From a39fdf42fa87db7f20df6f3511ee777bcc6e1630 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 4 Mar 2015 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2015-03-04 | BWBR0003420 | Wet op het primair onderwijs --- wet/wet-op-het-primair-onderwijs/BWBR0003420/README.md | 8 ++++---- 1 file changed, 4 insertions(+), 4 deletions(-) diff --git a/wet/wet-op-het-primair-onderwijs/BWBR0003420/README.md b/wet/wet-op-het-primair-onderwijs/BWBR0003420/README.md index b20946875df..b29412433d9 100644 --- a/wet/wet-op-het-primair-onderwijs/BWBR0003420/README.md +++ b/wet/wet-op-het-primair-onderwijs/BWBR0003420/README.md @@ -649,7 +649,7 @@ e. het jaarlijks afleggen van verantwoording over de uitvoering van de taken en **2.** De taken en bevoegdheden van de interne toezichthouder of het interne toezichthoudend orgaan zijn zodanig dat hij een deugdelijk en onafhankelijk intern toezicht kan uitoefenen. Indien sprake is van meer dan een toezichthouder of van een toezichthoudend orgaan is de eerste volzin van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de combinatie van de toezichthouders of de samenstelling van het toezichthoudend orgaan. -**3.** Indien het intern toezicht wordt uitgeoefend door een raad van toezicht, zijn het eerste lid en het tweede lid van overeenkomstige toepassing ten aanzien van een raad van toezicht. Een raad van toezicht is tevens belast met het benoemen, schorsen en ontslaan en de vaststelling van de beloning van de leden van het bestuur, alsmede de toepassing van de artikelen 29, vijfde lid, 33, 33a, 34, 37, 38, 53, 59, 60 en de daarmee verband houdende wettelijke bepalingen op leden van het bestuur die mede tot het personeel behoren. +**3.** Indien het intern toezicht wordt uitgeoefend door een raad van toezicht, zijn het eerste lid en het tweede lid van overeenkomstige toepassing ten aanzien van een raad van toezicht. Een raad van toezicht is tevens belast met het benoemen, schorsen en ontslaan en de vaststelling van de beloning van de leden van het bestuur, alsmede de toepassing van de artikelen 29, vijfde lid, 33, 33a, 34, 38, 53, 59, 60 en de daarmee verband houdende wettelijke bepalingen op leden van het bestuur die mede tot het personeel behoren. **4.** Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op een samenwerkingsverband. @@ -1116,7 +1116,7 @@ Vervallen De commissie neemt kennis van geschillen tussen ouders en bevoegd gezag van een school die ontstaan bij de toepassing van: -a. artikel 40, derde, vierde, vijfde en tiende lid, en +a. artikel 40, derde, vierde, vijfde en elfde lid, en b. artikel 40a, eerste en vierde lid. **3.** De commissie brengt op verzoek van de ouders binnen 10 weken een oordeel uit aan het bevoegd gezag, rekening houdend met het schoolondersteuningsprofiel en het ondersteuningsplan. @@ -2507,7 +2507,7 @@ c. van speciale scholen voor basisonderwijs. **3.** Bij algemene maatregel van bestuur wordt bepaald in welke gevallen en onder welke voorwaarden aanvullende bekostiging voor personeelskosten kan worden toegekend. In ieder geval wordt aanvullende bekostiging toegekend voor kleine basisscholen, schoolleiding, de bestrijding van onderwijsachterstanden, groei van het aantal leerlingen van basisscholen gedurende het schooljaar en indien onderwijs wordt gegeven in een of meer nevenvestigingen van een basisschool. De omvang van de aanvullende vergoeding wordt bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgesteld. -**4.** De gezamenlijke speciale scholen voor basisonderwijs van een samenwerkingsverband ontvangen tevens een bekostiging voor ondersteuningsvoorzieningen. De in de eerste volzin bedoelde bekostiging is gebaseerd op 2% van het aantal leerlingen van alle scholen in het samenwerkingsverband op 1 oktober van het voorafgaande schooljaar, rekenkundig afgerond op een geheel getal. Het aantal leerlingen, bedoeld in de tweede volzin, wordt aan de afzonderlijke speciale scholen voor basisonderwijs toegerekend naar rato van het aantal leerlingen van elk van die scholen op die datum. De speciale school voor basisonderwijs ontvangt voor elke van de aan die school toegerekende leerling een bedrag per leerling, welk bedrag wordt verhoogd met een bedrag dat wordt vermenigvuldigd met de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren van die school op 1 oktober van het voorafgaande schooljaar. Artikel 115, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing. +**4.** De gezamenlijke speciale scholen voor basisonderwijs van een samenwerkingsverband ontvangen tevens een bekostiging voor ondersteuningsvoorzieningen. De in de eerste volzin bedoelde bekostiging is gebaseerd op 2% van het aantal leerlingen van alle scholen in het samenwerkingsverband op 1 oktober van het voorafgaande schooljaar, rekenkundig afgerond op een geheel getal. Het aantal leerlingen, bedoeld in de tweede volzin, wordt aan de afzonderlijke speciale scholen voor basisonderwijs toegerekend naar rato van het aantal leerlingen van elk van die scholen op die datum. De speciale school voor basisonderwijs ontvangt voor elke van de aan die school toegerekende leerling een bedrag per leerling, welk bedrag wordt verhoogd met een bedrag dat wordt vermenigvuldigd met de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren van die school op 1 oktober van het voorafgaande schooljaar. **5.** Bij ministeriƫle regeling worden de bedragen, bedoeld in het eerste lid en het vierde lid vastgesteld. Het bedrag per leerling en het vermenigvuldigingsbedrag van de verhoging zijn de uitkomst van een bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen hoeveelheid formatie per leerling vermenigvuldigd met een bedrag. @@ -3064,7 +3064,7 @@ b. met ingang van 1 augustus van het volgende schooljaar de bekostiging van de b ### Artikel 162 -Artikel 159, eerste lid, en tweede lid, eerste volzin, is van overeenkomstige toepassing op speciale scholen voor basisonderwijs en nevenvestigingen daarvan, met dien verstande dat voor opheffing van de laatste speciale school voor basisonderwijs van een samenwerkingsverband de in artikel 18, zevende lid, bedoelde goedkeuring van Onze minister is vereist. +Artikel 159, eerste lid, en tweede lid, eerste volzin, is van overeenkomstige toepassing op speciale scholen voor basisonderwijs en nevenvestigingen daarvan. ##### Paragraaf 3. Overige bepalingen