2004-08-01 | BWBR0009124 | Zeevaartbemanningswet
This commit is contained in:
parent
7c81640c9e
commit
a6414d411a
1 changed files with 33 additions and 24 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Zeevaartbemanningswet
|
|||
bwb_id: BWBR0009124
|
||||
type: wet
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '1998-04-01'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2004-04-13'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0009124
|
||||
citeertitel: Zeevaartbemanningswet
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -20,19 +20,25 @@ a. Onze Minister: Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;
|
|||
b. Nederlands schip: een schip dat op grond van Nederlandse rechtsregels gerechtigd is de vlag van het Koninkrijk te voeren;
|
||||
c. vissersvaartuig: een Nederlands schip dat bestemd is of gebezigd wordt voor het bedrijfsmatig vangen van vis of van andere levende rijkdommen van de zee;
|
||||
d. zeilschip: een Nederlands schip dat bestemd en ingericht is om hoofdzakelijk door middel van zeilen te worden voortbewogen;
|
||||
e. pleziervaartuig: een Nederlands schip dat uitsluitend anders dan inde uitoefening van een beroep of bedrijf wordt gebruikt;
|
||||
e. pleziervaartuig: een Nederlands schip dat uitsluitend anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf wordt gebruikt;
|
||||
f. zeilvaart: de bedrijfsmatige vaart met zeilschepen op zee;
|
||||
g. kapitein: de gezagvoerder van een Nederlands schip;
|
||||
h. opvarende: een ieder die zich aan boord bevindt;
|
||||
i. bemanning: de gezagvoerder, de schepelingen en de overige opvarendendie in de monsterrol worden genoemd;
|
||||
j. scheepsbeheerder: de natuurlijke of rechtspersoon, die, vanuit een vestiging in Nederland van een zeescheepvaartonderneming, de dagelijkse leiding heeft over het beheer van het schip, alsmede de personen die als leden van een maatschap het beheer voeren over het vissersvaartuig;
|
||||
k. vaarbevoegdheid: de bevoegdheid om in een of meer functies aan boord van een schip dienst te doen;
|
||||
l. vaarbevoegdheidsbewijs: een door het hoofd van de Scheepvaartinspectie afgegeven document waaruit de vaarbevoegdheid blijkt;
|
||||
m. verwerken van persoonsgegevens, onderscheidenlijk verantwoordelijke: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wet bescherming persoonsgegevens.
|
||||
m. bemanningsplan: een voorstel van de scheepsbeheerder houdende het aantal bemanningsleden met hun respectievelijke functies waarmee de scheepsbeheerder het betrokken schip, naast de kapitein, minimaal wenst te bemannen;
|
||||
n. bemanningscertificaat: een certificaat, afgegeven door het hoofd van de Scheepvaartinspectie, houdende het minimum aantal bemanningsleden en hun functies aan boord van het betrokken schip, naast de kapitein of schipper;
|
||||
o. beroepsvereisten: de krachtens deze wet gestelde vereisten ten aanzien van de kennis, het inzicht en de vaardigheden voor een functie of werkzaamheden waarop deze wet van toepassing is;
|
||||
p. geneeskundige verklaring van geschiktheid voor de zeevaart: een verklaring als bedoeld in artikel 40;
|
||||
g. scheepslengte: tenzij anders bepaald, 96 procent van de totale lengte op een waterlijn op 85 procent van de kleinste holte gemeten vanaf de kiellijn, of de lengte van de voorzijde van de voorsteven tot de hartlijn van de roerkoning op die waterlijn, indien deze lengte groter is; bij vissersvaartuigen die met een stuurlast ontworpen zijn, moet de waterlijn waarop deze lengte gemeten wordt, evenwijdig aan de ontwerplastlijn worden genomen;
|
||||
h. kapitein: de gezagvoerder van een Nederlands schip;
|
||||
i. scheepsofficier: een lid van de bemanning, niet zijnde de kapitein, die aan boord van een Nederlands schip een functie als stuurman, werktuigkundige, maritiem officier of radio-operator vervult;
|
||||
j. opvarende: een ieder die zich gedurende de vaart aan boord van het schip bevindt;
|
||||
k. bemanning: de kapitein, de scheepsofficieren, de scheepsgezellen, en de overige opvarenden die in de monsterrol worden genoemd;
|
||||
l. scheepsbeheerder: de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die, vanuit een vestiging van een zeescheepvaartonderneming in Nederland, de dagelijkse leiding heeft over het beheer van het schip, alsmede de personen die als lid van een maatschap het beheer voeren over het vissersvaartuig;
|
||||
m. inspecteur-generaal: de inspecteur-generaal van de Inspectie Verkeer en Waterstaat;
