2023-01-21 | BWBR0045752 | Besluit Fiscaal Bestuursrecht
This commit is contained in:
parent
f3c15923a5
commit
a28912fef3
1 changed files with 9 additions and 1 deletions
|
|
@ -32,6 +32,8 @@ Dit besluit vervangt het Besluit Fiscaal Bestuursrecht van 9 mei 2017, nr. 201
|
|||
• Paragraaf 27 (schadevergoeding) is geactualiseerd en aangepast aan de nieuwe topstructuur van de Belastingdienst.
|
||||
• Aan paragraaf 28 (coulancerentevergoeding) is de mogelijkheid van het verzoeken om heroverweging van de beslissing op het verzoek om toekenning van een coulancerentevergoeding toegevoegd. Dit is in overeenstemming met de bestaande praktijk.
|
||||
|
||||
Dit besluit werd gewijzigd bij besluit van 18 januari 2023, nr. 2022-26730, (Stcrt. 2023, 1519). De wijziging betrof § 1.1 en § 23, vijfde lid, en zag op situaties waarin de inspecteur een zogenoemde voorheffingenbeschikking ambtshalve kan verhogen.
|
||||
|
||||
### 1.1. Gebruikte begrippen en afkortingen
|
||||
|
||||
| Adw | Algemene douanewet |
|
||||
|
|
@ -46,7 +48,9 @@ Dit besluit vervangt het Besluit Fiscaal Bestuursrecht van 9 mei 2017, nr. 201
|
|||
| IW 1990 | Invorderingswet 1990 |
|
||||
| Staatssecretaris | de Staatssecretaris van Financiën |
|
||||
| Uitvoeringsregeling AWR | Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 |
|
||||
| Voorheffingenbeschikking | Beschikking ter vaststelling van het voort te wentelen bedrag aan voorheffingen (artikel 25b, Wet Vpb) |
|
||||
| Vpb | Vennootschapsbelasting |
|
||||
| Wet Vpb | Wet op de vennootschapsbelasting 1969 |
|
||||
| Wna | Wet op het notarisambt |
|
||||
| Zvw | Zorgverzekeringswet |
|
||||
|
||||
|
|
@ -281,7 +285,11 @@ Deze bevoegdheden worden in dit besluit aangeduid met de term: vermindering of t
|
|||
2. Deze paragraaf bevat een uitputtende regeling van de gevallen waarin de inspecteur van deze bevoegdheden gebruikmaakt.
|
||||
3. Deze paragraaf is ook van toepassing op regelingen die onder het bereik van artikel 65 AWR zijn gebracht, zoals bijvoorbeeld de werknemersverzekeringen. Deze paragraaf is niet van toepassing als in de wet of in een op de wet gebaseerde ministeriële regeling regels voor ambtshalve verminderen of teruggeven zijn gesteld, zoals bijvoorbeeld in artikel 45aa van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001.
|
||||
4. Deze paragraaf verstaat onder de belanghebbende: de belastingplichtige, de inhoudingsplichtige of degene die de belasting als hoofdelijk medeaansprakelijke heeft betaald. Als zowel de belastingplichtige als de inhoudingsplichtige in beginsel in aanmerking komen voor een vermindering of teruggaaf van belasting, heeft uitsluitend de belastingplichtige aanspraak op die vermindering of die teruggaaf van belasting. Dit behoudens die gevallen waarin een wettelijke regeling een ander dan de belastingplichtige aanwijst.
|
||||
5. Deze paragraaf is van overeenkomstige toepassing op de vaststelling en herziening van verliesbeschikkingen. Ondanks dat de ambtshalve vastgestelde en herziene beschikkingen niet voor bezwaar vatbaar zijn, staan de wettelijke bepalingen niet aan verliesverrekening in de weg. Een aldus vastgesteld verlies kan ook worden verrekend met inkomens of belastbare winsten die gelegen zijn buiten de vijfjaarstermijn, zoals bedoeld in het negende lid van dit onderdeel.
|
||||
5. Deze paragraaf is van overeenkomstige toepassing op:
|
||||
|
||||
a. De vaststelling en herziening van verliesbeschikkingen. Ondanks dat de ambtshalve vastgestelde en herziene beschikkingen niet voor bezwaar vatbaar zijn, staan de wettelijke bepalingen niet aan verliesverrekening in de weg. Een aldus vastgesteld verlies kan ook worden verrekend met inkomens of belastbare winsten die gelegen zijn buiten de vijfjaarstermijn, zoals bedoeld in het negende lid van deze paragraaf.
|
||||
b. De herziening van voorheffingenbeschikkingen, indien het bedrag van de beschikking tot een te laag bedrag is vastgesteld. Met dien verstande dat als voor het doen van aangifte uitstel is verleend, de vijfjaarstermijn, zoals bedoeld in het negende lid van deze paragraaf, met de duur van dit uitstel wordt verlengd (vgl. artikel 25b, derde lid, Wet Vpb). Ondanks dat het ambtshalve verhogen van een bedrag aan voort te wentelen voorheffingen geen voor bezwaar vatbare beschikking is, staat dit niet in de weg aan verrekening van de aldus voortgewentelde voorheffingen in latere jaren.
|
||||
c. De vaststelling of herziening van voorheffingenbeschikkingen in de bijzondere situatie dat door verliesverrekening met een voorafgaand jaar het bedrag aan voort te wentelen voorheffingen in dat voorafgaande jaar niet dan wel tot een te laag bedrag is vastgesteld en dat voorafgaande jaar gelegen is buiten de hiervoor in onderdeel b bedoelde termijn. In dat geval kan de inspecteur het bedrag aan voort te wentelen voorheffingen in het voorafgaande jaar toch alsnog ambtshalve vaststellen dan wel verhogen. Ondanks dat het ambtshalve alsnog vaststellen of verhogen van een bedrag aan voort te wentelen voorheffingen geen voor bezwaar vatbare beschikking is, staat dit niet in de weg aan verrekening van de aldus voortgewentelde voorheffingen in latere jaren.
|
||||
6. De inspecteur verleent geen vermindering of teruggaaf als een verzoek om vermindering of teruggaaf betrekking heeft op een belastingaanslag of een beschikking, waarvoor:
|
||||
|
||||
a. de vereiste aangifte niet is gedaan; of
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue