2024-10-11 | BWBR0045068 | Omzetbelasting. Toelichting snelle oplossingen btw
This commit is contained in:
parent
53417134bf
commit
a5f51179e6
1 changed files with 5 additions and 1 deletions
|
|
@ -31,6 +31,10 @@ Op 1 januari 2020 zijn de zogenoemde ‘snelle oplossingen’ of ‘quick fixes
|
|||
| uitvoeringsbesluit: | Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 |
|
||||
| wet: | Wet op de omzetbelasting 1968 |
|
||||
|
||||
### 1.2. Verwerkt kennisgroepantwoord
|
||||
|
||||
In het besluit is het kennisgroepantwoord nr. KG:210:2024:3 (vereenvoudigde ABC; levering in keten) verwerkt.1KG:210:2024:3 (Vereenvoudigde ABC; levering in keten) | Kennisgroepen (belastingdienst.nl)
|
||||
|
||||
## 2. Juridisch kader
|
||||
|
||||
De snelle oplossingen zijn op 1 januari 2020 grotendeels2Artikel 5c, lid 4, van Richtlijn 2018/1910 treedt in werking bij de implementatie van de btw-richtlijnen elektronische handel (richtlijn (EU) 2017/2455, richtlijn 2009/132/EG en richtlijn (EU) 2019/1955. in werking getreden. Ze zijn opgenomen in de artikelen 17 bis, 36 bis, 138, 243 en 262 van de richtlijn en in de artikelen 45 bis en 54 bis van de uitvoeringsverordening. De uitvoeringsverordening heeft rechtstreekse werking en behoeft daarom niet te worden omgezet in nationale wetgeving. De bepalingen uit de richtlijn zijn geïmplementeerd in de artikelen 3b, 5c, 34 en 37a van de wet en artikel 12 van het uitvoeringsbesluit.
|
||||
|
|
@ -111,7 +115,7 @@ De regeling inzake ketentransacties bepaalt aan welke van de opvolgende levering
|
|||
|
||||
De regeling inzake ketentransacties is niet van invloed op de werking van de vereenvoudigde A-B-C-levering, bedoeld in artikel 37c van de wet. Dit komt doordat beide regelingen betrekking hebbende op verschillende aspecten. De regeling inzake ketentransacties bepaalt aan welke levering in de keten het intracommunautaire vervoer wordt toegerekend, terwijl de vereenvoudigde A-B-C-levering betrekking heeft op het wegvallen van de verschuldigdheid van de btw voor de intracommunautaire verwerving door (tussen)schakel B.14Kamerstukken II 2019-2020, 35 307, nr. 3, blz. 16. Het gelijktijdig toepassen van de regeling inzake ketentransacties en de vereenvoudigde A-B-C-regeling is mogelijk als wordt voldaan aan de voorwaarden van beide regelingen. De regeling kan alleen worden toegepast op drie partijen in de keten die in drie verschillende lidstaten zijn geregistreerd en daarbij moet het vervoer plaatsvinden in het kader van de levering in de eerste schakel van de keten (A-B).15De vereenvoudigde A-B-C-levering kan dus niet worden toegepast als het vervoer op grond van artikel 5c, tweede lid, van de wet wordt toegerekend aan de levering van goederen door de tussenhandelaar.
|
||||
|
||||
In de Toelichting zijn twee situaties geschetst. De eerste situatie opgenomen in 3.6.17.1 is gelijk aan voorbeeld 5 in de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel over de toepassing van de regeling inzake ketentransacties in combinatie met de vereenvoudigde A-B-C-regeling.16Zie Kamerstukken II 2019-2020, 35 307, nr. 3, blz. 21. In bedoeld voorbeeld 5 vindt de vereenvoudigde A-B-C-regeling plaats tussen C-D-E en wordt voldaan aan de voor deze regeling geldende voorwaarden. In de tweede situatie die de Toelichting schetst (onderdeel 3.6.17.2), waar B aan C de intracommunautaire levering verricht vanuit lidstaat 2 naar lidstaat 5, wordt de vereenvoudigde A-B-C-regeling door een ruimere interpretatie feitelijk toepasbaar geacht op B-C-D-E. Ik deel deze opvatting niet. Een gelijktijdige toepassing van de regeling inzake ketentransacties en de vereenvoudigde A-B-C-levering kan alleen plaatsvinden in een keten op drie partijen uit de keten die voldoen aan de voorwaarden van de vereenvoudigde A-B-C-regeling. De in de Toelichting voorgestane bredere toepassing van de vereenvoudigde A-B-C-regeling vindt geen steun in artikel 141 van de richtlijn en evenmin in artikel 37c van de wet (waarbij D moet zijn gevestigd in het land waar C intracommunautair verwerft). In de tweede situatie die in de Toelichting wordt beschreven zijn de reguliere btw-regels van toepassing. In deze tweede situatie moet de tussenhandelaar (C) zich dus in Nederland voor de btw laten registreren als Nederland de lidstaat van bestemming is en hier de btw ter zake van de intracommunautaire verwerving aangeven en voldoen.
|
||||
In de Toelichting zijn twee situaties geschetst. De eerste situatie opgenomen in 3.6.17.1 is gelijk aan voorbeeld 5 in de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel over de toepassing van de regeling inzake ketentransacties in combinatie met de vereenvoudigde A-B-C-regeling.2Zie Kamerstukken II 2019–2020, 35 307, nr. 3, blz. 21. In bedoeld voorbeeld 5 vindt de vereenvoudigde A-B-C-regeling plaats tussen C-D-E en wordt voldaan aan de voor deze regeling geldende voorwaarden. In de tweede situatie die de Toelichting schetst (onderdeel 3.6.17.2) vindt de vereenvoudigde A-B-C-regeling plaats tussen B-C-D, waarbij B aan C een intracommunautaire levering verricht vanuit lidstaat 2 naar lidstaat 5. De goederen gaan naar lidstaat 5 omdat D aan C het adres van E in lidstaat 5 heeft doorgegeven, waar D ook geïdentificeerd is voor btw-doeleinden. Ook in deze situatie wordt volgens de Toelichting voldaan aan de vereisten van artikel 141 van de richtlijn (in het bijzonder de voorwaarden onder c) omdat C de goederen nog steeds verzendt naar een door D aangewezen plek. Ik onderschrijf deze interpretatie van de voorwaarden in artikel 141, onder c, van de richtlijn (en in het verlengde daarvan ook de voorwaarden in artikel 37c, onderdeel c, van de wet)3Verwerking kennisgroepantwoord nr. KG:210:2024:3 (Vereenvoudigde ABC; levering in keten) | Kennisgroepen (belastingdienst.nl). De in de Toelichting voorgestane bredere toepassing van de vereenvoudigde A-B-C-regeling vindt daarentegen geen steun in artikel 37c, onderdeel b, van de wet, die vereist dat D is gevestigd in de lidstaat waar C intracommunautair verwerft. Als Nederland in de beschreven situatie lidstaat 5 is (de lidstaat van bestemming van de goederen), dan zijn de reguliere btw-regels dus van toepassing. In die situatie moet de tussenhandelaar (C) zich in Nederland voor de btw laten registreren en hier de btw ter zake van de intracommunautaire verwerving aangeven en voldoen.
|
||||
|
||||
## 6. Bewijs intracommunautair(e) verzending of vervoer op basis van weerlegbaar vermoeden
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue