From a596b65d774a07a8e417429a8fab02ce4c749e17 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jan 2002 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2002-01-01 | BWBR0011222 | Uitvoeringsbesluit Remigratiewet --- .../BWBR0011222/README.md | 24 ++++++++++--------- 1 file changed, 13 insertions(+), 11 deletions(-) diff --git a/amvb/uitvoeringsbesluit-remigratiewet/BWBR0011222/README.md b/amvb/uitvoeringsbesluit-remigratiewet/BWBR0011222/README.md index 0886d5528c8..2711ac83c12 100644 --- a/amvb/uitvoeringsbesluit-remigratiewet/BWBR0011222/README.md +++ b/amvb/uitvoeringsbesluit-remigratiewet/BWBR0011222/README.md @@ -20,13 +20,13 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. wet: de Remigratiewet; b. basisvoorzieningen: de basisvoorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste en tweede lid, van de wet; -c. remigratievoorzieningen: de voorzieningen, bedoeld in artikel 4 van de wet; +c. remigratievoorzieningen: de periodieke uitkering, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de wet en de voorziening, bedoeld in artikel 4, derde lid, van de wet; d. vertrekdatum: de datum die de SVB hanteert bij de vaststelling van het recht op de basisvoorzieningen en de remigratievoorzieningen; e. terugkeerregeling: het terugkeren naar Nederland, bedoeld in artikel 8 van de wet. -**2.** Onder partner wordt in de artikelen 9, 12, tweede lid, 13, tweede en vierde lid, 14, eerste lid, onderdeel c en d, 15, eerste en vierde lid, en 16, eerste lid, mede verstaan de partner, bedoeld in artikel 1, tweede lid, van de wet. +**2.** Onder partner wordt in de artikelen 8, 9, 12, tweede lid, 13, tweede en vierde lid, 14, eerste lid, onderdeel c en d, 15, eerste en vierde lid, en 16, eerste lid, mede verstaan de partner, bedoeld in artikel 1, tweede lid, van de wet. -**3.** Onder kind wordt in de artikelen 9, 12, derde lid, 13, tweede en vierde lid, 14, eerste lid, onderdeel c en d, 15, tweede en vierde lid, en 16, eerste lid, mede verstaan het kind, bedoeld in artikel 1, derde lid, van de wet. +**3.** Onder kind wordt in de artikelen 8, 9, 12, derde lid, 13, tweede en vierde lid, 14, eerste lid, onderdeel c en d, 15, tweede en vierde lid, en 16, eerste lid, mede verstaan het kind, bedoeld in artikel 1, derde lid, van de wet. ## Hoofdstuk 2. Remigratievoorwaarden @@ -68,11 +68,11 @@ c. niet eerder, noch als remigrant noch als partner, basisvoorzieningen dan wel Onverminderd de artikelen 2 en 3 dient de remigrant om voor de remigratievoorzieningen in aanmerking te komen: a. indien hij Nederlander is, onmiddellijk voorafgaande aan de aanvraag van de remigratievoorzieningen in Nederland te hebben verbleven dan wel, indien hij vreemdeling is, gedurende tenminste drie jaren ononderbroken rechtmatig verblijf in Nederland te hebben gehad als bedoeld in artikel 8, onder a tot en met e dan wel l, van de Vreemdelingenwet 2000 en voor het besluit tot toekenning van de remigratievoorzieningen rechtmatig verblijf in Nederland te hebben gehad als bedoeld in artikel 8, onder a, b, d, e, dan wel l, van deze wet, anders dan voor een verblijf voor een tijdelijk doel; -b. over een periode van tenminste 6 maanden, onmiddellijk voorafgaande aan de aanvraag van de remigratievoorzieningen, een uitkering of inkomensvoorziening te hebben ontvangen op grond van de Werkloosheidswet, de Wet werk en bijstand, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de Algemene Ouderdomswet, dan wel een wachtgeld in de zin van het Rijkswachtgeldbesluit 1959, of een soortgelijke uitkering van een overheidswerknemer op grond van ontslag of werkloosheid alsmede een wachtgeld of daarmee gelijkgestelde uitkering ingevolge de bij of krachtens de Kaderwet militaire pensioenen vastgestelde bepalingen, met uitzondering van een uitkering in verband met functioneel leeftijdsontslag of vrijwillig vervroegd uittreden. +b. over een periode van tenminste 6 maanden, onmiddellijk voorafgaande aan de aanvraag