-02-20025113023/01/IND20025825-02-20025113023/01/IND23-03-2002
|
||||
20025825-02-20025113023/01/IND20025825-02-20025113023/01/IND23-03-200208-09-2006Stcrt. 2006, 233, datum inwerkingtreding 29-11-2006, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 08-09-2006.Ingevolge artikel 3.14, tweede lid, onder c, Vb wordt de verblijfsvergunning verleend, indien het kind feitelijk behoort en reeds in het buitenland feitelijk behoorde tot het gezin van de in Nederland wonende ouder(s) bij wie verblijf wordt beoogd. De gezinsband moet reeds in het buitenland hebben bestaan en het kind moet gaan samenwonen met de ouder(s).De aanvraag wordt afgewezen, indien het kind niet feitelijk behoort en reeds in het buitenland behoorde tot het gezin van de in Nederland wonende ouder(s) bij wie verblijf wordt beoogd.Voor de invulling van het begrip feitelijke gezinsband in zaken waarin minderjarige biologische of juridische kinderen bij een in Nederland verblijvende ouder verblijf vragen, wordt aangesloten bij het begrip familie- en gezinsleven in de zin van artikel 8 EVRM.Het gezinsleven tussen ouders en kinderen in de zin van artikel 8 EVRM eindigt slechts in zeer uitzonderlijke situaties. Ook indien men niet samenwoont of maar heel kort heeft samengewoond, of er in een periode weinig of geheel geen contact is geweest, zijn er andere zwaarwegende feiten nodig om het gezinsleven als beëindigd te kunnen aanmerken. De enkele ondertoezichtstelling of uithuisplaatsing van het kind beëindigt bijvoorbeeld niet het gezinsleven.Indien sprake is van gezinsleven in de zin van artikel 8 EVRM wordt aangenomen dat een biologisch of juridisch kind feitelijk behoort en reeds in het buitenland behoorde tot het gezin van de ouder(s).Indien sprake is van één of meer van de volgende genoemde omstandigheden wordt, in uitzondering op het vorenstaande, aangenomen dat een kind niet langer feitelijk behoort tot het gezin van de ouder(s):–het kind gaat zelfstandig wonen en in het eigen onderhoud voorzien;–het kind vormt een zelfstandig gezin door het aangaan van een huwelijk of een relatie;–het kind is belast met de zorg voor buitenhuwelijkse kinderen.Ingeval het kind zelf de zorg heeft voor afhankelijke gezinsleden, onder wie (buitenechtelijke) kinderen, is dit alleen een reden om aan te nemen dat het niet langer feitelijk behoort tot het gezin van de ouder(s), indien daarnaast sprake is van één van de eerste twee hiervóór genoemde omstandigheden.Met de genoemde uitzonderingsgevallen is duidelijk gemaakt dat er omstandigheden kunnen zijn, waarin geoordeeld kan worden dat het kind niet (meer) feitelijk behoort tot het gezin van de ouder(s). In de eerste twee genoemde omstandigheden kan worden aangenomen dat het kind een zekere mate van zelfstandigheid heeft bereikt. In deze gevallen komt aan de handhaving van een restrictief vreemdelingenbeleid meer gewicht toe dan aan het individuele belang van het kind om zich alsnog bij zijn ouder(s) in Nederland te voegen. De zorg voor afhankelijke gezinsleden, onder wie (buitenechtelijke) kinderen, kan uitsluitend tot het oordeel leiden dat het kind niet feitelijk behoort tot het gezin van de ouder(s), indien het kind daarnaast zelfstandig woont en in eigen onderhoud voorziet, óf door het aangaan van een huwelijk of een relatie een zelfstandig gezin heeft gevormd.
|
||||
|
||||
##### 6.4.1. Referteperiode
|
||||
|
||||
|
|
@ -5956,7 +5956,7 @@ Het vorenstaande geeft uiting aan het principe dat aan illegaal verblijf in het
|
|||
|
||||
Onderscheid wordt gemaakt tussen gevallen waarin sprake is van een scheiding tussen de ouder(s) en het kind die nog geen vijf jaar heeft geduurd, en gevallen waarin die scheiding vijf jaar of langer heeft geduurd.
|
||||
|
||||
20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND01-04-2001
|
||||
20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND01-04-200108-09-2006Stcrt. 2006, 233, datum inwerkingtreding 29-11-2006, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 08-09-2006.Het kind van vijftien jaar of ouder toont aan dat het niet de zorg heeft voor (buitenhuwelijkse) kinderen door ondertekening van de daartoe strekkende verklaring. Dat vormt geen onweerlegbaar bewijs. Indien naderhand blijkt dat de verklaring ten onrechte is ondertekend, worden daaraan verblijfsrechtelijke gevolgen verbonden. Het kind dat de verklaring niet naar waarheid kan ondertekenen, verstrekt daarover gegevens die bij de beoordeling van de feitelijke gezinsband worden betrokken.
|
||||
|
||||
###### 6.4.2.1. I. Referteperiode tot vijf jaar
|
||||
|
||||
|
|
@ -5979,13 +5979,13 @@ Ook indien de ouders van een kind nog met elkaar gehuwd zijn en het kind bij een
|
|||
|
||||
Bepalend voor de vraag of aan bovengenoemd beleid of het beleid inzake verruimde gezinshereniging moet worden getoetst, is de leeftijd van het kind op de datum van aanvraag om gezinshereniging. Als bijvoorbeeld een kind op 16-jarige leeftijd is achtergelaten en twee jaar daarna wordt de aanvraag om gezinshereniging ingediend, geldt het beleid inzake verruimde gezinshereniging.
|
||||
|
||||
20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND01-04-2001
|
||||
20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND01-04-200108-09-2006Stcrt. 2006, 233, datum inwerkingtreding 29-11-2006, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 08-09-2006.Dit onderdeel vervalt.
|
||||
|
||||
##### 6.4.4. Ondertekening
|
||||
|
||||
Het kind van vijftien jaar of ouder toont aan dat het niet de zorg heeft voor (buitenhuwelijkse) kinderen door ondertekening van de daartoe strekkende verklaring van het model M41. Dat vormt geen onweerlegbaar bewijs. Indien naderhand blijkt dat de verklaring ten onrechte is ondertekend, worden daaraan verblijfsrechtelijke gevolgen verbonden. Het kind dat de verklaring niet naar waarheid kan ondertekenen, verstrekt daarover gegevens die bij de beoordeling van de feitelijke gezinsband worden betrokken.
|
||||
|
||||
20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND01-04-2001
|
||||
20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND01-04-200108-09-2006Stcrt. 2006, 233, datum inwerkingtreding 29-11-2006, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 08-09-2006.Dit onderdeel vervalt.
|
||||
|
||||
##### 6.4.5. Afwijking van het vereiste dat de feitelijke gezinsband reeds in het buitenland bestaat
|
||||
|
||||
|
|
@ -5994,7 +5994,7 @@ Voor gevallen waarin sprake is van een te erkennen buitenlandse adoptiebeslissin
|
|||
|
||||
Indien het kind voorafgaande aan de adoptiebeslissing *niet* in het buitenland in het gezin van adoptanten was opgenomen, is niet voldaan aan de vereisten dat het kind *feitelijk* behoort tot het gezin en dat de gezinsband reeds in het buitenland bestond. Indien vestiging van die feitelijke gezinsband als gevolg van het buitenlandse recht niet mogelijk was voorafgaande aan de adoptie, kan toch een verblijfsvergunning worden verleend, mits aan alle overige voorwaarden, gesteld in het kader van gezinshereniging is voldaan.
|
||||
|
||||
20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND01-04-2001
|
||||
20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND20016430-03-200102-03-20015073884/01/IND01-04-200108-09-2006Stcrt. 2006, 233, datum inwerkingtreding 29-11-2006, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 08-09-2006.Dit onderdeel vervalt.
|
||||
|
||||
#### 6.5. Minderjarigheid
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue