From a64880cf7f376c949b28fa82864cf94418e3d433 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 1 Mar 2023 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] =?UTF-8?q?2023-03-01=20|=20BWBR0014194=20|=20Wet=20justit?= =?UTF-8?q?i=C3=ABle=20gegevens?= MIME-Version: 1.0 Content-Type: text/plain; charset=UTF-8 Content-Transfer-Encoding: 8bit --- .../BWBR0014194/README.md | 51 ++++++++++++------- 1 file changed, 33 insertions(+), 18 deletions(-) diff --git a/wet/wet-justitiële-gegevens/BWBR0014194/README.md b/wet/wet-justitiële-gegevens/BWBR0014194/README.md index 11b782ff3a2..4e8cd273bb4 100644 --- a/wet/wet-justitiële-gegevens/BWBR0014194/README.md +++ b/wet/wet-justitiële-gegevens/BWBR0014194/README.md @@ -48,7 +48,9 @@ x. internationale organisatie: een organisatie en de daaronder ressorterende int y. Onze Minister: Onze Minister van Veiligheid en Justitie; z. Autoriteit persoonsgegevens: de autoriteit, bedoeld in artikel 6 van de Uitvoeringswet algemene verordening gegevensbescherming; aa. lidstaat: lidstaat van de Europese Unie die de richtlijn heeft geïmplementeerd; -ab. richtlijn: richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van het Kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad. +ab. richtlijn: richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van het Kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad; +ac. centrale autoriteit: de centrale autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het kaderbesluit 2009/315/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 26 februari 2009 betreffende de organisatie en de inhoud van uitwisseling van gegevens uit het strafregister tussen de lidstaten (PbEU L 93/23); +ad. Ecris-TCN: Het Europees strafregisterinformatiesysteem-derdelanders, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van Verordening (EU) 2019/816. ## Titel 2. De verwerking van justitiële gegevens @@ -60,6 +62,19 @@ ab. richtlijn: richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad van **2.** Bij algemene maatregel van bestuur worden de gegevens aangewezen die als justitiële gegevens worden aangemerkt. +### Artikel 2a + +**1.** + +Onze Minister maakt gebruik van Ecris-TCN ten behoeve van de strafrechtspleging en daarnaast voor de volgende doelen: + +a. een verzoek van de betrokkene om hem betreffende justitiële gegevens als bedoeld in artikel 18; +b. veiligheidsonderzoek in verband met werving of vrijwillige activiteiten waarbij sprake is van rechtstreeks en geregeld contact met kinderen, nadat betrokkene een aanvraag heeft gedaan om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28; + +**2.** Onze Minister verzoekt de centrale autoriteit van een lidstaat om doorgifte van justitiële gegevens ten behoeve van de in het eerste lid genoemde doelen. + +**3.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over het doen van een verzoek om doorgifte van justitiële gegevens aan de centrale autoriteiten van andere lidstaten van de Europese Unie en over de ontvangst van justitiële gegevens vanuit andere lidstaten van de Europese Unie. + ### Artikel 3 **1.** Onze Minister treft de nodige maatregelen opdat de justitiële gegevens, gelet op de doeleinden waarvoor zij worden verwerkt, juist en nauwkeurig zijn. Hij zorgt voor het onverwijld vernietigen of rectificeren van justitiële gegevens als blijkt dat deze, gelet op de doeleinden waarvoor zij worden verwerkt, onjuist zijn. @@ -307,7 +322,9 @@ c. de rechter met toepassing van artikel 77x, eerste lid, van het Wetboek van St **1.** Justitiële gegevens worden of kunnen worden ter beschikking gesteld ten behoeve van de strafrechtspleging aan de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat van de Europese Unie of aan organen en instanties die zijn opgericht krachtens de hoofdstukken 4 en 5 van titel V van het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, die zijn belast met taken van rechtshandhaving, voor zover dat voortvloeit uit een rechtsinstrument op grond van het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. -**2.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over het ter beschikking stellen van justitiële gegevens, bedoeld in het eerste lid, alsmede over de aan het gebruik daarvan te stellen voorwaarden door ontvangstgerechtigde bevoegde autoriteiten of internationale organen en instanties, en over de ontvangst van justitiële gegevens vanuit andere lidstaten van de Europese Unie. Onverminderd specifieke voorzieningen in een rechtsinstrument, bedoeld in het eerste lid, mogen de voorwaarden niet afwijken van de voorwaarden voor vergelijkbare doorzendingen van politiegegevens binnen het Europese deel van Nederland. +**2.** Justitiële gegevens kunnen worden ter beschikking gesteld ten behoeve van andere doelen dan de strafrechtspleging aan de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat van de Europese Unie. + +**3.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over het ter beschikking stellen van justitiële gegevens, bedoeld in het eerste en tweede lid, alsmede over de aan het gebruik daarvan te stellen voorwaarden door ontvangstgerechtigde bevoegde autoriteiten of internationale organen en instanties. Onverminderd specifieke voorzieningen in een rechtsinstrument, bedoeld in het eerste en tweede lid, mogen de voorwaarden niet afwijken van de voorwaarden voor vergelijkbare doorzendingen van politiegegevens binnen het Europese deel van Nederland. ### Artikel 16a @@ -361,13 +378,13 @@ Onze Minister maakt ten minste de volgende informatie toegankelijk voor de betro a. de identiteit en contactgegevens van de verwerkingsverantwoordelijke en, in voorkomend geval, van de functionaris voor gegevensbescherming; b. de doelen van de verwerking waarvoor de justitiële gegevens zijn bestemd; c. het recht een klacht in te dienen bij de Autoriteit persoonsgegevens, en de contactgegevens van die autoriteit; -d. de rechten van de betrokkene, bedoeld in de artikelen 18, eerste lid, en 22, eerste en tweede lid. +d. de rechten van de betrokkene, bedoeld in de artikelen 18 en 22, eerste en tweede lid. ### Artikel 17b **1.** Onze Minister verstrekt aan een betrokkene informatie over de verwerking van justitiële gegevens in een beknopte en toegankelijke vorm en in duidelijke en eenvoudige taal. De informatie wordt met passende middelen, waaronder elektronische, verstrekt en in het algemeen in dezelfde vorm als de vorm van het verzoek. -**2.** Indien de betrokkene verzoekt om inzage, op grond van artikel 18, eerste lid, of rectificatie, bedoeld in artikel 22, eerste en tweede lid, wordt hij schriftelijk in kennis gesteld van de ontvangst van het verzoek, de termijn voor uitsluitsel en de mogelijkheid om naar aanleiding daarvan een klacht in te dienen bij de Autoriteit persoonsgegevens. +**2.** Indien de betrokkene verzoekt om een overzicht, op grond van artikel 18, of rectificatie, bedoeld in artikel 22, eerste en tweede lid, wordt hij schriftelijk in kennis gesteld van de ontvangst van het verzoek, de termijn voor uitsluitsel en de mogelijkheid om naar aanleiding daarvan een klacht in te dienen bij de Autoriteit persoonsgegevens. **3.** @@ -383,9 +400,7 @@ e. het bestaan van geautomatiseerde besluitvorming, met inbegrip van de in artik ### Artikel 18 -**1.