van de remigratievoorzieningen, een uitkering te hebben ontvangen op grond van de Werkloosheidswet, de Algemene bijstandswet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de Algemene Ouderdomswet, dan wel een wachtgeld in de zin van het Rijkswachtgeldbesluit 1959, of een soortgelijke uitkering van een overheidswerknemer op grond van ontslag of werkloosheid alsmede een wachtgeld of daarmee gelijkgestelde uitkering in de zin van de Algemene militaire pensioenwet, met uitzondering van een uitkering in verband met functioneel leeftijdsontslag of vrijwillig vervroegd uittreden. ### Artikel 6 -Onder verblijf voor een tijdelijk doel als bedoeld in de artikelen 4, onderdeel a, 5, onderdeel a, 10, eerste lid, onderdeel b, en 11, derde lid, wordt het verblijf verstaan van de vreemdeling die behoort tot een bij regeling van Onze Minister voor Wonen, Wijken en Integratie aan te wijzen categorie van vreemdelingen. +Onder verblijf voor een tijdelijk doel als bedoeld in de artikelen 4, onderdeel a, 5, onderdeel a, 10, eerste lid, onderdeel b, en 11, derde lid, wordt het verblijf verstaan van de vreemdeling die behoort tot een bij regeling van Onze Minister voor Grote Steden- en Integratiebeleid aan te wijzen categorie van vreemdelingen. ### Artikel 7 @@ -82,11 +82,11 @@ Onder verblijf voor een tijdelijk doel als bedoeld in de artikelen 4, onderdeel ### Artikel 8 -Vervallen +Een remigrant en, voorzover van toepassing, zijn partner en hun kinderen hebben geen recht op de voorziening, bedoeld in artikel 4, derde lid, van de wet, indien zij reeds uit anderen hoofde recht hebben op een voorziening op grond van de Ziekenfondswet. ### Artikel 9 -De remigrant en, voor zover van toepassing, zijn partner en hun kinderen dan wel hun wettelijke vertegenwoordiger en de persoon of personen, bedoeld in de artikelen 15, vierde lid, onderdeel c, en 16, tweede lid, van het Besluit voorzieningen Remigratiewet, zijn verplicht aan de SVB op haar verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mee te delen waarvan hem of haar redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht of op de hoogte van de voorzieningen, bedoeld in de artikelen 3, 4, 5 en 11 van de wet, op het geldend maken van het recht op laatstgenoemde voorzieningen of op het te betalen bedrag. +De remigrant en, voor zover van toepassing, zijn partner en hun kinderen dan wel hun wettelijke vertegenwoordiger en de persoon of personen, bedoeld in de artikelen 15, vierde lid, onderdeel c, en 16, derde lid, van het Besluit voorzieningen Remigratiewet, zijn verplicht aan de SVB op haar verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mee te delen waarvan hem of haar redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht of op de hoogte van de voorzieningen, bedoeld in de artikelen 3, 4, 5 en 11 van de wet, op het geldend maken van het recht op laatstgenoemde voorzieningen of op het te betalen bedrag. ## Hoofdstuk 3. Nadere regels met betrekking tot de terugkeer @@ -106,9 +106,9 @@ c. geen gevaar op te leveren voor de openbare orde. ### Artikel 11 -**1.** De remigrant, de partner, bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, van de wet, dan wel het kind, bedoeld in artikel 10, derde lid, dient binnen één jaar na de vertrekdatum een aanvraag in tot wedertoelating als bedoeld in artikel 10, tweede lid, bij Onze Minister voor Immigratie, Integratie en Asiel. +**1.** De remigrant, de partner, bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, van de wet, dan wel het kind, bedoeld in artikel 10, derde lid, dient binnen één jaar na de vertrekdatum een aanvraag in tot wedertoelating als bedoeld in artikel 10, tweede lid, bij Onze Minister van Justitie of bij Onze Minister van Buitenlandse Zaken. -**2.** Bij de aanvraag tot wedertoelating, bedoeld in het eerste lid, legt de remigrant, de partner, bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, van de wet, dan wel het kind, bedoeld in artikel 10, derde lid, afschriften van de beschikkingen van de SVB over waarin het recht op de basisvoorzieningen dan wel de remigratievoorzieningen is toegekend en waarin de vertrekdatum is vermeld, alsmede een afschrift van de in het derde lid bedoelde bijlage over aan Onze Minister voor Immigratie, Integratie en Asiel. +**2.** Bij de aanvraag tot wedertoelating, bedoeld in het eerste lid, legt de remigrant, de partner, bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, van de wet, dan wel het kind, bedoeld in artikel 10, derde lid, afschriften van de beschikkingen van de SVB over waarin het recht op de basisvoorzieningen dan wel de remigratievoorzieningen is toegekend en waarin de vertrekdatum is vermeld, alsmede een afschrift van de in het derde lid bedoelde bijlage over aan Onze Minister van Justitie of aan Onze Minister van Buitenlandse Zaken. **3.** De SVB vermeldt in een bijlage bij de beschikkingen, bedoeld in het tweede lid, in ieder geval de ingangsdatum van het rechtmatig verblijf in Nederland als bedoeld in artikel 8, onder a, b, d, e, dan wel l, van de Vreemdelingenwet 2000, anders dan voor een verblijf voor een tijdelijk doel, op grond waarvan de remigrant of zijn partner tot Nederland zijn toegelaten en de ononderbroken verblijfsduur van de remigrant of zijn partner op grond van genoemd rechtmatig verblijf, berekend vanaf bedoelde ingangsdatum van het rechtmatig verblijf tot de vertrekdatum, dan wel dat de remigrant of zijn partner voor de vertrekdatum Nederlander waren. @@ -126,6 +126,8 @@ c. geen gevaar op te leveren voor de openbare orde. **5.** Indien de remigrant, zijn partner of een van hun kinderen binnen drie jaren na remigratie, anders dan op grond van de terugkeerregeling zijn hoofdverblijf wederom in Nederland vestigt, worden de basisvoorzieningen teruggevorderd, voorzover deze voorzieningen ten behoeve van de teruggekeerde personen zijn toegekend. +**6.** Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing op de verzekering ingevolge de Ziekenfondswet die voortvloeit uit de toepassing van artikel 4, tweede lid, van de wet. + ### Artikel 13 **1.** @@ -168,9 +170,9 @@ d. de remigrant, zijn partner dan wel een van hun kinderen recht heeft op een ui ### Artikel 16 -**1.** De SVB kan bedragen die met toepassing van artikel 15 zijn teruggevorderd, verrekenen met later uit te betalen remigratievoorzieningen, met een ouderdomspensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet dan wel met een uitkering of inkomensvoorziening op grond van de Algemene nabestaandenwet waarop de remigrant of zijn partner, of in het geval bedoeld in artikel 15, tweede lid, een van hun kinderen of diens wettelijke vertegenwoordiger, aanspraak heeft. +**1.** De SVB kan bedragen die met toepassing van artikel 15 zijn teruggevorderd, verrekenen met later uit te betalen remigratievoorzieningen, met een ouderdomspensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet dan wel met een uitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet waarop de remigrant of zijn partner, of in het geval bedoeld in artikel 15, tweede lid, een van hun kinderen of diens wettelijke vertegenwoordiger, aanspraak heeft. -**2.** Indien de in het eerste lid bedoelde personen een uitkering of inkomensvoorziening ontvangen op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering of een toeslag op grond van de Toeslagenwet, betaalt het orgaan dat deze uitkering verschuldigd is het teruggevorderde bedrag op haar verzoek aan de SVB, zonder dat daarvoor een machtiging van de rechthebbende nodig is. +**2.** Indien de in het eerste lid bedoelde personen een uitkering ontvangen op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering of een toeslag op grond van de Toeslagenwet, betaalt het orgaan dat deze uitkering verschuldigd is het teruggevorderde bedrag op haar verzoek aan de SVB, zonder dat daarvoor een machtiging van de rechthebbende nodig is. ## Hoofdstuk 5. Overgangs- en slotbepalingen