From a4469f4e261b77f7ac86559a944a19471aec0cb4 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 1 Jan 2010 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2010-01-01 | BWBR0001876 | Schepenwet --- rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md | 46 +++++++++++------------ 1 file changed, 21 insertions(+), 25 deletions(-) diff --git a/rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md b/rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md index 0189f9290a0..f3f902c6f1d 100644 --- a/rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md +++ b/rijkswet/schepenwet/BWBR0001876/README.md @@ -43,9 +43,7 @@ d. andere gebieden dan vermeld onder *a*, *b* en *c*: het brengen van een schip *passagiersschip:* elk schip, dat door den eigenaar bestemd is om meer dan twaalf passagiers te vervoeren, dan wel een schip, dat meer dan twaalf passagiers vervoert; -*vissersvaartuig:* elk vaartuig, dat gebezigd wordt voor het vangen van vis, walvissen, zeehonden, walrussen of andere levende rijkdommen van de zee; - -*scheepsramp:* een voorval, overkomen aan een schip, ten gevolge waarvan schade van beteekenis aan dat schip of de zaken aan boord daarvan, of letsel aan een of meer van de opvarenden, of schade aan een ander schip of de zaken aan boord daarvan, dan wel letsel aan een of meer van de opvarenden daarvan is veroorzaakt. Voor de toepassing van Hoofdstuk IV wordt onder "scheepsramp" mede verstaan elk voorval, aan een schip overkomen, indien niet zoozeer met het oog op de omvangrijkheid der gevolgen als wel op grond van den aard van het voorval de waarschijnlijkheid bestaat, dat uit een onderzoek lessen kunnen worden geput, dan wel de wenschelijkheid kan blijken van het stellen van voorschriften, welke kunnen dienen ter voorkoming van scheepsrampen. +*vissersvaartuig:* elk vaartuig, dat gebezigd wordt voor het vangen van vis, walvissen, zeehonden, walrussen of andere levende rijkdommen van de zee. **2.** Voor de toepassing van deze rijkswet wordt onder "schip" begrepen een vaartuig, een sleepschip, een dok en elk ander dergelijk drijvend voorwerp, hetwelk over zee naar zijne bestemming wordt gesleept. @@ -199,7 +197,7 @@ i. zorg te dragen dat de benodigde certificaten te allen tijde aan boord aanwezi k. zorg te dragen, dat de met betrekking tot oorlog of oorlogsgevaar gegeven voorschriften worden nageleefd; l. zorg te dragen, dat de met betrekking tot het vervoer van lading gegeven voorschriften worden nageleefd. -**2.** De kapitein is verplicht voor het behoorlijk bijhouden van de dagboeken zorg te dragen. Hij zal telkenmale na volbrachte reis, dan wel periodiek of na het verlaten van het schip, inzage geven aan en afschrift laten nemen door of namens het Hoofd van de Scheepvaartinspectie, terwijl hij voorts verplicht is steeds op eerste aanvrage inzage van de dagboeken te geven aan de in artikel 63 bedoelde ambtenaren. Hij is bovendien verplicht bij binnenkomst in een Nederlandse haven of een haven van de Nederlandse Antillen of van Aruba aan Scheepvaartinspectie kennis te geven van de op de afgelopen reis voorgekomen averijen en ongevallen; het overleggen der dagboeken, onder verwijzing naar de aantekening omtrent de averij of het ongeval, wordt als zodanige kennisgeving beschouwd. +**2.** De kapitein is verplicht voor het behoorlijk bijhouden van de dagboeken zorg te dragen. Hij zal op eerste vordering inzage geven aan en afschrift laten nemen door of namens het Hoofd van de Scheepvaartinspectie, terwijl hij voorts verplicht is steeds op eerste aanvrage inzage van de dagboeken te geven aan de in artikel 63 bedoelde ambtenaren. Hij is bovendien verplicht bij binnenkomst in een Nederlandse haven of een haven van de Nederlandse Antillen of van Aruba aan Scheepvaartinspectie kennis te geven van de op de afgelopen reis voorgekomen averijen en ongevallen; het overleggen der dagboeken, onder verwijzing naar de aantekening omtrent de averij of het ongeval, wordt als zodanige kennisgeving beschouwd. **3.** In het geval, bedoeld in het eerste lid onder *c*, is de kapitein voorts verplicht om bij het aandoen van de eerste haven in het ontbrekende te voorzien, voor zoover dit noodzakelijk is om de veiligheid van het schip en van de opvarenden te verzekeren. @@ -276,25 +274,33 @@ d. Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie beslist zo spoedig mogelijk of al dan n ### Artikel 18 -**1.** Beroep van beslissingen en voorschriften van de in artikel 10 bedoelde ambtenaren kan door de betrokken eigenaar of kapitein worden ingesteld bij de voorzitter van de Raad voor de Scheepvaart of, indien het een beslissing van een ambtenaar in de Nederlandse Antillen of in Aruba betreft, bij de voorzitter van de in het betreffende land werkzame Commissie, bedoeld in artikel 26*bis*. +**1.** Tegen een besluit van een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie kan een belanghebbende administratief beroep instellen bij Onze Minister. -**2.** Tegen een aanhouding in de Nederlandse Antillen en in Aruba, krachtens het bepaalde in artikel 16, vierde lid, kan geen beroep worden ingesteld. - -**3.** De voorzitter is verplicht voor het geven van zijn beslissing de ter zake meest bevoegde leden van de Raad of van de betreffende Commissie, bedoeld in artikel 26*bis* , die noch rechtstreeks, noch zijdelings geacht kunnen worden bij de beslissing belang te hebben, te raadplegen en zijn uitspraak met redenen te omkleden. +**2.** Onze Minister kan bepalen dat het beroep de werking schorst van het besluit waartegen het is gericht. ### Artikel 19 -**1.** Eene uitspraak in beroep gegeven, waarbij wordt afgeweken van de beslissing of het voorschrift, waarvan beroep is ingesteld, treedt in de plaats daarvan. +**1.** In afwijking van artikel 18 kan degene die door een besluit van een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie in de Nederlandse Antillen rechtstreeks in zijn belang is getroffen, met uitzondering van een besluit tot het aanhouden van een schip op grond van artikel 16, vierde lid, daartegen beroep instellen bij de voorzitter van de Commissie van Onderzoek in de Nederlandse Antillen. -**2.** Indien de uitspraak strekt tot vernietiging van eene beslissing, houdende weigering van afgifte van eenig certificaat wordt alsnog zoo spoedig mogelijk door het hoofd van de scheepvaartinspectie het gevraagde certificaat afgegeven. +**2.** Het beroep wordt binnen zes weken na het besluit schriftelijk, telegrafisch of per telefax ingediend en bevat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht, en de gronden van het beroep. -**3.** Van elke in beroep gedane uitspraak wordt onverwijld een gedagteekend afschrift gezonden aan hem, die het beroep heeft ingesteld. +**3.** Alvorens een beslissing op het beroep te nemen raadpleegt de voorzitter van de Commissie van Onderzoek de ter zake meest geschikte leden van de Commissie, die noch rechtstreeks, noch zijdelings belang bij de beslissing hebben. + +**4.** De voorzitter kan bepalen dat het beroep de werking schorst van het besluit waartegen het is gericht. + +**5.** De voorzitter maakt zijn beslissing op het beroep schriftelijk bekend door toezending of uitreiking aan degenen tot wie zij is gericht. De beslissing berust op een deugdelijke motivering. De motivering wordt vermeld bij de bekendmaking van de beslissing. ### Artikel 20 -**1.** De werking van een beslissing of voorschrift wordt opgeschort totdat de beroepstermijn is verstreken, of indien beroep is ingesteld, op het beroep is beslist. +**1.** In afwijking van artikel 18 kan degene die door een besluit van een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie in Aruba rechtstreeks in zijn belang is getroffen, met uitzondering van een besluit tot het aanhouden van een schip op grond van artikel 16, vierde lid, het hoofd van de Scheepvaartinspectie in Aruba verzoeken dit besluit in heroverweging te nemen. -**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op een beslissing van een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie ingevolge artikel 16. +**2.** Het verzoek wordt binnen zes weken na het besluit schriftelijk, telegrafisch of per telefax aanhangig gemaakt door indiening van een bezwaarschrift bij het hoofd van de Scheepvaartinspectie in Aruba en bevat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt, en de gronden waarop het bezwaar rust. + +**3.** Het bezwaarschrift wordt behandeld volgens de bezwaarschriftprocedure in hoofdstuk II van de Landsverordening administratieve rechtspraak. + +**4.** De indiener van het bezwaarschrift kan aan het Gerecht in Eerste Aanleg verzoeken het besluit waartegen het bezwaar zich richt, te schorsen op grond dat de uitvoering daarvan voor de indiener een onevenredig nadeel met zich mee zou brengen in verhouding tot het door een onmiddellijke uitvoering te dienen belang. + +**5.** Degene die door de beslissing van het hoofd van de Scheepvaartinspectie op het bezwaarschrift rechtstreeks in zijn belang is getroffen, kan daartegen beroep instellen bij het Gerecht in Eerste Aanleg. Dit beroep wordt behandeld volgens de beroepschriftprocedure in hoofdstuk III van de Landsverordening administratieve rechtspraak. ### Artikel 21 @@ -444,8 +450,6 @@ Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de werkwijze van de veiligheidsc **3.** Het voorloopig onderzoek wordt ingesteld wanneer een schip door eene ramp is getroffen, tenzij de ramp een schip betreft dat in gebruik is bij Onze Minister van Defensie of een buitenlandse krijgsmacht. -**4.** Indien een Commissie van Onderzoek, bedoeld in artikel 26*bis*, na een onderzoek overeenkomstig het tweede lid, van oordeel is, dat aanleiding bestaat tot het uitspreken van een berisping of het ontnemen van de bevoegdheid om als kapitein, stuurman, machinist of radio-telegrafist op te treden, doet de commissie geen uitspraak, doch verwijst de zaak naar de Raad voor de Scheepvaart voor het instellen van een onderzoek. Meent de Raad, dat er geen aanleiding bestaat tot het uitspreken van een berisping of het ontnemen van de bevoegdheid om als kapitein, stuurman, machinist of radio-telegrafist op te treden, dan kan de Raad de zaak ter afdoening weder in handen van de Commissie stellen. - ### Artikel 28 **1.** De commissarissen der loodsen en de havenmeesters van de Nederlandse Antillen of van Aruba, zenden onverwijld aan het hoofd van de scheepvaartinspectie, onderscheidenlijk aan het districtshoofd in de Nederlandse Antillen of in Aruba, afschriften van de door hen over scheepsrampen opgemaakte processen-verbaal, die mede door de door hen gehoorde personen, ieder voor zooveel zijne eigene verklaring betreft, worden onderteekend. @@ -464,10 +468,6 @@ Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de werkwijze van de veiligheidsc **2.** Over het voorstel van het hoofd van de scheepvaartinspectie om al dan niet een onderzoek in te stellen wordt beslist door eene commissie uit den Raad, bestaande uit den voorzitter en twee door dezen opgeroepen leden. Wijst deze commissie het voorstel af, dan heeft het hoofd van de scheepvaartinspectie het recht te vorderen, dat de Raad de beslissing herziet, waarna de voorzitter zoo spoedig mogelijk den Raad bijeenroept, die - na het hoofd van de scheepvaartinspectie te hebben gehoord - ter zake eene eindbeslissing neemt. De leden der commissie, met uitzondering van den voorzitter, nemen aan deze zitting geen deel. -**3.** Wanneer beslist is, dat een onderzoek zal worden ingesteld, stelt de voorzitter de plaats, den dag en het uur daarvoor vast en worden door of namens hem de noodige getuigen en deskundigen tegen die zitting van den Raad opgeroepen. - -**4.** De commissie en de Raad zijn bevoegd zoo noodig het hoofd van de scheepvaartinspectie op te dragen middelerwijl nog nopens bepaalde onderwerpen nadere gegevens te verzamelen. - ### Artikel 30 **1.** De artikelen 7, tweede lid, 8, 8a , 9, 1011, 13, 14, 15, tweede en derde lid, 16, tweede en derde lid, 17, 19, 23, eerste lid, en 25 van de Wet op de Parlementaire Enquête zijn, voorzover zij niet afwijken van de voorgaande bepalingen van deze rijkswet, van toepassing op het onderzoek, in te stellen door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie of de door hem krachtens artikel 29, eerste lid, met het onderzoek belaste ambtenaren en door de Raad. @@ -484,11 +484,7 @@ Aan getuigen en deskundigen, voor zooverre hunne dienstverhouding tot het Rijk o ### Artikel 32 -**1.** De Scheepvaartinspectie de Raad kunnen overlegging vorderen binnen eenen bepaalden termijn van scheepsdagboeken, machinedagboeken, scheepsverklaringen, monsterrollen, strafregisters en van alle andere voor het onderzoek vereischte bescheiden, zoowel van de kapiteins der schepen, bij de scheepsramp betrokken geweest, als van ieder ander, die de stukken onder zijne berusting heeft. De personen tot wie een vordering wordt gericht tot overlegging van de genoemde bescheiden, zijn verplicht deze stukken binnen de gestelde termijn over te leggen in de staat waarin zij zich ten tijde van de vordering bevinden. - -**2.** Verzuim van overlegging binnen de gestelde termijn wordt gelijkgesteld met een weigering gevolg te geven aan een vordering ingevolge artikel 3, eerste lid, van de Wet op de Parlementaire Enquête. De artikelen 10, 11, 15, eerste en derde lid, en 16, eerste en derde lid, van die wet zijn van toepassing. - -**3.** Overeenkomstige regelen, als in het vorige lid, worden met betrekking tot de Scheepvaartinspectie in de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk in Aruba en de Commissies van Onderzoek, bedoeld in artikel 26*bis* , bij Landsverordening gesteld. +De Scheepvaartinspectie de Raad kunnen overlegging vorderen binnen eenen bepaalden termijn van scheepsdagboeken, machinedagboeken, scheepsverklaringen, monsterrollen, strafregisters en van alle andere voor het onderzoek vereischte bescheiden, zoowel van de kapiteins der schepen, bij de scheepsramp betrokken geweest, als van ieder ander, die de stukken onder zijne berusting heeft. De personen tot wie een vordering wordt gericht tot overlegging van de genoemde bescheiden, zijn verplicht deze stukken binnen de gestelde termijn over te leggen in de staat waarin zij zich ten tijde van de vordering bevinden. ### Artikel 33 @@ -672,7 +668,7 @@ Het is de eigenaar van een schip verboden de kapitein van dat schip door een der ### Artikel 56 -**1.** Gedragingen in strijd met de artikelen 4, eerste lid, 9, eerste, tweede en derde lid, 28, vierde lid, 32, eerste lid, tweede volzin, 39, eerste lid, 52, 53, 54 en 55 zijn strafbare feiten. +**1.** Gedragingen in strijd met de artikelen 4, eerste lid, 9, eerste, tweede en derde lid, 28, vierde lid, 32, eerste lid, tweede volzin, 52, 53, 54 en 55 zijn strafbare feiten. **2.** Gedragingen in strijd met de artikelen 9, derde lid, en 52, eerste en derde lid, zijn misdrijven voor zover zij opzettelijk zijn begaan en overigens overtredingen. Gedragingen in strijd met de artikelen 52, tweede lid, 54 en 55 zijn misdrijven. Gedragingen in strijd met de overige in het eerste lid genoemde artikelen zijn overtredingen.