diff --git a/amvb/besluit-uitvoering-crisis-en-herstelwet/BWBR0027929/README.md b/amvb/besluit-uitvoering-crisis-en-herstelwet/BWBR0027929/README.md index 2fa882c541b..efd38f08020 100644 --- a/amvb/besluit-uitvoering-crisis-en-herstelwet/BWBR0027929/README.md +++ b/amvb/besluit-uitvoering-crisis-en-herstelwet/BWBR0027929/README.md @@ -154,7 +154,9 @@ b. met als doel (drink)water te winnen uit de lucht. **1.** In het plangebied Spoorzone in de gemeente Eindhoven en het project Dijckerwaal in de gemeente Westland is op de aanvraag om een omgevingsvergunning waarbij ten behoeve van het bevorderen van duurzame en innovatieve toepassingen voor een activiteit voor een bepaalde termijn toepassing wordt gegeven aan artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, artikel 3.10, eerste lid, onderdeel a, van die wet niet van toepassing. -**2.** Dit artikel is van toepassing op aanvragen die vóór 17 juli 2025 zijn ingediend. +**2.** In aanvulling op artikel 6.19 van het Besluit omgevingsrecht wordt als categorie van gevallen als bedoeld in artikel 3.9, derde lid, tweede volzin, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aangewezen de beslissing op een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in het eerste lid. + +**3.** Dit artikel is van toepassing op aanvragen die vóór 17 juli 2025 zijn ingediend. ### Artikel 6a @@ -221,12 +223,7 @@ In de gemeenten Almere, Castricum en Den Haag zijn tot 25 oktober 2017 voor te ### Artikel 6g -**1.** - -Dit artikel is van toepassing op: - -a. de gemeenten Almere, Delft, Eindhoven, Haarlem, Haarlemmermeer, Hoogeveen, Schijndel en Zoetermeer tot 1 januari 2021; -b. de gemeente Hulst tot 28 oktober 2021. +**1.** Dit artikel is tot 1 januari 2022 van toepassing op de gemeenten Almere, Delft, Eindhoven, Haarlem, Haarlemmermeer, Hoogeveen, Hulst, Schijndel en Zoetermeer. **2.** @@ -245,6 +242,17 @@ j. een vlaggenmast. **3.** Op een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in het tweede lid is artikel 2.2 van de Regeling omgevingsrecht niet van toepassing. +**4.** In de gemeente Haarlemmermeer geldt het verbod, gesteld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, niet voor aanvragen om een omgevingsvergunning als bedoeld in het tweede lid, aanhef en onder a tot en met j. + +**5.** + +Het vierde lid is niet van toepassing op het bouwen van een bouwwerk in, aan, op of bij: + +a. een rijksmonument als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet; +b. een monument of archeologisch monument waarop artikel 9.1, eerste lid, onder b, van de Erfgoedwet van toepassing is; +c. een krachtens een provinciale of gemeentelijke verordening aangewezen monument dan wel een monument waarop, voordat het is aangewezen, een zodanige verordening van overeenkomstige toepassing is; of +d. beschermde stads- en dorpsgezichten als bedoeld in artikel 35 van de Monumentenwet 1988. + ### Artikel 6h In afwijking van artikel 3.5, eerste volzin, van de Wet ruimtelijke ordening kunnen binnen de provincie Flevoland vóór 15 mei 2019 bij een bestemmingsplan gebieden worden aangewezen waarbinnen de daar aanwezige windturbines, die economisch of technisch zijn afgeschreven, dienen te worden gemoderniseerd of vervangen door windturbines met meer bouwmassa. @@ -364,6 +372,19 @@ i. Zuidhorn, Woongebied Tussen de Gasten, zoals aangegeven op de kaart in bijlag In afwijking van artikel 5.9, eerste en tweede lid, van het Bouwbesluit 2012 kunnen de raden van de gemeenten Harderwijk en Amsterdam tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet in aanvulling op artikel 8 van de Woningwet in de bouwverordening bepalen dat voor aanvragen om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor een te bouwen woonfunctie, geen woonwagen zijnde, en een te bouwen kantoorgebouw, een milieuprestatie geldt van ten hoogste 0,9 bepaald volgens de Bepalingsmethode Milieuprestatie Gebouwen en GWW-werken. +### Artikel 6r + +**1.** + +Dit artikel is tot 1 januari 2022 van toepassing op de volgende gemeenten: + +a. Haarlemmermeer; +b. Waalwijk. + +**2.** Artikel 2.10, eerste lid, onder c en d, en tweede lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is niet van toepassing, indien een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van die wet betrekking heeft op door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen bouwwerken en locaties. + +**3.** Op een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in het tweede lid is artikel 2.7, eerste lid, eerste volzin, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht niet van toepassing. + ### Artikel 7 **1.** In de jaarlijkse voortgangsrapportage over de uitvoering van de wet geeft Onze Minister, indien daartoe aanleiding bestaat, aan in hoeverre afwijkingen bij wege van experiment van het bepaalde bij of krachtens de betrokken in artikel 2.4, eerste lid, van de wet genoemde wetten aan haar doel beantwoorden en of de overeenkomstig artikel 2.4, derde lid, van de wet vastgestelde ten hoogste toegestane tijdsduur van die afwijkingen aanpassing behoeft. @@ -730,29 +751,30 @@ b. de bij de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 1.2.6 van het Besluit ru **1.** -Dit artikel is van toepassing op door de raad van de in de onderstaande tabel genoemde gemeenten bij bestemmingsplan aan te wijzen locaties, voor zover die aanwijzing plaatsvindt vóór de in die tabel aangegeven datum: +Dit artikel is van toepassing op door de raad bij bestemmingsplan aan te wijzen locaties binnen de gemeenten: -| a. Heerhugowaard | 18 maart 2020 | -| --- | --- | -| b. Hoorn | 18 maart 2020 | -| c. Koggenland | 18 maart 2020 | -| d. Leeuwarden | 18 maart 2020 | -| e. Ooststellingwerf | 18 maart 2020 | -| f. Weststellingwerf | 18 maart 2020 | -| g. Peel en Maas | 24 september 2021 | +a. Heerhugowaard; +b. Hoorn; +c. Koggenland; +d. Leeuwarden; +e. Ooststellingwerf; +f. Weststellingwerf; +g. Peel en Maas. **2.** -In aanvulling op artikel 3, van Bijlage II, van het Besluit omgevingsrecht is binnen de bij bestemmingsplan aangewezen locaties gedurende een periode van vijftien jaar na inwerkingtreding van dat plan geen omgevingsvergunning vereist voor een activiteit, die betrekking heeft op een collector voor warmteopwekking of een paneel voor elektriciteitsopwekking op de grond of op een op de grond staand bouwwerk, mits het bouwwerk, waarop de collectoren of panelen worden geplaatst, voldoet aan de volgende eisen: +In aanvulling op artikel 3, van Bijlage II, van het Besluit omgevingsrecht is binnen de bij bestemmingsplan aangewezen locaties gedurende een periode van dertig jaar na inwerkingtreding van dat plan geen omgevingsvergunning vereist voor een activiteit, die betrekking heeft op een collector voor warmteopwekking of een paneel voor elektriciteitsopwekking op de grond of op een op de grond staand bouwwerk, mits het bouwwerk, waarop de collectoren of panelen worden geplaatst, voldoet aan de volgende eisen: 1°. de bouwhoogte van het bouwwerk niet hoger is dan vijf meter; 2°. het bouwwerk niet voorzien is van een niet op de grond gelegen buitenruimte. **3.** In aanvulling op artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening kunnen voor die aan te wijzen locaties in het bestemmingsplan regels worden gesteld met betrekking tot het uiterlijk van de in het eerste lid bedoelde bouwwerken en beleidsregels worden opgenomen die betrekking hebben op redelijke eisen van welstand als bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 3, van de Woningwet. In afwijking van artikel 12b van de Woningwet wordt het advies van de welstandscommissie dan wel de stadsbouwmeester mede gebaseerd op de criteria, die zijn opgenomen in het bestemmingsplan. -**4.** In afwijking van artikel 3.1, tweede lid, van de Wet ruimtelijke ordening wordt de bestemming van gronden voor de aan te wijzen locaties, met inbegrip van de met het oog daarop gestelde regels, binnen een periode van vijftien jaar opnieuw vastgesteld. +**4.** In afwijking van artikel 3.1, tweede lid, van de Wet ruimtelijke ordening wordt de bestemming van gronden voor de aan te wijzen locaties, met inbegrip van de met het oog daarop gestelde regels, binnen een periode van dertig jaar opnieuw vastgesteld. -**5.** In afwijking van artikel 3.2 van de Wet ruimtelijke ordening geldt een voorlopige bestemming voor de aan te wijzen locaties voor de duur van ten hoogste vijftien jaar. +**5.** In afwijking van artikel 3.2 van de Wet ruimtelijke ordening geldt een voorlopige bestemming voor de aan te wijzen locaties voor de duur van ten hoogste dertig jaar. + +**6.** Van de in dit artikel bedoelde bevoegdheid tot het bij bestemmingsplan aanwijzen van locaties kan tot 1 januari 2024 gebruik worden gemaakt mits het ontwerp van het bestemmingsplan ter inzage is gelegd voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet. ### Artikel 7k @@ -869,49 +891,52 @@ b. het aanpassen van de in de aanhef genoemde gasturbine indien niet wordt overg **1.** In afwijking van afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening en het tiende en elfde lid van artikel 7c kan de raad op grond van dit artikel regels voor kostenverhaal opnemen in het bestemmingsplan of voorschriften daaromtrent aan de omgevingsvergunning, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht verbinden. -**2.** Het bevoegd gezag verhaalt de kosten verbonden aan de in het eenentwintigste lid bedoelde werken, werkzaamheden en maatregelen op diegene die de in het twintigste lid genoemde activiteiten verricht. +**2.** Het bevoegd gezag verhaalt de kosten verbonden aan de in het twintigste lid bedoelde werken, werkzaamheden en maatregelen op diegene die de in het negentiende lid genoemde activiteiten verricht. **3.** Kosten worden slechts verhaald voor zover die worden gedragen door de waardestijging die de locatie als gevolg van de activiteit heeft of zal hebben. -**4.** De kosten worden verhaald voor zover de werken, werkzaamheden en maatregelen als bedoeld in het eenentwintigste lid toerekenbaar zijn aan de gebieden, of een deel daarvan, als bedoeld in het elfde lid, en voor zover de kosten proportioneel zijn in verhouding tot het profijt dat de gebieden, of een deel daarvan, van de werken, werkzaamheden of maatregelen ondervinden. +**4.** De kosten worden verhaald voor zover de werken, werkzaamheden en maatregelen als bedoeld in het twintigste lid toerekenbaar zijn aan de gebieden, of een deel daarvan, als bedoeld in het tiende lid, en voor zover de kosten proportioneel zijn in verhouding tot het profijt dat de gebieden, of een deel daarvan, van de werken, werkzaamheden of maatregelen ondervinden. **5.** In afwijking van het tweede lid kan het bevoegd gezag beslissen om geheel of gedeeltelijk af te zien van het verhalen van de kosten: a. indien het totaal aan te verhalen kosten minder bedraagt dan 10.000 euro; -b. indien er geen verhaalbare kosten zijn voor werken, werkzaamheden en maatregelen als bedoeld in het eenentwintigste lid, onder a, of; -c. indien de verhaalbare kosten voor werken, werkzaamheden en maatregelen, bedoeld in het eenentwintigste lid, onder a, uitsluitend de aansluiting van een bouwperceel op de openbare ruimte of de aansluiting op nutsvoorzieningen betreffen. +b. indien er geen verhaalbare kosten zijn voor werken, werkzaamheden en maatregelen als bedoeld in het twintigste lid, onder a, of; +c. indien de verhaalbare kosten voor werken, werkzaamheden en maatregelen, bedoeld in het twintigste lid, onder a, uitsluitend de aansluiting van een bouwperceel op de openbare ruimte of de aansluiting op nutsvoorzieningen betreffen. -**6.** Het is verboden om te beginnen met een activiteit als bedoeld in het twintigste lid, zolang de verschuldigde geldsom, als bedoeld in het tiende lid, niet is betaald en het bestemmingsplan nog niet onherroepelijk is. +**6.** -**7.** In afwijking van het zesde lid kan bij de beschikking, bedoeld in het tiende lid, worden bepaald dat de betaling geheel of gedeeltelijk na aanvang van de activiteit plaatsvindt, mits aan de beschikking voorschriften worden verbonden over het stellen van aanvullende zekerheden voor betaling van de verschuldigde geldsom. +Het is verboden om te beginnen met een activiteit als bedoeld in het negentiende lid als de verschuldigde geldsom, bedoeld in het negende lid, niet is betaald en -**8.** In een geval als bedoeld in het zevende lid kan het bevoegd gezag bij het uitblijven van betaling de verschuldigde geldsom invorderen bij dwangbevel. +a. de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, nog niet onherroepelijk is; of +b. het bestemmingsplan, bedoeld in het eerste lid, nog niet onherroepelijk is. -**9.** De rechtspersoon waartoe het bevoegd gezag behoort, kan een overeenkomst aangaan waarin het kostenverhaal wordt verzekerd. +**7.** In afwijking van het zesde lid kan bij de beschikking, bedoeld in het negende lid, worden bepaald dat de betaling geheel of gedeeltelijk na aanvang van de activiteit plaatsvindt, mits aan de beschikking voorschriften worden verbonden over het stellen van aanvullende zekerheden voor betaling van de verschuldigde geldsom. -**10.** Als er geen overeenkomst is aangegaan, wordt de verschuldigde geldsom overeenkomstig de regels in het bestemmingsplan of de voorschriften bij de vergunning, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht bij beschikking vastgesteld. +**8.** De rechtspersoon waartoe het bevoegd gezag behoort, kan een overeenkomst aangaan waarin het kostenverhaal wordt verzekerd. -**11.** In het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht worden een of meer gebieden aangewezen waarbinnen de in het tweede lid bedoelde kosten worden verhaald. +**9.** Als er geen overeenkomst is aangegaan, wordt de verschuldigde geldsom overeenkomstig de regels in het bestemmingsplan, bedoeld in het eerste lid, of de voorschriften bij de vergunning, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht bij beschikking vastgesteld. -**12.** De kosten worden in of op grond van het bestemmingsplan verdeeld over de activiteiten of over samenhangende activiteiten. +**10.** In het bestemmingsplan, bedoeld in het eerste lid, en de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht worden een of meer gebieden aangewezen waarbinnen de in het tweede lid bedoelde kosten worden verhaald. -**13.** Als de regels, bedoeld in artikel 7c, zesde lid, betrekking hebben op kostenverhaal en bij de toepassing een interpretatie behoeven, stelt de raad deze regels vast. +**11.** De kosten worden in of op grond van het bestemmingsplan, bedoeld in het eerste lid, of de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, verdeeld over de activiteiten of over samenhangende activiteiten. -**14.** In het bestemmingsplan kan een indexeringsregeling voor de kosten als bedoeld in het tweede lid worden opgenomen. +**12.** Als de regels, bedoeld in artikel 7c, zesde lid, betrekking hebben op kostenverhaal en bij de toepassing een interpretatie behoeven, stelt de raad deze regels vast. -**15.** Artikel 6.2.10 van het Besluit ruimtelijke ordening en de Regeling plankosten exploitatieplan zijn van overeenkomstige toepassing +**13.** In het bestemmingsplan, bedoeld in het eerste lid, of de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, kan een indexeringsregeling voor de kosten als bedoeld in het tweede lid worden opgenomen. -**16.** In het bestemmingsplan of de vergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt een regeling voor de eindafrekening opgenomen. +**14.** Artikel 6.2.10 van het Besluit ruimtelijke ordening en de Regeling plankosten exploitatieplan zijn van overeenkomstige toepassing -**17.** Bij de eindafrekening op basis van een bestemmingsplan worden verleende omgevingsvergunningen, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht betrokken. +**15.** In het bestemmingsplan, bedoeld in het eerste lid, of de vergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt een regeling voor de eindafrekening opgenomen. -**18.** De eindafrekening leidt er niet toe dat een aanvullende geldsom is verschuldigd. +**16.** Bij de eindafrekening op basis van een bestemmingsplan als bedoeld in het eerste lid worden verleende omgevingsvergunningen, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht betrokken. -**19.** Als de eindafrekening ertoe leidt dat het bevoegd gezag gehouden is een deel van de betaalde geldsom terug te betalen, gebeurt dit binnen vier weken na vaststelling van de afrekening met dien verstande dat als de herberekende verschuldigde geldsom meer dan vijf procent lager is dan de betaalde verschuldigde geldsom, het bevoegd gezag alleen gehouden is het bedrag met rente terug te betalen aan degene aan wie de beschikking als bedoeld in het tiende lid is opgelegd of diens rechtsopvolger voor zover het bedrag groter is dan vijf procent. +**17.** De eindafrekening leidt er niet toe dat een aanvullende geldsom is verschuldigd. -**20.** +**18.** Als de eindafrekening ertoe leidt dat het bevoegd gezag gehouden is een deel van de betaalde geldsom terug te betalen, gebeurt dit binnen vier weken na vaststelling van de afrekening met dien verstande dat als de herberekende verschuldigde geldsom meer dan vijf procent lager is dan de betaalde verschuldigde geldsom, het bevoegd gezag alleen gehouden is het bedrag met rente terug te betalen aan degene aan wie de beschikking als bedoeld in het negende lid is opgelegd of diens rechtsopvolger voor zover het bedrag groter is dan vijf procent. + +**19.** Activiteiten als bedoeld in het tweede lid, zijn: @@ -923,7 +948,7 @@ e. de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doelein f. de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren, voor detailhandel, dienstverlening, kantoor of horecadoeleinden, mits de cumulatieve oppervlakte van de nieuwe gebruiksvormen ten minste 1.500 m^2 bruto-vloeroppervlakte bedraagt, g. de wijziging van het gebruik van een locatie, voor zover dat in het bestemmingsplan is bepaald. -**21.** +**20.** Werken, werkzaamheden en maatregelen als bedoeld in het tweede lid, zijn: @@ -947,15 +972,15 @@ h. het vaststellen van een bestemmingsplan, inclusief het daartoe benodigde onde i. vanwege het belang van de fysieke leefomgeving noodzakelijke maatregelen, j. de betaling van planschade, bedoeld in afdeling 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening, niet-terugvorderbare BTW, niet-gecompenseerde compensabele BTW, of andere niet-terugvorderbare belastingen, over de kostenelementen, genoemd onder a tot en met i, rente van geïnvesteerde kapitalen en overige lasten, verminderd met renteopbrengsten. -**22.** +**21.** -De kosten voor de werken, werkzaamheden en maatregelen genoemd in het eenentwintigste lid zijn in elk geval verrekenbaar voor zover het betreft: +De kosten voor de werken, werkzaamheden en maatregelen genoemd in het twintigste lid zijn in elk geval verrekenbaar voor zover het betreft: a. de werken, werkzaamheden en maatregelen genoemd onder a, c en d; b. de werken, werkzaamheden en maatregelen genoemd onder b, f en g; c. de werken, werkzaamheden en maatregelen genoemd onder e en h. -**23.** Dit artikel is van toepassing op de in artikel 7c, zeventiende lid, onderdelen e, l, xx, aaa, kkk, rrr en uuu genoemde plangebieden voor zover het bestemmingsplan voor die gebieden voor de in artikel 7c, achttiende lid, bedoelde datum wordt vastgesteld en op de in artikel 7g, vierde lid, onderdeel s, genoemde gemeente voor zover het betreft de gebieden «Wagenwerkplaats» en «De Hoef-West», zoals aangegeven op de kaart in bijlage 166, en voor zover de bestemmingsplannen voor die gebieden voor de in artikel 7g, vijfde lid, onderdeel f, genoemde datum worden vastgesteld. +**22.** Dit artikel is van toepassing op de in artikel 7c, zeventiende lid, onderdelen e, l, xx, aaa, kkk, rrr en uuu genoemde plangebieden voor zover het bestemmingsplan, bedoeld in het eerste lid, of de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor die gebieden voor de in artikel 7c, achttiende lid, bedoelde datum wordt vastgesteld en op de in artikel 7g, vierde lid, onderdeel s, genoemde gemeente voor zover het betreft de gebieden «Wagenwerkplaats» en «De Hoef-West», zoals aangegeven op de kaart in bijlage 166, en voor zover de bestemmingsplannen, bedoeld in het eerste lid, of de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor die gebieden voor de in artikel 7g, vijfde lid, onderdeel f, genoemde datum worden vastgesteld. ### Artikel 7w @@ -1067,8 +1092,9 @@ b. ziekenhuizen en verpleeghuizen; c. verzorgingstehuizen; d. psychiatrische inrichtingen; e. medische centra; -f. poliklinieken, en -g. medische kleuterdagverblijven. +f. poliklinieken; +g. medische kleuterdagverblijven; en +h. opwekking van duurzame energie als bedoeld in bijlage I, onder 1, bij de wet, onverminderd de bevoegdheden van Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat op grond van de artikelen 9b, eerste lid, aanhef en onder a en b, en 9e, zesde lid, van de Elektriciteitswet 1998. **2.** Indien een project als bedoeld in het eerste lid tevens voorziet in een beperkte mate van woningbouw, doet dat geen afbreuk aan de kwalificatie van het project als project van maatschappelijke betekenis als bedoeld in dat lid.