** - -De betrokkene heeft het recht om op diens schriftelijke verzoek van Onze Minister binnen vier weken uitsluitsel te verkrijgen over de al dan niet verwerking van hem betreffende justitiële gegevens en, wanneer dat het geval is, om die justitiële gegevens in te zien en om de volgende informatie te verkrijgen: +De betrokkene heeft het recht om op diens schriftelijke verzoek van Onze Minister binnen zes weken uitsluitsel te verkrijgen over de al dan niet verwerking van hem betreffende justitiële gegevens en, wanneer dat het geval is, om een overzicht van die justitiële gegevens te verkrijgen en om de volgende informatie te verkrijgen: a. de doelen en de rechtsgrond van de verwerking; b. de betrokken categorie van de gegevens; @@ -395,8 +410,6 @@ e. het recht te verzoeken om verbetering, vernietiging of afscherming van de ver f. het recht een klacht in te dienen bij de Autoriteit persoonsgegevens, en de contactgegevens van die autoriteit; g. alle beschikbare informatie over de oorsprong van de verwerking van hem betreffende justitiële gegevens. -**2.** Hij doet daarbij geen mededelingen in schriftelijke vorm over de verwerking van de betrokkene betreffende justitiële gegevens, tenzij hij weigert een mededeling te doen. Een gehele of gedeeltelijke afwijzing vindt schriftelijk plaats. - ### Artikel 19 Elke verstrekking van justitiële gegevens overeenkomstig de bepalingen van Afdeling 2 wordt vastgelegd en ten minste vier jaar bewaard. @@ -413,11 +426,11 @@ Elke verstrekking van justitiële gegevens overeenkomstig de bepalingen van Afde ### Artikel 21 -**1.** Indien de betrokkene verzoekt om inzage, op grond van artikel 18, eerste lid, of rectificatie, bedoeld in artikel 22, eerste en tweede lid, wordt hij schriftelijk in kennis gesteld van de ontvangst van het verzoek, de termijn voor uitsluitsel en de mogelijkheid om een klacht in te dienen bij de Autoriteit persoonsgegevens. +**1.** Indien de betrokkene verzoekt om een overzicht, op grond van artikel 18, of rectificatie, bedoeld in artikel 22, eerste en tweede lid, wordt hij schriftelijk in kennis gesteld van de ontvangst van het verzoek, de termijn voor uitsluitsel en de mogelijkheid om een klacht in te dienen bij de Autoriteit persoonsgegevens. **2.** -Een verzoek als bedoeld in artikel 18, eerste lid, of artikel 22, eerste en tweede lid, wordt afgewezen voor zover dit een noodzakelijke en evenredige maatregel is: +Een verzoek als bedoeld in artikel 18 of artikel 22, eerste en tweede lid, wordt afgewezen voor zover dit een noodzakelijke en evenredige maatregel is: a. ter vermijding van belemmering van de gerechtelijke onderzoeken of procedures; b. ter vermijding van nadelige gevolgen voor de voorkoming, de opsporing, het onderzoek en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen; @@ -459,7 +472,7 @@ b. de persoonsgegevens moeten worden bewaard als bewijsmateriaal. ### Artikel 25 -**1.** De verstrekking van de informatie, bedoeld in de artikelen 18, eerste lid, en 22, eerste lid, geschiedt kosteloos. +**1.** De verstrekking van de informatie, bedoeld in de artikelen 18 en 22, eerste lid, geschiedt kosteloos. **2.** In het geval van kennelijk ongegronde of buitensporige verzoeken, met name vanwege de geringe tussenpozen tussen opeenvolgende verzoeken, kan Onze Minister weigeren gevolg te geven aan het verzoek. @@ -711,7 +724,7 @@ c. integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. ### Artikel 36 -**1.** Onze Minister kan bij zijn onderzoek met betrekking tot de afgifte van de verklaring omtrent het gedrag van een natuurlijk persoon kennis nemen van op de aanvrager betrekking hebbende justitiële gegevens alsmede van politiegegevens als bedoeld in artikel 1, onder a, van de Wet politiegegevens, met uitzondering van de gegevens waarover op grond van artikel 21, eerste lid, onderdeel e, geen mededeling kan worden gedaan aan de verzoeker, die gebruik maakt van zijn recht, als bedoeld in artikel 18, eerste lid. +**1.** Onze Minister kan bij zijn onderzoek met betrekking tot de afgifte van de verklaring omtrent het gedrag van een natuurlijk persoon kennis nemen van op de aanvrager betrekking hebbende justitiële gegevens alsmede van politiegegevens als bedoeld in artikel 1, onder a, van de Wet politiegegevens, met uitzondering van de gegevens waarover op grond van artikel 21, eerste lid, onderdeel e, geen mededeling kan worden gedaan aan de verzoeker, die gebruik maakt van zijn recht, als bedoeld in artikel 18. **2.** Tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald, kan Onze Minister bij zijn onderzoek met betrekking tot de afgifte van de verklaring omtrent het gedrag van een rechtspersoon kennis nemen van op de betrokkenen, bedoeld in artikel 35, betrekking hebbende justitiële gegevens, politiegegevens, als bedoeld in artikel 1, onder a, van de Wet politiegegevens, alsmede gegevens uit de registratie, bedoeld in artikel 1, onder b, van de Wet controle op rechtspersonen. De uitzondering, bedoeld in het eerste lid, is van toepassing. @@ -1133,9 +1146,9 @@ e. de verwerkingsverantwoordelijke te verplichten een inbreuk in verband met per **1.** De artikelen 3, 7, 7a, 7b, 7d tot en met 7f, 15, 16, 16a, 17a, 17b, 20 tot en met 25, en 39c, tweede tot en met vijfde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op tenuitvoerleggingsgegevens. -**2.** Artikel 18, eerste lid, is van overeenkomstige toepassing onverminderd het verder bij wet bepaalde over kennisneming of inzage van tenuitvoerleggingsgegevens. +**2.** Onverminderd het verder bij wet bepaalde over kennisneming of inzage van tenuitvoerleggingsgegevens heeft de betrokkene het recht om op diens schriftelijke verzoek binnen vier weken van Onze Minister uitsluitsel te krijgen over de al dan niet verwerking van hem betreffende tenuitvoerleggingsgegevens en, wanneer dat het geval is, om die tenuitvoerleggingsgegevens in te zien en hierover de informatie, bedoeld in artikel 18, onderdelen a tot en met g, te verkrijgen. Onze Minister doet daarbij geen mededelingen in schriftelijke vorm over de verwerking van de betrokkene betreffende tenuitvoerleggingsgegevens, tenzij hij weigert een mededeling te doen. Een gehele of gedeeltelijke afwijzing vindt schriftelijk plaats. -**3.** Indien de verwerking betrekking heeft op tenuitvoerleggingsgegevens waarvoor het College van procureurs-generaal verwerkingsverantwoordelijke is, wordt bij de overeenkomstige toepassing van de artikelen, bedoeld in het eerste en tweede lid, in de artikelen waar wordt gesproken over «Onze Minister» gelezen «het College van procureurs-generaal». +**3.** Indien de verwerking betrekking heeft op tenuitvoerleggingsgegevens waarvoor het College van procureurs-generaal verwerkingsverantwoordelijke is, wordt bij de overeenkomstige toepassing van de artikelen, bedoeld in het eerste lid, in die artikelen alsmede in het tweede lid waar wordt gesproken over «Onze Minister» gelezen «het College van procureurs-generaal». ### Artikel 51c @@ -1175,7 +1188,7 @@ b. een last onder bestuursdwang op te leggen ter handhaving van het bij of krach c. een bestuurlijke boete op te leggen indien de verwerkingsverantwoordelijke handelt in strijd met: – de artikelen 51b, eerste lid, voor wat betreft de overeenkomstige toepassing van de artikelen 7, 7a, 7b en 7d in dat lid, en 51d, eerste lid, voor wat betreft de overeenkomstige toepassing van de artikelen 26c, 26f, 26g en 26h in dat lid, van ten hoogste het bedrag van de geldboete van de vijfde categorie van artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht; -– de artikelen 51b, eerste lid, voor wat betreft de overeenkomstige toepassing van de artikelen 7e, 17a, 17b, 22 en 24 in dat lid, en 51b, tweede lid, voor wat betreft de overeenkomstige toepassing van artikel 18, van ten hoogste het bedrag van de geldboete van de zesde categorie van artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht; +– de artikelen 51b, eerste lid, voor wat betreft de overeenkomstige toepassing van de artikelen 7e, 17a, 17b, 22 en 24 in dat lid, en 51b, tweede lid, met uitzondering van het verder bij wet bepaalde over kennisneming of inzage van tenuitvoerleggingsgegevens, van ten hoogste het bedrag van de geldboete van de zesde categorie van artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht; d. een advies te verstrekken aan de verwerkingsverantwoordelijke naar aanleiding van een voorafgaande raadpleging, bedoeld in artikel 26h; e. de verwerkingsverantwoordelijke te verplichten een inbreuk in verband met persoonsgegevens te melden aan de betrokkene. @@ -1193,10 +1206,12 @@ De gerechten, bedoeld in artikel 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie, ve ### Artikel 51f -**1.** De artikelen 3, 7, 7a, 7b, 7d tot en met 7f, 15, 16, 16a, 17a, 17b, 18 en 20 tot en met 25, zijn van overeenkomstige toepassing op gerechtelijke strafgegevens. +**1.** De artikelen 3, 7, 7a, 7b, 7d tot en met 7f, 15, 16, 16a, 17a, 17b en 20 tot en met 25, zijn van overeenkomstige toepassing op gerechtelijke strafgegevens. **2.** Bij de overeenkomstige toepassing van de artikelen, bedoeld in het eerste lid, wordt in de artikelen waar over «Onze Minister» wordt gesproken «een gerecht als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie» gelezen. +**3.** De betrokkene heeft het recht om op diens schriftelijke verzoek binnen vier weken van een gerecht als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie uitsluitsel te krijgen over de al dan niet verwerking van hem betreffende gerechtelijke strafgegevens en, wanneer dat het geval is, om die gerechtelijke strafgegevens in te zien en hierover de informatie, bedoeld in artikel 18, onderdelen a tot en met g, te verkrijgen. Het gerecht doet daarbij geen mededelingen in schriftelijke vorm over de verwerking van de betrokkene betreffende gerechtelijke strafgegevens, tenzij het gerecht weigert een mededeling te doen. Een gehele of gedeeltelijke afwijzing vindt schriftelijk plaats. + ### Artikel 51g **1.** De gerechtelijke strafgegevens worden verwijderd zodra die voor de gerechten, bedoeld in artikel 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie, niet langer noodzakelijk zijn voor de uitoefening van hun rechterlijke taken. @@ -1218,7 +1233,7 @@ b. een last onder bestuursdwang op te leggen ter handhaving van het bij of krach c. een bestuurlijke boete op te leggen indien de verwerkingsverantwoordelijke handelt in strijd met hetgeen is bepaald bij of krachtens: – de artikelen 51f, eerste lid, voor wat betreft de overeenkomstige toepassing van de artikelen 7, 7a, 7b en 7d in dat lid, en 51h, eerste lid, voor wat betreft de overeenkomstige toepassing van de artikelen 26c, 26g en 26h in dat lid, van ten hoogste het bedrag van de geldboete van de vijfde categorie van artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht; -– artikel 51f, eerste lid, voor wat betreft de overeenkomstige toepassing van de artikelen 7e, 17a, 17b, 18, 22 en 24, van ten hoogste het bedrag van de geldboete van de zesde categorie van artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht; +– artikel 51f, eerste lid, voor wat betreft de overeenkomstige toepassing van de artikelen 7e, 17a, 17b, 22 en 24, alsmede artikel 51f, derde lid, van ten hoogste het bedrag van de geldboete van de zesde categorie van artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht; d. een advies te verstrekken aan de verwerkingsverantwoordelijke naar aanleiding van een voorafgaande raadpleging, bedoeld in artikel 26h; e. de verwerkingsverantwoordelijke te verplichten een inbreuk in verband met persoonsgegevens te melden aan de betrokkene.