|
||||
n. divisie Scheepvaart: de divisie Scheepvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat;
|
||||
o. vaarbevoegdheid: de bevoegdheid om in een of meer functies aan boord van een schip dienst te doen;
|
||||
p. vaarbevoegdheidsbewijs: een door de inspecteur-generaal afgegeven document waaruit de vaarbevoegdheid blijkt;
|
||||
q. bemanningsplan: een voorstel van de scheepsbeheerder, houdende het aantal bemanningsleden met hun functies aan boord waarmee de scheepsbeheerder het betrokken schip minimaal wenst te bemannen;
|
||||
r. bemanningscertificaat: een door de inspecteur-generaal afgegeven certificaat, houdende het minimumaantal bemanningsleden met hun functies aan boord van het betrokken schip;
|
||||
s. beroepsvereisten: de krachtens deze wet gestelde vereisten ten aanzien van de kennis, het inzicht en de vaardigheden voor een functie aan boord of voor werkzaamheden waarop deze wet van toepassing is;
|
||||
t. geneeskundige verklaring van geschiktheid voor de zeevaart: een verklaring als bedoeld in artikel 40;
|
||||
u. tuchtcollege: het tuchtcollege voor de scheepvaart als bedoeld in artikel 55a, tweede lid;
|
||||
v. verwerking van persoonsgegevens: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wet bescherming persoonsgegevens;
|
||||
w. verantwoordelijke: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wet bescherming persoonsgegevens.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
|
|
@ -77,7 +83,9 @@ d. de medische geschiktheid.
|
|||
|
||||
**2.** De scheepsbeheerder zorgt ervoor dat de bemanningsleden bij hun tewerkstelling aan boord vertrouwd zijn met hun specifieke taken en met alle regelingen, procedures aan boord en de kenmerken van het schip, die verband houden met hun taken zowel onder normale omstandigheden als in noodsituaties.
|
||||
|
||||
**3.** De kapitein zorgt ervoor dat de bemanning van het schip te allen tijde berekend is voor het verrichten van de werkzaamheden aan boord.
|
||||
**3.** De kapitein en de scheepsofficieren gedragen zich aan boord ten opzichte van de opvarenden, het schip, de lading, het milieu en het scheepvaartverkeer zoals het een goed zeeman betaamt.
|
||||
|
||||
**4.** De kapitein zorgt ervoor dat de bemanning van het schip te allen tijde berekend is voor het verrichten van de werkzaamheden aan boord.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Bemanningscertificaat en bemanningsplan
|
||||
|
||||
|
|
@ -174,7 +182,7 @@ Het hoofd van de Scheepvaartinspectie kan, met inachtneming van bij algemene maa
|
|||
|
||||
**1.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voorschriften worden gegeven met betrekking tot de samenstelling van de bemanning voor verschillende categorieën vissersvaartuigen.
|
||||
|
||||
**2.** Op vissersvaartuigen is deze paragraaf niet van toepassing, met uitzondering van de artikelen 5, 6, 13, aanhef en onderdeel b, 15, 16 en 17.
|
||||
**2.** Deze paragraaf is niet van toepassing op vissersvaartuigen met een scheepslengte van minder dan 45 meter, met uitzondering van de artikelen 5, 6, 13, aanhef en onderdeel b, 15, 16 en 17.
|
||||
|
||||
**3.** De scheepsbeheerder dient per vissersvaartuig een aanvraag in voor een bemanningscertificaat bij het hoofd van de Scheepvaartinspectie.
|
||||
|
||||
|
|
@ -184,7 +192,7 @@ Het hoofd van de Scheepvaartinspectie kan, met inachtneming van bij algemene maa
|
|||
|
||||
### Artikel 18
|
||||
|
||||
**1.** Een ieder die aan boord van een schip een functie verricht waarvoor krachtens deze wet eisen zijn gesteld, is in het bezit van een geldig vaarbevoegdheidsbewijs voor die functie.
|
||||
**1.** Een ieder die aan boord van een schip een functie vervult waarvoor krachtens deze wet eisen zijn gesteld, is in het bezit van een geldig vaarbevoegdheidsbewijs voor die functie.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -446,7 +454,7 @@ e. het aantal buitenlandse studenten dat als stagiair is geplaatst, alsmede de n
|
|||
|
||||
**1.** Aan boord van een schip is een monsterrol, die wordt opgemaakt en gewijzigd door de kapitein.
|
||||
|
||||
**2.** In de monsterrol worden ten minste de namen en functies opgenomen van de bemanningsleden die de functies vervullen, genoemd in het bemanningscertificaat, alsmede van de bemanningsleden die door de scheepsbeheerder dan wel de kapitein, met toepassing van respectievelijk artikel 4, eerste lid, en artikel 4, derde lid, naast de eerstbedoelde bemanningsleden aan boord zijn geplaatst.
|
||||
**2.** In de monsterrol worden ten minste de namen en functies opgenomen van de bemanningsleden die de functies vervullen, genoemd in het bemanningscertificaat, alsmede van de bemanningsleden die door de scheepsbeheerder dan wel de kapitein, met toepassing van respectievelijk artikel 4, eerste lid, en artikel 4, vierde lid, naast de eerstbedoelde bemanningsleden aan boord zijn geplaatst.
|
||||
|
||||
**3.** De monsterrol heeft een geldigheidsduur van niet meer dan twaalf maanden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -587,8 +595,6 @@ De in artikel 49, eerste lid, bedoelde toezichthouder is bevoegd ter uitoefening
|
|||
|
||||
**2.** Hij is bevoegd met het oog op de uitoefening van deze bevoegdheden, in geval van gegrond vermoeden dat in strijd wordt gehandeld met enige verplichting ingevolge deze wet, van de kapitein van een schip te vorderen dat deze het schip gaande houdt dan wel naar een door hem aangewezen veilige ligplaats of ankerplaats brengt.
|
||||
|
||||
**3.** Bij regeling van Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Justitie wordt bepaald op welke wijze de vordering, bedoeld in het tweede lid, wordt gedaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 52
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
|
@ -622,6 +628,8 @@ Met het opsporen van feiten, die bij of krachtens deze wet strafbaar zijn gestel
|
|||
a. de bij of krachtens artikel 141 Wetboek van Strafvordering aangewezen personen;
|
||||
b. de ambtenaren van de Scheepvaartinspectie.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 5A. Tuchtrechtspraak
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 6. Verbodsbepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 56
|
||||
|
|
@ -635,7 +643,7 @@ b. de ambtenaren van de Scheepvaartinspectie.
|
|||
Het is verboden
|
||||
|
||||
a. om een schip te bemannen met minder bemanningsleden dan is aangegeven in het bemanningscertificaat;
|
||||
b. een schip zodanig te bemannen dat niet ten minste de op het bemanningscertificaat aangegeven functies worden verricht door tot het verrichten van die functies bevoegde bemanningsleden, of
|
||||
b. een schip zodanig te bemannen dat niet ten minste de op het bemanningscertificaat aangegeven functies worden vervuld door tot het vervullen van die functies bevoegde bemanningsleden, of
|
||||
c. het schip te gebruiken in strijd met de voorwaarden van het bemanningscertificaat.
|
||||
|
||||
### Artikel 58
|
||||
|
|
@ -652,7 +660,7 @@ Het is verboden na te laten de monsterrol op te maken, opnieuw op te maken of bi
|
|||
|
||||
### Artikel 60
|
||||
|
||||
Het is verboden de verplichtingen ingevolge artikel 3, tweede lid, artikel 4 en artikel 29, eerste lid, niet na te komen.
|
||||
Het is verboden de verplichtingen ingevolge artikel 3, tweede en derde lid, artikel 4, eerste, tweede en vierde lid, en artikel 29, eerste lid, niet na te komen.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 7. Overige bepalingen
|
||||
|
||||
|
|
@ -672,11 +680,12 @@ a. de afgifte van bemanningscertificaten;
|
|||
b. de beoordeling van een bemanningsplan;
|
||||
c. de afgifte, vervanging of vernieuwing van vaarbevoegdheidsbewijzen;
|
||||
d. de afgifte of vervanging van een monsterboekje of een voorlopig monsterboekje;
|
||||
e. examens;
|
||||
e. het afnemen van examens, aanvullende examens en toetsen;
|
||||
f. het verlenen van ontheffingen;
|
||||
g. vergoedingen van gecommitteerden en deskundigen;
|
||||
h. de afgifte, vervanging of vernieuwing van bijzondere documenten, bedoeld in artikel 21, en
|
||||
i. de behandeling van een aanvraag voor en de afgifte van diploma's, getuigschriften en verklaringen.
|
||||
h. de afgifte, vervanging of vernieuwing van bijzondere documenten, bedoeld in artikel 21;
|
||||
i. de afgifte van diploma's, getuigschriften en verklaringen; en
|
||||
j. de behandeling van een aanvraag voor de erkenning van een opleiding als bedoeld in artikel 19, tweede lid, onder b.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3. Aanwijzing gecommitteerden en deskundigen
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue