From a60b0901e26ecda02a2fa60579205a58528bbb37 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Aug 2017 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2017-08-01 | BWBR0027961 | Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie --- .../BWBR0027961/README.md | 16 ++++++++++++---- 1 file changed, 12 insertions(+), 4 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-basisvoorwaarden-kwaliteit-voorschoolse-educatie/BWBR0027961/README.md b/amvb/besluit-basisvoorwaarden-kwaliteit-voorschoolse-educatie/BWBR0027961/README.md index 4ca24156409..7930fa102f8 100644 --- a/amvb/besluit-basisvoorwaarden-kwaliteit-voorschoolse-educatie/BWBR0027961/README.md +++ b/amvb/besluit-basisvoorwaarden-kwaliteit-voorschoolse-educatie/BWBR0027961/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie bwb_id: BWBR0027961 type: AMvB status: geldend -datum_inwerkingtreding: '2010-08-01' +datum_inwerkingtreding: '2017-04-26' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0027961 citeertitel: Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie --- @@ -20,7 +20,7 @@ Voorschoolse educatie omvat per week ten minste vier dagdelen van ten minste 2,5 ### Artikel 3 -**1.** De verhouding tussen het aantal beroepskrachten en het feitelijk aantal aanwezige kinderen in een groep waaraan voorschoolse educatie wordt aangeboden bedraagt ten minste één beroepskracht per acht kinderen. +**1.** De verhouding tussen het aantal beroepskrachten voorschoolse educatie en het feitelijk aantal aanwezige kinderen in een groep waaraan voorschoolse educatie wordt aangeboden bedraagt ten minste één beroepskracht voorschoolse educatie per acht kinderen. **2.** Een groep kinderen waaraan voorschoolse educatie wordt aangeboden bestaat uit ten hoogste 16 feitelijk aanwezige kinderen. @@ -37,6 +37,8 @@ b. een erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in artikel 5 van de Algeme **3.** Indien aan het tweede lid niet is voldaan bezit de beroepskracht voorschoolse educatie naast het getuigschrift, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, een bewijs dat met gunstig gevolg scholing is afgerond specifiek gericht op het vroegtijdig bestrijden van achterstanden bij jonge kinderen of het werken met voor- en vroegschoolse educatieprogramma’s. +**3a.** De beroepskracht voorschoolse educatie beheerst aantoonbaar ten minste niveau 3F, bedoeld in bijlage 1 bij het Besluit referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen, op de onderdelen Mondelinge Taalvaardigheid en Lezen. + **4.** De houder van een kindercentrum of peuterspeelzaal waar voorschoolse educatie wordt aangeboden stelt jaarlijks een opleidingsplan op waarin tot uitdrukking komt op welke wijze de kennis van en de vaardigheden van de beroepskracht voorschoolse educatie in het vroegtijdig bestrijden van achterstanden door middel van voorschoolse educatie worden onderhouden. **5.** @@ -47,7 +49,13 @@ a. is geboren vóór 1 januari 1955; b. op 1 januari 2010 tenminste 15 jaar als beroepskracht als bedoeld in artikel 2.1 van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen werkzaam was, en c. scholing voor voor- of vroegschoolse educatie heeft gevolgd die hoort bij een programma als bedoeld in artikel 5. -**6.** Indien in een groep waaraan voorschoolse educatie wordt aangeboden feitelijk meer dan acht kinderen aanwezig zijn, dan is ten minste één beroepskracht aanwezig die in het bezit is van een getuigschrift of erkenning als bedoeld in het eerste lid. +**6.** Indien van een groep waaraan voorschoolse educatie wordt aangeboden, feitelijk meer dan acht kinderen aanwezig zijn, is ten hoogste op één van de aanwezige beroepskrachten voorschoolse educatie het vijfde lid van toepassing. + +**7.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ter uitvoering van dit artikel. + +### Artikel 4a + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden ### Artikel 5 @@ -67,7 +75,7 @@ Vervallen ### Artikel 9 -Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop het bij koninklijke boodschap van 25 juni 2009 ingediende voorstel van wet tot Wijziging van de Wet kinderopvang, de Wet op het onderwijstoezicht, de Wet op het primair onderwijs en enkele andere wetten in verband met wijzigingen in het onderwijsachterstandenbeleid (Kamerstukken II 2008/09, 31 989, nr. 2), nadat het tot wet verheven is, in werking treedt. +Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop het bij koninklijke boodschap van 25 juni 2009 ingediende voorstel van wet tot Wijziging van de Wet kinderopvang, de Wet op het onderwijstoezicht, de Wet op het primair onderwijs en enkele andere wetten in verband met wijzigingen in het onderwijsachterstandenbeleid (Kamerstukken II 2008/09, 31 989, nr. 2), nadat het tot wet verheven is, in werking treedt. ### Artikel 10