From a1a33e746943af24bb7357da045d992aa82f24cc Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 26 Sep 2012 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2012-09-26 | BWBR0003628 | Binnenvaartpolitiereglement --- .../BWBR0003628/README.md | 82 ++++++++----------- 1 file changed, 35 insertions(+), 47 deletions(-) diff --git a/kb/binnenvaartpolitiereglement/BWBR0003628/README.md b/kb/binnenvaartpolitiereglement/BWBR0003628/README.md index 006722b3f29..4f59ae23bd7 100644 --- a/kb/binnenvaartpolitiereglement/BWBR0003628/README.md +++ b/kb/binnenvaartpolitiereglement/BWBR0003628/README.md @@ -71,7 +71,7 @@ b. *lange stoot*: geluidssein durende ongeveer 4 seconden; de tijdruimte tussen 5°. *vaarweg*: elk voor het openbaar verkeer met schepen openstaand water; 6°. *vaarwater*: gedeelte van een vaarweg dat feitelijk door de scheepvaart kan worden gebruikt; 7°. *exploitant*: eigenaar, rompbevrachter of ieder ander die de zeggenschap heeft over het gebruik van een schip; -8°. *ADNR*: Reglement voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Rijn; +8°. *ADN*: Europese Overeenkomst betreffende het internationale vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren; 9°. *vaarbevoegdheidsbewijs*: vaarbewijs als bedoeld in de artikelen 13, 14, 15 en 16 van het Binnenvaartbesluit, bewijs van bekwaamheid voor de binnenvaart als bedoeld in artikel 32, eerste en tweede lid, van de Binnenvaartwet, Rijnpatent als bedoeld in artikel 6.02, eerste lid, van het Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn of bewijs van vaarbekwaamheid als bedoeld in artikel 6.02, derde lid, onder b, van het Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn; 10°. *richtlijn nr. 2002/59/EG*: richtlijn nr. 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad (PbEG L 208); 11°. *inland AIS apparaat:* een apparaat dat op een binnenschip is ingebouwd en periodiek scheeps- of reisgegevens met betrekking tot dat schip uitzendt; @@ -182,7 +182,7 @@ c. een minimum leeftijd van 12 jaar voor het sturen van een klein open motorschi Aan boord van een schip moeten de volgende bescheiden, voorzover deze door de daartoe gestelde wettelijke regelingen worden vereist, aanwezig zijn: a. de meetbrief van het schip; -b. de bescheiden vereist door het ADNR, nrs. 8.1.2.1, 8.1.2.2 en 8.1.2.3; +b. de bescheiden vereist door het ADN, nrs. 8.1.2.1, 8.1.2.2 en 8.1.2.3; c. het vaarbevoegdheidsbewijs; d. het radarpatent dan wel een ander diploma dat overeenkomstig het Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn is toegelaten; deze documenten behoeven niet aan boord te zijn, indien het Rijnpatent of een ander overeenkomstig het Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn toegelaten diploma van de schipper de vermelding «Radar» bevat; e. het Handboek voor de marifonie in de binnenvaart, algemeen en regionaal deel; @@ -609,7 +609,7 @@ Een klein zeilschip moet des nachts voeren: **1.** -Een schip dat bepaalde brandbare stoffen vervoert, bedoeld in het ADNR, nr. 7.1.5.0 en nr. 7.2.5.0, moet, teneinde dit kenbaar te maken, als bijkomend teken voeren: +Een schip dat bepaalde brandbare stoffen vervoert, bedoeld in het ADN, nr. 7.1.5.0.1 of nr. 7.2.5.0.2, moet, teneinde dit kenbaar te maken, als bijkomend teken voeren: a. ’s nachts: een blauw licht; b. overdag: een blauwe kegel met de punt naar beneden. @@ -620,7 +620,7 @@ In plaats van het dagteken kan ook telkens één blauwe kegel op het voor- en é **2.** -Een schip dat bepaalde voor de gezondheid schadelijke stoffen vervoert, bedoeld in het ADNR, nr. 7.1.5.0 en nr. 7.2.5.0, moet, teneinde dit kenbaar te maken, als bijkomende tekens voeren: +Een schip dat bepaalde voor de gezondheid schadelijke stoffen vervoert, bedoeld in het ADN, nr. 7.1.5.0.1 of nr. 7.2.5.0.2, moet, teneinde dit kenbaar te maken, als bijkomende tekens voeren: a. ’s nachts: twee blauwe lichten; b. overdag: twee blauwe kegels met de punt naar beneden. @@ -629,7 +629,7 @@ Deze tekens moeten in een verticale lijn met een onderlinge afstand van ongeveer **3.** -Een schip dat bepaalde ontplofbare stoffen vervoert, bedoeld in het ADNR, nr. 7.1.5.0, moet, teneinde dit kenbaar te maken, als bijkomende tekens voeren: +Een schip dat bepaalde ontplofbare stoffen vervoert, bedoeld in het ADN, nr. 7.1.5.0.1, moet, teneinde dit kenbaar te maken, als bijkomende tekens voeren: a. ’s nachts: drie blauwe lichten; b. overdag: drie blauwe kegels met de punt naar beneden. @@ -642,7 +642,7 @@ Deze tekens moeten in een verticale lijn met een onderlinge afstand van ongeveer **6.** Een schip, een duwstel of een gekoppeld samenstel dat verschillende gevaarlijke stoffen vervoert, bedoeld in het eerste, tweede of derde lid, moet uitsluitend de tekens voeren voor de gevaarlijke stof die volgens de voorgaande leden het grootste aantal blauwe lichten of kegels vereist. -**7.** Een schip, dat in het bezit is van een certificaat van goedkeuring, als bedoeld in het ADNR, nr. 8.1.8, en dat voldoet aan de veiligheidsvoorschriften die gelden voor een schip als bedoeld in het eerste lid, mag, indien het gelijktijdig met een schip, dat de tekens bedoeld in het eerste lid moet voeren, wil worden geschut, bij het naderen van een sluis, de tekens bedoeld in het eerste lid voeren. +**7.** Een schip, dat in het bezit is van een certificaat van goedkeuring, als bedoeld in het ADN, nr. 8.1.8.1, en dat voldoet aan de veiligheidsvoorschriften die gelden voor een schip als bedoeld in het eerste lid, mag, indien het gelijktijdig met een schip, dat de tekens bedoeld in het eerste lid moet voeren, wil worden geschut, bij het naderen van een sluis, de tekens bedoeld in het eerste lid voeren. **8.** De sterkte van de blauwe lichten voorgeschreven in één der voorgaande leden dient tenminste gelijk te zijn aan die van blauwe gewone lichten. @@ -1918,7 +1918,7 @@ c. binnen 100 m van een schip, een duwstel of een gekoppeld samenstel dat de tek Het verbod bedoeld in het eerste lid, onder *a*, geldt niet: a. voor een schip, een duwstel of een gekoppeld samenstel dat eveneens dit teken voert; -b. voor een schip, een duwstel of een gekoppeld samenstel dat dit teken niet voert, maar dat voorzien is van een certificaat van goedkeuring bedoeld in het ADNR, nr. 8.1.8, en dat voldoet aan de veiligheidsvoorschriften die gelden voor een schip als bedoeld in artikel 3.14, eerste lid. +b. voor een schip, een duwstel of een gekoppeld samenstel dat dit teken niet voert, maar dat voorzien is van een certificaat van goedkeuring bedoeld in het ADN, nr. 8.1.8.1, en dat voldoet aan de veiligheidsvoorschriften die gelden voor een schip als bedoeld in artikel 3.14, eerste lid. **3.** De bevoegde autoriteit kan voor het ligplaats nemen in bijzondere gevallen kleinere afstanden toestaan dan die welke in het eerste lid zijn vermeld. @@ -1926,7 +1926,7 @@ b. voor een schip, een duwstel of een gekoppeld samenstel dat dit teken niet voe ### Artikel 7.08 -**1.** Een stilliggend schip dat is geladen met de stoffen, bedoeld in het ADNR, nr. 7.1.5.0 en nr. 7.2.5.0, of dat na het vervoer van dergelijke stoffen nog niet is ontdaan van gassen die gevaar op kunnen leveren moet zijn gesteld onder een zich voortdurend aan boord bevindende terzake kundige wachtsman. Deze verplichting geldt niet voor een in een haven stilliggend schip waaraan de bevoegde autoriteit daarvan vrijstelling of ontheffing heeft verleend. +**1.** Een stilliggend schip dat is geladen met de stoffen, bedoeld in het ADN, nr. 7.1.5.0.1 of nr. 7.2.5.0.2, of dat na het vervoer van dergelijke stoffen nog niet is ontdaan van gassen die gevaar op kunnen leveren moet zijn gesteld onder een zich voortdurend aan boord bevindende terzake kundige wachtsman. Deze verplichting geldt niet voor een in een haven stilliggend schip waaraan de bevoegde autoriteit daarvan vrijstelling of ontheffing heeft verleend. **2.** @@ -2101,7 +2101,7 @@ a. de ten hoogste toegelaten afmetingen zijn vermeld in het certificaat van onde b. het duwstel niet meer dan zes duwbakken bevat, waarbij in afvaart ten hoogste vier duwbakken een diepgang van 1,50 m of meer mogen hebben. Zeeschipbakken mogen slechts langszijde van andere duwbakken vastgemaakt worden meegevoerd, waarbij vier zeeschipbakken achter elkaar gelden als één duwbak; c. aan de kop van het samenstel een vanuit de stuurhut van de duwboot of van het motorschip dat dient voor het voortbewegen en het sturen van het samenstel bedienbare kopbesturing beschikbaar is; d. de waterstand aan de peilschaal te Lobith tussen 8,50 m en 13,50 m is gelegen; -e. het geen gevaarlijke stoffen vervoert voor het vervoer waarvan een certificaat van goedkeuring als bedoeld in het ADNR vereist wordt. +e. het geen gevaarlijke stoffen vervoert voor het vervoer waarvan een certificaat van goedkeuring als bedoeld in het ADN vereist wordt. **2.** @@ -2367,71 +2367,59 @@ De gevaarlijke stoffen in de zin van de IMDG-codeb1IMDG-code: International Mari ^1 Op het pand Geldersche IJssel – Eefde (voorpand) evenveel minder dan 2,80 m als de buitenwaterstand sluis Eefde lager is dan NAP + 3,20 m. -^2 Bij waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. De drempeldiepte van de Meppelerdiep-brug ligt op NAP – 3,50 m. De keersluis in Zwartsluis wordt gesloten bij een waterstand hoger dan NAP + 0,50 m en bij een waterstand lager dan NAP – 0,50 m. +^2 Schepen die gebruik maken van de hefopening in de spoor- en verkeersbrug Zutphen (km 928.150) moeten rekening houden met de volgende beperkingen: a. de bodem ligt op ca. NAP + 0,50 m, d.w.z. ongeveer 0,50 cm hoger dan overigens in dat riviervak; b. de bodembreedte op NAP +0,50 m is slechts 8,00 m; c. eerst op ca NAP + 2,50 m is een breedte van 12 m aanwezig; d. bij doorvaart hiervan is een sterke waterspiegeldaling mogelijk. ^3 Bij waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. -^4 Bij waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. De drempeldiepte van de Meppelerdiep-brug ligt op NAP – 3,50 m. De keersluis in Zwartsluis wordt gesloten bij een waterstand hoger dan NAP + 0,50 m en bij een waterstand lager dan NAP – 0,50 m. +^4 Bij waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. De drempeldiepte van de Meppelerdiep-brug ligt op NAP – 3,50 m. De keersluis in Zwartsluis wordt gesloten bij een waterstand hoger dan NAP + 0,50 m en bij een waterstand lager dan NAP – 0,50 m. -^5 Bij waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. In de bochten en bij de bruggen geldt een verbod op ontmoeten en voorbijlopen voor schepen en duwstellen met een lengte van >110 m. +^5 Bij een waterstand van NAP – 0,50 m of hoger of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP – 0,50 m. -^6 Bij een waterstand van NAP – 0,50 m of hoger of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP – 0,50 m. +^6 Bij een waterstand op de Waddenzee gelijk aan of boven NAP of op het IJsselmeer gelijk aan of boven NAP – 0,50 m dan wel evenveel minder dan de waterstand lager is dan NAP respectievelijk NAP – 0,50 m. -^7 Bij een waterstand op de Waddenzee gelijk aan of boven NAP of op het IJsselmeer gelijk aan of boven NAP – 0,50 m dan wel evenveel minder dan de waterstand lager is dan NAP respectievelijk NAP – 0,50 m. +^7 Bij een waterstand van NAP – 0,40 m of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP – 0,40 m. -^8 Bij een waterstand van NAP –0,40 m of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP – 0,40 m. +^8 Bij een waterstand van NAP – 0,40 m op het Amsterdam-Rijnkanaal of hoger of zoveel minder dan de waterstand lager is. Bij een waterstand van NAP +1,35 m of hoger of zoveel minder als de waterstand op de Lek bij de Koninginnesluis is. -^9 Bij een waterstand van NAP – 0,40 m op het Amsterdam-Rijnkanaal of hoger of zoveel minder dan de waterstand lager is. Bij een waterstand van NAP +1,35 m of hoger of zoveel minder als de waterstand op de Lek bij de Koninginnesluis is. +^9 Bij een waterstand van NAP + 0,50 m of hoger of zoveel minder dan de waterstand is bij de Doorslagsluis te Nieuwegein. -^10 Bij een waterstand van NAP + 0,50 m of hoger of zoveel minder dan de waterstand is bij de Doorslagsluis te Nieuwegein. +^10 Bij een waterstand t.o.v. NAP, of zoveel hoger of zoveel minder dan de waterstand t.o.v. NAP. -^11 Bij een waterstand t.o.v. NAP, of zoveel hoger of zoveel minder dan de waterstand t.o.v. NAP. +^11 Bij een waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. -^12 Bij een waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. +^12 Schepen langer dan 65 m moeten zijn uitgerust met een actieve kopbesturing. -^13 Schepen langer dan 65 m moeten zijn uitgerust met een actieve kopbesturing. +^13 Bij een waterstand van NAP + 0,50 m of hoger of zoveel minder dan de waterstand beneden NAP + 0,50 m. -^14 Bij een waterstand van NAP +0,50 m of hoger of zoveel minder dan de waterstand beneden NAP + 0,50 m. +^14 Bij een waterstand hoger dan of gelijk aan NAP – 0,75 m of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP – 0,75 m. -^15 Schepen die gebruik maken van de hefopening in de spoor- en verkeersbrug Zutphen (km 928.150) moeten rekening houden met de volgende beperkingen: a. de bodem ligt op ca. NAP + 0,50 m, d.w.z. ongeveer 0,50 cm hoger dan overigens in dat riviervak; b. de bodembreedte op NAP +0,50 m is slechts 8,00 m; c. eerst op ca NAP + 2,50 m is een breedte van 12 m aanwezig; d. bij doorvaart hiervan is een sterke waterspiegeldaling mogelijk. +^15 Bij een waterstand hoger dan of gelijk aan NAP – 0,55 m of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP – 0,55 m met dien verstande dat deze diepgang slechts is toegestaan voor schepen die vanaf de Westerschelde komen met als directe bestemming loswal «Kaai 85» te Schore, alsmede voor schepen die vertrekken vanaf deze loswal met als directe bestemming Westerschelde. -^15* Bij een waterstand hoger dan of gelijk aan NAP – 0,75 m of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP – 0,75 m. +^16 Bij een waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. -^16 Bij een waterstand hoger dan of gelijk aan NAP – 0,55 m of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP – 0,55 m met dien verstande dat deze diepgang slechts is toegestaan voor schepen die vanaf de Westerschelde komen met als directe bestemming loswal «Kaai 85» te Schore, alsmede voor schepen die vertrekken vanaf deze loswal met als directe bestemming Westerschelde. +^17 Bij waterstand Oosterschelde-zijde NAP – 1,50 m of hoger. -^17 Bij een waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. +^18 Kielspeling 10% van de waterdiepte. -^18 Bij waterstand Oosterschelde-zijde NAP – 1,50 m of hoger. +^19 Of zoveel minder dan de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 16,95 m. -^19 Kielspeling 10% van de waterdiepte. +^20 Of zoveel minder dan de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 14,20 m. -^20 Of zoveel minder dan de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 16,95 m. +^21 Of zoveel minder dan de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 7,70 m. -^21 Of zoveel minder dan de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 14,20 m. +^22 Bij een waterstand NAP + 1 m of zoveel minder dan de buitenwaterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 1 m. -^22 Of zoveel minder dan de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 10,95 m. +^23 Bij een waterstand van NAP of zoveel minder dan de buitenwaterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP. -^23 Of zoveel minder dan de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 7,70 m. +^24 Schepen of duwstellen langer dan 110 m moeten zijn uitgerust met een actieve kopbesturing. -^24 Bij een waterstand NAP + 1 m of zoveel minder dan de buitenwaterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 1 m. +^25 Bij een waterstand NAP + 7,70 m of zoveel minder dan de waterstand bij sluis Heumen aan de Maaszijde lager is dan NAP + 7,70 m. -^25 Bij een waterstand van NAP of zoveel minder dan de buitenwaterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP. +^26 Of zoveel minder dan de buiten- of de binnenwaterstand lager is dan NAP + 7,20 m. -^26 Schepen of duwstellen langer dan 110 m moeten zijn uitgerust met een actieve kopbesturing. +^27 Bij een waterstand NAP + 1 m of zoveel minder dan de waterstand bij sluis St. Andries v.w.b. de Maaszijde lager is dan NAP + 1 m dan wel v.w.b. de Waalzijde lager is dan NAP + 2 m. -^27 Bij een waterstand NAP + 7,70 m of zoveel minder dan de waterstand bij sluis Heumen aan de Maaszijde lager is dan NAP + 7,70 m. - -^28 Bij een waterstand NAP + 7,70 m of zoveel minder dan de waterstand bij sluis Heumen aan de Maaszijde lager is dan NAP + 7,70 m. - -^29 Of zoveel minder dan de buiten- of de binnenwaterstand lager is dan NAP + 7,20 m. - -^30 Of zoveel minder dan de buiten- of de binnenwaterstand lager is dan NAP + 7,20 m. - -^31 Of zoveel minder dan de buiten- of de binnenwaterstand lager is dan NAP + 7,20 m. - -^32 Bij een waterstand NAP + 1 m of zoveel minder dan de waterstand bij sluis St. Andries v.w.b. de Maaszijde lager is dan NAP + 1 m dan wel v.w.b. de Waalzijde lager is dan NAP + 2 m. - -^33 Schepen of duwstellen langer dan 110 m moeten zijn uitgerust met een actieve kopbesturing. +^28 Schepen of duwstellen langer dan 110 m moeten zijn uitgerust met een actieve kopbesturing. ## Bijlage 14. Ligplaats nemen